Idee 43.                                                  

Als ik schrijf "produKt", "aKKlimatisatie" enz. bedoel ik daarmee niet dat die woordeN zoudeN moeteN wordeN geschreveN met'n K, die slecht 'n C is met 'n stokje.

Eigenlyk zou ik moeten stemmen voor C, omdat die gemakkelyker is, en kleiner. Maar als ik eenmaal een K gezet heb, laat ik die staan. Dat is tuchteloosheid.

Tuchteloosheid werd my in de Wetenschappelyke bladen door den heer Buys in z'n beoordeling van den Havelaar verweten. Voor zoover dit het boek aangaat, heb ik er vrede mee. Het gelykt op geen enkel model, zoo min als deze IdeeŽn. Wat de persoon van Havelaar betreft, hy sprong juist voor 't handhaven van tucht in de bres, 't geen hem werd kwalyk genomen, door den zeer tuchteloozen Van Twist, die Havelaars instruktiŽn niet scheen te kennen en z'n eigen plichten met voeten trad.

Dat ik overigens als schryver my niet stoor aan akademische voorschriften, is de zuivere waarheid. Ik hoop te bewerken dat die voorschriften zich eenmaal aan my zullen storen. Mocht dit het geval worden, dan waarschuw ik ernstig tegen navolging. Men meene toch in-godsnaam niet dat er oorspronkelykheid ligt in 't našpen van... oorspronkelijkheid. 51 is immers duidelijk?


Zie mijn opmerking bij 36, 37, 38.

Overigens: In de VW van Uitgeverij van Oorschot is van deze en andere Multatuliaanse spelregels een totale puinhoop gemaakt, die het onmogelijk maakt de in de VW gepubliceerde IDEEN te accepteren als Multatuli's IDEEN: Wat in de VW van Uitgeverij van Oorschot te vinden is als "Multatuli's IDEEN" zijn Stuiveling's zorgvuldige, uitgebreide, wrede verkrachting, verminking en misrepresentatie ervan.

Wie de IDEEN wil lezen zoals Multatuli ze werkelijk publiceerde zal zich antiquarisch de Garmond-uitgave van z'n Verzamelde Werken moeten aanschaffen, die bezorgd werd door z'n weduwe, fraai oogt, prettig leest, en in mijn html-uitgave gevolgd wordt.

M.'s opmerking "Dat ik overigens als schryver my niet stoor aan akademische voorschriften, is de zuivere waarheid. Ik hoop te bewerken dat die voorschriften zich eenmaal aan my zullen storen" is interessant, o.a. vanwege de vraag wat nu de feitelijke invloed van z'n schrijven was.

Een beredeneerd zinnig antwoord op deze vraag is zeer moeilijk, vooral omdat M.'s feitelijke invloed meestal indirect en individueel was, en hij uiteindelijk alleen werkelijk intelligente mensen kon bekoren, waarvan er, niet alleen in Nederland, altijd maar heel weinig zijn. Helaas - zowel voor de dommen als de intelligenten.

Idee 43.