Idee 969.                                                


De overledene was... 'n groot Staatsman, 'n zeer groot Staatsman, de grootste Staatsman...  

't Vleesch is duur in den Staat waar onze politikus z'n kunsten vertoond heeft. 't Hongerend Volk graaft krengen van aan ziekte gestorven paarden op, om zich te voeden. [*]

...de allergrootste Staatsman alzoo! Een leeuw in 't parlement. Een Herkules...

Arme stallen van Augias!

...een Herkules in 't kieswerk. Een toovenaar in grondwetten...

Een natoovenaar dan toch? Een plagiaatheilige, niet waar? Ik durf vragen: welk oorspronkelyk denkbeeld van dien Thorbecke is er voor, in, of na dat fameuze jaar '48 voor den dag gekomen? De man was mager, maar had er 't recht niet toe. Voortgebracht heeft-i niets, niets, Niets! [1]

Men beoordeele hem naar den maatstaf die aangegeven werd in m'n Idee 30 - durft iemand beweren dat die maatstaf onjuist is? - en vrage zich af, hoeveel ziel de man heeft uitgegeven ten-behoeve van 't algemeen? Waarlyk, 't antwoord is treurig! Treurig, niet om zynentwil - z'n dorre persoonlykheid voelde geen behoefte aan uitstraling - maar om-den-wille der velen die ik zoo-even kenschetste in 967. Het was gedaan met het Romeinsche Ryk, toen er 'n Augustulusjen op den troon zat. Een volk dat diminutieven aanbidt, dat 'n homunculus opneemt in den rei der groote mannen, is verloren. [2]

Hoe men 't heeft aangelegd om de in '48 tot-stand gekomen veranderingen als iets nieuws uittebazuinen, als vruchten van Thorbecke's genie... nu ja, er werd by die plompe foppery gerekend op de zonderlinge behoefte aan aanbidding van eigen-fabriekswerk. En gelukt is het! [3]

Wist ge dan niet, Nederlanders, dat die veranderingen elders sedert lang waren ingevoerd? Dat de toepassing daarvan op Hollandsche toestanden, zoo onhandig mogelyk geschiedde? Dat ze allergebrekkigst was? Weet ge dan niet, dat we nu reeds, slechts vier-en-twintig jaren na de redding, dringender dan ooit behoefte hebben aan... redding?

De toestand van 't Nederlandsche Volk, sociaal en politisch, is gevaarlyker dan ooit. [4]

Sociaal: de armoed kankert van-onder-op met gierigen klauw omhoog. Straatarmen hadden wy immer, doch 't gebrek greep al hooger en hooger. Het maakte zich meester van den kleinen burgerstand, van den middelstand, van den zoogenaamd-hoogeren burgerstand. De tyd is zeer na, dat Nederland bewoond wordt door 'n paarhonderd millionairs en... drie millioen hongerlyders. [5] Bemerkt ge dit niet, Nederlanders? Zyn zulke verschynsels beneden uw aandacht? Voelt ge niet hoe 't acht-en-veertigsch geleuter over Staatsvormen - verder, dieper, hooger, kwam uw homunculusje Thorbecke nooit! - de aandacht afleide van den Staat? Begrypt ge niet, hoe de Staatskunstemakery van zoo'n man tot het werkelyk behartigen van de belangen des Volks, in-verhouding staat als 'n kartonnen tooneelpasty tot voedsel?

Weet, begrypt, kent ge dit alles niet? Ge hadt het toch knnen weten, Nederlanders! Tien jaren geleden heb ik u gewaarschuwd. (451, 452.) De bladzyden waarin ik uwen onmachtigen afgod in z'n naaktheid tentoon-stelde, werden dezer dagen ten vyfde male gedrukt...

Tch 'n standbeeld!

Maar zyt ge dan krankzinnig?

My komt het zoo voor.

Heel aangenaam schryven is 't voor zoo'n Publiek waarlyk niet! Dit heb ik u al meer gezegd. [6]

Politisch. De eerbied dien men, na de Thorbecksche restauratie, ons land buiten de grenzen toedraagt, is even schraal als 't voedsel daarbinnen. Over de inlyving, by gelegenheid der eerste kommotie in Europa, bestaat nergens de minste twyfel. Wat heeft Thorbecke gedaan om ons land staande te houden? Niets, niets, niets alweer! Hy heeft 't gebruik van koffi en broodjes voor Staatsrekening, by eenige publieke gelegenheden, afgeschaft.

En Indie, Neerlands-Indie, Insulinde? 't Is daar ellendiger dan ooit. De bevolking lydt periodiek honger, nu zoowel als toen ik den Havelaar schreef. [**] [***]

De acht-en-veertigsche liberalistery heeft bovendien middel gevonden, in dat vroeger zoo gezegend land, 'n artikel van moederlandsch fabrikaat intevoeren: armoed onder Europeanen. [7]

Dit was in Indie voorheen 'n onbekende zaak! En nu? Helaas! Wie 't land kende voor dertig jaren, en thans de daar verschynende couranten leest, die op allerlei wyze den toestand afspiegelen waartoe de Europesche Maatschappy in Indie gezonken is, heeft slechts de keus tusschen smart en woede.

Vloek over de Haagsche ellendelingen die aldus 't heerlykste bedierven, wat ooit aanspraak maken mocht op zorgvuldige behandeling!

En op de lyst van die ellendelingen staat Thorbecke boven-aan. Hy had het recht niet, dom te zyn. Hy had het recht niet, onbekwaam te zyn. Hy had het recht niet, traag te zyn. [8] Men betaalde hem - in geld, wat spaarzaam en op z'n hollandsch, dit moet ik erkennen, maar in eer en invloed dan toch ruim - voor wat nders!

En - boven alles! - hy nam de plaats in van beteren dan hy. Dit is 'm'n hoofdgrief. [9] Hy was:

gewoon,
En in den vreemden tyd dien wy beleven,
Was, op zyn standpunt, 't ordinaire: misdaad! [10]

Och... men had hem op dat standpunt geplaatst! Kon hy 't helpen dat 'n gansche Natie - waarachtig, zelfs de konservatieven deden mee: ze bestreden hem als iets wezenlyks! - kon hy 't helpen, dat er zoo op-eenmaal 'n epidemische lust uitbrak in krankzinnigheid? Kon men van hem verwachten dat-i protesteeren zou tegen de algemeene razerny? Daartoe ware zekere maat van intelligentie en karakter noodig geweest, die hy nu eenmaal niet bezat, en welker absentie juist de voorwaarde schynt te wezen waarop Nederland iemand toejuicht. [11]

[*] N. Rott. Courant. 22 April 1872:
Alblasserwaard, 19 April. Naar wij vernemen, is op den stal van den landbouwer C. van Harten te Nieuwpoort, de longziekte uitgebroken, en zijn dientengevolge drie koeien onteigend en afgemaakt. Het vleesch daarvan werd publiek verkocht, en velen, die zelden vleesch kunnen bekomen, konden zich bij die gelegenheid op zeer voordeelige wijze daarvan voorzien.
Het nummer van de courant, waarin 't heimelyk opgraven van reeds begraven afgekeurd vee wordt meegedeeld, kan ik op dit oogenblik niet opgeven. De belangstellende lezer moge het zoeken in de dagbladen die daarvan, even als in bovenstaand bericht, zonder den geringsten kommentaar, en dus als van de gewoonste zaak der wereld, kennis geven. Mocht iemand twyfelen aan de waarheid myner bewering, dan zal ik het bedoeld bericht doen opzoeken. [12]

[**] Noot van 1872. Men leest in 't byvoegsel van de N. Rott. Courant van 30 April 1872. (Dat is: twaalf jaren na 't verschynen van den Havelaar!)
Naar de Locomotief verzekert, zou er in het district Poerworedjo, residentie Banjoemaas (Baglen?) hongersnood heerschen.
Het liberale blad dat dozynen kolommen weet te vullen met lof over dien Thorbecke, geeft by dat schandelyk bericht geen woordje kommentaar. Het staat er even dor als of men 'n tyding over weer en wind meedeelde! Dit kenteekent den toestand.

[***] Noot van 1874. In '72 haalde ik slechts dit ne berichtjen aan. Na dat jaar zyn de rapporten over dergelyke toestanden z frekwent, dat men in Nederland daaraan gewoon is geworden, en er geen acht op slaat. Bovendien, de minister Fr. v.d. Putte heeft de aandacht weten afteleiden door z'n atjineschen oorlog, 'n pronkstuk van beleid en uitvoering! Maar Nederland - dat niet lezen kan - schikt zich.


[1] Een natoovenaar dan toch? Een plagiaatheilige, niet waar? Ik durf vragen: welk oorspronkelyk denkbeeld van dien Thorbecke is er voor, in, of na dat fameuze jaar '48 voor den dag gekomen? De man was mager, maar had er 't recht niet toe. Voortgebracht heeft-i niets, niets, Niets!

Ik geloof het graag, en dan niet zozeer om wat Multatuli schreef, al zijn dit de authentieke woorden van een tijdgenoot van Thorbecke, maar omdat M. volkomen gelijk heeft over mjn tijdgenoten die zich over Thorbecke uitlieten: Iedereen bezong z'n lof zonder ooit duidelijk te maken waarom de man lof verdiende, anders dan door cirkelredeneringen.


[2] Een volk dat diminutieven aanbidt, dat 'n homunculus opneemt in den rei der groote mannen, is verloren.

Nee, dit geloof ik niet. Mijn reden is dat van een ideologie - en iedere staat, iedere groep, alle bestuur berust op een of andere ideologie, die beschrijft wat de wereld zou zijn en zou moeten zijn - helemaal niet gevergd wordt of ze waar of zinnig is, maar of ze de groep helpt motiveren en leiden.


[3] Hoe men 't heeft aangelegd om de in '48 tot-stand gekomen veranderingen als iets nieuws uittebazuinen, als vruchten van Thorbecke's genie... nu ja, er werd by die plompe foppery gerekend op de zonderlinge behoefte aan aanbidding van eigen-fabriekswerk. En gelukt is het!

En ja, daar zit 'm de kneep: Het volk wil verafgoden, wil bedrogen worden, heeft behoefte aan eenvoudige verhaaltjes met een heldere moraal, hoe onwaar, dom, afgekloven of inconsistent ook. Het heeft ongetwijfeld iets met de menselijke zoogdierlijke aanleg tot in horden levend dier te maken: Zoals de maan vl groter lijkt vlak boven de horizon, lijkt een leider vl groter dan ie werkelijk is als hij Onze leider is. Het is ook een gevoelen dat de eenheid van de groep bijzonder goed dient, net als de belangen van de overige leiders.


[4] De toestand van 't Nederlandsche Volk, sociaal en politisch, is gevaarlyker dan ooit.

Multatuli legt zichzelf uit in de rest van dit idee. En als hij het over 'gevaar' had dan dacht hij ongetwijfeld aan de Frans-Duitse oorlog van 1870; aan de Commune van Parijs van 1872; en aan de grote armoede onder de lagere standen.


[5] Sociaal: de armoed kankert van-onder-op met gierigen klauw omhoog. Straatarmen hadden wy immer, doch 't gebrek greep al hooger en hooger. Het maakte zich meester van den kleinen burgerstand, van den middelstand, van den zoogenaamd-hoogeren burgerstand. De tyd is zeer na, dat Nederland bewoond wordt door 'n paarhonderd millionairs en... drie millioen hongerlyders.

Wie de moeite neemt zich in idee 451 te verdiepen, en in het budget van Klaas Ris, heeft niet veel reden hier sterk aan te twijfelen: Het grootste deel van het Nederlandse volk leefde in grote armoede, waar ze bovendien hard en lang voor moesten werken.


[6] Maar zyt ge dan krankzinnig?
     My komt het zoo voor.
     Heel aangenaam schryven is 't voor zoo'n Publiek waarlyk niet! Dit heb ik u al meer gezegd.

Ik geef toe dat ik het ook vaak zo gedwongen ben te bezien. Maar ik schrijf dan ook niet voor publiek. Of beter gezegd, omdat dit wel op mijn website verschijnt: Ik maak me geen illusies dat ik het Nederlandse volk kan bewegen tot zinniger ideen dan ze hebben, en evident bij machte zijn.

Dit ligt evident zowel boven mijn macht als boven hun macht. Ik heb  dan ook, anders dan Multatuli, nooit de ambitie gehad Nederland te hervormen - en in feite is de nige reden dat ik de afgelopen 25 jaren in Nederland verbleef dat ik er niet weg kan komen, wegens invaliditeit en gebrek aan hulp.

Maar lezer of lezeres: Als u van uzelf serieus en eerlijk meent talent te hebben, of dat nu intellectueel of artistiek is, wees zo verstandig het in een behoorlijk buitenland te beheren, en niet in deze heilstaat van Hazes en Brood! Mensen met talent horen niet in Nederland, en deugen niet volgens de grote meerderheid der Nederlanders.

't Is waar dat buitenlanders gemiddeld echt niet veel intelligenter zijn dan Nederlanders - maar ook waar dat ze minder verziekt, minder verwend door een generatie-lang uitvreten, minder afkerig van beschaving, intelligentie of individuele distinctie, en meer genteresseerd in goed taalgebruik en originele ideen zijn, en ik spreek als iemand die in ieder geval jaren in Engeland en Noorwegen heeft gewoond.

Daar komt bij dat geen ander land ter wereld op de bodem van de zee is gevestigd, en zo plat is als een pannekoek, en - ik houd van bergen, lezer, schandelijk als dat is voor een Neerlander -overwegend lelijk tot zeer lelijk is, behalve waar nog geen gemeentelijke, provinciale of nationale commissies ter verbetering van het landschap zijn bezig geweest, en waar geen Nederlanders leven in de nabijheid.

Kortom, lezer, voor mij heeft hoeft Nederland niet te bestaan noch in stand gehouden te worden. Ik zie geheel niet waarin het beter zou zijn dan de omringende landen, en wt van zeer veel waarin het slechter is. Het heeft dus geen reden van bestaan, en kan gevoegelijk afgeschaft - en is dat feitelijk voor een groot deel, sinds Nederland deel is van de Europese Unie.


[7] De acht-en-veertigsche liberalistery heeft bovendien middel gevonden, in dat vroeger zoo gezegend land, 'n artikel van moederlandsch fabrikaat intevoeren: armoed onder Europeanen.

Het is een interessante vraag hoe het werkelijk zat met de inkomens in de 19e eeuw, toen de industrile revolutie plaatsvond; het grote-steden-proletariaat gecreerd werd; en er geen vakbonden noch effectieve wetten waren om de arbeiders te beschermen tegen uitbuiting.

Ik vermoed dat M. groot gelijk had dat het gemiddeld levenspeil van de bevolking vergeleken met dat in de 18e eeuw een stuk lager was.


[8] En op de lyst van die ellendelingen staat Thorbecke boven-aan. Hy had het recht niet, dom te zyn. Hy had het recht niet, onbekwaam te zyn. Hy had het recht niet, traag te zyn.

De vraag is of hij dt was - dom, onbekwaam of traag. Ik gis van niet. Maar dit is feitelijk niet M.'s punt, dat volgt:


[9] En - boven alles! - hy nam de plaats in van beteren dan hy. Dit is 'm'n hoofdgrief.

In het bijzonder: De plaats van Eduard Douwes Dekker, meende M. ongetwijfeld zelf. Maar zoals ik herhaaldelijk uiteengezet heb lijkt dat me een misvatting van Multatuli, nogal van het soort 'omdat ikzelf een groot violist ben, excelleer ik ook als walvisvanger. Benoem mij dus tot opperwalvisvanger en alles zal goed gaan met ons land!'


[10] Hy was:
       gewoon,
       En in den vreemden tyd dien wy beleven,
       Was, op zyn standpunt, 't ordinaire: misdaad!

Dit is uit Vorstenschool, en het lijkt me rechtvaardig over Thorbecke. Maar ik vrees dat het zowel moeilijk is als onwaarschijnlijk dat een politicus een bijzonder mens is - en ook dat het bepaald niet noodzakelijk een zegening is wanneer hij dat wl is. (Aangenomen dat, zoals ze zelf beweerden, Stalin, Hitler, Mussolini en Mao dat waren, bijvoorbeeld.)


[11] Daartoe ware zekere maat van intelligentie en karakter noodig geweest, die hy nu eenmaal niet bezat, en welker absentie juist de voorwaarde schynt te wezen waarop Nederland iemand toejuicht.

Ja, dit is juister, al is het ook zo dat TV het een en ander veranderd heeft, inclusief de standaarden die mensen elkaar aanleggen. Maar die zijn kennelijk alleen nog meer die van vermaak, toneel en kermis geworden dan ze al waren.


[12] Het nummer van de courant, waarin 't heimelyk opgraven van reeds begraven afgekeurd vee wordt meegedeeld, kan ik op dit oogenblik niet opgeven. De belangstellende lezer moge het zoeken in de dagbladen die daarvan, even als in bovenstaand bericht, zonder den geringsten kommentaar, en dus als van de gewoonste zaak der wereld, kennis geven. Mocht iemand twyfelen aan de waarheid myner bewering, dan zal ik het bedoeld bericht doen opzoeken.

Wat ik nog hoop mee te maken zijn makkelijk en vrij toegankelijke archieven van kranten van de laatste eeuwen, in een min of meer fotografische herdruk, en met goede zoekmogelijkheden. Dit moet in beginsel veel van het alledaagse leven kunnen verduidelijken, althans in de standen die een krant lazen.

Idee 969.