Idee 144.                                                 


Er bestaat aantrekkelykheid in dwaling, en in ons gemoed iets wat we noemen kunnen: horror vacui. Gewoonlijk geven we geen dwaling op, zonder daarvoor wel en deugdelyk 'n andere dwaling in de plaats te hebben gekregen. [1] Verbeeld u dat er geroepen is: brand! Ge gaat uit om te helpen blussen. Neen, om te kyken. Neen, om wat emotie optedoen... uw dag was zoo vervelend. [2]

Daar ontmoet u iemand die verzekert dat er geen brand is. Die man neemt u iets af. Vraag eens ernstig aan uzelf of er niet zekere teleurstelling ligt in die mededeeling?

Tegen die teleurstelling wilt ge u verzetten. Al zeggende: "zoo... des te beter!" houdt ge uw hand dwars van 't oog naar de kant der gaslantaarn. Gy staart in de lucht, en meent - neen, ge hoopt - rook te zien.

Er is 'n wolkje dat, om u genoegen te doen, zoo goed is de gedaante van 'n rookzuil te vertoonen. Of is er 'n veenbrand in Drenthe die rooden gloed geeft. Of... neen, er is niets, niets, volstrekt niets dat u 't recht geeft te blyven gelooven aan brand, en toch... al zeggende: "des te beter!" vraagt ge eindelyk:

- Maar... zou er misschien - neen, dat 's 'n wolk - maar... zou er ook misschien iemand in 't water zyn gevallen?

Als iemand daarop zegt: "neen, ook dát niet" vindt ge hem onvriendelyk.


[1]: "Er bestaat aantrekkelykheid in dwaling, en in ons gemoed iets wat we noemen kunnen: horror vacui. Gewoonlijk geven we geen dwaling op, zonder daarvoor wel en deugdelyk 'n andere dwaling in de plaats te hebben gekregen."

Allebei de principes - dat dwaling aantrekkelijk is, en alleen opgegeven wordt voor andere dwaling - lijken mij zeer goed empirisch onderbouwd.

Ook is er sprake van zekere logica in het niet opgeven van een dwaling zonder deze te vervangen door een andere - en die logica is een kwestie van gevoel, als met een uitgevallen tandvulling:

Wiens dwaling weerlegd wordt door 'n ander of door de loop der feiten voelt zich daardoor gewoonlijk zó onbevredigd dat ie de leegte waar dwaling was prompt vult met een nieuwe dwaling - omdat het dwalen op dit punt hem of haar voordeel of genoegen biedt, en naakte waarheid maar al te vaak nogal pijnlijk en bedreigend is. ("Video meliora proboque; deteriora sequor" - Ovidius: "Ik zie het betere en stem toe dat het goed is; ik volg het slechtere" ... omdat het lekkerder, makkelijker, ongevaarlijker, populairder, meer winst gevend is).

Bovendien heeft de zeer grote meerderheid veel grotere behoefte aan de schijnzekerheid van wensgedachten dan aan de zekerheid allerlei zaken niet zeker te weten.

Doorsnee mensen wensdenken wanneer ze geloven dat ze denken. Terug.


[2]: "Verbeeld u dat er geroepen is: brand! Ge gaat uit om te helpen blussen. Neen, om te kyken. Neen, om wat emotie optedoen... uw dag was zoo vervelend."

Juist: Al pretendeert men meestal nobele motieven voor z'n doen en laten, gewoonlijk wordt zowel het doen als het laten ingegeven door eenvoudig dom willen genieten:

Er is voor velen geen groter vermaak dan leedvermaak.

M.'s vertelling is weer psychologisch subtiel, en rijmt volledig met iets dat ik meemaakte als kind van 10, toen ik zag hoe volwassenen reageerden op het overrijden van een vrouw door een tram, op 't kruispunt van de 2e Hugo de Grootstraat en de Frederik Hendrikstraat.

Of de vrouw dood was weet ik niet, maar de volgende dag was 't kruispunt nog steeds besmeurd met bruine vlekken van liters bloed, terwijl direct na het gebeuren letterlijk honderden volwassenen een half uur tot 'n uur het kruispunt bezet hielden, zwelgend in doelloze en teugelloze sensatie-zucht, die nergens anders over ging dan het kennelijke vermaak in het leed van een ander:

- Och minsj! Wa freesel'k! Sou-se fee-eel pijn geleeje hebbu?
- Ach buuf! Allebei-j dur benuh! Je ken blei wesuh da-jij-ut-nie-ben, mins!
- Keik nouw-tog es naor al-da-bloet! Is ut nie om fan te gruu-uuwuh soo freesel'k buuf!
- Un mins se ferstan staot er bei stil buuf. Weetje da'k d'r op-me-hart fan hep?
(Etc. etc. etc.)

Sindsdien heb ik nooit bij ongelukken gekeken, en zelden zo gewalgd - want het was me als 10-jarige heel duidelijk dat die volwassenen stonden te genieten terwijl ze meeleven acteerden: 't Was een echt voyeurs-festijn, en smullen van een ander's misčre. Terug.

Idee 144.