Idee 162.                                       


Maar... hoe moest het anders wezen? 't Moest niet anders wezen. Ik klaag niet omdat het zoo is, maar juist drover dat zoo wezen moet. Het is gods wil. Dit beduidt, naar myn opvatting van die versleten zinsnede: 't is alles 'n gevolg van de noodzakelijkheid. Ik had liever te doen met 'n God die vatbaar was voor rede. Maar kn nu eenmaal niet. *)

Wanneer men zeker voorwerp legt naast 'n ander voorwerp, dan aanschouwen, bezitten of tellen wy: twee voorwerpen. Doch ook waar wy niet aanschouwen, bezitten, of tellen, geheel buiten ons om: de twee voorwerpen zyn er. Dit is Gods wil, namelyk: 't is noodzakelyk dat 1 + 1 = 2. Die som kan niet meer wezen dan twee, en kan niet minder zijn dan twee, ze is dus twee.

De noodzakelykheid die dit wil, voorschryft en handhaaft, is almachtig, eeuwig, onveranderlyk, is God. Die God bouwt zonnestelsels... [1]

Er is geen bol aan 't firmament, die niet z'n bestaan te danken heeft aan 'n reeks van feitelyke syllogismen, even eenvoudig als 1 + 1 = 2. [2]

Die God voegt samen, ontbindt, maakt, vermaakt, richt, wendt, buigt, heft, perst en plet...

Ja, plet! En knipt, als - in die andere plettery - de schaar, die ook niet weet wat ze doet!

*) Zie de Noot onder 165.


[1] "De noodzakelykheid die dit wil, voorschryft en handhaaft, is almachtig, eeuwig, onveranderlyk, is God. Die God bouwt zonnestelsels... "

Ik heb eerder - bijvoorbeeld bij  32, 146 - uiteengezet dat ik geloof dat de Natuur mr dan alleen noodzakelijkheid omvat: Er bestaat ook toeval - gebeurtenissen die geschieden zonder enige determinerende noodzaak, door samenloop van omstandigheden, door vrije wil, of door in 't geheel geen reden.

Vervolgens, het begrip noodzakelijkheid is nogal vaag. Er zou veel over te zeggen zijn, maar ik beperk me tot drie punten:

  • Er is verschil tussen wat altijd en zonder uitzondering feitelijk gebeurt zonder noodzaak, en wat altijd en zonder uitzondering feitelijk gebeurt met noodzaak
  • Noodzaak is in het dagelijks spraakgebruik conditioneel: Iets is niet zozeer "noodzakelijk" als "noodzakelijk indien...." of "gezien" of "omdat". (Dit was Schopenhauer duidelijk, zodat we mogen aannemen dat Multatuli Schopenhauer's "Die vierfache Wrzel der Vernnft" niet gelezen heeft, waar dit helder uiteengezet wordt.)
  • Er is in de wiskundige logica een verheldering van de begrippen noodzakelijk en mogelijk, die vooral teruggaat op werk van Saul Kripke en C.I. Lewis, en waar filosofen en logici graag naar mogen verwijzen, overigens gewoonlijk zonder iets als in het voorgaande punt gestelde op te merken: De bestaande wiskundige verhelderingen van de begrippen "noodzakelijk" en "mogelijk" verduidelijken het een en ander over het alledaagse gebruik van die termen, maar abstraheren daar ook gedeeltelijk van.

Vervolgens: Wiskundige noodzakelijkheid en natuurkundige noodzakelijkheid, die M. in dit IDEE schijnt te verwarren, zijn niet hetzelfde, en dit was de Middeleeuwse theologen al duidelijk, die 't er in merendeel over eens waren dat God niet kan handelen in tegenspraak met wiskundige en logische noodzakelijkheid, maar wel kan handelen in tegenspraak met natuurkundige noodzakelijkheid, en dat wanneer God dit doet Hij een wonder verricht.


[2] "Er is geen bol aan 't firmament, die niet z'n bestaan te danken heeft aan 'n reeks van feitelyke syllogismen, even eenvoudig als 1 + 1 = 2."

Dit is echter weer zeer fraai en diep, ook wanneer de wiskundige wetten der natuur die der waarschijnlijkheid mee omvatten.

Idee 162.