Excerpt uit commentaren van MM bij Ideen 6 B - 1141-1205    - Index 6B


Pedofilie i.v.m. juffrouw Laps

 Voorwaar, voorwaar, daar is steviger bodem voor 't goede dan de verleidbaarheid van 'n halfwassen jongeling

Ja, dat is natuurlijk zo, maar de morele vraag is wat men moet vinden van wat tegenwoordig wellicht als juffrouw Laps' pedofilie zou worden benoemd, al is het ook waar dat Wouter(tje) daar mogelijk met zijn 16 jaren en beginnende baardgroei net iets te oud voor is, althans bij de in 2006 bestaande wetgeving.

Het algemene antwoord is drieledig, zij het niet geheel van toepassing vanwege Wouter's 16 jaren.

Wat er tegen pedofilie - te begrijpen als het (willen) nastreven van sexuele verhoudingen met kinderen - is, afgezien van conventionele morele normen of wettelijke regels, die dergelijke verhoudingen verbieden, zijn de overwegingen dat (1) kinderen de leeftijd nog niet bereikt hebben voor werkelijke sexuele relaties; dat (2) kinderen de voor sexuele relaties nodige emoties en kennis minstens gedeeltelijk missen, en trouwens ook nogal ànders over de wereld en personen daarin denken en voelen dan volwassenen, en dat (3) er grote verschillen zijn in kennis en macht tussen een volwassene en een kind, en ook in de doelen die ze nastreven.

In het onderhavige geval mag men aannemen dat de overwegingen (2) en (3) gelden, maar (1) niet langer, bijvoorbeeld in de zin dat àls Wouter en Femke besloten hadden elkaars lichamen te verkennen in de bosjes naast "de paden" die Multatuli herhaaldelijk noemt, dit geen reden zou zijn geweest voor grote verbazing of ongerustheid, ook al omdat ze vrijwel leeftijdsgenoten waren, en dus ongeveer dezelfde kennis, macht en behoeftes geacht mogen worden te hebben, of althans - er zijn verschillen tussen jongens en meisjes - wederszijds begrijpelijke doelen en behoeftes.

Hoe het zij, mij lijkt pedofilie een perversie - etymologisch: het gebruik van iets voor een ander doel dan het normaal gesproken heeft - precies omdat men met een kind niet de soort persoonlijke verhoudingen kan hebben als met een volwassene, eenvoudig omdat een kind daar zowel de kennis als een deel van de emoties voor mist; omdat er geen sprake kan zijn van een werkelijk wederszijds adequaat persoonlijk begrip of wederkerigheid; en omdat de verschillen in zowel macht als kennis tussen een kind en een volwassene veel te groot zijn voor enige evenredige verhouding gebaseerd op adequaat wederszijds begrip.

Maar er zijn mannen, en ook vrouwen, die zich er toe aangetrokken voelen, en de voornaamste reden zal zijn dat ze emotioneel te beschadigd zijn om in staat te zijn normale sexuele of liefdes-relatie met volwassenen te hebben of omdat ze macht nastreven over degene met wie ze een sexuele of liefdesrelatie hebben die deze niet over hen zelf kan hebben.

In 1143 zal Multatuli konkluderen dat juffrouw Laps ziek was, en dat lijkt mij ook. [1141]
 


Sexuele verschillen tussen man en vrouw

Het is waar dat als de situatie anders zou zijn, vooral wat betreft "de duurte der voedingsmiddelen" en als mensen geen enkel probleem zouden hebben in hun eigen bestaan en dat van hun kinderen te voorzien, maar zo is het niet en was het nooit, en feitelijk is het kennelijk zo dat sexuele dimorfie bestaat mede om de voor (vrijwel) alle dieren bestaande moeilijkheid van het voorzien in het bestaan te overwinnen, en dat er biologische gronden en aandriften zijn voor menselijke monogamie, sexuele jaloezie, en bijzondere interesse in de eigen kinderen. Al die dingen bevorderen namelijk het ontstaan van een kern-familie, waarin een vader en moeder zorgen hun kinderen.

In feite is de sexuele positie van de vrouw pas enigermate vergelijkbaar geworden met die van de man in termen van persoonlijke risico's en gevolgen sinds de uitvinding van de pil - en dan nog zitten zowel vrouwen als mannen opgescheept met een soort driftleven dat kennelijk ontstaan is voor partieel monogame apen met sexuele jaloezie en redelijk vanzelfsprekende liefde voor eigen maar niet voor andermans kinderen.

Vandaar dat sexuele relaties anders zijn voor een vrouw dan voor een man, en waarschijnlijk ook enigszins anders voelen althans waar het voorbehoud of instemming geldt: De risico's die een vrouw loopt voor haar persoonlijk leven en toekomst met een zwangerschap zijn veel groter dan voor een man, en het is daarmee niet vreemd als het moeilijker is voor een man om een vrouw tot sex te verleiden dan omgekeerd. [1141]
 


Menselijke ethische vermogens

Iets anders dat in het gegeven citaat opvalt is dat M. toestemt in de christelijke (en vooral: protestantse) overweging dat - sinds de zondeval, menen de christenen, maar dat terzijde - voor mensen gewoonlijk geldt dat "uwe harten boos zyn", en in het bijzonder tegen mensen die niet tot de eigen groep, de eigen familie, de eigen natie of het eigen ras behoren.

Dit is opvallend o.a. omdat een deel van de rationele kritiek op Multatuli's vele hervormings-plannen en -voorstellen is dat hij - vaak en gewoonlijk - veel te optimistisch is over de intellectuele en morele vermogens en interesses van gewone mensen.

Overigens... ik heb nogal wat keren mijn verschillen met Multatuli hierover uitgesproken, die er op neer komen dat ik minder optimistisch ben dan Multatuli lang was over de intellectuele en morele vermogens en interesses van gewone mensen, en geloof dat een flink deel van Multatuli's hervormings-verlangens gebaseerd waren op de onware vooronderstelling dat andere mensen overwegend geneigd en in staat waren zo te voelen en redeneren als hij zelf, wat mij trouwens ook een vooronderstelling lijkt die hij vanaf het schrijven van Ideen 4 op begon te geven, en met de opgave waarvan er ook een eind kwam aan M's publicatie-drift.

Maar ikzelf ben ook al geen gelover in de calvinistische leer dat "uwe harten boos zyn", althans indien dit voor de grote meerderheid zou gelden. Er zijn slechte mensen - zeg: zij die welbewust anderen pijnigen of benadelen voor eigen voordeel of plezier - en ze komen onevenredig vaak voor  in  posities van macht of autoriteit, maar de grote meerderheid is niet zozeer "boos" of slecht van aard als wel conformistisch aan de heersende maatschappelijke normen en onverschillig voor het lot van de meeste mensen die niet tot de eigen groep of familie behoren. [1141]
 


Sexuele relaties

 Al vinden de lezers - die de zaak hardschreeuwend afkeuren! - zoo'n ‘val’ allerplezierigst, en 't onmisbaar element in 'n ‘mooi’ boek: men moet niet vallen!

Gezien het onder [2] gezegde is dit minstens een beetje oneerlijk, omdat Multatuli wel degelijk geprobeerd heeft nogal wat jonge vrouwen tot het zogeheten "vallen" - zegge: sexuele relaties - te bewegen. Dat is overigens ook een heel normaal mannelijk verlangen.

De eis dat "men moet niet vallen!" is ook wat minder realistisch dan M. lijkt te zijn in Ideen 1 en 2, eenvoudig omdat het aan willen gaan van sexuele relaties heel menselijk is, en het zogenaamde "vallen" dus ook, zodat het veel redelijker is dat "vallen" niet af te keuren of te verbieden als wel te reguleren, bijvoorbeeld door adequate sexuele voorlichting en anti-conceptie. [1141]
 


Jezus' anti-feminisme

Jezus was niet zo sexueel verlicht, en verslechterde in feite de positie die de vrouw in het Joodse geloof had. Het is dus niet zo gek dat Multatuli in Ideen 1 een voorstel tot herschrijving van het evangelie van Mattheus deed. Zie 183. [1141]
 


De christelijke religie

 .. heeren predikers van kakangélien ..

Letterkundige noot: Er stáát "kakangélien", als in "kakografie".

Niet-letterkundige noot: Als geheel niet-religieus opgevoede lezer van de zogeheten evangelieën kan ik meedelen dat mijn eerste serieuze lezing van de Bijbel, rond mijn 20ste, inderdaad schokkend was à la "Dus dit is de waanzin waarmee mensen zich eeuwenlang hebben proberen te troosten en motiveren?! Wat een wrede domme gekheid! Wat een bijgeloof! Wat een onzin!".

Dit is geen ontkenning dat de bijbel niet ook, op sommige plaatsen, zoals het Hooglied of het boek Prediker, mooi is, en adequaat aan veel menselijke gevoelens, maar ik stel wel dat de indruk van het geheel, voor iemand die er niet mee opgevoed was, geen enkel religieus geloof bezit, en redelijk wat van wetenschap en filosofie weet, niet bijzonder gunstig is en ook niet kan zijn, en geheel niet rijmt met de christelijke religieuze pretentie dat dit boek het woord van een of de enige god zou bevatten, of een adekwate leer om een menselijke samenleving op te funderen.

Daarvoor is het o.a. te evident menselijk maaksel, en te evident volkomen onwetend over tal van zaken relevant voor een dragelijk of gelukkig menselijk bestaan waar de wetenschap sinds de bijbel geschreven werd wel kennis over heeft gevonden, en die een christelijk god verplicht zou zijn geweest op te nemen. Ik denk hier bijvoorbeeld aan kennis van geneesmiddelen en vitamines, besmetting, elementaire wis- en natuurkunde, farmacologie e.d., maar de feitelijke lijst van wat god zou weten maar niet meedeelde aan de mensheid in zijn vele heilige boeken is erg lang-

Het is voor mij volkomen ongeloofwaardig dat het woord van een liefhebbend almachtig en alwetend god geheel vrij is van alle wetenschappelijke kennis die het leven van mensen zoveel makkelijker en veiliger maakt. [1141]
 


Zedelijke logica

En de suggestie dat er zoiets zou zijn als een "zedelyke logika" lijkt mij een suggestie van iets dat niet het geval is: In feite toont het bestaan van de verschillende beschavingen en culturen aan dat er op nogal wat verschillende manieren omgegaan kan worden met het probleem van het maken en opvoeden van de volgende generatie, en dat de meeste van die verschillende manieren in ieder geval succesvol en moreel waren in de zin dat ze zowel feitelijk slaagden in het bestendigen van de komst en opvoeding van nieuwe generaties als moreel slaagden in het lokaal geaccepteerd worden als een moreel goede aanpak. [1141]
 


Normhandhaving

Veel normen kunnen alleen bestaan en gehandhaafd worden door overdrijving van hun belang. [1141]
 


Slechtheid

 Het lage bestáát. Wie 't loochent, liegt even misdadig als de miskenner van 't hoogere, van 't goede, want zonder laagheid is er geen hoogte denkbaar.

Dit is een interessant punt, waar ik zometeen iets meer over zeg, maar ik begin hier met de opmerking dat M.'s bewijs alleen stand houd als er "hoogte" bestaat, en dus overwegend neerkomt op begging the question. En merk op dat het hier niet zozeer gaat om fysieke hoogte of laagte, maar om morele idems.

Maar het interessante punt dat samenhangt met "Het lage bestáát", hoe dit ook precies begrepen en uitgelegd wordt, is dat er feitelijk niet vaak rekening mee wordt gehouden dat de meeste mensen zelfs volgens hun eigen normen niet bijzonder deugen, en dat er kennelijk minstens evenveel door angst en eigenbelang gestuurd hypocriet moreel conformisme is als op werkelijke morele overtuiging teruggaand moreel gedrag. [1143]


Morele oordelen

 Want ieder moet geoordeeld worden naar den maatstaf dien-i omdraagt in z'n eigen gemoed

Nee, zeker niet: Dan zou vrijwel iedere misdadiger zich voor onschuldig houden. Bovendien - en dit is een moreel feit óver morele normen dat te weinig onderkend wordt - zijn de meeste mensen in termen van de moraal die ze zelf zeggen te belijden vaak immoreel. De menselijke doorsnee is niet goed gemeten volgens hun eigen normen voor goedheid. [1143]


Protestante inconsistenties

 Zeg eens, minst-onoprechte lezer, vertoont zich niet, by de statistiek van al dien berouwjammer, onze aarde als 'n vóórhel? Als 'n pleisterplaats van verdoemden?

Hier verwoordt Multatuli behoorlijk nauwkeurig wat de protestanten beweren dat het aards bestaan zou zijn voor iedereen, als gevolg van de menselijke zondeval in het paradijs. En zijn punt is natuurlijk dat, altijd afgezien van de echt godsdienst-waanzinnigen en ziekelijk depressieven en gedeprimeerden, "onze aarde" gewoonlijk niet "als 'n vóórhel" verschijnt aan wie er op leeft, al kan dat bij gelegenheid wel zo zijn.

Zie het volgende punt:

Wie nu by zoodanige mensch-inspektie al de genoemde akeligheden niet ontwaart, wie niet stuit op de sporen die de ‘zonde’ nalaat, op zùlke sporen van zùlke zonden...

Zo iemand kan dan inzien dat het verhaal dat de dominées doen niet rijmt met de alledaagse menselijke ervaring. [1144]


Menselijke gebreken

En - zie de conceptie van de Ideen - M. was van mening dat juffrouw Laps en haar soort hun hele levens inrichtten met en op basis van leugens en illusies, en ik denk dat hij daar gelijk in had. En feitelijk ben ik aanzienlijk pessimistischer dan M. omdat ik geloof dat het mensen als juffrouw Laps niet mogelijk is veel beters of anders te doen - wat ook het voordeel heeft dat men haar soort iets makkelijker hun tekortkomingen vergeeft: Ze kunnen nu eenmaal niet veel beter dan ze doen. Helaas!

Maar dit laat overigens geheel onverlet dat ook juffrouw Laps en haar soort betere mensen zouden zijn als ze betere ideeën mee zouden hebben gekregen in hun opvoeding of onderwijs. Dhammapadda 1.1: "All that we are is the result of what we have thought. All that we are is founded upon our thoughts, and formed on our thoughts." [1146]
 


Surrogaten van het goede

 't Is opmerkelyk hoe men zich ten-allen-tyde heeft toegelegd op 't uitvinden van surrogaten van 't goede.

Dit is inderdaad opmerkelijk, maar niet zo heel moeilijk te verklaren: Surrogaten zijn makkelijker en goedkoper dan echte waar.

Een ander opmerkelijk en enigszins paradox (voor naïeven) feit over doeners van het goede is dat dit o.a. aanzienlijke en belangrijke beroepsgroepen betreft als politici en priesters, die veel macht en rijkdom kunnen verwerven met goed doen, of althans de pretentie ervan. [1147]
 


Rang en stand

 Men zegt dat er ook thans nog hooggeplaatste personen zyn, die zich niet op hun gemak voelen, zonder zekere dosis nietigheid om zich heen.

In feite mag men veilig aannemen dat de overgrote meerderheid van de motieven om een hooggeplaatst persoon te zijn, worden of blijven neerkomen op de wens dat anderen dan voor minder gelden dan men zelf doet. [1147]
 


Sociaal klimmen

.. toch mag ik verwachten dat ieder wete hoe macht, aanzien en invloed gewoonlyk gegrond zyn op kleinigheden.

Dit is ongetwijfeld zo, en de essentie van de zaak is heel goed getroffen door de 18e eeuwse Lord Chesterfield die zijn zoon voorhield "If you want to be pleased, please!". De kunst van het sociaal klimmen is de kunst van het weten te behagen. [1148]
 


Ruïnering van het Nederlands onderwijs

Het is voor de na mij komende Nederlandse geslachten, voorzover enigermate begaafd, wel jammer dat ikzelf tot de laatste generatie behoorde die enigermate behoorlijk schoolonderwijs genoot, althans waar het de onderwezen vakken en inhoud daarvan betreft.

Wie hier trouwens wat meer van wil weten kan mijn Spiegeloog-columns lezen. Het was ook mijn generatie die zowel het enigermate behoorlijke VWO-onderwijs als goed universitair onderwijs afschafte, uit naam van "de demokratie", omdat het oneerlijk zou zijn mensen te discrimineren op basis van hun intellectuele gaven. Degenen die daar toen toch de moed toe hadden, zoals ik en enkele anderen, waaronder W.F. Hermans, werden indertijd door sprekers, brullers en brallers namens de democratische meerderheid met groot enthousiasme en overtuiging voor "fascist" gescholden. Het voornaamste dat ikzelf dan ook aan de UvA heb geleerd is dat ik "een fascist" zou zijn omdat ik geloof in het bestaan en belang van objectief en goed wetenschappelijk onderwijs. [1148]
 


Gewoon doen van media-persoonlijkheden

 Bovendien, de souvereinen verkeerden in 'n ziekelyke bui van ‘Volkthümlichkeit.’ De mode van den dag bracht 'n misselyke neerbuigings-manie mee, en de meeste rangmenschen overdreven de mode, zooals gewoonlyk.

Multatuli leefde niet in "Onze Democratische Rechtstaat" (algemeen kiesrecht voor mannen en vrouwen dateert van 33 jaar na zijn dood, bijvoorbeeld) maar de leiders hebben nog steeds dergelijke gewoontes, al zijn het nu "gewoon" kamerleden e.d. die "gewoon" doen alsof ze "gewoon" (dus - letterkundige noot auf Deutsch - "volkthümlich") zijn in TV-programmaas voor gewone mensen. Mijn konklusie is dat het meer terug gaat op een aapachtige of zoogdieren-eigenschap dan op wat anders. (Desmond Morris' "Manwatching" is aardig in dit en dergelijke verbanden.) [1149]
 


Fanatisme en vooroordeel

 't Spreekt vanzelf dat dit instemmen met den deun van den dag, gewoonlyk ver van oprecht was.

Ja, natuurlijk - maar het is ook verstandig een kanttekening te plaatsen bij de feitelijke soort van onoprechtheid, want deze gaat, net als het geloof van godsdienstfanaten, vooral terug op de overweging dat men wéét hoe de wereld in elkaar zit (namelijk: zoals Mohammed of Marx lang geleden zei) en dat men derhalve geen moeite meer hoeft te doen z'n eigen stellige meningen te testen aan die van anderen, en in het bijzonder van mensen die het oneens zijn met de leer waarin men gelooft. [1149]
 


Volks ongeloof in democratie

Over de huidige prinsen van Oranje - vast geen slechte jongens maar wel érg goed betaald voor het hooghouden van ficties ten behoeve van het gewone volk - wordt verteld dat ze bij hun optredens voor Ons Volk en hun Oranjeklanten met hun vingers obscene gebaren maken naar Ons Volk, buiten het volkse zicht.

Ik heb het niet zelf geverifieerd, maar geloof het graag. Laat ik de moraal zo trekken: Het grootste deel van Onze Democratische Kiezers - en "De kiezer heeft altijd gelijk", volgens Onze Politieke Leiders, dus ook als "de kiezer" een nieuwe Hitler verkiest, die dan net als de oude Hitler democratisch verkozen zal zijn - gelooft eigenlijk helemaal niet aan democratie, universele gelijkwaardigheid, of de gelijke voortreffelijkheid van volkse idolen en andere mensen. [1149]
 


Gepersonificeerde abstracties

 Het toekennen van persoonlyke hoedanigheden aan veel individuen saamgenomen, kan ter-nauwernood geduld worden als theoretische licentie. De oorzaak van de fout ligt alweer in luiheid. Men vindt het gemakkelyk, millioenen tegelyk te karakterizeeren met één pennestreek.

Nee, zelfs "theoretische licentie" behoort het niet te hebben, zomin als andere ficties die behoren te krijgen. En de "oorzaak van de fout" ligt niet "in luiheid" maar in domheid. De meerderheid is nauwelijks in staat tot het behoorlijk redeneren met echte abstracties, en vervangt deze daarom gewoonlijk automatisch alsof dat vanzelf spreekt door gepersonificeerde abstracties, als "Frankrijk wil ...", "De regering zegt ...", "De moderne vrouw voelt ...." etcetera ad nauseam. Een bijkomend voordeel voor de abstracte begrippenverkrachters die dit doen is dat dergelijke tot persoonlijkheden vervalste abstracties zowel persoonlijk klinken als geen enkele reëel bestaan hebben, zodat men er veilig alles aan kan toe schrijven wat men wil. [1149]
 


Volkse eerlijke domheid

 Al wat men van 't Volk zeggen kan, is dat het evenmin pozitief valsch is. Het schreeuwt ‘vivat!’ en denkt... niet juist altyd het tegendeel, maar gemakshalve niemendal. 

Zie mijn vorige opmerking, waarbij komt dat heel wat individuele leden uit "'t Volk" vast geloven wat ze ook graag mogen brullen. Ik zie geen reden om niet te geloven dat de meeste Oranjeklanten waarachtige volgelingen van Ons Koningshuis zijn, en ook al geen reden om niet te geloven dat dit bij de meerderheid teruggaat op domheid - maar eerlijke domheid, dat wel. [1150]
 


Geslaagde Nederlandse termen

Het is aardig dat het Nederlands "bédèlen" en "bèdélen" heeft. Zo zijn er wel meer heel geslaagde Nederlandse woorden, zoals bijvoorbeeld "bedoelen" en "betekenen" [1151]
 


Plat taalgebruik

Trouwens, het is kennelijk een feit - dat althans rijmt met wat ik weet van plat Engels, Duits en Noors - dat een platte taal c.q. het gebruikelijk accent van het meer proletarische stadsvolk vooral veroorzaakt wordt doordat de taal niet goed gearticuleerd en meer achter in de keel gesproken wordt dan vóór in de mond. Of dit zo is met platte varianten van àndere talen weet ik niet, maar ik gis dat één standsverschil dat uitgedrukt wordt door taalgebruik neerkomt op het al dan niet zorgvuldig articuleren. [1151]
 


Chauvinistisch hoofdprincipe

In Nederland-waterland is het eeuwen lang zeer ongebruikelijk geweest voor de inwoners om te leren zwemmen. Verlaan's uitleg is een goed voorbeeld van een redeneerwijze volgens een schema als: Bij ons is alles beter, dus als het elders anders is dan bij ons, dan moet dat door een gebrek of tekortkoming van de mensen daar komen. Want bij ons is alles beter. [1152]
 


Hollandse voortreffelijkheid

Hoor eens, kinderen, wat opvoeding en fatsoen aangaat... geen land boven Holland, dat's maar zeker!

De echt-Hollandse lezer weet natuurlijk dat hier een bijkans goddelijke waarheid uitgesproken wordt, en de niet-Hollandse lezer moet na z'n dood maar gaan klagen bij de Heer vanwege het onrecht niet als Hollander geboren te mogen zijn. In Holland is alles beter! Dat weet iedere Hollander immers. [1152]
 


Nederlands nederduits

Voor echte Duitsers, die niet het geluk hadden als Hollander geboren te worden, pleegt Hollands - "Dutch" immers - te klinken alsof het Plattdeutsch is, dat bovendien gesproken wordt door intellectueel niet zeer begaafden, en dat laatste  dan vanwege hun - voor echte Duitsers - evidente gebrek aan begrip voor grammatikale fraaiheden als naamvallen. [1152]
 


God's onbegrijpelijke grootheid

Wat waar is, is dat "onbegrepen grootheid" van een godheid nogal zinloos is, zoals trouwens alles dat men niet begrijpt. Sterker nog: Als men iets meent niet te begrijpen, dan volgt dat het minstens plausibel is dat wat men er dan toch aan toeschrijft teruggaat op z'n eigen onbegrip en onwaar is. [1155]
 


Teleologie

"De leer der doeleinden" waarvan het bovenschrift van dit hoofdstuk en idee spreekt slaat vooral terug op de christelijke vorm ervan, namelijk dat de mensheid geschapen is met een doel, dat veel te maken heeft met de glorie van God, maar toch ook weer onbegrijpelijk is en moet zijn, gezien God's grootheid en onbegrijpelijkheid.

Multatuli moest hier niets van hebben, en ik ook niet. Het is echter wel waar dat het hele begrip "doel" moeilijk is, en overigens in de natuur niet voorkomt buiten het menselijk verstand, omdat doelen het symbolisch representeren van niet of nog niet plaatsgevonden zaken vooronderstellen, en geen enkel dier behalve het menselijke daartoe in staat is. (De lezer die hier "nee" zegt of denkt heeft waarschijnlijk niet gedacht aan het verschil tussen symbolen en signalen.) [1155]


Waarachtige gelovigen

De waarachtige Christelijke gelover en geloofster, zeker van de meer teleologisch gedisponeerde vorm, behoren te geloven dat alles wat gebeurt onderdeel uitmaakt van het plan der goddelijke schepping en de doelen van God, zodat inderdaad niets gebeurt ("geen mus dood van het dak valt") zonder God's uitdrukkelijke wil en goedkeuring, en alles, tot het allerkleinste toe, een zin en een rol in het geheel der goddelijke schepping heeft.

De minder goedgelovigen of meer intelligenten - "There are two kinds of people, the religious and unintelligent and the intelligent and non-religious." Al Tusri, ca. 10e eeuw Christelijke jaartelling - heeft het niet moeilijk met begrijpen dat dit een wereldbeeld geeft dat makkelijk troost geeft, en ook een zin lijkt te geven aan wat zonder dergelijke veronderstellingen vaak als zinloze wreedheid moet verschijnen, maar heeft grote moeite met een dergelijke goddelijke teleologie.

En het lijkt me ook waar dat de meeste gelovigheid van mensen niet zozeer is wat ze voorgeeft te zijn als wel bestaat uit conformisme en doen alsof. [1155]


Media-rapporten

Mijn eigen ervaring is dat wanneer ik bij iets aanwezig ben geweest of enige achtergrondkennis heb van iets dat dat ook in de media gerapporteerd wordt, mijn eigen ervaring vaak nogal afwijkt van in de media gerapporteerde feiten of meningen. [1156]


Methodologisch individualisme

Zeer veel sociaal gedrag en de resultaten ervan, inclusief de goddelijke hand die de vrije markt zou besturen volgens gelovers, en wat gebeurt in een publiek, zijn uiteindelijk het gevolg van individuele gedragingen van velen. [1156]


Mensen in menigtes

 't was 'n gezelschap Kaïns op groote schaal!

Kortom, een mensenmenigte van broedermoordenaars in aanleg en aard, trouwens zowel volgens de Romeinen - "homo homini lupus" - als de bijbel van de Christenen. [1159]


God en het wereldnieuws

En "dat God rechtvaardig is en alle zonden straft" kan de lezer dagelijks opmaken uit het nieuws, mits hij van groot geloof is, en gewillig de ogen voor veel te sluiten, of zich voortdurend te beroepen op de grote onbegrijpelijkheid van de god waarvan hij wel meent te begrijpen dat deze oneindig machtig, alwetend en goed is. [1160-1]


Multatuli en het socialisme

Het is overigens de moeite waard op te merken dat Multatuli weinig ophad met socialisme, communisme, arbeidersbeweging, of Marx. Hij geloofde dat ze het mis hadden, en zijn laatste publikatie, vlak voor zijn dood, was een advertentie waarmee hij dit publiek liet weten over de socialisten. [1161-1]


Hoe vooroordelen werken

 Wouter begreep minder van de zaak dan ieder ander, juist omdat hy in den waan verkeerde zooveel meer dan anderen te weten van 't meisje dat daar op de tafel stond.

Dit is een uitstekende omschrijving van hoe een vooroordeel werkt: Men denkt niet na en zoekt geen informatie omdat men meent te weten wat het geval is. Een vooroordeel is een oordeel voordat men inziet dat het een fout oordeel was. [1161-1]


Verliefd zijn

Wouter was verliefd, en het is waar dat men in een dergelijke stemming verdwijnt of één wordt met al wat is of lijkt te zijn. Maar het is niet waar dat "alle gelukkigen" egoistisch zijn. In de eerste plaats beoogt ware liefde het welzijn van de geliefde, en in de tweede plaats wordt vrijwel alle kwaad in de wereld gedaan door ongelukkigen. Wie werkelijk gelukkig is voelt zich te goed om kwaad te doen. (Het zojuist gezegde is niet van toepassing op sadisten e.d., maar de ware mensenvriend neemt aan dat deze, al dan niet vanwege God's goedheid, in de minderheid zijn.) [1161-2]


Liefdes- en overig geluk

En de oplettende lezer weet dat Wouter's huidige liefdesgeluk stevig op illusies gebouwd is. Dit schijnt vaker voorgekomen te zijn, zowel wat betreft de stevige bouw als de illusionaire bouwsteen. [1161-2]


Zelf en anderen

Ons eigen standpunt is geheel anders dan dat van anderen, niet alleen omdat wij zelf onze eigen gevoelens voelen, en anderen dat niet kunnen, en onze eigen gedachtes probleemloos onderkennen terwijl anderen daar hoogstens naar kunnen raden, maar ook omdat we onze eigen buitenkant niet plegen te zien, en anderen niet anders te zien krijgen dan dat. En daar komt bij, zoals in dit idee in Wouter's geval, dat we over ieder willekeurig onderwerp niet alleen voelen en denken over het onderwerp, maar ook over alle bijzaken, associaties etc. die we daarbij hebben, zodat we onszelf maar al te makkelijk kunnen verwarren met overwegingen en emoties die een ander eenvoudig niet heeft, al denkt deze over hetzelfde onderwerp op hetzelfde moment. [1161-2]


Gronden van geluk en smart

 Smart en geluk hangen meer af van wat we zyn, dan van wat ons overkomt.

Hm. Het hangt er bijvoorbeeld van af wat iemand overkomt, en hoeveel dat overlaat van degene die het overkomt. Daarbij: Multatuli's formulering is me te algemeen en Schlagwortartig, was het alleen omdat àls er dan een belangrijkste factor is voor de smart en het geluk dat een mens ondervindt, dit toch in de eerste plaats z'n doelen of wensen zijn, en wat iemand gelooft over de kansen dat deze bereikt zullen worden. [1163]


Helder dromen

Dit is mogelijk, heb ik me laten vertellen door mensen die ook wisten dat ze droomden terwijl ze dat deden, en heb ik gelezen, maar mij overkwam het nooit, want ik droom vrijwel nooit, of als ik dat doe dan herinner ik me er zelden wat van. Multatuli zei hetzelfde over zichzelf. En het beschreven verschijnsel heeft trouwens een naam in 't engels: lucid dreaming. [1165-1]


Nederlandse zeden

 't Was volgens die zeden al wel, dat niemand hem leed deed.

Als iemand die al vele jaren ziek is kan ik de lezer die dat niet is melden dat de zeden nog steeds zo zijn in Nederland. [1165-2]


Dromen

Multatuli beweerde dat hij zelf heel weinig droomde, en hetzelfde geldt voor mij - en ik bedoel dan dat ik àls ik 's nachts droom mij dat zelden herinner en gewoonlijk ontwaak uit het niets. Maar de weinige keren dat ik mijn dromen wel herinnerde, zal ik maar schrijven, suggereren sterk dat wat M. schrijft niet zo is, en dat wie droomt in ieder geval minder kritisch is over zijn eigen ervaringen in de droom dan iemand die wakker is. Het lijkt er dus meer op alsof er niet zozeer gelogen wordt op "één" manier, als minder goed dan normaal kritisch wordt nagedacht.

Zoo ziet men, hoe billyk het lot is. Wie roem te-kort komt in werkelykheid, krygt z'n deel in 'n anderen droom.

Hm. Hier suggereert M. iets dat een zekere geloofwaardigheid heeft, namelijk dat het voornaamste mechanisme dat dromen genereert een combinatie van wensdenken en gebrek aan rationele kritiek is, en suggereert geheel onterecht dat de "werkelykheid" niet anders zou zijn dan een droom. [1165-2]


Nederlandse reinheid

Er was in de 19e eeuw, en ook in de 20ste, in Nederland een grote begaanheid met "reinheid" - een soort morele zuiverheid of puurheid. Vooral vrouwen werden geacht "rein" en "schoon" te zijn. [1168]


Godsdienstige excellenties

De lezer, mits P.G., weet dit natuurlijk ook, en de lezer zonder P.G. kan weten dat vrijwel ieder religieus geloof deze pretentie met zich meedraagt het Enige Ware Geloof te zijn, met de al dan niet verhulde aansporing ieder die zich daaraan niet conformeert af te slachten, uit naam van z'n liefhebbend, alwetend en almachtig god. De goden zijn ook niet zo liefhebbend, alwetend en almachtig geweest, van welke geloof ze zelf ook waren, dat ze dergelijke religieuze slachterijen niet miljoenvoudig hebben toegestaan. Prijs de Heer! [1169]


Religie en bedrog

mundus vult decipi, en door niets liever dan door religieuze praatjes. [1169]


Nederlands verval

Wat echter waar is, en niet zo makkelijk verklaard, is dat Nederland in de 18e eeuw geen schaduw was van wat het de voorgaande eeuw geweest was. [1171]


Het spelen van rollen - 2

 Om-godswil, Nederlanders, landgenooten, zou er niet nog iets aan te doen zyn?

Wordt wáár. Dàt is de weg!

Dit is weer M.'s hoofdthema van waarachtigheid: "ieder moet handelen naar z'n overtuiging!", "agis comme tu penses!". (Zie: 1, 73, 74, 136, 276). Ik denk dat hij gelijk had, maar denk ook dat het te hoog gegrepen was, althans voor de meeste mensen.

Laat ik dit enigermate proberen uit te leggen door te beginnen met een beroep op 1112, al is de uitleg redelijk simpel in beginsel: Mensen zijn gewoonlijk niet waarachtig omdat ze, al dan niet terecht, menen dat dit in hun nadeel is of zou kunnen zijn. "Homo homini lupus" voor wie zich niet volgens de geldende maatschappelijke normen gedraagt, maar al te vaak, al te makkelijk, of al te vanzelfsprekend.

"Society can exist only on the basis that there is some amount of polished lying and that no one says exactly what he thinks." - Lin Yutang

Anders gezegd, en met wat vertoon van relevante geleerdheid:

Hier is een tabularische samenvatting van de niveaus en stadia van moreel gedrag van gewone mensen zoals opgesteld door de psycholoog Kohlberg en weergegeven in de "Introduction to Psychology" by Hilgard & Atkinson:


Stages in the development of moral values

LEVELS AND STAGES

ILLUSTRATIVE BEHAVIOR

Level I. Premoral

1. Punishment and obedience orientation

Obeys rules in order to avoid punishment.

2. Naive instrumental hedonism

Conforms to obtain rewards, to have favors returned.

Level II. Morality of conventional role-conformity

3. "Good-boy" morality of maintaining good relations, approval of others.

Conforms to avoid disapproval, maintaining good relations, dislike by others.

4. Authority maintaining morality.

Conforms to avoid censure by legitimate authorities, with resultant guilt.

Level III. Morality of self-accepted moral principles

5. Morality of contract, of individual rights, and of democratically accepted law.

Conforms to maintain the respect of the impartial spectator judging in terms of community welfare.

6. Morality of individual principles and conscience.

Conforms to avoid self-condemnation.


"Kohlberg's studies indicate that the moral judgments of children who are seven and younger are predominantly at Level I - actions are evaluated in terms of whether they avoid punishment or lead to rewards. By age 13, a majority of the moral dilemmas are resolved at Level II - actions are evaluated in terms of maintaining a good image in the eyes of other people. This is the level of conventional morality. In the first stage at this level (Stage 3) one seeks approval by being "nice"; this orientation expands in the next stage (Stage 4) to include "doing one's duty", showing respect for authority, and conforming to the social order in which one is raised.

According to Kohlberg, many individuals never progress beyond Level II. He sees the stages of moral development as closely tied to Piaget's stages of cognitive development, and only if a person has achieved the later stages of formal operational thought is he capable of the kind of abstract thinking necessary for postconventional morality at Level III. The highest stage of moral development (Level III, stage 6) requires formulating abstract ethical principles and conforming to them to avoid self-condemnation. Kohlberg reports that less than 10 percent of his subjects over age 16 show (...) kind of "clear-principled" Stage 6 thinking (...)"

Kortom, de menselijke doorsnee, en mensen gemiddeld ook wanneer niet doorsnee, handelen tegen elkaar gemiddeld volgens het beginsel dat "actions are evaluated in terms of maintaining a good image in the eyes of other people. This is the level of conventional morality" met als resultaat dat  "many individuals never progress beyond Level II", en dat is het normale, gemiddelde, conventionele niveau waarop de normale, gemiddelde, conformistische rollenspelers die mensen gewoonlijk zijn zich bevinden.

Merk op dat "Kohlberg reports that less than 10 percent of his subjects over age 16 show (...) kind of "clear-principled" Stage 6 thinking (...)" - terwijl Multatuli zijn publiek bijna voortdurend toespreekt en beschouwd alsof ze wel degelijk moreel functioneren op het niveau van zelfstandig en individueel principieel moreel handelen en denken, wat trouwens ook de pretentie is die de meerderheid van het publiek over zichzelf tracht hoog te houden.

Dit is iets dat het begrijpen van het spelen van rollen door mensen bijzonder bemoeilijkt:

Mensen liegen voortdurend over de rollen die ze spelen en huichelen, schipperen, draaien en doen alsof, en doen zich gewoonlijk beter voor dan ze zijn. Terwijl ze feitelijk functioneren op het niveau van ""Good-boy" morality of maintaining good relations, approval of others" of van "Authority maintaining morality" doen ze alsof ze handelen bewogen door "Morality of individual principles and conscience".

Preciezer gezegd: Terwijl ze moorden in opdracht en voor de leider en om zelf geen problemen te krijgen met de autoriteiten of voor eigen voordeel, doen ze alsof en beweren ze dat ze doen wat ze doen uit morele opofferingsgezindheid, vaderlands-liefde, mensen-liefde, liefde voor god of de kerk, of andere ideeële doelen - en ook hiervan is gedeeltelijk gewoonlijk een beetje waar, omdat alle menselijke motieven gemengd zijn, behalve in zeer extreme omstandigheden.

Het hoofddoel van de Ideen is volgens de Conceptie IDEEN Uit Vryen Arbeid :

 ..'t Zal niet gezegd worden dan niemand de ziekte aantastte, de rotte ziekte waaraan dit Volk lydt: de LEUGEN.
Ik zal doen wat ik kan..

Het probleem is dat als "de leugen regeert" (Koningin Beatrix, in een zeer waarachtige bui, of met iets teveel droge sherry op voor 't handhaven van het majesteitelijk protocol) dan is dat omdat de mensen niet anders willen, niet anders durven, of niet anders kunnen als ze maatschappelijk willen overleven, en dat laatste bijvoorbeeld omdat ze onder een politieke of religieuze dictatuur leven.

Het is zowel menselijk om rollen te spelen als daarbij en daarover en daarmee te liegen, te bedriegen, of zich in ieder geval een karakter aan te meten dat men maar gedeeltelijk is, gedeeltelijk wil zijn, of gedeeltelijk kan zijn, en het spelen van een rol - zie 616, 618, 1112 - houdt gewoonlijk al in dat men daarmee en daardoor zichzelf gedeeltelijk vastlegt zich op een bepaalde manier te gedragen in bepaalde omstandigheden en bepaalde doelen na te streven, ongeacht de eigen gevoelens, wensen of ideeën, omdat het dan en daar zó doen tot de rol behoort, en vastlegt dat men althans in z'n gedragingen bepaalde doelen moet bevorderen.

Een rol  is een stelsel conditionele vormen van bewust gedrag en conditionele doelen dat vèr uit kan gaan boven de situatie waarin een persoon zich bevindt of denkt te bevinden, en kan een lang verleden of een lange veronderstelde toekomst met zich meedragen. Er zijn veel rollen - leraar, vader, zoon, echtgenoot e.d. - die iemand vele jaren kan bekleden; andere - gastheer, gast, eerstejaars - die maar enkele uren of hooguit een jaar kunnen duren; er zijn rollen die men moet spelen omdat men lichamelijk zo is (kind, vrouw, oud mens); en er zijn rollen die men geheel zelfstandig kan kiezen, en veel daartussen.

Het is bij uitstek menselijk om rollen te spelen en in theorieen te geloven: Allebei vooronderstellen het vermogen om symbolen te begrijpen en het daarmee samengaande vermogen ver vooruit te denken, te interpreteren, mogelijkheden te zien, het verleden te overwegen, eigen en andermans waarden en ideeën mee te wegen, en te spelen in termen of begrippen die het hier en nu ver te boven gaan, en voor een aanzienlijk deel bewust hypothetisch, bewust onwaarachtig of bewust twijfelachtig zijn, en daarmee ook bewust vaak zowel spel als werkelijkheid zijn zonder duidelijke grenzen tussen de twee.

Er zit dus in het spelen van rollen een grote spelcomponent en veel onontkoombare ambiguïteit over wat men "is", "speelt", "pretendeert", of "probeert te zijn" waar Multatuli zich niet helder van bewust was.

Toch heeft Multatuli voor een aanzienlijk deel gelijk met het citaat wat ik er hier uitgeplukt heb - "Wordt waar!" "Sey wer du bist!" "Agis comme tu penses!", trouwens allemaal uitdrukkingen die M. in dit verband gebruikte ... althans waar het de minderheid van werkelijk begaafden betreft:

Er loopt een fundamentele scheidslijn tussen die mensen die genoegen nemen met of jagen naar de maatschappelijke schijn die succesvolle rollen bieden, en daarmee en daardoor bereid en in staat zijn zichzelf fundamenteel te vervalsen, en een leven van leugens te spelen voor het voordeel van maatschappelijke acceptatie, dat er trouwens vaak uitziet als een leven van plichtsbetrachting in dienst van de autoriteiten, de gemeenschap, het volk, de leider, of de kerk, en die betrekkelijk zeldzame mensen die daar géén genoegen mee nemen, en die voldoende eigen karakter, moed, zelfstandigheid, individualiteit en intelligentie hebben om hun eigen ideeën en waarden te trachten te handhaven ook als de maatschappelijke meerderheid daartegen is.

In deze zin is de Bijbelse oproep, die in het Engels "Do not follow the multitude into evil!" geheel terzake, ook in de suggestie dat de meerderheid gewoonlijk niet beter kan dan ze doet, en trouwens ook niet beter wil, omdat hun goed en kwaad niet teruggaan op hun persoonlijke oordelen en eigen keuzes, maar op maatschappelijk conformisme en persoonlijk bedrog vanwege vermeend direct eigenbelang, of op geloof in autoriteiten of aan modes uit gebrek aan eigen intelligentie: "Kohlberg reports that less than 10 percent of his subjects over age 16 show (...) kind of "clear-principled" moreel denken en handelen.

En een tweede, gerelateerd, punt waarin Multatuli overwegend gelijk had, en deze keer niet over een meer begaafde en moedige minderheid maar over de meerderheid, is dat de meerderheid zichzelf maatschappelijk in stand tracht te houden door conformisme, door leugens, door bedrog, door poses, en door meedoen, altijd onder pretentie goed te doen en goed te zijn, en z'n menselijke plicht te doen door z'n maatschappelijke plicht te doen zoals dat normaal en gebruikelijk is.

Deze meerderheid geeft zich zelden of nooit zoals ze werkelijk zijn en voelen, althans zolang ze niet zwaar beschonken zijn, en kan heel goed begrepen worden uit de woorden, en de kennelijke motieven daarvoor van de Nederlandse troepenleider Karremans voor Srebrenica, die daar sprak en deed en dacht en voelde als geheel gewoon Nederlander, die alleen maar heel moreel heel normaal deed, als Nederlander: "There are no good guys. There are no bad guys. Mladic is my colleague. And please don't shoot the piano player!".

Het resultaat waren 7000 vermoorde burgers die Karremans uitgezonden was te beschermen, en een eeuwig pensioen met eeuwige vakantie te Spanje voor deze echt Nederlandse deugdheld - zodat de Nederlander maar ziet wat in Nederland door de doorsnee en de leiding werkelijk moreel en menselijk geacht wordt, en passend wordt beloond, en met ridderordes gezegend.

En uiteraard: Het excuus is dat de man niet beter of slechter of anders is dan de meesten, niet anders dacht, deed of voelde dan de meesten, en een brave conformist was, zoals de meesten, en inderdaad, weer als de meesten, geen talent, geen karakter, geen moed, en geen vermogens had tot iets anders.

Maar als dat het "menschlich-all-zu-menschliche" niveau van een hoogbetaalde langdurig hoog opgeleide hoge Nederlandse militair is, dan kan iedereen met enigszins behoorlijke hersens, althans wanneer hem of haar het geluk overkomen is niet als Nederlander geboren te zijn, inzien dat dit het maximaal haalbare is, kennelijk, voor de Nederlandse doorsnee en meerderheid - wat althans iets verklaart over de moderne Nederlandse zogeheten beschaving.

Hier is afsluitend een herhaling van een commentaar onder 661, dat ingaat op een experiment dat het de calvinistische God der Nederlanders behaagde te doen tussen 1940 en 1945, toen bijna 10 miljoen Nederlanders de goddelijke kans kregen deugdheld en moraalridder te zijn naar hun vermogen, of collaborateur:

Hier is een Kleine Les Uit De Vaderlandse Geschiedenis, die een antwoord geeft op de vraag: Wat voor soort mens is de doorsnee-Neerlander, en hoe zit 't met zijn/haar Normen en Waarden?

De cijfers die ik gebruik zijn uit standaard geschiedenisboeken:  

inwoners = 9*(10 raisedTo: 6) = 9.000.000
verzet = 3000.  "aantal Nederlanders in het gewapend verzet"
ssed = 24000. "aantal Neerlanders in de Niederländische Waffen-SS e.d."
meelopers = (inwoners - verzet)/inwoners = (2999/3000)

misdadigers = ssed / inwoners = (1/375)

tegenstanders = verzet/inwoners = (1/3000)
vergaste joden = 100000 "minimum aantal vermoorde Nederlanders"
slachtoffers = vergaste joden/inwoners  = (1/90)
"meer dan 1% van de bevolking"

Hier komt het statistisch experiment met Neerlanders in de 2e W.O. dus op neer. Er is een flinke foutenmarge, maar het gegeven beeld is feitelijk adekwaat en onweerlegbaar. De grote meerderheid bestaat en bestond uit collaborateurs en meelopers, met als enig geldig excuus hun eigen gebrek aan verstand en talent, en kennelijk zijn er meer uitgesproken slechte dan uitgesproken goede mensen - en inderdaad is het makkelijker om kapot te maken dan op te bouwen, en vrijwel altijd makkelijker, veiliger, prettiger en beter betalend slecht dan goed te zijn.

Vandaar (maar niet alleen vandaar) mijn aristocratisch pessimisme: Ik heb in mijn leven vrijwel overal vrijwel altijd alleen maar conformisten gezien. En overigens komt de doorsnee mij als dom en laf voor. Ik wil gaarne toegeven dat dit overwegend genetisch noodlot is en geen vrije keus, maar verdom te aanvaarden dat de doorsnee mij gelijkwaardig is, of enig ander mens die werkelijk intellectueel of moreel wat voorstelt (zegge: 1/3000 - zie hierboven) "gelijkwaardig" zou zijn.

"Heer vergeef ze, want ze weten niet wat ze doen!" [1171]


Liefde en waarneming

Wouter is verliefd, en alles wat met zijn liefde te maken heeft krijgt er kleur van. Onze waarnemingen worden gekleurd door onze wensen en waarden. [1172]


Rollen en karakter

- Ieder moet handelen naar z'n overtuiging, en mag handelen naar z'n smaak, zei de moeder.

Zoals bedoeld door Multatuli is het "moet" een "behoort te". Het probleem is dat zowel het één als het ander heel ongebruikelijk is: Mensen handelen niet zozeer naar hun eigen overtuiging als in opdracht, of conform wat ze geloven dat er sociaal van ze verlangd wordt dat ze doen, of tegen betaling, en wat ze van hun smaak tonen heeft daar ook veel mee te maken, of met de modes in kleding, gedrag, meningen of idealen.

Zie ook 1171 en 1112: Mensen spelen gewoonlijk rollen die niet samenvallen met wat ze zelf denken dat ze zijn, en ze doen dat uit angst, uit berekening, tegen betaling, voor 't gemak, om zich niet te laten kennen etc.

Het is een interessante vraag wat nu feitelijk tot een menselijke maatschappelijke rol behoort, en hoe men het verwerft. Dit verschilt veel van rol tot rol, onder andere omdat er voor sommige rollen - arts, burgemeester - veel kennis en vaardigheden nodig zijn die moeite en talent en tijd kosten om te verwerven, en andere - gastheer, man - een stuk minder kennis en vaardigheden en leertijd nodig hebben om redelijk gespeeld te worden.

Waar het standsverschillen betreft is het redelijk aan te nemen dat dit vooral een kwestie van opvoeding en omgeving is. [1177-1]


Standsbewustzijn

Ik heb al opgemerkt in [4] dat zowel Femke als haar moeder heel standsbewust zijn, wat in Multatuli's tijd, en toe niet alleen, onder de hogere stand voorkwam een bijzonder wenselijke eigenschap van de lieden van lager stand te zijn: "Iedereen moet zijn plaats kennen". (Zie ook Vorstenschool, i.h.b. deel 4.) [1177-1]


Emotie

Er is niets zo misleidend als sterke emotie. [1177-2]


Ware Hollanders - 1

- Zeker heeft-i in z'n stuk die vreemde kerels...
     - Sjt!
     ... niet genoeg gevleid. Dat doet geen ware Hollander!
     - Neen, dat doet geen Hollander... nooit!

De welopgevoede Nederlandse lezer weet immers dat dit, in Holland, een waarheid is die de waarheid van 2+2=4 en van het bestaan van een P.G. god verre overstijgt.

De wellicht minder welopgevoede Nederlandse lezer kan 1138 herlezen en er het zijne van denken. (De betreffende deugdheld leeft aangenaam en met een goed pensioen in Spanje. Honi soit qui mal y pense, dans les Pays Bas.) [1178]


Ware Hollanders - 2

- Er is geen beter volkskarakter dan 't hollandsche.

De rechtgeaarde Hollander verwijs ik naar [5]. 't Is dat niet-Hollanders dit niet gaarne toegeven, of anders zouden de Hollanders deze eenvoudige Hollandse waarheid niet zo vaak hoeven te herhalen. [1178]


Menselijke slechtheid

 Waarom zyn er nog altyd booze menschen, als ze toch in de komedie elken avend op hun gemak kunnen te weten komen hoe slecht het afloopt met ondeugendheid?

Hier hebben we een vraag die Wouter zich herhaaldelijk stelde, en Multatuli ook. Ikzelf heb er iets over gezegd onder 423, 817, 1112 en 1171, en zal er meer over komen te spreken onder i1186. [1179a]


Vrijheid van het woord

Dat een schrijver niet verantwoordelijk is of zou zijn voor het proza dat hij schrijft wordt wel eens bediscussieerd met citaten als van Joost van den Vondel dichtte ooit over een theologische faculteit

't Is best die boeven af te danken
Zij grijpen naar der Staten staf.
Best maakt m'er varkensdrijvers af
Gemest met spoeling en met draf."

Dan W.F. Hermans, die ongelovig was:

"De katholieken! Dat is het meest schunnige, belazerde, onderkruiperige, besodemieterde deel van ons volk! Maar die naaien erop los! Die planten zich voort! Als konijnen, ratten, vlooien, luizen. Die emigreren niet! Die blijven wel zitten in Brabant en Limburg met puisten op hun wangen en rotte kiezen van het ouwels vreten!" (Ik heb altijd gelijk, 1951)

Afsluitend het stichtelijk godsvruchtig proza van Gerard van het Reve, die Katholiek was:

"En God zelf zou bij mij langs komen in de gedaante van een éénjarige, muisgrijze ezel (..) 'Mijn heer en mijn God! Geloofd weze Uw Naam tot in alle Eeuwigheid! Ik houd zo verschrikkelijk veel van U', zou ik proberen te zeggen, maar halverwege zou ik al in janken uitbarsten, en hem beginnen te kussen en naar binnen te trekken, en na een geweldige klauterpartij om de trap naar het slaapkamertje op te komen, zou ik Hem drie keer achter elkaar langdurig in Zijn Geheime Opening bezitten." (Nader tot u, 1966)

Over de laatste passage lees ik: "De rechter vond de passage met God als copulerende ezel wel 'kwetsend en godslasterlijk' maar niet 'smalend in de zin der wet'." (En de tweede is een citaat uit een roman.)

Hoe het zij, ikzelf ben een voorstander van volledige vrijheid te zeggen wat men denkt, afgezien van schadende smaad (dus onwaarheden over iemand's karakter of levensloop die deze persoon ook schaden) en bedreigingen met geweld e.d.

Een deel van mijn redenen is dat wat "beledigend" of "kwetsend" zou zijn eenvoudig afhangt van iemand's morele opvattingen, zodat wat "beledigend" is volgens de één de waarheid kan zijn voor de ander, en dat het bijzonder moeilijk of onmogelijk is in veel gevallen om opzet aan te tonen. [1179a]


Reputaties en de media

 In 'n kleinsteedsch landjen als 't onze, steekt men niet uit zonder beklad te worden. Dit is nu eenmaal zoo.

Nee, niet precies, al is het moeilijk heldere regels te geven die alle gevallen dekken. Maar over het geheel en gemiddeld genomen wordt iemand maatschappelijk beschermd of beklad evenredig met z'n maatschappelijke afwijkendheid: Hoe normaler hoe voortreffelijker en hoe meer beschermd; hoe afwijkender hoe minder voortreffelijk en hoe minder beschermd.

Dit gaat ook behoorlijk ver, en bepaald niet overeenkomstig de pretenties van - bijvoorbeeld - redacteuren van kranten, bijvoorbeeld in de zin dat het daar wijd verbreide kennis kan zijn dat deze of gene parlementaire leider een enthousiast bezoeker is van SM-hoeren, terwijl dit nooit in de krant komt precies omdat het een parlementaire leider betreft van een grote geaccepteerde partij. (De PvdA, as it happens.)

"All the news that's fit to be printed" omvat gewoonlijk niet het onvoorbeeldig gedrag van geaccepteerde maatschappelijke rolmodellen. [1180]


 Waarom Multatuli faalde (o.a.)

dit is dan ook één van de redenen waarom Multatuli faalde in zijn ambities een maatschappelijk voorganger en hervormer te worden, waar het hem uiteindelijk om te doen was: Hij trachtte de minder goeden niet te behagen, en mishaagde de meeste gearriveerden. [1180]


Menselijk volgelingschap

Iedereen volgt modellen, en zelfs degenen die geheel nieuwe ideeën of technieken bedenken doen dat nog staande in een traditie. [1181]


Nederlands karakter

  Men haatte, men verwenschte, men vervloekte den vreemden tiran, o ja, maar... liefst op 'n afstand, en binnen'skamers. *)

En achteraf. God's wegen zijn ondoorgrondelijk, maar het is tamelijk mirakels dat in Holland in de Tweede Wereldoorlog ruim 1% van de burgerbevolking is afgevoerd en vermoord, terwijl toch vrijwel de gehele Nederlandse bevolking in het verzet zat, naar eigen zeggen. Achteraf, tenminste.  [1181a]
 


Norm der normen

 .. ook de keizer had gelachen: het mocht dus! ..

Dit is feitelijk een aangave van de norm aller normen bij het rollen spelen (zie 1171): Doen zoals de leiders, voorgangers of prominenten doen, volgens het adagium "If in Rome, do as the Romans do" (dus: If among cannibals, etc.).

Heren der schepping die zich hierover willen verbazen en zich vrolijk willen maken over vrouwen moeten eens de modepaginaas voor vrouwen bekijken, waar dames elkaar voortdurend voorhouden wat deze lente weer zou mogen, zou moeten, en verboden is. De dames der schepping kunnen iets dergelijks zien in autobladen voor heren.

De summa summarum is dat de overgrote meerderheid van de mensen, man of vrouw, een gewillige en geboren volgeling, naäper, imitator en doener alsof is, en geen moed heeft tot zelfstandigheid, individualiteit, of zelf bepaalde waarden, normen, gedragsregels, doelen en waarheden. [1182]
 


Oordelend over doorsnee mensen

Ikzelf neig er toe om, als ik geen relevante kennis van mensen heb, te gissen dat ze waarschijnlijk overwegend conformistisch zijn en onverschillig voor het lot van de meeste andere mensen. [1184]
 


Eigenschap van de meeste waarheden

Deze waarheid schynt zeer eenvoudig, en wordt toch door de meesten niet begrepen.

Zoals overigens het geval is met de meeste waarheden. [1184]
 


Plichten

 Arbeid nu is 't meest doorslaand blyk van moraliteit. Wie dit niet inziet, heeft te weinig gewerkt, en staat dus ook zedelyk niet zeer hoog.

Nee, dit is uit dezelfde grondstof als dat een mens z'n plicht (naastbijliggend) behoort te doen: Zolang niet uitgelegd is wèlke plicht of wèlke arbeid voor wèlk doel is het aandringen op plichtdoen of arbeiden alleen maar een aansporing tot conformisme. [1184]
 


Wat Multatuli wilde

 Ik las dezer dagen eenige Tydschriften, en ben treurig gestemd. Niet om-mynentwil, maar om 't land waar ik 't ongeluk had geboren te te worden. De weerklank die tot my komt...

Ik heb er herhaaldelijk op gewezen dat Multatuli publiceerde om maatschappelijke opgang te maken, wat hij wilde om een maatschappelijk hervormer te kunnen worden. In feite staat éém van de duidelijkste uitdrukkingen van wat Multatuli eigenlijk wilde in "Millioenen-studien", waar ik citeer uit het eind van het hoofdstuk "Onder de grond", waarin Multatuli uitlegt aan een geest waarom hij veel geld wil. Hij schreef dit rond de tijd dat hij Ideen VI schreef, of iets eerder:

"Ik wil geld, Meester, en veel, veel, veel! (..) Ik moet me een plaats kunnen kopen in de volksvertegenwoordinging...
- Worden die plaatsen gekocht?
- Indirekt ja. Of liever ze worden door en met geld verkregen zonder betaling. (..) Ik moet dan, dóór of met geld, me een plaats veroveren vanwaar ik waarheid kan doen horen aan ministers... 'n ministersplaats ook, om de waarheid te kunnen zeggen aan koningen. Geld heb ik nodig om zelf koning te zijn, opdat ik 't recht en de macht bezitte goed te doen aan het volk.... liefst zònder ministers. Geld heb ik nodig voor legers, om menschenslachtende vorstjes te ontttroonen in Afrika... en andere werelddeelen. Geld om bevoegdheid te koopen tot het nazien der boeken van weeshuizen en armeninrichtingen. Geld voor volksbibliotheken (..) Ik heb geld nodig, Meester, tot het bezoldigen van onderwyzers in de natuurkunde, geld voor algemeene hygiéne, geld voor het wegruimen van rivierdyken, die vervloekte oorzaken van watersnood en verzande havens. Geld tot het uitwisschen van grenzen, geld voor vruchtboomen langs de wegen, geld voor den beul...
- Hè?
- Ja, pensioen. Geld tot ondersteuning zonder smaad van invalide burgers, geld tot betaling van - des-noods onvrywilligen - arbeid derzulken die arm werden door traagheid. Geld voor ware, d.i. veredelende kunst. Geld voor genot. Geld voor geluk. Geld voor deugd! En Meester, zóóveel geld wenschte ik, dat er (..) nà dat alles, nog iets overschoot om m'n lief gezin te behoeden tegen gebrek." (Millioenen-studien, p. 51-52, Vierde met zorg herziene druk, 1900). [1184]


Waarom Multatuli ophield met publiceren

 Ik zal trachten m'n stemming te overwinnen, en voortgaan zoo goed of kwaad dan als de bitterheid over kwaadaardige miskenning toelaat of veroorzaakt.

Dit lukte Multatuli uiteindelijk niet erg goed, want na Ideen VII hield hij op met schrijven voor publiek, en deed dat nauwelijks in de laatste 10 jaren van zijn leven. De voornaamste oorzaken zullen psychologisch geweest zijn, namelijk een mengsel van verbittering, teleurstelling, en depressie, maar er waren ook fysieke en financiële gronden, want Multatuli had vanaf ca. zijn 50ste levensjaar steeds meer last van iets dat erg op asthma leek, terwijl hij uiteindelijk door de inzet van zijn bewonderaars en de hulp van zijn uitgever Funke een klein pensioen verwierf, dat hem behoedde tegen het verhongeren, maar zo klein was dat hij ook dat beledigend vond, en een reden om niet voor publiek te schrijven. [1184]
 


Conservatisme en carrière

 Men moet nooit iets doen dat niet op z'n weg ligt. Ziehier een der liefelyke kanten van 'n welbegrepen konservatismus.

De oplettende en intelligente lezer weet dat M. hier ironisch is, en dat hij met "liefelyke" waarschijnlijker wel dan niet "laffe" bedoelde, want dat is de uiteindelijke reden voor de meeste mensen om zich te onthouden van het doen van het goede dat in hun macht ligt als dat niet ook in hun eigen belang is. [1185]
 


Alledaags rollenspel

 Van dien angst en die ongerustheid was geen woord waar. Deze klacht hoorde er zoo by, meende de familie, overigens niet de minste blyken gevende van bekommering over Wouter's lot.

Dit behoort weer bij het rollen spelen dat zo "menschlich-all-zu-menschlich" is, en waar ik wat over heb opgemerkt onder 1171 en 1112, en eerder, namelijk in 73, 74, 136, 276, en 616, 618 en 817.

Kortweg: Het meeste dat normale mensen doen bestaat uit poses en doen alsof, en het ontbreekt hen aan karakter om zichzelf te durven zijn in omstandigheden waar dat redelijk veilig kan of moreel moet. Hun excuus, als ze dat zouden willen maken of hebben, is dat ze te weinig karakter hebben om zichzelf te zijn omdat ze met te weinig hersens zijn geboren om behoorlijk rationeel na te denken.

Trouwens... ik wéét, geachte lezer(es), dat ikzelf een aristocratische pessimist ben, en dat mijn meningen meer dan vreselijk genoeg zijn om mij onmiddellijk terug te doen sturen naar een martelend buitenland door onze aller daadkrachtige en duidelijke Rita Verdonk (ook voor probleemloze vergassingen van onbehoorlijk onautochtoon "Ungeziefer", om met haar Fuitse gelijkwaardigen te spreken), als ik niet - geheel niet door eigen verdienste - een zogeheten autochtone Nedurlander zou zijn geweest, maar overigens... mijn meningen over mensen-in-doorsnee verschillen niet bijzonder van die van vele klassieke filosofen, al zijn ze anathema onder doorsnee Nederlanders. Lees toch eens wat Confucius, bijvoorbeeld! ("The wisdom of Confucius" van Lin Yutang is een goede keus.) [1185]
 


Religie is wensdenkerij

 Dat ook hier alweer 't onbruikbaar-goddelyke uitloopt op ongerymdheid, spreekt vanzelf.

Ja, maar het fundamentele probleem met aannames van een godheid is niet de "ongerymdheid", al is ook dat gewoonlijk het geval, maar het feit dat de gelover verkiest z'n eigen wensen voor waarheden te houden, ongeacht evidentie, en meestal ook zonder veel of enige zelfstandige moeite om te proberen objectief en feitelijk te redeneren.

Religie is wensdenkerij, met de valse pretentie boven kritiek te staan, gewoonlijk vanwege het ook al valse voorwendsel dat de religieuzen (van een welbepaald geloof) het zo vreselijk goed zouden menen. Wel, als dat waar was, dan zouden ze eerlijker en rationeler redeneren, om te beginnen. [1186]
 


Wil tot goed zijn

 - Zeker, zeker, m'n jongen, ik ken dat! In zulke stemming zou je overal willen zyn, alles willen regelen, beheerschen... alles goed-maken, niet waar? Je hebt 'n gevoel alsof je voor alles aansprakelyk was. Het hindert je dat er zooveel verkeerds is in de menschen, en dat zy... o ja, ja, ik ken dat zeer goed!

Hier spreekt Multatuli ook voor zichzelf. Het komt vaker voor, maar niet in democratische meerderheid, en schijnt vooral een eigenaardigheid van sommige hoogbegaafden. Zie 1171 voor wie enige achtergrondkennis wil. [1186]
 


Vraag aan wereldverbeteraars

 Maar, eilieve, denk eens na over de middelen die je ten-dienste staan. Hoe zou je 't aanleggen om iets te verbeteren?

Dit is een uitstekende vraag voor wereldverbeteraars, en 't mag aangenomen worden dat M. deze vraag hier ook minstens enigszins aan zichzelf stelde, o.a. omdat zijn langjarig pogen maatschappelijke opgang te maken met zijn schrijven, om zich aan het hoofd van een maatschappelijke verbeteringsschare te scharen, in Nederland of Nederlands-Indië, rond de tijd dat hij dit schreef evident mislukt was. [1186]
 


Menselijke slechtheid - 2

 - Meen je dat àlle menschen slecht zyn? Dit mag je toch niet aannemen, dunkt me.

Toch is dit wat de P.G. waarin Wouter opgevoed was leerde, en wel als het gevolg van de goddelijke wil vanwege Adam's en Eva's nieuwsgierigheid naar kennis, vooral van sex.

En de gelovigen van de P.G. hebben een beperkt en metaforisch gelijk: "Alle" mensen zijn niet slecht, en "alle" mensen zijn ook niet goed, maar helaas is het kennelijk wel zo dat de meeste mensen conformist zijn, uit welbegrepen eigenbelang, uit begrijpelijke angst (in politiestaten, bijvoorbeeld), of vanwege domheid en onvermogen zelfstandig tot rationele en redelijke konklusies te komen. [1186]
 


Waarom de wereld niet beter is

 Onder die menschen zyn er gewis velen die 'tzelfde wenschen als jy. Waarom veranderen zy de wereld niet?

Er is een veel betere soortgelijke vraag, die vooral jonge wereldverbeteraars over het hoofd plegen te zien: Waarom hebben de voorgaande geslachten geen betere wereld nagelaten?

Wel... àls "de" mensen in staat waren geweest een samenleving tot stand te brengen waarin iedereen rechtvaardig het zijne krijgt, dan was dit allang gebeurd. Het is niet gebeurd omdat mensen daartoe niet in staat of niet gewillig zijn, en gewoonlijk beide. Daarbij: Eén belangrijke reden voor zowel het niet in staat als het niet gewillig zijn is dat mensen het niet met elkaar eens kunnen worden over wat een betere wereld zou zijn, en hun oordelen daarover laten afhangen van hun illusies of eigenbelang. [1186]
 


Zelfbewuste goede mensen

 - Welnu? Komaan, ik zal je helpen. Geloof je dat ik 'n goed mensch ben?
      - O ja, riep Wouter hartelyk.
      - Ei? Nu, ik geloof 't ook. Ik zou me schamen als ik dit niet durfde zeggen.

Dit was ook Multatuli's eigen mening over zichzelf. In Nederland geldt dit als onbehoorlijk, onwellevend, en als "eigen roem stinkt" - maar er valt veel voor te zeggen dat er in Nederland heel weinig goede mensen zijn, en veel leugenaars en conformisten. [1186]
 


Nederlandse morele voortreffelijkheid

De slavenhandel werd in 1807 afgeschaft door het Engelse parlement, na een langjarige campagne van zowel verlichtingsdenkers als bewogen christenen. In Nederland duurde dit tot 1865. Wat dit aantoont over het Nederlands karakter, if anything, of over de bijzondere moraliteit van de onder - soi-disant - liberalen nog steeds bewonderde Thorbecke (zie 451, 452 en 972), mag de lezer zelf uitmaken. [1186]
 


Ontwikkelingswerk en goede doelen

het lijkt hier de plaats twee algemene opmerkingen over zogeheten ontwikkelingswerk te maken, waarmee ik dan bedoel: Hulp door europeanen aan zogenaamd onderontwikkelde landen.

De eerste is dat er ondanks de ontstellend grote armoede in Nederland (zie 451 en 829) al in de 19e eeuw wel degelijk aan ontwikkelingswerk werd gedaan, alleen niet onder die naam. Men noemde het meestal zendelingenwerk, en het ging vooral om het financieren van missionarissen en bijbels.

De tweede is dat de meerderheid van het ontwikkelingswerk, toen en nu, lijkt onderworpen aan wat ik de wet op de hulpverlener noem: De hulpverlener verleent hulp ... aan zichzelf. Dit geldt voor artsen, missionarissen en ontwikkelingswerkers, en de laatste schijnt toch vooral een acceptabele manier geweest te zijn om meisjes en jongens uit de betere standen enige jaren betaalde vakantie met status en ook vaak studiepunten te verschaffen, onder het voorwendsel allerlei goeds te doen voor de minderbedeelden, en een aantal professionals langdurig en goed financieel te onderhouden.

Er is niets dat zo vaak misbruikt is als goede doelen, en ook niets dat zich beter tot misbruik leent dan goede doelen. [1186]
 


Plichtdoen

 - Geen dank, m'n jongen! 't Kwam me voor, dat het m'n plicht was, en ik deed het: omdat het kòn. Wat niet kan, is m'n plicht niet!

Hier onderwijst dokter Holsma de klassieke romeinse rechtsregel "non posse nemo obligatur" en past deze toe. Het probleem is natuurlijk dat iemand die z'n plicht niet wil doen maar al te makkelijk geneigd zal zijn te denken dat het doen van z'n plicht feitelijk onmogelijk is, dus niet hoeft.

Onmogelyke plicht is géén plicht, en het jagen daarnaar staat het vervullen van onze werkelyke plichten in den weg.

De échte vraag is natuurlijk: Welke van de dingen die ik mij tot plicht reken behoren redelijkerwijs tot mijn plicht; zijn voor mij praktisch doenlijk; en rijmen met de algemene doelen die ik mij gesteld heb?  [1186]
 


Morele beperking

 Onder de millioenen zaken die je zoudt willen doen, zyn er slechts weinigen die je zoudt kunnen doen.

Dit lijkt me een Holsema'se verwerking van het franse gezegde "Souvent, on faites ce qu'on peut et pas ce qu'on veut" - gewoonlijk moet men vrede hebben met te doen wat men kan en niet wat men wil. [1186]
 


Naastbijliggende plicht - 1

 Bemoei je voorloopig alleen met die weinigen. Dàt is de weg om verder te komen. Vraag altyd jezelf af: ‘wat wordt er op dit oogenblik van me gevorderd?’ en gebruik niet de ingenomenheid met het vermeend hoogere, als voorwendsel tot verwaarloozing van wat je lager toeschynt.

Hier valt veel voor te zeggen, waar het adviezen aan een puberende jongen betreft, en soms ook aan anderen, maar wie wat verder is of denkt te zijn moet zich toch zelf afvragen wat de redelijkheid is van de vorderingen die aan een persoon gesteld worden. Aangezien vorderingen uiteindelijk altijd vorderingen van personen aan personen zijn is dit ook geen onrechtmatige vraag. [1186]
 


Maatschappelijke eminentie

het blijft een feit dat individuele verdienste en maatschappelijke waardering zelden of nooit samenvallen, en vaak onafhankelijk of tegengesteld zijn.

De meeste maatschappelijke eminentie gaat niet terug op persoonlijke excellentie, maar op het geboortig zijn in een welstaande familie en het daardoor hebben kunnen doorlopen van enig behoorlijk onderwijs. [1186]
 


Naastbijliggende plicht - 2

Het probleem is natuurlijk als onder [17]: Van wie komt die verplichting, en hoe redelijk gefundeerd is deze? [1186]
 


Over Multatuli's falen

 Minacht de moeielykheden niet, die je te bestryden hebt. Dit zou juist oorzaak kunnen worden van 'n treurige nederlaag.

Dit zou wel weer eens terug kunnen gaan op een Multatuliaanse "note to self". Zo is redelijk wat te zeggen voor de stelling dat Multatuli herhaaldelijk zijn eigen kansen geruïneerd heeft door z'n tegenstanders te onderschatten of door zichzelf te overschatten.

Aan de andere kant: Mijn eigen inschatting is dat iemand als Multatuli niet kon slagen in zijn maatschappelijke ambities in het Nederland waarin hij leefde, aan de ene kant omdat hij teveel kritiseerde en nastreefde en omver wilde gooien om meer dan aan een heel kleine minderheid te kunnen behagen en aan de andere kant omdat hij niet het karakter had om een succesvol maatschappelijk voorganger te kunnen zijn voor langere tijd. [1186]
 


Zelfbeheersing en verbeelding

Ieder mens heeft zelfbeheersing nodig, maar verbeelding is iets wat zich moeilijk knotten laat als men 't heeft, en is spontaan. [1186]
 



Droom en werkelijkheid

dat we heel goed in staat zijn alledaagse droom en alledaagse werkelijkheid te onderscheiden. Maar - als we dromen dan leven we, en overigens is een goed argument voor wie toch geneigd is zich af te vragen of de alledaagse werkelijkheid geen illusie is dat mensen het ééns kunnen worden met andere mensen over dingen die ze allebei ervaren als deel van hun eigen alledaagse werkelijkheid, terwijl men het met die anderen over tal van zaken oneens is. [1186]
 


Naastbijliggende plicht - 3

 - De ware verhevenheid, ging Holsma voort, is dat men doet wat men doen moet, zelfs 't geringe.

Dit betekent zoveel als: een goed mens doet wat z'n plicht is. Ik zeg niet nee, maar word er ook niet door gesticht.

Daarbij: Er is een flink onderscheid met de leerstelling van mevrouw Holsma waar Wouter zo tevreden mee was, namelijk 'Ieder mens moet handelen naar zijn overtuiging'. [1186]
 


Over "alles is in alles"

 Wel beschouwd, is de wereld veel kleiner dan je meent: alles raakt elkaar!

Dit - "alles is in alles" - was één van Multatuli's liefste denkbeelden. Er is iets voor te zeggen, maar er is evenveel te zeggen voor het tegengestelde en meer voor een aanvulling: Alles raakt elkaar, direct of indirect, maar veel ontwikkelt zich toch op eigen kracht en onafhankelijk van veel dat het geval is. [1186]
 


Eigenaardigheden van Multatuli

Alhoewel zowel de biografie van W.F. Hermans van Multatuli als die van Dik van der Meulen redelijk zijn gaan ze niet in op diverse eigenaardigheden van Multatuli, zoals zijn grote zenuwachtigheid en zijn kennelijke aanleg voor manische depressiviteit. [1186]
 


Echte liefde

M.'s verwijzing naar 508 is relevant, net als mijn opmerking daarbij. Maar met "de zucht om goed te zyn" als karakteristiek kenmerk "van het beminnen" kom ik niet ver, of niet veel verder dan de pretenties van priesters en dominées. Het gaat hier niet om "zyn" maar om doen: Wie werkelijk van iemand houdt wil moeite doen om zo iemand in leven te houden, te beschermen, te zorgen dat het hem of haar goed gaat etc. [1186]
 


Wat nodig is voor zelfstandigheid

Hy was evenmin nieuwsgierig als de velen die na de lezing van Genesis, nu eens-vooral meenen te weten: ‘waar alles vandaan gekomen is’ en geen lust hebben in 'n onderzoek dat hun die genoegelyke zekerwetery zou kunnen kosten. Hierin zal dan ook wel de oorzaak liggen, dat voor zekere gemoederen slechts de fabel 't kenmerk van de waarheid draagt.

Juist, en hier ligt een verband met wat ik eerder in 1171 probeerde uit te leggen in verband met de rollen die mensen spelen, en die vaak de mensen die ze spelen overvleugelen - of daarvoor gebruikt worden: Werkelijke zelfstandige individuen met karakter zijn persoonlijk geïnteresseerd in waarheid en waarachtigheid, en doen daar persoonlijk moeite voor, terwijl individuen met weinig of geen karakter genoegen nemen met illusies, ficties, pretenties, poses, en doen alsof, en daar hun trots in vinden ("doe gewoon, dan doe je al gek genoeg").

Daar komt bij dat het werkelijk enig intellectueel talent vergt, naast wat persoonlijke moed en karakter, en enige tijd en gelegenheid, om de politieke en religieuze wanen van de dag of het tijdperk kritisch te beschouwen en rationeel te onderzoeken. [1186]
 


Geschiedkundige opvolging

Ja, en feitelijk blijken de volgende geslachten - sinds mensenheugenis, lezer - even onnozel als de voorgaande, en even onwetend, en is feitelijk ieder volgend geslacht gedwongen geheel van voren te beginnen, alleen geholpen of misleid door de wetenschap, cultuur, politiek en religie temidden waarvan men geboren is, die de doos van Pandora vormen die de voorgaande geslachten aan het nieuwe geslacht bieden. [1186]
 


Werkelijke individuen

Werkelijke individuen streven naar waarheid en waarachtigheid, al weten ze ook, indien voldoende intelligent, dat dit veeleisende doelen zijn die boven de vermogens van velen gaan. [1186]
 


Echte liefde

Echte liefde is persoonlijk en geldt een persoon. [1186]
 


Oorzaak van menselijk handelen

En overigens is het minstens een beetje een probleem dat alles dat in eigen macht licht dat men kan doen aan verbetering van zijn eigen lot moet beginnen als een "fantastische begeerte", en in het begin nauwelijks meer kan zijn dan dat, met een mogelijke kans ooit verwerkelijkt te worden. [1187]
 


Gewoon menselijk onbegrip

Ik haalde het eruit om op te kunnen merken dat dit soort misvattingen heel menselijk en heel gebruikelijk zijn: Iedereen vergist zich over veel dat hij over anderen denkt. [1187]
 


Naastbijliggende plicht - 4

Wouter voelde zich nog juist bytyds gewaarschuwd dat-i weer bezig geweest was met het verbodene, met iets anders dan de naastbyliggende werkelykheid. Zóó had de dokter gezegd!

Zie [2]: Ook niet precies - en wellicht was "naastbyliggende werkelykheid" beter geweest dan "naastbyliggende" plicht, omdat het laatste toch gewoonlijk neerkomt, en in Wouter's positie neer moest komen, op doen wat men opgedragen wordt te doen. [1187]


Drie soorten rollenspelers

 Hy voelde dat dit hem 'n zot voorkomen gaf, en de neiging meedeelde om te spreken als Stoffel, maar 't was juist dit gemaakte, dit onnatuurlyke, waarmee hy, volgens de niet geheel onjuiste menschkundige berekening zyner moeder, de gunst moest winnen van z'n nieuwe chefs.

Hier leren we weer iets wezenlijks over het spelen van rollen: Er zijn, breed genomen, drie soort spelers van maatschappelijke rollen.

In de eerste plaats, zij die zich niet (langer) bewust zijn dat ze een rol spelen, en in hun rol geloven alsof deze rol omschrijft wat ze zelf zouden zijn. Dit kan betrekkelijk goede redenen hebben.

In de tweede plaats, zij die zich bewust zijn dat ze een rol spelen, en zich op liegen en bedriegen toeleggen vanwege de voordelen die dit biedt of omdat dit tot de rol behoort.

In de derde plaats, zij die rollen spelen omdat het niet anders kan.  [1187]
 


Troost over menselijke onvolmaaktheid

al moet ik toegeven dat ikzelf troost zoek in de overweging dat domheid gewoonlijk aangeboren is, dus weliswaar tragisch en pijnlijk is, maar ook niet ontkoombaar en niet laakbaar. Er is enige troost te vinden in de overweging dat de meeste mensen te dom zijn om slecht te zijn met opzet, en het kwade dat ze doen verrichten uit conformisme, plichtsgevoel of idealisme. [1187]


Modes

 dat er allerlei modes in allerlei dingen zijn [1191]
 


Menselijke verschillen

Het kan zijn dat de verschillen tussen mensen in intellectuele aanleg kleiner of anders zijn dan vaak beweerd wordt, maar feit blijft dat maar een minderheid in staat is een echte wetenschap (natuurkunde, scheikunde) in een echte universiteit met goed gevolg te studeren, en dat sommige een talent hebben in een mate die maar heel weinigen hebben. [1191a]
 


De Rede

Waar M. kennelijk naar verwijst in "Millioenen-Studien" is kennelijk vooral deze passage:

Wy allen zyn meer of min krankzinnig. Even als men in de rykste schoonste hoofdstad achterbuurten vindt waar armoed zich op afzichtelyke wyze vertoont, zouden wy, goed zoekend, in onze hersenen 'n ongezonde plek vinden. en misschien meer dan één. Men kan er zeker van zyn dat zoo'n fout in ons organisme heerschzuchtig is en naar uitbreiding streeft. Het is onze plicht haar te leeren kennen, en ons tegen overweldiging te verzetten. De hulp van God is hiertoe noodig. Zonder Hem zyn we niets, weten we niets, kunnen we niets. Wie de wonde plek in z'n denkvermogen laat doorkankeren  - en dit wordt onmisbaar 't geval wanneer we Gods hulp versmaden - maakt zich schuldig aan zelfmoord. Stipt gezegd is iedere krankzinnige goddeloos. Hy diende z'n God niet.
Die God heet LOGOS, de REDE. Hy is wys, goed, eeuwig, almachtig, trouw. Zyn bestaan rust op de waarheid der feiten. Hyzelf is de waarheid.
Hoe dienen wy Hem? Door Hem - d.i. de waarheid - te zoeken. Hoe beleedigen wy Hem? Door waarheid te versmaden. Door 't bederven der middelen die ons gegeven zyn om de waarheid te benaderen. Welke ritus is de geschikste om den godsdienstigen zin levendig te houden? Denken, overdenken, redeneeren. Wie redeneert dient de REDE, en de REDE "zal u vry maken".
Als onderwerp van denken kieze men by voorkeur.... eenvoudige grondwaarheden. In majesteit van symmetrische logiek staan ze op gelyken trap met de meest ingewikkelde vraagstukken, die allen en altyd uit zulke eenvoudige gegevens zyn samengesteld. (Millioenen-studien, p. 158-59, Vierde met zorg herziene druk, 1900). [1191a]


Naastbijliggende plicht - 5

 Z'n eenige zorg was, geen geluid te maken, om vooral m'nheer Dieper niet te hinderen. Dit was nu - o Holsma! - z'n meest-nabyliggende plicht.

Hier zien we een dubbele tekortkoming van Holsma's regel: Hij had geen uitleg gegeven hoe een "plicht" te herkennen, en al evenmin hoe vast te stellen welke van diverse plichten "z'n meest-nabyliggende" was. Dit is trouwens een tekortkoming van de meeste morele regels: Ze komen niet met een bijgaande regel voor hun behoorlijke toepassing, noch met een bijkomende regel over hun relatieve belang. [1193b] 


Oneerbiedige natuur

Geen oneerbiediger ding dan de Natuur!

Immers, zoals de Chinezen zeggen: "Voor de natuur zijn allen als strooien poppen". Eerbied en mededogen voor de mens kan alleen de mens opbrengen, al is dit menselijke de meeste mensen tegenover de meeste  mensen veel te veel  gevraagd. [1193c]


Over "Multa tuli"

 ‘Er moet veel leeds geleden zyn,
      Er moet veel stryds gestreden zyn!’

Ik geloof juist niet dat altyd - zooals de goede Kamphuyzen, misschien om 't rym slechts, beweert - het eind van dat alles: ‘vrede’ wezen zal. Maar... zelfgevoel toch, en hoogmoed, en de betrekkelyke kalmte die de belooning is van 't:

Multa tulit fecitque puer, sudavit et alsit!

Hier zijn we dan aangeland bij de Horatiaanse bron van Eduard Douwes Dekker's schrijversnaam: De jongen arbeidde stevig, en at en dronk daarna. Er is wel eens opgemerkt dat de waarachtige betekenis van "Multatuli" is - of moet zijn - "ik heb veel gedragen", en niet "ik heb veel geleden", en al helemaal niet "ik heb veel gestreden".

Nu, om te beginnen is "Multatuli" geen Latijn, maar een samentrekking van twee Latijnse termen, en overigens is men vrij betekenissen aan woorden toe te kennen zoals men wil. Mij lijkt dat deze passage de zin geeft van Eduard Douwes Dekker's pseudoniem zoals hij die zelf wenste te verstaan, als de naam van een man die veel geleden en gestreden had, en die dat aan wenste te duiden door die naam. [1193d]
 


Moeilijke nietigheden

De zwaarste beproevingen worden ons opgelegd door nietigheden. Zy overvallen ons dagelyks, telkens, aanhoudend, en vinden ons meestal ongewapend. Bovendien, er wordt geen eer behaald in zulken stryd. Mozes en de ‘Heer’ wisten 't wel. Ze plaagden Egypte niet met tygers, maar met sprinkhanen.

Juist, en dat niet omdat nietigheden per se zwaar te dragen zijn, maar omdat ze met zo velen, zo onverwacht en zo vaak komen, en in meerderheid onafwendbaar zijn. Zowel het grote als het kleine geluk ligt besloten in het kleine en alledaagse - in hoe men is, maatschappelijk mag zijn en individueel durft te zijn. En: Wie zich niet groot toont in het kleine is niet groot, zomin als wie het grote niet in het kleine kan zien. [1193e]
 


Kantoorwerk

Ook ik heb diverse jaren versleten "op k'toor" als "kant.bed." in diverse functies, en ben er al evenmin beter of wijzer van geworden, behalve in het verwerven van de kennis dat maar een heel klein deel van de werkzaamheden "op k'toor" doelmatig, zinnig en nodig waren. Vrijwel alles wat gedaan werd diende 't ophouden van stand en pretenties, en aangezien dit op alle kantoren zo was waar ik gewerkt heb, wat er vrij veel geweest zijn, ben ik zo vrij dit als een algemene karakteristiek van kantoorwerk te beschouwen: 't Is nauwelijks werk en overwegend theater.

Trouwens, omdat ik ook wel eens in andere functies gewerkt heb: Boeren en bouwvakkers werken écht - en produceren dan ook iets anders dan bedrukt papier. [1194] 
 


Zeldzaamheid van eigen ideeën

de overgrote meerderheid van de mensen, ook academisch bekwaamde, en zelfs Neerlandistieke letterkundigen, hebben nu eenmaal vrijwel geen eigen ideeën of meningen [1194]
 


Kunst en propaganda

 Men schynt nog altyd niet te weten wat 'n artist is, en verwart hem gedurig met 'n katechizeermeester.

Dat is nog steeds zo, en Orwell heeft met redelijk veel recht in dit verband beweerd dat "All art is propaganda". Het lijkt me overdreven, maar het geldt voor veel van wat kunst wordt genoemd: Er wordt iets getoond of vertoond met het doel iets aan te tonen, te verduidelijken, steunen of aan te klagen.

Het zoeken naar rechtstreeksche leering in kunstprodukten, bederft de ware leering die de kunst aanbiedt.

Het ligt ingewikkelder, was het alleen omdat er een aanzienlijke hoeveelheid kunstwerken zijn, zoals een deel van de religieuze kunst, en het socialistisch realisme, die gemaakt zijn om een bepaald standpunt uit te dragen, en dus bestaan omdat ze propaganda zijn. [1197]
 


Neerlands volkskarakter

 Is dit domheid? Is dit boosaardigheid? Is 't beide tegelyk: neerlandisme?

De lezer kàn geen doorsnee Nederlander zijn, zelfs niet als Calvinist, indien hij of zij meent dat voor het gestelde redelijk wat te zeggen valt, in doorsnee, en met uitzonderingen. Maar overigens - van een volk gezegend met zulke uitzonderlijke mensen als Verdonk, Nawijn en Fortuyn, en niet te vergeten met zulke waarachtige deugdhelden als Karremans kan toch alleen maar gedacht worden in termen van intelligent en goedaardig, onder echte autochtone Neerlanders? [1199]
 


God's bestaan

Dit is natuurlijk een variant op Voltaire's "Als God niet bestond, dan zou hij moeten worden uitgevonden". Het zal wellicht ironisch bedoeld zijn (Voltaire geloofde, maar niet zoals de meesten), maar het klinkt toch vooral als "Hoe meer illusies hoe beter", en dat kan niet waar zijn. [1201]
 


Alledaagse moraal

Ik heb dit eruit gelicht als bijzonder goed voorbeeld van hoe alledaagse moraal feitelijk werkt: Wie een ander kwaad wil doen begint met de ander te beschuldigen het kwaad te hebben gedaan dat men 'm zelf wil aandoen "in reactie", en doet het dan.

Zo begon de Tweede Wereldoorlog ook, net als de Vietnam-oorlog: Met een zogenaamde aanslag van de veel zwakkere tegenstander, die als voorwendsel diende om deze oorlogen te beginnen. [1202]

 


Maatschappelijk functioneren

 En wèl word ik boos by 't ontwaren van lieden die, niets zynde, niets kunnende, en nooit iets degelyks hebbende uitgericht, 'n plaats in de Maatschappy innemen, welke hun meerderen toekomt. Ze zyn dieven.

Hier zijn minstens twee nogal principiële tegenwerpingen te maken.

In de eerste plaats is het altijd zo gegaan, in alle bekende menselijke maatschappijen van enig formaat: Ze zijn pyramidaal geconstrueerd, met weinigen aan de top met veel macht, rijkdom of status, en velen aan de bodem of tussen bodem en top, en dusdanig ingericht dat gemiddeld en gewoonlijk de volgende geslachten bij benadering dezelfde posities innemen als hun ouders deden.

Men kan dit afkeuren op morele of andere gronden, maar zo is het wel gewoonlijk geweest onder mensen, en het zegt dus vrij veel over gemiddelde mensen, hun vermogens en hun mogelijkheden. 

In de tweede plaats ziet de meerderheid de ongelijkheden in de maatschappij anders dan Multatuli deed, en houdt ze voor goed of anders voor onontkoombaar. [1205]
 

Excerpt uit commentaren van MM bij Ideen 6 B - 1141-1205    - Index 6B