Idee 1072.                                                


Femke zou niet gelachen hebben by'n dubbelzinnigheid. Hoogstens had ze gevraagd: ‘waarom toch lacht men zoo?’ Haar gemoed was rein als van 'n beestje, niet omdat zy zekere dingen niet wist, maar omdat men haar nooit had voorgepreekt of laten gissen dat het weten van zekere dingen schandelyk wezen zou. [1]

Ik zeide reeds dat ook hierin de mode haar rol speelt. De geschiedenis van alle zoogenaamd-beschaafde volken levert bewyzen dat de zedelykheids-begrippen gaande-weg toenemen in huichelary. [2] En dit is even eenvoudig te verklaren als 't springen van stoomketels ten-gevolge van het te zwaar belasten der veiligheidskleppen. Er gaat geen kracht te-loor. Waar alzoo het behoorlyk uiten van denkbeelden of aandoeningen wordt tegengegaan, bersten zy op ónbehoorlyke wyze uit. Wie er aan twyfelt, luistere naar jongeluîs-gesprekken, praatjes die alle aantrekkelykheid zouden missen, wanneer de behandelde onderwerpen niet op den index van fatsoenlyke gezelschappen waren geplaatst. Men leze de vuile ‘bruiloftsverzen’ en ‘huwelykszangen’ van onze voorvaderen - zoo héél ver behoeft men daartoe niet terug te gaan? - en lette op 't kwajongensachtige waarin de godvruchtige deftigheid van die mannen by zulke gelegenheden uitspatte. En op de geestigheid! De gansche zaak kwam altyd neer op 't niet-noemend aanduiden van geslachtsdrift, teeldeelen en byslaap. [3] Verder gingen de eischen van de kunst niet. De triumf der dichters van die soort bestond in de verlegenheid der bruid, 'n verlegenheid die natuurlyk van 'tzelfde allooi was als de geestigheid die ze heette te veroorzaken. En dit waren dezelfde menschen wier gevoel van decentie verbood, met kinderen over geslachtsdrift te spreken! De menschen die 't kiescher vonden de herkomst van hun kroost te verleggen naar 't Volewyksche galgeveld, dan door aandoenlyke eenvoudigheid 't kind eerbied inteboezemen voor de vrouw die 't met smarte gebaard heeft!

Sedert lang peinsde ik op 'n middel om deze huichelachtige laagheid uitteroeien, en meen het gevonden te hebben. Er moet 'n boekjen over den byslaap geschreven worden, in den geest van Macé's ‘geschiedenis van 'n hapje brood.[4] Wie er lust en bekwaamheid toe heeft, wordt by dezen opgeroepen aan dit hoogstbelangryk onderwerp z'n krachten te wyden. Blyft deze uitnoodiging onbeantwoord, dan zal ikzelf het doen, doch 't ware my liever deze taak door anderen verricht te zien. [5] De ernstig wetenschappelyk-korrekte uiteenzetting van dit onderwerp, zou my meer tyd kosten dan ik gevoegelyk missen kan. Ouders die volstrekt hun kinderen willen opvoeden òf tot idioten, òf tot huichelaars, òf tot vergroeid-hysterische wanschepsels, kunnen nu by-tyds hun boekverkooper waarschuwen tegen 't ‘op bezien’ zenden van 't kinderboekje dat hen bedreigt.

De anderen zyn me dank schuldig.


[1] Haar gemoed was rein als van 'n beestje, niet omdat zy zekere dingen niet wist, maar omdat men haar nooit had voorgepreekt of laten gissen dat het weten van zekere dingen schandelyk wezen zou.

Tsja. Femke moet dan wel érg wereldvreemd zijn geweest, net als haar directe omgeving. En haar pater Jansen mag dan nog zo voorbeeldig zijn als pater, het is niet te geloven dat hij haar nooit onderhouden heeft over de zonde.
 


[2] De geschiedenis van alle zoogenaamd-beschaafde volken levert bewyzen dat de zedelykheids-begrippen gaande-weg toenemen in huichelary.

Misschien is dat ook zo, maar feitelijk komt het er volgens mij gewoonlijk op neer dat de bekende publieke moraal, wherever, whenever, gevolgd wordt met aanzienlijk veel huichelarij en pose. Het is namelijk gewoonlijk veel veiliger en populairder te doen en te praten alsof, maar veel prettiger of winstgevender om de geaccepteerde publieke moraal alleen te volgen als dat niet anders kan vanwege sancties of als men er zelf bijzonder van overtuigd is.

Kortom: Mensen houden zich niet aan de verkeersregels van allerlei soort vanwege de morele overtuiging dat dit zo bijzonder goed zou zijn, ook in het belang van anderen, maar veeleer vanwege het risico bestraft te worden als ze in strijd met de regels zouden handelen.

En de meeste mensen zijn niet bijzonder moreel tegen wie niet tot hun familie, vrienden of superieuren behoort.
 


[3] En op de geestigheid! De gansche zaak kwam altyd neer op 't niet-noemend aanduiden van geslachtsdrift, teeldeelen en byslaap.

Ja, dat is nog steeds een groot deel van de humor: Onderbroekenlol.
 


[4] Sedert lang peinsde ik op 'n middel om deze huichelachtige laagheid uitteroeien, en meen het gevonden te hebben. Er moet 'n boekjen over den byslaap geschreven worden, in den geest van Macé's ‘geschiedenis van 'n hapje brood.

Ik betwijfel of dit soort boek ooit geschreven is, al kan het zijn dat de verhandelingen van Masters en Johnson er dicht bij in de buurt komen. En ook de Kama Soetra komt er redelijk bij in de buurt. En ik bedoel hier in beide gevallen: Informatie over sexualiteit die feitelijk is, en niet vergezeld gaat van morele oordelen.
 


[5] Blyft deze uitnoodiging onbeantwoord, dan zal ikzelf het doen, doch 't ware my liever deze taak door anderen verricht te zien.

M. deed het niet.

Idee 1072.