Idee 136.                                                 


De roeping van den mensch is mensch te zijn. Daarheen moeten leiden: opvoeding, onderwys, beroepskeuze, zedeleer, wetgeving, godsdienst.
[1]

Hierin nu ligt, geloof ik, een algemeene fout, dat men veelal het doel voorbyziet en hoofdzaak maakt van 't middel. [2]

Gesteld dat men als volmaakt mensch ter-wereld kwam. Dan zou alle kultus, alle dwang, alle wet overbodig wezen. Ik zeg niet: alle regel. Integendeel. Absentie van behoefte aan wet, is juist 'n kenmerk van regel en orde. [3]

Maar de onvolmaaktheid die we dagelyks waarnemen in onszelf - en in alles - mag niet leiden tot toepassing van middelen, anders of meer dan juist noodig zyn ter bereiking van het doel. [4]

Om m'n denkbeeld overtebrengen in 'n vergelyking wil ik de menselyke fouten en verkeerdheden ziekte noemen. Die ziekten zyn velerlei. Stel dat er 'n byzonder geneesmiddel bestaat voor elke ziekte. Dan zyn, in 't algemeen, alle geneesmiddelen noodig voor alle krankheden. Doch ieder individu heeft 'n bepaalde ziekte, en dus behoefte aan 't geneesmiddel dat op zyn krankheid past. Wie zou nu, uit trage schuw voor de moeite van 't kiezen, aan elk individu durven voorschrijven: Recipe... al wat er in de apteek is?

Het doel is, behoud of herstel der gezondheid.

Den gezonden schryft men niets voor. Voor hen maakt men alleen dan uitzondering als er kan voorzien worden dat die gezondheid zou gevaarlopen. Er kan, bijv. een behoedmiddel noodig zyn voor 'n ziekte die men nog niet heeft, doch welker invloed te vreezen is. Maar niemand zal op 't denkbeeld komen zich te wapenen tegen cholera of pest, wanneer die plagen niet heerschen of in de nabyheid zyn. Ook schryft men geen geneesmiddel voor aan die behoefte hebben aan zulke veranderingen als de lieve Natuur zal bezorgen zonder middel. Men weet dat 'n kind moet groeien tot man of vrouw. Van 't daartoe noodige voedsel spreek ik niet, daar ik m'n vergelyking slechts uit de apteek haal. Niemand zal angstvallig zoeken naar 'n middel tot vergooting van z'n kind, wanneer dat zo groot is als 't naar z'n jaren behoort te wezen. De slotsom is, zo weinig middelen mogelyk.

Maar aan zieken schryft men iets voor. Dit is noodzakelyk. Doch ook hier is de goede opvatting, naar ik meen: zo weinig mogelyk. [5]

Dat is, in beide gevallen, niet meer dan noodig om den gezonden gezond te houden of den zieken gezond te maken.

Wie dit anders inziet, en meent dat het gebruik van medicynen doel is, en gezondheid byzaak, spant de paarden achter de wagen en loopt gevaar ziekte te geven waaar ze niet was, en gezondheid te verdryven waar ze bestond. [6]

Dit zal niemand tegenspreken. Nooit zal 'n geneesheer zich benoemen op 't voorschryven van veel medicynen, maar wel zou hy zich mogen beroemen op 't uitwerken van veel goeds met weinig middelen, en vooral zou hy lof verdienen wanneer hy gezorgd had dat er nooit ander kwaad in de plaats trad van 't verdreven kwaad.

Wanneer iemand 10 graden miltsmart moet lyden in  betaling voor 't verlossen 9 graden koortslyden, noem ik dat geen winst. Zůů'n verlies nu wordt vaak geleden. Ik zeg dit in toepassing van de vergelyking.

Maar - altyd in toepassing van m'n onderwerp - is er nog wat ergers. Dikwyls verooorzaakt onnodige kinine de koorts die er niet was. Dit is verschrikkelyk. [7]

Ik stap van de vergelyking af en herhaal m'n tekst: de roeping van den mensch is mensch te zyn.  Dŗŗrheen moet lyden opvoeding, wetgeving, enz. Alle middelen moeten zo weinig mogelyk worden aangewend, juist omdat het gebruik van veel middelen de weg afsnydt waarlangs men moet geraken tot het hoofddoel. Wie dat hoofddoel voorby ziet, wie den patient beschouwt als geschapen om de apteek optehouden instee van de apteek als een inrichting om den patient te genezen, handelt verkeerd op tweeŽrlei wyze:

Ten-eerste, door voor verdreven verkeerdheden andere - soms gevaarlyker! - kwalen inplaats te geven.

Ten-tweede, door kwalen te veroorzaken die zouden bestaan hebben zonder 't onnoodig middel.

Dit nu maakt me verdrietig, dat wy veelal belet worden mensch te zyn, omdat we door opvoeding en onderwys zyn verschoold. Door beroepskeuze verambtenaard, vermilitaird, en verbeursd. Door zedeleer en wetgeving verwrongen en vermanierd. Door godsdienst verstelseld en verkerkt... [8]

Zeg niet dat ik vreemde woorden maak. Het Volk-zelf noemt dat alles in z'n dikwyls krachtige taal: verdokterd !


[1]: "De roeping van den mensch is mensch te zijn. Daarheen moeten leiden: opvoeding, onderwys, beroepskeuze, zedeleer, wetgeving, godsdienst."

Dit idee behandelt ťťn van M.'s hoofd-ideeŽn: De roeping van den mensch is mensch te zijn.

Deze formulering komt 't eerst voor in "Minnebrieven", in de context van de Geschiedenissen van Gezag. Hier gaat M. in op een aantal redenen daarvoor. Ik heb een aantal noten geplant die hieronder volgen. Klikken op "Terug" leidt naar de plaats van de noot in Multatuli's tekst.

Er zijn er - als bijv. W.F. Hermans - die hebben geklaagd dat "De roeping van den mensch is mensch te zijn" meer klank dan inhoud is, nogal vaag is, of weinig zegt. Ik denk dat ze niet erg goed gelezen of nagedacht hebben, en ga hier kort in op een implicatie van en een grond voor dit voor mensen bruikbare en leerzame ideaal.

Eerst de implicatie:

Er zijn weinig mensen die hun roeping "mens te zijn" waarmaken. De meeste zogeheten mensen zijn karikaturen van mensen, parodieŽn van mensen, restanten van mensen - might-have-been-humans zonder redelijke hoop op iets anders dan een dragelijk leven en een dragelijke dood. Zie 74.

Dan een grond:

Het is theoretisch zinnig aan te nemen dat ieder mens geboren wordt als lid van een soort met welbepaalde menselijke capaciteiten en mogelijke keuzes - het leren van taal, wiskunde, muziek; het begrip van heden, verleden en toekomst; het zijn van een deel van de Natuur dat de hele Natuur kan reflecteren en trachten te begrijpen, maar ook: de martelende ideologische aap, het totalitaire zoogdier, het huichelbeest - en dat het een natuurlijk gegeven is dat ieder individu tracht de capaciteiten die het heeft te gebruiken, en op die manier te worden wat het is:

Een vrij kiezend en denkend wezen, dat z'n begrip van de werkelijkheid kan gebruiken om zichzelf en anderen te plezieren of te pijnigen naar keuze, en zichzelf te maken en vermaken naar eigen wens en inzicht. Zie 74.

Ieder mens wordt geboren als taak en als probleem, namelijk met de taak zichzelf te worden naar vermogen en met het probleem dat ieder mens uniek is en met weinig anders dan capaciteiten geboren wordt, en alleen geholpen door enkele soortgenoten z'n eigen versie van de werkelijkheid moet vinden en leren gebruiken, in de omstandigheden waarin z'n lichaam zich bevindt. Terug.


[2]: "Hierin nu ligt, geloof ik, een algemeene fout, dat men veelal het doel voorbyziet en hoofdzaak maakt van 't middel."

Dit is inderdaad ťťn van de menselijke hoofdfouten - die niet zozeer bestaat uit verwarring van doel en middel, als het tot doel maken van middelen, zoals beroepen, rollen en functies. Zie verder [n8]. Terug.


[3]:"Gesteld dat men als volmaakt mensch ter-wereld kwam. Dan zou alle kultus, alle dwang, alle wet overbodig wezen. Ik zeg niet: alle regel. Integendeel. Absentie van behoefte aan wet, is juist 'n kenmerk van regel en orde."

Het hier gestelde is nogal twijfelachtig. Immers: Het is geheel niet duidelijk wat een volmaakt mensch is, behalve dat zo iemand nog nooit bestaan heeft, zodat dogmatiseren over de eigenschappen van deze empirisch niet-bestaande volmaaktheid nogal zinloos is.

Het onderscheid tussen wet en regel gaat terug op 119 en "Absentie van behoefte aan wet, is juist 'n kenmerk van regel en orde" is ook niet waar, bijv. in tuchtelozen, zorgelozen, beschonkenen, waanzinnigen etc.  Terug


[4]: "Maar de onvolmaaktheid die we dagelyks waarnemen in onszelf - en in alles - mag niet leiden tot toepassing van middelen, anders of meer dan juist noodig zyn ter bereiking van het doel."

Hier wordt in feite een - zogeheten - liberaal ideaal geformuleerd, in overeenstemming met de notie dat een regering des te beter is alnaarmate ze minder regeert, minder macht heeft, en meer vrijheden laat, alles bij een ordelijke en vreedzame samenleving:

Ceteris paribus is die regering het best die het minst regeert, de meeste persoonlijke vrijheden toelaat, en een rechtvaardige wet en maatschappelijke vrede en welvaart handhaaft. Terug


[5]: "Doch ook hier is de goede opvatting, naar ik meen: zo weinig mogelyk."

Een andere formulering van het zojuist door mij genoemde liberale ideaal van een staat waarin zo weinig mogelijk geregeerd wordt en zoveel mogelijk individuele vrijheden bestaan om te worden wie men is en wil zijn, zonder tenonder te gaan aan anarchie of ontregeling. Terug


[6]: "Wie dit anders inziet, en meent dat het gebruik van medicynen doel is, en gezondheid byzaak, spant de paarden achter de wagen en loopt gevaar ziekte te geven waaar ze niet was, en gezondheid te verdryven waar ze bestond."

Een andere reden, die M.'s gelijkenis ontstijgt, is dat het een feit is dat macht corrumpeert. Wie gelooft aan de mogelijkheid van goede dictators weet heel weinig van geschiedenis: "All power corrupts, and great power corrupts greatly. All great men are bad." (Lord Acton.) Terug


[7]: "Dikwyls verooorzaakt onnodige kinine de koorts die er niet was. Dit is verschrikkelyk."

Dat het nemen van kinine koorts kon veroorzaken in gezonde mensen lykt me een gissing van M., en als dat zo is lijkt het me niet "verschrikkelijk", maar bruikbaar voor zulke gevallen als waarin men koorts wil opwekken (wat soms nuttig kan zijn). Terug


[8]: "Dit nu maakt me verdrietig, dat wy veelal belet worden mensch te zyn, omdat we door opvoeding en onderwys zyn verschoold. Door beroepskeuze verambtenaard, vermilitaird, en verbeursd. Door zedeleer en wetgeving verwrongen en vermanierd. Door godsdienst verstelseld en verkerkt... "

Maar dit - verschoold, verambtenaard, vermilitaird, verbeursd, verwrongen, vermanierd,  verstelseld en verkerkt - is wat er gewoonlijk van mensen terechtkomt:

Karikaturen en parodieŽn van mensen omdat "men" zichzelf verwart met de rollen die "men" speelt, en niet goed wijs meer weet uit pose en realiteit, geste en gevoel, onderkende waarheid of voorgewend geloof, pretentie en werkelijkheid.

Wat resteert van wat de roeping heeft mens te zijn is vaak verward laf gehuichel in dienst van eigenbelang: acteurs verdwenen in hun eigen rollen, niet meer in staat en ook niet gewillig fictie en werkelijkheid te onderscheiden.  Terug

Zie ook 74, en 107 voor twee belangrijke gronden waarom zo weinigen hun capaciteiten waarachtig en eerlijk gebruiken - afgezien van gebrek aan capaciteiten, die de hoofdreden is.

Verder zie 276 en 423.

Idee 136.