Idee 1141.                                                


Neen, dit begrypen sommige lezers nog altyd niet. Dus meer daarvan! [1]

Wie verzekert ons dat Fancy die kunstjes vreezen zou, ook al was 't slagen zker? [2]

Voorwaar, voorwaar, daar is steviger bodem voor 't goede dan de verleidbaarheid van 'n halfwassen jongeling [3], al zy het dan dat de zoetigheid van Fockink's likeurtjes, en de nog zoeter drank van gekittelde ydelheid mee-oprukken als bondgenooten van het booze!

Ook zelfs by zekerheid van den aanstaanden val - och, arm! - blyft het misschien de vraag, of 't Fancy de moeite waard wezen zou de wapens aantegorden in 'n stryd van zoo weinig belang? Dat... booze was maar ordinair.

Wanneer ze 't doet, geschiedt het waarschynlyk uit luim alleen. Want... luimig is ze. Luimig als 't spel, als 't weder, als de wereldgeschiedenis, als alles wat ns luimig toeschynt omdat we dom zyn, beginnertjes maar in de moeielyke studie van 't rerum cognoscere causas! [4]

En ls nu eens onze Fancy - uit zoogenaamden luim dan! - mocht blyven versmaden 't belaagd jongetje by-tyds de hand te reiken, ls...

Juffrouw Laps was 'n slecht wyf. O, zeker! Maar, geloof me, lezer, het doelwitje van haar begeerte beteekende veel minder dan volgens boeken-traditie geloofd wordt. [5] De schuld dezer dwaling ligt aan de vermeende eischen van 't boekmakers-ambacht. Sedert onheugelyke tyden gebruiken de heeren van 't mtier, dergelyke zaakjes als hoofd-katastroof. 't Afgezaagd: en ze viel! is de lievelings-kataklysme tot opbeurende kitteling van arme lezende zielen.

Ze, ja, ze! Want in-verband met de duurte der voedingsmiddelen, en de daaruit voortspruitende behoefte aan 'n fatsoenlyk huwelyk - ik erken volmondig die behoefte, doch alleen: omdat uwe harten boos zyn - is 't vallend voorwerp gewoonlyk 'n stumperige zy. [6]

Welnu, die zy begaat 'n fout als ze valt. Men moet niet vallen. Al vinden de lezers - die de zaak hardschreeuwend afkeuren! - zoo'n val allerplezierigst, en 't onmisbaar element in 'n mooi boek: men moet niet vallen! [7]

En wanneer by uitzondering de valler 'n hy is... [8]

Minder pikant, omdat de maatschappelyke pozitie daardoor niet aan 't wankelen wordt gebracht. Wouter, byv. zou geen haarbreed ongeschikter voor den handel geworden zyn wanneer-i z'n jasje had uitgetrokken, en z'n... vestjen er by!

...als er 'n hy valt...

Wl, dan heeft-i 'n fout begaan. 'n Mensch moet niet vallen. Hy heeft beter dingen te doen.

Doch - hy of zy dan - leugen is 't, zulke nietigheidjes voortestellen als uitgangspunten van wel-gekonditionneerde verdoemenis! [9]

Drtegen protesteeren Jezus en ik. [10]

Neen, heeren predikers van kakanglien [11], z makkelyk komt men niet in de hel! Z ligt is de taak van den Satan niet! Dat mocht-i willen, de oude stumpert!

Leugenachtig dus is die triumfelyke voorstelling van 't kwade. Zoo overdryven kwakzalvers 't gevaar van 'n lichte ongesteldheid, om hun poeiertjes aan-den-man te brengen. (340)

En leugen is 't ook uit 'n aesthetisch oogpunt, als men van zulke armzalige gegeventjes alleen, 't zedelyk schoon of de leelykheid eener figuur wil laten afhangen. [12]

Byna zou ik lust voelen, juffrouw Laps 'n handje te helpen in haar plannetjes - 't staat aan my! - om te doen in 't oog springen dat m'n heldje, z gevallen, nog altyd redelyk wel tot stn kan worden gebracht. Maar ik heb 't recht niet, m'n Fancy vrtegrypen, die wel weten zal wat er te doen is. En hierop reken ik dan ook, dat zy me wel gelegenheid verschaffen zal ter-zyner-tyd aantetoonen dat zulke valgeschiedenissen...

Met... dt, kan men goed zyn, of goed worden.

En velen zyn afschuwelyk, znder... dat! [13]

Vlek is vlek, bezoedeling is bezoedeling: geen genade voor de minste afwyking van de wetten der zedelyke logika... [14]

Z immers wordt deugd by denkers genoemd?

Maar die zedelyke logika zou verkracht worden door de ongerymde machtsverheffing van 'n zweertje tot kanker. [15]

't Is lasteren van de deugd, haar by-uitsluiting te zoeken in 't vermyden van zulke mis... greepjes. [16]

En we doen aan de ondeugd te veel eer, als we haar vervloeken pour si peu! [17]

Goddank, er zyn - 't geringe niet minachtend - verhevener dingen te bejagen!

Goddank, er zyn - zonder de minste vergoelyking van pekelzondjes - vreeselyker zaken te vermyden!

De te grypen eerekroon in 't strydperk der Mensheid, hangt hger! [18] En wel is 't jammer dat zooveel mislukte gladiatoren krom groeiden door de opgedrongen hebbelykheid om steeds te bukken naar den lagen prys dien ze deelen met 'n eunuuk. [19]

Excelsior, heeren schryvers en lezers en deugdwetgevers en onthoudingpreekers, en verdere gladiatoren in miniatuur!

Komaan, moralisten, al hd nu eens onze Fancy geslapen dien nacht, of al wre ze 's morgens ontmoedigd weggeklept naar 't hof van Wouter's moeder, om daar de treurmare te brengen dat prins Upsilon gestruikeld was... [20]

Zou ze niet met 'n strenge vermaning zyn teruggezonden naar 't zoo ontydig verlaten strydperk? Liep ze niet gevaar - zyzelf nu, de wachtster! - veranderd te worden in 'n zandkorrel, wegens al te grove miskenning van haar plicht?

Er hoorde moed toe - krankzinnigheid liever! - dr aantekomen met de boodschap:

 Scheur u het starrengewaad, o gy arme gebiedster der geesten:
 't Hemelsche Ryk heeft 'n eind... maak voor uw meerdere plaats!
 Laps sloeg ons prinsje te-pletter, my, u, ons allen, godbetert,
 Met 'n compositum mixtum van vleipraat en Fockink's likeur!

Wat de geesten zouden gelachen hebben!


[1] Neen, dit begrypen sommige lezers nog altyd niet. Dus meer daarvan! 

Dit slaat terug op het eind van het vorig idee, en betreft de eventuele angst van de lezer(es) dat Wouter zijn maagdelijkheid zou kunnen verliezen aan juffrouw Laps.
 


[2] Wie verzekert ons dat Fancy die kunstjes vreezen zou, ook al was 't slagen zker?

Wel, bijvoorbeeld iemand die even vaak als ik in Multatuli's werken heeft gelezen dat "Wat is moet zijn!" e.d. heeft geen enkele rationele grond voor vrees, of althans geen enkele rationele grond om aan te nemen dat die vrees van enig effect of betekenis zal zijn.

Toch is het minstens enigermate interessant, althans vanuit Neerlandistiek letterkundig oogpunt, dat Multatuli een verhaal vertelt dat zeker tot in zijn tijd zelden of nooit verteld werd werd: De - gepoogde - verleiding van een jongen, of althans een puber, door een volwassen vrouw.

Het is ook interessant dat Multatuli zelf door dat idee - of die zonde, die ontsporing, die perversie: de lezer mag kiezen - niet bijzonder verontrust is, en er een vergelijkenderwijs verlicht standpunt over heeft.

Voor goed begrip van Multatuli's standpunt is het van enig belang zijn ideen over vrouwen en de opvoeding van meisjes te (her)lezen, die voornamelijk in deel 1 en deel 2 te vinden zijn (zie ook de index van deel 1), en mee te wegen dat Multatuli zelf bepaald niet afkerig was van sexuele verzetjes,  verhoudingen met en vooral verliefdheden op veel jongere vrouwen, zoals met zijn Indische puberschoonheid Si Oepi Keteh in Nederlands-Indi rond 1842 (een verhouding overigens die toen en daar, zowel voor hem als haar, voor tamelijk normaal doorging, volgens de toen en daar voor hem en haar geaccepteerde geldende normen); met zijn ca. 25 jaar jongere nichtje Sietske Abrahamsz rond 1862 (waar "Minnebrieven" over gaat, en dat een verhouding was die nogal schandaleus was); en met zijn 20 jaar jongere tweede vrouw Mimi Hamminck Schepel vanaf ca. 1865, en ook met nogal wat andere jonge vrouwen (zoals een Eugnie vrijgekocht door M. uit een bordeel; de schilders-verloofde Ottilie Koss uit Kassel; de radicale en feministische Marie Anderson uit Den Haag) waarover de lezer desgewenst informatie kan vinden in de biografien van Multatuli van Hermans of Van der Meulen.

Maar de genoemde verhoudingen zijn, hoe schandalig ze ook waren in M.'s 19e eeuwse godsdienstig bekrompen en hypocriet Nederland, niet precies hetzelfde als het - pogen te -verleiden van een kind of puber, waar ik het in de volgende opmerking over heb.
 


[3] Voorwaar, voorwaar, daar is steviger bodem voor 't goede dan de verleidbaarheid van 'n halfwassen jongeling

Ja, dat is natuurlijk zo, maar de morele vraag is wat men moet vinden van wat tegenwoordig wellicht als juffrouw Laps' pedofilie zou worden benoemd, al is het ook waar dat Wouter(tje) daar mogelijk met zijn 16 jaren en beginnende baardgroei net iets te oud voor is, althans bij de in 2006 bestaande wetgeving.

Het algemene antwoord is drieledig, zij het niet geheel van toepassing vanwege Wouter's 16 jaren.

Wat er tegen pedofilie - te begrijpen als het (willen) nastreven van sexuele verhoudingen met kinderen - is, afgezien van conventionele morele normen of wettelijke regels, die dergelijke verhoudingen verbieden, zijn de overwegingen dat (1) kinderen de leeftijd nog niet bereikt hebben voor werkelijke sexuele relaties; dat (2) kinderen de voor sexuele relaties nodige emoties en kennis minstens gedeeltelijk missen, en trouwens ook nogal nders over de wereld en personen daarin denken en voelen dan volwassenen, en dat (3) er grote verschillen zijn in kennis en macht tussen een volwassene en een kind, en ook in de doelen die ze nastreven.

In het onderhavige geval mag men aannemen dat de overwegingen (2) en (3) gelden, maar (1) niet langer, bijvoorbeeld in de zin dat ls Wouter en Femke besloten hadden elkaars lichamen te verkennen in de bosjes naast "de paden" die Multatuli herhaaldelijk noemt, dit geen reden zou zijn geweest voor grote verbazing of ongerustheid, ook al omdat ze vrijwel leeftijdsgenoten waren, en dus ongeveer dezelfde kennis, macht en behoeftes geacht mogen worden te hebben, of althans - er zijn verschillen tussen jongens en meisjes - wederszijds begrijpelijke doelen en behoeftes.

Hoe het zij, mij lijkt pedofilie een perversie - etymologisch: het gebruik van iets voor een ander doel dan het normaal gesproken heeft - precies omdat men met een kind niet de soort persoonlijke verhoudingen kan hebben als met een volwassene, eenvoudig omdat een kind daar zowel de kennis als een deel van de emoties voor mist; omdat er geen sprake kan zijn van een werkelijk wederszijds adequaat persoonlijk begrip of wederkerigheid; en omdat de verschillen in zowel macht als kennis tussen een kind en een volwassene veel te groot zijn voor enige evenredige verhouding gebaseerd op adequaat wederszijds begrip.

Maar er zijn mannen, en ook vrouwen, die zich er toe aangetrokken voelen, en de voornaamste reden zal zijn dat ze emotioneel te beschadigd zijn om in staat te zijn normale sexuele of liefdes-relatie met volwassenen te hebben of omdat ze macht nastreven over degene met wie ze een sexuele of liefdesrelatie hebben die deze niet over hen zelf kan hebben.

In 1143 zal Multatuli konkluderen dat juffrouw Laps ziek was, en dat lijkt mij ook.
 


[4] ... als alles wat ns luimig toeschynt omdat we dom zyn, beginnertjes maar in de moeielyke studie van 't rerum cognoscere causas!

Nee, dit is geen redelijke overweging. De menselijke domheid of onwetendheid mogen van fundamenteel belang zijn voor de menselijke mogelijkheden, keuzes en gedragingen, maar wat telt is wat men heeft aan kennis en begaafdheden, en waarmee men moet handelen en kiezen, en niet wat men gehad zou kunnen hebben als de wereld anders was dan ze is.
 


[5] Juffrouw Laps was 'n slecht wyf. O, zeker! Maar, geloof me, lezer, het doelwitje van haar begeerte beteekende veel minder dan volgens boeken-traditie geloofd wordt.

Hier heeft M. het over de reductie van alle moraal tot sexuele moraal, en de reductie van sexuele moraal tot conformistisch fatsoen en onthouding.
 


[6] Ze, ja, ze! Want in-verband met de duurte der voedingsmiddelen, en de daaruit voortspruitende behoefte aan 'n fatsoenlyk huwelyk - ik erken volmondig die behoefte, doch alleen: omdat uwe harten boos zyn - is 't vallend voorwerp gewoonlyk 'n stumperige zy.

Nee, dit lijkt me overwegend onwaar. Het is waar dat als de situatie anders zou zijn, vooral wat betreft "de duurte der voedingsmiddelen" en als mensen geen enkel probleem zouden hebben in hun eigen bestaan en dat van hun kinderen te voorzien, maar zo is het niet en was het nooit, en feitelijk is het kennelijk zo dat sexuele dimorfie bestaat mede om de voor (vrijwel) alle dieren bestaande moeilijkheid van het voorzien in het bestaan te overwinnen, en dat er biologische gronden en aandriften zijn voor menselijke monogamie, sexuele jaloezie, en bijzondere interesse in de eigen kinderen. Al die dingen bevorderen namelijk het ontstaan van een kern-familie, waarin een vader en moeder zorgen hun kinderen.

In feite is de sexuele positie van de vrouw pas enigermate vergelijkbaar geworden met die van de man in termen van persoonlijke risico's en gevolgen sinds de uitvinding van de pil - en dan nog zitten zowel vrouwen als mannen opgescheept met een soort driftleven dat kennelijk ontstaan is voor partieel monogame apen met sexuele jaloezie en redelijk vanzelfsprekende liefde voor eigen maar niet voor andermans kinderen.

Vandaar dat sexuele relaties anders zijn voor een vrouw dan voor een man, en waarschijnlijk ook enigszins anders voelen althans waar het voorbehoud of instemming geldt: De risico's die een vrouw loopt voor haar persoonlijk leven en toekomst met een zwangerschap zijn veel groter dan voor een man, en het is daarom niet vreemd als het moeilijker is voor een man om een vrouw tot sex te verleiden dan omgekeerd.

Iets anders dat in het gegeven citaat opvalt is dat M. toestemt in de christelijke (en vooral: protestantse) overweging dat - sinds de zondeval, menen de christenen, maar dat terzijde - voor mensen gewoonlijk geldt dat "uwe harten boos zyn", en dat dan in het bijzonder tegen mensen die niet tot de eigen groep, de eigen familie, de eigen natie of het eigen ras behoren.

Dit is opvallend o.a. omdat een deel van de rationele kritiek op Multatuli's vele hervormings-plannen en -voorstellen is dat hij - vaak en gewoonlijk - vl te optimistisch is over de intellectuele en morele vermogens en interesses van gewone mensen.

Overigens... ik heb nogal wat keren mijn verschillen met Multatuli hierover uitgesproken, die er op neer komen dat ik minder optimistisch ben dan Multatuli lang was over de intellectuele en morele vermogens en interesses van gewone mensen, en geloof dat een flink deel van Multatuli's hervormings-verlangens gebaseerd waren op de onware vooronderstelling dat andere mensen overwegend geneigd en in staat waren zo te voelen en redeneren als hij zelf, wat me trouwens ook een vooronderstelling lijkt die hij vanaf het schrijven van Ideen 4 op begon te geven, en met de opgave waarvan er ook een eind kwam aan M's publicatie-drift.

Maar ikzelf ben ook al geen gelover in de calvinistische leer dat "uwe harten boos zyn", althans indien dit voor de grote meerderheid zou gelden. Er zijn slechte mensen - zeg: zij die welbewust anderen pijnigen of benadelen voor eigen voordeel of plezier - en ze komen onevenredig vaak voor  in  posities van macht of autoriteit, maar de grote meerderheid is niet zozeer "boos" of slecht van aard als wel conformistisch aan de heersende maatschappelijke normen en onverschillig voor het lot van de meeste mensen die niet tot de eigen groep of familie behoren.
 


[7] Al vinden de lezers - die de zaak hardschreeuwend afkeuren! - zoo'n val allerplezierigst, en 't onmisbaar element in 'n mooi boek: men moet niet vallen!

Gezien het onder [2] gezegde is dit minstens een beetje oneerlijk, omdat Multatuli wel degelijk geprobeerd heeft nogal wat jonge vrouwen tot het zogeheten "vallen" - zegge: sexuele relaties - te bewegen. Dat is overigens ook een heel normaal mannelijk verlangen.

De eis dat "men moet niet vallen!" is ook wat minder realistisch dan M. lijkt te zijn in Ideen 1 en 2, eenvoudig omdat het aan willen gaan van sexuele relaties heel menselijk is, en het zogenaamde "vallen" dus ook, zodat het veel redelijker is dat "vallen" niet af te keuren of te verbieden als wel te reguleren, bijvoorbeeld door adequate sexuele voorlichting en anti-conceptie.
 


[8] En wanneer by uitzondering de valler 'n hy is...

Men kan zich afvragen of Multatuli zelf iets overkomen is als Wouter met juffrouw Laps, al is het redelijk aan te nemen dat er geen definitief zeker antwoord meer op te geven is.
 


[9] Doch - hy of zy dan - leugen is 't, zulke nietigheidjes voortestellen als uitgangspunten van wel-gekonditionneerde verdoemenis!

Ja, en zie 448 e.v. waarin M. ingaat op de zeer bekrompen sexuele moraal van zijn tijd, die een vrouw die een kind kreeg buiten een huwelijk effectief buiten de maatschappij zette, en de vrouw veroordeelde als zondares en het kind als bastaard.
 


[10] Drtegen protesteeren Jezus en ik.

Jezus was niet zo sexueel verlicht, en verslechterde in feite de positie die de vrouw in het Joodse geloof had. Het is dus niet zo gek dat Multatuli in Ideen 1 een voorstel tot herschrijving van het evangelie van Mattheus deed. Zie 183.
 


[11] .. heeren predikers van kakanglien ..

Letterkundige noot: Er stt "kakanglien", als in "kakografie".

Niet-letterkundige noot: Als geheel niet-religieus opgevoede lezer van de zogeheten evangelien kan ik meedelen dat mijn eerste serieuze lezing van de Bijbel, rond mijn 20ste, inderdaad schokkend was la "Dus dit is de waanzin waarmee mensen zich eeuwenlang hebben proberen te troosten en motiveren?! Wat een wrede domme gekheid! Wat een bijgeloof! Wat een onzin!".

Dit is geen ontkenning dat de bijbel niet ook, op sommige plaatsen, zoals het Hooglied of het boek Prediker, mooi is, en adequaat aan veel menselijke gevoelens, maar ik stel wel dat de indruk van het geheel, voor iemand die er niet mee opgevoed is, geen enkel religieus geloof bezit, en redelijk wat van wetenschap en filosofie weet, niet bijzonder gunstig is en ook niet kan zijn, en geheel niet rijmt met de christelijke religieuze pretentie dat dit boek het woord van een of de enige god zou bevatten, of een adekwate leer om een menselijke samenleving op te funderen.

Daarvoor is het o.a. te evident menselijk maaksel, en te evident volkomen onwetend over tal van zaken relevant voor een dragelijk of gelukkig menselijk bestaan waar de wetenschap sinds de bijbel geschreven werd wel kennis over heeft gevonden, en die een christelijk god verplicht zou zijn geweest op te nemen. Ik denk hier bijvoorbeeld aan kennis van geneesmiddelen en vitamines, besmetting, elementaire wis- en natuurkunde, farmacologie e.d., maar de feitelijke lijst van wat god zou weten maar in ieder geval niet en nooit meedeelde aan de mensheid in enige van zijn vele heilige boeken is heel erg lang.

Het is voor mij volkomen ongeloofwaardig dat het woord van een liefhebbend almachtig en alwetend god geheel vrij is van alle wetenschappelijke kennis die het leven van mensen zoveel makkelijker en veiliger maakt.
 


[12] En leugen is 't ook uit 'n aesthetisch oogpunt, als men van zulke armzalige gegeventjes alleen, 't zedelyk schoon of de leelykheid eener figuur wil laten afhangen.

Ik geloof dat "leugen" hier niet de juiste term is. "Misvatting" is veel beter, en dan nog blijft het een feit dat iemand die een bepaald geloof heeft en bepaalde waarden huldigt consistent is als hij in overeenstemming met dat geloof en die waarden tot oordelen en gevoelens komt.
 


[13] En velen zyn afschuwelyk, znder... dat!

Het woordje "dat", wil ik de lezer(es) wel letterkundig duidelijk maken, slaat op de sexuele daad.
 


[14] Vlek is vlek, bezoedeling is bezoedeling: geen genade voor de minste afwyking van de wetten der zedelyke logika...

Dat x=x ongeacht waar "x" voor staat heeft niets van doen met zedelijkheid of het gebrek eraan. En de suggestie dat er zoiets zou zijn als een "zedelyke logika" lijkt mij een suggestie van iets dat niet het geval is: In feite toont het bestaan van de verschillende beschavingen en culturen aan dat er op nogal wat verschillende manieren omgegaan kan worden met het probleem van het maken en opvoeden van de volgende generatie, en dat de meeste van die verschillende manieren in ieder geval succesvol en moreel waren in de zin dat ze zowel feitelijk slaagden in het bestendigen van de komst en opvoeding van nieuwe generaties als moreel slaagden in het lokaal geaccepteerd worden als een moreel goede aanpak.
 


[15] Maar die zedelyke logika zou verkracht worden door de ongerymde machtsverheffing van 'n zweertje tot kanker.

Ja, dat is zo, afgezien van opmerking [14], en er past een precisering bij over "ongerymde machtsverheffing": Veel normen kunnen alleen bestaan en gehandhaafd worden door overdrijving van hun belang.
 


[16] 't Is lasteren van de deugd, haar by-uitsluiting te zoeken in 't vermyden van zulke mis... greepjes.

Wel, het gaat niet zozeer om het "lasteren van de deugd", als veel meer om een domme en schadelijke opvatting over wat "deugd" zou zijn als men deze reduceert tot braaf conformisme aan de heersende normen over wat men sexueel wel en niet mag doen.
 


[17] En we doen aan de ondeugd te veel eer, als we haar vervloeken pour si peu!

Ja, al blijft het onder [6] gestelde gelden: Het is niet van klein persoonlijk belang om zwanger te worden.
 


[18] De te grypen eerekroon in 't strydperk der Mensheid, hangt hger!

Mijn eigen vader, die communistisch, radicaal en progressief was, deed niet veel aan sexuele voorlichting (ik spreek van de late 50-er en vroege 60-er jaren van de 20ste eeuw, een tijd die nog aanmerkelijk bekrompener was dan sinds kort daarna), maar mocht wel met instemming Multatuli's "De eer woont boven de navel" citeren.
 


[19] En wel is 't jammer dat zooveel mislukte gladiatoren krom groeiden door de opgedrongen hebbelykheid om steeds te bukken naar den lagen prys dien ze deelen met 'n eunuuk.

Ja, dat is ongetwijfeld zo, maar het schijnt achteraf - ik weet niet zeker hoe stellig dit te funderen valt op basis van overleverde feiten over prostitutie in de 19e eeuw, maar gis: behoorlijk stellig - dat in ieder geval de grote meerderheid van de heren van betere stand z'n toevlucht zocht bij prostituees voor sexuele relaties die hun eigen vrouwen niet of alleen met grote moeite en zonder plezier aankonden.
 


[20] Komaan, moralisten, al hd nu eens onze Fancy geslapen dien nacht, of al wre ze 's morgens ontmoedigd weggeklept naar 't hof van Wouter's moeder, om daar de treurmare te brengen dat prins Upsilon gestruikeld was...

Hier grijpt Multatuli terug naar 407 en 409 in Ideen 1, waarin Wouter droomt dat hij een prins is, of eigenlijk een godenkind. En aanname die hier behoorlijk voor de hand ligt is dat de in 409 genoemde prinses Omikron, de zus van Upsilon, een tegenhangster is van prinses Erika, in Multatuli's conceptie van de door hem niet-uitgeschreven geschiedenis van Wouter.

Idee 1141.