Idee 965.                                                


Ach, m'n arme cyfers! Herinnert zich de lezer, hoe ik in m'n derden bundel werd gehinderd door ossen en helden? Ik begin te gelooven dat de goden jaloers op me zyn. Telkens hebben ze, om my in m'n arbeid te storen, wat nieuws by de hand. Daar lieten ze nu, byv. Thorbecke sterven, alleen om my te plagen. [1] Toen ik uit de couranten vernam dat de man ziek was, verheugde ik my met wysgeerige hartelykheid. Ik hoopte namelyk by gelegenheid van z'n dood, nu eindelyk eens te weten te komen wat-i had uitgericht? 

En zie, m'n uitzicht op dat beetje wetenschap is weer verydeld. Sedert weken las ik met de grootste aandacht allerlei toe- en aanspraken, en bleef maar altyd even onwetend als te-voren. De brave Schager heeft wel gelyk! M'n onkunde is ingeworteld, onuitroeibaar... intens!

En... er wordt 'n standbeeld opgericht voor den Staatsfeniks! Het nageslacht zal vragen, wat ik nu vraag: Waarom? [2]

En misschien zal 't van zyn kant 'n standbeeld oprichten voor den man die duidelyk antwoord geven kan op deze vraag. [3]

We zyn waarlyk niet vooruitgegaan sedert de dagen der eerste godenmakers!

De oude Krates in 't zevende sprookje van gezag, kn wat, dd wat. Zeus donderde, en droeg heel Europa op z'n rug. Jehovah vond kleermaken en decentie uit. St. Eloy, die al te hoogmoedige hoefsmid, werd van z'n verwaandheid genezen door Jezus zelf, die hem 'n duchtig lesjen gaf in 't beslaan van paarden.

Onze Thorbecke...

Komaan, eerst iets over dien Eloy, ook 'n heilige! 't Onderwerp is minder vervelend.


[1] Ik begin te gelooven dat de goden jaloers op me zyn. Telkens hebben ze, om my in m'n arbeid te storen, wat nieuws by de hand. Daar lieten ze nu, byv. Thorbecke sterven, alleen om my te plagen.

De lezer die het nog niet weet - en dus niet van het begin tot hier gelezen heeft - moet weten dat Multatuli een grote hekel had aan Thorbecke. Hij zelf had dat enigszins uiteengezet in 452, waar ik de lezer in de eerste plaats naar verwijs.

En aangezien we nog aanzienlijk meer over de man zullen horen houd ik het op dit moment beperkt tot de juist gegeven verwijzing.


[2] En... er wordt 'n standbeeld opgericht voor den Staatsfeniks! Het nageslacht zal vragen, wat ik nu vraag: Waarom?

Dat is een heel goede vraag. Het standbeeld staat er, in Amsterdam, op het Thorbecke-plein, maar het is waar dat nog nooit iemand mij heeft duidelijk kunnen maken wat de verdiensten van de man waren.

Dit betekent niet dat hij ze niet had, en ook niet dat Multatuli gelijk had in z'n afkeer en laatdunkendheid, maar betekent precies wat ik schreef: Er is mij het een en ander deelachtig geworden aan lof voor Thorbecke, maar niet aan uitleg waarom hij die zou verdienen. En dat de man de grondwet van 1848 op z'n geweten zou hebben is me duidelijk, maar niet wat dit zo bijzonder, voortreffelijk, of groots maakte. Zie overigens mijn commentaren bij 452.

En een antwoord op het waarom van het standbeeld voor Thorbecke ligt natuurlijk voor de hand: Zo pleegt dat te gaan met voormannen, ongeacht werkelijke kwaliteit of prestaties. Leiders worden niet gelouwerd of verstandbeeld omdat ze zulke voortreffelijke mensen zijn, wat ze dan ook zelden zijn, maar omdat het leiders zijn - Onze Leiders. En Ons Volk - welk volk ook - verafgoodt zichzelf graag in standbeelden van Onze Leiders, omdat deze de grote voortreffelijkheid bezaten Onze Leiders te zijn.

Het volk wil niet alleen bedrogen worden: het wil ook idolen, afgoden, iconen en rituelen. Zo is het ook altijd geweest, niet alleen in Neerland.


[3] En misschien zal 't van zyn kant 'n standbeeld oprichten voor den man die duidelyk antwoord geven kan op deze vraag.

Ik denk dat mijn antwoord in de vorige noot duidelijk en adekwaat is, maar verwacht er geen standbeeld voor te krijgen.

Wat standbeelden aangaat, trouwens... ook Multatuli heeft een standbeeld in Amsterdam, al moest hij er wel 100 jaar dood voor zijn geweest om het te mogen krijgen, en al is het n van de beste braakmiddelen in brons die ik ooit heb gezien. 

Idee 965.