Excerpt uit commentaren van MM bij Ideen 1 C - 236 t/m 385      - Index 1C
 

Inleiding:

Dit is het derde bestand met excerpten uit mijn commentaren bij Ideen 1. Voor inleiding en uitleg, copyright etc. zie Excerpt 1 A.

Maarten Maartensz
Amsterdam
28 april 2005


Over Multatuli

Er is zeer veel geschreven over Multatuli, en het lijkt uiteen te vallen in drie ondersoorten: Teksten van z'n bewonderaars, teksten van z'n tegenstanders, en teksten van Neerlandici. Mijn eigen ervaringen met teksten van alledrie de soorten zijn overwegend bedroevend, want het komt me voor dat geen van de drie soorten "Multatuli-kenners" veel begrip van hun onderwerp hebben, dat inderdaad moeilijk en ingewikkeld is, en om andere redenen geïnteresseerd zijn in Multatuli dan ik ben.

Over het geheel genomen lijkt mij W.F. Hermans' "De raadselachtige Multatuli" de zinnigste benadering van Multatuli, en 't zal geen toeval zijn dat Hermans geen Multatuliaan was, ook geen tegenstander van Multatuli, en zeker geen Neerlandicus.

Ik zal er hier op deze plaats een paar opmerkingen over maken, vooral omdat M. zelf in de hier behandelde Ideen z'n eigen karakter bespreekt en presenteert, zij het enigszins verhuld en ongetwijfeld enigszins verfraaid.

In de eerste plaats wat betreft Multatuli's bewonderaars:

Deze zijn er in veel soorten, maar de meerderheid werd vooral bewogen door politieke gronden. Multatuli werd bewonderd door vele socialisten en anarchisten, al was hijzelf het één noch het ander, vooral vanwege z'n kritiek op het Nederlandse koloniale beleid, zoals uitgedrukt door z'n "Max Havelaar".

Ikzelf ben ook al geen socialist of anarchist, en hoewel ik instem met grote delen van M.'s kritiek op het Nederlandse koloniale beleid geloof ik (anders dan typische Multatulianen) dat hij zich vergiste in Lebak (al is de zaak tamelijk subtiel, en al had M. ongetwijfeld in beginsel gelijk - maar met beginselen alleen valt geen ambtelijk bestuur te voeren). Ook ben ikzelf niet bijzonder geïnteresseerd in Nederlands-Indië (en weet daar weinig van), en ben zeer veel meer geinteresseerd in Multatuli's kritiek op Nederland en Nederlanders in z'n Ideen - en meen dat deze kritiek eigenlijk nooit behoorlijk besproken is, o.a. omdat M.'s bewonderaars ofwel de Ideen niet lazen ofwel deze met onvoldoende begrip en kennis lazen.

Wat betreft Multatuli's tegenstanders:

Ook deze komen in soorten, en de meerderheid hiervan lijkt vooral bewogen door persoonlijke of religieuze tegenzin: Velen vonden (en vinden) Multatuli arrogant, betweterig, en minstens een beetje gestoord, terwijl ook z'n gedrag tegenover z'n eerste vrouw, zijn vele vrouwengeschiedenissen, en zijn voorliefde voor gokken en onvermogen met geld om te gaan veel critici hebben gevonden in Nederland.

Hier wil ik het allemaal wel (min of meer) mee eens zijn - alleen zijn dit wat mij betreft allemaal bijzaken en geen hoofdzaken. Ongetwijfeld was Multatuli arrogant, betweterig, en - vergeleken met de Droogstoppels en Wawelaars van zijn en onze tijd - minstens een beetje gestoord, terwijl hij overigens ook verre van perfect was. Maar wie zó intelligent en origineel is als Multatuli kan niet ontkomen aan hoogmoed en betweterigheid, zeker tussen Neerlanders ("doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg") - en "late hij die zonder zonde is de eerste steen werpen".

Waar het mij om gaat zijn vooral Multatuli's Nederlands, dat zoveel beter - helderder, lopender, fraaier, epigrammatischer - is dan het Nederlands van vrijwel ieder ander, ongeacht het onderwerp waar hij over schreef; Multatuli's ideeën, die zoveel meer omvattend zijn dan van anderen, en zoveel diepgravender dan van anderen, nog afgezien van hun bijzonder fraaie vorm; en Multatuli's karakter, dat zoveel moediger en opener was dan dat van zijn - veel schijnheiliger, veel laffere, veel grauwere, veel saaiere - tijdgenoten en later levende Neerlanders.

Overigens, voor goed begrip: Ik denk dat Multatuli geen keus had in z'n afwijkendheid, al had hij natuurlijk enige keuzevrijheid in wat hij er mee deed, en ik denk ook dat de doorsnee geen keus had en heeft in hun normaalheid, weer afgezien van enige keuzevrijheid.

Dan wat betreft de Neerlandici die zich tegen Multatuli hebben aanbemoeid:

Ik ben geen Neerlandicus, en ik heb geen enkel belang bij het pretenderen Multatuli "wetenschappelijk verantwoord" (bovendien zoals "wetenschappelijk" begrepen wordt in Neerlandistieke kringen, waar vrijwel iedereen te dom is in wiskunde en natuurkunde om te begrijpen wat echte wetenschap is!) te bestuderen, en heb daar ook geen carrière mee te verdienen. Overigens zou ik hier veel kunnen opmerken, maar beperk me tot twee observaties, en wel een positieve en een negatieve.

De positieve is dat Neerlandici erin geslaagd zijn veel materiaal over Multatuli te vinden en publiceren dat zonder hen verdwenen zou zijn of niet gepubliceerd zou zijn. Dit materiaal is gewoonlijk interessant en leerzaam, zowel wat betreft Multatuli als wat betreft Nederland en Nederlanders.

De negatieve is dat Neerlandici er vrijwel altijd in geslaagd zijn ook Nederlands prachtigst schrijvende literator te behandelen op een uitermate saaie, pretentieuze, vervelende kwasi-geleerde manier, die veel meer verduisterd dan verhelderd heeft.

Tenslotte in het kader van deze noot over Multatuli zelf een verwijzing en een citaat.

De verwijzing is naar de eerste en tweede druk van W.F. Hermans' "De raadselachtige Multatuli", dat een veel betere biografie is dan de andere Multatuli-biografieën die ik las, en zeer veel zeer fraaie foto's en ander plaatwerk heeft. De reden om zowel naar de eerste als de tweede druk te verwijzen is deze: Hermans' tekst in de tweede druk is beter dan die in de eerste, maar de eerste heeft als bijlage een stuk uit 1860 van Herman des Amorie van der Hoeven, dat mij en Hermans (en Multatuli zelf) een heel goede inschatting van M. dunkt, door een tijdgenoot die hem en z'n omstandigheden in Nederlands-Indië goed kende, terwijl die bijlage in mijn tweede druk (waarin hij wel aangekondigd staat) kennelijk door een fout niet afgedrukt is.

Het citaat komt uit de verwijzing, namelijk van pagina 50 in de tweede druk:

"Multatuli was agressief en argeloos tegelijk, en zijn maatschappelijke nederlaag moet toegeschreven worden aan deze combinatie van eigenschappen (..)
Als kind al het jongetje dat altijd de schuld kreeg, tot hij van de weeromstuit misschien werkelijk de schuld had ... Misschien onschuldig van bedrog beschuldigd op Natal ... Voortdurend in de schulden, zijn verliezen pogend goed te maken aan de speelbank, de enige plaats waar ze, zoals hij zelf terdege wist, met wiskundig vastgestelde waarschijnlijkheid op den duur alleen maar nog groter konden worden, is hij, de mensen verachtend en honend, toch altijd heel naïef, heel aandoenlijk, blijven hopen dat ze door zijn verwijten tot inkeer zouden komen en hem helpen. Nooit hielpen ze hem voldoende. Natuurlijk niet: diep innerlijk was hij ervan overtuigd dat ze niet deugden (...) "

Dit lijkt mij overwegend terecht - of preciezer gezegd: De karakteristieken dat Multatuli "agressief en argeloos tegelijk" was; "Voortdurend in de schulden" leefde; en "de mensen verachtend en honend, toch altijd heel naïef" was; en "diep innerlijk (..) ervan overtuigd dat ze [de mensen, in grote meerderheid] niet deugden" lijkt mij veel waarachtiger dan de meer hooggestemde inschattingen van Multatuli door z'n onvoorwaardelijke bewonderaars.

Maar dit alles neemt in het geheel niet weg dat hij moreel en intellectueel een genie was; verreweg de beste en scherpste kritiek op z'n maatschappij leverde van al z'n eeuwgenoten (inclusief Marx, Proudhon, Nietzsche e.a.); beter schreef dan vrijwel iedereen in binnen- of buitenland; en filosofische en logische inzichten had die zeer veel beter waren dan van z'n tijdgenoten.

En zo iemand hoeft overigens geen wonder van perfectie te zijn om niet toch zeer veel interessanter, levendiger, karaktervoller, en de moeite van het lezen en bestuderen waard te zijn dan al z'n tijdgenoten, hoe keurig deze ook geweest mogen zijn, en hoe zeer deze ook hun best mogen hebben gedaan niet te vervallen in M.'s fouten en tekortkomingen, en hoe goed ze daar ook in slaagden (als Droogstoppel, als Wawelaar, als Rammelslag, of als die tegenwoordig terecht vergeten vermeende Neerlandse grootheden uit de 19e eeuw). [236]


Begrijpen en genot

Wat betreft "want begrypen en weten scheen hem 'n genot te wezen": Dit is inderdaad één van M.'s karaktertrekken die hem werkelijk deden afwijken van z'n medemensen. En opnieuw, voor goed begrip van het onderwerp: Ongetwijfeld had M. tijdgenoten die ook "genot" onttrokken uit "begrypen en weten" en zich daarop toelegden. (Een goed voorbeeld is M.'s jeugdvriend Bleeker, die een groot bioloog werd.) Het verschil is alleen dat deze zich vrijwel allemaal beperkten tot één vak, één onderwerp, één rol, en zich overigens voornamelijk interesseerden in het sociaal aangepast zijn, niet opvallen, veilig meedoen, en zich onthouden van belangstelling in of moeite voor onderwerpen buiten hun zogeheten vak. [236]


Godsgeloof

O God, o God, riep de vreemde, moet zooveel geloof, zooveel smart, zooveel vertrouwen ydel wezen?

Op de eerste vraag is het antwoord uiteraard: Ja, dat moet! Een pastoor, een dominee en een imam kunnen niet alle drie gelijk hebben over God, als ie al bestaat, wat bij zoveel tegenspraak en strijd niet waarschijnlijk is: Minstens twee van de drie moeten zich vergissen, en in een hel van een van de drie eindigen - als we ieder mogen geloven over wat ze ketters en ongelovigen toewensen, en bij gelegenheid aandoen.

Vervolgens, over wie het weet te zeggen: Al kan geen mens definitief en in dit leven alle vragen des geloofs oplossen, het is meer dan duidelijk genoeg dat met een paar duizend - door hun aanhangers - verondersteld ware geloven, die elkaar allemaal tegenspreken, er hooguit één en waarschijnlijk geen (immers: de desbetreffende waarschijnlijkheid lijkt hoogstens in de orde van 1 gedeeld door een paar duizend te zijn) "het enig ware geloof" kan zijn. En daarbij: Er is bijzonder veel in te brengen en door de eeuwen ingebracht tegen alle bekende religies op logische en wetenschappelijke gronden, dat er altijd op neerkomt dat deze of gene geloofswaarheid niet te verenigen valt met de logica (in casu: andere veronderstelde geloofswaarheden van dat geloof) of met de bestaande kennis. Kortweg: Er is geen enkele religie die ook maar enigermate logisch houdbaar is wat al z'n hoofdstellingen aangaat , en wie desalniettemin in een god wil geloven - bijvoorbeeld "omdat er toch immers een maker van dit wonderbaarlijke heelal moet zijn" (zoals Aristoteles ook dacht) - resteert weinig anders dan er vrede mee te hebben dat dit een aanname van een mysterie moet zijn, wat niets helpt verklaren al geeft het wellicht gemoedsrust.

Tenslotte, wat betreft de pijn, smart, zieletwijfels etcetera van deze en gene, en de betrekkelijke (on)waarde ervan:

Een van de minder zwakke argumenten voor een god is het feit dat ieder mens feitelijk alleen z'n eigen ervaringen en gevoelens kent, en feitelijk aanneemt maar niet weet (met absolute logische bewijskracht) dat z'n medemensen geen automaten of ficties zijn, en ook ervaringen en gevoelens hebben, die bovendien gedeeltelijk sterk lijken op die van andere mensen. In de alledaagse praktijk is ieder mens zeer sterk genegen geloof te hechten aan het bestaan van de ervaringen van andere mensen, al zal geen mens die ervaringen ooit direct kunnen ervaren.

Kortom: de hoeveelheid gevoel en de zielsrust ontleend aan een geloof of gebrek aan dat geloof is secundair aan de vraag naar waarheid van dat geloof, en lijkt er niet bijzonder veel toe te doen voor wie zich realiseert dat er in ieder bekend groot geloof tal van integere, behoorlijke en bewonderenswaardige gelovers zijn geweest, die veel kracht meenden te ontlenen aan hun geloof, en ook tal van hypocriete, laffe meelopers zijn geweest, die evident profiteerden van hun extern conformisme, en feitelijk logen over hun geloof, of de kracht ervan. [237]


Over atheisme

Ikzelf ben, als eerder gezegd, een atheïst, die bovendien een atheïstische opvoeding genoot, dus niet als kind belaagd is met allerlei beangstigende waandenkbeelden (bijvoorbeeld over de eigen zondigheid, slechtheid en verderfelijkheid - wat praatjes zijn die talloos veel miljoenen veel levensvreugde vergald hebben), en zich daar dus ook niet aan heeft hoeven ontworstelen.

Maar ook tegenwoordig, ook in het - vergeleken met vroeger - ongelovige Nederland, zijn atheïsten nog steeds tamelijk zeldzaam, en sterk in de minderheid: Desgevraagd blijkt nog steeds een procent of 95 der Nederlanders een of andere vorm van godsgeloof te hebben, al is tegenwoordig maar een minderheid kerkganger, en al is veel van wat geloofd wordt niet meer conform de leerstelsel van de bestaande kerkgenootschappen (die hun leden en voorgangers meer en meer verliezen, en zien overlopen naar allerlei vormen van alternatief modern bijgeloof).

Ik vermoed dat een deel van de reden teruggaat op een soort theologisch schipperen: Kennelijk menen velen dat het een God, als ie bestaat, zal behagen dat men in 'm gelooft, zodat velen die de leer van deze en gene kerk afwijzen toch in een God blijven geloven, als een soort persoonlijke levensverzekering voor het geval dat ie mocht blijken te bestaan na de dood: Immers, God kan dan in ieder geval niet boos worden daarover, lijkt de overweging daarbij (die mij kinderachtig voorkomt).

In Multatuli's tijd waren er weinig atheïsten, en van die weinigen niet zeer velen die daar publiek voor uit durfden komen, overigens uit welbegrepen eigenbelang, want godloochenaars werden met argusogen bezien door hun Godvrezende medemensen, en gewoonlijk gediscrimineerd vanwege hun vermeend-evidente gebrek aan rechtszinnigheid en fatsoen. [237]


Waarheid en waarachtigheid

Dit gold zeker voor Multatuli, die veel waarachtiger was dan z'n tijdgenoten (zoals men uit de VW kan afleiden), al zal ook hij zelden of nooit "de waarheid, de gehele waarheid en niets dan de waarheid" gesproken hebben - dat buiten de zuivere wiskunde ook vrijwel altijd mensenonmogelijk is, en dat NIET omdat "waarheid niet bestaat" (wat een leugen is) en ook niet omdat "Misschien is niets geheel waar" (wat ook niet waar is - zie Idee 1) maar omdat de gehele waarheid in vrijwel ieder geval te ingewikkeld is om volledig overzien en adequaat onder woorden te worden gebracht. Daarbij: Het is gewoonlijk niet nodig om de gehele waarheid te kennen of begrijpen om z'n voordeel te doen met dat deel van de waarheid dat men wel kan begrijpen en overzien.

En wat Multatuli's waarachtigheid betreft: In de ogen van z'n tijdgenoten (en vele anderen, waaronder W.F. Hermans) was deze vaak dwaas en don quichotterig. Dit klopt - vanuit het gezichtspunt van een succesvol burgerman, niet gehandicapt door enig genie, en alleen gedreven door de wens zelf vooruit te komen en een rustig, veilig en welbetaald leventje te leiden. [237]


Erkennen van fouten

Wy erkennen liever algemeene dan byzondere fouten.

De reden is dat "men" zich niet persoonlijk gekrenkt voelt door de fouten die "men" vrijelijk aan "men" toeschrijft. [239]


Nederlanders

de Nederlanders zijn een volk dat met trots schande spreekt van de heel kleine minderheid van Nederlanders die niet meestelen of meeliegen met de meute. [239]


Aannames en wensdenken

Overigens, wat betreft "Ze lyken wel gek met hun Sainte-Vierge! ": Een echte atheïst meent niet alleen dat ze wel gek "lyken" maar ook dat ze minstens gek doen, want kracht trachten te ontlenen aan wat hem als evidente illusies of onzin verschijnt.

De psychologisch relevante opmerking is dat ieder mens dit lijkt te doen bij tal van gelegenheden - hopen tegen beter weten in; wetend dat liefde je oordeelsvermogen ontregelt maar er toch naar handelen; het onwaarschijnlijke kiezend omdat het beter is; idealen nastreven waarvan je weet dat ze niet en nooit volledig verwerkelijkt kunnen worden; stellingen aannemen zonder bewijs; beweringen geloven op emotionele gronden; iets voor waar houden omdat je het wenselijk acht, en iets voor onwaar houden omdat je het onwenselijk acht .... ieder mens doet dit en meer dergelijke dingen dagelijks, in tal van omstandigheden, gewoonlijk om psychologisch heel begrijpelijke reden, was het alleen gemakszucht, tijdsgebrek, domheid, of onwetendheid, en iedereen is zich dit althans soms bewust te doen. [241]


Holland's karakteristiek

Boëtie = Holland = een natie die verdient spreekwoordelijk als dom en huichelachtig bekend te staan. [242a]


Leugens en hun succes

Ach, niets is volmaakt... zelfs niet de leugen!

Volmaaktheid is een moeilijk begrip, zeker wanneer toegepast op leugens en vervalsingen, maar 't lijkt me dat er zeer succesvolle leugenverhalen zijn, zoals de Bijbel, de Koran, en vele andere religieuze boeken, ongeacht hun overige voortreffelijkheden. 'tZelfde geldt politieke propaganda.

De meest droevige bedenking in dit verband is kennelijk dat de grote meerderheid van de mensen zich laat bedriegen door de meest doorzichtige leugens, zolang 't maar leugens van hun leiders zijn, of de leugens aansluiten bij hun eigen wensen. [245]


Hoogmoed en Holland

Anders: Hoogmoed is de moed een zelfstandig individu te zijn en te blijven, ook temidden van grote massa's domme en egoïstische conformisten. Zie 73, 74, 423, 447.

In Holland is hoogmoed buitengewoon zeldzaam onder echte Hollanders, om welke reden er bijv. in de 2e Wereldoorlog zoveel gecollaboreerd werd in Nederland, en bijv. in Srebrenica zo'n 8000 burgers vermoord werden die beschermd hadden moeten worden door Nederlandse militairen en ministers, die zichzelf daar publiekelijk toe verplicht hadden - en zelfs niet de persoonlijke moed hadden voor de media te verklaren dat de zogenaamde "Safe Haven" helemaal géén "Safe Haven" was.

Wie niet werkelijk hoogmoedig is, is werkelijk gewetenloos. (Mijn vader was een buitengewoon hoogmoedig mens, lezer, en had meer karakter dan de hele Neerlandse legertop+regering van 1995 bij elkaar.) [246]


Goed schrijven

de voor M. essentiële voorwaarde om goed te schrijven:

Werkelijk iets te zeggen hebben, en dat eerlijk te doen, met persoonlijke inzet en waarachtig eigen gevoel.

Hier is iets van waar, maar goed kunnen schrijven lijkt toch vooral op aangeboren talent terug te gaan. Er zijn in ieder geval nogal wat eerlijke schrijvers met een onverteerbare stijl geweest. [249]


Onderwijs en huichelen

 't Grootste deel van 't onderwijs komt neer op het moeten leren navolgen van valse modellen, onware imitaties, en onechte gedragingen, normen en waarden - en vervolgens het leren huichelen over de vervalsingen en de imitaties waar men aan deelneemt alsof dit de ware kunst, kunde, wetenschap of menselijkheid zou zijn. Zie 74, 132. [250]


Onderwijs en opvoeding

Onderwijs en opvoeding plegen te bestaan uit het gedwongen aanleren en navolgen van valse voorbeelden.

Maar de werkelijkheid is aanzienlijk bitterder en ingewikkelder dan de bovenstaande vertelling:

Doorsnee men is niet alleen niet in stáát schijn van werkelijkheid, propaganda van waarheid, en imitatie van echt te onderscheiden, maar wil dat ook niet, en pleegt de overwegend valse denkbeelden en voorbeelden waarmee ie is opgevoed aan te houden als norm voor wat mag en kan zijn. [251]


Zelfrespect

Maar zeldzamer is de moed zichzelf te pryzen.

't Interessante feit is dat M. gelijk heeft waar het woorden betreft, maar niet waar 't kleding, behuizing, publiek gedrag etc. betreft:

Bijna iedereen doet alsof ie bijna iedereen wil aantonen dat hij sterker, stoerder, rijker, machtiger etc. is dan de andere mannen, of dat zij mooier, beminder, rijker, bekender etc. dan de andere vrouwen.

Weinig mensen hebben de moed een ander - woordelijk, letterlijk, met klaarblijkelijke trots en overtuiging - toe te voegen "Ik ben beter dan jij!", maar bijna iedereen kleedt en gedraagt zich dusdanig dat alles wat aan haar of hem hangt als tooi, verwarming, of schaamstreekbedekking precies dàt uitstraalt.

Overigens lijkt dit soort uitingen nogal sterk cultureel bepaald:

De Griekse burgers in 't oude Athene hadden niet de minste moeite met hun constitutie waarin alle burgers voor de wet gelijk waren, maar iedere burger z'n machtige best deed bij tal van gelegenheden de beste te zijn, en daar luid en duidelijk voor uitkwam.

De normale opvoedkundige aansporing die Atheense zonen van hun vaders kregen was dan ook: Tracht altijd en overal in alles de beste te zijn! (Zie: C.M. Bowra, "The Greek Experience", hoofdstuk 2 "The heroic outlook".) Neerlandse nederigsheidskramers mogen geschokt zijn, maar deze opstelling leverde zeer veel meer fraais en zinnigs op dan de in Neerland zo miljoenvoudig beminde, uitgedragen, bewonderde en hooggehouden "doe maar gewoon dan doe je al gek genoeg!". (Er waren niet meer dan een paar honderdduizen Atheners verantwoordelijk voor de glorie van honderd jaar klassiek Athene; er zijn miljoenen elkaar respecterende gelijkwaardige Neerlanders geweest die in honderd jaren niets beters hebben kunnen leveren dan een florerend voetbal-klimaat.) [254]


Sociaal gedrag

Een boel sociaal gedrag komt neer op 't trachten te behouden van z'n sociale status, en dat gebeurt vooral door geen opschudding te maken, door niet op te vallen, door schipperend te geven en te nemen, en door weinig te zeggen of doen dat aanleiding zou kunnen geven tot de gedachte dat men zelf niet geheel zoals doorsnee-men zou kunnen zijn.

Dit brengt met zich mee (vooral in Nederland) dat iedere zogeheten fout gebalanceerd wordt met een een vermeende deugd, en iedere genoemd deugdje met een balancerend tekortje. [256]


Bedaarde fatsoenlijke mensen

Hoe 't zij, een "bedaard mensch" is vooral iemand die geen aanstoot geeft aan anderen, en helemaal niet wanneer die anderen maatschappelijk meer status hebben, en is overigens iemand die z'n gelaatstrekken en uitingen weet te plooien in dienst van z'n eigenbelang.

Bedaarde menschen zijn dus gewoonlijk te herkennen aan een doods uiterlijk, een saaie conversatie, een zeer oppassende ideeënloosheid, en volledig voorspelbare, volstrekt normale, overwegend gehuichelde morele normen. [259]


Waarheid en waarachtigheid 2

Er is niets poëtischer dan de waarheid.

Ik heb herhaaldelijk opgemerkt dat M.'s fundamentele criteria om beweringen te wegen zijn: of ze waar zijn of logisch houdbaar zijn, en om mensen te wegen: of ze waarachtig zijn. (Een mens zegt wat waar is als hij zegt wat werkelijk zo is; en mens is waarachtig als hij zegt wat hij werkelijk denkt, voelt en wil.)

Wat betreft "Er is niets poëtischer dan de waarheid": Dit is één van Multatuli's zegswijzen die vaak geciteerd wordt, al is me niet geheel duidelijk waarom. Immers:

In zekere fundamentele zin is er niets dan de waarheid - plus de menselijke fantasie die daarover illusies heeft, over fantaseert, naar gist, deze gedeeltelijk maar niet volledig inziet, of geheel misverstaat. Als er niets is dan de waarheid, is poëzie daar een deelklasse van, maar als ook fantasieën waarheden kunnen representeren, zij het niet in dezelfde zin als wetenschappelijke theorieën, dan is 't heel wel mogelijk dat veel poëzie mooier, fraaier, verhevener, indrukwekkender is, of lijkt, dan de - vaak nogal saai, gewoon, banaal of triviaal ogende - waarheid. [263]


Logisch denken en wensdenken

Wie enigermate een logisch hoofd heeft (wat zelden voorkomt) weet dat de zeer grote meerderheid van de mensen zelden behoorlijk redeneert, en vrijwel altijd wensdenkt, helemaal over de kwesties die 'm persoonlijk raken. [267]


Denkfouten der dommen

Twee hoofdfouten van niet-helder denkenden:

  • het zich niet voorstellen van de betekenissen van de frases die men gebruikt
  • het niet toepassen van wat men meent te weten op andere terreinen

Allebei zijn voorbeelden van het niet vatten van gelijkenissen die er wel zijn. [268]


Cogito van denkdieren

"We zyn denkdieren, kunnen denken, en voelen aandrang tot denken: sumus, ergo cogitamus."

Naar men mag aannemen M.'s antwoord op Descartes' "cogito ergo sum". Het geldt nog minder dan Descrates beroemdere uitspraak.

Voor de bewering dat "ik denk dus ik ben" kan als bewijsgrond aangehaald worden dat er als er al gedacht wordt er daarmee in ieder geval iets is dat denkt, al staat het daarmee niet vast dat dit ook een menselijk ik is dat zich adequaat in talige frases laat vangen. Immers, wie dat mocht denken mag zich toeleggen op "ik droom dus ik ben" en "ik geloof dat ik me meestal vergis, inzake logische en existentiële problemen".

De bewering dat "ik ben dus ik denk" is nog minder overtuigend, zoals onmiddellijk duidelijk wordt uit "Kijk, daar is een steen. Wat moet die wel niet veel te bepeinzen hebben!" Toch komt de rest van M.'s bewering mij zinnig voor: Mensen zijn dieren en verschillen van andere dieren omdat ze aanmerkelijk beter kunnen denken dan andere dieren. [268a]


Streven naar kennis

"Denken is ons instinkt, onze behoefte, onze roeping, ons wezen."

Aristoteles dacht dat ook, maar heeft nooit op school gezeten in de Amsterdamse Kinkerbuurt. Voor de meeste mensen die de kindertijd voorbij zijn is denken geen behoefte, geen roeping en geen deel van hun wezen. Wat de meerderheid wil en de hele menselijke geschiedenis gewild heeft zijn genot, status en macht. Kennis heeft slechts een kleine minderheid serieus geïnteresseerd. [268a]


Kwaliteit van denken

"Misschien had ik dus in 't vorig nummer moeten zeggen: het goed denken moet geleerd worden."

Ook dit lijkt teveel gevraagd van de meeste mensen. Mensen kunnen inderdaad beter leren denken door zich toe te leggen op logica of wiskunde, maar ze zullen het niet ver brengen zonder een aangeboren talent en dan nog is wat men leert niet zozeer beter denken als het denken dat men toch al doe beter vorm te geven en daardoor redeneerfouten te voorkomen. [268a]


Wiskunde en logica

"Ieder wezen immers dat waarneemt, opmerkt, vergelykt, afleidt, ontleedt, meet, weegt, oordeelt en besluit... in één woord: ieder die denkt, gebruikt logika, mathesis. En dit blyft het geval, ook al had hy nooit iets gehoord van de benamingen waarmee men die werkzaamheden van den geest heeft gestempeld tot 'n speciaal-studie."

Juist, althans voorzover het menselijke wezens betreft. Hier is een korte uitleg: Alles is een structuur; wiskunde is de wetenschap van mogelijke structuren; wetenschap bestudeert werkelijke structuren; logica is de wetenschap van redeneer-structuren.

Met deze uitleg wordt het ook in beginsel duidelijk waarom óók dieren onbewust gebruik maken van wiskunde en logica voor hun handelen, waarnemen en denken, en wel omdat wiskundige en logische structuren onderdeel zijn van alles wat bestaat.

Toch is er een groot logisch en wiskundig verschil tussen mens en andere dieren: Alleen mensen zijn in staat echte, mogelijke en zelfs onmogelijke structuren (Escher, Magritte, logische paradoxen) symbolisch te representeren. Zie 11[268a]


Begripsvermogens en moraal

"We moeten ons doordringen van 't besef dat begrypen plicht is, en 't berusten in het tegendeel, 'n onzedelyke lafhartigheid."

Ook dit is niet zo, zoals ik ook kort uitleg bij 462 waar M. zelf naar verwijst. Er zijn nu eenmaal grote verschillen in aangeboren menselijk begripsvermogen en "non posse nemo obligarur".  [268a]


Doorsneemensen in de geschiedenis

"We zyn geboren kampioenen voor duidelykheid, voor eenvoud, voor harmonie tusschen daad en woord, voor Waarheid."

M. had een optimistische bui toen hij dit idee schreef. Een vrijmoedige blik op de menselijke geschiedenis leert dat althans wat de meerderheid betreft eerder iets als het tegendeel waar is: Geboren kampioenen van onduidelijkheid, gemaakte ingewikkeldheid, disharmonie tussen woord en daad, en levende leugens opgetrokken uit eigenbelang en onvermogen.  [268a]


Juistheid van uitdrukking

 "Ten eerste: Men behoort zich toeteleggen op juistheid van uitdrukking "

Ja, dit is een goede raad. Wie om te beginnen al niet de juiste termen gebruikt voor z'n ideeën zal niet ver komen bij het trachten te verwerven van waarachtige begrippen.  [268a]


Stellige kennis

dat een logisch waarachtig oordeel vaak - maar zeker niet: altijd - neerkomt op: "Ik weet dat ik niet genoeg weet om hierover een stellig waar oordeel te kunnen vormen." En inderdaad is de meest stellige kennis die men kan hebben de kennis dat men tekort schiet in kennis.  [268a]


Testen van ideeën

Test je eigen ideeën en vermogens door je ideeën uit te schrijven in helder Nederlands, van een kwaliteit die zo voorgedragen zou kunnen worden aan een willekeurig geïnteresseerd en bekwaam gehoor. [268a]


De ideologische drogreden

't Probleem - zie mijn kommentaar op 268 - is dat de grote meerderheid van de mensen niet logisch redeneren, maar hun wensen hanteren als maat voor de werkelijkheid:

De ideologische drogreden bestaat in 't voor waar houden wat men wenselijk acht, en voor onwaar houden wat men onwenselijk acht.

In deze omstandigheden is 't niet goed mogelijk mensen - in meerderheid en gewooonlijk - door middel van logische redeneringen te verleiden tot het aannemen van konklusies.

En inderdaad werkt de reklame - o.a. de bron van verreweg 't meeste gedrukte papier dat mensen onder ogen krijgen - niet middels logica, maar door een associatie van iets met een gevoel, en door evident bedrog en gecultiveerde wensdenkerij. [269]


Menselijke beperking

Een van de dingen die dit aantoont is dat ieder mens het middelpunt is van z'n eigen werkelijkheid, en daarin leeft - kijkt, hoort, voelt, denkt - bewogen door z'n eigen wensen. Dit is bovendien een aangeboren beperking die alleen door fantasie, goede wil en goed verstand enigermate bestreden kan worden, maar nooit kan worden opgeheven: We zijn uiteindelijk wat de twee vuisten grote grijze massa tussen onze oren ons maakt en ingeeft. ("All that we are is the result of what we have thought. All that we are is founded upon our thoughts, and formed on our thoughts." Dhammapadda 1.1.) [270]


Gezagsdragersproza

Wat mij opvalt aan het theologen-proza dat M. citeert - "Nieuwe onderzoekingen zijn in het werk gesteld, nieuwe uitkomsten verkregen, en wat de Godgeleerden zochten, vermoedden en wisten, is ten deele ook onder den grooteren kring van niet-Godgeleerden verbreid. Daaruit zijn nieuwe behoeften geboren." - is hoe dit proza doet denken, nee: ruikt, nee: stinkt als het burocraten-proza dat mij tegenwoordig bereikt van ministeries als Vrom, en van ministers en staats-secretarissen, dat door deze geleverd wordt in advertenties en beleidsvoornemens. Dit is een gemaakt, aanstellerig proza samengeflanst uit gemeenplaatsen, jargon-termen, en pretenties het beste voor te hebben met de burger, die behandeld en toegesproken wordt als debiele kleuter door een kennelijk waanzinnige kleuterjuf.

Het kan zijn dat ik hier iets overdrijf, maar dit dient om mijn stelling zo duidelijk mogelijk uit te spreken: Het proza waarmee machthebbers en ambtenaren hun ambtenaren zich tot "het Volk" richt is altijd vals, manipulatief, onwaarachtig, en gecomponeerd en gepresenteerd op een vreemde, schoolse wijze, namelijk van leraren en leraressen die het 't beste voor zouden hebben met hun beste brave goedwillende leerlingetjes, en die daarom een lesje opgedreund en voorgezegd krijgen, in het soort morele termen en de soort open deuren, stoplappen en kunsttermen die zo na liggen aan het burocratisch hart van geboren volgelingen. [271]


Ideologie en geloof

In de praktijk blijken de idealen en centrale leerstellingen van morele en religieuse ideologische stelsels door hun gelovers niet gehandhaafd te worden, en overwegend voorwendels voor machtshandhaving en machtsuitoefening te zijn. Dit geldt niet alleen de christelijke geboden, maar de socialistische, joodse, liberale, islamitische of welke andere ook: In de menselijke maatschappelijke praktijk worden ideologieën niet eerlijk gebruikt, functioneren ideologieën niet als wetenschap of als waarheid, en hebben de centrale leerstellingen en dogma's in de praktijk een heel andere waarde en inhoud dan ze letterlijk uitdrukken.

Hier schuilt een heel fundamenteel feit, dat de cognitieve status en publieke gebruik van politieke en religieuse ideologieën betreft, dat zelden goed onderkend wordt.

De recente geschiedenis biedt uitstekende uitermate bittere voorbeelden met een heel andere ideologische inhoud in de maatschappelijke geschiedenis van het socialisme, bijvoorbeeld in Rusland, China, Korea en Cambodja - waar in naam van menselijkheid en rechtvaardigheid tientallen miljoenen opgesloten werden in concentratie-kampen of vermoord.

Als we terugkeren tot het indertijd zwaar christelijke Nederland, dan is het duidelijk dat de centrale christen-plichten "Hebt uw naaste lief gelijk uzelve" en "doet een ander niet wat gij niet wilt dat u geschiedt" zowel wekelijks, en jaar in jaar uit, op vele tientallen plaatsen in het hele land van de kansel verkondigd werden, ongetwijfeld op galm-toon, met zeer morele klank, een stichtelijk gezicht, en veelvuldig beroep op de Heer en de Schrift, als dagelijks, jaar in jaar uit, door honderdduizenden in het hele land nagelaten, met de voeten getreden, in de praktijk ontkend werd, geheel volgens de letter van Ovidius' "video meliora proboque; deteriora sequor": "Ik zie het goede en stem toe dat het 't goede is, en ik doe het slechte".

Dit lijkt de gebruikelijke gang van het menselijke hart, dat gewoonlijk veel minder geleid wordt door idealen en principes dan door onmiddellijk gevoeld eigenbelang, genot, bedreiging of gevaar, en dat morele idealen en principes eerder gebruikt om zichzelf een houding, een reputatie, een aangename illusie te verschaffen dan om werkelijk naar te leven en te handelen, vooral wanneer dit werkelijk toepassen van de principes die men publiekelijk met de mond belijd persoonlijk gevaar of onaangenaamheden zou kunnen opleveren.

Hier ligt dus een fundamenteel menselijk probleem, dat Multatuli bovendien voor veel praktische en theoretische moeilijkheden stelde, en dat hij niet werkelijk onder ogen zag: De fundamentele valsheid, onwaarachtigheid en onwerkelijkheid van de ideologieën waarmee mensen zichzelf maatschappelijk overeind houden en richting trachten te geven. [271]


Postmodern

Maar er is nog iets waarop het gegeven citaat vooruit te lijken lopen, dat intellectueel interessant is en dat eind 20ste eeuw pas tot volle wasdom kwam in Europa en de Verenigde Staten als perfecte methode om zowel de kool als de geit te sparen, en om heel integer ambtelijk carriere te maken als beroepsrevolutionair: Moreel en intellectueel relativisme, opgediend door de uitdragers als "verlicht", maar feitelijk vals functionerend als voorwendsel en versie van "if in Rome do as the Romans do". Deze laffe waanzin noemt zichzelf "post-modern". [271]


Waarheid en ideologie

" Waarheid, heeren, waarheid! " Ja - maar daar is het in zaken van politieke of religieuse ideologie nooit werkelijk om te doen, en hier ligt dus de crux van een fundamenteel probleem: Politieke en religieuse ideologieen zijn overwegend en in de eerste plaats propaganda van de elite van een welbepaalde groep, die de belangen van die elite dient. Max Weber: ___

Dit is een waarheid die zelden helder onderkend wordt, al is ie vaak genoeg uitgesproken sinds De la Boëtie en Machiavelli, en die bovendien tamelijk moeilijk is om helder te vatten, vooral omdat er zo systematisch over gehuicheld en gelogen wordt. [271]


Stichters en volgelingen

Er is altijd - blijkt - een groot verschil tussen stichters en volgelingen van politieke en religieuse stelsels. De stichters zijn altijd opvallende individuen, onafhankelijke karakters, en gewoonlijk evident bijzonder begaafd in het zichzelf uitdrukken, en de volgelingen zijn gewoonlijk noch het één noch het ander, en zouden zelf bovendien nooit een stichter of bedenker van iets origineels hebben kunnen zijn, als ze dit al gewild hadden, wat zelden zo is.

Dit geldt zowel Jezus, als Marx, Nietzsche en tal van anderen. De reden om deze drie te noemen is dat Jezus een belangrijke rol speelde voor Multatuli en in het Nederland waar hij voor en tegen schreef, terwijl Marx en Nietzsche tijdgenoten waren (Marx vrij precies en Nietzsche ongeveer) die net als Multatuli gedurende hun leven weinig opgang maakten onder hun tijdgenoten; als Multatuli grote pretenties over en geloof hadden in hun eigen genie, belang en bijzonderheid; als Multatuli minstens een goede hand van schrijven en een ongebruikelijke kennis, algemene ontwikkeling en intellect hadden - en, anders dan Multatuli, in de eeuw na hun dood de benoemde voorgangers waren van talloos veel miljoenen, en de veronderstelde bedenkers van grote staten en culturen.

Het is zeer waarschijnlijk dat voor zowel Jezus als Marx en Nietzsche gold dat ze hun eigen volgelingen van na hun dood - de Torquemada's, Stalins en Hitlers en hun uitvoerders - met walging afgewezen zouden hebben, als verkrachters en misbruikers van hun denkbeelden, en zeker zo dat vrijwel geen volgeling van, in ieder geval, Marx of Nietzsche in staat was veel van wat z'n afgod schreef met werkelijk begrip te kunnen lezen en (bij benadering) waarachtig en zinnig te kunnen plaatsen in een intellectuele en maatschappelijke context.

Overigens: Het lijkt mij ook dat een belangrijke reden dat Multatuli het geluk niet beschoren is geweest na z'n dood tot afgod en inspirator van een dictatuur gemaakt te worden is dat hij zo helder en zo individueel schreef, en werkelijk geïnteresseerd was in waarheid, en niet in maatschappelijk succes en ook niet (zoals Marx en Nietzsche beide wel, zij het om verschillende redenen) in het schrijven van fraai klinkende feitelijk totalitaire fictie. (En natuurlijk pleit dit zeer voor Multatuli, die ik persoonlijk dan ook aanzienlijk hoger aansla dan zowel Marx als Nietzsche.) [271]


Wetenschap, politiek en religie

Politieke en religieuse propaganda is geen wetenschap, kan geen wetenschap zijn, en wil geen wetenschap zijn, ook en speciaal niet wanneer het te pronk loopt met de eigen waarheid, waarachtigheid en wetenschappelijkheid.

Er is een fundamenteel onderscheid tussen wetenschap en niet-wetenschap: Wetenschap, en alleen wetenschap in alle opzettelijk maatschappelijk doen en streven, is gebaseerd op een verbond tussen mensen om de waarheid te vinden en schrijven over bepaalde onderwerpen, en waarin waarheids-vinding en eerlijke en adekwate rapportage centraal staan. [271]


Politieke en religieuse voorgangers

Politieke en religieuse voorgangers zijn en waren altijd leugenaars en duisterpraters en -schrijvers - en konden niet veel anders of veel beter zijn dan mogelijk welwillende leugenaars. Het is onmogelijk vele verschillende mensen te leiden zonder ze minstens enigszins te bedriegen, naar de mond te praten, te misleiden, te behagen, of te imponeren, en het doel van een politiek of religieus leider is dan ook niet waarheid maar maatschappelijke cohesie, welvaart en vrede, en persoonlijke carrière, welvaart en status. [271]


Doorsnee geloof en gelovigen

 het betreft generaties die in meerderheid bedrogen wilden worden, wat M. lang niet zo duidelijk was als wenselijk was geweest voor z'n eigen belang.

En dit laatste punt behoeft nog enige versterking: Niet alleen wilde het volk bedrogen worden; niet alleen bedroog het zichzelf met wensgedachten; niet alleen verkoos het zelf in meerderheid de voorgangers die het hielpen bedriegen; niet alleen betrof het in meerderheid, gedurende al die achttien eeuwen, trouwhartig gelovigen die zich gewillig en met hoop en liefde lieten martelen en mishandelen, en dat trouwhartig anderen hielpen doen: Ze konden in meerderheid ook niet veel beter of anders dan ze deden of wilden.

Het kost moeite de gebruikelijke publiek uitgedragen propaganda - van radio, TV, kranten, boeken, onderwijzers, dominees, politici, journalisten, "media-persoonlijkheden" etc. - te doorzien als propaganda en te weerleggen als theorieën of voorstellen tot praktijken, en het kost moed de gebruikelijke publiek uitgedragen propaganda openlijk tegen te spreken, want ieder criticus van om het even welke prominent gevestigde publieke belangen, wanen en propaganda ondervindt snel dat hij vanwege z'n meningen vervolgd wordt, belasterd wordt, gemeden wordt, gediscrimineerd wordt, en tal van problemen ondervindt in z'n eigen dagelijkse leven.

Het is dus niet verwonderlijk dat slechts weinigen hiertoe in staat zijn, en dat van de weinigen die hiertoe in staat zijn de meerderheid verkiest zich te conformeren aan de praktijken en ideeën die hij afkeurt, omdat dit maatschappelijk voordeel en een ongehinderd bestaan biedt. [273]


Argument voor het atheïsme

een sterk argument voor het atheïsme, namelijk dit:

Ieder vertegenwoordiger van ieder der duizenden verondersteld ware en goede religieuze geloven moet toegeven dat ieder vertegenwoordiger van ieder der duizenden verondersteld ware en goede religieuze geloven die het zijne niet zijn zich vergist. Dit maakt het veel waarschijnlijker dan niet - dunkt mij - dat ook hij zich vergist, is het niet inhoudelijk dan in ieder geval formeel: Zo min als enig ander vertegenwoordiger van enig geloof is ie in staat z'n geloof dusdanig te formuleren dat het bestand is tegen logische of empirische kritiek van anderen.

Er is geen enkele grote religie die de fundamentele kritiek van ongelovigen erop heeft kunnen weerleggen, en er is geen enkele wijd verbreid religieus of politiek geloof waarvan niet vele volgelingen zich welbewust misdragen hebben volgens hun eigen normen, gewoonlijk om wat ze hun eigen belang achtten. [274]


De waan van de dag

dat wie kan nadenken niet in staat is de gebruikelijke waan van de dag te geloven, welke dit ook moge zijn. Hieruit volgt weer dat maar weinigen in staat zijn gebleken werkelijk na te kunnen denken, want de waan van de dag bestaat en heeft altijd bestaan en is altijd en overal overeind gehouden en verdedigd, tot op het slagveld en in de martelkamer toe, door de "weldenkende doorsnee". [275]


Menselijk gebrek

"Kranke, Volk, Mensheid (...) ge zoudt niet ziek wezen althans wanneer ge slechts den moed hadt uzelf te zyn." Het ziek-zijn van de Mensheid werd al in de Conceptie van de IDEEN genoemd, en hier preciezer benoemd: Zeer weinig mensen zijn zichzelf, durven zichzelf zijn, willen zichzelf zijn, kunnen zichzelf zijn.

Het is makkelijk dit punt - zogenaamd - niet te begrijpen of te trivialiseren, bijvoorbeeld door tegen te werpen dat "men" moeilijk wat anders kan zijn dan zichzelf, al zou men willen, naar analogie met een steen of een stoel, die ook ondeelbaar veroordeeld zijn tot zijn wat ze zijn tot ze uiteenvallen.

Maar wie niet weet, niet ziet, niet voelt dat doorsnee-men een acteur is, een rollen-speler en rollen-bekleder is, en zich zeer vaak geheel anders voordoet dan men werkelijk voelt, denkt, wil, en tegelijkertijd zelf gelooft dat ie is wat en wie en hoe ie zou willen zijn omdat ie zou willen zijn wie en hoe ie voorgeeft te zijn, heeft niets begrepen van zichzelf of z'n medemensen. Zie 73, 74. [276]


Menselijk onvermogen

"Mensch, wees mensch ! " is een andere vorm van 136, en impliceert 'tzelfde: De meeste mensen - bijna alle mensen - zijn geen echte mensen, geen waarachtige mensen, maar zelf-gemaakte karikaturen van mensen, parodieën van mensen, vervalsingen van mensen, halve of kwart mensen die pretenderen - authentiek pretenderen! eerlijk huichelen! - dat ze zijn wat ze niet zijn.

Het zijn acteurs, rollenspelers, illusionisten, vertoners van uiterlijkheden met een verborgen innerlijk, die zich inspannen iets te schijnen dat ze niet werkelijk zijn, maar waarvan men denkt dat "men" - fatsoenlijke, nette, oppassende, behoorlijke, zedige men - behoort vóór te wenden om maatschappelijk voordeel te halen, sociaal aangepast te lijken, mee te mogen doen en eten en verdienen met de anderen. [276]


Godsgeloof en mensen

Zeer vele Christenen hebben sterk geloofd in een hel, duivels, oneindige vreselijke straffen, branden voor zonden, en verenigden dat met allerlei gewoonlijk niet steekhoudende redeneringen rondom de notie dat hun zieleroosterend rechtvaardig alwetend almachtig God 't in z'n ontzaglijke goedheid nodig had gevonden mensen na hun dood te oordelen, en te belonen of straffen.

Dit toont nogal wat dingen aan over mensen, waaronder de volgende vier punten:

  • dat mensen een ideologische behoefte hebben: Bij gebrek aan voldoende instincten (en overmaat aan intelligentie, vergeleken met andere dieren) hebben mensen zowel meer mogelijkheden zichzelf en hun omgeving te herscheppen naar de eigen wensen, maar hebben ook  een stelsel aannames nodig dat zegt wat de wereld is (metafysika) en hoe mensen zich wel en niet behoren te gedragen (ethica)
  • dat mensen in hun ideologische behoefte gewoonlijk voldoen middels de ideologische drogreden, dat is: voor waar houden wat men wenst dat 't geval is, en voor onwaar houden wat men wenst dat niet 't geval is
  • dat de zeer grote meerderheid van de mensheid onvoldoende rationele vermogens hebben om de illusies, wensdenkerij en vooroordelen waarmee ze groot zijn gebracht te doorzien en vervangen door iets waarachtigers dat rationeel gefundeerd is
  • dat er een fundamenteel probleem is over goed en kwaad: Is iets goed (kwaad) omdat God 't wil (verbiedt), of wil (verbiedt) God 't omdat het goed (kwaad) is? Hier heeft Socrates 't ook over in de Eutyphrio, en we zien M.'s benadering in wat volgt in dit IDEE. Zie 423. [276]
     

Menselijke keus

De enige instantie in 't hele universum die wéét wat u voelt, wat u wenst, hoe u reageert op uw indrukken bent uzelf!

Niets en niemand kan voor u voelen, wensen, reageren of denken - maar u kunt uw oordelen overnemen - nadoen, kopiëren, imiteren, naspelen - van een ander, en doen alsof, en meepraten met de meute, en uzelf tot een acteur (Grieks: "hypocrites" - doener alsof) van geleende, geïmiteerde, poses en geloven maken vanwege de maatschappelijke voordelen die dit biedt.

En dit heeft 't ogenschijnlijk voordeel voor u dat u niet hoeft na te denken, want dat doen u voorgangers voor u, en dat u beloond wordt voor uw oppassend fatsoen, of in ieder geval niet bestraft voor uw afwijken. En dit heeft op niet zo lange termijn 't nadeel dat u al acterend, poserend, imiterend, en wensdenkend uw zelf vervalst tot een karikatuur van uzelf. (Maar zoals ik zei: U wordt daarvoor beloond en ontzien. De keus is aan u. 't Is moeilijk.)

Zie 73, 74, 107[276]


Menselijke kennis

Gezien de grote onvolmaaktheid van 't menselijk kenvermogen wordt menselijke kennis langzaam, gissend, tastend, en in de loop van vele generaties opgebouwd door vele individuen, die allen een beetje kennis hebben, maar geen van allen in staat zijn alles wat allen gezamelijk weten individueel te omvatten, en allemaal ook gedeeltelijk mistasten en in onwetendheid verkeren, hoe intelligent en hoe geleerd ook. [276]


Natuur en wiskunde

Moeder Natuur lijkt zichzelf te schrijven in zuivere wiskunde: de wetenschap van alle willekeurige structuren  [276]


Goed en kwaad

Hier is M.'s oplossing voor 't probleem over goed en kwaad dat ik onder [5] noemde: "Tracht goed te wezen. Denk niet dat dit valt te leeren van 'n ander. Er zyn geen reglementen voor 't goede. Het staat niet beschreven in bladen of boeken... die ge ook niet verstaan zoudt, gy arme die verleert hebt te lezen in uw eigen gemoed!"

Dit is waar en belangrijk, maar onvolledig.

't Is waar omdat in individuele zin goed is wat u goed vindt.
't Is belangrijk omdat alleen u werkelijk kunt beoordelen dat u iets goed vindt.
't Is onvolledig omdat anderen daar een ander oordeel over kunnen hebben, zodat 't voor gecoördineerd maatschappelijk handelen nodig is dat u en anderen het eens worden over goede doelen en goede methoden om die te bereiken - en het maatschappelijk goede abstracter en algemener moet zijn dan de individuele gevoelens waaraan 't onttrokken is en op gefundeerd is. Zie 374, 423, 618, 817, 855.

Ik heb eerder geciteerd uit mijn "Multatuli en de Filosofie", en doe dat hier nogmaals:

Het kwaad in de wereld is onnodig lijden, en wordt veroorzaakt door menselijk onvermogen - tot goed nadenken en eerlijk en konsekwent handelen. Ingewikkeld is het niet: Iedereen weet tot op zeer grote hoogte wat z'n medemensen pijnigt en pleziert, en wat een mens nodig heeft om redelijk te kunnen bestaan. Iedereen weet dat onware ideeën, hoe goed bedoeld ook, wanneer ze als leidraad tot handelingen dienen overwegend tot ellende leiden, zo niet voor de handelaar dan wel voor z'n medemensen. Daarom behoort iedereen, al was het alleen maar uit welbegrepen eigenbelang, zich naar vermogen toe te leggen op waarachtig begrijpen en goed doen - waarbij het laatste in ieder geval wil zeggen: Het bewust vermijden van onnodig lijden, en het helpen van degenen die daaraan blootgesteld zijn.  [276]


Menselijke doorsnee

Helaas willen zeer velen de last van hun "ziel wil werpen op de schouders van officieele ziele-pakdragers", omdat dit veel makkelijker, veiliger en maatschappelijk winstgevender is dan zelfstandig te oordelen, individueel te willen, en persoonlijk te streven.

En helaas zijn zeer velen "te dom, te dor (..) om z'n eigen hart te maken tot hoogeerwaardig en hooggeleerd": Er zijn veel meer volgelingen dan leiders, veel meer gelovers dan denkers, veel meer comformisten dan individualisten.

Was 't anders dan was de mensen-wereld heel anders. De mensen-wereld kan gemiddeld niet beter zijn dan 't gemiddeld menselijk niveau van hoofd en hart. [276]


Goed

In algemene zin is wat iemand wenst goed volgens die persoon, en wat iemand wenst dat niet is slecht volgens die persoon - maar dit is een soort bepaling en overeenkomst die behoort tot - zeg - "de logische grammatika" van de worden "goed" en "wensen", die niets zegt over de inhoud van wat men "goed" noemt. (Waarvoor zie 423.)

Vervolgens. Er zijn niet alleen pretense duivel-aanbidders, die er een eer in stellen zich slecht en verdorven te noemen en gedragen (kennelijk meestal mensen met een aanleg tot sadisme), maar er zijn ook zeer velen die overwegend voorbij gaan aan problemen van goed en kwaad, door dit volstrekt te relativeren - "jouw goed is mijn kwaad of mijn onverschilligheid, en vice versa, en zo voor iedereen, dus wat zou 't" - en voortdurend te vragen: "Wat brengt 't mij op?", "Wat voor financieel gewin zit eraan vast?" etc. In zekere zin is hun "goed" de grootte van hun rijkdom, maar in andere en fundamentelere zin zijn dergelijke mensen waardenloos, omdat ze alleen de marktprijs van dingen in rekening brengen, en de waarde van dingen voorbijgaan. [277]


Kwaad

En 't is in ieder geval waar dat zeer veel menselijk kwaad gedaan is door mensen die van zichzelf weten honderderangs individuen te zijn, en zichzelf daarom verachten - en wraak nemen door wie beter is dan zij te pijnigen. [277]


Deugd

Wie zich kwaad maakt wordt zelden populair, tenzij ie de mensen ermee aan 't lachen brengt en zichzelf voldoende in de hand heeft daar gebruik van te maken.

De uiteindelijke oorzaak heeft kennelijk veel te doen met 't feit dat alle deugd gefundeerd is op zelfbeheersing, en dat wie z'n zelfbeheersing verliest een gevaar is voor anderen.

Deze oorzaak is op zichzelf reëel en respectabel, maar in een maatschappij waar vrijwel iedereen een verleugende rol speelt, en over die rol en 't liegen ook weer liegt, alle maatschappij-kritiek, maar in de eerste plaats kritiek van personen in die maatschappij, vrijwel onmogelijk is, omdat de regel gehanteerd wordt dat wie kwaad wordt ongelijk heeft. [278]


Kwaadheid

Er is, zeker in Nederland, bijzonder veel hypocrisie rond kwaadheid, en een behoorlijk deel daarvan komt erop neer dat duizenden brave burgers, uit eigenbelang, gebrek aan karakter, of gebrek aan moed, hun kritiek op allerlei misstanden die ze wél zien overwegend opzouten en zelden uitspreken, maar bereid zijn cabaretiers en overige gesanctioneerde potsenmakers en volksnarren veel geld betalen om toe te kijken hoe deze zich schijnbaar of echt kwaad maken op een toneel, in een sketch.

Ikzelf heb daar een hekel aan, want ik geef gewoonlijk meer om waarheid dan om doorsnee conformistische aanstellers, en vind ook dat ik mijn eigen kritiek veel beter kan verwoorden en motiveren dan een opgewonden acteur, die zich laat betalen als nar, om zogenaamd te zeggen en voor de grap hardop te zeggen wat z'n publiek ook al niet zelfstandig en waarachtig durft te zeggen. [278]


Menselijke personen

Ikzelf leef in een andere tijd, en pleeg dingen persoonlijk op te nemen, en ken ook niets belangrijkers, groters, interessanters dan menselijke personen - vervalst of niet, huichelend of niet, dom of niet, onwetend of niet - en heb teveel valsistisch gehuichel aangezien en meegemaakt om mee te doen met het pretense sparen van personen en persoonlijke belangen: Daar gaat 't immers uiteindelijk altijd om. [278]


Nederland drugsstaat

Ik ken in Nederland niet veel mensen die ik werkelijk hoogacht, en velen die ik veracht of minacht, en nog meer die me niet interesseren. De lezer kan opnieuw een deel van de reden ontlenen aan ME in Amsterdam

En het mag in dit verband ook genoemd worden dat één van de manieren die Multatuli had om z'n vijanden van zich af te houden was dat hij niet bang was te duelleren, daar ervaring mee had, en zeer snel van reactie was.

Sinds ikzelf meer dan 3 1/2 jaar wonend boven een harddrugshandel in 't centrum van Amsterdam, waarvan de uitbaters mij bedreigden met "Als je iets doet wat wij niet willen dan vermoorden we je", waarvoor ik mij letterlijk honderden keren tot de politie, tot B&W, en tot de gemeenteraad heb gewend, altijd zonder énige vorm van hulp te krijgen, altijd met veel schofferingen, chicanes en beledigingen door ambtenaren en overige  drugsmafiosi-beschermers in B&W, en sinds de gemeentepolitie en B&W mij verzekerd hebben dat ik maar met bommen moet gaan gooien als ik dat wil ("U doet maar wat u niet laten kan. Wij doen niets voor u.": 't drugsfascistoïde beestmens Lammert Takens, brigadier van politie, handlanger van de mafia) en dat B&W niets voor mij zal doen, en de gemeentepolitie ook niet, en de gemeenteraad ook niet, eenvoudig omdat de drugsmafia in Amsterdam de feitelijke macht heeft, en deze uitoefent met hulp van de gemeentepolitie, ben ik ten allen tijde bereid iedereen die mij bedreigd op te blazen.

U ziet, lezer: Er zijn keuzes en keuzes, en er is moed en moed. Ook zijn er mensen en beestmensen, al hoeft u dat zelf, indien u een fatsoendelijk doorsnee-Neerlander bent, met een allernormaalst verstandje, doodordinaire ambities, en geen enkele hoop op enige originele gedachte, in 't geheel niet met me eens te zijn - wat ook véél veiliger voor u is, ook wanneer 't B&W belieft in UW huis u zogenaamd "gelijkwaardige" menselijke monsters te vestigen met gemeentelijke steun, zegen, subsidie en voortdurende actieve steun van de gemeentepolitie.

U hoeft echter in 't geheel niet bang voor mij te zijn - zolang u geen harddrugshandelaar, geen gemeentepoliticus, en geen gemeentelijk politie-agent bent, en mij overigens niet geloofwaardig naar 't leven staat. Bent u dat wel of doet u dat wel, dan moet u uitkijken, want dan beschouw ik u waarschijnlijk - gezien mijn ervaringen met uw soort - als beestmens, als drugsdealersbeschermer, als mafia-burocraat, als Neerlands bestuursmisdadiger of, als u dat liever hoort omdat 't aardiger klinkt, zoals Mandela z'n blanke Apartheids- tegenstanders beschouwde, toen hij hen gewapend bestreed, en behandel ik u desgewenst volgens Mandela-recept. Want de Amsterdamse gemeente-politie en B&W van Amsterdam hebben mij meer dan 3 1/2 jaar welbewust en opzettelijk aan levensgevaar overgelaten ten behoeve van hun vrienden en beschermelingen de - stinkendrijke, levensgevaarlijke - Amsterdamse hardddrugsmafia, en ik heb zelfs niet 't recht in dit gedegenereerde land wapens te kopen of te dragen (omdat ik geen Hell's Angel ben!). Nu, 't Is niet anders: Ik kom uit een familie die liever dood dan slaaf is, wat in Neerland buitengewoon zeldzaam is - om welke reden dan ook:

Er ligt een drugsstaat aan de zee, tussen Oostfriesland en de Schelde!

En ik schijn de enige Nederlander met moed daartegen op te treden, en de enige Nederlander die daar morele bezwaren tegen heeft - men leze ME in Amsterdam. Ik ben daarover dan ook zeer boos, en houd Nederland voor gedegenereerd en gedebiliseerd - en "Dat is weêr UWE schande, Nederlanders, dat is niet MIJNE schande." (84)

Maar ik begrijp wel waarom: 't handelen in drugs verdient véél beter dan 't uitbuiten van Javanen, en de winstrekening is 't alfa en omega van de Neerlandse moraal. Zie ook: 220. [278]


Nederlands peil

"Of meent ge dat men over honderd jaar trotsch wezen zal op de tegenwoordige voorgangers der natie?" De waarheid blijkt dat het in 1960 vrijwel niemand iets kon schelen wat het peil van de "voorgangers der natie" in 1860 was, en dat dit in 2002 in het geheel niet anders is - behalve dat de meerderheid van het Neerlands volk ongetwijfeld chauvinistisch zal vinden dat - "right or wrong, my country!" - 't peil hoe dan ook voor de weldenkende en welvoelende Neerlandse doorsnee voldoend moet zijn geweest, waar ze ongetwijfeld gelijk in hebben.

En we kunnen dit aanzienlijk versterken:

Niet alleen geeft de doorsnee Nederlander anno Dominus 2002 niet om het peil der schoolmeesters, volksvertegenwoordigers, hoogleraren, theologen en overige geleerden van eeuwen her, ook van de huidige schoolmeesters wordt verwacht dat ze "taal, geest, genie, ondergeschikt" maken aan "de belangen van het onderwijs"; ook van de huidige volksvertegenwoordigers wordt verwacht dat ze niet welsprekend zijn; ook van de huidige hoogleraren wordt originaliteit noch zelfs zinnigheid geëist; ook de huidige theologen liegen en bedriegen; en de tegenwoordige "overige geleerden" hebben zich bekwaamd in vakken als "communicatie-wetenschappen".

Er is dus ook in dit opzicht weinig werkelijk veranderd in nogmaals (meer dan) 150 jaar.[279]


Voorgangers en leiders

voorgangers en leiders plegen zich speciaal te kleden in mensenmaatschappijen, om hun voorganger- of leider-schap duidelijk aan te geven. En gewoonlijk maakt dit, als de spreekwoordelijke kleren des keizers, op de onbevooroordeelde, d.i. de niet-belanghebbende, waarnemer een behoorlijk ridicule indruk. Maar het geeft vorm en uitdrukking aan een diep-menselijk verlangen naar onderscheid en onderscheiding dat kennelijk bij vrijwel alle mensen en in alle grote menselijke gemeenschappen sterk leeft: Een verlangen naar bijzondere leiders met bijzondere kenmerken, die een bijzondere behandeling verdienen. [279]


Het sociale leven

het sociale leven, ook dat van hoogleraren, bestaat voor een groot deel uit plichtplegingen, uit aanstellerij, uit theater, uit rollenspel, uit leugen kortom. [279]


Volgelingen

al overziet hij ook hier dat het werkelijke probleem niet schuilt in het niveau van de voorgangers maar in dat van de volgelingen - immers, het zijn de volgelingen die de voorgangers de macht gunnen, en zich door hen (mis)leiden laten, gewoonlijk uit vrije wil, gewoonlijk naar eigen zeggen compos mentis, gewoonlijk, volgens de volgelingen zelf, op basis van voldoende kennis en informatie bij henzelf, dat hen immers overtuigde van hun volgelingen-gelijk. [279]


Leugen en maatschappij

de zeer fundamentele rol die de leugen - doen alsof, meespelen met de meute, huichelen omwille van de lieve sociale vrede, voor het welzijn van de groep de buitenstaander bedriegen, vals zijn uit beleefdheid of wellevendheid etc. - speelt in het gewone maatschappelijke verkeer, en dat het gewone maatschappelijke verkeer inderdaad niet mogelijk is zonder een grote hoeveelheid welbepaalde en welbekende leugens, die overwegend samenhangen met het algemeen onderkende handhaven van het groepsbelang tegen buitenstaanders. [279]


Maatschappelijke samenhang

Overal wordt het maatschappelijke samengehouden door pretenties, beleefdheden, plichtplegingen, spelletjes, doen alsof, en het uiteindelijke probleem schuilt ook niet daarin maar dat de doorsnee niet veel anders kan of wil, en schijn, illusie, fictie, leugens en leeg vertoon voor waar, werkelijk, wenselijk en waarachtig houdt. [280]


Onwetendheid

dat iedereen op vrijwel ieder gebied een leek is [282]


Mijn behandeling in Amsterdam

En ik, die ook een nogal miserabel leven moet leiden omdat Amsterdam corrupt bestuurd wordt ten behoeve van drugsmafiosi krijg te horen "heel beledigend, en sterf maar voort". Het enige wat vooruitgegaan is in de afgelopen 140 jaren zijn de brutale beestachtigheid van de bestuurders, de miljarden winsten op drugs (op opium werd door Nederland wel verdiend in M.'s tijd, maar veel minder dan op koffie), en 't feit dat men in Nederland de afgelopen 20 jaar het handhaven van de wet  principieel afgeschaft heeft ten behoeve van de drugsmaffia.

De lezer die verbaast is moet nog eens naar 220 kijken, en bedenke dat in Nederland al 150 jaar de LEUGEN heerst. (Copyright: Multatuli, Beatrix en Maartensz. De rest durft de WAARHEID niet te spreken, of heeft belang bij liegen. Etiamsi omnes, ego non: Ik ben wat ik zeg en zeg wat ik denk. Zie 74, 136, 276, 423[285]


Publieke debatten

Vrijwel alle publieke en religieuze discussies en uitingen zijn ideologisch, en dienen het belang en de status van groepen en partijen en hun leiders, en beogen de leiders en hun partij of kerk macht te verschaffen, in de hoop dat dit de wensen van de leden van die partij of kerk zal bevredigen. [291]


Bestuur en uitvoerders

de afstand tussen uitvoerders en opdrachtgevers in alles wat met bestuur van doen heeft: Degenen die de feitelijke orders uitvoeren zijn zelden of nooit degenen die ze bedenken en degenen die ze bedenken en opdragen hebben bijna altijd andere belangen en beginselen dan ze publiek uitdragen. [296]


Parlementaire democratie

En overigens heeft in een parlementaire democratie niet het volk de macht (zoals het woord "democratie" suggereert) maar de regering plus het parlement, en deze handhaven zich door de organen van de staat - de ambtenarij en politie, die feitelijk in hun dienst staan en door "de staat" uit de belastingopbrengsten worden betaald. 

De macht die het volk heeft in een parlementaire democratie is periodiek te mogen kiezen bij meerderheid van stemmen, en op basis van veel propaganda, misleiding en leugens, wie van verschillende kandidaten en partijen de macht zal krijgen voor een bepaalde periode. [296]


Nederlandse plichtsverzakers

Waar M. en ik het ongetwijfeld over eens zijn is dat feitelijk de afgelopen eeuwen in ieder geval een héél klein percentage van de Nederlanders de plicht hebben gedaan die ze verbaal uitdroegen dat mensen als zij zouden moeten doen.  Nederlanders levend rond 2002 kunnen aan Srebenica, bouwfraude, drugscorruptie etc. denken. [297]


Menselijk

En ieder mens spreekt in zijn of haar leven verreweg het meest van zichzelf. [298]


Echte Nederlanders

Rechtgeaarde Neerlanders zijn conformisten en gewoonlijk ook te bang om te protesteren tegen onrecht als de meerderheid het niet met hen eens is. [299]


Moraal en maatschappij

Inderdaad: "als 't christendom wordt afgeschaft, zullen de muurlingers beweren dat ze er nooit toe behoord hebben".

Zo gaat dat, al sinds Rome gegrondvest werd: "If in Rome, do as the Romans do" - en a fortiori "If among cannibals, do as the cannibals do".

Het overgrote deel van de publieke politieke en religieuze belijdenissen is geen eerlijke uitdrukking van wat de sprekers werkelijk denken en voelen, maar een poging bij een dominante groep te horen en mee te delen in de voordelen die dat biedt of te ontsnappen aan het gevaar er niet bij te horen.

Dit is niet alleen waar in dictaturen, waar men een zeker begrip kan opbrengen voor dergelijke partij-trouw, maar ook in democratieën.

En hier ligt een zeer fundamenteel probleem, dat M. al opmerkte in zijn conceptie van de Ideen: Dat feitelijk het grootste deel van het maatschappelijk gedrag van mensen bestaat uit leugen, pose, conformisme, pretentie en wensdenkerij.   [301]


Principes en misbruik

Principes worden vaak misbruikt, zoals alles wat mensen kunnen gebruiken door mensen misbruikt kan worden. [303]


Zinnige aannames

zonder aannames zijn er geen conclusies, en iedere zinnige aanname kan getest worden. [303]


Heldendeugd

"Op nederlandsche heldendeugd volgt brand. Nederlandsche overwinning leidt tot verwoesting. Nederlandsche krygsbedryven baren wanhoop."

Hiervoor is natuurlijk een zeker "excuus": Dit geldt ook voor niet-Nederlanders, en plunderen, verkrachten, roven, branden en martelen is een gewoon uitvloeisel van oorlog, binnen en buiten Nederlands territorium, en in de 19e en 20ste eeuw zoals in alle eeuwen.

En dat "Onze Heldhaftige Soldaten" nogal anders handelen dan "Wij" graag publiek zouden uitdragen heeft óók vrijwel altijd gegolden, ongeacht wie "Wij" zijn. "Wij" zijn immers altijd Helden die zich dapper verzetten tegen inferieure, nauwelijks menselijke vijanden - die het althans hierover met ons verbaal eens zijn. [304]
 


Behoorlijk bestuur

"Men kan heel aktief zyn in 't opzettelyk nalaten." - en een groot deel van het meeste bestuur bestaat uit het nalaten van behoorlijk bestuur, omdat dit nalaten zoveel makkelijker is, of zoveel meer opbrengt.  [304]
 


Partijdigheid

Een algemeen punt hierbij is dat strijdende partijen altijd een heldere visie hebben op de onmenselijkheid van de tegenpartij, maar niet op hetzelfde gebrek in eigen rijen. Ook dit is van alle tijden en plaatsen, en niet bijzonder Nederlands. [305a]
 


Morele principes

kennelijk één van die zeldzame mannen was die morele principes enigszins serieus nam, en niet alléén als propaganda beschouwde. Ook is het interessant dat wat hij beschrijft sindsdien bekend is geworden als "guerilla-oorlogsvoering".

Trouwens, wat betreft het serieus nemen van de morele principes die men verbaal belijdt:

Men doet dit kennelijk wanneer men z'n vijanden poogt te behandelen volgens dezelfde beginselen als men z'n vrienden behandelt. Dit is moeilijk en zal nooit volledig mogelijk zijn tussen verklaarde vijanden, maar 't is mogelijk. [305a]


Nederlandse oorlogspraktijken

Nederlandse oorlogspraktijken (plundering, brandstichting, verkrachting, marteling) zijn niet zozeer Nederlands als menselijk, en de oorzaken liggen niet zozeer in het Nederlands bestuur maar in de doorsnee menselijkheid van doorsnee mensen. [305a]


Professionele hulpverleners

omdat ook ik niet in de voorgewende edele motieven van de meeste mensen geloof en wel in hun egoïsme. Daarom lijkt het redelijk aan te nemen dat in de meerderheid van de gevallen meer succes is te bereiken op geldelijke dan op ideële basis.

Wat echter nóg duurder uitkomt dan "onbetaalde dienst" zijn goede werken van zogenaamd professionele hulpverleners, verenigd in stichtingen en NGO's (een acroniem dat "non-gouvernementele organisaties" zou betekenen) die zich uit subsidie-troggen, lotto's en staatsruiven laten betalen voor het zogenaamd doen van zogeheten Goede Werken. Alles wat ik hiervan heb gezien en meegemaakt of gelezen heb handelde vrijwel alleen om diefstal en bedrog.

Trouwens, de reden dat NGO's zo bijzonder populair zijn onder parlementsleden is dat ze de mogelijkheid bieden familie, vriendjes of zichzelf bijzonder rijk betaalde baantjes zogenaamd in dienst van Het Goede te verschaffen, terwijl het hele gebeuren en besturen van de voorgegeven Goede Werken zo oncontroleerbaar en ondoorzichtig mogelijk wordt gemaakt. [307]


Amsterdamse bestuurders

"ik 't met dit blaadje volkomen ééns, dat de goeie burgery eigenlyk recht hebben zou tot zoo'n exekutie."

D.w.z.: Het uit het raam gooien van incompetente, corrupte, liegende, zichzelf verrijkende gemeentelijke bestuurders. In het huidige Amsterdam - Europese hoofdstad in drugsgerelateerde moorden door het gemeentelijk drugswanbeleid sinds decaden, dat sinds al die decaden actief ondersteund is door actieve zwijgzaamheid van alle gemeenteraadsleden - zou dit geen slecht idee zijn. Met wie vindt dat politieke moorden in beginsel niets oplossen ben ik het eens ... maar vanwaar die zwijgzaamheid over al die mafia-moorden die in Amsterdam gepleegd worden en al die zwijgzaamheid over de miljarden die in Amsterdam verdiend worden in de illegale drugshandel met bescherming van B&W? Zie verder M.E. in Amsterdam, want ik treed weer eens ver buiten de kaders van M.'s Ideen.

Het bestuur van Amsterdam was de afgelopen 30 jaar één grote misdadige puinhoop: Honderden zo niet duizenden door en door corrupte ambtenaren zogenaamd bestuurd door de intellectueel en moreel zwakste baantjesjagers, statusgeilers, uitvreters, oplichters, nietskunners, brallekoppen en overige voorbeelden van menselijk onvermogen, dat het altijd - en overal: Amsterdam wordt slecht bestuurd - maar goed bestuur blijkt in de hele menselijke geschiedenis een zeldzaamheid - zover in politiek en religie weet te schoppen, juist door algehele gewetenloze carrière-zucht. Zie [2]: Er wordt nu sinds jaren in Amsterdam jaarlijks vele illegale miljarden in drugs omgezet mèt steun en hulp van honderden zo niet duizenden Amsterdamse ambtenaren, alles onder het zwijgend toeziend oog - goedkeurend, mag men dus concluderen - van zowel B&W als gemeenteraad. Er ligt een drugsstad aan het IJ! [308]


Menselijkheid in Amsterdam

En wat betreft: "Amsterdammers, ziet ge dat niet?" moet het antwoord zijn: Nee, in meerderheid ziet men dat niet; in meerderheid kan dat niemand wat schelen; en in meerderheid begrijpt "men" alleen eigenbelang.

Hier is een relevant citaat uit een zeer instructief boek, gepubliceerd in 1991 en n.a.v. vele gruwelijke ervaringen gedurende Mao's Culturele Revolutie:

"It was from this time that I developed my way of judiging the Chinese by dividing them into two kinds: one humane, and one not."

(p. 454, Jung Chang, "Wild Swans"). Voor mij geldt iets soortgelijks, over Nederlanders, op basis van mijn ervaringen in Amsterdam, beschreven in "ME in Amsterdam". Sinds ik 3 1/2 jaar geterroriseerd ben geweest door inpandig bij mij met B&W-vergunning gevestigde, "gedoogde" en geprotegeerde harddrugshandelaren waar iedere door mij aangesproken gemeente-ambtenaar en -bestuurder beweerde geen persoonlijke verantwoordelijkheid en geen persoonlijke aansprakelijkheid te dragen geloof ik zowel in het bestaan van beestmensen als heb ik een helder inzicht in de menselijke achtergronden achter Auschwitz e.d.: het karakterloze conformisme van de grote meute dat teruggaat op hersenloosheid en de karakterloze schijnheiligheid van de grote meerderheid van politieke leiders, die zichzelf vrijwel altijd recruteren uit díe groep van schoften en leugenaars die het aan persoonlijke moed ontbreekt misdadiger te worden en aan hersens zelf wat voor te stellen in wetenschap of kunst.

Wie dit afkeurt geve waarachtig inzicht in z'n eigen menselijkheid! Zie 74, 136 en 276. Ook Milgram en Kohlberg verdienen aandachtige studie in dit verband. [308]
 


Fortuyn en democratie

Die man kon... die man zou... die man was... kortom, 't Handelsblad voorspelde dat de poortlui in den Haag verbaasd wezen zouden over dàt produkt van Amsterdamsche kiezery.

En zo gaat het altijd. Ik schrijf dit in 2002, na de opkomst en ondergang van Fortuyn - een relnichterige Rotterdamse rattenvanger van Holland, met meer dan 1 1/2 miljoen volgelingen, allen niet in staat om te begrijpen dat zo'n figuur wellicht zeer getalenteerd was als quizmaster op de TV, maar geheel niet in staat om behoorlijk politiek te bedrijven of daar zinnig over na te denken.

En opnieuw: De problemen van democratische verkiezingen en de problemen van behoorlijk bestuur gaan uiteindelijk terug op de zeer gebrekkige intellectuele en morele vermogens van de menselijke doorsnee. (Zie o.a. 118, 119) [309]
 


Nederlandse akademische filosofen

Wie in Nederland aan een universiteit werkt "als filosoof" kan van alles zijn, zelfs intelligent en behoorlijk - maar is geen filosoof in enige rationele zin van dat woord, maar (feitelijk, en in het geldend recht) "wetenschappelijk ambtenaar". Dit is een deel van de reden waarom er in Nederland in de afgelopen decaden letterlijk miljoenen uitgegeven zijn aan "academische filosofie" zonder enig ander resultaat dan het in leven houden van laffe napraters met ambtelijke aanstellingen. (Zie verder bijvoorbeeld mijn Spiegeloog-columns.)  [310]
 


Rijkdom

In algemene zin geldt dat "hy maakte dat fortuin dóór haar slecht gedrag": Slecht heel weinig fortuinen zijn gemaakt door eerlijk en integer hard werken - vrijwel alle fortuinen zijn verworven door bedrog of geweld. [311]
 


Nederlandse parlementarij

Ook mij is het "een raadsel, dat in onze Tweede-Kamer niemand is opgestaan om te protesteeren " tegen van alles - totdat ik bedenk dat Kamerleden in de Kamer zitten om hun eigen belang en, bij gelegenheid, hun partijbelang te verdedigen. 't Zijn alleen in naam "Volksvertegenwoordigers", en in feite vrijwel altijd partijgangers. Voor een uiteenzetting uit 2002 over Neerlandse politici zie Aantekeningen bij "De illusie van democratie".

Die onbeschaamdheid is eenvoudig te begrijpen: Kamerleden spreken niet met het doel waarheid te spreken maar met het doel een bepaalde indruk te maken, die zelden overeenkomt met de waarheid en nooit eerlijk gemeend is. (Zoals met het meeste dat "menselijk-al-te-menselijk is" zijn er uitzonderingen, én zijn die uitzonderingen zeldzaam.) [312]
 


Publiek

Dit - "uw publiek schynt niet recht verstaan te hebben wat gy gezegd hebt. " - is de gewone gang van zaken waar van politiek of religie gesproken wordt. Een belangrijke reden is het gebrek aan algemene ontwikkeling van dat publiek - veel leugens en poses van politici en priesters zouden doorzien kunnen worden door het bedrogen publiek als dit wat meer moeite had gedaan zichzelf te informeren over de zaken waarover hun bedriegers spreken.  [313]


Multatuli's lezers

M.'s Ideen werden en worden door weinigen gelezen, en dat zijn vrijwel altijd mensen met een helder verstand (dus: zeldzaam), enige algemene ontwikkeling (dus: zeldzaam) en enige wil tot het algemeen goede (dus: ... juist ja), althans voorzover het geen Neerlandici zijn. (Want gevreesd moet worden dat de meeste lezers van Multatuli's Ideen tegenwoordig Neerlandici zijn, die zich om den brode tegen zijn teksten aanbemoeien. Overigens: Zie M.'s nawoord bij Ideen 3 voor wat cijfers.)  [313]


Multatuli en Fortuyn

"Zeker, 't is grondwettig. Dat beduidt: ellendig, slymerig, onpraktisch, hollandsch en haagsch."

Ik schrijf deze aantekening na opkomst en ondergang van Fortuyn, in mijn ogen zowel evident hoogbegaafd als quizmaster en "mediapersoonlijkheid" als een uitstekende illustratie van de opkomst van Hitler en Mussolini als ook iemand die volkomen ongeschikt was als minister-president, politicus of politiek denker.

Nu dan: Generaties voor Fortuyn was er iemand die werkelijk moed en verstand en taalvermogen had. Zelfs hij wist niets fundamenteels te veranderen in die Haagse hollandse schijnheilige en dus ellendige slijmerige en onpraktische mores.
 


Politici en bestuurders

Wel, zo zijn de manieren van politici nu eenmaal. Ze maken carrière met leugen en bedrog, wat zo héél vreselijk niet zou zijn als het zelf enigszins integere en intelligente personen zouden zijn, die weten dat er in de politiek zelden iets bereikt kan worden zonder leugen en bedrog, en een maatschappij totaal verloedert als er geen capabele bestuurlijke élite is. [316]
 


Tweede Kamer

"Die Tweede-Kamer, die pronkkamer van Nederlandsche middelmatigheden "

Wie hier anders over denkt is ofwel nóg dommer dan een Tweede Kamerlid ófwel is er zelf één van. Lees de Handelingen der Tweede Kamer der Staten Generaal eens, Nederlanders die gelooft of beweert dat uw volksvertegenwoordigers iets voorstellen op intellectueel, moreel, politiek terrein, of zelfs maar op het veel eenvoudiger terrein van helder Nederlands spreken! [316]
 


Geloof

Wie van een geloof af wil vallen geve acht op de woorden en daden van de aanhangers van dit geloof. Dit geeft vrijwel altijd meer dan voldoende reden om te concluderen dat deze gelovers niet werkelijk geloven in wat ze zeggen te geloven, maar doen alsof, vanwege de voordelen die dit biedt of de nadelen die het vermijdt. [317]
 


Politiek en religie

als in de politiek en religie vrijwel alles pose is die een verborgen agenda verhult dan geldt dit niet alleen voor wie zich voor "liberaal" uitgeeft. Ook blijft het waar dat er wel degelijk politiek gemaakt kan worden op een stevig fundament van leugens en wederszijds bedrog - en dat de leugenaars en bedriegers van de ene partij althans enigszins in toom gehouden worden door de leugenaars en bedriegers van andere partijen. (Er zijn "checks and balances" ook door elkaar bestrijdende leugens en leugenaars.) [317]
 


Bestuurders

Met ons tegenwoordig Staats-organisme kunnen we geen bekwame personen aan 't hoofd krygen!

Dit lijkt me waar, toen en nu. (Noot van 2003: Bekijk en beluister de momentane primus inter pares, Harry Potter alias JeejPeej de Gristenpadvinder, en probeer dat enigermate objectief en onbevooroordeeld te doen. Vraag: Moet dit een waardig, bekwaam, behoorlijk leider van 16 miljoen mensen voorstellen?!) 

Maar ja ... hetzelfde geldt voor andere staatsvormen, en de algemene oplossing kan kennelijk alleen voortkomen uit een bevolking die bekwamer is dan tot nu in de geschiedenis klaarblijkelijk het geval was. De enige andere mogelijkheid die ik zie is het stellen van veel hoger eisen aan wie zich opwerpt als kamerlid of minister, en een veel betere controle, inclusief zware sancties, op het doen en laten van volksvertegenwoordigers en ministers. (Maar aangezien die controles en sancties zouden moeten worden ingevoerd worden door degene die ze zouden treffen zal het - quis custodiet ipse custodes - vrijwel zeker niet gebeuren.) [318]
 


Nederlands bestuur

het lijkt niet onredelijk aan te nemen dat er feitelijk behoorlijk gestolen werd onder Nederlands bestuur. Dit is in Nederland echter bijzonder moeilijk vast te stellen, zoals ook in 2002 weer blijkt middels een parlementaire enquête naar fraude in de bouw omdat alle betrokkenen elkaar dekken en beschermen; er nauwelijks behoorlijke sanctie- of onderzoeksinstrumenten zijn; en - vooral! - omdat de Neerlandse doorsnee eenvoudig niet wenst te horen dan hun bestuurders en ambtenaren wel eens geen volledig perfecte en voorbeeldige bestuurders en ambtenaren zouden kunnen zijn.

Wie in Nederland kritiek heeft op een beroepsbestuurder is - minstens - onbehoorlijk, onwellevend, onaangepast en onredelijk, volgens beroepsbestuurders, en krijgt daarom ofwel in 't geheel geen antwoord ofwel quasi-beleefde leugens. En volgens de grote meerderheid van niet-direct geschaadde Nederlanders geldt 'tzelfde: Wie Onze bestuurders kritiseert deugt niet en geldt als nestbevuiler. [322]


Bestuur en administratie

Niet alleen "Indie wordt geregeerd door papier." maar iedere staat en iedere grote organisatie. Dit is ook niet te voorkomen waar veel mensen geacht worden samen te werken en tal van afspraken te maken en houden. Het gebruikelijke probleem is dat ook deze administraties zelden goed en eerlijk gevoerd worden - en dat er de bestuurders teveel gelegenheid krijgen te bedriegen en falsificeren voor eigen voordeel. [322]


Politiek-correct taalgebruik

Feitelijk is dit geheel overeenkomstig hoe de grote meerderheid in "ons goddienend Nederland " leeft en denkt, toen en nu. Het gaat niet om de werkelijkheid, maar alleen om de frases waarmee en de poses waarin deze beschreven wordt.

Doorsnee mensen zijn altijd veel gewilliger de wereld te verbeteren door Politiek Correct taalgebruik dan door feitelijk handelen - wat dan ook veel makkelijker is. De meeste misstanden worden aangepakt door de woorden die ze beschrijven als misstand te herzien, en niet door de misstanden zélf aan te pakken, die immers altijd samenhangen met grote belangen van enkele machtigen. [322]


Multatuli en Nederlanders

De voornaamste reden ligt niet in M.'s gelijk of ongelijk, maar in het grote en evidente verschil tussen hem en z'n mede-Nederlanders: Hij week véél te veel af van de doorsnee - in karakter, vermogens, standpunten, levenswandel, taalgebruik - om meer dan een miniem kleine kans op enige tegemoetkomendheid te hebben. De doorsnee houdt niet van afwijkendheid, en tolereert daar maar weinig van, en dan bij voorkeur alleen evident vertoon zonder inhoud. (Een Nederlander màg wel gek doen - zolang maar duidelijk blijft dat hij niet écht meent wat ie zegt. Daarom zijn de enige kritikasters naar wie in Nederland geluisterd wordt vrijwel altijd en alleen ... cabaretiers: Iedereen wéét immers dat dit publiekbehagers om den brode zijn, die nauwelijks menen wat ze zeggen.) [322]


Smart en sarkasme

De hevigste uitdrukking van smart is sarkasme.

Nee hoor: stilzwijgen of zelfmoord. Wie bij hevige smart toch nog sarcastisch kan zijn heeft nog enige humor en kracht over. [324]


Moraal en zede

naar doorsnee begrip is zedeloos wie àndere zeden heeft dan de doorsnee. [325]


Staatsterrorisme

Er is geen individu die niet zou worden gehouden voor misdadig, indien hy zich veroorloofde wat de Staat zich veroorlooft.

Juist: De miljoen-voudig verreweg grootste terroristen waren en zijn bureaucraten van staatsorganen, nu en in de laatste 25 eeuwen geschiedenis. [326]


Morele excuses

Wie zegt "Als ik het niet zou doen, zou een ander het wel doen", wat het gebruikelijk excuus van lieden als wapenhandelaars is, zegt logisch gesproken hetzelfde als "Als een ander het niet zou doen, zou ik het doen."

De miljoen-voudig verreweg grootste terroristen waren en zijn bureaucraten van staatsorganen, nu en in de laatste 25 eeuwen geschiedenis. [326]


Moraal en politiek

"Aan zedelykheid in de politiek geloof ik niet."

Ik ook nauwelijks, maar dan zijn nogal wat Ideen van M. gebaseerd op een valse aanname. Daarbij: Mijn "nauwelijks" is wat minder vergaand dan M.'s uitspraak en mijn reden is - zoals dat heet - klassiek liberaal: Wanneer diverse groepen elkaar bestrijden en de vrede overwegend weten te bewaren, dan zal het resultaat een compromis zijn tussen de betrokken belangen, die de belangen van de meerderheid beter dient dan een oorlog of overwinning van één standpunt. En dit gebeurt dan niet uit edelmoedigheid of zedelijkheid, maar uit welbegrepen eigenbelang van de grote meerderheid der betrokkenen. [327]


Moraal en individu

De zedelykheid van privaatpersonen is meerendeels lafhartigheid.

Ja. Anders gezegd: Angst af te wijken van de meerderheid, gewoonlijk met aanzienlijk recht. [328]


Nederlandse moraal

In het huidige Neerland heet de hoogste deugd van alles en iedereen in het bestuur "loyaliteit" - de vermeende deugd die in het Duits omschreven wordt met "Befehl ist Befehl" of "Unsere Ehre heisst Treue", wat dan ook de wapenspreuk van de zeer loyale SS was.

De praktische inhoud is in alle gevallen exact het zelfde: Doe wat de leider zegt, handel als de meerderheid handelt, en je zult beschouwd worden als Goed en beloond worden of althans met rust worden gelaten. Omgekeerd: Doe niet wat de leider zegt of handel niet zoals de meerderheid handelt, en je zult beschouwd, behandeld en omschreven worden als een Slecht mens.

Zie hier het alfa en omega van praktische moraal-leer en -praktijk. Voor meer inclusief uitleg zie 423. [329]


Modern bestuur

Het antwoord op deze vragen is enigszins ingewikkeld, vooral omdat in een staat of groot bestuursorgaan de feitelijke verantwoordelijkheid niet alleen systematisch ontdoken, ontlopen en verduisterd wordt door vrijwel alle betrokkenen, maar ook omdat de feitelijke verantwoordelijkheid gedragen en gedeeld wordt door velen en de beslissingen over veel schijven en schakels lopen, die bovendien gewoonlijk allemaal maar een deel van de relevante feitenkennis hebben, al dan niet met opzet. [329]


Wat geschiedenis leert

Als de geschiedenis iets leert dan is het dat macht corrumpeert, en dat vrijwel geen mens beter is geworden door alleenheersers, en zeer velen veel slechter. [330]


Mensheid en moraal

al geloof ikzelf ook niet dat men z'n geweten uit kan besteden aan een ander persoon, laat staan aan een groep, college of commissie. De reden is heel eenvoudig: Wie honderdduizenden of miljoenen helpt besturen heeft veel te weinig seconden in z'n leven ter beschikking om al die honderdduizenden of miljoenen ook maar enigermate persoonlijk recht te doen - hij heeft niet eens voldoende tijd ze ieder de hand te schudden.

Ergo: Al is het menselijk geweten één, ondeelbaar en strikt persoonlijk, toch is het onvermijdelijk dat vrijwel alle maatschappelijk doen en laten gebeurt in samenspraak met anderen en onder gedeelde verantwoordelijkheid. Zie 423[330]


Parlementarij en tirannie

Parlementarij is gewoonlijk verre van fraai en in het geheel geen garantie van goed bestuur - als het ergens een garantie van is in termen van bestuur dan van geestloze middelmatigheid - maar tirannen zijn een garantie voor massale onderdrukking en moordpartijen. [332]


Menselijke grootheid

De kans om een groot man in een verzameling mensen te treffen is omgekeerd evenredig met de grootte van de verzameling. Ook dit kan niet geheel waar zijn, maar alle menselijke grootheid is individueel en voegt zich erg moeilijk in groepen en tussen doorsnee. [333]


Verantwoordelijkheid

't Verdeelen van verantwoordelykheid is 'n vrucht van lafhartigheid en wantrouwen. Wantrouwen van wie 't opdringt, lafhartigheid in wie 't aanneemt.

Daar is veel voor te zeggen - maar met aantekening dat waar samengewerkt wordt verantwoordelijkheid gedeeld wordt. Wáár is dat het heel authentiek en gewoon Neerlands is géén persoonlijke verantwoordelijkheid voor de eigen daden of nalatigheid te willen aanvaarden. Dat is dan ook onmogelijk in een ras van "gelijkwaardige" individuen, want als alles en iedereen "gelijk" of "gelijkwaardig" is dan is er geen enkele persoonlijke verdienste en geen mogelijkheid beter of slechter dan een ander te zijn. (Zie 155.) [334]


Autoriteiten

"Zoodra er nood is, ligt het in de natuur der harten terugtekeeren tot autokratie."

Dit is waar. Sterker nog: Ook als er geen nood is ligt het "in de natuur der harten " van de meeste mensen leiders te volgen, autoriteiten te geloven, persoonlijke verantwoordelijkheid te ontduiken, en mee te doen en roepen met de meute in de hoop zelf overwegend met rust gelaten te worden om de eigen gang te kunnen gaan.

De meerderheid volgt leiders uit vrije keus, en weet gewoonlijk nauwelijks in staat te zijn zichzelf te beheersen of besturen. [335]


Doorsnee en individu

Voorzover mensen weten zijn de meest ingewikkelde individuen die er zijn individuele mensen, die daarmee veel kansen hebben tot het verrichten van veel goed en veel kwaad - waar de meesten van weerhouden worden door gebrek aan enig talent, wat hun schuld of keus ook niet was. Ook is het waar dat verreweg het meeste kwaad gedaan wordt in opdracht, door gebrek aan individuele kracht of begripsvermogen bij de - gewoonlijk gewillige - uitvoerders. Doorsnee mensen plegen te overleven door te doen wat ze gezegd wordt. [336]


Menselijk geboorte-recht

je wordt geboren met kansen en met zekere individuele vermogens, en een vrije wil de vermogens die je hebt zus of zo te gebruiken. [336]


Genie en doorsnee

't Is een treurig feit dat er onder mensen per genie minstens tienduizend idioten geboren worden - en noch die ene noch die tienduizend zijn verantwoordelijk voor hun (on)vermogens, want geen mens verkoos geboren te worden, en geen mens verkoos geboren te worden met het palet van kwaliteiten en gebreken dat ie heeft. [337]


Wetten en rechtspraak

Zowel wetgevers als auteurs behoren zich toe te leggen op duidelijkheid van uitdrukking, maar kunnen niet verantwoordelijk gehouden worden voor de wanbegrippen, onwetendheid, domheid of oneerlijkheid van wie hen zegt niet te begrijpen. En ook niet voor de idem gebreken van wie beweren de auteur wèl te begrijpen.

Daarbij: Veel zaken zijn zó ingewikkeld dat ze heel moeilijk te vatten zijn in enkele korte zinnen (of een lang verhaal). En er behóórt er enige sprake te zijn van meningsverschillen over de uitleg van wetsartikelen juist omdat deze te algemeen moeten zijn om geheel en ondubbelzinnig van toepassing te zijn op vele particuliere gevallen en omdat verschillende individuen verschillende belangen hebben. (Hier ligt een reden voor het bestaan van rechters en advocaten.) [339]


Wet van de hulpverleners

De meeste hulpverleners verlenen hulp - aan zichzelf. [340]
 


Menselijke verbeterbaarheid

De moeilijkheid is deze: Goed - we schaffen de schoolmeesters, militairen, advokaten, dominees en zedemeesters àf ... maar als dit in grote meerderheid mensen zijn met te weinig verstand of karakter om hun roeping mens te zijn te volgen wie o wie is daartoe dan wèl in staat?

Zolang de meerderheid van de mensen geboren wordt met het soort gaven van verstand en hart waarmee de meerderheid de laatste 2500 jaar is geboren is er weinig realistische hoop of kans op een ideale maatschappij - en zal iedere maatschappelijke verbetering bevochten moeten worden op de onwil en traagheid van de grote meerderheid, door een kleine minderheid. [341]


Doorsnee

dat de doorsnee leeft en denkt in kleinigheden, die heel vaak samenhangen met de mode van het moment, maar door de doorsnee voor wezenlijk en belangrijk gehouden worden.

Wie in Neerland als volwassen man serieus genomen wil worden door het Neerlands publiek zal een stropdas moeten dragen, tenzij hij een heuse Prins is; wie als volwassen vrouw niet gekleed is volgens de mode van de maand hoort - minstens! - niet helemáál bij Ons Soort Mensen - volgens het doorsnee gepeupel dat dit soort dingen bepaalt, en niet in staat is dieper te zien dan oppervlakkig conformisme, en daar bovendien eer in stelt en het eigen eerbegrip aan ontleent. (Gewóón doen is het morele alfa en omega van doorsnee mensen: Wie zich niet conformeert, of er niet uitziet als Wij, deugt "dus" niet - en wil niet deugen.) [343]


Natuur

Iets wezenlijker in dit verband is dat de hele natuur samengehouden wordt door het elkaar opeten en dat de meerderheid van vrijwel alle nakomelingen van vrijwel alle dieren ten prooi vallen aan andere dieren voordat ze opgegroeid zijn. Als de Schepper dit alles gewild heeft, dan is Hij veel hardvochtiger dan een almachtig, alwetend en goed schepper zou hebben kunnen zijn. (De schepper van een Natuur die bestáát bij gratie van eten en gegeten worden had kennelijk een roofdierennatuur.) [345]


Kinderen

heb gewoonlijk meer plezier in de conversatie van kinderen dan volwassenen - en leer er ook meer van [346]


Theologie

Deze vraag is sinds de klassieke Oudheid vele keren gesteld. Een theologisch goed antwoord op een dergelijke vraag van een Joodse rabbijn (van de zogeheten Shas-partij) n.a.v. de moord op 6 miljoen Joden is dat ... God in zo'n grote voorzienigheid beschikt had dat al die 6 miljoen zondig genoeg waren geweest om zo gruwelijk vermoord te worden. Dit is een goed voorbeeld tot welke waanzin consistente theologie voert - doordat veel waarachtige geloofsfanaten noch in staat noch gewillig zijn logische weerleggingen van hun geloof te aanvaarden. [347]


Vrije wil

Wie in verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid gelooft veronderstelt een vrije wil. Hier zijn nog steeds heel wat raadsels op te lossen, maar de zeer grote meerderheid van de mensen meent te weten dat ze een vrije wil hebben, was het alleen vanwege de moeite van het leren niet in de eigen broek te plassen en poepen. [348]


Waarheid, religie en politiek

als er iets gevaarlijk is gebleken de afgelopen 25 eeuwen dan zijn het "alleenheerschende" en "alleenzaligmakende" kerken en politieke partijen.

Niemand - geen mens en geen groep - heeft patent op de waarheid, en als er iets duidelijk is over waarheid dan wel dat deze door mensen alleen met veel moeite, dwaling, gissing en discussie gedurende vele generaties gevonden kan worden. [348]


Meerderheid en minderheid

Zolang de doorsnee niet intelligenter geboren wordt dan het geval is zal de doorsnee z'n leven inrichten aan de hand van overwegend onzinnige denkbeelden, die vooral gebaseerd zijn op eigen onwetendheid, vermeend en echt eigenbelang, en wensdenkerij. Voor wie enige behoorlijke kennis van de geschiedenis heeft is dit een waarheid met dezelfde waarschijnlijkheid als "bijna niemand wordt ouder dan 100".

En vrijwel alle waarheid en alle beschaving is door een kleine minderheid bevochten tegen een grote in eigen ogen weldenkende meerderheid. Hier ligt dan ook één van de principiële misvattingen over democratie: Als deze wenselijk is, dan omdat hierdoor minderheden getolereerd worden, en niet omdat de meerderheid gelijk zou hebben. (Zie 7, 855[348]


God

waarom het de godheid behaagt zich op zoveel honderden elkaar tegensprekende manieren te openbaren aan de gelovigen van de verschillende geloven.

Daarbij: Er zijn feitelijk maar weinig mensen aan wie een god zich geopenbaard zou hebben, en voorzover de evidentie reikt waren die mensen minstens een beetje gek. Dit alles is geen strikt bewijs dat er geen god is, maar is meer dan voldoende grond om zeer aannemelijk te maken dat als ie er is dat ie dan volstrekt onbegrijpelijk is voor mensen. [349]
 


Godsgeloof 2

Het is niet logisch onmogelijk aan een god te geloven die niet in afwijkingen van de regelen der natuur doet, en 't lijkt alsof een flink aantal intelligente 18e eeuwers als Voltaire dat deden.

Ikzelf zie daar géén reden toe: een goddelijk maker is een overbodige hypothese die de vraag opwerpt naar zíjn maker en niets werkelijk verklaart. Ook dit is geen weerlegging, maar wel een reden een dergelijke aanname niet te maken, zoals men ook in de verklaring van natuurlijke deel-gebeurtenissen een "deus ex machina" vermijdt.

En nog iets in dit verband van het al dan niet aannemen van een god als verklaring voor het eigen bestaan of het bestaan van de natuur: Aangezien de aangenomen god minstens zo ingewikkeld moet zijn als wat er uit zijn aangenomen bestaan zou volgen, is de aanname van een god een aanname die minstens dubbel zoveel aanneemt dan het gegeven geval schijnt, nl. een natuurlijke werkelijkheid war men zelf onderdeel van is. [351]


Onbeantwoordbare vragen

Wat wèl waar is is dat de vraag "Wat was er vóórdat alles bestond?" een ongerijmde vraag is of althans alleen zinnig met "Niets, niets en nogmaals geheel niets - natuurlijk. Waarom moet je dat vragen?" beantwoord kan worden. [352]


Gewoon en godsdienstig geloof

"Geloof is de meening dat er geen spoken bestaan, maar dat 'n persoon van vleesch, been en verder toebehooren, 'n gesloten kamer kan binnendringen zonder opening natelaten."

Dit is overwegend waar en ligt vooral aan de verwarring van 'geloof' en 'godsdienst'.

Immers, wat men in gewone zin zegt te geloven - "Peking ligt in China", "water bevriest bij 0 graden Celsius", "2 is meer dan 1", "Ook morgen zal ik willen eten" - zijn zaken waar men minstens goede redenen voor heeft, terwijl godsdienstig geloof juist bestaat in beweringen - "God is gelijk drie én gelijk één", "Jezus' moeder was maagd", "de paus is mens én onfeilbaar" - die iedereen die niet van dit godsdienstig geloof afwijst als ongeloofwaardig.

Voor normaal geloof geldt dat er minstens een behoorlijke waarschijnlijkheid voor moet zijn om als geloofwaardig te gelden; voor religieus geloof geldt dat aan mensen van ander geloof de geloofswaarheden van het geloof als zeer onwaarschijnlijk verschijnen. [353]


Religie

Religieus geloof is gewoonlijk bijgeloof.

De reden is dat niet-religieus geloof (en niet-politiek geloof!) gewoonlijk min of meer overeenkomt met bekende waarschijnlijkheden of gezond verstand. Zie 353. [354]


Doelmatig verklaren

Mensen verklaren dingen vrij vanzelfsprekend naar analogie met zichzelf, als wensende en denkende dingen, óók als dat niet terecht is, en het ligt dan nogal voor de hand om dan ook te geloven in een Vader of Moeder van alles wat is. [355]


Menselijk denken

Het meeste denken dat mensen doen is wensdenken. [355]


Deugden

Neem zulke elementaire deugdjes als vriendelijkheid, eerlijkheid, kuisheid e.d.: Gebruikelijke deugden vergen niet alleen een denkbeeld maar ook een daarmee overeenkomend gedrag (inclusief onthouding).  [357]


Atheïsme

Ik behoor tot de gelukkige kleine minderheid die atheïstisch is opgevoed en nooit een geloof in een god van zich af hoefde te redeneren. [361]
 


Geloof en gevoel

Je kunt geloven in iets dat je voelt (liefde bijvoorbeeld, om niet alles aan God op te hangen) en tòch vals oordelen (en hoeveel liefde is geprojecteerde eigenliefde? hoeveel godsdienst bezwering van eigen angsten en onzekerheden?). [361]
 


 Valse poëzie

Is er dan geen valse poëzie? Ja natuurlijk - "vals" in de zin van "gemaakt", "misleidend", "liegend", "geposeerd", "onecht", en M.'s voorkeur voor ware poëzie (waar hij wellicht beter van "waarachtige" of "echte" had kunnen spreken) heeft veel van doen met de grote overmaat van dergelijke valse Neerlandse poëzie waar hij aan blootgesteld was geweest. [361]
 


Steden en geschiedenis

het is een zeer interessante en moeilijk te beantwoorden vraag wat hetzelfde blijft en verandert in een stad in zoveel tijd. [363]
 


Menselijke progressie

Het enige dat me ontegenzeggelijk lijkt toe te nemen in de menselijke geschiedenis zijn kennis van natuur (wat is) en wiskunde (mogelijke structuren). En ik geloof dat het geloof aan een algemene tendens in de menselijke geschiedenis van vroeger en dommer naar later en wijzer onverstandig is, althans totdat er een succesvolle menselijke eugenetica is. [364]


Kinderen 2

 Kinderen menen dingen nog écht, terwijl de meeste volwassenen zichzelf zó vaak verloochend en verleugend hebben dat ze niet meer in staat zijn tot waarachtig voelen en denken, en alleen nog maar verleugende en vervalste versies van zichzelf hebben om maatschappelijk uit te venten en zichzelf mee overeind te trachten houden. Zie 74. [365]


Conformisme

"Want ze waren niet alleen byzonder fatsoenlyk, maar knap ook. Knapheid en fatsoen gaan meestal samen."

De reden is welbegrepen eigenbelang plus waarachtige mensenkennis. Conformisme, vooral vals conformisme, biedt de meeste maatschappelijke voordelen en is 't veiligst. [365]


Morele beginselen en hun gebruik

Hier wordt het Neerlands gebruik van eerste morele beginselen verduidelijkt. Een wezenlijk deel daarvan is morele perfectie van anderen te eisen en zichzelf het recht toe kennen anderen te straffen vanwege hun tekortkomingen, altijd tot eigen voordeel of vermaak. (Dit is niet uitsluitend Neerlands. Publiek stenigen is één van de vormen die dit deugdsbegrip aanneemt in sommige maatschappijen.) [365]


Fatsoen

"- 't Fatsoen, Wouter! riep Gus bedenkelyk.
       - We meenen 't fatsoen, herhaalde Fransjen, alsof -i wat ophelderde.
"

We zijn aangeland bij de norm aller normen, het fatsoen. Voor werkelijk goed begrip is het essentieel in te zien dat werkelijk fatsoen neerkomt op volledig extern conformisme in dienst van eigenbelang: Wat een mens perfect fatsoenlijk maakt is het vermogen de schijn van maatschappelijk conformisme hoog te houden in het heldere besef te liegen en bedriegen, als ieder ander perfect fatsoenlijk medemens.

Door en door fatsoenlijke mensen wéten hun fatsoen te huichelen - om welke reden ze het deugdzaam vindenn fatsoen van anderen te eisen. (Zie ook 618). 

Merk op dat "het fatsoen" strikt evenredig is met financiële welstand: hoe rijker hoe fatsoenlijker; hoe armer hoe onfatsoenlijker. Dit is ook geheel vanzelfsprekend: In een maatschappij waar alles om geld draait moeten in de feitelijke praktijk de maatschappelijk voortreffelijksten de rijken zijn, volgens de norm waar het feitelijk om draait. Bovendien geeft rijkdom weer de middelen zich te conformeren en étaleren in volle  maatschappelijk aangepaste glorie.

Nogmaals: Welbegrepen werkelijk fatsoen is extern conformisme, en fatsoenlijke mensen weten huichelaars te zijn - en dat fatsoenlijke mensen dat nooit publiek toegeven. [365]
 


Geslaagd conformisme

Hier wordt een andere Nederlandse morele eigenschap toegelicht: Wat telt is niet de werkelijkheid maar de schijn en pretentie van werkelijkheid - en het heldere bewustzijn dat dit zo is.

De essentie van werkelijk maatschappelijk conformisme is het heldere besef van de conformist dat zijn conformisme welbewuste leugen, welbewust theater is, en dat hij liegt en bedriegt in collusie met alle andere conformisten, en om dezelfde redenen: angst en egoïsme. (Zie 618).

En in meer algemene zin bestaat het maatschappelijk leven uit het spelen van rollen met een bepaalde status, en hangen de rollen nauw samen met kleding en taalgebruik. [365]
 


Proletariërs

[1] "Veel wetten en de meeste zeden zyn ontstaan uit gebrek aan ruimte in verstand, hart, karakter, woning, landstreek, of middelen van bestaan."

Juist! Maar .... dit inzicht leidt wel tot een zekere scepsis wat het maatschappij verbeteren aangaat.

Ikzelf stam bijvoorbeeld uit de Amsterdamse Kinkerbuurt, waar ik de eerste 10 jaren van m'n leven doorbracht, en ook wat nu de laatste 10 jaren zijn. Dit is op tal van manieren leerzaam, en één daarvan is dat er een sterke genetische component moet schuilen in het typische Kinkerbuurtvolk. Dat bestaat namelijk nog steeds, als in de 50er jaren die ik me zo goed kan heugen - grauwe, bitse, lelijke, achterbakse nivelleerders met (zie ik nu, maar zag ik niet als kind) doorgroefde drankkoppen en bierbuiken, die zich uitdrukken in een bijzonder lelijk Amsterdams.

En aangezien ik er tussen opgegroeid ben, als kind van intelligente welwillende communistische ouders, die over het nu volgende héél anders dachten:

Doorsnee mensen ("middenstand") noch Kinkerbuurtvolk ("werkende stand") zijn gewillig of in staat tot rationele oordelen of redelijke gedragingen die afhangen van hun eigen vermogens en inzet en zijn daar ook niet werkelijk in geïnteresseerd. De zeer grote meerderheid van de mensen zijn nu eenmaal geboren met vermogens die ze veroordelen tot middelmatigheid en conformisme. [366]


Menselijk gedrag

Toch loopt een groot deel van het menselijk gedrag inclusief ingewikkeld moreel gedrag "op de automatische piloot", en berust veel meer op gewoonte en gewenning dan op redelijk overleg en besef van konsekwenties. Zie ook 423. [368]


Religieus geloof

Wel, er zijn aanzienlijk mèèr gelovigen die een heilige schrift ten naaste bij uit hun hoofd kennen dan er gelovigen zijn die er zinnig over nadenken. Het is waar dat de bijbel van de inconsistenties en ongerijmdheden aan elkaar hangt, maar voor de ware gelovige is dat geen enkel gebrek, "want ondoorgrondelijk zijn de wegen van de Heer".

Ook is het een feit dat bijzonder intelligente personen als - bijvoorbeeld - Augustinus en Aquinas geen fundamenteel probleem zagen in de massa's ongerijmdheden in de bijbel. In alle mensen schuilt een groot vermogen tot wensdenkerij, dat o.a. teruggaat op de kleinheid van het menselijk verstand en de kortheid van het menselijk leven: Er is immers ZO veel dat men niet weet en waarnaar men moet gissen.

Wat desalniettemin blijft, bij Multatuli, bij mij, en bij de meeste andere vrijdenkers, is verbazing over de stelligheid waarmee gelovigen kond doen van hun "geloof".

Wie zover gaat dat hij bereid is ketters levend te verbranden vanwege hun ketterij gaat héél ver in zaken des GELOOFS - en toch lijkt dit de norm onder gelovigen, ongeacht het geloof. (En wat ketters zijn in religie zijn politieke tegenstanders in het maatschappelijke. In de 20ste eeuw zijn letterlijk tientallen miljoenen mensen opgesloten in strafkampen vanwege hun ongeloof aan bepaalde politieke denkbeelden en letterlijk miljoenen gruwelijk vermoord alleen omdat ze andere ideeën hadden dan de leiders van het volk waar ze het ongeluk hadden deel van uit te maken. In deze termen - massamoord, marteling, vervolging, oorlog - was de 20ste eeuw de gruwelijkste eeuw in de menselijke geschiedenis tot nu toe.) [370]


Woordgeslachten

Het toekennen van geslachten aan Nederlandse woorden is belachelijk. Het is kennelijk ooit door schoolmeesters ontleend aan het Latijn, waar het wel een zekere functie heeft, en waar er ook regels zijn om het geslacht van de meeste worden af te leiden uit hun spelling. [371]


Standsbewustzijn

" De ‘jonge-juffrouwen’ spraken gedurig van ‘stand’ en ‘dat ieder op z'n plaats moest blyven.’"

Dit zijn Neerlandse varianten op "Voor honden en Chinezen verboden", "Joden geen toegang", "Alleen vir blankes" en overig fraais. Dit standsbewustzijn is dus verre van typisch Nederlands, maar menselijk-al-te-menselijk. [371]


Technologische progressie

In dit opzicht is veel veranderd de afgelopen honderdveertig jaar wat betreft de alledaagse verschijning inclusief geur van "de maatschappij". Het meeste hiervan is te danken aan toegenomen rijkdom en technologie. De relevante verschillen zijn zeer groot, al vallen ze niet op omdat ze zo gewoon en alomtegenwoordig zijn: Rioolnet, waterleidingen, elektriciteit, verharde wegen. Vergeleken met deze alledaagse publieke voorzieningen, die iedereen in de maatschappij raken, iedere dag opnieuw, in vrijwel alles wat ie doet, zijn de verschillen tussen nu en 1860 véél groter dan tussen 1860 en de Middeleeuwen. [372]


Nederlandse nutsbedrijven

M. licht z'n punt hieronder toe, maar het verdient enige nadruk dat er sinds zijn tijd in heel Europa bijzonder veel inspanningen verricht zijn inzake riool inclusief toiletten, water, gas en elektriciteit. Dit raakt het alledaagse leven van miljoenen, en heeft vele jaren en vele miljoenen gekost om tot stand te brengen - en is één van de technologische fundamenten van een beschaafde moderne samenleving.

Het is dan ook een droevige schande dat in Nederland de maatschappelijke nutsbedrijven - voor energie, verlichting, water, riolering, vervoer - die gemaakt zijn van zeer veel belastinggeld, de laatste decaden uitgeleverd zijn aan privé ondernemingen. Het gebruikte excuus hiervoor, dat ambtelijke instellingen "niet effectief werken", was een leugen voor "worden bijzonder slecht bestuurd". [372]


Wensdenken en repressie

Het onderliggend mechanisme hier is de gebruikelijke wensdenkerij: Wat men wenste dat niet bestond werd zoveel mogelijk ontkend of geïgnoreerd als het toch bleek te bestaan. [372]


Beschaving en dictatuur

Het is een teken van beschaving dat een ieder het recht heeft de meningen van een ander, hoe heilig deze ook zijn voor die ander, te bespotten, kritiseren, tegenspreken, bestrijden, onderzoeken en negeren.

Waar het plicht is iets te geloven heerst dictatuur. [373]


Gelovigen

vanuit het perspectief van een waarachtig gelovige, van ieder geloof, is een willekeurige ongelovige - op z'n best - een verblinde dwaas die pervers volhardt in z'n blindheid door z'n eigendunk. Ieder standpunt kan bespot worden vanuit een tegengesteld standpunt. [373]


Natuur 2

En ikzelf wil god en natuur niet vereenzelvigen, al deden Spinoza en Multatuli dat. Ik ontken namelijk het bestaan van god en meen dat de verschillen tussen het gods-begrip - almachtig, alwetend, goed, een persoon - en de natuur, die zeker niet alwetend, goed of een persoon is, te groot zijn om te identificeren.

Bovendien is er zeer veel pijn, geweld, ziekte dood en verderf in de natuur, dat alles geheel natuurlijk is, was het alleen omdat het natuurlijk is in pijn te worden geboren en te sterven, en ondertussen tot prooi of geparasiteerde te dienen van veel andere levende wezens, dat alles goddelijk noch wenselijk is, hoewel onvermijdelijk samenhangend met het leven. [373]


Correct taalgebruik

"Want, myn zoon, aldus is de mensch geschapen, dat hy veel onreins kan slikken, doch geenszins uwe woorden òver onreinheid.

En aldus, myn zoon, veel dingen noemende met vreemde namen, of wel die dingen niet noemende, zult gy veel rozynen verkoopen - al ware dezelve dan ook overjarig - en 't zal u in uw winkeltje gaan zooals ik gezegd heb toen ik begon buyig te worden van wysbegeerte. "

Kortom, het  recept voor maatschappelijk geluk, welstand en status is dit: " let op uw zeggen, meer dan op uw doen, en het zal u wèlgaan ".

Doe wat je wilt - bedrieg je buren, veracht de dominee, schop je vrouw, trap je medemensen ... maar doe het altijd met een uitgestreken braaf gezicht, uit naam van de waan van de dag, met keurige kleren en zonder ooit uitgesproken kritiek te leveren op wie ook van enig aanzien "en het zal u wèlgaan in den winkel". Zó is het en zo is het altijd geweest, en zal pas veranderen als de menselijke doorsnee intelligenter is dan ze tot nu was. Tot dan zal de leugen de basis van het maatschappelijke zijn. [374]


Kwaad 2

Voor ieder mens wordt 't kwaad vrijwel altijd door anderen gedaan. De reden is eenvoudig: Men wenst zelf altijd het goede volgens zichzelf, omdat wat men wenst als goed verschijnt en wat goed lijkt wenselijk is. (Ja, het is zó simpel! Zie verder 423.) [375]


Nederlands respect

En "respect" is een in Neerland zéér gewenste deugd, want het zelfrespectloze Neerlandse volk eist het respect dat ze - geheel terecht - niet zelf voor zichzelf kunnen opbrengen van anderen, en neemt het anderen kwalijk als ze dat "respect" niet minstens huichelen. [375]


Aandoeningen

overigens heeft een mens gewoonlijk zoveel keuzes, mogelijkheden, tendensen, aandriften, wensen en noden dat de meeste aandoeningen opgaan of afgereageerd worden in andere aandoeningen. [376]


Doorsnee-mensen

dat "Leven en Werken van een Volstrekt Alledaags Mens" neer moet komen op een lange opsomming van verveling en vooroordeel. [376]


Eergevoel

De eer van de grote meerderheid bestaat uit trouw aan de leiders van de eigen groep en conformisme aan de mores van de eigen groep. Dit is zeer fraai en toepasselijk uitgedrukt door "Unsere Ehre heisst Treue!", wat zowel de wapenspreuk zou moeten zijn van iedere waarachtige burocraat, wherever, whenever, als de wapenspreuk was van Hitler's SS. [376]
 


Men

ze hebben een beperkt gelijk, want eerbaarheid, reputatie en fatsoen kleuren het gehele maatschappelijk leven, en gelden voor alle standen, van hoog tot laag. Dat dit alles van begin tot eind bestaat uit fictie of falsificatie is dan ook in 't geheel niet belangrijk - wat werkelijk telt is wat "men denkt" en wat "men zegt", hoe kwaadwillig, ongeïnformeerd of achterbaks ook. Zie verder de wijze les uit 374. [377]
 


19e eeuwse literatuur

het standaard recept voor literatuur in de 19e eeuw: Beloonde deugd, braaf berouw, en maatschappelijke status aan het eind van de vertelling. [377]
 


Nederlands onderwijs

Terwijl mij op de HBS nog 14 vakken onderwezen werden waaronder 3 vreemde talen en wis- en natuurkunde en biologie, wordt anno 2003 de toekomstige academicus opgeleid voor wetenschappelijk onderwijs met welgeteld één vreemde taal en nauwelijks wiskunde of natuurkunde.

Als Nederland over 50 jaar een ontwikkelingsland is dan komt dat vooral omdat het gehele onderwijs vanaf 1965 (Mammoetwet) en 1972 (zogeheten "democratisering" van de universiteiten) systematisch genivelleerd, gesimplificeerd, verarmd en kapot gemaakt is. Zie mijn Spiegeloog-columns. [379]


School-onderwijs

Ikzelf denk dat er veel meer kapot gemaakt wordt op scholen dan dat er opgebouwd wordt, en zie niet veel in school-onderwijs, anders dan voor wie toch niet veel voordeel heeft bij onderwijs.

Domme mensen en kinderen hebben er wellicht baat bij om samengedreven in klassen elementair onderwijs in eenvoudig te begrijpen zaken te ondergaan, maar wie werkelijk kan nadenken wordt daardoor geschaad en heeft zoiets in 't geheel niet nodig om te leren lezen, schrijven en rekenen, en te leren wat verder voor de doorsnee nuttig wordt geacht.

Wie z'n kinderen liefheeft en intellectueel hoogacht hoede zich voor schoolonderwijs - wat moeilijk is, want Vadertje Staat dwingt iedereen daartoe, niet vanwege het onderwijs, maar vanwege de dwang. Want scholen zijn de plaatsen waar kinderen afgericht worden tot gehoorzaamheid aan autoriteiten.

Is wat ik hier schrijf in tegenspraak met wat ik onder [2] schreef? Ja en nee, want de zaak is niet eenvoudig. Ik los hier alleen de schijnbare tegenspraak op: Als scholen bedoelen kinderen dingen te leren, dan is een school waar minder geleerd wordt - ceteris paribus - slechter dan één waarin meer geleerd wordt. [379]


Sexuele opvoeding

meen dat kinderen die op boerderijen opgroeien een zinniger en gezonder idee hebben van sexualiteit dan wie dit alleen aan schoolboekjes of voorlichters, hoe "modern" ook, moet ontlenen. [380]


Menselijk verstand

een gelijk dat zich in 't Engels laat vangen als "For the human mind everything is of some kind".

Ik zei dat "For the human mind everything is of some kind" en er zijn vele voorbeelden van menselijke verdeelwoede, van sterrenbeelden tot Linnaeus. Het meeste daarvan is nogal dwaas, zoals het meeste wat mensen denken, maar aan de andere kant is het verdelen van dingen in soorten en het toekennen van kenmerken nodig voor het menselijk verstand om dingen te begrijpen. [381]


Multatuli's ideën

een deel van de reden dat Multatuli's ideeën niet of nauwelijks serieus behandeld werden is dat ze als "literatuur" geclassificeerd werden en Multatuli (tot zijn frustratie en woede) als "schrijver", "literator", "letterkundige" - en niet als filosoof, politicus, hervormer of maatschappelijk voorganger.

Ik behandel zijn Ideen niet als letterkunde maar als ideeën en kommenteer ze als ideeën, en onthoud me bovendien van letterkundige noten - en ben één van de eersten zo niet de eerste die dat enigermate serieus doet. Waar een klein land klein in kan zijn! Waar een klein land dom in kan zijn! Waar een klein land achterlijk in kan zijn! [381]


Nederlandse normen

Eenieder wordt op z'n bescheiden plaats gehouden door eenieder, en behoort zijn plaats te weten, en bescheiden respect te tonen aan eenieder, en maar gewoon te doen want dan doe je al gek genoeg. Zó zijn onze Neerlandse zeden, in verleden én heden. (Zie 107, 447.) [381b]


Rituelen

Kinderlijke geesten hebben er graag "een ritueel" bij. [382]


Wereldbeeld

Ieder mens leeft in de wereld die z'n eigen hersens gecreëerd heeft uit het aanbod van omgeving en opvoeding. Deze is voor ieder mens anders, en er zijn daarom minstens zoveel gedachte en gevoelde werelden als er mensen zijn - maar wie hieruit afleidt dat er geen waarheid is of kan zijn denkt slecht na. (Zie 1, 11.) Maar waarachtig begrip van een ander wordt vaak vergemakkelijkt door de realisatie dat iedereen uiteindelijk oordeelt over DE wereld op basis van een persoonlijk wereldbeeld. [382]


Menselijke ervaring

Meer in 't algemeen, en afgezien van literaire dieven, is de gehele menselijke ervaring een bijzonder ingewikkeld mengsel van aangeboren, aangeleerd, zelfbedacht, nagedaan, toegevoegd, gesimplificeerd en, vooral, gegist, vermoed, voorondersteld en aangenomen. En de meeste mensen redeneren slecht en wensdenken waar zij zelf serieus menen te denken.  [383]
 


Kip-ei probleem

het kip-ei probleem dat ook een rol speelt in het godsdienstige. Maar de problemen laten zich hier met enig logisch verstand redelijk makkelijk verhelderen: Er zijn eieren zonder kippen, maar geen kippen zonder eieren [384]
 


Rooverslied

Toch is het "onwaardeerbaar kunstgenot" dat we gaan genieten vrijwel zeker Neerlands meest bekende poëzie - en met recht, want er is bijna niet beter gedicht. [385]
 


Goedheid

gemiddeld en gewoonlijk - is de goedheid van een zaak evenredig met deszelfs vermaak. [385]
 


Mensheid

Wanneer wordt de mensheid volwassen - of in staat redelijk na te denken en te doen, en ook nog eens aardig amusant en zinnig te dichten? In dit verband:

Ach waren alle mensen wijs
En deden daarbij wel!
Dan was de aarde een paradijs
Nu is zij vaak een hel.

Dirck Jansz. Coster - A.D. 1618 [385]

 

Excerpt uit commentaren van MM bij Ideen 1 C - 236 t/m 385      - Index 1C