| Authenticiteit:
Echtheid, eerlijkheid, waarachtigheid, zichzelf zijn. Na hun kinderjaren zijn maar heel weinig mensen werkelijk zichzelf - de
grote meerderheid heeft geleerd zichzelf te vervalsen tot enkele alledaagse
rollen die samenhangen met het gewone leven en alledaagse werk.
Er is een cultus of wijdverspreide pretentie onder politieke en religieuze voorgangers van
authenticiteit, maar dit is van begin tot eind leugen en hypocrisie:
Werkelijke authentieke
eerlijkheid
is buitengewoon zeldzaam voor niet-kinderen, en vrijwel alleen
mogelijk aan echte debielen of echte genieën, althans in "moderne
Westerse staten, tussen moderne doorsnee Westerse mensen".
Gewone mensen hebben
zelden de moed van hun eigen overtuigingen, en willen die
moed ook niet, behalve in zeer zeldzame omstandigheden of bij grote
dronkenschap: De doorsnee weet nauwelijks eigen ideeën
of eigen waarden te hebben, en weet dat hun eigen belang
het best gediend wordt door niet opvallen en wel meedoen met de
meerderheid, ook als men het daar zelf niet mee eens is.
En voorgangers en autoriteiten hebben in vrijwel alle gevallen hun
voorgangerschap te danken aan hun vermogen te
doen alsof - te liegen,
bedriegen, een rol te spelen, en niet ontdekt te worden als oplichter.
("One can fool most of the people most
of the time concerning most things".)
|