Idee 1171.                                                


Wie zal eens eindelyk met kryt, griffel of penseel iets nateekenen van m'n schetsjes? Zyn ze misschien niet goed genoeg voor de ideenryke beoefenaars van: één heer met één hond en één haas onzer schilderytentoonstellingen en muzeums? [1]

Ben ik dan de eenige artist in ons verrot Holland? [2]

Anathema!

In 't Buitenland achten zich de eerste kunstenaars zeer vereerd door 't illustreeren der vodden van de Dumasjes en Victor Hugo. De printjes die ze zulke knoeiers nakrabbelen, worden in òns land verkocht, en Kappelman vindt ze byzonder mooi, en blaast zich op by 't snorken op: ‘vaderlandsche kunst’ op: ‘echt-hollandsche School.’

Wat ik u geef, lezer, is... nu ja, modern-hollandsch misschien niet. Maar echt is het, en dit beteekent iets meer.

De echtheid van uw hollandisme kon wel eens, goed bekeken, slechts vertaalde echtheid wezen, kreupele namaak van allerlei leerjongenswerk aan gene zyde van de grens. Bemerkt ge dan niet dat Nederland - sedert eeuwen al! - gelyk 'n straatslet zich mooi maakt met de afgedragen plunje... van kamersletten? Dat het met gretigheid opslikt wat elders werd uitgespuwd? [3]

Onze teekenaars en schilders worden vriendelyk uitgenoodigd, zich te onthouden van den waan dat ik behoefte heb aan hun hulp. Ik maakte de bovenstaande opmerking noch om hunnentwil, noch in myn belang.

Wat my betreft, men heeft me gewoon gemaakt m'n weg te vinden zònder ondersteuning. In-allen-geval zou ik me wel wachten hulp te zoeken by lieden, die blyk geven dat ze hun eigen roeping niet kennen. En zyzelf kunnen van m'n wenk geen gebruik maken, juist omdat ze dien wenk hebben afgewacht. Artisten op kommando, op ‘vereerend verzoek’ zyn wel misschien onbekwaam om kruienier te worden, maar zéker niet in den wieg gelegd voor kunstenaar.

Noch voor hen noch voor my alzoo, schryf ik dit nummer. 't Is 'n bydrage tot de kenmerken van: decline and fall! [4]

Om-godswil, Nederlanders, landgenooten, zou er niet nog iets aan te doen zyn?

Wordt wáár. Dàt is de weg! [5] Het wordt, o.a. verzekerd door den zeer beroemden... Mr Chose. Ook beweert de uitstekende engelsche dichter Devilknowshim dat het eenmaal door den zoo algemeen bekenden wysgeer Niemendalski gezegd zou kunnen wezen. Gelooft ge 't nu, Nederlanders?


[1] Wie zal eens eindelyk met kryt, griffel of penseel iets nateekenen van m'n schetsjes? Zyn ze misschien niet goed genoeg voor de ideenryke beoefenaars van: één heer met één hond en één haas onzer schilderytentoonstellingen en muzeums?

Ik heb maar één geïllustreerde uitgave van Multatuli's werk gezien, en dat was een versie van "Woutertje Pieterse" voorzien van lelijke houterige tekeningen. Het deed me niet naar meer verlangen, en ik denk ook dat het maken van werkelijk goede tekeningen bij "Woutertje Pieterse" heel moeilijk is.

Wat ikzelf graag zou zien is een uitgave van Multatuli's VW, wèl met fotografische reproducties van de uitgaves waar M. zelf aan gewerkt heeft en niet de verminkingen van Stuiveling, vergezeld van veel beeldmateriaal uit de 19e eeuw: Fotoos, kaarten e.d.

Dit is niet wat M. bedoelde, maar zou een interessant beeld opleveren van delen van de geschiedenis van de 19e eeuw. Wat hier het meest op lijkt is de biografie van Multatuli door W.F. Hermans: Een dergelijke aanpak, maar dan op grote schaal, en op CD, zodat er veel hyperlinks in kunnen voor het bladergemak.


[2] Ben ik dan de eenige artist in ons verrot Holland?

Nee natuurlijk, maar een probleem voor anderen was dat M. zichzelf maatschappelijk nogal buiten spel had gezet door z'n radikale ideeën.


[3] Bemerkt ge dan niet dat Nederland - sedert eeuwen al! - gelyk 'n straatslet zich mooi maakt met de afgedragen plunje... van kamersletten? Dat het met gretigheid opslikt wat elders werd uitgespuwd?

Dit is minstens enigszins overdreven en onwaar, want het was toen M. schreef maar twee "eeuwen" sinds de Gouden Eeuw. Wat echter waar is, en niet zo makkelijk verklaard, is dat Nederland in de 18e eeuw geen schaduw was van wat het de voorgaande eeuw geweest was.


[4] Noch voor hen noch voor my alzoo, schryf ik dit nummer. 't Is 'n bydrage tot de kenmerken van: decline and fall!

M. wist van Gibbon's "The decline and fall of the Roman Empire" en had het zelfs in z'n boekenkast staan toen hij stierf, maar had het nooit gelezen, wat erg jammer is.


[5] Om-godswil, Nederlanders, landgenooten, zou er niet nog iets aan te doen zyn?

Wordt wáár. Dàt is de weg!

Dit is weer M.'s hoofdthema van waarachtigheid: "ieder moet handelen naar z'n overtuiging!", "agis comme tu penses!". (Zie: 1, 73, 74, 136, 276). Ik denk dat hij gelijk had, maar denk ook dat het te hoog gegrepen was, althans voor de meeste mensen.

Laat ik dit enigermate proberen uit te leggen door te beginnen met een beroep op 1112, al is de uitleg redelijk simpel in beginsel: Mensen zijn gewoonlijk niet waarachtig omdat ze, al dan niet terecht, menen dat dit in hun nadeel is of zou kunnen zijn. "Homo homini lupus" voor wie zich niet volgens de geldende maatschappelijke normen gedraagt, maar al te vaak, al te makkelijk, of al te vanzelfsprekend.

"Society can exist only on the basis that there is some amount of polished lying and that no one says exactly what he thinks." - Lin Yutang

Anders gezegd, en met wat vertoon van relevante geleerdheid:

Hier is een tabularische samenvatting van de niveaus en stadia van moreel gedrag van gewone mensen zoals opgesteld door de psycholoog Kohlberg en weergegeven in de "Introduction to Psychology" by Hilgard & Atkinson:


Stages in the development of moral values

LEVELS AND STAGES

ILLUSTRATIVE BEHAVIOR

Level I. Premoral

1. Punishment and obedience orientation

Obeys rules in order to avoid punishment.

2. Naive instrumental hedonism

Conforms to obtain rewards, to have favors returned.

Level II. Morality of conventional role-conformity

3. "Good-boy" morality of maintaining good relations, approval of others.

Conforms to avoid disapproval, maintaining good relations, dislike by others.

4. Authority maintaining morality.

Conforms to avoid censure by legitimate authorities, with resultant guilt.

Level III. Morality of self-accepted moral principles

5. Morality of contract, of individual rights, and of democratically accepted law.

Conforms to maintain the respect of the impartial spectator judging in terms of community welfare.

6. Morality of individual principles and conscience.

Conforms to avoid self-condemnation.


"Kohlberg's studies indicate that the moral judgments of children who are seven and younger are predominantly at Level I - actions are evaluated in terms of whether they avoid punishment or lead to rewards. By age 13, a majority of the moral dilemmas are resolved at Level II - actions are evaluated in terms of maintaining a good image in the eyes of other people. This is the level of conventional morality. In the first stage at this level (Stage 3) one seeks approval by being "nice"; this orientation expands in the next stage (Stage 4) to include "doing one's duty", showing respect for authority, and conforming to the social order in which one is raised.

According to Kohlberg, many individuals never progress beyond Level II. He sees the stages of moral development as closely tied to Piaget's stages of cognitive development, and only if a person has achieved the later stages of formal operational thought is he capable of the kind of abstract thinking necessary for postconventional morality at Level III. The highest stage of moral development (Level III, stage 6) requires formulating abstract ethical principles and conforming to them to avoid self-condemnation. Kohlberg reports that less than 10 percent of his subjects over age 16 show (...) kind of "clear-principled" Stage 6 thinking (...)"

Kortom, de menselijke doorsnee, en mensen gemiddeld ook wanneer niet doorsnee, handelen tegen elkaar gemiddeld volgens het beginsel dat "actions are evaluated in terms of maintaining a good image in the eyes of other people. This is the level of conventional morality" met als resultaat dat  "many individuals never progress beyond Level II", en dat is het normale, gemiddelde, conventionele niveau waarop de normale, gemiddelde, conformistische rollenspelers die mensen gewoonlijk zijn zich bevinden.

Merk op dat "Kohlberg reports that less than 10 percent of his subjects over age 16 show (...) kind of "clear-principled" Stage 6 thinking (...)" - terwijl Multatuli zijn publiek bijna voortdurend toespreekt en beschouwd alsof ze wel degelijk moreel functioneren op het niveau van zelfstandig en individueel principieel moreel handelen en denken, wat trouwens ook de pretentie is die de meerderheid van het publiek over zichzelf tracht hoog te houden.

Dit is iets dat het begrijpen van het spelen van rollen door mensen bijzonder bemoeilijkt:

Mensen liegen voortdurend over de rollen die ze spelen en huichelen, schipperen, draaien en doen alsof, en doen zich gewoonlijk beter voor dan ze zijn. Terwijl ze feitelijk functioneren op het niveau van ""Good-boy" morality of maintaining good relations, approval of others" of van "Authority maintaining morality" doen ze alsof ze handelen bewogen door "Morality of individual principles and conscience".

Preciezer gezegd: Terwijl ze moorden in opdracht en voor de leider en om zelf geen problemen te krijgen met de autoriteiten of voor eigen voordeel, doen ze alsof en beweren ze dat ze doen wat ze doen uit morele opofferingsgezindheid, vaderlands-liefde, mensen-liefde, liefde voor god of de kerk, of andere ideeële doelen - en ook hiervan is gedeeltelijk gewoonlijk een beetje waar, omdat alle menselijke motieven gemengd zijn, behalve in zeer extreme omstandigheden.

Het hoofddoel van de Ideen is volgens de Conceptie IDEEN Uit Vryen Arbeid :

 ..'t Zal niet gezegd worden dan niemand de ziekte aantastte, de rotte ziekte waaraan dit Volk lydt: de LEUGEN.
Ik zal doen wat ik kan..

Het probleem is dat als "de leugen regeert" (Koningin Beatrix, in een zeer waarachtige bui, of met iets teveel droge sherry op voor 't handhaven van het majesteitelijk protocol) dan is dat omdat de mensen niet anders willen, niet anders durven, of niet anders kunnen als ze maatschappelijk willen overleven, en dat laatste bijvoorbeeld omdat ze onder een politieke of religieuze dictatuur leven.

Het is zowel menselijk om rollen te spelen als daarbij en daarover en daarmee te liegen, te bedriegen, of zich in ieder geval een karakter aan te meten dat men maar gedeeltelijk is, gedeeltelijk wil zijn, of gedeeltelijk kan zijn, en het spelen van een rol - zie 616, 618, 1112 - houdt gewoonlijk al in dat men daarmee en daardoor zichzelf gedeeltelijk vastlegt zich op een bepaalde manier te gedragen in bepaalde omstandigheden en bepaalde doelen na te streven, ongeacht de eigen gevoelens, wensen of ideeën, omdat het dan en daar zó doen tot de rol behoort, en vastlegt dat men althans in z'n gedragingen bepaalde doelen moet bevorderen.

Een rol  is een stelsel conditionele vormen van bewust gedrag en conditionele doelen dat vèr uit kan gaan boven de situatie waarin een persoon zich bevindt of denkt te bevinden, en kan een lang verleden of een lange veronderstelde toekomst met zich meedragen. Er zijn veel rollen - leraar, vader, zoon, echtgenoot e.d. - die iemand vele jaren kan bekleden; andere - gastheer, gast, eerstejaars - die maar enkele uren of hooguit een jaar kunnen duren; er zijn rollen die men moet spelen omdat men lichamelijk zo is (kind, vrouw, oud mens); en er zijn rollen die men geheel zelfstandig kan kiezen, en veel daartussen.

Het is bij uitstek menselijk om rollen te spelen en in theorieen te geloven: Allebei vooronderstellen het vermogen om symbolen te begrijpen en het daarmee samengaande vermogen ver vooruit te denken, te interpreteren, mogelijkheden te zien, het verleden te overwegen, eigen en andermans waarden en ideeën mee te wegen, en te spelen in termen of begrippen die het hier en nu ver te boven gaan, en voor een aanzienlijk deel bewust hypothetisch, bewust onwaarachtig of bewust twijfelachtig zijn, en daarmee ook bewust vaak zowel spel als werkelijkheid zijn zonder duidelijke grenzen tussen de twee.

Er zit dus in het spelen van rollen een grote spelcomponent en veel onontkoombare ambiguïteit over wat men "is", "speelt", "pretendeert", of "probeert te zijn" waar Multatuli zich niet helder van bewust was.

Toch heeft Multatuli voor een aanzienlijk deel gelijk met het citaat wat ik er hier uitgeplukt heb - "Wordt wáár!" "Sei wer du bist!" "Agis comme tu penses!", trouwens allemaal uitdrukkingen die M. in dit verband gebruikte ... althans waar het de minderheid van werkelijk begaafden betreft:

Er loopt een fundamentele scheidslijn tussen die mensen die genoegen nemen met of jagen naar de maatschappelijke schijn die succesvolle rollen bieden, en daarmee en daardoor bereid en in staat zijn zichzelf fundamenteel te vervalsen, en een leven van leugens te spelen voor het voordeel van maatschappelijke acceptatie, dat er trouwens vaak uitziet als een leven van plichtsbetrachting in dienst van de autoriteiten, de gemeenschap, het volk, de leider, of de kerk, en die betrekkelijk zeldzame mensen die daar géén genoegen mee nemen, en die voldoende eigen karakter, moed, zelfstandigheid, individualiteit en intelligentie hebben om hun eigen ideeën en waarden te trachten te handhaven ook als de maatschappelijke meerderheid daartegen is.

In deze zin is de Bijbelse oproep, die in het Engels "Do not follow the multitude into evil!" luidt, geheel terzake, ook in de suggestie dat de meerderheid gewoonlijk niet beter kan dan ze doet, en trouwens ook niet beter wil, omdat hun goed en kwaad niet teruggaan op hun persoonlijke oordelen en eigen keuzes, maar op maatschappelijk conformisme en persoonlijk bedrog vanwege vermeend direct eigenbelang, of op geloof in autoriteiten of aan modes uit gebrek aan eigen intelligentie: "Kohlberg reports that less than 10 percent of his subjects over age 16 show (...) kind of "clear-principled" moreel denken en handelen.

En een tweede, gerelateerd, punt waarin Multatuli overwegend gelijk had, en deze keer niet over een meer begaafde en moedige minderheid maar over de meerderheid, is dat de meerderheid zichzelf maatschappelijk in stand tracht te houden door conformisme, door leugens, door bedrog, door poses, en door meedoen, altijd onder pretentie goed te doen en goed te zijn, en z'n menselijke plicht te doen door z'n maatschappelijke plicht te doen zoals dat normaal en gebruikelijk is.

Deze meerderheid geeft zich zelden of nooit zoals ze werkelijk zijn en voelen, althans zolang ze niet zwaar beschonken zijn, en kan heel goed begrepen worden uit de woorden, en de kennelijke motieven daarvoor van de Nederlandse troepenleider Karremans voor Srebrenica, die daar sprak en deed en dacht en voelde als geheel gewoon Nederlander, die alleen maar heel moreel heel normaal deed, als Nederlander: "There are no good guys. There are no bad guys. Mladic is my colleague. Please don't shoot the piano player!".

Het resultaat waren 7000 à 8000 vermoorde burgers die Karremans uitgezonden was te beschermen, en een eeuwig pensioen met eeuwige vakantie te Spanje voor deze echt Nederlandse deugdheld - zodat de Nederlander maar ziet wat in Nederland door de doorsnee en de leiding werkelijk moreel en menselijk geacht wordt, en passend wordt beloond, en met ridderordes gezegend.

En uiteraard: Het excuus is dat de man niet beter of slechter of anders is dan de meesten, niet anders dacht, deed of voelde dan de meesten, en een brave conformist was, zoals de meesten, en inderdaad, weer als de meesten, geen talent, geen karakter, geen moed, en geen vermogens had tot iets anders.

Maar als dat het "menschlich-all-zu-menschliche" niveau van een hoogbetaalde langdurig hoog opgeleide hoge Nederlandse militair is, dan kan iedereen met enigszins behoorlijke hersens, althans wanneer hem of haar het geluk overkomen is niet als Nederlander geboren te zijn, inzien dat dit het maximaal haalbare is, kennelijk, voor de Nederlandse doorsnee en meerderheid - wat althans iets verklaart over de moderne Nederlandse zogeheten beschaving.

Hier is afsluitend een herhaling van een commentaar onder 661, dat ingaat op een experiment dat het de calvinistische God der Nederlanders behaagde te doen tussen 1940 en 1945, toen bijna 10 miljoen Nederlanders de goddelijke kans kregen deugdheld en moraalridder te zijn naar hun vermogen, of collaborateur:

Hier is een Kleine Les Uit De Vaderlandse Geschiedenis, die een antwoord geeft op de vraag: Wat voor soort mens is de doorsnee-Neerlander, en hoe zit 't met zijn/haar Normen en Waarden?

De cijfers die ik gebruik zijn uit standaard geschiedenisboeken:  

inwoners = 9.000.000
verzet = 3000 = aantal Nederlanders in het gewapend verzet
ssed = 24000 = aantal Neerlanders in de Niederländische Waffen-SS e.d.
meelopers = (inwoners - verzet)/inwoners = (2999/3000)

misdadigers = ssed / inwoners = (1/375)

tegenstanders = verzet/inwoners = (1/3000)
vergaste joden = 100000 = minimum aantal vermoorde Nederlanders
slachtoffers = vergaste joden/inwoners  = (1/90)
= meer dan 1% van de bevolking.

Hier komt het statistisch experiment met Neerlanders in de 2e W.O. dus op neer. Er is een flinke foutenmarge, maar het gegeven beeld is feitelijk adekwaat en onweerlegbaar. De grote meerderheid bestaat en bestond uit collaborateurs en meelopers, met als enig geldig excuus hun eigen gebrek aan verstand en talent, en kennelijk zijn er meer uitgesproken slechte dan uitgesproken goede mensen - en inderdaad is het makkelijker om kapot te maken dan op te bouwen, en vrijwel altijd makkelijker, veiliger, prettiger en beter betalend slecht dan goed te zijn.

Vandaar (maar niet alleen vandaar) mijn aristocratisch pessimisme: Ik heb in mijn leven vrijwel overal vrijwel altijd alleen maar conformisten gezien. En overigens komt de doorsnee mij als dom en laf voor. Ik wil gaarne toegeven dat dit overwegend genetisch noodlot is en geen vrije keus, maar verdom te aanvaarden dat de doorsnee mij gelijkwaardig is, of enig ander mens die werkelijk intellectueel of moreel wat voorstelt (zegge: 1/3000 - zie hierboven) "gelijkwaardig" zou zijn.

"Heer vergeef ze, want ze weten niet wat ze doen!"

Zie ook 1185, met een fraai citaat van Confucius.

Idee 1171.