Idee 1155.                                                


De leer der doeleinden duidelyk gemaakt door 't achterste-voor zetten van omdatten en opdatten. Hossen! Arme, arme, arme
, Laps! Mysterieus standbeeld in de ‘Gekroonde Jeneverbes.’ Republikeinen in konflikt met de Keizersgracht. Wouter krygt 'n zusje.

Fancy is groot, en wy beginnen haar eenigszins te begrypen. Dit heeft ze op sommige andere godheden voor, want onbegrepen grootheid baat niet veel, en kon eigenlyk zonder schade gemist worden. [1]

Ja, ze was groot, en... praktisch!

O, verrukkelyke teleologie van den romanschryver... juffrouw Laps mocht haar ‘sinnigheid’ niet krygen!

En dáárom was 't zoo warm, dien dag! En dáárom had ze haar venster moeten opschuiven, wat anders 'n fatsoenlyk nederlandsch mensch - liever stikken! - niet doet. Dáárom bleef de hardzeilery in den steek! Dáárom verveelde zich Prinses Erika! Dáárom beging ze weldadighedens tot tydverdryf! Dáárom kreeg ze lust in baden! Dáárom joelde al dat volk - en zy mee! - met voetzoekers en sissers de stad in [2], Weesper- en Amstelstraten door, naar de Botermarkt...

Want op dat plein woonde de Caesarine Laps [3] die 'n zevenklapper in 't gezicht moest krygen juist toen ze bezig was met haar alleraardigst: venit, tetigi, en... ‘heere-krrristis wat is dat?’

Wat dit is, juffrouw Laps? Wèl, 't is fantastische doeleindenleer. Al die koningen, prinsen, prinsessen - en zelfs de Paltsgravin met haar puistjes, joujou en hooge geboorte - zyn op dien warmen dag door 'n hooger Wezen in de stad gezonden om u in de wielen te ryden. Het is uw plicht dit te gelooven... o, geloofster! [4]

Ze geloofde het niet! En ze kòn het niet gelooven, want ze wist er nog minder van, dan van al de andere dingen die ze voorgaf zonder bezwaar te slikken. [5] Het onweer op Sinaï was door den ‘Heer’ beschikt om de Joden aan 'n behoorlyk reglement van policie te helpen, maar die nydige zevenklapper...

Ze vloog naar 't venster. Wouter ook. Er bleek nu dat de bedoeling van den haar en hem onbekenden artillerist niet boos geweest was, want niemand lette op de nieuwe toeschouwers. Bovendien, ook andere vensters raakten gaandeweg open en bezet, waardoor de aandacht van 't straatpubliek verdeeld werd. Er bleek uit niets dat men zich om juffrouw Laps of haar gast meer bekommerde dan om elk ander die toekeek. Zonder erg werd er rechts en links gebombardeerd, en onze beide heldjes konden in alle kalmte waarnemen wat er op de straat voorviel. Juffrouw Laps kwam de zeer gewenschte vergetenheid nog te-hulp, door 't licht uitteblazen - 'n voorzorg die door den overigens zoo byzonder intelligenten zevenklapper schandelyk verzuimd was - en Wouter vermaakte zich kinderlyk by 't aanzien van de pret. Hy vergat z'n buurvrouw en haar opdringende vriendelykheid, om naar 't gewoel der menigte te kyken. Het meedeelen van de hieruit voortvloeiende opmerkingen werkte op hem ontnuchterend, en ook zy vond er onwillekeurig aanleiding in om zich wat eenvoudiger voortedoen dan ze gewoon was. Ze praatte ditmaal zonder ‘Heer’ en liet de ‘genade’ wat rusten. Zelfs scheen ze - voor 'n oogenblikje maar, denk ik - haar plannetjen optegeven. De nacht was nog lang, dacht ze misschien.


[1] Fancy is groot, en wy beginnen haar eenigszins te begrypen. Dit heeft ze op sommige andere godheden voor, want onbegrepen grootheid baat niet veel, en kon eigenlyk zonder schade gemist worden. 

Merk op dat "Fancy" door Multatuli in nogal wat rollen gebruikt wordt, bijvoorbeeld als muze, zowel van Wouter als van Multatuli; als godheid; en als beschermengel van Wouter. Wat waar is, is dat "onbegrepen grootheid" van een godheid nogal zinloos is, zoals trouwens alles dat men niet begrijpt. Sterker nog: Als men iets meent niet te begrijpen, dan volgt dat het minstens plausibel is dat wat men er dan toch aan toeschrijft teruggaat op z'n eigen onbegrip en onwaar is.


[2] En dáárom was 't zoo warm, dien dag! En dáárom had ze haar venster moeten opschuiven, wat anders 'n fatsoenlyk nederlandsch mensch - liever stikken! - niet doet. Dáárom bleef de hardzeilery in den steek! Dáárom verveelde zich Prinses Erika! Dáárom beging ze weldadighedens tot tydverdryf! Dáárom kreeg ze lust in baden! Dáárom joelde al dat volk - en zy mee! - met voetzoekers en sissers de stad in ...

... en hier is dus dat causale verband waar ik in 1153 van sprak, namelijk tussen de voetzoeker die juffrouw Laps bijna trof en prinses Erika's handelen. Of anders gezegd, en met een beroep op Wouter's schutsgodin waarvan in de vorige noot sprake is, en op het bovenschrift bij dit hoofdstuk en dit idee: dat teleologische verband, waarvoor zie ook [4] en [5].


[3] ... naar de Botermarkt...

Want op dat plein woonde de Caesarine Laps

Tegenwoordig heet "de Botermarkt" Rembrandtsplein, waar Multatuli ook nog kort gewoond heeft op een kamer. En M. spreekt van "de Caesarine Laps" omdat verschillende vrouwen van verschillende Ceasars van wijd besproken sexueel gedrag waren. Zie ook 1053e. (Zo vermelden de klassieke laafbronnen - zo heet zulks, kon de lezer van Multatuli leren - dat keizerin Messalina in 't publiek graan over haar naakte geslachtsdelen liet strooien en dit door ganzen liet oppikken, wat haar tot uitingen van grote extase bracht. "Vreemde meiden die Romeinsen", wellicht wat exhibitionistisch ook, soms.)

Trouwens... we moeten aannemen dat ook juffrouw Laps verhuisd is, net als de familie Pieterse, omdat anders Wouter in het begin van de geschiedenis op "de Botermarkt" zou moeten hebben gewoond.


[4] Wat dit is, juffrouw Laps? Wèl, 't is fantastische doeleindenleer. Al die koningen, prinsen, prinsessen - en zelfs de Paltsgravin met haar puistjes, joujou en hooge geboorte - zyn op dien warmen dag door 'n hooger Wezen in de stad gezonden om u in de wielen te ryden. Het is uw plicht dit te gelooven... o, geloofster!

"De leer der doeleinden" waarvan het bovenschrift van dit hoofdstuk en idee spreekt slaat vooral terug op de christelijke vorm ervan, namelijk dat de mensheid geschapen is met een doel, dat veel te maken heeft met de glorie van God, maar toch ook weer onbegrijpelijk is en moet zijn, gezien God's grootheid en onbegrijpelijkheid.

Multatuli moest hier niets van hebben, en ik ook niet. Het is echter wèl waar dat het hele begrip "doel" moeilijk is, en overigens in de natuur niet voorkomt buiten het menselijk verstand, omdat doelen het symbolisch representeren van niet of nog niet plaatsgevonden zaken vooronderstellen, en geen enkel dier behalve het menselijke daartoe in staat is. (De lezer die hier "nee" zegt of denkt heeft waarschijnlijk niet gedacht aan het verschil tussen symbolen en signalen.)


[5] Ze geloofde het niet! En ze kòn het niet gelooven, want ze wist er nog minder van, dan van al de andere dingen die ze voorgaf zonder bezwaar te slikken.

De waarachtige Christelijke gelover en geloofster, zeker van de meer teleologisch gedisponeerde vorm, behoren te geloven dat alles wat gebeurt onderdeel uitmaakt van het plan der goddelijke schepping en de doelen van God, zodat inderdaad niets gebeurt ("geen mus dood van het dak valt") zonder God's uitdrukkelijke wil en goedkeuring, en alles, tot het allerkleinste toe, een zin en een rol in het geheel der goddelijke schepping heeft.

De minder goedgelovigen of meer intelligenten - "There are two kinds of people, the religious and unintelligent and the intelligent and non-religious." Al Tusri, ca. 10e eeuw Christelijke jaartelling - heeft het niet moeilijk met begrijpen dat dit een wereldbeeld geeft dat makkelijk troost geeft, en ook een zin lijkt te geven aan wat zonder dergelijke veronderstellingen vaak als zinloze wreedheid moet verschijnen, maar heeft grote moeite met een dergelijke goddelijke teleologie.

En het lijkt me ook waar dat de meeste gelovigheid van mensen niet zozeer is wat ze voorgeeft te zijn als wel bestaat uit conformisme en doen alsof.

Idee 1155.