Idee 1020.                                                


Nu dan, men wilde Octavia niet zonder vormen naar de eeuwigheid zenden. Er zouden getuigen gehoord worden. Op 't verschil in vermoedelyke schuld na, had het proces wel iets van de befaamde zaak der koningin Caroline van Engeland. [1] Zekere Tigellinus wist zonder veel moeite uit Octavia's slaven en slavinnen alles te persen wat tot 'n fatsoenlyke veroordeeling noodig was. Byna allen... [2] 

Men verwondert zich immers niet, dat er geen zielenadel bestond by de lageren, wanneer de hooger geplaatsten alle gevoel zoo geheel-en-al hadden uitgeschud? 

... byna alle slaven dan erkenden, bekenden, bevestigden wat men verkoos. Misschien zelfs was voor de meesten geen pynbank noodig. Die Tigellinus verstond z'n vak. We willen hopen dat Nero hem eerlyk beloond hebbe.

Met of zonder marteling getuigden allen...

Neen, niet allen... goddank! Daar blinkt ons uit dien poel van vuil, 'n juweel van den eersten rang tegen! Een slavin...

En nu tňch 'n weddingschap, lezer! En wel in-plaats van de andere die ik zoo-even niet kon voorstellen, omdat ik me verklapt had. Ik durf wedden dat ge niet, zonder 'n boek opteslaan (870) den naam weet van 't arme schepsel dat geheel alleen te midden van zóó'n omgeving, blyk gaf van adel der ziel.

De trawant van Nero, die met het verzamelen der noodige getuigenissen belast was, de eerlooze Tigellinus, had een van Octavia's slavinnen doen vastbinden op den martelstoel. Sterk toegehaalde koorden omklemden haar polsen en enkels. Ze werd gerekt, gekneusd, gebrand, genepen, maar geen woord tegen Octavia's eer kwam over hare lippen. De pyniger ging voort met pogingen om door de uitgezochtste martelingen haar tot schennis der waarheid te dwingen. Eén woord slechts ten-nadeele van Octavia, verzekerde hy, en aan haar lyden zou 'n eind zyn...

Dit woord sprak ze niet! In-plaats daarvan spuwde zy Tigellinus in 't gezicht, en zeide...

Niet waar, lezer, de naam van zoo'n heldenmoedig meisje verdiende op aller lippen te zweven, als er spraak is van de weinigen die van-tyd tot-tyd de zwaar gekrenkte eer der Mensheid wisten te bewaren voor algeheelen ondergang? En 't doet u leed, niet waar, dien eerbiedwaardigen naam vergeten te hebben - of nooit gekend misschien! - en my alzoo de ‘diskretie’ schuldig te zyn, voor 't verliezen van de weddingschap... als ge die aangingt?

En wilt ge nu weten waarom ge dien naam niet kende?

Pythias - zoo heette zy - was slechts verheven, en vergat ‘fatsoenlyk’ te zyn op haar pynbank! Haar deugd was de geschiedschryvers van 't Menschelyk geslacht niet fyn genoeg, omdat ze...

Ziehier wat ze zeide:

Tacitus verhaalt het in 't latyn, Hooft in 't Hollandsch. En ik...

Och, 't zou jammer zyn, als men hier m'n Ideen toesloeg, omdat ik den moed had 'n uitdrukking te herhalen, die op zoo forsche wyze getuigenis gaf van 'n edel hart.

Maar... fatsoenlyk was ze niet, de heerlyke Pythias!

Hooft veroorlooft zich 't woord te noemen dat ze sprak, en ik... ik durf niet.

We zullen dus in de taal van Tacitus... wel zeker:

le grec et le latin bravent l'honnęteté!

Maar... is ook die taal wel klassiek genoeg, d.i. naar de hedendaagsche mode wel voldoend onverstaanbaar?

't Is voorzichtiger Tacitus te laten varen, en onze deftigheid te zoeken in 't Grieksch.

Ziehier dan! Maar ik waarschuw den lezer: haal er geen knappe kinderen by. Liever 'n volwassen dominee. (83)

Μονη δη πυθιας ουτε τι κατεψευσατο αυτης, καιπερ πικροτατα βασανισθεισα, και τελος ως ο Τιγελλινος ενεκειτο αυτη, προσεπτυσε τε αυτω και ειπε, Καθαρωτερον, ω Τιγελλινε, το αιδοιον η δεσποινα μου του σου ςοματος εχει. [3]

Of de grootmoedige martelares ook beboet zou moeten worden wegens vergryp tegen den goeden smaak?

Ik had haar graag aan 't hart gesloten!’ (Tollens)


[1] Op 't verschil in vermoedelyke schuld na, had het proces wel iets van de befaamde zaak der koningin Caroline van Engeland.

Dit betreft de echtgenote van de latere koning George IV van Engeland, die in het begin van de 19e eeuw tweemaal door haar echtgenoot van overspel werd beticht. De rechtbank oordeelde anders, zij het heel wel mogelijk niet met recht. (Zie J.H. Plumb, The first four Georges, voorwie er meer van wil weten.)


[2] Zekere Tigellinus wist zonder veel moeite uit Octavia's slaven en slavinnen alles te persen wat tot 'n fatsoenlyke veroordeeling noodig was. Byna allen...

Enigszins letterkundige noot: M. is sarcastisch met z'n 'fatsoenlyke', maar wel waarachtig, want ook beulen plegen te martelen voor een goed doel. Zie ook 983 bij Orwell.


[3] ... Grieks ...

Ik kan mijn - Engels-talige - Tacitus op het moment niet vinden, en mijn paar jaar avond-gymnasium-Grieks blijkt hier zwaar onvoldoende. Het kan echter gevoegelijk aangenomen dat Pythias van haar geslachtsdeel sprak.

Idee 1020.