Idee 440.                                    


Wie hoorde dat roepen? Wie verstond die klachte over ballingschap? Waar, door wien, werd achtgeslagen op die zucht naar 't hoogere, op die vurige begeerte om weertekeeren tot edeler stand?

Of - juister, helaas! - wrd dat roepen gehoord? Wrd die klacht verstaan? Wrd er gelet op dat verlangen?

Dat weet ik niet!

 Ik weet niet of we zyn geschapen met een doel,
 Of maar by-toeval drzyn...

Maar 't komt me voor, dat gewoonlyk de meeste blyken van dat verlangen naar iets hoogers, juist niet worden gegeven door wie beweren dat alles wl te weten.

En die opmerking troost me nu-en-dan over myn onwetendheid. [1]

Indien toch het streven naar 't goede afneemt in kracht, naarmate de zekerheid toeneemt dat zulk streven zal bekroond worden met goeden uitslag, hebben de onwetenden geen oorzaak tot klachte. Ik denk dat het dezen by de thuiskomst des vaders - ls er zoo'n vader is, en ls-i thuiskomt! - wel gaan zal als Lystermannetje die 't naast aan de waarheid was zonder te hebben meegeraden. (Zie: Geloofsbelydenis in de Verspreide stukken) [2]


[1] "Maar 't komt me voor, dat gewoonlyk de meeste blyken van dat verlangen naar iets hoogers, juist niet worden gegeven door wie beweren dat alles wl te weten.
En die opmerking troost me nu-en-dan over myn onwetendheid.
"

En van de dingen die Multatuli probeerde aan te tonen in "Woutertje Pieterse" is dat er feitelijk maar heel weinig Nederlanders zijn met enige belangstelling voor waarheid of waarachtigheid. In feite geeft "Woutertje Pieterse" - voor wie kan lezen - een behoorlijk gruwelijke maar adequate porterttengalerij van allerlei valse, schijnheilige en domme Nederlanders.

En wat betreft M.'s "onwetendheid" is hier een relevant citaat van de 20ste eeuwse natuurkundige Richard Feynman, ook al 'n genie, en met meningen over doorsnee-mensen enn hun normale leugenacjtigheid en geschipper die niet zo vreselijk verschillen van M.'s opvattingen:

"You see, one thing is, I can live with doubt and uncertainty and not knowing. I think it's much more interesting to live not knowing than to have answers which might be wrong. I have approximate answers and possible beliefs and different degrees of certainty about different things, but I'm not absolutely sure of anything and there are many things I don't know anything about, such as whether it means anything to ask why we're here...
I don't have to know an answer. I don't feel frightened by not knowing things, by being lost in a mysterious universe without any purpose, which is the way it really is as far as I can tell. It doesn't frighen me."
(James Gleick: "Genius")

Wie meer wil weten over Feynman's meningen over de doorsnee zou "Surely, you must be joking Mr. Feynman!" kunnen lezen.


[2] "Ik denk dat het dezen by de thuiskomst des vaders - ls er zoo'n vader is, en ls-i thuiskomt! - wel gaan zal als Lystermannetje die 't naast aan de waarheid was zonder te hebben meegeraden. (Zie: Geloofsbelydenis in de Verspreide stukken)"

Zie Lystermannetje. De pointe is dat wie eerlijk z'n eigen hart laat spreken zich minder vaak of makkelijk zal vergissen over morele kwesties dan wie de beweringen van voorgangers navolgt - of pretendeert na te volgen.

Idee 440.