Idee 471.                                                 


- M'nheer, ik ben 't niet met u eens...

- Afschuwelyk! Zoudt gy 't met my eens willen zyn?

- Gaarne! Als ik maar begreep...

- Zeer goed. Gy wilt begrypen. Dit 's een edele wil, want begrypen is genot, en genot is deugd. Welnu, om dan te beginnen met...

- Excuseer, ‘ik moet naar de beurs...
                ‘ik moet naar artis.....
                ‘ik moet naar de societeit...
                ‘ik moet naar de kerk...
                ‘ik ga m'n hond dresseeren...
                ‘ik heb 'n afspraak met den jongen Kappelman...
                dus, later! Au revoir...
- Neen: adieu!


Dit moet M. vaak overkomen zijn, en hetzelfde geldt mij, die ook in staat is tot een spontane ongemaakte geheel onnederlandse sprankelende conversatie (die wil ze blijven sprankelen vrijwel veroordeeld is tot monoloog-status bij gebrek aan geestig tegenspel).

De onderliggende grond van deze uitvluchten is dat maar heel weinig mensen werkelijk geďnteresseerd zijn in waarachtig begrip. De grote meerderheid is vooral geďnteresseerd in sensatie, ergens bij horen, of zich afreageren. Wie in Nederland wil weten kan weten, want de bibliotheken zijn vrijwel gratis en goed voorzien. Wie dus geen zelfstandige moeite doet z'n aangeboren onwetendheid te verminderen is daar te lui of te dom voor - en kwasi-bescheiden luiheid komt vrijwel altijd op domheid neer, want dezelfde mensen die zogenaamd "geen tijd" hebben voor serieuze studie hebben wčl tijd voor 25 uur TV-kijken per week, en 5 uur sporten, en voetbal-kijken in de weekenden. Nu: Iemand's wil tot ontwikkeling is gewoonlijk - voor wie geen kind is - evenredig met z'n vermogen daartoe.

Idee 471.