Het denken moet geleerd worden. Er zyn hulpmiddelen: logika,
mathesis, enz. Maar meestal nemen wy die middelen voor 't doel. Er
zyn veel bekwame onderwyzers in de logika, die onzuiver denken zoodra
ze meenen dat hun logika, hun "vak" niet in 't spel is. En
menig professor in de wiskunde redeneert heel onwis buiten z'n
studeerkamer of gehoorzaal.
Dat kunnen mathesis en
logica niet helpen. De fout ligt in de meening dat die dingen behooren
tot de privatieve weelde der geleerde wereld.
Dat hun dáárom zoo
kwalyk te nemen is, wijl velen die zich niet te buiten gingen aan
gezette studie, hierop 'n onbeschaamde minachting gronden voor de
gymnastie van 't verstand. "Met logika en zulke dingen houd ik
me niet op, roepen zy, ik zeg maar....
Nu ja, zie verder juffrouw Zipperman, of hoe heet het mensch?
En die fout, en andere, gaat terug op
twee hoofdfouten van niet-helder denkenden:
- het zich niet voorstellen van de
betekenissen van de frases die men gebruikt
- het niet toepassen van wat men
meent te weten op andere terreinen
Allebei zijn voorbeelden van het niet
vatten van gelijkenissen die er wel zijn.