Idee 494.                                                 


Wat velen hun kinderen vertellen over zedelykheid, is voor 'n groot deel een organieke leugen. [1] De uitroep: 't was heel mooi! by het verlaten van kerk of schouwburg, of na 't lezen van een boek dat de liefelykheid der deugd schildert - of zelfs van wat ten-onrechte meestal voor deugd doorgaat - is byna altyd een onwaarheid. Men zou z'n kinderen zeer spoedig terughouden, wanneer ze dat mooie wilde navolgen. [2]

In kinderboeken - 'n mal woord... is er kinderbiefstuk ook? - in kinderboeken begint dat gelieg al. ‘Jantje geeft z'n ontbyt aan een bedelaar.’ Dat is ‘heel mooi’ van 't modčl-jantje. Maar als Eugene of Henri dat model willen navolgen, zal men hun zeggen, dat... dat...dat... kort-om allerlei, hier-op neęrkomende dat in een geregeld huishouden ieder z'n eigen boteram moet opëten. Ik erken dat dit waar is. Maar waartoe dan 't leugenachtig voorbeeld? [3]


[1] "Wat velen hun kinderen vertellen over zedelykheid, is voor 'n groot deel een organieke leugen. "

Ja, dat denk ik ook. Een reden is dat de meningen van de meerderheid over "zedelykheid" heel weinig met eigen onderzoek en bevinding van doen hebben en heel veel met napraterij en naäperij: Dingen, handelingen en mensen heten "goed" of "slecht" omdat deze of gene autoriteit - priester, domine, politicus, burgemeester, schoolmeester - dat gezegd heeft "en zo'n man kan het weten".

Overigens: Men kan dit dwaas achten en heeft daar dan overwegend gelijk in - maar het probleem is dat het de napratende naäpende organiek liegende meerderheid aan de vermogens ontbreekt om zich veel beter te gedragen of zelfstandig tot zinniger begrippen te komen.

Daarbij: Wie zo dom is dat ie zich tevreden stelt met de gewone wanbegrippen verdient weinig beter dan dat ie bij de neus genomen wordt, want op eigen benen staan kan ie toch niet.


[2] "De uitroep: 't was heel mooi! by het verlaten van kerk of schouwburg, of na 't lezen van een boek dat de liefelykheid der deugd schildert - of zelfs van wat ten-onrechte meestal voor deugd doorgaat - is byna altyd een onwaarheid. Men zou z'n kinderen zeer spoedig terughouden, wanneer ze dat mooie wilde navolgen."

Natuurlijk - maar het voornaamste punt van de valse en onwaarachtige uitroep "'t was heel mooi!" is nu juist dat men daardoor en daarmee de kinderen voorbeeldig leert liegen, inclusief het leren in welke omstandigheden men dat behoort te doen om bij men te mogen horen van men.

Kortom: Om lid van een maatschappij te zijn moet men leren rollen te spelen, en daarvoor is het weer nodig te weten waar en wanneer en waarover men moet huichelen, liegen, bedriegen, verzwijgen en poseren. En dit leren kinderen van hun ouders door voorbeelden als dit: Ze huichelen evident, en geven daarmee hun kinderen les in maatschappelijk gewenst huichelen.


[3] "Ik erken dat dit waar is. Maar waartoe dan 't leugenachtig voorbeeld?"

Om de reden die ik uitlegde in mijn vorige opmerking en in 423: Hoewel de zeer grote meerderheid van de mensheid het makkelijk eens kan worden over de betekenis van goed en kwaad (respectievelijk: wat plezier geeft en wat leed doet - en plezier en leed zijn overwegend hetzelfde voor alle leden van dezelfde soort) hangt de feitelijke toepassing van deze begrippen af van groepslidmaatschap: Gewoonlijk geldt dat wat goed is te doen jegens de leden van de eigen groep kwaad is indien gedaan tegen niet-leden van de eigen groep, en geldt dat wat slecht is te doen jegens de leden van de eigen groep goed is indien gedaan tegen niet-leden van de eigen groep.

Idee 494.