Idee 1103.                                                


Onze goede Wouter, niet kunnende meehuppelen, schopte zichzelf. 

Als gewoonlyk had de dokter een door hem bepaald onderwerp aan de orde gesteld, en het kind had met open mond zitten luisteren. Het betrof: de kunst van lezen. [1] In-den-beginne meende Wouter allerbevoegdst te zyn tot meespreken. Hy hoopte dit dan ook te doen met al 't gewicht van iemand die de hoogste tevredenheid van Meester Pennewip had ingeoogst over 't voordragen der bekende leerstelling: myn vader gaf my dezen nieuwen hoed. In de Oefening in 't kunstmatig lezen uitgegeven door de Maatschappy tot Nut van 't Algemeen, kwam deze zinsnede voor, en de leerling moest ze opzeggen met zooveel veranderingen van toonbuiging, als er woorden in den zin waren. Wouter had Leentje in verbazing gezet door al de wysheid die hy wist te verkoopen over dien nieuwen hoed, en meende nu...

Doch Holsma behandelde iets anders. Maar 't was weer het oude: de kleine jongen voelde dat-i achterlyk was. En dit smartte hem zeer.

De grond van z'n overtuiging in dit opzicht, lag niet zoozeer in de behandelde zaak - deze was geenszins boven z'n begrip - maar in de telkens aangehaalde voorbeelden, die hem blyken van kolossale geleerdheid toeschenen alleen omdat z'm ten-eenen-male onbekend waren. Zelfs de kleine Sietske ging hem in kennis ver te-boven. Het besef hiervan drukte hem z, dat-i ook 't weinigje dat-i wl wist niet kon te-pas brengen. De goedigheid waarmee men hem trachtte op den weg te helpen, ontsnapte niet aan z'n fyn gevoel, en maakte z'n toestand nog pynlyker. In zekeren zin dus gevoelde hy zich in dezen kring, die hem door gedeeltelyke zieleverwantschap toch zooveel nader stond, even misplaatst als te-huis.

Hy meende dat die kinderen hem minachtten, en by Herman - die in latyn deed - [2] was dit dan ook inderdaad wel eenigszins het geval.


[1] Het betrof: de kunst van lezen.

De lezer die alle Ideen van Multatuli tot hier doorgelezen heeft met enig begrip (mocht deze nog bestaan tegenwoordig, afgezien van mij), zal weten dat M. hier veelvuldig over verhandeld heeft. Wie er toch meer van wil weten die verwijs ik naar Ideen 3 en Ideen 4, en kan daar ook uitvinden dat ikzelf meen dat het minder schort aan de kunst van lezen dan aan het vermogen rationeel te denken.
 


[2] by Herman - die in latyn deed -

Ik geloof dat M. zich hier vergist: Het was Willem die daar al aan toe was.

Idee 1103.