Idee 1010.                                                


Ik verzoek verschoond te blyven van 't beroep op ‘gebrek aan talent.’ [1]

Indien dit gebrek de oorzaak ware, zou 't op zichzelf 'n grond zyn om de Natie - dan inderdaad ‘de’ in alleronbepaaldst-lidwoordelyken zin! - de Natie, die zoo algemeen uitstak in talenteloosheid, te minachten.

Waarlyk, dit voorwendsel ter verontschuldiging levert 'n grief te-meer! Want... 'n voorwendsel is het!

Geen talent? Maar zyn ze dan allen bedriegers, zy die toch dagelyks voorgeven wysheid te verkondigen op kansel of katheder, in krant- of Kamer-speeches, in tydschriften, brochures of lyvige boekdeelen, in Kieskollegien, geleerde Genootschappen of pleitzaal? Zouden dan al die honderden en duizenden personen dieven zyn van 't honorarium dat men hun uitbetaalt in levensonderhoud, eerbied en gehoorzaamheid? [2]

Nooit bleven er aan de akademien leerstoelen onbezet: ‘omdat het vereischte talent ontbrak.’ Nooit ging eenig geleerd genootschap te-gronde: ‘uit gebrek aan talentvolle kandidaten voor 't lidmaatschap.’ Nooit vinden wy in onze boeken of andere voorlichtings-organen, wat de verwers ‘heilige dagen’ noemen, met 'n nootje van den uitgever: ‘hier was 't auteurlyk talent òp. De lezer wordt vriendelyk verzocht, 'n paar kolommen of bladzyden lang, zichzelf te onderwyzen.’ Nooit ook - na de meest verkwistende konsumtie van ministers - bleef de groene tafel onbezet: ‘omdat het talent van de Natie was uitgeput’ tot en met het grondsop toe. In onze Volksvertegenwoordiging - zie byblad - loopt het talent golvend over den rand der zetbakken van 's Lands Drukkery, en bedreigt de Natie...

De Natie! De, de, de... de geheele Natie ditmaal!

...met 'n vreeselyken zondvloed!

Las men ooit dat de Voorzitter de Heeren uitnoodigde, de zitting zwygend te houden, omdat er, wèl gewogen, wat weinig talent in de zaal was? [3]

Waarlyk, voor elke nationale-wysheidsbehoefte is 't vermoedelyk noodige talent steeds in zeer ruime mate voorradig geweest. Tot in een der moeielykste vakken toe, tot in Kritiek namelyk, schynt altyd over 'n onafzienbaren voorraad van dat artikel te kunnen beschikt worden... en er zou pénurie aan talent zyn?

Allons donc!

Door wie of wat werd en wordt dan zoo lang reeds 't Land geregeerd? Wie of wat oreerden, kodificeerden, preekten, dogmatizeerden, hoofdartikelden, doceerden en professerden? [4]

Geschiedde dit alles door mannen zònder talent? [5]

O, voorwaar, wie 't ‘visschig zwygen’ op rekening stelt van gebrek aan talent, spreekt 'n kwaadaardiger: ‘de Natie uit’ dan ik me ooit veroorloofd heb! Hy moge op z'n ooren passen, als Post zich eens den tyd gunt hem 'n brief te schryven in de Vox!


[1] Ik verzoek verschoond te blyven van 't beroep op ‘gebrek aan talent.’ 

Dit loopt vooruit op een aardig stukje dat in het volgend idee wordt geciteerd, en dat meer mijn houding dan M.'s houding uitdrukt, en geschreven werd door een onbekende tijdgenoot van M.


[2] Geen talent? Maar zyn ze dan allen bedriegers, zy die toch dagelyks voorgeven wysheid te verkondigen op kansel of katheder, in krant- of Kamer-speeches, in tydschriften, brochures of lyvige boekdeelen, in Kieskollegien, geleerde Genootschappen of pleitzaal? Zouden dan al die honderden en duizenden personen dieven zyn van 't honorarium dat men hun uitbetaalt in levensonderhoud, eerbied en gehoorzaamheid?

Vóór allebei de meningen - dus: de meerderheid van de maatschappelijke élite bestaat uit bedriegers of incompetente meelopers - valt een boel te zeggen, en in feite had M. iets dergelijks al gezegd in Vrye Arbeid, toen hij de conceptie van de Ideen schreef.

Maar laat ik het zelf formuleren conform mijn laatste noot bij 1008:

De overgrote meerderheid van de maatschappelijke élite uit M.'s tijd had teveel belang bij het bestaan van de wantoestanden die M. kritiseerde om deze aan te pakken. Ze zwegen er dus bij voorkeur over, en zwegen dus ook Multatuli's kritiek bij voorkeur dood.


[3] Las men ooit dat de Voorzitter de Heeren uitnoodigde, de zitting zwygend te houden, omdat er, wèl gewogen, wat weinig talent in de zaal was?

In feite kan ik me geen vergadering heugen waar ik bij aanwezig ben geweest waar dit géén terechte overweging was geweest.


[4] Door wie of wat werd en wordt dan zoo lang reeds 't Land geregeerd? Wie of wat oreerden, kodificeerden, preekten, dogmatizeerden, hoofdartikelden, doceerden en professerden?

Zie de conceptie van de Ideen.


[5] Geschiedde dit alles door mannen zònder talent?

Ongetwijfeld geschiedde het voor het grootste deel door mannen zonder bijzonder talent, en het lijkt ook heel goed mogelijk dat een voorwaarde om een gelukkig lid van een maatschappelijke élite te worden of te blijven is dat men vrijwel ieder talent voor medemenselijkheid mist. In ieder geval is dat een in beginsel goede verklaring voor Gibbon's diagnose: "History is little else but the register of the crimes, follies and misfortunes of mankind" - want de misdaden en de fouten liggen in ieder geval in de eerste plaats onder de verantwoordelijkheid van de rijken en machtigen.

Idee 1010.