Idee 99.                                                 


Ik weet niet, lezer, of gy 'n lezeres zyt.

Ik twyfel aan 't bestaan van zeeslangen en politieke eerlykheid.

Ik ontken 't weerkomen van gister.

Zy die "weten" verwarren dikwyls de woorden die ik onderstreepte.
En met die verwarring doen ze hun voordeel. Duidelykheid van uitdrukking, heeren!


Hier hebben we een helder onderscheid. En ik vermoed dat het maar zeer weinigen gegeven is heldere en bruikbare definities (of voor wie dat te moeilijk vind: gebruiksregels) te geven van de door M. ge´taliseerde worden - die toch fundamenteel zijn voor alle menselijke redeneren, in iedere menselijke taal, want alle redeneren berust op weten ("dit is zo"), ontstaat door twijfel ("is dit wel zo?"), en kan uitmonden in ontkenningen ("dat is niet zo").

Helaas lijkt het meeste wat mensen schrijven en zeggen niet de waarheid maar het eigenbelang te dienen - dat meestal strijdig is met de waarheid.

De doorsnee spreekt en schrijft eerder om te liegen, vanwege de maatschappelijke voordelen die dat biedt, dan om de waarheid te spreken en schrijven, ook waar dit geen moeite of moed kost:

Maatschappelijk leven is een leven van gecultiveerde leugen, pretentie, schone schijn, waar bijna niemand is hoe ie voorgeeft te zijn, en bijna allen bijna altijd huichelen over bijna alles, uit gebrek aan karakter of hersens, en meestal beide. (Verg. Ervin Goffman's "The Presentation of Self in Ordinary Society" en zie hfdst 13 van mijn LPA. Ook 423 kan hier verhelderend zijn.)

Wie dit zegt niet te zien heeft zichzelf zo verloochend dat ie zelf niet meer door heeft tot wat 'n karikatuur van 'n mens ie zich gemaakt heeft - of liegt. (En zie 74, 107, 136, 246, 423)

Idee 99.