Idee 618.                                                 


Nog andere redenen pleiten voor Talma's uitspraak. De tooneelspeler die zich ‘in z'n rol verplaatst’ - in sommige theaterkritiekjes van onze couranten wordt dit, onnoozel genoeg, als 't summum van Kunst beschouwd - zou reeds hierom 'n mislukt kunstenaar zyn, wyl-i telkens gevaar loopt, neen: genoodzaakt is, zyn aandoeningen in de plaats te stellen van de aandoeningen die de auteur - artist ook op zyn beurt - noodig had voor de ekonomie van z'n stuk. [1] De weenende moeder die ik aanhaalde, zou zeker niet op de maat schreien, en waarschynlyk bóvenmatig. Misschien ook sloeg haar de smart - eerst: wildzang, later van vorm veranderend - naar-binnen, en ze zou 't Stichwort verpassen. 'n Braaf man, z'n bravigheid meebrengende op de planken, zou den tiran waarschuwen, dien-i straks verraderlyk vermoorden moet. 'n Lafaard die den held moet voorstellen, zou op-den-loop gaan. De soldaten die gekommandeerd zyn om Ney te fuzilleeren, zouden misschien: ‘vive l'Empereur!’ roepen. 't Schuchtere meisje dat: ‘o ja, lieve Adolf!’ te zeggen heeft, en den minnaar in de armen behoort te vliegen, zou den tooneel-adolf verwyzen tot 'r mama die daarginds in de zaal stovengeld ophaalt. De moeder uit het stuk ‘Zestien jaren later’ zou fatsoenshalve weigeren Arthur te erkennen als zoon, omdat ze op 't affiche en in 't wereldje waar ze zich beweegt, met onkinderlyke mademoizelligheid pronkt. Enz. enz.


[1] "De tooneelspeler die zich ‘in z'n rol verplaatst’ - in sommige theaterkritiekjes van onze couranten wordt dit, onnoozel genoeg, als 't summum van Kunst beschouwd - zou reeds hierom 'n mislukt kunstenaar zyn, wyl-i telkens gevaar loopt, neen: genoodzaakt is, zyn aandoeningen in de plaats te stellen van de aandoeningen die de auteur - artist ook op zyn beurt - noodig had voor de ekonomie van z'n stuk."

Zie 616, waar ik opmerkte dat het hele menselijke maatschappelijke leven gefundeerd is op het toneelspelen van rollen, en dat dit feitelijk onoverkomelijk is: Ieder mens, zelfs de meest eenvoudige, is dusdanig ingewikkeld dat ie op enig gegeven moment maar één aspect kan zijn en weergeven van het vele dat in 'm is. Wat men toont van wat men is of zou willen zijn is voor een groot deel keus, en hoe men het toont is voor een groot deel spel.

Vervolgens, ook in verband met 74, 116, 136, 276, 423 en 593:

De fundamentele vervalsing van zichzelf waar de zeer grote meerderheid van volwassenen in geslaagd zijn ligt niet - juist niet - in het spel dat mensen spelen, maar in

(1) de oneerlijkheid ervan: mensen huichelen systematisch anders te zijn dan ze voelen en denken, uit eigenbelang en angst, en omdat ze menen dat hun rol dit gehuichel meebrengt.
(2) het geloof in de eigen rol, de eigen pretenties, de eigen leugens: De zeer grote meerderheid van de volwassenen gelooft dat wat ze zijn overwegend samenvalt met hun maatschappelijke positie en rol.
(3) het onvermogen de rol die men speelt op te geven: De zeer grote meerderheid der volwassen is niet langer in staat spontaan te zijn (zonder drank of drugs of psychose) en is ook voor zichzelf, in de eigen beleving van zichzelf, overwegend de rol geworden die men gewoonlijk speelt. Men "is" arbeider, bankdirecteur, politie-agent, huisvrouw etc. en voelt zich dus verplicht te voelen en denken zoals (men denkt dat) een arbeider, bankdirecteur, politie-agent, huisvrouw etc. voelen en denken - want dat "is" men immers (denkt men, en voelt men zich).

Hier ligt ook het fundamentele verschil tussen kinderen en volwassen waar ik op wees in 74: Ook kinderen spelen voortdurend allerlei rollen - alleen weten ze nog dat ze spelen, en hebben zichzelf nog niet geïdentificeerd met een maatschappelijke rol (anders dan: spelend kind).

Kinderen kunnen dus nog geheel probleemloos en direct de rol - het spelletje - dat ze spelen opgeven en terugkeren tot zichzelf; vrijwel alle volwassen zijn niet of nauwelijks in staat de maatschappelijke rollen waarmee ze zich identificeren op te geven zonder wat ze als zichzelf beschouwen (feitelijk: een levende leugen opgetrokken uit zelfbedrog - maar daarmee nog niet minder reëel voor de menselijke persoon die zich hiertoe heeft gemaakt en is gebracht) te verliezen.

Volwassenen die uit hun rol vallen doen dit gewoonlijk dan ook gemeenschappelijk in groepen, bijvoorbeeld in voetbalstadions, waar tienduizenden doorsnee mannen gesamenlijk een week frustratie en zelfvervalsing anoniem uit hun lijven trachten te brullen, of met hulp van drank of drugs op feestjes en partijen, waar afwijkend gedrag behoort bij de maatschappelijke rol die men speelt.

Een waarschuwing in dit verband voor de naïeve lezer(es):

Er zijn mensen die er genot in scheppen te doen alsof zij "authentiek" "zichzelf" zouden zijn i.t.t. wie zij treffen. Men treft dergelijke mensen regelmatig in de context van religieuze groepen. Gewoonlijk is ook dàt een pose, en bovendien een neurotische valse pose die ertoe dient zichzelf te verheffen; de eigen gang te gaan; en egoïstisch te zijn met een vals beroep op de eigen authenticiteit ("verlichting" etc.). Wel - wie niet normaal kan omgaan met normale mensen is gewoonlijk gestoord. En 't spelen van rollen, inclusief beleefdheden, voorkomendheden, aardigheden en behulpzaamheden die men feitelijk niet voelt maar toch doet om elkaar te helpen behoort daarbij.

Het "doe-maar-normaal-dan-doe-je-al-gek-genoeg" is het nivelleringsprincipe van alle domme (Neerlandse) conformisten - maar de kleine minderheid die geen domme conformist is moet zich daarom bij gelegenheid perfect weten te gedragen alsof-ie een conformist is, zowel om zichzelf als om anderen te sparen. Wie wil opvallen als bijzonder is niet bijzonder maar wil opvallen: Bijzondere mensen zijn bijzonder zonder het te willen zijn.

Om terug te keren tot de opmerking die ik uit M.'s idee citeerde "De tooneelspeler die zich ‘in z'n rol verplaatst’ - in sommige theaterkritiekjes van onze couranten wordt dit, onnoozel genoeg, als 't summum van Kunst beschouwd" etc.:

Zo'n toneelspeler is géén toneelspeler meer maar een gewone volwassene - die zichzelf, z'n menselijkheid, z'n spontaniteit, z'n naïeve eerlijkheid verplaatst heeft naar de maatschappelijke rol die hij of zij uitoefent.

Idee 618.