Idee 1142.                                                


Wanneer Fancy aldus gesproken had, zou zy inderdaad n element van bederf dat den vyand ten-dienste stond, hebben overgeslagen. De fleemery met het verrassend jonkmanschap miste niet allen grond. Wouter was inderdaad opweg om 'n jonkman te worden. Misschien ws-i 't al. Wie hem dit kwalyk neemt, moet ook afkeuren dat z'n bovenlip begon te roepen om... den barbier wel niet, maar om de schaar toch. [1]

- Zoodat ik maar zeggen wil, dat je nooit die steeg moet passeeren. Als je-n-'n kind was, zou 't geen kwaad kunnen, want 'n kind heeft geen erg. Maar jy! [2]

Zeker, hy moest erg hebben! En z'n jeugdig kneveltje was er volstrekt niet tegen om erg te krygen. Al wat van zelven wast, behoeft men niet te zaaien! zei Kamphuizen. Onze hovenierster liet het daarop niet aankomen, en zaaide zoo hard ze kon. Zelfs was ze niet afkeerig van 't begieten.

- Laat my je nu 'reis inschenken...

Wouter dronk.

En... Fancy?

Ze glimlachte!

Allerlichtzinnigst voor 'n hofdame uit het gebied der geesten?

Toch niet!

- Hoe vind je nu dt likeurtje?

Wouter erkende...

Fancy, Fancy!

Wouter erkende dat-i smaak vond in de parfait-amour uit de steeg die-n-i niet passeeren mocht omdat-i te groot geworden was om zich welstaanshalve te onthouden van erg.

En 't winkelmeisje van Satan schonk hem nogeens in. De glaasjes waren zoo klein, zei ze, ware notendoppen! Nu ja... doppen van zeer groote noten dan.

- En, je moest er wat by eten ook, m'n allerbeste jongen - gut, ik heb altyd zooveel van je gehouden - dat 's zoo gezond by 'n likeurtje!

God-vergeef-'m-de-zonde, Wouter begon te eten ook! Nog 'n oogenblik, en hy zal zich thuis voelen, l te thuis!

Fancy, ben je blind?

- En trek jy gerust je jasjen uit, m'n lieveling! Je moet denken, we zyn hier onder ons beidjes.

Een koninkryk voor 'n nieuwen vloek, o goden: onze Wouter trok waarachtig z'n jasjen uit!

Fancy!

- Heelemaal met ons beidjes, zieje!

Fancy, ben je doof?

- En ik heb lust, dicht naast je te zitten, omdat je zoo'n lieve beste jongen bent...

Fancy... deern!

Wouter schikte by.

Wie dr niet wanhoopt, moet geen hoop te verliezen hebben!

Och neen!

Ik zeg juist andersom: wie dr wanhoopt, had nooit behoorlyken grond voor z'n hoop! 


[1] Wouter was inderdaad opweg om 'n jonkman te worden. Misschien ws-i 't al. Wie hem dit kwalyk neemt, moet ook afkeuren dat z'n bovenlip begon te roepen om... den barbier wel niet, maar om de schaar toch. 

Wellicht is dit een feit dat, samen met Wouter's leeftijd van 16 jaar, het doel van juffrouw Laps - het veroveren van Wouter's maagdelijkheid, zal ik maar zeggen - overwegend of geheel vrij pleit van pedofilie. Zie 1141.
 


[2] - Zoodat ik maar zeggen wil, dat je nooit die steeg moet passeeren. Als je-n-'n kind was, zou 't geen kwaad kunnen, want 'n kind heeft geen erg. Maar jy!

Juffrouw Laps heeft het hier over de Amsterdamse hoerenbuurt. Dat Wouter een tijd op de Zeedijk gewerkt had, dus in het centrum van de Amsterdamse hoerenbuurt, heeft M. nauwelijks besproken, maar het mag aangenomen worden dat Wouter ondertussen oud genoeg is om enig idee te hebben van sexualiteit en ook van dames van lichte zeden.

Idee 1142.