Idee 146.                                                 


Alles wat is, moet wezen. Ook dwaling is noodig. Als 't mogelyk ware tot absolute waarheid te geraken, zou daaruit voorvloeien 'n soort van stilstand die ons deed insluimeren en misschien onbekwaam maakte tot waardeering van 't kleinood dat ons ten-deel viel. [1]

Juist uit dwaling en uit de ons aanklevende neiging tot het onware, ontleent de waarheid haar luister. Licht zonder schaduw is ondenkbaar. Gezondheid zou 'n zinledig woord wezen als er geen ziekte bestond. Opstaan ware onmogelyk zonder vallen of liggen. Er zou voor ons geen plus bestaan  wanneer we 't minus niet kenden. Zonder nacht ware er geen dageraad, en zonder 't kwade geen goed. [2]

Het zyn juist - of althans, 't zyn meestal - de schadelyke gevolgen van dwaling, die ons aansporen tot 't zoeken naar waarheid, en vaak gebeurt het dat we in ons streven, hoewel niet slagende op de wys die we ons voorstelden - jazelfs al geraakten wy tot 'n slotsom, even onjuist als de meening die wy afkeurden en verwierpen - dat we, onder 't vruchteloos zoeken naar iets beters, gewezen worden op 'n andere, niet gezochte uitkomst die ons nuttig wezen kan. Terwyl, ook waar dit niet het geval is, het streven op-zichzelf 'n nuttige oefening veroorzaakt. [3]

Het kind dat den horizon tracht te bereiken om de kleuren van de regenboog optevangen in z'n verfschelp, bereikt zyn doel niet, maar wel wordt het doel bereikt van de Natuur die wilde dat het kind zich bewegen zou. *) Bewegen, dat is: waarnemen, denken, willen, pogen, dat is nogeens: leven ! [4]

Abel Tasman [5] op z'n reis naar Java, stuurde op vry hooge Zuiderbreedte te lang Oost-op: 'n dwaling! Maar hy ontdekte Nieuw-Holland, en zonder Tasman's dwaling zou Tasmania misschien New-England geheten hebben, of genoemd zyn naar dezen of genen Portugeeschen heilige. Of nu die naam wat afdoet, is hier de vraag niet.

De schoonste regel uit Malherbe's gedichten:

"Et, rose, elle a vécu ce qui vivent les roses..." [6]

heeft z'n bestaan te danken aan 'n dwaling. Ieder weet dat 'r in 't handschrift stond:

"Et Rosette a vécu..."

Och, zulke letterzetters zyn er niet meer!

De fosfer die zoo'n belangryke rol speelt in techniek en industrie, werd gevonden door iemand die dwalende den steen der wyzen zocht in vuiligheid.

Aan de dwalingen der Grieken aangaande 't godsbegrip, hebben wy hun zinryke mythologie te danken, en de domme monnik die in de middeleeuwen meende z'n God te dienen door 't werktuigelyk naschryven en kleuren van brevier en getyboek, leverde van tyd tot tyd, misschien zonder zelf te weten wat-i naschreef, 'n afschrift van 't een of ander belangryk dokument dat meer beduidde dan getyboek of brevier. [7]

Ja, dwaling is nodig! [8]

*) De natuur heeft geen doel. Zy wil niets, ze moet. [9] Zie hierover de uitweiding in 906 over het verkeerd gebruik van 't woord natuurwet.


[1] "Alles wat is, moet wezen. Ook dwaling is noodig. Als 't mogelyk ware tot absolute waarheid te geraken, zou daaruit voorvloeien 'n soort van stilstand die ons deed insluimeren en misschien onbekwaam maakte tot waardeering van 't kleinood dat ons ten-deel viel."

Dat "Alles wat is, moet wezen" geloof ikzelf niet, zoals ik eerder uiteengezet heb. Kortweg: Er bestaat niet alleen noodzaak, maar ook toeval; niet alleen dwang maar ook vrije wil.

De uitbuiting van de Javaan was, zonder te moeten wezen, en hetzelfde geldt voor zeer veel door mensen aangericht kwaad.

Maar 't is een zinnig inzicht over mensen dat "Ook dwaling is noodig." En dat niet zozeer vanwege mogelijke stilstand, maar vanwege hoe mensen tot ware of waarschijnlijke kennis komen: Door gissen en experimenteren.


[2] "Juist uit dwaling en uit de ons aanklevende neiging tot het onware, ontleent de waarheid haar luister. Licht zonder schaduw is ondenkbaar. Gezondheid zou 'n zinledig woord wezen als er geen ziekte bestond. Opstaan ware onmogelyk zonder vallen of liggen. Er zou voor ons geen plus bestaan  wanneer we 't minus niet kenden. Zonder nacht ware er geen dageraad, en zonder 't kwade geen goed."

Ik ben het er mee eens dat " dwaling is noodig ", en mijn uiteindelijke reden daarvoor is dat mensen de waarheid vrijwel altijd alleen kunnen vinden door een gissing te maken, en hieruit logisch konklusies af te leiden, in de hoop dat onder deze konklusies 'n al bekende waarheid of onwaarheid is, omdat in 't eerste geval de gissing ondersteund wordt (waarschijnlijkheidstheoretisch) en in 't tweede geval weerlegd.

Maar ik denk niet dat "de waarheid haar luister ontleent" aan de dwaling, doch

  • aan het licht dat die waarheid werpt op andere waarheden;
  • aan de hulp en het inzicht welke die waarheid geeft;
  • aan de pijn en ellende die ze helpt bestrijden en verhelpen; en
  • aan de moeite en moed die 't gekost heeft dergelijke waarheid te vinden.

[3] "Het zyn juist - of althans, 't zyn meestal - de schadelyke gevolgen van dwaling, die ons aansporen tot 't zoeken naar waarheid, en vaak gebeurt het dat we in ons streven, hoewel niet slagende op de wys die we ons voorstelden - jazelfs al geraakten wy tot 'n slotsom, even onjuist als de meening die wy afkeurden en verwierpen - dat we, onder 't vruchteloos zoeken naar iets beters, gewezen worden op 'n andere, niet gezochte uitkomst die ons nuttig wezen kan. Terwyl, ook waar dit niet het geval is, het streven op-zichzelf 'n nuttige oefening veroorzaakt."

Dit is weer geheel juist, inclusief dat 't voordeel van het zoeken naar waarheid schuilt in het uiteindelijk nut de waarheid te kennen, omdat alleen wie weet wat werkelijk is de werkelijkheid naar z'n wensen kan herinrichten, en in de scherpzinnigheid, kennis, helderheid van geest, en juistheid van oordeel die 't zoeken naar waarheid met zich meebrengt.


[4] "Het kind dat den horizon tracht te bereiken om de kleuren van de regenboog optevangen in z'n verfschelp, bereikt zyn doel niet, maar wel wordt het doel bereikt van de Natuur die wilde dat het kind zich bewegen zou. *) Bewegen, dat is: waarnemen, denken, willen, pogen, dat is nogeens: leven !"

Ja, maar te zeggen dat " de Natuur die wilde " is het introduceren van onduidelijkheid. M. gaat daarop in met z'n voetnoot in deze alinea, waarvoor verder zie [9].


[5] "Abel Tasman "

Abel Tasman -  voor iedereen die jonger is dan ik, en dus nauwelijks of geen geschiedsonderwijs heeft gehad, omdat Neerlandse politici leven, denken en politiek bedrijven op basis van de overweging dat wie de gruwelen der geschiedenis niet kent, ze zal herhalen, tot voordeel van politieke machthebbers en nadeel van bijna ieder ander - Abel Tasman dus, lezer, was, wellicht in weerwil van z'n naam en niet tot z'n vreugd, een Nederlander.


[6] "Et, rose, elle a vécu ce qui vivent les roses..."

Het is niet mijn streven M.'s vele citaten uit andere talen te vertalen voor de Nederlander die de afgelopen 25 jaren nauwelijks vreemde talen heeft geleerd. Maar de schone regel " Et, rose, elle a vécu ce qui vivent les roses " betekent "En de roos, zij doorleefde wat rozen beleven", en sluit daarmee aan bij een van M.'s fundamentele diagnoses, hier te vertalen als "De roeping van de roos is roos te zijn".

Wie niet naar vermogen tracht te zijn wie en wat ie werkelijk is en vermag verraadt z'n eigen wezen. Terug.


[7] "Aan de dwalingen der Grieken aangaande 't godsbegrip, hebben wy hun zinryke mythologie te danken, en de domme monnik die in de middeleeuwen meende z'n God te dienen door 't werktuigelyk naschryven en kleuren van brevier en getyboek, leverde van tyd tot tyd, misschien zonder zelf te weten wat-i naschreef, 'n afschrift van 't een of ander belangryk dokument dat meer beduidde dan getyboek of brevier."

Er is zeer veel overleverd door overigens domme monniken-arbeid dat anders verloren zou zijn gegaan. Een zeer klein maar interessant deel zijn de liefdesbrieven van Abélard en Héloïse, waarvan vooral die van Héloïse verbazingwekkend fraai, intelligent, moedig en eerlijk zijn. Een reden waarom die brieven zeer interessant zijn is dat ze aantonen dat deze mensen uit de 12e eeuw minstens even persoonlijk en intens aanwezig waren als mensen van 800 jaren later.


[8] "Ja, dwaling is nodig! "

Als gezegd, dwaling is nodig omdat de mens vooral door gissen waarheid vindt. Zie [2] en de link daar naar een wat wiskundige achtergronden en onderbouwingen.


[9] "De natuur heeft geen doel. Zy wil niets, ze moet. "

Ik heb al eerder gezegd dat ik 't hier niet mee eens ben: In de Natuur is zowel noodzakelijkheid als toeval. Er is bovendien nog een moeilijkheid en onduidelijkheid die M. hier stilzwijgend opwerpt maar voorbijgaat:

Mensen en menselijke ervaringen zijn even zeer deel van de Natuur als waar mensen over spreken en hun ervaringen over gaan - maar mensen worden geacht een vrije wil te hebben, keuzes te maken, en zichzelf doelen te stellen. M.'s uitdrukking hier kan dus hoogstens gedeeltelijk juist zijn.

Idee 146.