Idee 948.                                                


En hoeveel andere vakken had ik kunnen kiezen, met redelyke hoop op goeden uitslag! Ik heb kooplieden gekend, die sedert twintig jaar handel dreven, en nog niet ryk waren. 't Is waar dat ze voor den handel waren opgeleid, en alzoo...  

Geld winnen m geld te winnen, komt me niet zeer aanlokkelyk voor. En 't zou my moeite gekost hebben me daarop toeteleggen. Maar als ik 't gedaan had, geloof ik te hebben kunnen slagen in eenigszins korter tyd dan met de mannen van 't vak gewoonlyk 't geval is. [1]

Hoe dit zy, na 't verlaten van Lebak, onthield ik me van keuze. Ik spande my in om niet te sterven. Dit was alles. Overigens wachtte ik op Recht. [2] Maar zeker zou ik gekozen hebben, wanneer Nederland niet, na den Havelaar, me bedrogen had met allerlei leugens:

Christelyke Natie, Nederlandsche Natie, edele Natie, zult gy dulden... enz. Zoo klonk het van alle kanten.

Nu ja, die christelyke natie, die nederlandsche natie, die edele natie duldde het, duldt het, zal 't blyven dulden. C'est acquis. [3]

Wanneer ze nu maar met haar edele nederlandsche christelykheid had kunnen overeenbrengen my te waarschuwen! Ik had dan in-tyds my op een van al die vakken kunnen toeleggen. Maar jammer genoeg, ik koos niet, en benoemde mezelf tot expektant. Thans, nu ik weet wat er te denken valt van ons nationaal rechtsgevoel, komt my de naveteit van m'n hoop eenigszins... dom voor, en ik voel behoefte my te verontschuldigen, zoowel in m'n eigen oog, als by de velen die, de kaart van 't land beter kennende, waarschynlyk zoo'n domheid niet hadden begaan. [4] Men wete dan dat de middelen die er sedert zestien jaar werden aangewend om my te bedriegen, talloos zyn. [5] Ik kan de vrienden niet tellen, die me met gehuichelde belangstelling overhaalden om weer moed te vatten en me door middel van allerlei praatjes den kostbaren tyd uit de hand stalen. De vermelding van alle pogingen, plannen, ontwerpen om den edelen Havelaar recht te doen zou boekdeelen vullen:

Ge hebt nu z lang gewacht en geleden met geduld, bederf toch ditmaal de schoone zaak die ge voorstaat, niet door overyling. Er zl recht geschieden!

En ik wachtte!

Er waren er, die me slechts weken kostten. Anderen hielden me maanden aan den angel. De som van al die maanden en weken bedraagt, nu in 1872, zestien jaren! [6]

Eerst zeer onlangs besloot ik, alle pogingen optegeven om Nederland te bewegen tot iets eerlyks. [7]

En daar ik alzoo de hand vry kreeg om 'n beroep te kiezen, nam ik me voor, my toeteleggen op 't schryven van boeken. Ik doe 't ongaarne, ik doe 't met weerzin, 't walgt me, maar 't is noodzakelyk. [8]

Daar er reeds veel boekdeelen van my verschenen, zal 't velen vreemd voorkomen, nu eerst van myzelf deze verklaring te vernemen. Ze meenden dat ik sedert lang reeds schryver ws. De weinigen die goed lezen, weten beter. [9]

Nu ik eenmaal dit besluit genomen heb, is 't plicht m'n waren verkoopbaar te maken. En zie, ik - vakman nu, kollega van... vul maar in, lezer! - zoekende naar 't middel om dit doel te bereiken, moet raad vragen aan mezelf, en modellen zoeken uit de dagen toen ik nog niet by 't vak was ingelyfd. De deskundige van heden, zoekt onderricht by den dilettant van zes, acht, tien jaren geleden.

In 't eerste boek dat ik - myns ondanks, waarachtig! - aan de pers overgaf, komt de uitdrukking voor: ik wil gelezen worden. Dit geschiedde dan ook. Toen en heden nog altyd, maakt m'n geschryf opgang. Het weerstaat alle pogingen van zeer verschillenden aard, die aangewend werden om me te smoren, laster en verdachtmaking zoowel, als 't edele nederlandsche doodzwygen. [10] Jazelfs onbekookte lof - 't ergste wat 'n schryver overkomen kan - heeft de vruchten van m'n arbeid niet van de markt kinnen dringen.

Waaraan heb ik dit te danken?

Deze vraag legde ik my ernstig voor, toen ik onlangs bezig was met de korrektie, aanvulling en toelichting der twee eerste bundels van m'n Ideen, waarvan weldra de vyfde druk zal verschynen by den uitgever die ook dezen bundel ter-perse legt. [11]

Wat is de oorzaak dat m'n geschryf verkoopbaar is? Dat het geldswaarde geeft? Hierop namelyk komt nu - schande over u, Nederlanders! - de vraag hoofdzakelyk neer. De oorzaak is: dat ik schreef zonder aan dezen eisch te denken. [12]

Nu ik eindelyk, na lange weifeling - schande over u, Nederlanders! - besluiten moest te kiezen tusschen straatvegen, horlogemaken en andere kostwinningen... nu ik ten-laatste, niet uit rechtstreeksche voorkeur, maar gedrongen door by-omstandigheden, my tot schryven bepaalde, begreep ik dit vak niet voordeeliger en praktischer te kunnen uitoefenen, dan door juist denzelfden weg te volgen, die me werd aangewezen door m'n gemoed toen ik er niet aan dacht dat het ooit m'n vak worden zou, godbetert! Men zal me dus wel moeten vergunnen voorttegaan, alsof ik nog altyd geen schryver was.

De voornaamste eigenaardigheid bestond in het achtslaan op m'n eigen indruk, zonder in 't minst naar den smaak van m'n lezers te vragen. Deze smaak is me dan ook eigenlyk vry onbekend. [13] Uit 'n Publiek dat binnen weinig jaren tyds aan m'n werken 'n vyfden druk bezorgt, en te-gelyker-tyd zich laat vertegenwoordigen door 'n Van Twist - door den man dien ik in deze werken herhaaldelyk, zonder 't minste protest van wien ook, 'n ellendeling noem - uit den smaak van z'n Publiek is inderdaad niet wys te worden. Hoofdzaak nu voor m'n vak is, dat er altyd uitgevers zyn, die me behoorlyk honoreeren, en lezers die hen daartoe - op z'n hollandsch altyd, d.i. povertjes! - in staat stellen. [14]

Hoe zulke lezers 't maken met de verwerking van de inkonsekwentie dat ze de van Twisten eeren, achten en in 't leven houden, dat ze tevreden zyn met het niet afdoen van de Havelaarszaak, en te-gelyker-tyd myn werk toejuichen - sterker nog, koopen en betalen: vyfde druk! - zie, dit is hn zaak. Ik leende dat Publiek niet gaarne de maag van m'n konscientie. (338)

De belangen van 't vak brengen alzoo mee, dat ik zonder omzien m'n indrukken volg. Dit alleen is de opmerking waarmee wy hier te doen hebben.


[1] Geld winnen m geld te winnen, komt me niet zeer aanlokkelyk voor. En 't zou my moeite gekost hebben me daarop toeteleggen. Maar als ik 't gedaan had, geloof ik te hebben kunnen slagen in eenigszins korter tyd dan met de mannen van 't vak gewoonlyk 't geval is.

Nee, dat geloof ik zelf niet, en het is weer vooral een kwestie van karakter. M. was te artistiek om zakenman te zijn, bijvoorbeeld.

En trouwens... M. heeft heel wat keren geprobeerd zich toe te leggen op 'Geld winnen m geld te winnen', namelijk in casino's en met het zoeken naar spelsystemen om te winnen in casino's - zie ook zijn Millioenenstudin. M. heeft ook herhaaldelijk geloofd dat hij zo'n systeem had, en raakte er pas langzaam van overtuigd dat dit een illusie was, zoals hij inderdaad helder uitlegt in Millioenenstudin.


[2] Hoe dit zy, na 't verlaten van Lebak, onthield ik me van keuze. Ik spande my in om niet te sterven. Dit was alles. Overigens wachtte ik op Recht.

De lezer die tot hier gekomen is en al het voorgaande dat Multatuli schreef gelezen heeft, of alleen de voorgaande bundels Ideen, wat in ieder geval kn op mijn site, zal weten dat dit, zeker onder Nederlanders, een zeer naeve gedachte was.

En feit is dat er in Nederland - om ons daartoe te beperken, als wat wij Nederlanders, waartoe ik helaas ook behoor, het beste kennen - heel weing recht of rechtvaardigheid of gevoel daarvoor is. Immers, volgens de grote meerderheid van de Nederlanders is dt rechtvaardig wat de Nederlandse zaak, de Nederlandse autoriteiten en de vooroordelen van de meerderheid der Nederlanders dient, en dt niet rechtvaardig wat dit niet doet.

Recht in Nederland is dus weliswaar niet recht van de sterkste maar wel recht van de braafst aangepaste, de rijkste, of hij met de populairste standpunten. En voor wie weinig van advocatuur of rechtbanken weet: Juridisch recht, voorzover burgerlijk, is vooral een manier om conflicten te beheren die niet anderszins opgelost konden worden, vaak omdat n partij sterk en de andere koppig is, en die er vooral toe dient om rechters, advocaten en deurwaarders goed van inkomen te voorzien.


[3] Nu ja, die christelyke natie, die nederlandsche natie, die edele natie duldde het, duldt het, zal 't blyven dulden. C'est acquis.

Ja. Mijn eigen zaak geldt iets soortgelijks, kennelijk: Het beste dat Nederland kan overkomen, volgens de grote meerderheid der Nederlandse machthebbers, voorgangers, en nu levende Schrijvers en Denkers, voorzover ik na 27 jaar ziekte zonder enige vorm van hulp kan zien, is dat ik zo spoedig mogelijk krepeer.

Was het anders dan zou men mij toch al 27 zieke jaren enigszins anders, en enigermate menselijker hebben behandeld? Of is 'menselijkheid' in het Nederlands vertaald feitelijk altijd beestachtigheid in hypocriete vermomming?


[4] Thans, nu ik weet wat er te denken valt van ons nationaal rechtsgevoel, komt my de naveteit van m'n hoop eenigszins... dom voor, en ik voel behoefte my te verontschuldigen, zoowel in m'n eigen oog, als by de velen die, de kaart van 't land beter kennende, waarschynlyk zoo'n domheid niet hadden begaan.  

Nu ja - maar wat moet een mens anders? Je hebt de keus om recht en genoegdoening te vragen, en uitgelachen of gegnoreerd te worden, en behandeld en beschouwd te worden alsof je een melaatse of een waanzinnige bent - vragend om rcht tussen Nederlanders?! - of zelf recht te doen, waarna je pas goed in de problemen komt met Neerlands rechtsgevoel, als je jezelf niet het recht voorbehield recht te doen zoals jij dat ziet en zelfmoord te plegen.


[5] Men wete dan dat de middelen die er sedert zestien jaar werden aangewend om my te bedriegen, talloos zyn.

Dit is enigszins misleidend uitgedrukt, minstens, al verscheen het M. wel zo. De feiten zijn ingewikkeld, en trouwens maar gedeeltelijk bekend, hoewel voorzover bekend redelijk duidelijk uiteengezet door o.a. Hermans en Van der Meulen. De korte samenvatting is dat M. vrijwel niemand trof met dezelfde rechtsopvattingen en hetzelfde rechtsgevoel als hij. 


[6] Er waren er, die me slechts weken kostten. Anderen hielden me maanden aan den angel. De som van al die maanden en weken bedraagt, nu in 1872, zestien jaren!

Mijn verhaal is gedeeltelijk hetzelfde, en nog een graad of wat bitterder, lijkt mij. Het Nederlandse rechtsgevoel is in ieder geval al 150 jaar hetzelfde, en heeft ook tussen 1941 en 1945 meer dan 100.000 Nederlanders helpen vergassen, gevolgd door groot publiek afgrijzen daarvan, nadat de oorlog voorbij was en duidelijk was wie gewonnen had.


[7] Eerst zeer onlangs besloot ik, alle pogingen optegeven om Nederland te bewegen tot iets eerlyks.

Namelijk: Multatuli had besloten van zijn pen te proberen te leven, wat hem met z'n uitgever Funke, die zelf een bijzonder man was, een aantal jaren redelijk lukte, vooral omdat Funke prompt betaalde, vaak bij wijze van voorschot, en M. zeer voorkomend en redelijk behandelde, en veel voor hem deed.


[8] En daar ik alzoo de hand vry kreeg om 'n beroep te kiezen, nam ik me voor, my toeteleggen op 't schryven van boeken. Ik doe 't ongaarne, ik doe 't met weerzin, 't walgt me, maar 't is noodzakelyk.

Dit is weer minstens enigszins misleidend, omdat M. wel degelijk feitelijk z'n hele volwassen leven schrijver wilde zijn. Het is wel waar dat hij het ongeluk had als Nederlander geboren te zijn, dus in feite maar een hele kleine markt had voor schrijfsels in z'n moedertaal, en te klein, zeker in zijn tijd, om van te kunnen bestaan op dragelijke wijze zonder subsidie of andere vorm van levensonderhoud.


[9] Daar er reeds veel boekdeelen van my verschenen, zal 't velen vreemd voorkomen, nu eerst van myzelf deze verklaring te vernemen. Ze meenden dat ik sedert lang reeds schryver ws. De weinigen die goed lezen, weten beter.

Nu, wat waar is komt er op neer dat M. had gehoopt z'n recht te krijgen met de Max Havelaar, en overigens vooral gepubliceerd had om z'n ideen en plannen ruchtbaarheid te geven, en hem de gelegenheid te bieden maatschappelijke hervormingen door te voeren in Nederlands Indi en in Nederland.

Maar hij vond veel te weinig draagvlak voor z'n hervormingsplannen, en werd feitelijk vooral gelezen omdat hij zulk mooi Nederlands kon schrijven, en niet om wat hij met dat mooie Nederlands beoogde of voorstond.

Het bittere voor Multatuli is bovendien dat het gelijk dat hij wel kreeg - er werd hervormd in Nederlands Indi, gedeeltelijk in zijn zin, rond 1900, en er werden verbeteringen doorgevoerd in Nederland, mede door de opkomst van de vakbonden en de socialistische bewegingen - hem pas gegeven werd na zijn dood.


[10] Toen en heden nog altyd, maakt m'n geschryf opgang. Het weerstaat alle pogingen van zeer verschillenden aard, die aangewend werden om me te smoren, laster en verdachtmaking zoowel, als 't edele nederlandsche doodzwygen.

Ja, dat is zo. Het is zelfs - meer dan 100 jaar na M.'s dood - nog steeds zo, zij het met mate: Multatuli wordt nog steeds gelezen in Nederland, en nog steeds herdrukt, en wordt algemeen gehouden voor 'Nederland's grootste schrijver', al is dat bij de meesten die het meezeggen geen rationeel oordeel maar gewoon napraterij.

Waarom leest de Nederlander Multatuli nog steeds? Niet vanwege zijn ideen, en ook niet meer vanwege zijn waarden, doelen of plannen, want die zijn daarvoor te verouderd, vreemd of ondoelmatig in de huidige tijd. Men leest hem nog steeds vanwege zijn vermogen levend Nederlands te schrijven, en beperkt zich vrijwel geheel tot zijn meer romantische scheppingen: Max Havelaar en Woutertje Pieterse. Maar het blijft wat vreemd - waarover meer in de volgende noot.


[11] Waaraan heb ik dit te danken? Deze vraag legde ik my ernstig voor, toen ik onlangs bezig was met de korrektie, aanvulling en toelichting der twee eerste bundels van m'n Ideen, waarvan weldra de vyfde druk zal verschynen by den uitgever die ook dezen bundel ter-perse legt.

Ik probeerde in de vorige noot enigermate te verklaren waaraan Multatuli te danken had en heeft dat hij gelezen wordt. Mijn antwoord was: Vooral vanwege zijn vermogen levend Nederlands te schrijven.

En dit lijkt mij tennaastebij de helft van de reden: Wie enig taalgevoel heeft merkt snel dat Multatuli zich beter kon uitdrukken op papier - levendiger, fraaier, epigrammatischer, amusanter, interessanter, meeslepender, beeldender, feller, vrolijker, satirischer - dan wie verder Nederlands schreef en schrijft.

De andere helft van de reden is dat hij opgevoerd wordt op scholen en universiteiten als Groot Nederlands Schrijver van weleer, en er noch nu noch vroeger iemand was die beter kon schrijven.


[12] Wat is de oorzaak dat m'n geschryf verkoopbaar is? Dat het geldswaarde geeft? Hierop namelyk komt nu - schande over u, Nederlanders! - de vraag hoofdzakelyk neer. De oorzaak is: dat ik schreef zonder aan dezen eisch te denken.

Nee, dat is niet zo. M probeerde wel degelijk rekening te houden met de verkoopbaarheid van zijn werk, en de reden dat het gekocht werd is eenvoudig dat men vond dat hij goed schreef.


[13] De voornaamste eigenaardigheid bestond in het achtslaan op m'n eigen indruk, zonder in 't minst naar den smaak van m'n lezers te vragen. Deze smaak is me dan ook eigenlyk vry onbekend.

Dit is ook maar zeer gedeeltelijk waar, al is het waar dat M. alleen schreef en kon schrijven wat hij zelf wilde - en dat dan alleen als hij in de juiste stemming was om te schrijven, wat vaak niet zo was. Maar hij wist natuurlijk dat hij ongebruikelijk goed praatte en schreef en, mits goed gestemd, heel wel in staat was een talrijk publiek te vermaken, onderhouden of behagen met hulp van z'n taalgevoel en intelligentie.


[14]  uit den smaak van z'n Publiek is inderdaad niet wys te worden. Hoofdzaak nu voor m'n vak is, dat er altyd uitgevers zyn, die me behoorlyk honoreeren, en lezers die hen daartoe - op z'n hollandsch altyd, d.i. povertjes! - in staat stellen.

En dit slaat minstens gedeeltelijk op uitgever Funke, met wie M. toen hij dit schreef kort samenwerkte, en aan wie hij uiteindelijk veel te danken had, want het is niet waarschijnlijk dat M. zonder Funke veel meer geschreven had dan hij tot 1871 deed, wat overigens, met uitzondering van de latere delen van de Ideen waarin meer Woutertje Pieterse, al wel z'n voornaamste gepubliceerde werk omvat, namelijk Max Havelaar, Minnebrieven, Over Vryen Arbeid, Ideen 1 en Duizend en enige hoofdstukken over specialiteiten.

Kortom, het meeste dat Multatuli belangrijk maakt als gepubliceerd Nederlands schrijver schreef hij in de 10 jaren tussen 1859 en 1869, voor een aanzienlijk deel levend in grote armoede, en voornamelijk om te verkrijgen wat hij als z'n recht zag voor zichzelf of voor anderen, en om opgang te maken als maatschappelijk hervormer of politiek leider, wat hem mislukte.

Naar mijn smaak behoort hier nog iets bij, maar dat is geen deel van het door Multatuli zelf gepubliceerd werk: M.'s brieven, na zijn dood herhaaldelijk uitgegeven in diverse formaten - door z'n 2e vrouw; door Pe; door de kleinzoon van Funke, om enkele uitgaves te noemen, waarvan de eerste de belangrijkste en meest uitgebreide was, bijvoorbeeld in 10 delen in de zogeheten Wereldbibliotheek, vanaf 1895 - die meestal even fraai geschreven zijn als zijn gepubliceerd werk, en een zeer fraai en interessant beeld geeft van hemzelf, van z'n tijdgenoten, en van de toenmalige geschiedenis van Nederland.

Deze correspondentie van Multatuli is uiteindelijk terecht gekomen in de VW - 'Volledige Werken' - van Multatuli, namelijk in de delen VIII t/m XXV, uitgegeven tussen 1950 en 1995 bij uitgeverij Van Oorschot, en sindsdien verramsjt wegens gebrek aan belangstelling en gebrek aan opslagruimte bij Van Oorschot voor pellets vol zeer fraai geschreven maar in Nederland geen aftrek vindend proza van 'Nederlands Grootste Schrijver'.

Het zou een goed idee zijn - in dit tijdperk van De Computer, dat het tijdperk van Het Boek opgevolgd is - om deze correspondentie op het internet te zetten, eenvoudig omdat het zeer fraai en levend Nederlands is dat vrijwel geen Nederlander is bij machte te schrijven, en omdat het een heel fraai beeld van het 19e eeuwse Nederland geeft, zoals ervaren door n van de toen levende grootste en meest interessante en taalbegaafde Nederlanders.

En het zou een nog beter idee zijn als dit vergezeld ging van een tijdsbeeld in fotoos, gravures en statistieken, eenvoudig om het 19e eeuwse Nederland tot leven te brengen en begrijpelijk te maken.

Maar ja.... ik zie het niet gebeuren vr een eugenetische revolutie die de gemiddelde Neerlander enige intelligentie en taalgevoel schenkt, bovenop z'n al bestaande schier geniale dranklust en voetbaltalenten.

Idee 948.