Excerpt uit commentaren van MM bij Ideen 3 F - 860 t/m 928      - Index 3F


Leerplicht en hoogbegaafdheid

Wat leerplicht betreft: Ik ben er een voorstander van omdat de doorsnee anders weinig of niets leert, terwijl behoorlijk geschoolde mensen toch noodzakelijk zijn om een op wetenschappelijke technologie draaiende moderne maatschappij gaande te houden. Werkelijk hoogbegaafden zijn echter zelden of nooit gebaat bij (en heel  makkelijk geschaad door) onderwijs dat begroot is op de middelmaat, en het is niet toevallig dat de meest opvallende getalenteerde tieners hun opleiding thuis of aan een heel klein en speciaal instituut hebben ontvangen: Kennelijk is er iets in normaal schoolonderwijs dat nogal vanzelfsprekend strijdig is met de creativiteit van werkelijk hoogbegaafden. [861]


Rijk en arm

"...de boer nam van de geboorte af evenveel voorwerpen waar, als 't kind van den rykste. De Natuur is overal gevuld."

Nee. Je kunt net zo goed zeggen dat een gevangene evenveel meemaakt als iemand die in vrijheid leeft. Wie 1000 stenen zag die zag evenveel dingen als wie 1000 steden zag, ja ... maar het gaat niet om het aantal maar om de variatie, soorten en contrasten. Het leven van een rijke is evenzeer gevuld met gebeurtenissen als dat van een arme, maar wie rijk is heeft meer mogelijkheden, meer keuzes en - indien enigermate begaafd - een rijker menselijker ervaring. (Geld maakt niet gelukkig, maar het vergemakkelijkt wel veel, en geeft meer mogelijkheden.) [862]


Rationeel denken

"...de boer nam van de geboorte af evenveel voorwerpen waar, als 't kind van den rykste. De Natuur is overal gevuld."

Nee. Je kunt net zo goed zeggen dat een gevangene evenveel meemaakt als iemand die in vrijheid leeft. Wie 1000 stenen zag die zag evenveel dingen als wie 1000 steden zag, ja ... maar het gaat niet om het aantal maar om de variatie, soorten en contrasten. Het leven van een rijke is evenzeer gevuld met gebeurtenissen als dat van een arme, maar wie rijk is heeft meer mogelijkheden, meer keuzes en - indien enigermate begaafd - een rijker menselijker ervaring. (Geld maakt niet gelukkig, maar het vergemakkelijkt wel veel, en geeft meer mogelijkheden.) [864]


Geschiedenis en religie

de meeste geschiedenis-boeken zo goed als de meeste religieuze teksten beogen niet te beschrijven hoe de werkelijkheid is, volgens de beste bestaande objectieve evidentie, maar hoe een bepaalde groep wenst dat de werkelijkheid behoort te zijn volgens de vermeende belangen van die groep. Geschiedenis en religie, zoals ze geschreven en uitgedragen worden, zijn gewoonlijk primair ideologisch en staan in dienst van de echte of vermeende belangen van "'n Volk". [865]


Montessori-onderwijs

 "Wat we op de school leeren, is uit den aard der zaak... schoolsch, en maakt 'n onaangenamen indruk."

Waarom is het eigenlijk zo dat "schools" zo'n negatieve klank heeft? Kennelijk omdat de ervaring algemeen is dat wat men op school leert weinig of niets te maken heeft met de werkelijkheid waarin men leeft en omdat het leren altijd met dwang gepaard gaat. Immers: de leerling wordt geacht (en zo nodig  gedwongen) aanwezig te zijn en iets te kunnen of doen wat 'm gewoonlijk nauwelijks interesseert of raakt.

Het enige schoolsysteem waarvan ik meen te weten - niet uit eigen ervaring - dat kinderen er gewoonlijk met plezier naar toe gaan is het Montessori-systeem, dat beoogt kinderen zoveel mogelijk vrij te laten hun eigen vermogens te ontwikkelen.

Schools geleerd. Maar het is waar dat het onderwijs, zoals het gewoonlijk gegeven wordt, voor een deel kapot of onmogelijk maakt wat het als doel heeft te cultiveren .[866]


Schijnheiligheid

De wereld zou meer deugen met minder schijnheiligheid. [866]


Schoolkennis

dat vrijwel iedereen vrijwel alle schoolkennis snel vergeet zodra ie van school is. Maar dit is slechts gedeeltelijk waar en ook niet waar het werkelijk om gaat. Ik veronderstel dat ik het grootste deel van de grammatikale kennis van Engels, Frans en Duits die ik op m'n 15e moest hebben op school vergeten ben of althans niet paraat heb voor een voldoende met een proefwerk, maar desalniettemin lees ik de genoemde talen makkelijk en in feite een stuk beter dan toen ik 15 was. Schoolkennis is immers weinig meer of anders dan de voorwaarden voor het verwerven van echte kennis, die men zelfstandig en individueel verwerft. [867]


Socratische wijsheid

Nu, de uitspraak "hoe meer ik weet, hoe meer ik inzie niets te weten" is dan ook een evidente tegenspraak, net als "hoe meer ik eet, hoe minder ik eet". M. heeft het verderop in dit idee over Socrates, die ook iets dergelijks beweeerde, maar dat ongetwijfeld ironisch deed: Wat Socrates probeerde was z'n mede-Atheners duidelijk te maken dat veel van wat z'n mede-Atheners meenden of zeiden stellig te weten helemaal geen kennis, geen weten, was, maar gewoonlijk vals en onkritisch geaccepteerd (bij)geloof. [868]


Oneindige onwetendheid

"Hoe weten we dat ons niet-weten oneindig is?". Uit ons vermogen te kunnen tellen: We weten immers dat 1 een getal is en weten dat gegeven enig getal x we er een nieuw getal y=x+1 krijgen door bij x 1 op te tellen. En we weten ook dat we betrekkelijk snel geen namen meer hebben voor de getallen die we zo kunnen bereiken, en overigens dat ieder nieuw getal nieuwe eigenschappen heeft (want anders zou 't niet verschillen van een voorgaand getal, en - dus - niet nieuw zijn). [869]


Menselijke en schoolse kennis

- zeer schoolse! - misvatting van wat kennis is, namelijk alsof kennis zou bestaan in het beantwoorden van vragen waarvan de antwoorden kant en klaar in boekjes staan. Een dergelijk vermogen helpt in het passeren van schoolexamens, maar is overigens niet wat de naam menselijke kennis verdient:

Echte menselijke kennis is het vermogen dingen waarachtig te kunnen verklaren. Het is het resultaat van het samenspel tussen logisch redeneren, creativiteit in het vinden van de juiste aannames, en het bezitten van de noodzakelijke weetjes voor het opstellen van de verklaring die men zoekt. En het bezitten van die weetjes is veel minder belangrijk dan het vermogen ze snel te kunnen vinden indien er behoefte aan is, waarvoor niet zozeer een uitgebreide feitenkennis nodig is als wel een goede kennis van welke feitenkennis er bestaat plus het vermogen dit snel te doorzoeken. (Niemand kent het woordenboek of logarithmentafel uit z'n hoofd. Waar het om gaat is weten hoe, wanneer en waarvoor deze te gebruiken.)

En bruikbare schoolkennis bestaat uit begrippenkaders die overige kennis en ervaringen een plaats, maat en interpretatie helpen geven. [870]


School en ideologie

Wèl waar is dat een groot deel van het schoolonderwijs in feite ideologisch onderwijs is: Men wordt onderwezen in hoe zich te gedragen, spreken, denken, doen en waarderen volgens de heersende maatschappelijke normen en gebruiken (of volgens de groep die het onderwijs verzorgt). [871]


Kennis en doorsnee

M. was - in ieder geval tot rond z'n 55ste - optimistischer over doorsnee-vermogens dan ik. Mij dunkt het ten naaste bij even moeilijk om werkelijk begaafden het denken áf te leren als om de doorsnee de hogere wiskunde ààn te leren. De meeste mensen willen en zoeken geen kennis, heel kleine en bijzondere gebiedjes daargelaten (als: "de genealogie van mijn trotse familie!" of "de geschiedenis van Ajax" (de voetbalclub, niet de Griekse held)). Ze hebben er dan ook geen bijzonder talent voor, en willen geen geleerd maar een plezierig leven.

Dit alles is heel vergeeflijk en heel begrijpelijk, en ikzelf kan er niets aan doen dat mijn plezier voor een ongebruikelijk groot deel ontleend wordt aan het zoeken naar kennis - behalve dat ik de krankzinnige en herhaalde nivelleringsgolven die Neerland overspoeld hebben de laatste 35 jaar zeer betreur, evenals het onder de grote domme meerderheid populaire bijgeloof dattumuh alluhmaol chuleikwaordig bennuh. En één reden waarom ik dat betreur is dat een moderne en welvarende maatschappij niet te handhaven is wanneer de onderkant van de doorsnee van de maatschappij feitelijk de normen stelt en bepaalt voor wat iedereen wel en niet zou mogen: Nivellering is óók al niet in het belang van de meest enthousiaste want intellectueel en fysiek minst bedeelde nivelleerders. [872]


Sexuele opvoeding

het is een illusie dat een "vrije sexuele opvoeding" tot verlichter of zinniger mensen leidt, al leidt het wèl tot minder frustratie, schijnheiligheid en misère. Maar de emoties die samenhangen met de menselijke sexualiteit zijn te sterk en het gemiddelde menselijk hart is te slecht of te zwak om veel geloof te hechten aan het door verlicht en goed onderwijs creëren van opmerkelijk betere - eerlijker, intelligenter, rechtvaardiger - mensen, of dit nu sexualiteit betreft of wat anders. [875]


Erfzonde en totalitairisme

"Wie by 't schilderen van den Mensch, zondeloosachtigheid vooropstelt, kan nooit juist treffen. De erfzonde, als theologisch stelsel 'n zotterny, is als psychologisch verschynsel 'n waarheid."

Inderdaad! Toch ligt behoorlijk veel van wat M. in Ideen 1 t/m 3 schreef mijzelf te dicht aan tegen deze aanname van menselijke zondeloosheid en daarmee samenhangende verbeterbaarheid.

Het is moeilijk precies aan te geven wat M. dacht over tal van kwesties, juist omdat hij daarover schreef in het formaat van de Ideen: Als losse invallen van het moment; als "Times van mijn ziel"; als "wenken geen regels". En het is ook moeilijk aan te geven wat M.'s feitelijke bronnen voor z'n Ideeën nu wel en niet waren, want hij had redelijk veel maar te hooi en te gras en als dilettant gelezen.

Hoe het zij, wie een uitstekend overzicht wil lezen van waartoe de aanname van de "zondeloosachtigheid" en verbeterbaarheid van de mens kan leiden leze J.Talmon's "The Roots of Totalitarian Democracy", dat de wortels van het in de 19e eeuw sterk opkomende (en door Multatuli om overwegend uitstekende reden afgekeurde) socialisme en communisme betreft. Dit zijn met name een paar weinig bekende 18e eeuwse Franse philosophes (Mably, Morelly); de behoorlijk getikte maar goed formulerende Rousseau; en Robespierre en Babeuf.

Talmon's boek werd in 1952 gepubliceerd, en de laatste hoofdstukken over Babeuf's communistische leerstellingen zouden zó door Mao Tse-Tung overgenomen hebben kunnen zijn in "de Grote Sprong Voorwaarts" en "de Culturele Revolutie". Aangezien dit ongetwijfeld niet gebeurde toont de geschiedenis van het totalitaire linkse denken aan dat totalitairisme zowel ter linker als ter rechter zij bestaat en bestaan heeft en nogal dicht in de buurt van het doorsnee menselijk hart ligt, óók dat van hele brave geheel niet radikale burgers. Deze namelijk leven hun totalitaire aandriften uit in enthousiasme voor Onze Jongens, Onze Club en Ons Volk, gewoonlijk niet in het besef daarmee enig kwaad te kunnen doen en juist omdat dergelijke totalitaire sentimenten onder hun gelijken als bijzonder goed en wenselijk gelden. [876]


Schoolkennis 2

M. heeft gelijk dat de meeste volwassenen - inclusief de meeste academici - een vals, verschoold en pedant idee hebben van wat kennis en wetenschap zouden zijn, namelijk alsof dit neer zou komen op wat men in scholen en universiteiten leert. Nu, wat men daar leert - als het goed is - zijn alleen de noodzakelijke grondslagen om zelfstandig zinnig na te denken over bepaalde onderwerpen, en de mate waarin men goed onderwezen is blijkt dan ook niet uit de hoeveelheid schoolse weetjes die men, heel pedant, uit z'n hoofd op kan dreunen als uit wat men zelfstandig gedacht en gedaan heeft met z'n  schoolweetjes. [877]


Rousseau

"Na onlangs - voor de derde of vierde maal nu - op-nieuw z'n Confessions gelezen, en die met de ‘Correspondance’ en andere stukken vergeleken te hebben "

Ikzelf heb de "Confessions" maar éénmaal gelezen en hield nooit van Rousseau, die me vanaf het begin voorkwam als iemand met een vlotte pen maar een slecht logisch hoofd, die véél meer geïnteresseerd was in z'n eigen opgang door gezwollen taalgebruik dan door zinnige ideeën.

Het is echter ook waar dat Rousseau zowel beter als populairder schreef dan de meeste filosofen, en in z'n eigen tijd en niet lang daarna grote opgang maakte vanwege z'n radikale denkbeelden, die dan ook één van de intellectuele fundamenten van de Franse Revolutie van 1789 vormden en ook van de Romantiek.

Overigens leed Rousseau aan paranoia (in de medische zin, die niet identiek is met de populaire), althans in z'n latere leven.

Er is een aardige studie over Rousseau van een zoon van Johan Huizinga: "St. Jean Jacques Rousseau - de Mens, de Schrijver en de Mythe", door J.H. Huizinga.  Deze laat weinig van Rousseau heel, en daar zijn goede gronden voor, want Rousseau redeneerde slecht en z'n ideeën vormden een voorname  grondslag van zéér veel later totalitair denken en doen. (Zie J. Talmon: "The roots of totalitarian democracy".) [877]


Persoonlijke gebreken

De waarheid van iemand's denkbeelden staat overwegend los van z'n - al dan niet vermeende - persoonlijke gebreken. [877]


Vrouwen

de gemiddeld grotere gezeglijkheid van 't vrouwelijke geslacht, die zeker iets te maken heeft met de gemiddeld geringere agressie van idem. [878]


Leeftijdsdiscriminatie

Bij de Grieken en Romeinen waren sommige ambten niet toegankelijk voor mannen onder de 30 of 35. En voor zo'n regel valt redelijk veel te zeggen voorzover het ambten betreft waar een redelijk gewogen en geïnformeerd oordeel voor nodig is. [878]


Dienstplicht

het is de moeite van het overwegen waard dat in de hele 20ste eeuw in Europa en de U.S. het geheel normaal en vanzelfsprekend werd geacht om onvolwassenen naar de slachtvelden te sturen als dienstplichtig soldaat. Het resultaat was letterlijk miljoenen doden op slachtvelden. [879]


Wetten in een rechtsstaat

Wel, er valt meer te zeggen voor de wetten in een rechtsstaat dan M. dacht - maar het blijft ook een feit dat de wet niet anders kan zijn dan algemene bepalingen die het gemiddelde van grote groepen betreft, en dus zelden precies en direct van toepassing is op individuele gevallen, zeker wanneer dit bijzondere individuen betreft. [879]


Meerderheid

Merk op dat zowel "ordinair" (ook: gemeen) als "banale" (ook: domme) een negatieve bijbetekenis hebben. Voor de deugden der meerderheid zie 9. [879]


Rechtsstaat

Eén van de meer principiële missers van Multatuli is dat hij nauwelijks besef had van het nut en de zin van het ideaal van een rechtsstaat, overigens voor het eerst helder geformuleerd door Montesquieu in de 18e eeuw. [880]


Menselijke gelijkheid

Ik geloof evenmin in menselijke gelijkheid als Multatuli (als we allemaal gelijk waren, dan was er maar één individu), maar ik geloof ook dat juist daarom gelijkheid-voor-de-wet wenselijk is. De reden is dat dit iedere vorm van special pleading - "hij is niet van ons juiste geloof!", "zij is van een minderwaardig ras!", "hun ouders wilden ook al niet deugen!", "ieder rechtgeaard Vaderlander weet dat dergelijke mensen nauwelijks mensen zijn!", "ikzelf, edelachtbare, stam uit de allerbeste zuiver vaderlandse familie" enzovoorts enzoverder - uitsluit als niet ter zake. En voor wie primair geïnteresseerd is in menselijke individuen en zich bewust is dat alle maatschappelijke ontwikkeling te danken is aan de inzichten en moed van individuele enkelingen begrijpt dat juist deze er belang bij hebben dat er geen wetsartikelen zijn dat individueel afwijken strafbaar stelt of minderwaardig verklaart. [880]


Communisme

"Het Communistisch Manifest" van Marx en Engels dateert uit 1848, en de communistische idealen werden al in 1860 adekwaat weergegeven in toen uitgegeven Nederlandse encyclopedieën. Eén reden waarom Marx en Engels hoopten op grote weerklank onder arbeiders, en de toenmalige maatschappelijke élites daarvoor vreesden, kan ontleend worden aan de budgetten van Klaas Ris en van Hemke Hemkes Kzn. [880]


Menswording

Ikzelf geloof dat mensen als mensen geboren worden - en door geboren te worden een groot risico lopen door onderwijs mismaakt te worden en ontdaan te worden van een aanzienlijk deel van de vermogens waarmee ze geboren werden. Zie verder 74.

Misschien is mijn opmerking niet terecht in verband met Multatuli (zie ook 136), maar het dunkt mij een misvatting dat onderwijs of opvoeding mensen maken. Mismaken ja; maken nee. Anders dan konden we immers honden en apen ook naar het VWO sturen en verwachten dat ze een diploma halen. Hoe het zij: Mensen zijn mensen door hun conceptie door mensen en hun geboorte uit een mens. En geen maatschappij of school kan mensen maken, terwijl de meeste scholen en maatschappijen veel mensen mismaken. [880]


Beroepen

Ik heb een jaar of 10 in allerlei functies in "het bedrijfsleven" gewerkt, geheel niet tot mijn vreugde en alleen om in leven te blijven, maar heb dat altijd met tegenzin en verveling gedaan. En ik heb enige tijd in Noorwegen als veeboer gewerkt, en zelfs een diploma Noorse middelbare landbouwschool behaald, en kan getuigen dat ik dit zéér veel leuker werk vond dan "op ketoor", al was het werk véél zwaarder, en dat de Noorse boeren die ik gekend heb mij zowel intelligenter als beschaafder voorkwamen dan vrijwel iedereen die ik in talrijke Nederlandse kantoren heb getroffen.

Tenslotte, en omdat ik hier enig recht van spreken heb: Het is makkelijk neer te kijken op boeren, vooral wanneer men (als ik ook) academisch gediplomeerd is. In mijn ervaring is dat echter een misvatting: De boeren die ik gekend heb - Noorse veeboeren - waren allemaal thuis op zeer veel terreinen (véél meer dan kantoorvolk, die bovendien veel minder hard werken dan boeren) en hadden gewoonlijk in ieder geval een uitstekend praktisch verstand. Kortom, eenvoudig op basis van de behoorlijk uitgebreide ervaringen die ik heb met zowel kantoorvolk, als boeren, als academici: Ik prefereer de boerenstand, als het gaat om direkte menselijkheid, gezond verstand, of vermogen tot hard werken. [881]


Menselijke beperkingen

uiteindelijk is ieder mens het middelpunt van z'n eigen persoonlijk heelal, en kent, en voelt, en weet niet beter of anders dan dat. Er is echter enig tegenwicht: De natuur heeft mensen ingericht als sociale zoogdieren, die het natuurlijk vinden in horden te leven, en hun begrippen en gevoelens in te richten en te kiezen al naar gelang hun sociale omgeving hen onderwijst.

Merk M.'s "de zinnelykheid zelf die ons wezen is" op, die als aanvulling of correctie op zijn "mensen zijn denkdieren" kan dienen. Het dunkt mij allebei waar, en denken is verfijnd - gelaagd, door herinneringen en logika geïnformeerd - gevoel. [882]


Het kwaad en intelligentie

Dan wat betreft "m'n stelling dat al 't booze dom is": Dit is minstens zo oud als de Hindoeïstische Veda's, of zo oud als Boeddha en als Socrates, en is daarmee kennelijk een voor de handliggende gedachte van intelligente goedwillende mensen.

Namelijk: Wie slecht doet handelt uit onbegrip van wat goed is. De achterliggende reden is eenvoudig: Als ieder naar het goede streeft, dan kunnen de enige redenen dat men slecht doet onkunde of onwetendheid zijn - zegge onbegrip.

Hier is veel voor te zeggen maar - helaas! - het is te eenvoudig. In de eerste plaats zijn er egoïsme, gemakszucht, lafheid, de verleiding van de bovengenoemde zinnelijkheid en overige menselijk-al-te-menselijke héél alledaagse motieven om het betere dat men ziet en herkent na te laten voor het persoonlijk bevredigender, makkelijker, veiliger of lekkerder doen van het slechtere. In de tweede plaats zijn er wel degelijk kennelijk geboren sadisten (mensen die er genot in scheppen andere mensen te pijnigen) en ook idem autisten (mensen zonder empathie voor anderen). En tenslotte is er het fundamentele probleem dat het goede (het belang) van de één het slechte (tégen het belang) van de ander is. Zie verder 423 en 817. [882]


Betekenis van onderwijs

"Indien ons onderwys iets beduidde, zou er 'n groot verschil moeten blyken tusschen hen die veel... heeten geleerd te hebben, en de anderen."

Het hangt er van af hoe je dat "verschil" meet om uit te kunnen maken of het "groot" is - maar volgens de gebruikelijke maatschappelijke normen, waarin goedheid en rijkdom in grote mate overlappen, is er een "groot verschil" tussen hoog en laag opgeleiden. In financiële termen - die bijna het alfa en omega van de gewone maatschappelijke begrippen van goed en kwaad zijn: hoe rijker hoe beter, en vice versa, naar alledaags normbegrip - beduidt onderwijs dus véél, en was het verschil in inkomen tussen hoog en laag opgeleiden zelfs in een betrekkelijk egalitair land als het huidige Nederland tot voor kort een tienvoud. [882]


Morele oordelen

"Vinden we meer goedmoedigheid in andere standen?"

De hele vraag dunkt me verkeerd, zowel logisch als moreel: Morele oordelen betreffen het doen en laten van menselijke individuen en niet van hele verzamelingen daarvan. Een verzameling mensen heeft geen verstand, geen gevoel, geen inzicht, en geen verantwoordelijkheid - anders dan door vals, onwaarachtig en uiteindelijk totalitair taalgebruik. [883]


Nieuwe moraalleer

"Ik geloof waarachtig dat er minder moed noodig is om 'n nieuw soort van ploeg aantebevelen, dan tot het voorslaan van 'n verandering van richting in moraal, in levensbeschouving. "

Ja, natuurlijk: Wie "'n nieuw soort van ploeg" aanbeveelt speculeert alleen op welbegrepen eigenbelang; wie een nieuwe moraalleer predikt weerspreekt iedereen die daar anders over denkt (dus in het begin in ieder geval: bijna iedereen) en bedreigt de belangen van iedereen die baat heeft bij de oude moraalleer. [883]


Odium theologicum

"Ieder kent de liefelykheid van 't odium theologicum, d.i. van den haat in godgeleerde machtsverheffing."

Ja, maar het is bovendien een nogal pessimistisch stemmend feit dat dit "odium theologicum" niet tot theologen beperkt is. Er is buitengewoon veel gruwelijks en slechts geschied Uit Naam Van De Heer (whoever He was supposed to be). [883]


Slechte mensen en Multatuli

"En waar byzondere beschuldigingen van deze soort ontbreken, neemt men z'n toevlucht tot het algemeene: ‘hy is 'n slecht mensch.’ **)"

Ook dit overkwam Multatuli, en tot ver in de 20ste eeuw. (Zie 529)

Laat ik hier nog eens kort aangeven waarom ik dit sterk afkeur: Wie iemand's ideeën wil weerleggen moet deze ideeën proberen aan te tasten, maar niet z'n persoon. En gesteld dat Multatuli zo'n bijzonder slecht mens was, die z'n vrouw zozeer mishandeld zou hebben (volgens de getrouwde travestiet 't Hart), niet met geld kon omgaan (volgens de zelferkende vrek 't Hart), een poseur was (alweer een klacht van de naar eigen suggestie nimmer en nooit poserende 't Hart), ook weinig wist van wetenschap of filosofie (volgens 't Hart en de nu reeds terecht volkomen vergeten wijsneuzel Verhoeven), dan nog is het bijzonder jammer, zowel voor Multatuli als voor de Nederlandse beschaving, dat vrijwel niemand bij Multatuli's leven de moed en het fatsoen had z'n Ideen behoorlijk te bespreken.

Ik heb dat in mijn commentaren bij Ideen 1 - 3 geprobeerd te doen, maar hoewel dit voor mij instructief en leerzaam is, en wellicht van waarde is voor nog een handjevol mensen, is het zowel een culturele schande als een groot gemis voor de Nederlandse beschaving dat Multatuli niet bij z'n leven weerlegd of weersproken werd op intellectuele gronden, omdat een publieke discussie van z'n Ideen veel Nederlandse misstanden en misvattingen, inclusief een aantal van hemzelf, had kunnen verbeteren.

Tenslotte de uiteindelijke hoofdreden waarom M. eigenlijk nooit effectief weersproken is anders dan met varianten op "Hij heeft ongelijk want hij is een slecht mens: Kijk maar, hij is ànders dan Wij!" deze: De Mulischen, 't Harten, Reves, Verhoevens etc. van zijn tijd - wier namen tegenwoordig even volledig en voorgoed en verdiend vergeten zijn als de genoemden over 100 jaar - waren daar te laf en te dom voor. [883]


Problemen met onderwijs

De problemen samenhangend met onderwijs zoals dat gegeven wordt en werd is niet de kennis maar de ideologie die overgedragen wordt, naast de vorm waarin dat gebeurt (met dwang, al dan niet met slaag, gewoonlijk in een klassikaal systeem, met veel leerlingen van verschillende vermogens met één onderwijzer). [884]


Alternatieve geneeskunde

Eén: Zolang de geneeskunde niet perfect is zullen er "ongenezen kwalen" bestaan. Twee: Medische oplichterij, kwakzalverij etc. zijn even oud als de geneeskunde - en voor de bedriegers voordeliger dan eerlijkheid. Drie: De voornaamste reden om onbevoegde uitoefening van de geneeskunst te verbieden is niet om de belangen van gediplomeerde artsen te dienen, al is ook dat een factor, maar om zieken te beschermen tegen oplichters.

Ikzelf heb evenmin een groot geloof in doorsnee medische voortreffelijkheid, en de gediplomeerde geneeskundigen uit Multatuli's tijd waren voorzien van zeer veel minder waarachtige kennis dan moderne artsen, maar ik meen dat van wie beweert begaafd genoeg te zijn om mensen te kunnen genezen van medische kwalen geëist mag worden dat hij z'n begaafdheid aantoont door het verwerven van een gewoon medisch diploma, ongeacht wat hij vindt van de medische wetenschap. (Bent u een tegenstander van "de allopathische medische wetenschap"? Toon aan dat u minstens zo begaafd bent als degenen die u wilt bestrijden, en háál een medische bul, zodat u wéét waartegen u tekeer wilt gaan.) [884]


Diplomaas

De enige manier waarop een verzameling leken enige zekerheid kan hebben dat wie zich aanbiedt als geneesheer, bouwmeester, zielknijper, wetskenner etc. althans de minimale bekwaamheden en kennis voor z'n beweerde specialisme heeft is nu juist zo iemand te dwingen een opleiding te volgen en examens te doen bij bestaande specialisten.

Ik ben het met M. eens dat de uitreiking en inhoud van dergelijke specialistische bullen in veel gevallen weinig om het lijf hebben - maar dit dunkt me juist een reden om te mogen zeggen: Als je niet eens in staat was een universiteit behoorlijk af te lopen in het specialisme dat je beweert te beheersen, dan is er alle reden aan te nemen dat jouw beweerde bekwaamheden heel weinig voorstellen. [884]


Specialisten

Waar te verdienen valt met gepretendeerde specialistische kennis zullen bedriegers zijn, en dergelijke mensen kunnen zeer schadelijk zijn voor hun slachtoffers, zeker waar het geneeskunst, bouwkunde, voedingsleer e.d. betreft. Ieder heeft er belang bij dat z'n kwalen althans niet verergerd worden door z'n behandelaar; dat z'n woning niet instort; dat z'n voedsel vrij van gif is etc.

Daarom is de eis dat wie zich voor een specialist in X wil uitgeven zich bewezen en bekwaamd heeft als zodanig tegenover en met bestaande specialisten in X in het geheel niet onredelijk. (Wie niet in X gelooft kan zich onthouden van het consulteren van enig specialist in X, maar wie wel enig geloof in X heeft, die heeft daarmee ook een belang dat beweerde specialisten in dat vak althans minimaal bekwaam zijn op dat terrein.)

de inderdaad heel wenselijke eis dat wie het wèl met anderen voorheeft ze niet beliegt. Dat mag waar en wenselijk zijn, maar het probleem is nu juist dat velen het véél minder wèl met anderen voorhebben dan ze graag voorgeven. Vandaar dat andere maatregelen, als publieke examens en uitreiking van bullen nodig zijn om althans minimale competentie van beweerde specialisten te garanderen, voorzover mogelijk. [884]


Basis van oordelen

De eerste bewering lijkt een vergissing van M.: De grote meerderheid oordeelt niet op basis van - eigen, zelfstandige - arbeid of kennis maar op basis van vooroordeel, emotie, autoriteiten-geloof of conformisme. 

En meer in het algemeen: Het is niet erg verstandig om alléén rekening te willen houden met weldenkende welwillenden, voor wie mensen in het algemeen wil beoordelen en raad wil geven. [884]


Scholastiek

Wie de moeite neemt de Middeleeuwse scholastiek te onderzoeken vindt dat deze zo beroerd niet was - en dat wat daarover meegedeeld wordt vaak propaganda is.

Men kan het geheel oneens zijn met Aquinas, Ockham of Buridan, maar wie de moeite neemt en niet kan inzien dat dit bijzonder intelligente mensen waren ontbreekt het zelf aan bijzonder intellect. [885]


Mensenrechten

"Gy die aandringt op gelykheid voor de wet, op erkenning van menschenrechten"

Merk op hoe 20ste of 21ste eeuws deze frases klinken. Toch dateren ze feitelijk van de Amerikaanse en Franse revoluties uit de 18e eeuw, en stammen van de intellectuele grondleggers daarvan. [885]


Nederlandse morele voortreffelijkheid

de kolonieën, waar de slavernij pas werd afgeschaft rond 1865. (Trouwens, ook in het kader van "in Nederland gebeurt alles 50 jaar later" (Heine): In 1772 werd de slaven-handel verboden in Engeland, en 1807 de slavernij. Hoe het in de Engelse kolonieën toeging weet ik echter niet.) [885]


Multatuli's gebreken

"'t zonderling hoopjen uitverkorenen dat ten-onzent sedert 1848 regerinkje-speelt."

Het is moeilijk hier zo'n 140 jaren later een goed en objectief oordeel over te hebben, en héél makkelijk om te zeggen dat Multatuli overdreef, te veeleisend was, te veel neerzag op mensen die minder begaafd waren dan hij etc.

En het is waar dat Multatuli overdreef, veeleisend was, snel neerzag op mensen die minder begaafd waren dan hij en andere fouten had. Desalniettemin is hij vanaf 1871 o.a. gesteund door z'n uitgever G.L. Funke, die een zeer bijzonder man was en de Nederlandse omstandigheden uit die tijd minstens zo goed kende als Multatuli. Nu, als M. gesteund werd door dergelijke tijdgenoten, die bovendien zelf zeer begaafd waren én in het geheel niet geneigd tot een dom volgelingschap, dan sneed veel van M.'s maatschappijkritiek hout - en waren de toenmalige maatschappelijke voorgangers (als Thorbecke) véél minder groot dan hun aanhangers toen en nu graag doen voorkomen. [885]


Metafysika als menselijke noodzaak

Wat me hier interesseert is het interessante feit dat "in de kindsheid der litteratuur van alle volkeren, geen vak zoo yverig beoefend werd als dat der droomerige kosmogoniën", want het zegt iets over mensen en maatschappijen:

Zowel mensen als mensen-maatschappijen hebben dergelijke filosofische fundamenten - hoe onzinnig, hoe fantastisch, hoe gesimplificeerd ook - kennelijk nodig, omdat mensen alleen samen kunnen werken op basis van gedeelde vooronderstellingen; alleen kunnen verklaren op basis van aannames; en anders dan andere dieren niet geboren worden met instincten die vrijwel al deze vooronderstellingen en aannames automatisch en onontkoombaar ingeven.

De mens is het fantaserende, gissende en zich vergissende dier, de ideologische aap, het rationaliserende en wensdenkende beest, alles uit overmaat aan intelligentie en gebrek aan instinct. [886]


Abstracte redeneringen

"‘In den beginne was er Niets’ wordt aangehoord met heiligen eerbied, en geloofd. Onderwyzer en onderwezene beiden dringen zich op, dat ze de beteekenis van dit Niets volkomen begrypen."

Ja, zo gaat dat - maar dit heeft kennelijk ook redelijk wat van doen met vermogen tot abstract redeneren. Ik heb ooit een behoorlijk intelligente Surinaamse gekend, die christelijk opgevoed was, en vanaf haar jeugd problemen had gehad met de redenering "In den beginne was er niets. Daarna was er iets." omdat het haar behoorlijk duidelijk was - zonder enige kennis van het Latijn - dat ex nihilum nihil fit. Toch kostte me het veel overtuigingskracht haar aan het verstand te peuteren dat dus de aanname dat er in den beginne niets was erg ongeloofwaardig was.

En ik merkte - geheel terecht - op dat de vrouw in kwestie werkelijk behoorlijk intelligent was, en zich zeker niet in de luren liet leggen waar het redeneren over concrete zaken betrof. Maar kennelijk hebben veel mensen moeite dezelfde logische redeneringen waarvan ze weten dat ze gelden voor concrete zaken ook toe te passen op abstracte begrippen. [886]


Overtuigingskracht

"'t Kind begrypt wel deze uitdrukking niet, maar de zalving waarmee 'n wèlafgericht verstandsbederver zoo'n woord uitspreekt, wint de moeite van 't verklaren uit."

Voor domme en middelmatige mensen is de toon waarop beweringen gedaan worden een voorname grond voor hun geloof of ongeloof aan die beweringen: Het is de toon die hun begrippen dicteren, bij gebrek aan vermogen zelfstandig te redeneren.

Het werkt net zo met reclame, die dan ook zeer effectief is voor domme en middelmatige mensen: Het zijn de emotionele connotaties van mededelingen die hun doet geloven in die mededelingen, en niet wat er werkelijk staat. [886]


Leergierigheid

Heel jonge kinderen die pas kunnen praten hebben een vrijwel onstilbare behoefte aan kennis, of wat daar bij hun opvoeders voor doorgaat, want ze willen van alles weten waarom het is. Helaas blijken de antwoorden die ze van hun opvoeders krijgen gewoonlijk in essentie te blijven voldoen tot het eind van hun leven: Ze zochten geen kennis en redeneerden niet kritisch over wat ze bijgebracht werd: ze zochten vulsel voor een ondervonden leegte. [886]


Atheïstische opvoeding

Ik genoot een geheel atheïstische opvoeding, en behoor daarmee - nog steeds - tot een geprivilegieerde kleine minderheid die niet grootgebracht is met religieus bijgeloof. Het is moeilijk uit te maken wat dit voor verschil maakt, maar ikzelf ben blij dat ik me nooit heb hoeven te bevrijden van theologische onzin die mij als kind werd wijsgemaakt, en nooit ben bedreigd met een altijd aanwezig spiedend jaloers god, die hem onwelgevalligen naar de hel stuurde om eeuwig te branden. En zie de volgende opmerking.

Het lijkt me niet aangenaam grootgebracht te worden in het geloof aan een jaloers God die z'n creaturen met oneindig hellevuur bestraft voor heel gebruikelijke menselijke tekortkomingen, en het geloof hierin heeft voor ongeteld veel miljoenen zeer veel levensvreugde vergalt. (In dit verband, ook wat betreft Protestants Puritanisme, zijn de korte verhalen van Nathaniel Hawthorne interessant, die een Amerikaans tijdgenoot van Multatuli was.) [886]


Nederlandse professoren

"Die Ockerse was 'n spreker, 'n debattist, van de mooiste soort. Dit spreekt vanzelf. Anders had-i 't niet gebracht tot professer."

Hieruit zou men kunnen afleiden - mits gestraft als ik met redelijk wat ervaringen met 20ste eeuwse Nederlandse "professers" - dat de 19e eeuwse Nederlandse hoogleraar zeer veel begaafder was dan z'n 20ste eeuwse opvolgers, want deze waren vrijwel allemaal hoogst belabberde debaters, sprekers, schrijvers, en college-houders. (En "hoogst belabberd" is nog vleiend voor het gruwelijk niveau dat ik zo vaak tot ver voorbij walging aan heb moeten horen in de - gedemocratiseerde en genivelleerde - UvA tussen 1970 en 1990.) [887]


God en maatschappij

"Wat zou er van onze Maatschappy overblyven, als men God daaruit wegnam?"

Dit is een goede vraag waar in de loop der tijden veel verschillende antwoorden op geweest zijn, variërend van "de maatschappij zou tenonder gaan in een orgie van anarchisme en hedonisme" tot "eindelijk zou de mensheid vrij zijn van de kanker des geloofs" en alles daartussen.

Het bij benadering juiste antwoord lijkt te zijn: Het maakt niet bijzonder veel verschil - omdat mensen zich altijd weer nieuwe afgoden aanschaffen, is 't niet in de hemel dan in de sport, op TV, of in de politiek. [887]


Debat-specialisten

Multatuli had evident en niet tot z'n vreugde te maken gehad met debat-specialiteiten. Er zijn maar weinig mensen die behoorlijk uit de losse pols kunnen spreken of argumenteren, en de meesten die dit denken te kunnen verwarren een falsche Spitzfindigkeit als geschetst - het moedwillig maar talentloos zoeken van spijkers op laag water en klieven van haren - met werkelijk kunnen redeneren. Trouwens... het beste middel om dergelijke debat-specialiteiten tot zwijgen te brengen is vaak ze een koekje van eigen deeg te geven: "Hoezo "wat bedoelt u met ...?" Wat bedoelt U met "bedoelt" en met "met"? Of is een toelichting daarop u te moeilijk? Komaan, wij allen zitten gereed ter stichting."  [887]


Hollandse aard

 "Hoe dit wezen moog, 'n Hollander moet zich behelpen met hollandsche dingen. Dit is nu eenmaal zoo."

Helaas wel. En één van de nogal droefgeestig stemmende konklusies die een weldenkend mens aan Multatuli's Ideen mag verbinden is dat er inderdaad een Hollandse aard is, die in de bijna anderhalve eeuw die verstreken is sinds M. publiceerde nog steeds heel herkenbaar uit hetzelfde kleingeestige, achterbakse, bekrompen, huichelachtige, laffe, geldgierige, quasi-fessoendelijke laken gesneden is. [887]


E.O.

het antwoord moet kennelijk helaas zijn dat wie de gebruikelijke religieuze praatjes aanvaardt als waar en zinnig geen al te best verstand kàn hebben. (En wie de moeite neemt de E.O. te bekijken of beluisteren - en de walging weerstaat deze zemelaars weer snel overdrachtelijk de nek om te draaien - hoort de meest gruwelijke vormen van godsdienstwaanzin, bovendien opgelepeld met grote domme brutaliteit. Hun excuus - niet voor allen, want er zit ook een stel bedriegers en oplichters tussen - is een aangeboren kennelijk door hun almachtig alwetend goedertieren God gewilde en voorbeschikte authentiek-botte domheid.)

"Zùlke geestelyke medicyn schryven de hoog-opper-ziele-geneesheren nog altyd hun patienten voor, ten-fine van geloofsversterking, zegge: verstandsmoord."

Wie dit overdreven vindt verwijs ik naar de programmaas van de tegenwoordige E.O. De enige reden om het epitheton "verstandsmoord" niet toe te kennen aan wat de E.O. pleegt te leveren is dat het te goedig te veel verondersteld. [887]


Bijbel

"We zullen iets meer van den bybel begrypen, zoodra de muffe theologie op-zy gezet is. Er is zooveel schoons in dat boek!"

Ja, daar ben ik het - als atheïstisch opgevoed atheïst, die de Bijbel het eerst rond m'n 20ste las - overwegend mee eens, altijd met deze aantekening: Er staat óók een grote hoeveelheid wrede waanzin in, naast grote stukken die straalvervelend zijn. Maar met deze kanttekeningen kan ik iedereen die iets wil begrijpen van de achtergronden van de vele gruwelgeschiedenissen waaraan Christenen zich overgaven in de geschiedenis de lezing van de Bijbel aan iedereen van harte aanraden. Lees en verbaas u dat dit vele eeuwen lang serieus genomen is als God's Woord!

 "Want, heeren theologen, àls er 'n God ware... de zeer onzedelyke god uit uwen bybel is-i gewis niet!"

Ja, inderdaad. En dit is één van mijn redenen de lezing van de Bijbel aan te raden.[888]


Religieuze profeten

"'t Omknoeien van een der honderden Scheppings-legenden die de Voortyd ons naliet, tot uitgangspunt van Zedekunde, is misdadig."

Nee, dat geloof ik niet, en zeker niet waar M. van Mozes spreekt (voor wie hij trouwens veel achting had). Ikzelf neem aan dat de oorspronkelijke profeten van de grote Westerse geloven - Mozes, Jezus, Mohammed - eerlijk meenden wat ze zeiden, ook waar ze zich vergisten, zoals ze allen overwegend deden. En ze hadden een belangrijk excuus dat de gelovigen van tegenwoordig en uit Multatuli's tijd niet meer hebben: Tijdens het leven van de grote religieuze profeten was er nauwelijks of geen echte kennis van de natuur - terwijl het geloof aan een schepper een tamelijk vanzelfsprekende generalisatie uit de ervaringen met het eigen zelf dat mensen hebben lijkt te zijn.

Tenslotte, wat betreft de veronderstelde misdadigheid i.v.m. de moraal: M. vergeet enigszins, of ziet over het hoofd, dat een aanzienlijk deel van die door religieuze profeten verkondigde zedenleren zo gek niet zijn; dat de - zogeheten - grote geloven in de moraal die ze voorstaan véél meer overeenstemmen dan verschillen; en dat in feite de zedenleer zoals gepraktiseerd door de religieuze profeten - "Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doet dat ook een ander niet": Aldus leerden Mozes, Jezus, Mohammed, Confucius, Mencius en Boedha, bijvoorbeeld - nagevolgd kan worden zonder enig geloof aan hun theologie te hechten.

"Dit is dan ook de eenige verlossing die tot heden toe uit dat alles is voortgekomen."

Nee, ik geloof dat M. hier wat te ver gaat: Ikzelf geloof wel degelijk dat veel mensen troost, inspiratie en sterkte gevonden hebben in deze of gene vorm van religieus geloof, en 't is onverstandig dit nogal evidente feit te miskennen. Men kan, met Multatuli, menen dat dergelijke mensen gewoonlijk niet de slimsten of best geïnformeerden waren, maar ook dat is niet altijd waar (want bijvoorbeeld Augustinus, Aquinas, Pascal en Dr. Johnson waren zowel heel gelovig als heel intelligent).

Verder lijkt het mij behoorlijk vanzelfsprekend dat in ieder geloof dat door miljoenen mensen onderschreven wordt redelijk veel moet zijn dat menselijke behoeften en noden helpt bevredigen of onderdrukken. [888]


Domheid en verstomping

Dit zegt toch meer over aangeboren stomheid dan gedwongen verstomping, en eventueel meer over autoriteits-geloof en idem-terreur dan over wil en kans tot zelfstandig rationeel nadenken. [889]


Voorgangers en volgelingen

Er is geen profeet en geen filosoof die ook maar enigermate voorzien heeft wat z'n volgelingen uit z'n leer zouden bakken. En meer in het bijzonder, Jezus voor het moment daarlatend: Men kan Marx en Nietzsche - de twee filosofen wier filosofische stelsels in de praktijk tot zovele miljoenen doden geleid hebben, na hun dood (zie 701) - met recht veel verwijten, maar niet dat ze ook maar enigermate voorzagen wat er met hun denkarbeid, uit hun naam, onder hun portret, misdaan zou gaan worden. [889]


Jezus' leer

laten we ook niet vergeten dat wat van Jezus overleverd is pas een jaar of 30 na z'n dood opgeschreven werd, en daarna nog heel wat keren is geredigeerd. Wat dit geschreven verhaal te maken had met wat de historische Jezus gepredikt heeft is zeer de vraag - om van z'n bedoelingen maar helemaal niet te spreken. [889]


Gezond verstand

Mij dunkt dat er gemiddeld eenvoudig niet genoeg gezond verstand was om te vermoorden. Dit is des te evidenter omdat er ook altijd en overal wel degelijk enkelingen waren die het bijgeloof van hun tijd en plaats overwegend doorzagen, al was het moeilijk er wat beters voor in de plaats te geven - en al lijkt het alsof de meerderheid van de minderheid die de onzin die hun omgaf dat niet wilden doen anders dan middels kunst. (Ik denk bijv. aan Sophocles, Shakespeare en Swift.) [889]


Dichters en wijsgeren

"En 't samenvatten is de taak van den wysgeer."

Of - volgens M. - van de dichter, want ook wat dichters (behoren te) doen zou adequaat samengevat zijn als samenvatten. Trouwens, in het moderne argot van zogeheten management-goeroes heet zo'n samenvattend wijsgeer een "generalist".

Ikzelf geloof er niet veel van: "Samenvatten" is niet zo'n geslaagde karakteristiek van wat wezenlijk of belangrijk zou zijn aan poëzie of filosofie. Als éénwoordige bepalingen dan bruikbaar zijn, dan dunkt me dat "schoonspreken" de poëtische activiteit beter aanduidt dan "samenvatten" en dat "verklaren" beter is dan "samenvatten" voor wat filosofie beoogt. (Wat poëzie betreft: Ezra Pound heeft het in "The ABC of Poetry" over het Duitse (en Nederlandse) "verdichten" en het Italiaanse "condensare".) [890]


Moderne Nederlandse literatuur-wetenschap

Goed ... en hier volgt nu, tot leedvermaak en instructie van de lezer(es), een vertelling over "Alberdingk Thym" zoals overleverd door de moderne Neerlandica prof.dr. Marita Mathijssen, die in deze en dergelijke met de Nederlandse literatuur samenhangende faits divers academisch gespecialiseerd is en er dikke - ik neem aan wetenschappelijk gesubsidiëerde - studies over doet verschijnen. (Ze beweert overigens niet te begrijpen waarom ze zo bijzonder geïnteresseerd is in het bijhouden van faits divers als volgen.)

Zoals gezegd was de "litterator Alberdingk Thym" belijdend Katholiek. Ook was hij gezegend met een zoon, die later ook als "litterator" bekend werd, onder het alias "Lodewijk van Deijssel". In werkelijkheid heette deze zoon Karel Alberdingk Thijm en was voorzien van een aanzienlijk libido, dat hem als student en hoerenloper op z'n 20ste een stevige syfilis bezorgde. Vader Thijm was daar zeer ontsteld over en maakte zich als belijdend Katholiek heel ongerust over de kansen van toekomstige hemel-betreding van zoon Karel, die het zo moeilijk viel z'n lusten te beheersen. Tot zover is het een begrijpelijk verhaal.

Wat te doen? Wel, vader en zoon Thijm vonden er dit op, naar men mag aannemen van zulke gelovige Katholieken, met enige hulp van de Heilige Geest: Iedere avond gordde vader Thijm het wellustig lid van zoon Thijm in een daartoe speciaal geconstrueerde kuisheidsgordel voorzien van inwendige scherpe punten, zodat indien zoonliefs wellustig lid zich zou verheffen of Karel neiging voelde tot onanie, gezegd lid zichzelf zou kwetsen. En iedere ochtend bevrijdde vaderlief z'n zoon weer van dit 19e-eeuws middel tot fatsoensafrichting, naar men mag aannemen met veel gebeden, veel aanroepen van de Heer, vaderlijke belijdenissen van de vorm "Mij doet dit meer pijn dan jou" en "Wie z'n kinderen lief heeft kastijdt ze",  en natuurlijk ook met grote Katholieke trots de Satan weer eens weerstaan te hebben, want daar ging het immers allemaal om, althans volgens de Katholieke begrippen van de Thijmen.

Waarom vertel ik dit? Omdat het een goed inzicht geeft in de sexuele gestoordheid die in Multatuli's tijd op grote schaal in Nederland heerste, ongetwijfeld niet alleen bij de nogal tragi-komische Thijmen, en ook omdat het aangeeft waar de moderne Nederlandse literatuur-wetenschap zich zoal mee bezig houdt. [890]


Hypnose

Of hypnose neerkomt op "'n verdooving van 't denkvermogen" betwijfel ik (eerder: op het verdoven van het vermogen tot zelfstandig willen), maar het is een feit dat de basis van hypnose nog steeds een raadsel is. [891]


Genezen van domheid

De "Orakels der oudheid", net als de Katholieke Kerk der Borgia-pauzen, bestonden vooral bij gratie van de gemiddelde menselijke domheid en de menselijk-al-te-menselijke hebbelijkheid om aan vleiende fantastische vertellingen geloof te hechten. Maar 't geneesmiddel is niet zozeer natuurkunde (hoewel ook dat helpt) als een welbewust en gedisciplineerd gebruik van iets als W.K. Clifford's dictum (Clifford was een Engels 19e-eeuws natuurkundige): "It is always wrong, for anyone, anywhere, to believe anything upon insufficient evidence". [891]


Menselijk gebrek

 "We zyn nu eenmaal zoo geschapen dat er altyd iets aan ons hapert"

De Christenen noemen dit de erfzonde, maar wie niet gelovig is kan ook makkelijk instemmen met het gestelde: Er zijn geen perfecte mensen. [893]


Rituelen

 En er is wat voor te zeggen dat (1) een belangrijk doel van ieder ritueel het uitvoeren van het ritueel is en dat (2) alle langdurig herhaalde handelingen of uitspraken - als met veel rituelen - verdovend werken. [893]


Religieuze gelovers

Elke toeschouwer moet verbaasd staan over de zonderlinge fysionomien die men by zulke gelegenheden te zien krygt, en over 't byna volslagen gemis van 'n dragelyk gelaat."

Ja, ik heb soortgelijke ervaringen met het beschouwen van de volgelingen van sommige linkse bewegingen, zogeheten herboren Christenen, E.O.-aanhangers en meer dergelijke gelovers in veelbelovende heilleren. Ook uiterlijk zijn dit vaak de minsten. En al is de volgende vuistregel een beginsel met uitzonderingen, het lijkt statistisch heel verantwoord: Hoe dommer, hoe geloviger.

God moet bijzonder veel van domme mensen houden, want anders had Hij er niet zoveel van geschapen! [894]


Geen Nederlandse staatskerk

Ja, en men behoort zich hier te realiseren dat tot zeer kort geleden ook de Europese staten hun eigen staatsgodsdienst hadden. In feite was Nederland nogal uniek gedurende verschillende eeuwen in Europa omdat het geen staatsgodsdienst had, en een betrekkelijk grote mate van religieuze vrijheid.

Ikzelf was in ieder geval behoorlijk verbaasd toen ik, in Noorwegen wonende rond 1975, leerde dat daar nog steeds een Staatskerk is, en dat het daar volkomen normaal was om daar onderdeel van te zijn, door en in gedoopt te worden etc.

Een staatskerk betaald uit de opbrengsten ingevorderd door de staatsbelastingdeurwaarder. [894]


Belasting

Ik heb geen idee hoe dit tegenwoordig in Duitsland is, maar weet wel dat de moderne Nederlander minimaal 25% belasting betaalt op alles wat ie verdient en uitgeeft (loonbelasting, dividendbelasting, BTW etc.) en dat dit de regering en bureaucratie de armslag en macht geeft voor tal van zogenaamd Goede Werken, gewoonlijk zowel belachelijk en schadelijk als volledig gebureaucratiseerd door regel, voorschrift en bepaling. [894]


Macht van religie

Ikzelf zou gissen dat de hoofdoorzaak van die eeuwenlange succesvolle religieuze bedwelming "van talloos veel miljoenen" vooral in hun domheid ligt en dat een andere belangrijke oorzaak de staatsdwang tot het geloof was. Immers, het belijden van atheïsme of twijfel waar men het risico loopt daarvoor levend verbrand of gevierendeeld te worden (zoals tot de 18e eeuw kon gebeuren in Schotland of Frankrijk) is alleen aantrekkelijk voor de zéér onafhankelijken van geest. [896]


Ontstaan moderne wetenschap

"Naar myn inzien is het 'n dwaling, te gelooven dat de Hervormers der zestiende eeuw gunstig gewerkt hebben op de Verlichting."

Tsja - dit soort verbanden zijn moeilijk hard te maken, maar er is één algemeen punt dat aandacht verdient: De moderne wetenschap - een combinatie van logisch en wiskundig redeneren met doelgericht en objectief experimenteren - ontstond alléén in het Westen, en ondanks het feit dat daarvoor zowel de Chinezen als de Mohammedanen het verder hadden gebracht in wat essentieel is voor moderne wetenschap dan de toenmalige Christenen. En één mogelijke verklaring voor dit feit is dat de zestiende eeuwse hervormers iets bijdroegen dat uitnodigt tot individueel nadenken en positie kiezen, wat belangrijk was voor het kunnen ontstaan en gedijen van de moderne wetenschap kort daarna. [897]


Religie als metafoor

Een interessante tegenstelling tussen de Protestantse hervormers van de 16e eeuw en de Protestantse moderne dominees uit de 19e eeuw is dat de eersten zich gewoonlijk stellig beriepen op God's woord zoals dat in de Bijbel is overgeleverd, en dat woord vrijwel altijd in letterlijke zin namen, terwijl de laatsten God's woord juist in zeer overdrachtelijke zin wensten te vatten, o.a. omdat dit direkte tegenspraken met wetenschappelijke vindingen hielp vermijden.

M. heeft gelijk, dunkt me, dat al die metaforische interpretatie-drift van dominees en overige religieuze voorgangers niet bevorderend is voor de eerlijkheid. De gelover maakt het zichzelf veel te gemakkelijk door wat 18 eeuwen lang letterlijk is genomen plotseling figuurlijk te willen vatten, en leert liegen en glibberen waar een eerlijk "onze voorgangers vergisten zich en de Bijbel staat vol onwaarheden" véél beter want veel rationeler en eerlijk was geweest. [897]


Protestantisme

Er is nogal wat geklaagd door gelovigen over Multatuli's aanvallen op het Christelijk geloof, maar slechts heel weinig gelovigen waren zich daarbij kennelijk bewust dat M. feitelijk heel Protestants handelde - want hij protesteerde en argumenteerde tegen wat hem verscheen als valse religie, precies zoals de Protestanten zelf deden en van hun God zouden moeten doen, terwijl M. bovendien gewoonlijk protesteerde tegen het Geloof met een beroep op de Bijbel en op Jezus, weer precies zoals de Protestanten dat zelf deden tegen de Katholieken en heidenen. [898]


Menselijke intelligentie

een feit is dat het vele generaties ingespannen werk van de meest intelligente mensen heeft gekost om een deel van de meest eenvoudige natuurlijke structuren en verbanden te vinden. [899]


Oneerlijke immorele natuur

"De werkelykheid vleit niet, en dreigt niet. Zy is oprecht. Zy is onömkoopbaar. Zy is wáár. Zy - en zy alleen! - Is! Zy is: wat is en was en wezen zal, de konjugatie van 't werkwoord zyn = Jehovah!"

Zoals ik bij [1] opmerkte: Dit kan toch alleen op de dode natuur slaan. De levende natuur overleeft in belangrijke mate door bedrog, gevlei, gedreig en leugen, en dat geldt niet alleen mensen en zoogdieren, maar ook lagere dieren en planten. Een wandelende tak is een heel simpel diertje, maar z'n hele bestaan is - enigszins maar niet bijzonder niet-letterlijk gesproken - een levende leugen. En zo voor àlles dat gevaar loopt prooi van een ander levend wezen te worden, dus vrijwel de gehele levende natuur, die doortrokken is van moord, doodslag, bedrog, kindermoord, pretentie anders te zijn dan het is en uitgebreid parasitisme - alles in weerwil van de Alwetende Oneindig Goede Heer der Schepping van de gelovigen. [899]


Religieuze praatjes

falsche Spitzfindigkeit, die de priesters en gelovers bovendien teveel eer geeft, want hun geloof is altijd ongerijmder dan aan wat evident "is, was en zal zijn" in de alledaagse niet-religieus verknoeide en met mysteries en begripsverwarringen omkleedde menselijke ervaring - die géén wonderen kent, al is veel dat men ziet welbeschouwd overwegend onbegrijpelijk. [900]


Mundus vult decipi

De Volkeren zyn nòg zoo. Ze willen bedrogen zyn. Ze willen dienen, goddienen... "

Ja, dat is zo - en waar ze geen goden dienen willen ze partijleiders, koningen, voetbalhelden of mediasterren - nu .. misschien niet dienen maar toch wel: verafgoden, ophemelen, aanbidden en bewonderen.

Waarom is dat zo? Er is geen simpel antwoord, anders dan dat dit alles evident heel menselijk moet zijn want immers van alle tijden en plaatsen is. Eén voor de hand liggende grond is wel duidelijk: In tegenstelling tot alle andere dieren heeft de mens het vermogen niet alleen het heden waar te nemen, maar ook iets te weten van verleden en toekomst, waarin veel te vrezen valt, waarvan weinig of niets volledig begrijpelijk is en waar voor een individu weinig aan te doen valt behalve het trachten te dragen voorzover doenlijk en genieten waar redelijk mogelijk. [900]


Geloof voor moedigen

"Er is geen God, en er valt niets te aanbidden."

Ik denk dit ook - maar dit is een geloof voor de (hoog)moedigen, de sterken en de zelfstandig denkenden, en daarmee voor weinigen. Tot de dag van vandaag - ik schrijf dit Anno Domini 2003 - is minstens 95% van mijn medemensen gelovig aan een God, die het beste met hen voorheeft, en hen na hun dood zal belonen.

En terwijl ikzelf het voor zéér veel waarschijnlijker houd dat wat van mij resteert na mijn dood zal rotten en ikzelf (een deel van de activiteiten van mijn levende brein) voorgoed verdwenen zal zijn is het nogal begrijpelijk dat wie zichzelf niet mentaal ingericht heeft om alleen aan te willen nemen wat gefundeerd is op goede rationele evidentie en zich te verzetten tegen alle vormen van wensdenkerij en intellectuele gemakszucht daar anders over zal denken, was het alleen uit eigenliefde. Want is het geen strelende illusie een oneindig lange oneindig aangename toekomst te zullen gaan genieten aan de zijde van een Almachtige Alwetende Goedertieren Vader van Al Dat Was, Is en Zal Zijn? [900]


God van de roofdieren

De dode natuur is niet gelijk de levende natuur; mensen zijn niet gelijk dieren of planten; en er is zeer veel onder "al wat bestaat " dat behoorlijk tot zeer gruwelijk is, en dat uitermate wreed zou zijn als het opzet van een Almachtig Alwetend God zou zijn.

Het onderkennen dat er in de wereld zeer veel is dat naar menselijke begrippen wreed, slecht en gruwelijk is, omdat Moeder Natuur bestaat bij gratie van het eten en gegeten worden - zodat de grote meerderheid van al het schattigs dat in iedere lente geboren wordt ten prooi valt als voedsel aan ander gedierte, dat waarschijnlijk zelf ook weer ten prooi valt lang voordat het oud en uitgeleefd is - is één van mijn gronden niet te kunnen geloven in een almachtig, alwetend en goedertieren god of goden. Teveel in de bekende natuurlijke werkelijkheid is moreel of intellectueel te slecht geregeld om gepland te kunnen zijn door enig almachtig god uit de overleverde menselijke religies.

Anders gezegd: Als er een almachtig alwetend god is dan is het een god van de roofdieren, die het "homo homini lupus" tot natuurwet heeft gemaakt, en dat niet uit liefde en mededogen, maar uit welbehagen in pijn. [900]


Sex en religie

Bij gelegenheid heb ikzelf - net als Multatuli overkwam - mij laten verleiden tot aanbidden, en net als Multatuli gold dit vrouwen. Dit kan een fout zijn - rationeel is het zeker niet! - maar ook dit laat zich gebruiken om de religieus gelovigen te kritiseren: Ook zij kunnen weten dat hun liefde voor het andere geslacht (aangenomen dat ze zo ingericht zijn) feitelijk véél sterker en motiverender is dan àl het geloof in de Heer dat ze, waarachtig of niet, belijden zolang ze niet in vuur en vlam staan voor hun geliefde. [900]


Bijbel als verklaring

"Doch al ware dit anders, 't zou inderdaad moeielyk zyn, 'n voorwerp van ‘aanbidding’ te bedenken - reëel of fantastisch, om 't even! - dat minder aanbiddenswaardig wezen zou dan de leelyke bybelgod."

Dit is ook mijn opvatting. Ik kreeg een atheïstische opvoeding, en las de Bijbel pas toen ik een jaar of 20 was - en maar weinig boeken hebben mij meer verduidelijkt over de talloze zinloze wreedheden in de Christelijke geschiedenis. 't Stáát inderdaad allemaal in de Bijbel: Door of voor God opzettelijk bedreven wreedheid na wreedheid, gruwel na gruwel, plaag na plaag, beproeving na beproeving. Wat wonder dat de menselijkheid van de waarachtige Christelijke gelovers vaak meer met die van Torquemada dan met Jezus te maken heeft! Ze kregen dit van kindsbeen ingeprent! [900]


Oorzaken geloof

Naast domheid en conformisme is de voornaamste grond van ieder geloof de totalitaire sociale dwang van de omgeving te doen alsof men gelooft wat "de autoriteiten" voorschrijven. En ook dit is een grond om niet te kunnen geloven in een almachtig, alwetend en goedertieren godheid: Zijn aanhang is veel te dom of wreed om geloof aan te hechten aan een god die een zich een dergelijke aanhang zou geschapen hebben! [900]


Misleidende symbolen

"Ik beweerde dat er zooveel bedorven werd door verkeerde opvatting van symbolen."

Hier hebben we in één zin de voornaamste grond van menselijk dwalen: "verkeerde opvatting van symbolen" - zij het in wijdere betekenis dan M. kennelijk voor ogen had. [901]


Personificeren

Dat is niet zozeer een "eigenaardigheid van den dichter" als een menselijk-al-te-menselijke zwakte: Het personificeren - bezielen, gevoel en bedoelingen toekennen - van vrijwel alles waarin mensen interesse hebben, van de eigen kinderen tot de eigen auto, politieke partij en natie.

Deze menselijke eigenschap gevoelens en bedoelingen toe te schrijven aan om het even wat heeft tot zeer veel wanbegrippen geleid en is één van de voornaamste redenen dat religies zo lang zo succesvol zijn geweest, en dat de wetenschap zo moeizaam en zo laat in de menselijke geschiedenis ontstond. (Immers, er waren kennelijk al 40.000 jaar geleden mensen zoals tegenwoordig leven, terwijl de echte wetenschap amper 400 jaar oud is. Slecht 1% van de tijd dat er moderne mensen waren beschikten deze over wetenschappelijke kennis.) [901]


Wetenschap vs. geloof

Een fundamenteel verschil tussen wetenschappelijke kennis en vermeende geloofswaarheden is dat échte wetenschappelijke kennis werkt en toegepast kan worden zonder enig geloof in die kennis terwijl de vermeende Waarheden des Geloofs alléén werken en gelden voor de waarachtige zeloot, in diens eigen belevingswereld. [901]


Oorzaken geloof 2

"Naar myn innige overtuiging is 't geloof in 'n persoonlyken God, niets anders dan een uit misverstaan voortgesproten misverstand."

Ja, dat denk ik ook - behalve dat het "misverstand" heel menselijk is, en nauw samenhangt met twee typisch menselijke algemene aannames: Dat àndere mensen óók gevoel, bedoelingen, wensen en verstand hebben (wat een heel alledaagse aanname is die toch nogal ver boven de gegeven zichtbare feiten uitgaat - en die makkelijk generaliseert naar een Voelend, Bedoelend, Wensend en Denkend Maker van al dat is, als een supervader) en dat er achter de zichtbare verschijnselen diepere gronden verborgen liggen waar een mens succesvol naar kan gissen. [901]


God's onbegrijpelijkheid

M.'s laatste zin wordt kennelijk ingegeven door "de eischen" dat een God goed (en almachtig en alwetend) zou zijn. Maar één - glibberig - antwoord van de godsgelovers op dit verwijt is dat God's goedheid zowel bestaat als vaak onbegrijpelijk is, voor een gewoon mensenverstandje. Hoe de gelovers dát zouden kunnen weten, en wat voor troost ze eraan zouden ontlenen is de vraag natuurlijk (immers, het tendeert naar: Onze God is een God die ons bedriegt voor onze bestwil, zoals onze ouders aan Sinterklaas deden) - maar doorsnee gelovigen zijn niet gelovig op basis van rationele argumenten doch op basis van wensdenkerij. [902]


God als bindmiddel

Vervolgens. Een onderscheid waar M. zelden of nooit op in gaat is tussen de aanname van een God als metafysica en de aanname van een God als maatschappelijk bindmiddel - als ideologie, ethica, of rituele troost- of inspiratiebron.

Dit onderscheid geldt bijvoorbeeld hier, en men mag - veel algemener - aannemen dat er in de menselijke geschiedenis veel nominaal (niet bijzonder domme) gelovigen zijn geweest die hun geloof praktiseerden niet omdat ze veel vertrouwen hadden in hun priesters of theologen, maar omdat ze meenden dat het praktiseren van hun godsdienstige rituelen over het geheel genomen voordeliger of aangenamer of moreel beter was dan het nalaten ervan. En dit kan zowel geweest zijn omdat ze bang waren vervolgd te worden (vaak met goede redenen) als omdat ze eerlijk meenden dat een mensenmaatschappij een ideologisch of religieus bindmiddel en fundament nodig heeft - en de morele geboden van de grote godsdiensten zo gek nog niet zijn, of er nu wel of geen belonend of straffend god is.

Wat mijn laatste opmerking betreft: Alle grote godsdiensten kennen een equivalent van "wat gij niet wilt dat u geschiedt, doet dat ook een ander niet" - wat mij dunkt een zeer zinnige regel te zijn (met kwalificaties, die er hier niet toe doen). Bovendien lijkt het mij (en Multatuli) bewonderens- en prijzens-waardiger goed te doen omdat men het zèlf goed acht dan omdat het voorgeschreven is door autoriteiten: Een rechtvaardig God is vriendelijker voor goede atheïsten dan voor goede gelovigen, want een atheïst is niet goed omdat hij de hel vreest als hij slecht doet, maar omdat hij het goede wil. Van een gelovig Protestant is het echter veel moeilijker uittemaken of hij goed is uit goedheid, of slecht is maar z'n Heer teveel vreest om aan z'n slechtheid toe te geven. [902]


Religieuze onnozelen en leugenaars

een gróót verschil tussen onnozelen en leugenaars dat zowel logisch als moreel geldt: De laatsten weten beter; de eersten niet. [902]


Allegorisch geloof

In feite werd in de 19e eeuw de allegorische opvatting van de bijbel populair onder dominees en gelovigen, omdat deze interpretatie - à la "Er staat niet wat er staat: Je moet het als metafoor lezen" - het heel makkelijk maakte het christelijk geloof met de ook opkomende wetenschap te combineren. [903]


Bijbel-interpretaties

Wie niet aanneemt dat de bijbel het woord Gods is hoeft niet aan het interpreteren en duiden te slaan, wat bovendien gewoonlijk taai, vervelend en weinig informatief werk is; en wie dat wel aanneemt is klaarblijkelijk zó makkelijk te bewegen tot domme aannames dat het willen toepassen van gezond verstand inzake de bijbel 'm toch vrijwel onmogelijk is.

En ik ben me dan ook niet bewust dat zo'n anderhalve eeuw metaforische Bijbel-interpretatie ook maar iets van enige waarde of interesse voor niet-gelovers heeft geproduceerd. De Bijbel is overwegend onzin maar gedeeltelijk heel goed geschreven; gelovers in de Bijbel geloofden onzin en schreven vrijwel altijd véél beroerder dan ze van hun eigen heilige schrift hadden kunnen leren. [903]


Doorsnee gelovigen

zolang de grote gelovige massa even dom blijft als ze evident is zal ze zich niet door natuurkunde laten weerhouden van wensdenken en bedrogen worden. [904]


Bovennatuurlijk

Tenslotte, dat "Altyd poogde men zekeren Wil, zekere Kracht te vinden buiten den aard der dingen zelf." lijkt mij een adekwate samenvatting, die ook suggereert waarom mensen dat zo vaak en makkelijk deden: Zo verklaren mensen menselijk handelen, zowel van zichzelf als anderen.

Dit geschiedde omdat deze vorm van verklaren, in termen van wensende en denkende wezens die dingen maken omdat dit overeenkomt met hun wensen en gedachten, zo geheel en al menselijk is, én omdat de wens verklaringen te vinden zo geheel en al menselijk is.

Het is dus niet zó vreemd wanneer welbewust denkende, wensende en vrezende wezens àls ze dan aan één oorzaak van al dat is willen geloven deze oorzaak een welbewust denkend en wensend wezen maken. En als de nijlpaarden zich een god voorstellen, dan als nijlpaard. [905]


Griekse goden

Er kàn geen God bestaan" is te sterk, en hoewel veel veronderstelde goden logisch onhoudbaar want ongerijmd zijn geldt dit niet voor alle godsbegrippen. De Griekse goden verhouden zich tot de mensenwereld ongeveer zoals de mensen zich tot de dierenwereld verhouden. Ik zie geen reden hun bestaan aan te nemen, maar ook geen logisch geldig argument met met alleen aantoonbaar-ware premissen waaruit hun logische onmogelijkheid onweerlegbaar volgt. [906]


Godsbewijzen

"Er was eenmaal Niets, en God schiep."

Dit geeft inderdaad bijzonder goed zowel de ongerijmdheid als de gang van veel godsbewijzen aan. Ik ga daar hier nu niet verder op in, behoudens deze éne opmerking: Ex nihilum nihil fit - ergo, er was altijd iets en een schepper van dat iets is een overbodige aanname. [906]


God's geestelijke gezondheid

"Een krankzinnige God is géén God!"

O? Zoals een krankzinnig mens geen mens is? Om M. te citeren: "De ongerymdheid hiervan behoorde ieder in 't oog te springen."

Bovendien: Een God zonder almacht, alwetendheid en oneindige goedertierenheid is makkelijker te verslikken dan één mèt deze eigenschappen, en is niet logisch onmogelijk - al zie ikzelf geen reden tot de aanname van dergelijke of andere goden, omdat ik meen dat de werkelijkheid uit de voorafgaande werkelijkheid verklaart moet worden, eventueel met een beroep op toeval en initiatief van levende wezens in die werkelijkheid.

Toch is het de moeite waard op te merken dat de goden van de oude Grieken noch almachtig, noch alwetend noch oneindig goedertieren waren - en dat een almachtig en alwetend god aangenaam en vanzelfsprekend is voor wie een totalitaire inborst heeft. [906]


Oorzaak en toeval

Primo: Het lijkt in het geheel niet noodzakelijk dat alles wat gebeurt uit "het voorafgegane" voortkomt. Waarom niet (gesteld dat alles wat gebeurt met deze of gene noodzakelijkheid gebeurt, waarover in de volgende opmerking): Alles wat gebeurt wordt bepaald door het verleden of het heden? Immers, vaak beslist een mens hier en nu op basis van voorgaande ervaringen en momentane gebeurtenissen, gevoelens en bedoelingen.

Secundo: Er is - althans in de quantum mechanica - niet alleen noodzakelijke opeenvolging van ooorzaak en gevolg maar ook toevallige opeenvolging. Sommige natuurlijke processen zijn toevalsprocessen: Wat gebeurt gebeurt niet noodzakelijk maar toevallig, al hebben deze toevallige gebeurtenissen een onveranderlijk gemiddelde, spreiding, mediaan etc. dat ze en masse maar niet individueel voorspelbaar maakt. [907]


Vrije wil

de vrije wil (die een mysterie of onmogelijkheid is in een volledig gedetermineerde wereld, waar alles wat gebeurt het enige noodzakelijke en onontkoombare gevolg is van alles wat eraan vooraf ging).

"Wy moeten de omdat's der Natuur gebruiken om onze opdat's te bereiken"

Alles goed en wel - maar hoe meende M. dat die "opdat's" konden bestaan in een natuurlijke wereld die alleen uit "omdat's" samengesteld is?

Hier ligt één van de diepere inkonsekwenties van M., die hierin overigens niet alleen staat. En de problemen die hier liggen - vrije wil, determinisme, toeval, coïncidentie - zijn inderdaad ingewikkeld. Mijn eigen antwoorden heb ik schetsmatig herhaaldelijk aangestipt: Er is niet alleen noodzaak maar ook toeval en niet alleen gedetermineerdheid maar ook vrijheid. En dit is mogelijk indien alles wat als individueel ding bestaat een zekere mate van onafhankelijkheid heeft (in ieder geval in waarschijnlijkheidstheoretische zin) van alles wat verder bestaat, en een vermogen tot individueel reageren in het hier en nu, alleen beïnvloed maar niet gedwongen door de eigen hoedanigheden. [907]


Bidden

Het veelvuldig bidden om de overwinnig op de vijand uit naam van Onze Lieve Heer door beide partijen is inderdaad een goed argument dat bidden kennelijk niet effectief is - voor wie in goede argumenten gelooft. Zie ook Mark Twain's War Prayer. [908]


Waarheid en eenvoud

"Alle waarheden, - konsekwente gevolgen slechts van 't voorafgaande - zyn even eenvoudig "

Nee, of althans: Dit is niet helder uitgedrukt. Een beetje differentiaal-vergelijking - toch de termen waarin de meeste natuurkunde wordt geschreven - is een stuk ingewikkelder dan M.'s geliefd 2+2=4. En de tegenwerping dat deze toegenomen ingewikkeldheid voor Moeder Natuur (of een God) niet geldt is niet relevant voor wie zaken alleen met z'n eigen menselijk verstand aankan of niet kan begrijpen. [909]


Weerlegging van God

Ikzelf heb een platte Amsterdammer gekend die z'n atheïsme zo grondvestte: "Ach Maarten! As God hat bestaon dan hatti toch seker wel un paor keer tienduisent gulduh op me giro geset?" [909]


20ste eeuwse beschaving

Er is in de 20ste eeuw bijzonder veel militair gemoord en gebrand, en 't zou interessant zijn behoorlijk gefundeerde schattingen te lezen over aantallen en percentages van gedurende zogeheten krijgshandelingen verkrachte vrouwen, vermoorde kinderen en afgeslachte burgers in de 20ste en andere eeuwen. (In 701 geef ik een interessante tabel en referentie in dit verband.) [910]


Religieus geloof

Immers, als het religieus geloof vooral teruggaat op domme maar zeer menselijke wensdenkerij dan is het zowèl begrijpelijk waarom zoveel mensen zo gelovig zijn en waren àls inzichtelijk waarom rationele argumentatie weinigen bekeerd heeft van dat geloof. [910]


Bijbellezen

het is niet voor niets dat ook een atheïst als ikzelf een aanrader van bijbellezen ben: Het slachten voor, door, met en uit naam van God is inderdaad zeer treffend in het Oude Testament. [911]


Logisch nadenken

Ikzelf redeneer liever omgekeerd: Een goede onderwijzer kan een intelligente leerling goed onderwijs geven, zelfs als het verstand van de leerling wat bedwelmd is door kathechesatie. Daarbij: Ieder mens wordt in z'n leven blootgesteld aan allerlei goedbedoelde waansystemen, talrijke advertentie-leugens en veel politieke oplichterij.

En men mag van ieder mens verlangen dat hij of zij logisch weet na te denken, al kan het iedereen uit eigen ervaring duidelijk zijn dat dit lang niet altijd makkelijk is én dat het meest waarschijnlijke logische resultaat zal zijn dat er over de bestudeerde kwestie geen zeker en onomstotelijk oordeel mogelijk is bij de kennis die men zelf heeft.

maar ik maak me geen illusies over het doorsnee vermogen tot het oplossen van fundamentele logische, epistemologische en ontologische puzzels en paradoxen.

De vereiste moed heeft dan ook veel meer de volgende vorm:

Heb de moed te weten en erkennen wanneer en wat u niet weet - en wanneer en waar u niet zeker weet maar alleen met meer of minder recht vermoedt of aanneemt! En ook: Heb de moed te leven zonder geloof dat u niet rationeel onderbouwen kunt! En in ieder geval waar de belangen van anderen geraakt worden: "It is always wrong, for anyone, anywhere, to believe anything upon insufficient evidence" (W.K. Clifford). [913]


Menselijke progressie

"En... we stònden stil! We gìngen achteruit! De achttien eeuwen die verliepen sedert Augustus, werden slecht besteed."

O? Hoe meet je dit soort zaken? Wie kan zeggen wat geweest zou zijn als bepaalde zaken - hier verwijst M. bijvoorbeeld impliciet naar het ontstaan van het Christendom - ànders geweest waren? Hoe zou de menselijke geschiedenis verlopen zijn als deze of gene Romeinse keizer de leer van Lucretius als staatsgodsdienst ingevoerd zou hebben?

Dit soort vragen laat zich niet anders dan spekulatief en fantastisch beantwoorden. Toch is er in ieder geval één redelijk objectief criterium voor menselijk succes en welzijn: Het aantal mensen dat leeft. Als we dit criterium gebruiken als een soort hele groffe maat voor het succes van de mens als diersoort (afgezien van morele oordelen over wat deze diersoort aan- en uitricht!) dan zien we dat de opkomst van de wetenschap een doorslaggevend verschil maakte: Sindsdien, maar niet daarvoor, breidt de mensheid zich snel uit, kennelijk op basis van een aantal waarachtige inzichten in de natuurlijke werkelijkheid en een op die inzichten gebaseerde technologie. [914]


19e eeuwse prestaties

"Met al onze Industrie, met onzen Stoom, met onze Werktuigkunde, met onze fabriekmatige verdeeling van den arbeid, lydt het meerendeel des Volks gebrek. Gebrek aan vermaak, aan uitspanning, aan genot, aan geluk, aan brood... dat is tevens, alles saamgenomen: gebrek aan Deugd."

Laat ik voor goed begrip van waar M. op doelde nog eens verwijzen naar het budget van Klaas Ris, en ook naar dat van een 19e eeuwse Nederlandse schoolmeester. Aan de andere kant, en in vervolg op m'n vorige opmerking: Er is sindsdien, en binnen een jaar of 50 à 100 bijzonder veel veranderd in Nederland waar het de gemiddelde welvaart, levensverwachting, gezondheid, voeding en menselijke mogelijkheden betreft en de voornaamste reden is ... toegepaste wetenschap.

In feite is de tijd waarin Multatuli leefde en meer in het bijzonder de tweede helft van de 19e eeuw de bron van de meeste veranderingen in de 20ste eeuw: Bijna alle uitvindingen en ideeën die vorm en inhoud aan de 20ste eeuw gaven dateren uit de jaren 1850-1900.

Hier is een kort, snel, oppervlakkig en schematisch lijstje:

Gaslicht, electrisch licht, betere riolering en bestrating, nieuwe wetboeken (Code Napoleon door heel Europa, in aangepaste vorm), ondergang aristocratie (Franse revolutie plus 1848), éénwording Duitsland, afschaffing slavernij, stalen bruggen en schepen, gemotoriseerd transport, fietsen, electriciteit, begin moderne scheikunde, industriële productie, stromend water, toiletten, evolutie-theorie, verzamelingenleer en Booleaanse algebra, kranten, telefoon, radio, telegraaf, lucifers, sigaretten, autoos, treinen, fotografie, film, openbare bibliotheken en musea .... er is zéér veel dat de 20ste eeuwers aan de industrie en inventiviteit van de 19e eeuwers danken!

Vervolgens, wat betreft "Gebrek aan vermaak, aan uitspanning, aan genot, aan geluk, aan brood... dat is tevens, alles saamgenomen: gebrek aan Deugd": Dat het grootste deel van de 19e eeuwers in Europa bittere armoede leden én daarvoor hard moesten werken is waar, maar het is niet zo dat er een direct of simpel verband is tussen welvaart en deugd.

Waar M. wèl gelijk in heeft, al zegt hij dat niet precies en al zag hij dit waarschijnlijk enigszins anders is dat het meeste menselijk kwaad gedaan wordt door ongelukkige mensen: Wie gelukkig is heeft weinig of geen reden z'n medemensen te pijnigen of vervolgen. [914]


Maatschappelijk debat

een algemeen verschijnsel in maatschappelijke discussies over maatschappelijke kwesties: Dit zijn gewoonlijk oefeningen in huichelarij en verplaatsen van de kwestie.[914]


Panem et cirrcensis in democratie

Een relevante vraag die M. nooit goed beantwoord heeft is deze: Hoe richt je een behoorlijke maatschappij in met een meerderheid aan mensen die niet in staat zijn behoorlijk rationeel na te denken, en dat bovendien niet willen? Er is een klassiek antwoord in een modern jasje: Panem et circenses, die tegenwoordig per TV arriveren bij Jan en Jans Modaal, over minstens 24 zenders, waarvan minstens driekwart gewijd porno, sport en gefantaseerd geweld.

Het Neerlandse Volk wíl het zo en kríjgt tegenwoordig wat het wil - maar als dit de noden en verlangens van de doorsnee is (te weten: véél Big Brother, véél voetbal, liberale doses André Hazes en Vanessa) dan staan de - zeer zeldzame - Multatuli's overwegend alleen, en preken voor een héél kleine groep goedwillende weldenkenden... zoals M. zelf duidelijk werd, rond de tijd waarin hij Ideen 3 schreef. [914]


Emancipatie van het volk

de ervaring leert dat als je de emancipatie van het gewone volk aan het gewone volk overlaat het resultaat vrijwel altijd - en bovendien in heel korte tijd! - een totalitaire religieuze of politieke dictatuur is. [915]


Maatschappelijke revoluties

Wie opwekt tot maatschappelijke ontevredenheid wekt op tot maatschappelijke revolutie - maar maatschappelijke revoluties draaien bijna altijd en bijna overal uit op totalitaire dictaturen van zeer weinigen over zeer velen. (Jawel: De mensheid wil altijd het goede - voor zichzelf, volgens zichzelf. Ook bedriegt ze zichzelf graag met wensdenkerij. Zie verder 423 en 817.) [915]


Primitieve eeuwen

Dit is tegenwoordig in Nederland anders, maar de voornaamste redenen liggen niet in een verbetering van het gemiddelde morele of intellectuele niveau van de klein- en achterkleinkinderen van de hongerlijdende en uitgebuite meerderheid van de Nederlandse 19e eeuwers. Immers, de voornaamste redenen zijn groei van wetenschap en technologie, en verplaatsing van de armoede naar de Derde Wereld, zoals deze eufemistisch heet. Opdat het Neerlandse gewone Volk kan genieten van André Hazes, veel voetballen, en de porno van Veronica, hongert het gewone volk in de Derde Wereld - althans daar lijkt het op, in deze "beste aller mogelijke werelden".

Men mag hopen dat nóg een eeuw wetenschappelijke ontwikkelingen - altijd aangenomen dat noch de politici noch de religieuzen er ondertussen in slagen de wereld op te blazen en deze ook niet ten gronde gaat aan milieurampen - als gevolg hebben dat - en dan voor het éérst in de menselijke geschiedenis! - de grote meerderheid der levende mensen behoorlijk gevoed, gekleed en onderwezen zal zijn. En pas dan zullen de primitieve eeuwen voor de mensheid voorbij zijn. Ik zal het niet meemaken. [915]


Multatuli en het Marxisme

M.'s doorzag de tekortkomingen van socialistische en communistische ideeën heel goed (zoals o.a. blijkt uit een - kennelijk nooit verzonden - brief aan Klaas Ris, die socialistische neigingen had). Het is niet geheel duidelijk wat Multatuli er zelf voor in de plaats wilde, maar het komt overwegend neer op iets als:

Het verrotte Nederland en Europa heeft een soort nieuwe Napoleon van de zedelijkheid nodig, een verlicht despoot, die met genie en doorzettingsvermogen in korte tijd de ontstane maatschappelijke misstanden opruimt - en de beste kandidaat voor deze rol in Nederland én Nederlands Indië, waar M. het eerst van iets als het hier gezegde overtuigd raakte, is Multatuli - volgens Multatuli.

Mijzelf komt ook dit als een illusie voor, zowel in het algemeen als in het bijzonder.

Eerst het algemeen: Ook verlichte despoten plegen despoten te zijn, en als er iets is waar de mensheid niet bij gebaat is gebleken dan is het despotisch bestuur, hoe goed bedoeld ook, omdat dit kennelijk altijd en overal ontaardt in de dictatuur van zeer weinigen over zeer velen en in veel menselijke en maatschappelijke ellende.

Vervolgens in het bijzonder: Multatuli lijkt mij volledig ongeschikt als maatschappelijk leider, en het was een illusie dat hij dat zou hebben kunnen worden in andere omstandigheden, of met meer geld en steun van anderen. Hij was véél te veel artiest, dromer en afhankelijk van stemmingen om een ingewikkelde maatschappij te leiden (die verschilt van de bestuursfuncties die M. met succes vervulde in Nederlands Indië, waar wat meer plaats was voor uitzonderlijke individuen in leidende functies), en hij was bovendien veel te zenuwachtig van aard om anderen te kunnen blijven domineren, zoals nodig is voor een succesvol despoot (als bijvoorbeeld Stalin - die veel dommer en veel kwaadwilliger was dan M. maar ook veel sluwer en zelfbeheerster). [916]


Revolutie en oorlog

In tijden van revolutie en oorlog zijn àlle partijen makkelijk te bewegen tot de meest extreme maatregelen en excessen, was het alleen uit angst dat de tegenpartij hen te snel af zal zijn met idem.

Waar gevochten wordt is dwingelandij, tirannie, mishandeling en verwoesting. [916]


De aard der dingen

De "aard der dingen" ligt vrijwel altijd in het verborgene, en kan alleen door generaties studie en uitproberen gissenderwijs en met veel missers gevonden worden. [916]


Moeder Natuur

moeder "Natuur" is, in weerwil van M.'s herhaalde sentimentele uitingen over "de lieve Natuur", gerekend uit menselijk perspectief hard, wreed, gemeen, onmededogend en geweldadig. Wie naar de levende Natuur kijkt ziet moord en geweld alom en overal, want Moeder Natuur bestiert zichzelf door te eten en gegeten worden: Wat leeft houdt zich in leven door andere levende wezens te vernietigen voor eigen belang. [916]


Menselijke slechtheid

"Gunt de Mensheid achttien eeuwen Ongeloof met Natuurstudie, o Christenen, en ziet dan eens of er nog geroofd, gebrand, geplunderd en gemoord wordt! Achttien eeuwen? Ik vraag slechts honderd jaren, den tyd om drie geslachten te doen rypen!"

Wel, die zijn verstreken sinds M. dit schreef - en zonder enige noemenswaardige verbetering die ik kan zien. Het fundamentele onderliggende probleem is ongetwijfeld dat het gemiddeld menselijke hart zo goed niet is. En het is een tot nadenken en droefheid stemmend feit dat leden van alle enigszins bekende geloofsgroeperingen van ieder geloof leden van andere geloofsovertuigingen, zogenaamd "in hun eigen belang" vervolgd, onderdrukt en vermoord hebben. Over het geheel genomen lijkt dit dus minder aan de inhoud van de religies te wijten dan aan de menselijke natuur, die een sterke predispositie heeft voor een totalitaire hordenmentaliteit, en zich wèl voelt bij het in gemeenschap vervolgen van anders denkenden, anders ogenden en anderszins van Ons Rechtgelovigen afwijkend gespuis.

Wie gelooft dat atheïsten noodzakelijkerwijs nobeler van inborst of minder mismaakt door religieuze opvoeding zijn doet er verstandig aan Robert Conquest's "The reign of terror" over Stalin's terreur en Jung Chang's "Wild Swans" over Mao's terreur te lezen. [917]


Deugd godsdienst

En het dunkt mij ook een behoorlijk grote fout godsdienst - of: een leerstelsel waar men het meen oneens is - alléén negatieve eigenschappen toe te schrijven. Alles wat wijd verbreid is onder mensen moet gebaseerd zijn op menselijke noden, wensen en hoedanigheden, en het is niet moeilijk om - met enige goede wil - in ieder geloof betrekkelijk tot zeer voorbeeldig levende mensen aan te wijzen die hun voorbeeldig leven (volgens door vrijwel iedereen onderschreven morele normen) baseerden op hun geloof. [918]


Rationeel redeneren

"In het terugkeeren tot de Natuur bestaat dan ook de ware zedelykheid die ons behoort te onderscheiden van geloovers, andere barbaren, en dakpannen."

Wat M. hiermee bedoelde legt hij hieronder uit. Ikzelf geloof veel minder in nut, noodzaak of rationaliteit van "het terugkeeren tot de Natuur" (overigens een heel vage frase: hoe kunnen we ontkomen wat we zijn?) dan in het trachten de eigen oordelen zo goed en zo rationeel mogelijk te funderen op objectieve evidentie en logische redeneringen. Als rationeel en empirisch redeneren - de weg der wetenschap - ertoe leidt dat men in niets dan natuur gelooft (waar ik het mee eens ben) dan is dat ook deze hardnekkige atheïst aangenaam, maar het principiële punt is niet het bereiken van een leerstellig resultaat maar het principieel rationeel en wetenschappelijk willen en proberen te redeneren. [918]


Tegen godsgeloof

De voornaamste intellectuele argumenten tegen het aannemen van een god zijn de volgende:

  • Alle bekende godsbewijzen zijn ofwel logisch ongeldig ofwel bewijzen zéér veel minder dan de gelovigen feitelijk geloven - terwijl het bewijs in kwestie (als: "Er was een eerste begin van al dat is") dan nog gevoerd wordt op basis van betwijfelbare aannames (als: "Alles heeft een oorzaak").
  • Alle bekende religies zijn in fundamentele tegenspraak met tal van wetenschappelijke theorieën en empirisch vaststaande feiten. (Dit geldt de natuurkunde, de scheikunde, de biologie, de geologie en de wiskunde, minstens.)
  •  Het principiële verschil tussen wetenschap en geloof is dat échte wetenschap tot technologische toepassingen leidt die wèrken ongeacht het minste geloof in of kennis van de wetenschap die tot de technologie leidde. Religieus geloof daarentegen, voorzover het werkt, werkt alleen voor gelovigen - en is dan nog volgens de gelovigen zelf "een mirakel".
  • Alle bekende religies zijn gebaseerd op zeer twijfelachtige of nogal evident onware aannames die véél meer te maken hebben met wensdenkerij dan met rationeel redeneren.
  • Het is onverstandig méér aan te nemen dan nodig is - en de bekende natuurlijke werkelijkheid kan behoorlijk wetenschappelijk verklaard worden terwijl iedere religieuse verklaring ervan niet heeft geleid tot enige bruikbare kennis voor niet-gelovigen (en wèl tot talloos veel geloofsvervolgingen, ketterverbrandingen etc.).

Kortom: Godsdienstig geloof is minder ongerijmde dan ongefundeerde wensdenkerij. Wie een geloof aanhangt doet dit dan ook zeer zelden op basis van rationele argumenten en vrijwel altijd op basis van emotionele noden en wensen. Ik geef zelf grif toe dat het aangenaam zal zijn te menen dat men na z'n dood oneindig lang zal genieten in een paradijselijke omgeving - maar ik zie geen goede redenen mijzelf zoiets wijs te maken. Ook vind ik het oneerlijk dat zoveel gelovigen doen alsof zij zouden beschikken over goede rationele argumenten voor hun emotionele noden en wensen en vind ik het immoreel ongelovigen te proberen te verplichten tot respect voor gelovigen of tot het belijden van een geloof.

Tenslotte in dit verband van aannames van god, god's almacht, alwetendheid, goedertierenheid en de eeuwigdurende zaligheid van alle waarachtig gelovigen aan Het Enige Ware Geloof en de eeuwigdurende bestraffting van alle anderen (men leze Dante!):

Het komt toch in vrijwel ieder geval neer op de stelling van de gelovige een dat hij of zij inzicht heeft in een mysterie dat anderen niet gegeven of ontzegd is. Gelovigen gedragen zich als lieden die de uitkomst van de lotto van tevoren met zekerheid zeggen te kunnen voorspellen - en bovendien pretenderen dat zij de hoofdprijs krijgen en verdienen. Daarbij is er altijd dit verschil dat gelovigen niet wedden op de controleerbare uitkomsten van de voorspellingen van hun priesters: Het zou snel gedaan zijn met de meeste religies als deze even rationeel benaderd zouden worden als de paardenrennen of pokeren. [919]


Doorsnee gelovigen 2

Would-be gelovers doen er verstandig aan uit te zoeken wat het geloof dat hen interesseert heeft opgeleverd aan karakters, individuen, handelingen en prestaties van gemiddelde aanhangers van dat geloof. En dan ben ik het met M. eens dat een paar blikken op een doorsnee congregatie van katholieken of protestanten voldoende behoort te zijn om iemand met een goed verstand en individuele moed te overtuigen dat ie met dergelijke mensen onmogelijk op voet van gelijkheid kan verkeren. [919]


Staat, kerk en onderwijs

Nu, de Staat - zegge: de machthebbers, wie het ook waren, waar dan ook - heeft zich altijd bemoeid met het onderwijs, was het alleen omdat wie de jeugd heeft de toekomst heeft, en omdat een groot deel van alle onderwijs niet dient tot het bijbrengen van waarachtige kennis maar van geldende vooroordelen en mores. Hetzelfde geldt de Kerk, en gedurende zeer vele eeuwen leverden Kerk en Staat gesamenlijk de machthebbers van de samenlevingen. [920]


Kwaliteiten van politieke leiders

Maar "het beoordeelen van wysgeerige vraagstukken" is dan ook gewoonlijk geen regeringstaak, al meende Plato anders. Regeringen worden geacht te besturen en de ervaring leert - enigszins schematisch samengevat - dat hoe minder wijsgerigheid regeringen uitdragen en belijden hoe geringer het risico op totalitair bestuur. (Stalin en Mao meenden grote wijsgeren te zijn. Onder hun bestuur werd dan ook op grote schaal gemarteld en vervolgd.)

Wie hier, eventueel met een beroep op Plato, anders over denkt vergeet dat (1) bijna hetzelfde - maar minus totalitaire konsekwenties - geldt voor wiskunde, natuurkunde, schilderkunst en iedere andere tak van menselijke kennis of vaardigheid en (2) dat het ieder verstandig regeerder geheel en al vrij staat zich uitgebreid en grondig te laten adviseren door bevoegde experts, mocht ie verstandig en eerlijk genoeg zijn daar behoefte aan te voelen. (Archimedes van Syracuse werd geen burgemeester van z'n woonplaats, maar werd wel door de lokale machthebbers om hulp en advies gevraagd, bijvoorbeeld. Hetzelfde gold Einstein, Turing, Von Neumann en nogal wat andere zeer getalenteerde fysici en wiskundigen in de 2e W.O.)

Vervolgens. M. heeft gelijk dat parlementaire democratie er niet toe leidt dat "de élite van 'n Volk (..) aan z'n hoofd geplaatst wordt" en er véél eerder toe leidt dat een volk bestuurd wordt door uitgesproken middelmatigheden, eenvoudig omdat middelmatigheden onder een meerderheid van middelmatigheden het populairst zullen zijn. (In het genivelleerde Nederland zijn veel van de populairste politici uitgesproken lelijke mensen en koketteren daar kennelijk mee: Erica Terpstra, Annemarie Jorritsma, Jan-Peter Balkenende danken hun populariteit voor een aanzienlijk deel aan hun lelijkheid, in het volk van genivelleerde TV-kijkers dat ze leiden.)

De vraag is of dit zo vreselijk is, en anders dan Multatuli meen ik van niet, behoudens extreme omstandigheden, die niet vaak voorkomen. Mijn redenen zijn dat goed regeren zo moeilijk niet is onder gewone omstandigheden, want het vergt eerlijkheid en doorzettingsvermogen, maar geen bijzonder talent; dat werkelijk hoogbegaafden thuis horen in de wetenschap of de kunst en niet in een regering of parlement, waar ze zich alleen maar kunnen vervelen en ergeren; en dat een volk het best bestuurd kan worden door mensen die op het volk lijken.

Waar vermeende of echte genieën aan de macht zijn heerst gewoonlijk terreur of zijn bijzondere omstandigheden, die zelden lang duren. Er zijn voorbeelden genoeg voor mijn stelling, en een heel aardig is dat van Winston Churchill, die evident begaafder en sneller van begrip was dan z'n Engelse politieke  tijdgenoten - maar die alleen getolereerd werd als politiek leider in tijden van oorlog.

De kans op uitstekende voorgangers was in vroeger tyd zeer gering. Heden is ze nul."

Dit is enigszins gechargeerd, maar geldt meer wèl dan niet - en zie [2]. Daarbij: "uitstekende voorgangers" - mannen en vrouwen van onbetwistbaar genie of groot talent, evident intellectueel beter dan de zeer grote meerderheid - horen niet in het bestuur of de politiek maar in de wetenschap of kunst.

Een Archimedes, Da Vinci of Euler behoort geen burgemeester, volksvertegenwoordiger of regeringsleider te worden, want verknoeit en vergooit z'n unieke gaven dan aan een taak die duizenden, niet belast door genie, feitelijk beter kunnen dan wie evident bijzonder en anders is.

Bovendien: Mensen willen zelden geleid worden door mensen die evident ver superieur aan hen zijn in vermogens. Een acceptabel leider van een menselijke groep is iets maar niet veel beter dan het gemiddelde van die groep en is geen leider vanwege z'n intellect maar vanwege z'n karakter, waarin begrepen standvastigheid, moed of betrouwbaarheid, en trouwens ook vaak vanwege z'n uiterlijk. [920]


Democratisch bestuur

Ik neem aan dat het gestelde overwegend een gevolg is van een gemengd - "democratisch" - bestuur, waar de meeste maatschappelijke belangengroepen een deel van hun wensen ingewilligd krijgen en geen enkele belangengroep de maatschappij zoals deze hen als ideaal verschijnt.

Dit leidt ongetwijfeld tot veel geschipper, veel halfheid, en weinig of geen instutionele of bestuurlijke excellentie, maar dit is ook in het belang zowel van echte individuen als voor de kansen van iedereen zoveel mogelijk z'n eigen gang te kunnen gaan en tóch deel uit te maken van een maatschappelijk geheel.

Het enige bekende menselijke alternatief, waarin expliciet gestreefd wordt naar "volmaking" komt namelijk onveranderlijk op theocratische of politieke dictatuur neer. Niet-dictatoriaal democratisch bestuur is bijna altijd tweede-rangs, ondoelmatig, en opgebouwd uit concessies en compromissen, maar is ook bestuur dat de overgrote meerderheid van een volk overwegend z'n eigen gang laat gaan. En het beste is inderdaad de vijand van het goede, zeker in zaken van maatschappelijk bestuur. (Zie ook 595.) [920]


Menselijke uitzonderingen

Een uitzondering zijn leert men op school en in de maatschappij niet - dat is men, of men dat nu wil of niet. En gewoonlijk is men het nièt, en zijn degenen die zich ervoor door laten gaan het óók niet.

Originaliteit kan noch geleerd noch onderwezen worden. Men vindt het in zichzelf of - gewoonlijk, in 999.999 van de 999.999+1 gevallen, minstens - niet.

Al wat uitsteekt is origineel; al wat origineel is, is overwegend aangeboren. Maar er is toch ook - zeker bij zaken als wiskunde, muziek of schaken - een zekere scholing nodig, en onderwijs in wat eerder verricht is. [921]


Onrechtvaardigheid

Nu, het oordeel dat "onzedelykheid neerkomt op begripsverwarring" is minstens zo oud als Socrates. Er is iets voor te zeggen, maar niet veel, want het ligt veel meer voor de hand aan te nemen dat onrechtvaardig gedrag - om veel argumenten over wat "(on)zedelijk" zou zijn over te slaan - vooral ligt aan eigenbelang of groepsbelang van wie zich onrechtvaardig gedraagt. [922]


Gemiddelde denkkracht

Zo'n 130 jaren wetenschap en openbaar vrij onderwijs verder zijn er nog steeds veel zogeheten creationisten; zijn er weer zelfbeleden "witte wiven"; en gelooft het gewone volk in voorgangers als Jomanda en in kruidenvrouwtjes, terwijl de hoger opgeleiden in meerderheid zweren bij "holistische" hokuspokus van allerlei soort.

Kortom: De grote meerderheid der mensheid is niet en was nooit in staat tot zelfstandig rationeel oordelen of rechvaardig doen. "Most men are as fit to think as they are fit to fly." (Swift) [922]


Morele vraagstukken

Mensen van 20 eeuwen geleden waren even goed in staat om over morele vragen te oordelen als mensen van tegenwoordig, want dergelijke vragen hangen niet af van toegenomen kennis der natuur maar hangen af van menselijke eigenschappen, noden en (on)vermogens, en die zijn in de afgelopen 20 eeuwen niet veranderd.

Men was vroeger echt niet onbekwamer of onwilliger om over morele vragen te oordelen dan nu. In de tweede plaats was er inzake morele vraagstukken nietzozeer "onkunde van de voorbygegane mensheid" als wel verschil van opvatting. En in de derde plaats beschouwt niemand "de voorbygegane mensheid" als "censor morum", zelfs niet degenen die zich beroepen op personen die lang geleden gepredikt hebben of concilies die eeuwen oud zijn: Als er al sprake is van een "wetgeefster op 't gebied der zedelykheid" dan is dat altijd een hier en nu bestaande persoon of institutie, mogelijk geïnspireerd door wat overgeleverd is van wat een individu ooit beweerd heeft. [922]


Moreel fatsoen

 dat "gewoonte-zeden" het hoofdbestandeel van alle feitelijk gepraktiseerde moraal is, en dat men deze volgt niet omdat dit goed is, maar omdat dit volgen van wat lokaal goed geacht wordt voor de geconformeerde meerderheid als goed geldt. [923]


Wetmatig handelen

"Wel erken ik dat het gehoorzamen aan de Wet, en zelfs - tot in zekere mate - ook 't nakomen van sommige onbeschreven gebruiken, plicht is."

Anderen denken daar anders over: "One has a moral responsibility to disobey unjust laws" - M. L. King jr. [923]


Goedheid

Goed" is voor de doorsnee altijd en overal wie de lokale autoriteiten gehoorzaamt en de lokale gebruiken volgt, en "slecht" wie dat niet doet. (Zie 423) [923]


Goedheid en samenwerken

Het goede komt overwegend neer op samenwerken: Het algemene doel is een samenleving van mensen die samenwerken met als doel het vergroten van elkaars geluk en verkleinen van elkaars leed.

Verder zie bij 423 - en ik citeer mijzelf hier vooral omdat samenwerken de mogelijkheid biedt (en vooronderstelt) om het met elkaar eens te worden over wat men goed en kwaad acht, en waarom dit gebeurt, en zonder in de geschetste moeilijkheid te komen.

dat het mij voorkomt dat het in zeer veel gevallen evident is wat mensen pijnigt en pleziert, en dat mensen zeer veel meer overeenkomen in wat hen pijnigt en pleziert dan dat ze daarin verschillen. [924]


Doel van samenleving

Immers: Moet men medelijden met X hebben omdat dit goed is, of is het goed omdat men medelijden met X heeft?

De oplossing die ik in 423 schets ontkomt hieraan omdat ik aanneem dat het doel van een menselijke samenleving ligt in de extra mogelijkheden die het biedt tot vermeerdering van zelf gewenst geluk en vermindering van zelf vermeend leed. Men dient de eigen interesses door elkaars interesses te helpen verwerkelijken en in stand houden want samenwerkende individuen kunnen veel meer dan evenveel niet-samenwerkende individuen. [924]


Lokaal chauvinisme

Het lokale geloof heet overal "goed", net zoals nergens wordt betwijfeld dat Ons Soort Mensen betere mensen zijn dan andere mensen.  [925]


Moreel relativisme

Tal van naar eigen mening hoogst verlichte academici van mijn generatie hebben beleden dat "alle moraal relatief is" - én dat deze zogenaamd post-modernistische opvatting, die het leven onder kannibalen en in terreurstaten zoveel makkelijker maakt, en het carrière-maken zoveel makkelijker maakt, zo bijzonder goed zou zijn.

Ik ontken het, en mijn fundamentele reden is dat wat mensen en pijnigt en pleziert overal overwegend hetzelfde is. Relativism is the very last refuge of the scoundrel, en een laffe en minderwaardige want oneerlijke manier van egoïst zijn. Zie verder 423. [925]


Rechtsstaat vs. religie

En wie enigermate intelligent is zal inzien dat een rechtsstaat, waar burgers gelijk zijn voor de wet en overwegend vrij zijn hun eigen leven naar hun eigen inzichten te leiden, gemiddeld een grotere kans op welbevinden biedt dan het volgen van enig religieus stelsel. [925]


Hollands publiek

 "Publiek schynt 'n proef te willen nemen hoe lang ik gevende blyven kan, zonder ooit iets terug te ontvangen. Moet ik dit toeschryven aan wreedheid, traagheid, domheid? Is het onmacht? Is 't schaamte? Of is 't van dit alles wat: hollandisme? "

Uitingen als deze maakte het "Publiek" natuurlijk niet makkelijker om sympathie voor M. te koesteren als men het niet met een groot deel van z'n kritiek eens was. De kenschets van Hollanders als wreed, traag, dom, onmachtig en achterbaks - niet zó gek voor wie het Hollands doen en laten in Nederlands-Indië meeweegt in z'n oordeel - is ook al niet ontworpen om door Hollanders enthousiast ontvangen te worden. [926]


Levende wezens

Ikzelf geloof dat levende wezens een zekere hoeveelheid eigen originaliteit, creativiteit en initiatief hebben. [927]


Multatuli als aanklager

Ik weet van geen schrijver die meer maatschappelijke, religieuze, politieke, economische en overige wantoestanden aanklaagde dan Multatuli.

Het is vooral hierdoor dat M. zo weinig steun en zoveel tegenwerking ondervond, die inderdaad veel van z'n fouten helpen verklaren: Vrijwel zijn gehele gepubliceerde werk is geschreven in grote armoede, in grote persoonlijke moeilijkheden, en met veel tegenslagen van allerlei soort. [927]


Leugen, domheid en conformisme

En tenslotte geeft "door Leugen, heeft men de Maatschappy gemaakt tot wat zy is" de fundamentele inspiratie waarmee M. aan zijn Ideen begon. (Zie de conceptie van de Ideen.) De oplettende lezer(es) van mijn commentaren zal ondertussen begrepen hebben dat ikzelf de oorzaak van maatschappelijke misstanden minder in de inderdaad ook welig tierende leugen zoek dan in de voor het welig tieren van dergelijke leugens noodzakelijke domheid en conformisme. Indeed, one can fool most people most of the time - and more is not necessary to have unjust societies for most, all of the time. [927]


Gebruikelijke redeneerfout

"Volkeren" denken niet en voelen niet en oordelen niet: Alleen individuen kunnen en doen dat. [928]


Marx, Nietzsche en Multatuli

Wat is de verklaring voor het feit dat Marx en Nietzsche in de eeuw na hun dood bijzonder grote navolging en groot maatschappelijk effect hadden, al zal dat niet de navolging geweest zijn die ze zelf gewild hadden, terwijl Multatuli ook in de 20ste eeuw zo weinig invloed had dat vergeleken met wat Marx en Nietzsche aanrichtten - ongewild, na hun dood, niet conform hun eigen wensen, maar toch - met een gerust geweten als nietig omschreven kan worden?

Eén reden om de vraag op te werpen is om een misvatting te weerspreken, namelijk de volgende: De reden voor Multatuli's zeer geringe effect, vergeleken met dat van zijn eveneens als wijsgeer op de voorgrond tredende tijdgenoten Marx en Nietzsche, zou zijn dat Multatuli- "vergelijkenderwijs" of niet - een veel minder groot wijsgeer zou zijn.

Dit is een misvatting, al is ie populair onder zoveelsterangs Nederlandse professoren. Ik heb echter geen zin hier uitgebreid op in te gaan, en voor wie niet zelf minstens een groot deel van zowel Marx als Nietzsche als Multatuli gelezen heeft (als ik wel, maar zoals ik verder nooit tegengekomen ben) zou de exercitie ook overwegend ijdel academisch vertoon zijn.

Maar één ding verdient toch opgemerkt te worden in dit verband, en kan desnoods opgevat worden als een uitdaging aan de lezer: Ik zou zelf niet weten wat Marx of Nietzsche op filosofisch gebied gepresteerd zouden hebben dat van blijvend nut, belang of interesse is.

Om terug te keren tot mijn vraag waarom Multatuli zoveel minder invloed had dan zijn tijdgenoten Marx en Nietzsche:

Ik zou gissen dat de vier voornaamste redenen waren dat hij Nederlands schreef; dat zijn Nederlands lezende eveneens schrijvende tijdgenoten zoveel moeite deden hem dood te zwijgen; en dat wat hij schreef niet geschikt was voor makkelijke massa-consumptie noch geschikt was om als theoretische fundering van een maatschappelijke revolutionaire beweging te kunnen dienen. [928]


Neerland's Grootste Schrijver

Hier volgt een copie van een brief van M.'s uitgever G.L. Funke "aan een lid van de vrijdenkersvereniging De Dageraad" die althans mij enigszins verbaasde:

Amsterdam, 24 Sept 1880

WelEdelzeer Gel. Heer!

Ter voldoening van mijne belofte volgt hieronder de opgaaf van 't getal der sedert 1869 (het jaar waarin ik eigenaar werd van de toenmaals bestaande werken van Multatuli) verkochte ex. dier geschriften en voorts van 't geen dáárna door mij werd uitgegeven.

Van 1869 t/m 1879 verkocht ik van
                           de Ideën 1e bundel 4098 ex.
,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,,,, ,, ,,      2e ,,       3886 ,,
Deze 2 bundels zijn van 1862-65 oorspronkelijk uitgegeven door de firma R.C. Meijer alhier, die van elk dezer deelen naar ik gis ca. 1500 zal verkocht hebben.

Van 1869 t/m 1879 verkocht ik van
                           de Ideën 3e bundel 2943 ex.
terwijl de 1e druk van dezen bundel reeds vóór 1871 was verschenen by den uitgever C. van Helden alhier, die daarvan ca. 1000 ex. verkocht.

In 1872 verschenen bij mij den 4e bundel, waarvan tot en met '79 werden verkocht 3942 ex.

Van 1873 t/m 1879 van den 5e bundel - 2775 ,,
,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,,,, ,, ,,    6e ,,        - 2407 ,,
,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,,,, ,, ,,    7e ,,        - 1959 ,,

Van 't drama Vorstenschool, oorspronkelijk in den 4e bundel verschenen en in 1875 door mij afzonderlijk uitgegeven, verkocht ik sedert dat jaar 5435 ex.

Voorts werden van 1869-79 verkocht van de

Minnebrieven                 3096 ex
Vrijen Arbeid in N.I.         1061 ,,
Verspr. Stukken              4443 ,,
Pruisen en Nederland         632 ,, 
Bruid daarboven              2191 ,,
Bloemlezing uit M
werken                          2276 ,,

De 6 laatstgenoemde bundels verschenen allen bij andere uitgevers van 1862-69. Wat die er van verkochten, is mij niet bekend. Naar ik vermoed zal dit gemiddeld 12 à 1500 ex zijn geweest.

De "Max Havelaar" die ik in 1875 bemachtigde, bracht mij een debiet op van 4341 ex- - Vóór '75 zijn er echter 3 drukken verschenen, die te zamen zeker eene oplaag van 8 à 9000 ex hadden en allen finaal uitverkocht werden. Van dit werk zijn alzoo sedert de 1e uitgave ca. 13000 onder 't publiek gekomen.

Ik geloof hiermee vrij volledig aan Uw verlangen voldaan te hebben en verheug mij U tevens een klein genoegen door de opgave te hebben bereid.

Hoogachtend                                             UEd.dw.dr. G.L. Funke

Wat is 't mij verbazende van deze opgave? Het geringe aantal - terwijl M. één van de best verkopende schrijvers van zijn tijd was en tegenwoordig geldt als "Nederlands Grootste Schrijver". Ook valt op dat M.'s meer literaire werken beter verkochten dan zijn meer beschouwelijke of maatschappij-kritische.

Het zou mij persoonlijk verbazen als er feitelijk in de afgelopen 140 jaren sinds de eerste druk van de Max Havelaar in totaal meer dan het dubbele van de bovenstaande aantallen van M.'s werken gedrukt zijn - en ik zet het woord "gedrukt" vet omdat ikzelf vrijwel alles wat ik van M. antiquarisch kocht nog zelf heb moeten opensnijden om te kunnen lezen, ca. 90 jaar na hun druk.

Kortom: Van "Nederlands Grootste Schrijver" hebben van de ca. 30 miljoen Nederlanders die er sinds hij schreef geleefd hebben hooguit enkele duizenden Nederlanders - één promille, hoogstens - serieus kennis genomen. En de kennis van de meesten was beperkt tot enkele delen, die weer kennelijk overwegend onopengesneden in de boekenkasten werden gehouden tot ze antiquarisch doorverkocht konden worden.

Zó gaat het dus feitelijk, in keiharde cijfers, met wie naar in Nederland wijd verbreid besef "Nederlands Grootste Schrijver" is!

Trouwens ... voor goed perspectief is hier een simpel staatje (dat niet makkelijk te vinden was op het internet):

Omvang van de Nederlandse bevolking 1850-1910 (in duizenden)  

Jaar Omvang
1850 3.068
1860 3.320
1870 3.600
1880 4.034
1890 4.537
1900 5.145
1910 5.903

Bron: J.W.B. van Overhagen en P. de Wolff, 'De financiën van de Nederlandse rijksoverheid in de periode 1850-1914', in: Economisch- en sociaal-historisch jaarboek 32 (1967-1968) 233-234

Vergelijkenderwijs: In 1950 waren er 10,2 miljoen Nederlanders; in 2003 ruim 16 miljoen. [Nawoord Ideen 3]


Nederlandse letterkunde en spelling

heeft Nederland sindsdien nog minstens 10 overwegend dwaze spellingshervormingen doorgemaakt, die het alleen maar steeds moeilijker hebben gemaakt voor de huidige en komende generaties Nederlanders het Nederlands proza van hun voorvaderen met begrip te lezen. Misschien is dit Neerlandistieke letterkundige opzet - een soort mensenliefde! - omdat er, afgezien van Multatuli, zoveel vreselijks, saais, slechts en vervelends te vinden is in het Nederlands? [Nawoord Ideen 3]

Excerpt uit commentaren van MM bij Ideen 3 F - 860 t/m 928      - Index 3F