Excerpt uit commentaren van MM bij Ideen 3 B - 601 t/m 685      - Index 3B


Soorten waarheid

Er zijn bittere, gruwelijke, vervelende, misselijkmakende en alledaags-vervelende waarheden.

De waarheid over - twee voorbeelden uit talloos vele - Auschwitz of de martel-centra van Pol Pot in Cambodja kunnen ook mèt voorbereiding niet volledig en eerlijk gebracht worden zonder een menselijk gehoor - dat z'n menselijkheid niet verloren heeft - te schokken. [601]


Geestverwanten

Zelfbenoemde geestverwanten zijn inderdaad vaak eerder een plaag dan een genot. Ikzelf ben gestopt met het trachten te hervormen van de Nederlandse universiteit - waar mijn tegenstanders mij uitscholden voor "fascist" omdat ik een voorstander van objectieve wetenschap en goed wetenschappelijk onderwijs was en ben - nadat me door een zelfverklaarde medestander werd verklaard dat ik niet het recht zou hebben ... religie te criticeren, omdat ... "iedereen het recht op z'n eigen geloof heeft". (Behalve ik dus, volgens deze "geestverwant": Kennelijk mag ik niet geloven dat ik het recht heb het geloof van anderen te criticeren. Maar ja - 't zal wel een "geestverwant" met een IQ van 115 zijn geweest, ondertussen lang en breed geëerd professor aan een Neerlandse universiteit. Zie ook 588.) [610]


Maatschappelijk toneelspel

Hier ligt feitelijk een heel diep thema verborgen - namelijk over het toneelspelen dat het fundament is van menszijn: "No man is as much himself as when playing a part." William Hazlitt. Dit maatschappelijk toneelspelen is tot op zekere hoogte noodzaak, was het alleen om te verhinderen dat de leden van een groep elkaar uitmoorden uit wederszijdse irritatie. Er moet dus - uit beleefdheid, wellevendheid, eigenbelang, voor 't behoud van de maatschappelijke vrede - gehuicheld worden tot op zekere hoogte, want het maatschappelijk bestaan is een spel, dat verdient toneelspel te heten. (Zie Johan Huizinga's "Homo Ludens" - "De spelende mens"; Ervin Goffmann: "The presentation of self in ordinary society" en Eric Berne: "Games People Play", voor resp. een geschiedkundig, sociologisch en psychiatrisch perspectief op het onderwerp van de rollen-spelende mens.)

Maar voordat ik me tot dit deel van m'n onderwerp wend - zie 593 voor een verwant commentaar, ook in verband met 74, en 618 voor een verdieping van m'n thema - is het nuttig een paar dingen op te merken over Multatuli's ideen over toneelspel en toneelspelers, dat ik zal doen in mijn commentaren op de volgende ideen.

Op deze plaats beperk ik me tot "schouwspelers, artisten by uitnemendheid, naar myn inzien". Ikzelf geloof dat niet, was het alleen omdat het kunstje me niet zo bijzonder voorkomt en geen bijzonder talent lijkt te vergen. Wat een acteur of actrice goed maakt is een combinatie van een aantrekkelijk of bijzonder uiterlijk, een goed geheugen, en een behoorlijke intellectuele souplesse. Deze combinatie van eigenschappen is noch zeer gebruikelijk noch zeer zeldzaam, en naar mijn smaak en inschatting veel minder zeldzaam dan werkelijk goed kunnen schilderen.

Bovendien lijkt toneelspelen me geen talent als tekenen, componeren, wiskunde of schaken, waarin zeer grote verschillen bestaan tussen daarin hoogbegaafden en normaal begaafden. [616]


Menselijke rollen

Ongetwijfeld - maar aan de andere kant moet een mens iets begrijpen van de gevoelens en gedachten die bij een rol hoort om deze rol geloofwaardig te kunnen nabootsen. Zowel het doen alsof als het werkelijk doorleven behoren tot iedere rol.

En de lezer behoort hier op te merken dat ik het woord "rol" hier uitdrukkelijk in twee verwante betekenissen gebruik, dat als volgt geïlustreerd kan worden: Een échte koning speelt een échte maatschappelijke rol, waarbij veel huichelen, doen-alsof, poseren, liegen etc. bij komt kijken om een enigermate geslaagde koning te kunnen zijn. En een échte acteur die een koning op toneel zet speelt een échte toneelrol, waarbij opnieuw veel huichelen, doen-alsof, poseren en liegen bij hoort. Het verschil tussen de twee koningen - de échte en de op het toneel voorgestelde - is dat de eerste een rol speelt als koning in de maatschappij, waartoe veel taken behoren, en de tweede een rol speelt op toneel als acteur, waartoe o.a. behoort het geloofwaardig kunnen voorstellen van een koning.

Daarbij: In al wat menselijk is gaan spel en werkelijkheid voortdurend in elkaar over en overlappen elkaar altijd, behalve in zeer extreme situaties, gewoonlijk van grote pijn, smart of woede. Al het overige maatschappelijk doen en laten van mensen tegen elkaar bestaat uit vele lagen spel en werkelijkheid door elkaar, met elkaar vermengd, en elkaar afwisselen, gedeeltelijk maar niet geheel volgens het bewustzijn van de acteurs meer of minder serieus, met voorbehoud, pretentieus, plagend, of eerlijk te zijn. [616]


Kunst en kunstenaars

"Dit nabootsen slechts is dan ook de roeping van den artist. Hy moet weten, en kunnen weergeven: hoe men ondergaat, lydt, aangedaan wordt, niet: zèlf lyden, aangedaan worden en ondergaan. Om tot dit weten te geraken is, behalve natuurlyke aanleg, diepe studie noodig. "

Dat "de roeping van den artist" bestaat in het "nabootsen" van de gegeven natuurlijke werkelijkheid is een idee zo oud als de Grieken. Er is iets van waar, maar het zegt niet veel - zoals de lezer zelf kan nagaan wanneer ie zich realiseert dat het kunstige van een nabootsing niet in de nabootsing schuilt maar in de manier waarop; op wat weggelaten en toegevoegd is door de maker; en door de vaardigheid in en geslaagdheid van de uitvoering die het kunstwerk "mooi" maakt.

Vervolgens: Het is ook een nogal romantische opvatting van de kunstenaar dat deze zo goed zou weten wat "lyden, aangedaan worden en ondergaan" zijn en hoe deze kunstzinnig weer te geven. Ikzelf neig er veel mee toe kunst te zoeken in het vermogen dingen te maken die mensen mooi vinden, en als kunstwerk in te schatten wat in de eerste plaats bedoeld is om de ervaringen van mensen te veraangenamen of interessanter te maken.

Of hier afgezien van "natuurlyke aanleg" een "diepe studie" voor nodig is lijkt ook nogal twijfelachtig. Mijn redenen voor twijfel zijn vooral dat de voornaamste voorwaarde voor een grote menselijke prestatie niet hard werken maar een groot talent is (Mozart speelde en componeerde op z'n achtste echt beter dan vrijwel ieder ander mens, hoe oud en getraind ook, bij machte is) en verder dat de meeste grote prestaties geleverd worden door jong-volwassenen, die weliswaar iets geleerd hebben, maar zelden een bijzondere en langdurige "diepe studie" gemaakt hebben van het onderwerp waar ze in excelleren door grote natuurlijke aanleg. [617]


Maatschappelijk toneelspel 2

Zie 616, waar ik opmerkte dat het hele menselijke maatschappelijke leven gefundeerd is op het toneelspelen van rollen, en dat dit feitelijk onoverkomelijk is: Ieder mens, zelfs de meest eenvoudige, is dusdanig ingewikkeld dat ie op enig gegeven moment maar één aspect kan zijn en weergeven van het vele dat in 'm is. Wat men toont van wat men is of zou willen zijn is voor een groot deel keus, en hoe men het toont is voor een groot deel spel.

Vervolgens, ook in verband met 74, 116, 136, 276, 423 en 593:

De fundamentele vervalsing van zichzelf waar de zeer grote meerderheid van volwassenen in geslaagd zijn ligt niet - juist niet - in het spel dat mensen spelen, maar in

(1) de oneerlijkheid ervan: mensen huichelen systematisch anders te zijn dan ze voelen en denken, uit eigenbelang en angst, en omdat ze menen dat hun rol dit gehuichel meebrengt.
(2) het geloof in de eigen rol, de eigen pretenties, de eigen leugens: De zeer grote meerderheid van de volwassenen gelooft dat wat ze zijn overwegend samenvalt met hun maatschappelijke positie en rol.
(3) het onvermogen de rol die men speelt op te geven: De zeer grote meerderheid der volwassen is niet langer in staat spontaan te zijn (zonder drank of drugs of psychose) en is ook voor zichzelf, in de eigen beleving van zichzelf, overwegend de rol geworden die men gewoonlijk speelt. Men "is" arbeider, bankdirecteur, politie-agent, huisvrouw etc. en voelt zich dus verplicht te voelen en denken zoals (men denkt dat) een arbeider, bankdirecteur, politie-agent, huisvrouw etc. voelen en denken - want dat "is" men immers (denkt men, en voelt men zich).

Hier ligt ook het fundamentele verschil tussen kinderen en volwassen waar ik op wees in 74: Ook kinderen spelen voortdurend allerlei rollen - alleen weten ze nog dat ze spelen, en hebben zichzelf nog niet geïdentificeerd met een maatschappelijke rol (anders dan: spelend kind).

Kinderen kunnen dus nog geheel probleemloos en direct de rol - het spelletje - dat ze spelen opgeven en terugkeren tot zichzelf; vrijwel alle volwassen zijn niet of nauwelijks in staat de maatschappelijke rollen waarmee ze zich identificeren op te geven zonder wat ze als zichzelf beschouwen (feitelijk: een levende leugen opgetrokken uit zelfbedrog - maar daarmee nog niet minder reëel voor de menselijke persoon die zich hiertoe heeft gemaakt en is gebracht) te verliezen.

Volwassenen die uit hun rol vallen doen dit gewoonlijk dan ook gemeenschappelijk in groepen, bijvoorbeeld in voetbalstadions, waar tienduizenden doorsnee mannen gesamenlijk een week frustratie en zelfvervalsing anoniem uit hun lijven trachten te brullen, of met hulp van drank of drugs op feestjes en partijen, waar afwijkend gedrag behoort bij de maatschappelijke rol die men speelt.

Een waarschuwing in dit verband voor de naïeve lezer(es):

Er zijn mensen die er genot in scheppen te doen alsof zij "authentiek" "zichzelf" zouden zijn i.t.t. wie zij treffen. Men treft dergelijke mensen regelmatig in de context van religieuze groepen. Gewoonlijk is ook dàt een pose, en bovendien een neurotische valse pose die ertoe dient zichzelf te verheffen; de eigen gang te gaan; en egoïstisch te zijn met een vals beroep op de eigen authenticiteit ("verlichting" etc.). Wel - wie niet normaal kan omgaan met normale mensen is gewoonlijk gestoord. En 't spelen van rollen, inclusief beleefdheden, voorkomendheden, aardigheden en behulpzaamheden die men feitelijk niet voelt maar toch doet om elkaar te helpen behoort daarbij.

Het "doe-maar-normaal-dan-doe-je-al-gek-genoeg" is het nivelleringsprincipe van alle domme (Neerlandse) conformisten - maar de kleine minderheid die geen domme conformist is moet zich daarom bij gelegenheid perfect weten te gedragen alsof-ie een conformist is, zowel om zichzelf als om anderen te sparen. Wie wil opvallen als bijzonder is niet bijzonder maar wil opvallen: Bijzondere mensen zijn bijzonder zonder het te willen zijn.

Om terug te keren tot de opmerking die ik uit M.'s idee citeerde "De tooneelspeler die zich ‘in z'n rol verplaatst’ - in sommige theaterkritiekjes van onze couranten wordt dit, onnoozel genoeg, als 't summum van Kunst beschouwd" etc.:

Zo'n toneelspeler is géén toneelspeler meer maar een gewone volwassene - die zichzelf, z'n menselijkheid, z'n spontaniteit, z'n naïeve eerlijkheid verplaatst heeft naar de maatschappelijke rol die hij of zij uitoefent. [618]


Menselijke ervaring

Alles wat menselijk is en niet geheel ontregeld is door zeer sterke emotie of pijn is een ingewikkeld mengsel van gevoel, verwachting, herinnering, waarneming, wens, geloof en fantasie, dat bovendien van moment tot moment verandert en in beweging is. [619]


Menselijke vermogens

Er zijn een aantal capaciteiten die mensen in veel grotere mate hebben dan andere dieren waaronder

  • taal en meer algemeen symbolisch representatie-vermogen, inclusief wiskunde
  • verbeelding inclusief fantasie, fictie, wensdenkerij en vermogen tot huichelen en spelen

Op deze twee - stelsels van - menselijke vermogens is zowel het menselijke maatschappelijk zijn gebaseerd als de toneelkunst, en beide doen zowel in de speler als de toeschouwer een beroep op het vermogen van ieder mens zich voor te stellen dat een bepaald iets een ander iets voorstelt (verbeeldt, representeert). [620]


Menselijk toneelspel

menselijk toneelspel dat geen spel meer is niet meer tot de toneelkunst behoort maar eenvoudig maatschappelijk rollenspel is, waar mensen gewoonlijk - en valselijk: 74 - van geloven dat het werkelijk is, of althans immoreel om te doen alsof het overwegend rollenspel is. [620]


Mensen en kunst

"Kunst kàn veel. Ze staat hoog, zeer hoog."

Ik begrijp dit soort uitdrukkingen wel maar ik houd er niet van. "Kunst kàn" namelijk zomin iets als "taal" of "technologie": Uiteindelijk zijn het mensen die iets kunnen, en soms levert wat ze kunnen een product op dat bewonderd wordt door velen vanwege de schoonheid ervan.

Overigens wil het mij verschijnen alsof vooral braafburgelijke kunst-consumenten zonder talent, academici met pretentie en tractement, en honderdsterangs kunstenaars veel verbaal bespiegelen over "Kunst". Wie werkelijk talent heeft gebruikt het veel eerder dan er over te schrijven of spreken. [621]


Doorsnee nivelleerders

doorsnee mensen vinden het altijd aangenaam iedereen die afwijkt van de doorsnee tot het niveau van de doorsnee te nivelleren. Zie 107, 447 en 622 dat de twee eerdere ideen goed aanvult. [621]


Bijzondere mensen

Alles wat mensen bijzonder maakt is overwegend aangeboren en zeldzaam. En menselijke verdienste schuilt niet in gaves en gebreken maar in het gebruik dat men maakt van wat men individueel gegeven is en ontbreekt. (Deze gaan altijd samen, net als bergen en dalen.) [621]


Kunst gedefinieerd

Een minimaal adekwate definitie van "kunst" is: Dingen die gemaakt zijn om de ervaring fraaier of interessanter te maken. Dit hoeft geheel niets met "zedelykheid" van doen te hebben, en kan daar makkelijk strijdig mee zijn. [621]


Allermenselijkste discriminatie

Dit is het begin van een uitstekende analyse van de redenen wáárom doorsnee mensen zo vaak zoveel moeite doen om de enkeling die individueel opvalt te vervolgen. Dit heeft - dunkt mij - ook veel te maken met het menselijk hordendier zijn, want het heeft allemaal erg veel weg van hoe andere sociaal levende dieren ieder individu dat afwijkt en zich niet goed kan verweren vervolgen (vanwaar o.a. de term "zondebok": Ook geiten is weinig menselijks vreemd). Zie ook 107 en 447

Dat dit door de horde vervolgen van opvallende individuen in de horde (behalve de Leider) "nu eenmaal in onze natuur schynt te liggen - honden en jakhalzen doen 't ook! " is zeer juist gezien. Hyena's en wolven doen het ook, net als geiten en kippen - zoals ik hierboven al opmerkte. Zie 583, 622, 632.

Kortom: Een aanzienlijk deel van het sociaal leven van sociaal levende dieren bestaat uit het trachten elkaar op de plaats te houden, zoals een ander deel van het sociaal leven van sociaal levende dieren bestaat in het gesamenlijk vervolgen van iedere soortgenoot die niet nèt als Wij is. De kip of geit die een uiterlijk enigszins afwijkende groepsgenoot helpt vermoorden doet niets anders dan het in hun groep heersende "doe-maar-gewoon-dan-doe-je-al-gek-genoeg" uit te leven.

"Eindelyk, en hoofdzakelyk: omdat we jaloers zyn! We kunnen niet verdragen dat die man iets is... wy die slechts wat hebben. Wy... "

Ook dit is heel juist en scherp gezien van M. Er is namelijk een aanzienlijk verschil tussen enerszijds de hordenwet beschreven in het voorgaande punt ("Gij zult niet opvallen!") en anderszijds de afgunst en jaloezie van individuen. En inderdaad is de reden van die afgunst vaak dat de meute van doorsnee rollenspelers-om-geld-en-status boos wordt op een zeldzaam individu dat opvalt door talent.[622]


Portretschilders

Dit is een zeer gebruikelijke opvatting over de deugden van een portretschilder, die zowel de betalende cliënt van de schilder als de schilder zelf vleit - en waar ik helemaal niets van geloof. Ik kan zelf aardig tekenen (veel beter dan Multatuli, blijkt uit enkele overgeleverde schetsjes van hem) en vermoed dat deze opvatting uiteindelijk bedacht is door een slimme schilder - Sir Joshua Reynolds, wellicht - die z'n rijke cliënten wilde uitleggen waarom z'n portretten niet perfect leken: " 't Gemis in precieze nabootsing, geachte cliënt, is geen gebrek aan talent - o nee! 't Is het bewijs ervan, en verbeeldt de ziel van de geachte cliënt." Ik vermoed dat Holbein en Dürer, die werkelijk konden schilderen, dergelijke smoezen niet ophingen. [623]


Egoïsme en altruïsme

Er is inderdaad een even groot verschil tussen gevoel en meegevoel als tussen egoïsme en altruïsme. [623]


Kunst en mimesis

"Indien toch de Kunst bestond in slaafs volgen van het voorbeeld, in korrekt weergeven van wat men zag, hoorde, of op andere wyze plastisch waarnam, zouden we zooveel kunstenaars hebben, als er deurwaarders, griffiers, notarissen, proces-verbalizeerende veldwachters en stenografen zyn."

Dit citaat toont aan dat "nabootsing" niet het alfa en omega van kunst is. En inderdaad is een waarachtige symbolische representatie van aspecten van de werkelijkheid eerder het doel van de wetenschap dan van de kunst, die juist representaties beoogt die mensen plezieren of interesseren. [624]


One-liners

Een goede one-liner maar een onzinnige theorie. [625]


Kunst en wetenschap

Een essentieel deel van kunst is selectie, overigens net als in de wetenschap, waar het "abstractie" heet - maar een ander essentieel deel van kunst is moedwillige vervalsing, verfraaiing, overdrijving, accentuering, dat er alles toe dient om een welbepaalde indruk te maken die het eenvoudigst aangegeven wordt met "da's mooi gedaan". Trouwens, wat kunst makkelijk indrukwekkender maakt dan wetenschap zijn nu juist deze moedwillige vervalsing, verfraaiing, overdrijving en accentuering.

Wetenschap doelt op waarachtig verklaren van de menselijke ervaring; kunst doelt op fantastisch verfraaïen van de menselijke ervaring. [625]


Soorten intelligentie

"Geest" is algemene intelligentie; "geestigheid" is amusant en snel gebruik van geest; "kwinkslag-genie" is verbale handigheid die geestigheid verbeeldt maar gewoonlijk plat en plomp is. Dit laatste is overigens niet altijd waar: Woody Allen kan met recht een kwinkslag-genie genoemd worden en is ook vaak geestig. [627]


Kunst en kitsch

wat het publiek in meerderheid wil geen kunst maar kitsch is - waar kitsch gesimplificeerde, overdreven aangezette kunstenmakerij is. Aan de andere kant - van helden gesproken - wie werkelijk talent heeft valt het moeilijk dat te verloochenen. Kitsch is het natuurlijke product van de meerderheid van half- en driekwart-talenten. [629]


Kunst en inspanning

Het feit dat Leonardo beter kon schetsen dan de meeste mensen kunnen tekenen, hoeveel moeite ze zich ook geven, wil niet zeggen dat Leonardo's schetsen evenredig in waarde zijn aan de geringe moeite die ze 'm evident kostten. [630]


Kunst

Dit was M.'s opvatting over wat kunst - Kunst - is: Waarachtige weergave van de werkelijkheid. Maar zoals ik herhaaldelijk opgemerkt heb is dat een te eenvoudige opvatting, want de kunst zit 'm vaak niet in de waarachtigheid maar juist in de overdrijving en weglating. Het is ook een wat misleidende opvatting, want het is eerder de wetenschap die de werkelijkheid waarachtig zoekt weer te geven dan de kunst.

En inderdaad is een zinniger opvatting van wat kunst is en beoogt: Het fraaier of interessanter maken van de menselijke ervaring. [632]


Mens-zijn

waar mens-zijn om draait: Waarachtig begrip van de werkelijkheid met het doel goed te doen met dat verworven begrip. [632]


Homo sapiens

het martelende huichelbeest dat zich "homo sapiëns sapiëns" belieft te noemen. [632]


Gevoel en taalvermogen

Alles wat leeft heeft sensaties en gevoel ("indrukken"); vrijwel niets dat leeft heeft natuurlijk taalvermogen; en vrijwel niets dat leeft met taalvermogen weet dat vermogen te gebruiken voor werkelijk mooie, lopende, epigrammatische, sierlijke, onderhoudende vertellingen over wat 'm beweegt. [633]


Gemiddelde menselijke vermogens

De redenen voor het massieve onbegrip van de Nederlanders, met heel weinig uitzonderingen, had minder te maken met opzet of "schuld", al speelde ook dat een rol bij de meeste leden van de Nederlandse maatschappelijke élite van z'n tijd, dan met gebrek aan menselijk - intellectueel, moreel, artistiek - vermogen. "Heer vergeef hen, want zij weten niet wat zij doen." [634]


Zelfstandige menselijke individuen

Onder mensen zijn er maar heel weinig individuele mensen die zich durven en kunnen verheffen tot het zijn van een zelfstandig menselijk individu (136, 276). De grote meerderheid van mensen is nauwelijks zelfstandig, nauwelijks menselijk en geen individu maar volgeling, uitvoerder en conformist. Zie 74 en 73. [635]


Kwaad en doorsnee-mensen

En omdat dit een waarheid is die zo bitter is dat maar weinigen 'n willen horen of lezen herhaal ik het nog maar eens:

De overgrote maat van het vele kwaad dat door mensen aan mensen is gedaan in de geschiedenis is gedaan door de meerderheid van brave, totalitaire, conformistische, nauwelijks zelfstandig denkende menselijke individuen, gewoonlijk in opdracht van leiders, maar ook uitgevoerd met trots en hondentrouw. Hun excuus kan alleen bestaan in hun aangeboren en onoverkomelijke gebrekkige vermogens en aangeboren afwezigheid van ieder talent. [635]


Sociaal gelijk hebben

"'t Genoegen van beter-weten zou wat al te goedkoop zyn, wanneer ieder zich dat kon aanschaffen, buiten kosten van gemotiveerd oordeel."

Ja, maar doorsnee men heeft dit genoegen dagelijks, want richt z'n oordelen in naar de normen van de leiders van de groep waar ie deel van is. Dat oordeel is niet rationeel gemotiveerd maar sociaal gemotiveerd, volgens het beginsel "my country" - groep, leiders - "right or wrong!" en volgens "Unsere Ehre heisst Treue!". Verder zie 423. [638]


Gemiddelde mensen

Wat de gemiddelde Neerlander verenigd in groepen, kerken, partijen, massaas, samenscholingen, clubs, instellingen, instituties en gemeenschappen dreef en drijft in z'n afkeer voor alles en iedereen die niet is als Wij is precies het fundament van het sociaal-dier zijn: Het tot zondebok maken van ieder individu in de groep dat anders lijkt dan de doorsnee van de groep; het vervolgen van alles en iedereen die afwijkt van de norm; het trachten maatschappelijk te conformeren en gelijk te schakelen van ieder lid dat zich niet geconformeerd heeft.

En dit geldt niet alleen voor gemiddelde Neerlanders, al is de Neerlander een ras dat kennelijk in grote meerderheid genetisch gedisponeerd is tot geld-verdienen, huichelen en nivelleren, maar geldt voor de gemiddelde mens - die, met enig optimisme bezien, samengesteld is uit gelijke delen individueel denkend mens en groepsmatig voelend beest, en z'n oordeel vrijwel altijd laat leiden door z'n gevoelens, eigenbelang en gebrek aan relevante kennis. [640]


Doorsnee gedefinieerd

Wat een mens tot doorsnee stempelt en lid maakt van de dommocratische meerderheid van 9999 van de 10.000 filisters, brave burgers, gemiddelde huichelaars is: volledig gebrek aan enig ongebruikelijk talent. [642]


Sadisme

"Je bent dom genoeg om wreed te wezen."

Juist. Er zijn ongetwijfeld intelligente sadisten, maar de meeste menselijke wreedheid gaat terug op een combinatie van politieke of religieuze waanzin met domheid of eigenbelang. [642]


Menselijke idealen

"Indien wy, als hoogsten eisch van 't mensch-zyn, vorderen dat er gestreefd worde naar waarheid"

Nu dit gold voor Multatuli getuige de inleiding van de Ideen, 1, 136, 276 en elders, maar de zeer grote meerderheid van M.'s medemensen stelde en stelt heel andere hoge eisen aan 't mens-zijn: Zijn als de doorsnee; niet opvallen door eigen denkbeelden of prestaties; braaf-fatsoendelijk doen wat de baas, de burgemeester, de dominee en de minister willen; geen kwaad spreken van de eigen groep of eigen voorgangers; en zich alléén onderscheiden in geld verdienen of hoogst gemiddeld gewoon zijn, afgezien van het opvallen als sport-idool of media-hoer.

Dit geldt voor alle menselijke idealen. Er kan naar gestreefd worden, maar ze kunnen nooit verwerkelijkt en bereikt worden - want was het anders dan waren het geen idealen. [643]


Waarachtige gelijkenis

Kinderen geven niet erg om de precieze gelijkenis van hun tekeningen met waar die tekeningen voor zouden staan, en nemen genoegen met enkele heel algemene overeenkomsten, was het alleen omdat ze niet in staat zijn tot iets beters. En volwassen geven niet erg om stipt en nauwkeurig gehandhaafde goedheid en rechtvaardigheid, behalve waar dit hun eigen directe belangen raakt. [643]


Publieke pretenties

Eén van de voornaamste redenen van "dat toejuichen van edele gevoelens... op de planken" is precies om publiek te kunnen huichelen wat men in het dagelijkse echte leven niet durft of kan. Maar anders dan Multatuli heeft de grote meerderheid van de volwassen mensen er vrede mee dat hun eigen leven opgetrokken is uit poses, pretenties, leugens en voorwendsels: Ze willen dat zo, want zo hebben ze het geleerd en ze ontberen het talent en de moed beter en anders te kunnen en willen. [643]


Gemiddelde kunstenaars

de meerderheid van degenen die emplooi vinden als kunstenaar: Net als andere meer gewone leden van de maatschappij weten ze maar al te goed dat hun maatschappelijk bestaan onmogelijk is zonder veel gelieg, uitgebreid geposeer, geëtaleer van veel pretenties die nooit ingelost zullen worden, en allerlei bedrog.

Daar komt bij dat al dit liegen, huichelen en poseren vaak gebeurt met een beroep op hogere normen van waarheid en goedheid - waarover alweer gewoonlijk gelogen en gehuicheld wordt. Zo zullen de vele kunstenaars die Vadertje Stalin speelden of schilderden geweten hebben dat ze logen, maar zullen de meeste dit verdedigd hebben uit naam van het Socialisme en het Heil der Mensheid. [643]


Doorsnee mensen

Doorsnee mensen zijn de wolven in het bos met wie ze meehuilen ("homo homini lupus"); doorsnee mensen kunnen noch de wereld noch de doorsnee noch zichzelf veranderen; doorsnee mensen zijn gedwongen mensen zoals ze zich voordoen te nemen zoals ze zijn uit gebrek aan vermogens tot wat anders. [644]


Abstracte kunst

"Wat zou men van den artist zeggen, die zyn waarheidsreligie onderwierp aan zulke belemmeringen? Kan men zich voorstellen dat-i blauw gras geven zou, groene hemels, om te behagen aan de wereld?"

Dat hangt nogal van de "men" af die 't zegt of gevraagd wordt - en het is een om nogal wat redenen interessant feit dat rond de tijd dat M. dit idee schreef het impressionisme begon te ontstaan in de schilderkunst, om opgevolgd te worden door cubisme, abstracte kunst en allerlei andere kunstzinnige richtingen die radikaal braken met het "natura artis magistra", en waarin het vaak als deugd gold kunstvoorwerpen te maken die juist geen gelijkenis hadden met wat ze (soms) zeiden voor te stellen.

Het is hier niet de plaats om in te gaan op al die redenen, maar ik noem er twee.

A. Niet-figuratieve schilderkunst maakt het rollenspel van het - non-figuratief - diepbewogen en geniaal kunstschilder-zijn véél makkelijker dan van een schilder voor wiens betaald emplooi eenvoudig geëist wordt dat hij aanzienlijk beter kan tekenen en schilderen dan de doorsnee.

B. Het kunstkopend publiek, inclusief musea, koopt zelden kunst uit directe esthetische geraaktheid maar wordt zogenaamd esthetisch geraakt vooral uit snobisme: Wie zich drie verfvlekken op een doek getiteld "Ongetiteld 3" kon veroorloven voor $100.000 heeft de vorige eeuw dekadenlang gegolden als Kunstkenner, in kringen die meenden maatschappelijk mee te tellen.

Wie het hier niet mee eens is kan waarschijnlijk minder goed figuratief tekenen dan ik, die op dat gebied een bescheiden talentje heeft dat groot genoeg is om te kunnen zeggen wie wel en niet kunnen tekenen en véél te klein om een Dürer, Holbein, Bosch, Da Vinci, Michelangelo of Rafael te zijn. En nee, ik houd niet en hield als kind ook al niet van "abstracte kunst". 't Komt me vrijwel altijd voor als oplichterij of als gestoord. (Ik houd wèl van wiskunde, overigens: Dat is échte abstracte kunst.) [644]


Kunstkopers

't Was voornamelijk snobisme van misleide kopers en geknoei van schilderende oplichters en charlatans zonder bijzonder kunstzinnig talent, maar met een heel scherp oog voor de markt en vaak met een aardig talentje als verkoper van gebakken lucht met toebehoren. [644]


Kunstkopers 2

Als we ons beperken tot "de stoffelyke belooning" van "kunst" in het algemeen dan is het korte antwoord: Die is als met alles wat de gek - de markt - ervoor geeft, en er is nog minder pijl op te trekken dan bij gebruiksgoederen, want de prijs die betaald wordt voor kunst hangt nauw samen met mode, snobisme, en de waan van de dag. [645]


Kunstenaar zijn

"Juist het dryven op eigen wiek, op 't gevaar af van lamgeschoten neertezinken, maakt een der hoofdbestanddeelen van 't kunstenaarsleven uit."

Ja, dat lijkt overwegend waar: Eén van de eigenaardigheden van het "kunstenaarsleven" is dat een kunstenaar eigen baas is, die zich in leven weet te houden door z'n eigen producten en die niet verplicht is werkdag in werkdag uit op een vaste tijd op een vaste plaats te zijn om tegen betaling te doen en laten wat anderen hem opdragen.

Dit is iets dat kunstenaars en artiesten en wie zich daarvoor uitgeeft nogal gehaat maakt onder de burgerlijke en werkende standen, want de leden daarvan weten maar al te goed dat ze feitelijk loonslaaf zijn, en geen baas over eigen tijd of bezigheden, en zijn gewoonlijk afgunstig en jaloers op ieder die niet feitelijk loonslaaf zijn als zij. [645]


Belonen en straffen

Belonen en straffen van gewenst gedrag heeft resultaat als dat gewenste gedrag niet natuurlijk opgebracht kan worden. Maar het is - tot de eugenetische revolutie plaatsvindt - zowel wáár dat aangeboren talent niet door koop verworven kan worden als wáár dat werkelijk groot talent voorzover enigszins mogelijk spontaan blijft werken in de richting waar het talent ligt.

Kortom: Beloning en straf zijn de instrumenten die nodig blijken om de grote meerderheid van doorsneemensen zich enigermate te helpen doen gedragen alsof ze zelf echte mensen waren (73, 74, 136, 276, 423).

Of anders geformuleerd (met iets meer pessimistisch realisme): Zonder sociaal georganiseerde en sociaal in stand gehouden beloon- en straf-stelsels zijn de sociaal geaccepteerde normen niet te handhaven. [646]


Markt, kunst en wetenschap

Dit mag gelden en waarachtig liberaal zijn op terreinen waar werkelijk sprake is van een vrije markt met veel onafhankelijke aanbieders en vragers - maar dat is niet het terrein waarop echte kunst en wetenschap zich bewegen, want echte kunst en wetenschap c.q. het vermogen deze te produceren zijn zowel zeldzaam als individueel.

Het is daarom beter voor de ontwikkeling van beschaving en cultuur als werkelijk talent kansen krijgt om hun talent te bekwamen, ontwikkelen en toe te passen, en zeldzame wiskundige of muzikale talenten niet - bijvoorbeeld, als in het huidige Neerland wèl - te veroordelen tot konkurreren met duizenden vmbo-abituriënten op de vrije markt voor schoonmakers en barpersoneel om hun studie te kunnen betalen bij gebrek aan behoorlijke studie-beurzen. [647]


Economische verhoudingen

Zoals ik al opmerkte bij 647 is "den regel dat de verhouding tusschen vraag en aanbod den prys bepaalt" bepaald geen universele natuurwet die altijd overal en onder alle omstandigheden geldt. Verre van dat: Zelfs op een vrije markt met veel aanbieders en veel kopers zijn het niet alleen de marktverhoudingen die de prijs bepalen, maar ook de staat die de vrije markt in stand houdt; de hoeveelheid belasting op de gekochte en verkochte goederen; de verwachtingen van de handelaars etc. (Zie verder 830.) [652]


Markt, kunst en wetenschap 2

En het lijkt mij gewoon een misvatting om het bestaan en overleven van werkelijk groot artistiek of wetenschappelijk talent van een "verhouding tusschen vraag en aanbod" af te laten hangen - à la: "Ja, zij is kennelijk een even groot wiskundig genie als Ramanujan, maar zal moeten landbouwen want ze is de dochter van een arme boer in Bangla Desh, en was al voor haar geboorte uitgehuwelijkt aan de lokale dorpsgek. De tucht van de  markt, om met onze liberaal lellende onderkin-cum-voorvrouw Annemarie Jorritsma te spreken, m'neer - maar ik ben zelf héél liberaal hoor, en míjn dochter krijgt bijles wiskunde op de Mavo." [652]


Nivelleren en beschaving

Er is eenvoudig geen reële markt voor genieën en grote talenten, want die zijn daar véél te zeldzaam voor. Ergo, het willen laten afhangen van het bestaan van genieën en grote talenten van vraag en aanbod op een lokale markt (voor slaven, misschien?!) komt neer op het reduceren en nivelleren van het buitengewone tot het doodgewone. Dat is een aangenaam nivellerings-ideaal voor alles en iedereen die doodgewoon is, vooral als het een doodgewone Neerlander is, die zo graag gelukkig mag gloriëren in z'n eigen "doe-maar-gewoon-dan-doe-je-al-gek genoeg, maar het is ook een ideaal dat op niet zeer lange termijn tot stilstand of ondergang van de beschaving leidt. [652]


Esthetica en alledaagse kunst

De ambiguïteit is dat Grote Kunst zeldzaam is, als grote kunstenaaars, maar dat alledaagse kunst, die vooral tot uiting komt in pogingen tot uiterlijke verfraaiing van vrijwel alles waar mensen dagelijks mee omgaan, heel gewoon is.

Dit laatste is een opmerkelijk menselijk feit: Afgezien van meestal verborgen zaken als motorblokken en moederborden in computers is er vrijwel geen artefact in de mensenwereld dat niet zus of zo esthetisch gestyleerd is. [652]


Beperking van talent

dat het hebben van één uitzonderlijk talent al zeldzaam is, en gewoonlijk niet samengaat met uitzonderlijke eerlijkheid, moed of ruggegraat. [652]


Kunstenaars

Waarom zou een kunstenaar voorgeven hoger te staan dan anderen? Waarom - en helemaal als hij  werkelijk meent hoger te staan - zou hij zich moeten laten beperken in z'n middelen en opvattingen tot wat brave burgers goed en fatsoenlijk achten? Is er enige reden waarom enig kunstenaar - afgezien van wie iconen schildert of betaald wordt door het Leger des Heils - een voorbeeldiger moraal of gedrag zou moeten hebben dan een ander? [654]


Vervolgde kunstenaars

"De maatschappy mag en moet hem overlaten aan eigen kracht, maar heeft niet het recht hem te vervolgen, te martelen, opzettelyk te smoren. "

Gedurende de hele bekende geschiedenis plachten gezagsdragers, priesters, voorgangers en 't gewone volk hier bij tal van gelegenheden héél anders over te denken en voelen. Kunstenaars zijn dan ook vaak vervolgd, niet zozeer vanwege hun kunst-als-kunst (hoewel ook dat voorkwam) als vanwege de ideeën of waarden die deze kunst werd verondersteld uit te dragen. [655]


Nederlandse literatuur

"Liever dan me nu daarby optehouden, geef ik hier plaats aan de vraag of ‘Publiek’ wel ‘eens heeft nagedacht over de moeielykheid voor 'n hollandschen schryver om te konkurreeren met de letterkundige voortbrengselen van geheel de beschaafde wereld, die op háár beurt niet het minste débouché aanbiedt voor hollandsche litteratuur? "

Laat ik er dus even over nadenken, ruim 130 jaar nadat M. dit schreef. Hoe 't bij benadering zat met M.'s schrijvende tijdgenoten - de indertijd in Neerland wereldberoemde Cremer, Van Lennep, Potgieter etc. (de Mulischen, Hermansen en Van het Reve's van hun tijd) - kan ik vanuit de verte, en wegens onvoldoende kennis en belangstelling, niet zinnig beoordelen, behalve dat er indertijd in Nederland bijna geen schrijvers waren die van de opbrengst van hun pen konden leven.

Tegenwoordig, en sinds decaden, zijn er voor ieder vermeend schrijver, dichter of andersoortig kunstenaar van zeer bescheiden of afwezig talent en van oppassend conformisme in denkbeelden en gedrag tal van subsidies, leerstoelen, sponsors en hoogbetaalde T.V.-optredens als Schrijver en Denker.

De Neerlandse Schrijvers en Denkers van doorsnee allooi zijn er dus zéér op vooruitgegaan in de afgelopen 130 jaren, financieel, maar er wordt in Neerland niet beter geschreven of gedacht dan in M.'s tijd. De Cremers, Van Lenneps en Potgieters van de 20ste eeuw heetten Hermans, Mulisch, Reve etc. en zullen over een eeuw even ongelezen zijn als hun Grote Voorgangers van nu een eeuw geleden. (De reden, o blinde Neerlander die meent Wereldliteratuur in de boekenkast te hebben staan van deze Prominente Nederlandse Schrijvers: Misschien méénden de heren 't goed, maar hun talent is véél kleiner dan hun ambitie. En vergeleken met de beste schrijvers buiten het Nederlandse taalgebied stellen ze niets voor. Het is niet voor niets dat ik véél belezener ben in 18e en 19e eeuwse Engelse literatuur en filosofie dan in idem Nederlandse: De laatste is namelijk véél saaier, lelijker, bekrompener en ongeïnformeerder dan de eerste en is ook, altijd met uitzondering van Multatuli, véél slechter geschreven, en veel provincialer of kleinsteedser.)

Een andere relevante overeenkomst tussen toen en nu is dat de vermeend Grote Nederlandse Schrijvers du jour - zeg: van 't formaat Potgieter en Mulisch - feitelijk schrijven voor een tamelijk klein deel van de élite du jour, die bovendien intellectueel vrijwel niet bestaat. Deze élite van de dag in dit kleinsteedse en provinciale landje is het wereldje dat tegenwoordig aangeduid wordt met "de grachtengordel": Hooguit enkele tienduizenden gearriveerden geëmployeerd in de journalistiek, het bestuur en de geen talent vergende academische posities (als letterkunde, communicatie-studies, pop-kunde, kunstfilosofie etc.).

Dat is een markt van eigendunkelijk menselijk talent die meer dan voldoende is om een Mulisch een leven lang als luis op een zeer hoofd te laten leven, en aan een grote reputatie in een klein land te helpen verwerven als Revolutionair, als Denker en als Schrijver - maar wie géén verplichtingen heeft aan of in het huidige Nederland zal het zéér moeilijk of volstrekt onmogelijk vinden iets bijzonders in 'm te zien, zelfs niet met veel inzet en moeite. En dat is precies de positie die Mulisch, Van het Reve e.d. zullen hebben over 50 tot 100 jaar: Als de Ten Kates en Potgieters van de 20ste eeuw, even getalenteerd, onderhoudend, weldenkend en welschrijvend als hun indertijd om dezelfde redenen lokaal-wereldberoemde letterkundige voorgangers.

Als er over een eeuw of wat nog steeds Nederlands en Engels gelezen wordt dan zullen Multatuli en Shakespeare nog steeds gelezen worden door wie die talen leest, eenvoudig omdat zij, anders dan vrijwel ieder ander, evident in staat waren tot het schrijven van schitterende, sierlijke, lopende, levende en epigrammatische taal, en maar zeer weinig mensen dat talent in hoge mate bezitten. [655]


Literaire excellentie

"Weet men dan niet dat de Europesche beroemdheden du jour voor 'n zeer groot deel 't produkt zyn van Reklame? "

Nu, als dat toen al zo was is dat nu zeker zo. Maar het essentiële punt is niet zozeer dat er, helemaal tegenwoordig, een fikse component reclame-budget zit in de bekendheid van veel schrijvers, maar dat hun lezers in grote meerderheid evenmin in staat zijn goede van slechte literatuur te onderscheiden als goede wiskunde van kabbalistiek, of goede wetenschap van dom bijgeloof. [655]


Middelmatige mensenwensen

oordelende "men" bestaat in meerderheid uit "middelmatigheden" zonder enig talent, zelfs niet een middelmatig talentje. En middelmatige mensen willen middelmatige kunst, middelmatige ideeën, normale en gebruikelijke normen en waarden, en willen liever niets dat afwijkt van wat in de eigen groep erkend en herkend wordt en werd als Goed en Mooi.

Hier is niets aan te doen, behoudens eugenetica, zoals er, behoudens hetzelfde middel, niets te doen is aan het feit dat er maar héél weinig werkelijk grote kunstenaars en denkers zijn onder mensen, van het formaat Shakespeare of Da Vinci of Mozart of van het formaat Aristoteles of Leibniz of Gauss. Dergelijke individueen worden hooguit enkele keren per eeuw geboren in de hele wereldbevolking, en niet noodzakelijk in een omgeving waar ze hun talent kunnen ontwikkelen en toepassen. (Gegeven hoe mensen gemiddeld zijn en geweest zijn, moeten er veel meer genieën geboren en onbekend gestorven zijn dan er genoeg kansen kregen om te overleven en hun talent te gebruiken.) [655]


Kunstenaarszielen

Wel, aan het eind van de 19e en begin 20e eeuw werd het standpunt dat de kunstenaar naar karakter en essentie een bohémien en rebel is populair. Dit hielp nogal wat graag als bohémien of rebel levende personen aan emplooi en bekendheid, maar leverde héél weinig interessante kunst op. (Wie hier anders over denkt, zoals de meerderheid van mijn tijdgenoten, heeft zelf geen enkel bijzonder talent - zoals de meerderheid van mijn tijdgenoten.) [656]


Misdadigers

dat "èlke misdaad op zinsverbystering nederkomt" was en is wellicht nog steeds een populaire misvatting in kringen die zichzelf voor verlicht en vooruitstrevend houden. Het is echter een misvatting: Wie in een vlaag van verstandsverbijstering iets doet wat een misdaad zou zijn als ie het het met opzet zou doen is geen misdadiger maar een gek. Verreweg de meeste misdaden worden echter welbewust gepleegd, vanwege het gewin dat de dader denkt ermee te kunnen bereiken, of het gevaar dat ie ermee denkt te kunnen vermijden. Voor meer zie 423. [657]


Erkende voorgangers

Dit gaat veel minder terug op "ydelheid" dan op conformisme: Een deel van het bij een maatschappelijke groep horen bestaat juist uit het in publiek bewieroken van de groep door het in het publiek lofprijzen van Erkende Voorgangers van de groep door leden van de groep. En gewoonlijk geldt de lof niet écht de dode - vermeende of echte - grootheid, maar is het een poging in het publieke gevlei te komen door te eren wie "men" in de groep meent dat eer toekomt. (Vrijwel iedere Neerlander vindt even een warm plekje in z'n uiteraard geheel van chauvinisme vrije vaderlandse hart wanneer een volledig anonieme Amerikaan binnen z'n gehoor "Fen Gock" of "Rembrent" voorgeeft te adoreren.)

Bovendien: Vrijwel alle Neerlanders die Multatuli bewierookt hebben als "Onze Grootste Nederlandse Schrijver" wisten weinig of niets van Multatuli - behalve dat Neerlanders graag "Onze Grootste Nederlandse Schrijver" mogen roemen, niet om wat hij schreef, of dacht, of was, maar omdat Wij Neerlanders graag Onze lof mogen bezingen door het prijzen van de zeldzame enkeling uit de groep die wat meer was en voorstelde dan het gemiddelde, en daarom als enige temidden talloos veel miljoenen na z'n dood niet totaal en verdiend vergeten is. [657]


Gekheid

Het vervelende voor iemand van M.'s intellectueel kaliber is dat doorsnee mensen geen "rechtmatig besef hunner geestelyke minderheid" hebben, en dat ook niet willen noch tolereren. En de doorsnee heeft een heel eenvoudig middel om iedereen die intellectueel hoog boven hen uit torent tot ver onder doorsnee niveau te verlagen: "Die man is niet gewoon - die man is gèk." (Zie ook 155 en 588.)

En Nederlands lezer en lezeres: Zo is het ook, als we met werkelijk buitengewone mensen - Shakespeare, Newton, Voltaire, Diderot, Multatuli bijvoorbeeld - van doen hebben: Òfwel zij zijn "gek" én aanzienlijk menselijker in nogal wat opzichten dan Jan Modaal en Otto Normalverbraucher, ófwel gezegde Jan en Otto zijn, vergeleken met die paar extreme enkelingen, "gek". U mag het zeggen - and please remember there is safety in numbers, but no wit. [658]


Normale Nederlanders

Het totale gebrek aan schaamte van zeer veel Nederlanders voor zeer veel waarvoor behoorlijker of intelligenter mensen zich diep zouden schamen is wat vreemd - tot men zich realiseert dat wie in Nederland "normaal" is zich daarmee hoogverheven acht boven iedere andere norm. En natuurlijk zijn de domsten leden van een groep het meest bereid de eigen groep te roemen. [658]


Nederlandse literatuur 2

Hoewel de positie en het inkomen van Nederlandse auteurs zeker in de tweede helft van de 20ste eeuw zeer veel beter was dan daarvoor heeft toch helemaal niemand van al die in Neerland zo hooggeroemde Nederlandse Letterkundigen enige werkelijke buitenlandse bekendheid verworven.

Een enkeling wordt tegenwoordig vertaald en vaart daar wel bij, want de Duitse of Franse markt is veel groter dan de Nederlandse, en een kleine oplage in Duitsland is zeer groot naar Nederlandse begrippen, maar geen van Neerlands Grote Twintigste Eeuwse Letterkundigen heeft in het buitenland ook maar een zweempje van de indruk gemaakt die Multatuli maakte met "Max Havelaar" in vertaling. Zoals ook terecht is. [658]


Werkelijk talent

Wie werkelijk talent heeft gebruikt dit niet om "crétins" te plezieren of z'n doorsnee medemens te behagen, maar wordt voortgedrongen door dit talent, wellicht maar niet noodzakelijk gesteund door enkelingen. Het is niet anders dan met zuivere wiskunde, de genietingen waarvan ook maar zeer weinigen smaken: Uiteindelijk moet de motivatie en het genot komen uit de denker of kunstenaar zelf, en niet uit z'n mogelijke publiek. [659]


Doel van kunst

"Men wil vermaakt worden, niet onderwezen. "

Ja, daar zit 'm vaak de kneep - zoals bovendien vanzelf spreekt en terecht is wanneer het beweerde kunst betreft en niet beweerde wetenschap, filosofie of religie. [660]


Serieus rollenspel

"Er is huichelary in 't beroep op verheven grondstellingen, ter verontschuldiging van lage daden. "

Ik schrijf dit gedurende de eerste dagen van de Tweede Golfoorlog van de US tegen Irak, en er wordt allerwegen bijzonder veel gehuicheld met een beroep op "op verheven grondstellingen, ter verontschuldiging van lage daden".

Maar er is huichelen en er is hypocrisie, en het onderliggend probleem is dat zoveel van wat menselijk is serieus rollenspel is, met spelers die gewoonlijk meer wèl dan niet in hun rol geloven, maar die vaak juist daarom des te gemeender liegen, voor Volk, Vaderland, Geloof, Partij of Werkgever. Ik probeerde dit eerder uit te leggen in 618 en 423.

En in verband met het gebruikelijke maatschappelijke liegen - zie ook de conceptie van de Ideen - en het liegen in oorlogstijd: Een belangrijk criterium hier is W.K. Clifford's "It is always wrong, for anyone, anywhere, to believe anything upon insufficient evidence". Veel maatschappelijk liegen bestaat uit het verdraaien, onderdrukken, vervalsen, verhinderen, en niet onder ogen willen zien van relevante evidentie. (Een bewering A is relevant voor een bewering B als de - eventuele - waarheid van A de waarschijnlijkheid van B verandert, en is relevant in de mate van de grootte van het verschil tussen de twee waarschijnlijkheden.)

Het meeste maatschappelijk gedrag is rollenspel en het meeste rollenspel is een levende leugen gebaseerd op zelfbedrog. (Zie 74.) En de meeste leugens die geloofd worden door de maatschappelijke rollenspeler worden geloofd voor het heil van de groep en de leiders en gehandhaafd door domheid of redeneerfouten en door het gebruikelijke verdraaien, onderdrukken, vervalsen, verhinderen, en niet onder ogen willen zien van relevante evidentie voor alles wat van ideologisch belang in de groep wordt gehouden. [661]


Vaderlandse geschiedenis

Hier is een Kleine Les Uit De Vaderlandse Geschiedenis, die een antwoord geeft op de vraag: Wat voor soort mens is de doorsnee-Neerlander, en hoe zit 't met zijn/haar Normen en Waarden?

De cijfers die ik gebruik zijn uit standaard geschiedenisboeken  

inwoners = 9*(10 raisedTo: 6) = 9.000.000
verzet = 3000.  "aantal Nederlanders in het gewapend verzet"
ssed =24000. "aantal Neerlanders in de Niederländische Waffen-SS e.d."
meelopers = (inwoners - verzet)/inwoners = (2999/3000)

misdadigers = ssed / inwoners = (1/375)

tegenstanders = verzet/inwoners (1/3000)
vergaste joden = 100000 "minimum aantal vermoorde Nederlanders"
slachtoffers = vergaste joden/inwoners  = (1/90)
"meer dan 1% van de bevolking"

Hier komt het statistisch experiment met Neerlanders in de 2e W.O. dus op neer. Er is een flinke foutenmarge, maar het gegeven beeld is feitelijk adekwaat en onweerlegbaar. De grote meerderheid bestaat en bestond uit collaborateurs en meelopers, met als enig geldig excuus hun eigen gebrek aan verstand en talent, en kennelijk zijn er meer uitgesproken slechte dan uitgesproken goede mensen - en inderdaad is het makkelijker om kapot te maken dan op te bouwen, en vrijwel altijd makkelijker, veiliger, pretiiger en beter betalend slecht dan goed te zijn.

Vandaar (maar niet alleen vandaar) mijn aristocratisch pessimisme: Ik heb in mijn leven vrijwel overal vrijwel altijd alleen maar conformisten gezien. En overigens komt de doorsnee mij als dom en laf voor. Ik wil gaarne toegeven dat dit overwegend genetisch noodlot is en geen vrije keus, maar verdom te aanvaarden dat de doorsnee mij gelijkwaardig is, of enig ander mens die werkelijk intellectueel of moreel wat voorstelt (zegge: 1/3000 - zie hierboven) "gelijkwaardig" zou zijn. [661]


Het pratende dier

De mens is het pratende dier, en de redenaar heeft het voordeel dat taal het meest menselijke middel is om gedachten en gevoelens over te dragen, en daar vaak het meest geschikte of enige middel voor is. [662]


Publiek

Een redenaar heeft een gehoor - een auditorium, forum, publiek - en dat gehoor kan het gesprokene bespreken, weerspreken, toejuichen, verwerpen, amenderen, kwalificeren, onderzoeken, ridiculiseren, wegen... kortom op alle via de taal gegeven manieren bediscussiëren of ignoreren of doodzwijgen. [662]


Kunst en filosofie

Ik geloof aanzienlijk minder in de wijsbegerigheid van artiesten dan in hun wens dat te lijken. En bovendien geloof ik dat dit er voor de wijsbegeerte weinig toe doet, omdat de meeste artiesten er weinig talent voor hebben. [663]


Twijfel

twijfelen kan ook een fout zijn die op karakterzwakte of domheid teruggaat. [663]


Publiek overtuigen

Wie gehoord wil worden moet spreken op een manier die z'n gehoor aanspreekt en begrijpt. Zoveel is waar - maar meer is niet nodig. En het is niet nodig te behagen om te overtuigen, al is het voor overtuigen nodig gehoor te vinden. [664]


Goede sprekers

eerlijkheid, vooral over de eigen onwetendheid, is veel belangrijker voor een spreker en z'n gehoor dan kennis. [664]


Succesvolle sprekers

De meest succesvolle sprekers zijn vrijwel altijd die sprekers die de wensen en vooroordelen van hun gehoor weten te behagen. [665]


Menselijke idealen 2

Er is veel te zeggen voor de opvatting dat menselijke idealen tot de soort doelen behoren die wel behoren te worden nagestreefd maar niet volledig verwerkelijkt kunnen worden. Dat behoort immers tot wat iets tot een werkelijk menselijk ideaal maakt: Zelfs voor de allerbesten is het maar zeer gedeeltelijk realiseerbaar, en ook dat niet vaak en niet makkelijk. Maar aan de andere kant: Er zijn tal van alledaagse menselijke verplichtingen - zoals in algemene zin: het houden van alledaagse afspraken - waaraan wel degelijk voldaan kan worden. [666]


Het volk

"Het volk" - wherever, whenever, whomever - is bekrompen, en is samengesteld uit een meerderheid die brood en spelen wil, conformist is, en nauwelijks in staat is tot zelfstandig rationeel en rechtvaardig oordeel. [666]


Publieksprekers 2

Omdat de meerderheid van de mensen wherever, whenever, whomever conformist is en nauwelijks in staat tot zelfstandig rationeel en rechtvaardig oordeel zullen originele, rationele of rechtvaardige publieksprekers zelden gehoord en nog minder vaak begrepen en gewaardeerd worden. En om dezelfde reden zullen conformistische en irrationele publieksprekers die hun publiek vleien en de vooroordelen van hun publiek kittelen veel vaker en veel makkelijker gehoor vinden.

Wie hier anders over denkt weet weinig van geschiedenis en van publieksprekers. [666]


Mens-zijn 2

"We zeiden reeds dat hy aan allen het evangelie van 't mensch-zyn moet verkondigen."

Dit is wat Multatuli deed - wiens programma samengevat kan worden als: Wees mens en lieg niet - maar wat alle andere Nederlandse publieksprekers of niet wilden of niet konden.

Daarbij is er een betrekkelijk makkelijk weerwoord en excuus van de meeste aangesprokenen:

"Als ik als mens van mijn kwaliteiten en gebreken in mijn maatschappij wil overleven dan zal ik moeten liegen en conformist moeten zijn. In mijn maatschappij worden alleen conformisten getolereerd, afgezien van zeldzame narren, en ikzelf heb noch het karakter noch het talent en daarbij ook niet de wil rationeel of redelijk te zijn, zeker wanneer mij dit maatschappelijk niet bemind maakt. En ook voor geestigheid heb ik te weinig geest." (Zie 73, 74, 107, 447) [667]


Publiek gedrag

het vanzelfsprekende liegen, poseren, bedriegen, rollenspelen, naäpen en conformeren van de grote meerderheid van maatschappelijk acterende mensen.

Als iedereen overwegend eerlijk zou zijn over z'n eigen begrip en kennis van de zaken waarover hij spreekt dan zou het publieke debat geheel anders zijn dan het feitelijk is. Want alle publieksdebat hangt aanelkaar van leugens en wensdenkerij en wordt vrijwel altijd gevoerd door poseurs die niet in objectieve waarheid geïnteresseerd zijn maar in het bestendigen van hun eigen of hun groepsbelang, of alleen graag even publiek willen opvallen, of een carrière maken als "media-persoonlijkheid". [668]


Oordelen

"We meten ons oordeel mèt ons oordeel, en begaan dus in 't keuren van onze bevoegdheid altyd juist dezelfde fout, ter welker opsporing en verwydering wy die keuring ondernamen."

Juist, en hier liggen tal van moeilijkheden van logische en psychologische aard. Toch is de algemene logische situatie deze:

Als mensen kunnen oordelen, dan kunnen ze ook oordelen over oordelen, zowel van zichzelf als anderen. 
Sommige mensen kunnen rationeel oordelen.
De meeste mensen oordelen niet rationeel als hun eigen of hun groepsbelang in het geding is, en nemen in het algemeen hun wensen tot maat van hun oordelen.
"Wáár" heet volgens de meerderheid wat hun belangen of vooroordelen bevredigt; "ónwaar" heet volgens de meerderheid wat hun belangen of vooroordelen tegengaat.

Het is over het algemeen makkelijker te weten dat je iets bent vergeten dan te weten dat je redeneerfouten maakte. Bovendien hebben de meeste mensen geen beter criterium voor wat wel en niet redeneerfouten zijn dan hun eigen wensen: Redeneringen die hun wensen bevredigen zijn "dus" geldig, en redeneringen die hun wensen bevredigen zijn "dus" niet geldig. (Wie hier meer van wil weten legge zich toe op het leren van wat logica.) [668]


Maatschappelijk lid

In iedere maatschappij wordt ieder lid betrokken bij tal van vraagstukken waar ie feitelijk weinig van weet en mogelijk ook weinig om geeft maar toch geacht wordt over te oordelen, eenvoudig omdat ie lid van de maatschappij is en de belangen van z'n maatschappij of leiders geraakt worden. [669]


Succesvol publiekspreken

Gewoonlijk is het enige wat een publiekspreker nodig heeft om z'n publiek te behagen dat hij zich tot tolk maakt van de gevoelens en vooroordelen van de meerderheid van z'n publiek - en daar is gewoonlijk heel weinig kennis voor nodig, en niets anders dan een herhaald beroep op het gesundes Volksempfinden, dat inderdaad geniet van het publiek gevleid worden.

En de "logica" van de publieke discussie bestaat  bijna altijd in de emoties en het gesundes Volksempfinden van het publiek.[670]


Poldermodel

Dit is een Nederlandse epidemische volksziekte: Quasi genuanceerde deelnemers aan debatten die alleen meespreken om zichzelf te horen. (Het zogeheten "poldermodel" is mede gebaseerd op de Neerlandse eigenschap van de Neerlandse doorsnee over àlles mee willen te ouwehoeren, ook en vooral over die dingen waar ze niets van weten.) [670]


Karakterlozen

dit is een gebruikelijk soort persoon waar mensen zich verzamelen. Hun feitelijk motief is gewoonlijk leedvermaak ten koste van anderen. Het interessante van dit karakterloze karaktertype is dat hun gehele lichaamsmimiek gewoonlijk achterbaksheid uitdrukt. [670]


Elitaire troost

De enige troost is dat wie werkelijk iets voorstelt zich geen illusies maakt over de doorsnee vermogens van doorsnee mensen - en de bitterheid van die troost is dat er maar weinigen zijn die werkelijk rationeel en redelijk kunnen en willen oordelen. [670]


Neerlandse nivelleerdrift

Het naar beneden halen is in Neerland nationaal volksvermaak, en de enige norm waar de doorsnee moreel naar leeft: "Doe-maor-chuwoon-dan-doe-juh-al-gek-chunoeg". (Duits: "Unsere Ehre heisst Treue!", niet bij toeval ook de wapenspreuk van de S.S.) [670]


Het kwaad

Dat "zeer weinigen hebben kracht genoeg in zich tot het uitdrukkelyk kwade " betwijfel ik zelf om twee redenen, die allebei tamelijk belangrijk zijn voor wie de menselijke geschiedenis wil begrijpen, die met bloed, bedrog, wreedheid en oorlogen samengelijmd is.

Eén: Ieder mens is makkelijk in staat tot "het uitdrukkelyk kwade " en velen doen dit met liefde en toewijding als dit Vaderlandse Plicht heet, groepsbelang is, of op bevel van hogerhand gebeurt. Zie 423.

Twée: Het mag waar zijn dat het enig karakter vergt om gewoonlijk "het uitdrukkelyk kwade " te doen, maar het principiële maatschappelijke probleem is nu juist dat verreweg het meeste kwaad welbewust en in opdracht gedaan wordt door de meerderheid van overwegend karakterloze conformisten, die het kwaad doen uit vaderlandsliefde, in opdracht van hun leiders, volgens de wil van hun god, of overeenkomstig de wil van hun volk. Zie 423. [670]


Bevoegde autoriteiten

de woorden "autoriteit", "gezag" en combinaties als "bevoegd gezag" e.d.

Die "zonderlinge opvatting" is makkelijk te herkennen aan het slaafs geloof waarmee men de meeste mensen kan overtuigen van allerlei zinloze beweringen door deze op stellige toon en met een plechtig gezicht uit te spreken ingeleid met "Gezaghebbende autoriteiten menen dat ..." ( ... "de pip een vorm van kanker is", "winteraardappelen goed tegen rheuma zijn", "politici nooit liegen", "Nederlanders heldhaftig vastberaden en barmhartig zijn door Neerlandse genetische excellentie" etcetera ad nauseam).

Probeer 't maar eens, lezer! Uw politieke en religieuze voorgangers doen het vrijwel allemaal ook, en kunnen niet beter! [671]


Het goede

doorsnee mensen beoordelen mensen niet rationeel maar totalitair, als hordendier: Is hij of zij van Ons of van Hullie? Goed is wie tot Onze Groep behoort, en slecht of oninteressant wie dat niet doet. Zie verder 423. [671]


Volk en dictators

En in de tweede plaats zijn dergelijke verhalen over de schijnbare goedaardigheid, goedertierenheid, menselijkheid etc. van dictators gebruikelijk voor dictators, als bijvoorbeeld Hitler, Stalin en Mao. Dictators plegen zich te presenteren als welwillende Vaders van "hun" Volk, en "hun" volk pleegt dat ook graag te zien, horen en geloven, want het volk is altijd en overal totalitair van aard, en gelooft hoort en liever vleiende leugens dan pijnlijke waarheden. [672]


Kinderlijke oordelen

Mij dunkt dat het naïeve oordeel van kinderen over volwassenen vaak waarachtiger is dan van volwassenen, al is het ook waar dat het kinderen gewoonlijk ontbreekt aan allerlei relevante informatie die volwassenen wel hebben: Kinderen laten zich namelijk niet misleiden door de ideologische leugens en het verkrampte rollenspel waarmee volwassenen zichzelf tot geacht lid der maatschappij hebben weten te hervormen. [672]


Menselijke interessen

Mensen besteden gemiddeld véél meer tijd en moeite aan het bevorderen en beschermen van hun financiële welzijn dan aan de religieuze, politieke en filosofische oordelen op basis waarvan ze menen en voorgeven te handelen, leven en denken. (Voor de grote meerderheid is dit zowel te moeilijk als te saai - alleen zullen ze dát zelden eerlijk zeggen.) [673]


Historische studies

Maar dit relativeert en trivialiseert niet alle oordelen tot gelijkwaardig vals en vooringenomen. Wie wil weten wat er werkelijk gebeurd is in de geschiedenis doet er verstandig aan vele verschillende bronnen en visies te hanteren, en zal gewoonlijk beter in staat zijn tot zinnig oordelen in de mate waarin ie kennis heeft van verschillende visies betreffende de zaak waarover hij wil oordelen.

Bovendien is het gewoonlijk leerzaam rivaliserende visies over één en dezelfde gebeurtenis te lezen. Zelfs als het niet mogelijk is de waarheid boven tafel te krijgen is het gewoonlijk wel mogelijk vast te stellen wat verschillende belanghebbenden voor waar willen houden, en wat de - vermeende - belangen zijn die hen tot hun mening bewogen. [674]


Menselijke eigenaardigheid

Zie 673 voor meer over deze menselijke eigenaardigheid dat er gewoonlijk veel meer tijd en moeite wordt gestoken in het trachten te behalen van financieel voordeel dan in het hebben van zinnige geinformeerde ideeën en oordelen. [674]


Goede historici

Maar er zijn geschiedkundigen die zinnig oordelen, een uitstekend verstand hebben, een heldere stijl schrijven, en kennelijk hun eigen vooroordelen en onoverkomelijke onwetendheid overwegend weten te beheersen. Hier zijn een stel: Thucydides, Machiavelli, Guiccardini, Gibbon, Burckhardt, Huizinga. (Zie verder mijn Introduction to Politics.) [675]


Onzekere oordelen en kennis

In ieder geval is het niet bezwaarlijk om met weinig gegevens tot oordelen te komen, omdat men heel vaak eenvoudig niet anders kàn - zolang men maar aangeeft dat men weinig gegevens heeft, en op basis daarvan gist, en z'n gissingen, onzekerheden en onwetendheden niet presenteert als stellige, zekere waarachtige kennis.

Immers, de feitelijke stellige, zekere waarachtige kennis die men in zo een geval heeft - gewoonlijk dus - is precies dat men géén feitelijke stellige, zekere waarachtige kennis heeft, maar alleen meer of minder waarschijnlijke gissingen, mogelijk gemaakt naar beste weten en vermogen, op basis van onvolledige en onzekere gegevens en onvolkomen relevante overige kennis. (NB: Ieder mens heeft zéér veel ware kennis - en wel van de onvoorstelbaar grote verzameling dingen waarvan hij wéét dat hij weinig of niets weet.) [677]


Prominent Nederjournaille

"Uit gebrek aan materiaal, of uit onbekwaamheid in 't gebruiken van wèl aanwezige bouwstoffen, geven ze by hun lezers 'n steentje voor 'n huis uit."

Zo gaat het inderdaad heel vaak. Wie hier - ad nauseam - voorbeelden van wil horen beluistere de Neerlandse radio, waar hele hordes journalistieke lichtgewichten (kaliber: Holman, Van Wezel, Van Dis) dagelijks tegen aanzienlijke betaling de meest onzinnige kul uitspreken en verbreiden als was het intellectuele en morele godenspijs voor de domme aanhorende massa's.  [677]


Rationele menselijke oordelen

Een mensenleven is zelden langer dan 75 jaren, en alle individueel oordelen wat een individueel mens mogelijk is zal in die tijd en met zeer onvolkomen hulpmiddelen en kennis moeten gebeuren. Zolang men eerlijk is over z'n eigen onwetendheid en z'n beweringen naar behoren logisch kwalificeert is het echter heel wel mogelijk rationeel te oordelen op basis van zeer onvolledige informatie. Zie 677. [678]


Ingewikkeldheid van geschiedenis

Eén deugd die Joyce's "Ulysses" heeft is het aantonen dat het beschrijven van één dag uit het leven van één mens véél tekst vergt. (Ikzelf vind Multatuli trouwens een beter schrijver dan Joyce.) [679]


Geestelijken en gelovigen

De grote meerderheid van de geestelijken van om het even welk religieus geloof zijn leugenaars, huichelaars en poseurs, die zelf niet of ternauwernood geloven in wat ze uitdragen als hun geloof.

Maar het geldt niet voor allen. Er zijn intelligente eerlijke gelovigen. Bekende voorbeelden van verschillende geloven zijn Patanjali, Boeddha, Augustinus, Duns Scotus en Pascal. En Montaigne, als deze een gelover was. [679]


Wetenschap vs theologie

De reden is dat theologie ofwel geen bestaand onderwerp heeft en dus alleen bestaat uit wensdenkerij en fictie ofwel dat het bestaand onderwerp van de theologie voor mensen onbegrijpelijk en ontoegankelijk is. Echte wetenschap betreft delen van een bestaande werkelijkheid die althans gedeeltelijk toegankelijk zijn voor het menselijk begripsvermogen, wat uiteindelijk bewezen wordt doordat echte wetenschap zich laat vertalen in echte technologie, die echt werkt zonder enige kennis van of geloof in de wetenschap die de technologie creëerde. [679]


Academische vermogens

Wat niet-academici gewoonlijk niet doorhebben over academici is dat geslaagde academici hun slagen gewoonlijk danken aan talrijke overigens niet bijzondere publicaties in academische vakbladen die hun een renommé geven als geslaagd academicus. En overigens geldt voor academici wat voor kunstenaars geldt: Hooguit 1 op de 10.000 wordt nà hun dood herinnerd door dan levenden. [680]


Denkbeelden

"denkbeelden": Er is een groot verschil tussen beweringen - zinnen, frases, termen, klanken - en denkbeelden, dat mij als kind al opviel, toen ik me realiseerde dat andere kinderen zich gewoonlijk óf geen óf heel simpele eigen voorstellingen maakten bij wat ze onderwezen kregen en verteld werden. Wat de meeste kinderen leerden op school waren niet zozeer ideeën als vaardigheden, en wat ze beschouwden als ideeën waren niet hun eigen voorstellingen maar de woorden en termen waarin hun ideeën van anderen gepresenteerd werden. (Zie 12.)

Dit feit heeft verschillende achtergronden, waarvan de twee voornaamste de gemiddelde menselijke domheid en het matig of niet kunnen visualiseren van de meeste mensen zijn. De eerste reden is de belangrijkste: Wie dom is vindt het moeilijk zelfstandig zinnige gedachten te ontwikkelen en leert dat bovendien snel af. Er zíjn echter bijzonder intelligente en weldenkende mensen - Bertrand Russell is een voorbeeld - die géén of vrijwel geen visuele fantasie en visueel geheugen hebben. De term "denkbeelden" voor de zelfstandig ontwikkelde zinnige gedachten van dergelijke mensen is dus wat misleidend, maar overigens hebben slechte maar scherpzinnige non-visualiseerders ze wel degelijk. [681]


Feiten

"feiten": Het gebrek aan eigen denkbeelden en het maatschappelijk gemak maakt het voor zeer veel mensen heel makkelijk en vanzelfsprekend te loochenen dat er feiten zijn - zaken die bestaan geheel onafhankelijk van mensenwensen. Zeker de laatste 25 jaar, met de opkomst van de zogeheten post-moderne filosofie, is het modieus en moreel geworden in min of meer academische kringen àlles voor "relatief" en "interpretatie" te houden, van de smaak van aardbeien en spruitjes via politieke voor- en afkeuren naar de stelling van Pythagoras en het bestaan van Auschwitz. "Alles relatief meneer, mevrouw! Alles puur interpretatie!"

Dit maakt het maatschappelijk overleven en huichelen en poseren natuurlijk veel makkelijker, net als denken en redeneren, dat effectief gereduceerd wordt tot wensdenken en fantaseren. [681]


Frasenmakers

"frazen-maken": Wie relatief aan de vermogens van de doorsnee goed frazen kan maken heeft daarmee de nodige talenten voor politicus of reclame-man, maar is nog steeds zelden in staat tot behoorlijk rationeel redeneren. En inderdaad is de gewone populaire frazenmaker bijna altijd een gewone poseur die z'n heel klein beetje extra verbale vermogen gebruikt om anderen te bedriegen ten bate van zichzelf en z'n groep. [681]


Domheid en totalitairisme

Maar de voornaamste reden voor die bijvoorbeeld in de 20ste eeuw zo honderdvoudig miljoenvoudig geschuwde arbeid in honderden miljoenen mensenhoofden die leidde tot de opkomst van het socialisme, fascisme en nationaal-socialisme is toch vooral ... aangeboren domheid en niet aangeboren luiheid, al speelt ook die een rol.

Deze massieve massale menschlich-allzumenschliche doorsnee domheid is de meest belangrijke oorzaak van de opkomst en populariteit van totalitaire politieke en religieuze maatschappijen en kerken. [681]


Gebrekkige menselijke kenvermogens

Ik geloof dat het niet zozeer traagheid, luiheid, eigenbelang, partijbelang, ondervonden propaganda, slecht onderwijs en een beroerde opvoeding zijn die mensen tot slechte denkers maken, maar omgekeerd dat de zeer gebrekkige kenvermogens waarmee de grote meerderheid geboren wordt de fundamentele grond is voor hun traagheid, luiheid, eigenbelang, partijbelang, propaganda, slecht onderwijs en beroerde opvoeding.

En ja: Dit is een soort - lam maar realistisch - excuus: "Heer vergeef hen want ze weten niet beter!" [682]


Intelligentie en domheid

Wie kleuren kan zien heeft geen enkele moeite de wereld in kleur te zien, terwijl tien jaren gedwongen onderwijs een kleurenblinde nog steeds zelfs niet het zichtbare verschil tussen groen en rood zal duidelijk maken. (Dit is een waarheid die Nederlandse kleurenblinden van allerlei soort - "alle mensen zijn gelijkwaardig" - niet duidelijk te maken is. Ze beweren veel liever de niet-bestaande kleren van de keizer te zien, dan toe te geven dat ze niet zien wat toongevenden in hun omgeving beweren te zien.) [682]


Beoordelen van mensenwerk

Primo: Om te beoordelen of een menselijk werkstuk van vrijwel iedere aard afgezien van een heel mensenleven geslaagd is volgens bepaalde criteria heeft niemand veel kennis van de mens nodig die het werkstuk leverde. Het enige wat men nodig heeft zijn wat algemene kennis van mensen en van het soort werkstukken dat geleverd is.

Secundo: Het is opvallend dat allerlei soorten mensenwerk - een tekening, een gedicht, een formule, een aforisme - voor andere mensen direct inzicht en genot (of duisternis en afkeer) opwekken, geheel onafhankelijk van het menselijk individu in wie de originele gedachte opwelde. [682]


Domheid en partijgeest

De grote meerderheid van de domme en middelmatige leden van een menselijke groep - partij, kerk, groep bestuurders - keurt vrijwel alles dat niet behoort tot wat goedgekeurd en erkend wordt in de groep automatisch af als slecht, oninteressant of minderwaardig, en beschouwt ieder individu dat zich uitspreekt tegen de idealen waar de groep voor beweert te staan als een ketter, een vijand, een tegenstander en een minderwaardig wezen. Zie 423 voor wat meer. [683]


Het geweten

En zoals het Nederlandse woord "geweten " fraai aangeeft: Dit is vooral een kwestie van willen weten van de zaak waarover men meent te mogen en kunnen oordelen, en overigens van eerlijkheid - o.a. waar het aankomt op het onderkennen van de eigen onwetendheid - en rechtvaardigheid. [684]


Oordelen van verre

Het is - ceteris paribus altijd - makkelijker van verre te oordelen dan van nabij, omdat wat lang geleden of ver weg geschiedde niet kruist met belangen en partijen die hier en nu bestaan en waar de oordeler van afhangt voor z'n maatschappelijk welbevinden. [684]


Waarachtige kennis

de enige manier voor mensen om de wereld systematisch te proberen beter te maken - zeg: minder wreed, bruut, dom en achterlijk - gebaseerd is op waarachtige kennis. Alle valse oordelen indien geloofd leiden vrijwel zeker tot mislukkingen en teleurstellingen. [684]


Manifeste onzin

Wie met een stalen gezicht verkondigt dat "2+2=5 en dus schiet er één van jouw 5 peren over voor mij" of dat hij zojuist uit de zevende hemel terug is gekomen met een tafel vol geboden (ongetwijfeld inclusief "dien mij!") verdient geen uitgebreid onderzoek naar het leed 'm aangedaan als kind om licht op z'n leugens te werpen. [685]

Excerpt uit commentaren van MM bij Ideen 3 B - 601 t/m 685      - Index 3B