Idee 130.                                                 
 
-Ik heb 't gedaan...

-Wat?

-Dat stuk over de menschwording. Maar ze willen 't niet plaatsen.

-Dat is infaam. Te-meer omdat ik overtuigd ben dat... zeg eens, gyzelf, was uw stuk goed geschreven?

-Zonderlinge vraag. Hoe kan ik zeggen van myzelf...

-'t Is waar. Ik vergat uw principe over Nederigheid. Gy moogt niet zeggen: "ik schreef goed". Maar wel moogt ge -- wetende dat goed schryven 't onmisbaar beding was -- uw stuk inzenden en daardoor zonder 'n woord te spreken betuigen: "ik schreef goed". Ik begryp uw principes niet.

-Dat zy zoo 't wil. Myn stuk was goed...

-Daar heb ik u!

-Ja. Nu, myn stuk ws goed, ziedaar! Maar de Dageraad wil 't niet opnemen, omdat z'n gevoelen over de menschwording...

-De Dageraad heeft geen gevoelen. Ik gis dat uw stuk niet goed was.

Het stukje Ik vergat uw principe over Nederigheid. Gy moogt niet zeggen: "ik schreef goed". Maar wel moogt ge -- wetende dat goed schryven 't onmisbaar beding was -- uw stuk inzenden en daardoor zonder 'n woord te spreken betuigen: "ik schreef goed". Ik begryp uw principes niet. verwijst naar M.'s opvattingen over hoogmoed, waar 220 e.v. nader op ingaan.

Ik deel die opvattingen, maar weet dat ze in Nederland bijzonder zeldzaam zijn, omdat deugdzame Neerlanders al eeuwen status en fatsoen bereiken door nederigheid voor te wenden in het publiek.

M. toont in het geciteerde stukje de logische onhoudbaarheid aan in het geval van kwasi-nederige stukkenschrijvers.

Iets wat ook wel opgemerkt mag worden is dat de zeer grote meerderheid van vrouwen in de leeftijd 15 tot 45 het grootste deel van haar vrije tijd en geld besteed om er mooier, aantrekkelijker, sexier uit te zien dan - zoveel mogelijk! - andere vrouwen: Het is menselijk om individueel te willen excelleren!

En een van mijn redenen om M.'s ideeen over hoogmoed te delen is eerlijkheid:

Laat iedereen er vrijelijk naar streven de beste te zijn op het terrein van zijn of haar gading en vermeende bijzondere voortreffelijkheid... maar lieg niet over je eigen valselijk gepretendeerde "gelijkwaardigheid" met alles en iedereen! (Zie 220 e.v. en 155)

Idee 130.