Idee 1012.                                                



En nog-eens de tekst: de Natie kent u niet. [1]

Beste Post, zeg me toch wat men dan moet verricht hebben, om zich te houden voor wl bekend?.

Begryp deze vraag wel. Meen niet dat het bekend worden op-zichzelf m'n doel was. Ik kan bewyzen dat ik zoolang mogelyk vermeed aan den weg te timmeren.

Toen ik - op veertigjarigen ouderdom, en vier jaren n Lebak! - voor 't eerst optrad in 't publiek, had ik 'n sterken tegenzin te overwinnen, die thans nog niet geheel geweken is, en meetelt onder de redenen die my 't verblyf in Holland onaangenaam maken. Ik had en heb geen lust in populariteit, van welke soort dan! [2] Maar... nu er eenmaal geschiedde wat geschied is, nu ik deed wt ik deed...

Nu vraag ik, wat behoort er door 'n burger van den Staat verricht te zyn, om hem recht te geven tot de meening dat-i by z'n medeburgers - hier: by het beste deel zyner medeburgers! - bekend is?

Gy zegt my te kennen, gy. Dit doet me genoegen!

En ge zegt het niet om me pleizier te doen. Uw brief zelf bewyst dat ge waarheid spreekt.

Welke hoedanigheid in uzelf, is oorzaak van deze bekendheid?

Leerdet ge my kennen in de verwaarloosde of in de welbesteede uren van uw leven?

Me dunkt dat ge my kent omdat ge iemand zyt die stryden wil voor 't goede. Drom spreekt ge my aan. [3] Drom veroorlooft ge u - zeer goed! - my te behandelen als iemand, u n genoeg staande om zonder bitterheid verwyten aantehooren uit uwen mond.

Indien ge een dom traag verliederlykt wezen waart, zouden uw fouten en neigingen u verhinderd hebben, u met my bezig te houden. En als ge lafhartig waart, hadt ge my dien brief niet geschreven.

Daar ge dit alles niet zyt, en omdat ge moedig 't goede zoekt, leerdet gy my kennen.

En ge zegt: dat de Natie my niet kent?

Beste Post, ben ik 't nu die ons Volk onheusch bejegent? Ik, of... Petrus zelf in hoogsteigen driftige persoon.

Straks zal ik nog aan 't genezen moeten gaan van de ooren die ge... beschermd hebt!


[1] En nog-eens de tekst: de Natie kent u niet. 

Zie 996 voor Post. Hier gebruikte hij een meerduidigheid in 'kennen', en suggereert vooral 'begrijpt u niet'.

[2] Toen ik - op veertigjarigen ouderdom, en vier jaren n Lebak! - voor 't eerst optrad in 't publiek, had ik 'n sterken tegenzin te overwinnen, die thans nog niet geheel geweken is, en meetelt onder de redenen die my 't verblyf in Holland onaangenaam maken. Ik had en heb geen lust in populariteit, van welke soort dan!

Het is in ieder geval waar dat M. vooral schreef als middel om recht te krijgen voor zichzelf en voor de Javanen, maar waar ook dat hij eerder wel degelijk genteresseerd was geweest in schrijver zijn en in publieke opgang. Dat publieke bekendheid geen onverdeelde zegening was had hij ondertussen wel geleerd.

[3] Me dunkt dat ge my kent omdat ge iemand zyt die stryden wil voor 't goede. Drom spreekt ge my aan.

Mijn problemen hier zijn vooral dat iedereen pleegt te beweren 'voor het goede' te strijden; dat iedereen z'n eigen zaak of partij bijna altijd voor het goede houdt; dat 'het goede' een erg vaag en meerduidig begrip is; en dat de brief van de aankomende domine Post - zie 996 - op mij een nogal hypocriete indruk maakt.

Idee 1012.