Idee 1118.                                                


De moeite die zich de Pietersens getroostten om 't raadseltjen optelossen dat juffrouw Laps scheen optegeven, was niet zeer groot. Ze waren aan niet-begrypen te gewoon om zich intespannen tot de verklaring van dat zonderling laveeren. [1] En ook Wouter bekommerde zich minder over de oplossing, dan schynbaar van z'n lust in stiptheid en z'n begeerte om te weten, had kunnen verwacht worden. De oorzaak hiervan lag in zekere overstelping van indrukken, die hem belette zich met 'n bepaald vraagstuk bezig te houden. Z'n gemoed zag er uit als 't naaikistje van 'n goedige moeder, waarin de kinderen gegrabbeld hebben.

De zaden die in hem gestrooid werden, waren van onderscheiden soort. Dit nu is by ieder en altyd het geval. Maar 't grootste gedeelte paste niet by den grond waarop ze vielen, en onze kleine beginner in 't Mensch-worden was 'n te onbedreven hovenier, om uitterukken wat niet deugde en te ordenen wat bruikbaar was.

Alleen met betrekking tot de eigenaardigheid van z'n gaven en streven - Trieb! - lag in dit alles iets byzonders. Overhoop gehaalde ziele-werkdoosjes vindt men overal, maar niet overal werkt zoodanige verwarring even schadelyk.

De regeling der indrukken die Wouter's weinigje ondervinding had te-weeg gebracht, zou niet moeielyk gevallen zyn, wanneer slechts die indrukken niet waren vergezeld geweest van z'n voorbeschiktheid tot zedelyk en verstandelyk zwaartillen. Hem kleefde een zeldzame fout aan: hy was 't omgekeerde van lichtzinnig, en deze hoedanigheid had nagenoeg hetzelfde gevolg als we gewoonlyk by het tegenovergestelde waarnemen. [2] Verward in de menigte der zaken die hy niet begreep, gaf-i moedeloos de poging tot verklaring op, en scheen dus gelyk te staan met de meeste anderen die aan opheldering geen behoefte voelen.

Maar deze gelykstelling ging niet in-llen-deele door. Wouter berustte niet. Hy verwachtte licht, hy wachtte licht, en de spanning die hem hierdoor veroorzaakt werd, was pynlyk.

Zonderling dat hy in zulke stemmingen altyd behoefte voelde z'n onbegrepen leed te klagen aan Femke.

Door allerlei toeval kreeg-i haar niet te zien. Wel twaalf keeren had hy zich moeite gegeven haar te ontmoeten, door in den omtrek van haar huisje heen-en-weer te loopen. Maar altyd te-vergeefs.

By deze gelegenheden wond-i zich op tot... redenary. Hy maakte aan- en toespraken gereed, waarmed-i zich tot het meisje wenden zou, en wanneer ik daarvan den juisten tekst geven kon, zou ik 'n heerlyk hoofdstuk geleverd hebben van menschenstudie. Maar dit kan ik niet.

Toch wil ik het by benadering beproeven.

Nogeens, op volkomen juistheid maakt m'n schildering geen aanspraak.

- Och, Femken, ik ben zoo bedroefd. Denk je dat ik weer ziek worden zal? Zou je dan by me komen? Doe het niet! M'n moeder houdt niet van je... doe 't niet, Femke! Laat me sterven, en vraag maar aan de buren waar ik begraven ben. Wil je dan 's avends op m'n graf komen? Eens maar, ns! Want ik begryp wel dat je niet dikwyls komen kunt, om de bleek, en om al je werk, en om je moeder, en om de menschen, die 't gek zullen vinden als je komt kyken naar 't graf van 'n kleine jongen.

Maar, Femke, zoo heel klein ben ik niet meer! Ik word gauw zestien, en heb 'n deenschen matroos gezien, die 'n zwaren baard had, en kleiner was dan ik... wezenlyk!

Als ik ziek word, wou ik zoo graag dat ze 't behangsel veranderden. Die bloemen en strepen hinderen me zoo! En er is een bloem die gescheurd is, en ze lykt... nu eens op 'n gebroken toren, dan weer op twee vechtende mannen. En ik wou dat ze op jou geleek, maar 't gt niet! En dan maak ik me driftig dat die bloem niet veranderen wil van vorm. En dan voel ik dat ik dom ben, want... ze kn niet! En dan word ik nog driftiger... over m'n eigen domheid, begrypje?

Och, Femken, ik geloof zeker dat ik weer ziek word! Het sterven is niet treurig, dunkt me, maar dat ziek-zyn is zoo vermoeiend! [3]

Zeg, waarom zou God de menschen niet tot zich roepen in volle gezondheid? Waarom komt men met allerlei kwalen in den hemel? Ik wou juist zoo graag heel flink wezen als ik God zag voor 't eerst!

Ik kan niet gelooven dat ik de oogen zou neerslaan, zooals in den bybel staat! Waarom zou hy 't nzien zoo moeielyk maken! 't Is onvriendelyk! Eerst verlang ik naar hem - om allerlei vragen te doen, weetje? - en als ik hem dan eindelyk te zien kryg, zoud-i me terstond blind schitteren? Femken, ik geloof het niet!

En als het tch waar is... weetje wat ik dan zeggen zal? Dan zal ik zeggen: God, drtoe ben ik niet gestorven! Niet drvoor kwam ik in den hemel! 't Was donker in de bedstee waar ik ziek lag, en die bloemen plaagden me zoo, en ik begreep zoo weinig, en nu ik eindelyk goed en wel hier ben - in den hemel, weetje, Femke - nu kryg ik niets te weten, en alles blyft even verward, en niets gehoorzaamt m'n wil, en in-plaats van licht dat helderheid geeft, zou ik hier m'n oogen moeten sluiten voor 'n licht dat alles even donker maakt als in m'n bedstee...

Ik doe het niet, Femke. Ik doe het niet! Ik sla m'n oogen niet neer!

En al zou God zeggen dat ik brutaal was, en dat ik daarom niet blyven mocht in den hemel, ik doe het niet!

Want, zieje, waarom wou ik altyd zoo graag by God wezen? Wl, juist om alles te weten.

En als dt niet kan...

Ieder moet handelen naar z'n overtuiging. Dt zal ik ook aan God zeggen. Dat zal ik hem heel goed zeggen! [4]

Ik wil hem vragen waarom-i de Grieken niet helpt? Gut, Femke, ze vechten zoo! En ik wou er zoo erg graag by wezen. Maar ik moet eerst nogeens in den handel.

Ik heb je nooit zien voorbykomen op den Zeedyk, en ik was er bly om. Als ik je gezien had...

Ja, dat zou wel prettig geweest zyn, als ik maar niet juist m'n kerfbuis had aangehad...

Maar toch, ik zou je verzocht hebben nooit weer in die buurt te komen. Want... daar loopen veel matrozen die soms... onfatsoenlyk zyn. Voor my was 't niets, weetje - gut, ik kan zelf al vloeken, en gemeene woorden weet ik ook! - neen, voor my was 't niets! Ik heb eens godverdomme gezegd tegen 'n Rus die me slaan wou. 't Is heusch waar dat ik zestien word in September, en ik zou best naar Griekenland durven gaan, vooral by 't paardenvolk, omdat men dan gauwer by de Turken is. Op den Zeedyk heb ik met n hand den winkeltrap over de toonbank gezet, en m'nheer Motto zelf zei dat ik veel sterker was dan-i gedacht had.

En vind jy 't ook zoo erg slecht van me, dat ik aan dien ouden soldaat...

Nu, ook dt wil ik aan God vragen! 't Zal me benieuwen wat-i zegt. Ik kon al die menschen te-gelyk niet verstandig maken...

De massa is niet dom, Femke, maar ze is...

Hoe zal ik je dat nu uitleggen? Als de jongens steenen op je bleek gooien, zyn dan die steenen verstandig? Wel neen! Zyn ze dom? Ook niet! 't Zyn maar gegooide steenen. Begryp je 't onderscheid wel, tusschen dom of verstandig, en... niet-dom of niet-verstandig... niemendal?

O, en hoe 't afgeloopen is met Jakob Claesz! Dat zal ik vragen. En waarom God hem niet geholpen heeft? Als-i maar z'n been had gebroken, even voor 't uitzeilen. 't Had God maar n woord hoeven te kosten! Neen... niet eens 'n woord, maar Hy heeft maar te willen! Och, men kan zoo gemakkelyk voor alles zorgen, als men almachtig is! [5] En daarom wou ik zoo graag... wat grooter zyn.

En jy zou prinses wezen. Niet omdat ik grootsch ben, maar... dan kon je my beter helpen in alles.  We zouden samen alles uitroeien wat verkeerd is, en de menschen dwingen om goed te zyn, en... nooit iets te zeggen wat niet precies waar is. [6]

Waarom zorgt God er niet voor, dat ze de waarheid zeggen? Vraag 't eens aan pater Jansen. [7] Maar myn... dominee - onze paters heeten dominee, weetje! - myn dominee gaf me nooit 'n antwoord dat ik begrypen kon. [8]

Weetje wat-i zei? Hy zei dat God groot was, maar... we begrypen hem niet! Waartoe dient dan de katechizatie? En wat hebben we aan z'n grootheid, als ze onbegrypelyk is? [9] Daar zit juist de zaak... ik wou hem wl begrypen! En jy zeker ook?

Vind jy 't mooi van God, dat-i zoo onbegrypelyk is? Je moet denken: hy is almachtig, en kon dus heel eenvoudig...

Kyk, de zaak is zoo, Femke. Hy kan zeggen: daar zy begrip, en er is begrip!

Want... begrip en licht is 'tzelfde, weetje! [10]

En, Femke, denk eens, als ieder altyd alles begreep, zouden er geen slechte menschen meer zyn. [11] En dan kon de koning wat rust nemen, want ieder zou zonder bevel of verbod, precies weten wat-i te doen en te laten had! Zou je dat niet mooi vinden?

't Is waar, dan hoefde ik niet naar Griekenland! Want alle Turken zouden dan op-eens... christenen worden, en aan niemand kwaad doen...

Maar... christenen doen ook wel eens kwaad. Hoe komt dit toch, als hun geloof zoo goed is als ze zeggen? ik kan je wel twintig oorlogen noemen - met de jaartallen er by, Femke! - van christenen tegen christenen. Hoe vind je dt? [12]

En by elken oorlog bidden ze aan beide kanten. [13]

Hoe redt God zich uit al die gebeden? Hy mag niemand in nood laten, die gedoopt is en hem wat bidt om Jezus' wil. Ik zal 't hem vragen.

Als ik er ben - in den hemel, meen ik - en ze bidden dan weer zoo tegen elkaar in... weet je wat ik zeggen zal? Ik zal zeggen: houd eerst op met vechten! Dan zal ik zien wie gelyk heeft, en ieder 't zyne geven naar behooren.

Want dat eeuwige vechten is te ruw. 't Is Turkenwerk. Menschen van goed geloof kunnen op beter manier te weten komen wat recht is. [14]

Maar God schynt er niet op te letten. En dit zal ik hem flink zeggen... als ik ziek word van verdriet, en sterf, en in den hemel kom.

Hy wt niet hoe raar 't hier op aarde soms toegaat, en denkt misschien dat alle menschen precies leven naar de Schrift. Dat is niet waar! Ik zal 't hem zeggen.

En ook... dat er 'n nieuwe Schrift noodig is. Een beetje duidelyker, weetje? En al die koningen Israels hoeven er niet in. Dat geeft niemendal! [15] Zou jy 'r beter om bleeken, Femken, als je de namen wist van al de bleekmeisjes uit den ouden tyd? Gut, dat doet er zoo weinig toe!

Maar wl zou 't goed zyn als je wat beter zeep had - ze ruikt zoo! [16]- en als de jongens niet met steenen gooiden. God moest maken dat ze geen pleizier hadden in kwaaddoen, en dat de zeep...

Dit is nu z, Femke. Er groeien veel dingen... in de aarde, boven de aarde, in de zee, jazelfs in de lucht. En alles kan gebruikt worden, als we maar weten hoe? Dit moeten we trachten te leeren, en als we ons daarmee yverig bezig-houden vinden we telkens wat nieuws. Oom Sybrand heeft gezegd dat er 'n tyd komen zal dat men 'n zwavelstok kan aansteken aan den muur! [17]

Dit kunnen we nu moeielyk gelooven, Femken, omdat we... dom zyn. Want jy en ik zyn wl dom, maar... we kunnen wat leeren. En... daartoe leven wy. Z is 't eigenlyk, zou ik denken. Ik wil je uitleggen, Femke, waarom ik dat geloof. Er was 'n tyd dat men geen boek kon drukken. Alle werken waren maar geschreven met de pen, en de gezangen ook, en de psalmen ook, en de gebeden ook - verbeeldje, hoe lastig in de kerk! - zoodat het heel wat in-had, 'n boek te krygen. De menschen hadden kramp in de vingers van al 't geschryf. En nu? Gut, by m'n gewezen patroon - hy is weggeloopen naar Amerika - stond 'n heele winkel vol boeken, en de menschen betaalden maar 'n gulden per deel... als pand, weetje? En vr de uitvinding van die kunst van drukken - 't gebeurde te Haarlem in den Hout, en ik zou je de zaak precies kunnen vertellen, want er zyn verssies op gemaakt [18] - nu, toen was 'n boek zoo duur, z duur, dat... byna niemand wat te lezen kreeg. En nu betaal je voor 'n heelen almanak... met de verjaardagen van koning en koningin er by, en ook 't weer, en de groenten die je zaaien moet, en paasch, pinkster en hemelvaart, en de kermissen, en de maan, en de paardenmarkten, en printjes van nederlandsche heldendaden... och, Femke, dat alles koop je nu voor n dubbeltje! Is 't waar of niet!

Dit had vroeger onmogelyk geschenen, en wie 't voorspeld had, zou niet geloofd geworden zyn. Toch is 't gebeurd!

Z zal 't ook gaan met die zwavelstokjes zonder vuur, en... ze zullen ook wel eens zeep leeren maken die niet zoo leelyk riekt. Want, Femken, als ik 'n schoon hemd aantrek, word ik misselyk, en dat kan toch Gods wil niet zyn!

Ik denk dat-i er pleizier in heeft dat we zoo sukkelen, om eens te zien of we ons wel weten te redden. Heel goed? Maar dan mag hy ook niet boos worden als we dikwyls den verkeerden weg opgaan, want als we dien kenden, zou er in 't vinden geen kunst liggen. En hy helpt ons niet. Ook heel goed! Maar wat doet-i dan met z'n Almacht?

O, Femken, als ik almachtig was, ik zou je...

Neen, ik zou beginnen met alles te begrypen, en alles te doen begrypen! De engelen moesten 'n katechismus maken met honderdduizend vragen, en... antwoorden! Goede wezenlyke antwoorden, weetje, en geen bybelteksten die geen mensch begrypen kan. [19] 

Kyk, z - maar de antwoorden zet ik er nu niet by, omdat ik ze niet weet:

Waarom valt 'n appel?

Groeit 'n boom van-boven of van-onder?

Waarom ben ik zoo verdrietig? [20]

Waarom gaapt men elkaar na?

Hoe weet iemand of de pyn die hy in 't hoofd voelt, hoofdpyn is?

Waar woonden de vliegen toen de menschen nog geen huizen hadden?

Hoe wist Adam dat hy eten moest als-i honger had? En waarom bracht-i de spys naar den mond, in-plaats van ze tegen de maag te drukken?

Hoe verstond-i Gods taal?

Zou Stoffel wel eens 'n fout gemaakt hebben?

Waarom begryp ik nooit wat juffrouw Laps zegt? Is 't waar dat zy de genade heeft? Hoe kom ik er aan?

Wat moet 'n mensch doen om veel te weten, om... alles te weten?

Alles? Hm?


[1] Ze waren aan niet-begrypen te gewoon om zich intespannen tot de verklaring van dat zonderling laveeren.

Ik denk dat dit een misvatting is over domme mensen: Die menen minstens even stellig dingen te begrijpen als meer intelligente mensen.


[2] Hem kleefde een zeldzame fout aan: hy was 't omgekeerde van lichtzinnig, en deze hoedanigheid had nagenoeg hetzelfde gevolg als we gewoonlyk by het tegenovergestelde waarnemen.

Hier is het zinnig zich af te vragen wat "'t omgekeerde van lichtzinnig" zou zijn, en ikzelf kom tot "zwaarmoedig". Dit klopt ook met een verzuchting van Wouter waar ik onder [20] verder op in ga, zodat ik de lezer daarheen verwijs, en hier alleen nog opmerk dat er goede evidentie is dat Multatuli feitelijk minstens enigszins manisch depressief is geweest.


[3] Het sterven is niet treurig, dunkt me, maar dat ziek-zyn is zoo vermoeiend!

Een persoonlijke opmerking: Als iemand die nu de helft van z'n leven (28 jaar) ziek is aan ME/CVS, ook bekend als "het chronisch vermoeidheidssyndroom" (wat misleidend want trivialiserend), en die bovendien al die 28 jaar geen enkele hulp mocht ontvangen bij invaliditeit, kan ik me hier geheel bij aansluiten.


[4] Ieder moet handelen naar z'n overtuiging. Dt zal ik ook aan God zeggen. Dat zal ik hem heel goed zeggen!

Ik vermoed dat de uitspraak van mevrouw Holsma door Multatuli bedoeld is als een Hollandse versie van "Agis comme tu penses!", waarvoor zie 136 en 276. Geformuleerd in termen van rollen: Handel zoals je zlf denkt dat juist is, en niet zoals je rol voorschrijft. Het moet duidelijk zijn dat dit voor de meeste mensen te veel gevraagd is. Zie ook 1112.


[5]  't Had God maar n woord hoeven te kosten! Neen... niet eens 'n woord, maar Hy heeft maar te willen! Och, men kan zoo gemakkelyk voor alles zorgen, als men almachtig is!

Leibniz dacht ook over dit probleem na, en kwam met de oplossing dat God het zo ingericht heeft dat de mensheid in de best mogelijke wereld leeft, want dat het kwaad dat er is bestaat als noodzakelijke tegenhanger van het goede dat er ook is, zoals er geen bergen kunnen zijn zonder dalen.

Voltaire greep deze mening weer aan om er de spot mee te drijven in z'n Candide, waar hij dr. Pangloss diverse meningen van Leibniz toeschrijft.


[6] En jy zou prinses wezen. Niet omdat ik grootsch ben, maar... dan kon je my beter helpen in alles.  We zouden samen alles uitroeien wat verkeerd is, en de menschen dwingen om goed te zyn, en... nooit iets te zeggen wat niet precies waar is.

Multatuli had rond 1861 een verhouding met z'n aanzienlijk jongere nichtje Sietske Abrahamsz, die later verhaalde dat hij haar ooit eens in een soort extase beloofd had dat zij door hem tot Keizerin van Insulinde gemaakt zou worden.

Hoe het zij: De eisen of verlangens uitgedrukt in de laatste geciteerde zin zijn, hoe evident naef en onhaalbaar ook, een behoorlijk adekwate weergave van wat veel idealisten gedreven heeft, want dat komt maar al te vaak neer op "uitroeien wat verkeerd is" en "menschen dwingen om goed te zyn". In feite beschrijft dit bijvoorbeeld goed wat de communisten in de Sovjet-Unie en China oorspronkelijk dreef, en geeft daarmee ook een reden waarom een dergelijk streven zo snel kon corrumperen tot dictatuur.


[7] Waarom zorgt God er niet voor, dat ze de waarheid zeggen? Vraag 't eens aan pater Jansen.

Wel, het antwoord draait natuurlijk rond: Men liegt, zoals men veel dingen doet, vanwege de voordelen die dit schijnbaar of werkelijk met zich mee brengt. 


[8] Maar myn... dominee - onze paters heeten dominee, weetje! - myn dominee gaf me nooit 'n antwoord dat ik begrypen kon.

Ik denk dat Wouter hier wat overdrijft, want niet alles wat dominees proberen uit te leggen is volkomen onbegrijpelijk of onzinnig, maar het is ook waar dat ikzelf nooit veel verder verder ben gekomen met theologie dan de overweging dat ls er dan een god zou zijn, begrip van zo iemand of zo iets volstrekt buiten de menselijke begripsvermogens valt, en dat het overigens een wel heel makkelijke en totaal oncontroleerbare aanname is, die ook niets rationeel verklaart omdat de aangenomen god zo onbegrijpelijk en oncontroleerbaar werkzaam zou zijn.

Veel theologen zijn gelukkig met een dergelijk inzicht, maar niet met de konklusie die ik er aan verbind: Wat onbegrijpelijk is kan geen geldige aanname zijn. Zie ook de volgende opmerking.


[9] Weetje wat-i zei? Hy zei dat God groot was, maar... we begrypen hem niet! Waartoe dient dan de katechizatie? En wat hebben we aan z'n grootheid, als ze onbegrypelyk is?

Juist. Bovendien: Als God dan "onbegrypelyk" is dan is het ook "onbegrypelyk" dat hij "groot" zou zijn, of goed, of almachtig of oneindig, en niet, in al Zijn Onbegrijpelijkheid, slecht, een relatieve knoeier of beginneling in het maken van universa, en behept met behoorlijk oneerlijke en sadistische trekjes.


[10] Kyk, de zaak is zoo, Femke. Hy kan zeggen: daar zy begrip, en er is begrip!

Want... begrip en licht is 'tzelfde, weetje!

Dit slaat natuurlijk terug op het goddelijk gebod uit Genesis, dat in het Latijn "Fiat lux!" luidt. En Wouter heeft in logisch beginsel gelijk, afgezien van overwegingen als geschetst in [5], [8] en [9].

Kortom: Als er dan een God is zoals Joden, Christenen en Mohammedanen geloven dat er is, waarom heeft Hij in al z'n onverbiddellijke oneindige grote goedheid, wijsheid en almacht er niet voor gezorgd dat de mensheid een wat beter inzicht heeft in Zijn bestaan en verlangens dan ze evident hebben?

Anders gezegd: Als er zo bijzonder veel dat in de wereld gebeurt in tegenspraak is met allerlei goddelijke geboden van een oneindig goede, machtige en wijze godheid, ligt het dan niet voor de hand dat de god van die geboden veel waarschijnlijker fictief dan werkelijk is?


[11] En, Femke, denk eens, als ieder altyd alles begreep, zouden er geen slechte menschen meer zyn.

Socrates dacht er ook zo over, maar ik niet: Wie alles begrijpt, begrijpt ongetwijfeld ook waarom het beter is om iets te doen - maar heeft, denk ik, ook dan nog steeds een vrije wil om anders te kiezen. Dit is immers een deel van wat het hebben van een vrije wil betekent: Dat men in staat is om nders te kiezen dan men voor goed of beter houdt - wat bovendien bij gelegenheid verstandig kan zijn, was het alleen maar om de alternatieve keus en uitkomst empirisch te kunnen beschouwen, en daarvan te leren. Daar komt bij dat alle oordelen die men gebruikt om tot een beslissing te komen het risico lopen onwaar of onredelijk te zijn: Men kan zich vergissen.

Kortom: En mogelijke fundering voor een vrije wil is de aanname dat men uit kansen kiest en kan kiezen, en moet kiezen omdat men kan kiezen uit verschillende mogelijkheden die ieder alleen een bepaalde kans ongelijk 0 of 1 hebben. 

Trouwens... n van Multatuli's inkonsistenties is dat hij enerszijds een determinist is ("Wat is moet zijn!"), die ook de lof van de Noodzaak zingt, maar anderszijds voortdurend probeert zijn lezers te bewegen tot ndere standpunten, ndere keuzes, ndere waardes, omdat dit alles volgens hem moreel veel beter of rationeel veel verstandiger zou zijn.

Ikzelf ben geen determinist. Het is makkelijk om je te verliezen in metafysische speculaties en argumentaties, wat ik in deze noten na wil laten. Ik merk dus alleen op dat er het hele fenomeen van aarzelen, aftasten, en informatie verzamelen is dat bij vrijwel alle levende dieren makkelijk herkenbaar is, en althans sterk suggereert dat dieren dit doen omdat met het leven de mogelijkheid tot kiezen uit onderscheiden alternatieven komt, dat immers ook de kans op overleven kan vergroten.


[12] Maar... christenen doen ook wel eens kwaad. Hoe komt dit toch, als hun geloof zoo goed is als ze zeggen? ik kan je wel twintig oorlogen noemen - met de jaartallen er by, Femke! - van christenen tegen christenen. Hoe vind je dt?

Een uitstekend argument om gn katholiek of protestant te zijn, dunkt me, al is dit niet het antwoord dat een Femke (een braaf katholiek bleekmeisje van ca. 17) zou geven.


[13] En by elken oorlog bidden ze aan beide kanten.

Wie een beter inzicht wil in de problemen die hiermee samenhangen leze Mark Twain's "War Prayer".


[14] Want dat eeuwige vechten is te ruw. 't Is Turkenwerk. Menschen van goed geloof kunnen op beter manier te weten komen wat recht is.

Namelijk: Door vrije ongehinderde eerlijke en rationele discussie.

Het zegt redelijk wat over mensen, of althans de menselijke doorsnee, dat dit pas werkelijk systematisch mogelijk werd en gepraktiseerd met de opkomst van de wetenschap, en dat de wetenschappen nog steeds de enige plaatsen zijn waar dit werkelijk gebeurt.


[15] En ook... dat er 'n nieuwe Schrift noodig is. Een beetje duidelyker, weetje? En al die koningen Israels hoeven er niet in. Dat geeft niemendal!

Hier verlangt Wouter feitelijk minstens een theologische revolutie, of een ander of geen geloof. Feit is dat de bijbel verre van duidelijk is.


[16] Maar wl zou 't goed zyn als je wat beter zeep had - ze ruikt zoo!

Dit haal ik er uit vanwege 't Hart. Zie 522.


[17] Dit is nu z, Femke. Er groeien veel dingen... in de aarde, boven de aarde, in de zee, jazelfs in de lucht. En alles kan gebruikt worden, als we maar weten hoe? Dit moeten we trachten te leeren, en als we ons daarmee yverig bezig-houden vinden we telkens wat nieuws. Oom Sybrand heeft gezegd dat er 'n tyd komen zal dat men 'n zwavelstok kan aansteken aan den muur!

Hier verhaalt M. natuurlijk van de wonderen van de wetenschap vanuit een kinderlijk maar daarom nog niet inadekwaat gezichtspunt. In mijn kindertijd waren er ook lucifers die men "kan aansteken aan den muur", maar nu vooral als aardigheidje voor kinderen. Ze werden waslucifers genoemd, want er zat een dun laagje was omheen, en waren te koop in feestwinkels.


[18] En vr de uitvinding van die kunst van drukken - 't gebeurde te Haarlem in den Hout, en ik zou je de zaak precies kunnen vertellen, want er zyn verssies op gemaakt

Rechtgeaarde Nederlanders meenden toen te weten dat Laurens Jansz. Coster het boekdrukken had uitgevonden, terwijl rechtgeaarde Duitsers even zeker meenden te weten dat Gutenberg het deed. Feitelijk deden de Chinezen het zo'n 500 jaar eerder dan Gutenberg of Coster. De eerste gedrukte tekst schijnt de Diamant Soetra van Boeddha te zijn geweest, en werd niet lang voor het jaar 1000 Christelijke jaartelling in het Chinees gedrukt.


[19] Neen, ik zou beginnen met alles te begrypen, en alles te doen begrypen! De engelen moesten 'n katechismus maken met honderdduizend vragen, en... antwoorden! Goede wezenlyke antwoorden, weetje, en geen bybelteksten die geen mensch begrypen kan.

Zie [15]. En trouwens: Het idee zeer vele vragen te stellen en te voorzien van heldere antwoorden is zo gek niet, en is realistisch mogelijk geworden met het internet. 


[20] Waarom ben ik zoo verdrietig?

Voor een overigens gezonde jongen of jonge man is dit een wat vreemde vraag, tenzij er sprake is van constitutionele melancholie of depressie, en inderdaad is er behoorlijk goede evidentie dat Multatuli z'n hele leven kampte met een niet erg goed zelf begrepen manische depressiviteit, die dan ook minstens medeverantwoordelijk is voor de keuze van z'n pseudoniem, en ook voor redelijk wat andere keuzes die M. in z'n leven maakte.

Bij mijn weten is dit thema - Multatuli's depressiviteit - nooit serieus bediscussieerd, al heeft P. Spigt in zijn "Keurig in de kontramine", er redelijk wat evidentie voor aangevoerd, en al klaagde M. zelf, zowel in z'n gepubliceerde werk als in z'n correspondentie, zeer vaak dat het hem ontbrak aan "loisir" of "stemming" om iets te schrijven dat hij graag zou hebben geschreven als hij daarvoor wel de emotionele voorwaarden in zichzelf gevonden had.

Maar we vinden het thema ook terug bij de jonge Wouter, zoals hier waar hij klaagt over zijn verdrietigheid, als later wanneer hij na wat tegenslag herhaaldelijk overweegt zelfmoord te plegen.

 

Idee 1118.