Idee 1157.                                                


- Gut, hoe gek toch, dat al die menschen daar zoo heen-en-weer dringen, zonder zelf te weten waarom, zeide hy.

- Och, ze hebben plezier in 't zingen en joelen, en in de voetzoekers... kyk, daar vliegt er weer een, paf! [1]

Klik-klak! antwoordde hierop 'n zevenklapper die z'n domiciliekoos tusschen 'n troep meisjes. Het gezelschap vloog met vermakelyken schrik uit elkaar. Wel zeker, voor wat anders waren die meiskes daar? [2]

- Al dat volk is dronken, zei juffrouw Laps, en ik wou dat ze naar-huis gingen. Ik begin slaap te krygen... 't is twee uur in den nacht, weetje!

- Och, nog 'n oogenblikje! verzocht Wouter. Ik heb geen slaap. Volstrekt niet! heusch niet!

Hy begon weer angstig te worden voor haar vriendschap, en hoopte onwillekeurig dat uitstel hem de bondgenootschap van 't onverwachte brengen zou. [3]

- Ik ben maar zoo bang, m'n lieveling, dat je kou vat aan 't venster. Dàt is het maar! Want de nachtlucht, zieje, na zoo'n heeten dag...

Volgt: al de bekende burgerluîs-praatjes over nachtlucht, verkoudheid, rhumatiek en subietelyk doodgaan. Ze hadden nu evenwel dit goede gevolg, dat Wouter z'n jasje weer aankreeg, 'n verbetering van pozitie die hem straks zou te-pas komen. O, die voorzienige Fancy! [4]

- En zet ook je petjen op, m'n beste jongen. Ik wou voor alle wereldsch goed niet, dat de nachtlucht je-n-in 't hoofd sloeg, want... dat doet-i soms. Kyk, daar vliegt er weer een!

 ‘Amour à la plus belle,
 Honneur au plus vaillant...

- Waarom zingen ze niet liever hollandsch! Wat hebben wy aan dat vreemde geseur? Begryp jy er wat van? [5]

Wouter wist iets van de historie, en vertelde wat-i kon van den ‘schoonen Dunois’ die zoo byzonder veel Saraceenen doodsloeg, en ter belooning trouwen mocht met de dochter van: ‘le comte son seigneur!’ Dat was toch plezierig in ouden tyd! Maar hoe beloonde men de ridders die al eenmaal beloond waren? En kregen ze in die dagen nog ander traktement dan 'n bruid? En hoe maakten 't de seigneurs die geen dochter te begeven hadden? Welke seigneurs-dochter moest genoegen nemen met 'n ridder die maar 't meest Saraceenen had doodgeslagen, op één na?

Wat al moeielyke vragen!


[1] - Gut, hoe gek toch, dat al die menschen daar zoo heen-en-weer dringen, zonder zelf te weten waarom, zeide hy.

- Och, ze hebben plezier in 't zingen en joelen, en in de voetzoekers... kyk, daar vliegt er weer een, paf!

Hier zien we Wouter het bij de Holsma's over "massa" geleerde nogal mechanisch toepassen, terwijl juffrouw Laps zowaar met enig gezond verstand oordeelt.


[2] Wel zeker, voor wat anders waren die meiskes daar?

Niet vanwege de voetzoekers, maar vanwege de jongens, natuurlijk. "Meisjes zijn zo".


[3] Hy begon weer angstig te worden voor haar vriendschap, en hoopte onwillekeurig dat uitstel hem de bondgenootschap van 't onverwachte brengen zou.

Dit is goed geformuleerd, en geeft een hoop van velen weer die zaken uitstellen.


[4] O, die voorzienige Fancy!

Deze hele geschiedenis van de poging van juffrouw Laps Wouter te verleiden wordt door Multatuli gepresenteerd, hier en later, als een opzet van Fancy - Wouter's beschermengel of visie (zie rond 407); Multatuli's muze; een soort god - om Wouter levenswaarheden bij te brengen.

Ikzelf ben niet zo dol op een Fancy als godin, en vind het jammer dat Multatuli zo weinig oog had voor het werkelijk bestaan van het toeval.


[5]  ‘Amour à la plus belle,
       Honneur au plus vaillant...

- Waarom zingen ze niet liever hollandsch! Wat hebben wy aan dat vreemde geseur? Begryp jy er wat van?

Natuurlijk is M. hier ironisch, en schildert hij zijn volkse zangers van franse nationale liederen af als collaborateurs. Ikzelf weet te weinig van de tijd van de franse bezetting om veel stelligs te zeggen over hoe deze beleefd werd door de tijdgenoten, en hoe groot bijvoorbeeld de franse invloed was op het dagelijks leven. Het valt me wel op dat Wouter en Wouter's familie, ondanks het feit dat ze in de franse tijd leefden, zo weinig Frans gebruiken en begrepen. Iets dergelijks geldt ook de veel geschoolder en intelligenter familie Holsma, die veel minder Frans gebruiken dan Multatuli zelf deed.

Idee 1157.