VI. VERZOEK EN VOORSTEL AAN DE UVA

18. Verzoek: Onder de boven zeer onvolledig geschetste omstandigheden ben ik in de eerste plaats zo vrij u het volgende verzoek te doen:

Ik wil volgend jaar afstuderen, en ik wil daartoe van u - wegens het bovenstaande; wegens 10 jaar ziekte; wegens bijzondere omstandigheden - het recht verkrijgen. Ik wil van u de toezegging dat ik dat recht krijg en ik wil die toezegging uiterlijk de 10e September 1988 ontvangen. Bovendien wil ik dat u de inschrijvingskosten etc. voor uw rekening neemt. Het is wellicht nuttig nogmaals naar de bovenstaande sectie "Studieprestaties" te wijzen, en op te merken dat ik weinig anders hoef te doen dan een skriptie inleveren en dat ik in feite al meer studiepunten verzameld heb, en veel meer gedaan heb dan nodig of gebruikelijk is voor een doctoraalstudie - ik verwachtte dit jaar klaar te zijn, wat de reden is dat u dit verzoek eerst nu krijgt, maar helaas kon dat niet als gevolg van de incompetentie die aan de faculteit voor wijsbegeerte heerst. In het geval dat u mijn verzoek niet honoreert voor 10 September a.s. zal ik een kort geding tegen u beginnen om dat recht vanwege de rechter toegewezen te krijgen.

19.Voorstel: Ik wil dat u mijn studie-schuld van ruim 40.000 en enige andere schulden, allen voortvloeiend uit uw incompetente beleid, betaalt, en ik wens te onderhandelen, hetzij direkt met het CvB, hetzij met het CvB via de rechter, over een schadevergoeding voor mij en mijn ex. Tot beter begrip wens ik u daarbij nog het volgende onder ogen te brengen, zodat het u wellicht wat duidelijker wordt waar u mee kunt rekenen:

A. Over de studiebeurs: Ik beschouw de verplichting geld te betalen voor het mij aan, door en namens de UvA gebodene, zowel wat onderwijs als wat bestuur betreft, als volstrekt onaanvaardbaar, en ik zal me er met alle mogelijke middelen, wettig en onwettig, indien noodzakelijk, tegen verzetten.

B. Waarom ik nog leef: Het zal u in dit verband ook interesseren te weten dat de enige reden dat ik het hierboven - onvolledig en kort - beschrevene overleefd heb het voorbeeld van mijn vader is, die bijna 4 jaar duitse concentratie-kampen overleefde: Ik heb mijzelf jarenlang voorgehouden (terwijl ik ernstig ziek was; voortdurend pijn leed; en jaar in jaar uit mijn gezondheid door een door uw ex-CvB bewust beschermde psychoot geruineerd werd): "Mijn vader heeft de Gestapo en de SS over leeft; ik MOET de UvA en de SSH over leven". Ik heb dat gedaan, met buitengewoon grote moeite en veel pijn, en met oneindig veel meer misere dan de mijn ex en mij teisterende spierziekte noodzakelijk maakte, en kom u nu op uw verantwoordelijkheden aanspreken.

C. Oplichterij van de UvA: Het is mijn mening dat iedereen die in de alfa- of gamma-vakken aan de UvA gestudeerd heeft in, zeg, de afgelopen 15 jaar, en zeker de afgelopen 6 jaar, vooral door wanbeleid van het ex-CvB opgelicht is:

Niemand in de alfa- en gamma-faculteiten van uw universiteit heeft een behoorlijke opleiding ontvangen (zoals u zelf weet en onderstreept door telkens opnieuw de leugen uit te spreken "dat kwaliteiten van de docenten niet objectief vastgesteld kunnen worden" - een leugen die u alleen uitspreekt omdat u zelf weet dat de meerderheid van de docenten wetenschappelijk weinig of niets doen of kunnen, en didactisch een ramp zijn).

20. Over de schadevergoeding: In zeer algemene termen geformuleerd regel ik de zaak het liefst zoals ik het hierboven heb voorgesteld: U betaalt mijn studie-schulden en zorgt ervoor dat ik een doctoraal kan behalen; u verzorgt een redelijke schadevergoeding, en u verandert uw beleid t.a.v. de studentenen het onderwijs, en ik verdwijn weer zo snel mogelijk naar het buitenland (waar ik woonde voordat ik aan de UvA kon studeren, en had kunnen studeren, helaas), en u regelt dit middels onderhandelingen met mij en mijn advocaten.

Mocht u van dit voorstel de redelijkheid niet inzien dan begin ik tegen u civiele procedures, of, indien mogelijk, strafrechterlijke procedures tegen het ex-CvB i.v.m. hun financiele wanbeleid in het algemeen en hun wanbeleid tegenover mij in het bijzonder, zowel om een schadevergoeding te eisen, als om deze personen in de gevangenis te krijgen, waar ze thuishoren, en zal bovendien mijn uiterste best doen om alle publicitaire middelen ter mijn beschikking tegen u te gebruiken.

De vraag is in nu in de eerste plaats welke schadevergoeding passend is. In de eerste plaats moet daarbij het volgende punt in aanmerking worden genomen: Ik heb bij u reeds voor de procesgang begon een schadevergoeding van 2x 30.000 gulden ingediend, later verhoogd tot 2x45.000 gulden, op grond van de toen reeds opgelopen studie-vertraging.

Nu u er uiteindelijk in geslaagd bent, door langjarige welbewuste nalatigheid gevolgd door een jarenlang durende kwellende rechtsgang, mijn gezondheid vele jarenlang kapot te maken en mijn gehele maatschappelijke perspectief te vernietigen, moet ik overwegen wat ik meer wil.

Welnu, maatgevend bij deze overweging zijn de volgende feiten:

  1. Het feit dat de UvA, zoals boven uiteengezet, al vele jaren lang, allerlei ethische en politieke ("progressieve", "menselijke", "maatschappelijk relevante") idealen heet na te streven; dat op een buitengewoon pretentieuze wijze doet; en dergelijke idealen ook al vele jaren lang als maatgevend, richtinggevend en inhoud-bepalend hanteert voor haar onderwijs, onderzoek en bestuur.

  2. Het feit dat de UvA al vele jaren lang vele miljoenen per jaar geinvesteerd heeft in het bestendigen van de zojuist genoemde idealen - wat, zoals ook boven uiteengezet, vooral leidde tot verslechtering en nivellering van het onderwijs; niet-werkende (hoewel wel moraliserende) docenten en studenten; en algemene verspilling, zowel van gemeenschapsgeld als van onbenut of slecht onderwezen individueel intellectueel talent.

  3. Het feit dat u de hoofdverantwoordelijke voor het lijden van mijn ex en mij, de ex-CvB-voorzitter en rector magnificus Cammelbeeck, een gouden handdruk van 850.000 gulden gemeenschapsgeld van u kreeg als schadevergoeding voor zijn verstoorde verwachtingen nog 4 jaar rector magnificus te mogen zijn - omdat de UR hem als "incompetent om te besturen" naar huis had gestuurd.

  4. Het feit dat uw CvB ad nauseam heeft verkondigd dat "iedereen gelijk is", zodat de mij door u toe te kennen schadevergoeding een veelvoud dient te zijn van de schadevergoeding die Cammel-beeck van u toegekend kreeg wegens zijn incompetentie en verstoorde toekomst verwachtingen.

  5. Het feit dat onlangs, in een aanmerkelijk minder serieuze zaak, 1 miljoen schade-vergoeding is toegekend door de rechter.

  6. Het feit dat het al jaren gebruikelijk is in Nederland om incompetente hogere ambtenaren en bestuurders (door wier falen dus veel ellende veroorzaakt is en veel belastinggeld over de balk gesmeten is) naar huis te sturen met gigantische "schade"vergoedingen voor het verlies van de baan waar ze te incompetent voor waren om behoorlijk uit te oefenen.

  7. Het feit dat de verstoorde toekomstverwachtingen van mijn ex en mij - waardeloze opleiding; niet afstuderen; niet promoveren; geen enkele reeele carriere-mogelijkheid (waar ik sinds mijn 17e hard voor gewerkt heb); totaal vernietigd maatschappelijk perspectief; jarenlang geruineerde gezondheid en wat verder allemaal boven aangevoerd en geimpliceerd is - niet goed geldelijk gecompenseerd kunnen worden: Ieder bedrag is te laag voor geruineerde levensmogelijkheden en kapotgemaakte gezondheid.

  8. Het feit, tenslotte, dat ik, geheel i.t.t. uw ex-CvB, niet op geld uit ben en wel integer tracht te zijn; dat het mij grote bevrediging zal geven u althans een maal dwingen u aan uw woord te houden; dat het voor mij persoonlijk prettiger is te procederen in het belang van anderen; en dat de volgende eis geheel en al in overeenstemming is met de daden van mijn familie en de hypocriete woorden aan de UvA, heeft mij doen besluit en mijn eis tot schadevergoeding de volgende vorm te geven:

    I.Persoonlijke eis: Ik wens van u, voor mijzelf, zoals boven reeds gezegd, dat u de kosten voortvloeiend uit mijn "studie" en verblijf aan uw universiteit, i.h.b. de door mij ontvangen zgn studie-financiering betaalt. Dit is geen compensatie voor geleden schade: Dit is niet anders dan het rechttrekken van oplichterij uwerzijds: Wat u te bieden had aan onderwijs en voorzieningen was waardeloos, en verdiende de naam niet; en zelfs het daaraan deelnemen (alleen voor een diploma, uiteraard) werd mij door uw schandalige incompetentie onmogelijk gemaakt.

    II.Schadevergoeding: Wat de echte eis tot schadevergoeding betreft, dit is deze:

    Als schadevergoeding voor wat uw ex-CvB en uw hele universiteit mij heeft aangedaan wens ik dat u fl. 10 miljoen overmaakt aan Amnesty International,London.

    Dit zou dan vrijwel de eerste keer zijn dat de UvA werkelijk iets van praktisch moreel belang doet, en het betreft een doel waartegen u geen enkel bezwaar kunt hebben: Het lot van de vele tienduizenden mishandelde, gemartelde en verontrechte politieke gevangenen in de wereld.

    Dit is de schadevergoedingseis waarover ik met u wens te onderhandelen - onderhandelen, omdat ik mij uiteraard bewust ben dat uw eerste impuls is dit voorstel af te wijzen, met het argument dat u zelf het geld wenst te gebruiken, en, zoals mijn ex en ik aan den lijve heb kunnen merken, heel goed het lijden van anderen kunt dragen terwijl u er krokodillentranen bij huilt, zodat het is wellicht nuttig hier een paar opmerkingen over te maken:

    A. Hoe u het financiert is mijn probleem niet, maar ik kan u wel een voor stel doen: De docenten aan de UvA menen in meerderheid, net als de UvA zelf uitdraagt, vreselijk progressief en moreel verantwoord te zijn. fl. 10 miljoen = ca. 2% van hun gezamelijke salaris. Zou het niet een buitengewoon zinnige, moreel te verdedigen, en, gezien het goede voorbeeld, andere universiteiten en publieke lichamen tot navolging inspirerend zijn, indien de UvA een relatief klein deel van haar omzet ter beschikking van Amnesty zou stellen?

    B. Aangezien de grootste financiele post van de UvA de salaris-post is, zal het gedeeltelijk daaruit gefinancierd moeten worden. Het is dan relevant te weten dat de gemiddelde docent 2 a 3 keer modaal "verdiend" zonder verplichtingen of verantwoordelijkheden, en dat de gemiddelde ambtenaar meer verdiend dan hij/zij elders in vergelijkbare functies zou krijgen, en ook weer minder hoeft te doen. Een paar procent kan er dus best af, niet alleen moreel, maar ook financieel.

    C. Een relevante overweging is ook het feit dat uw ex-CvB erin geslaagd is, door een volstrekt incompetent beleid, 45 miljoen in de UvA en 15 miljoen bij de SSH te laten "verdwijnen" (kennelijk onder het principe: "Het is toch gemeenschapsgeld, en wat doet het er toe: Niemand kontroleert ons"), zodat een miljoen of 10 er volgens uw ex-CvB klaarblijkelijk niet toe doen voor de UvA. Bovendien is onlangs gebleken uit onderzoek van een enquete-commissie dat uw financiele "beheer" - o.l.v. dhr. Poppe uit het mij en mijn ex zozeer teisterende ex-CvB - zo slecht is dat men aan de UvA niet eens weet wat er met het van regeringswege verstrekte belastinggeld gebeurt dat door uw vingers vloeit. (Geen wonder dat er minstens 45 miljoen "zoek" is!)

    D. Ook relevant is het feit dat uw ex-CvB, in de jaren dat ze de UvA ge teisterd hebben met incompetentie, met z'n drieeen, inclusief onkosten vergoedingen, tegen het miljoen per jaar gekost hebben, als ik mij niet vergis. Misschien kunt u wat van hen terugvorderen, zoals u 3 jaar van mij vorderde? "Iedereen is gelijk" volgens uw ex-CvB, en aangezien ik al 10 jaar ver onder het bijstandsminimum moet leven, mede vanwege de prestaties van uw ex-CvB, zie ik niet in waarom dat voor hen niet minstens even rechtvaardig zou zijn.

    21. Over onderhandelingen: Iets anders dan de financiering (waarover ik, gezien u al jarenlang volstrekt afwezige financiele verantwoording en ridicule beleid - alleen door mijn opmerkingen over een belachelijk miljoenen kostend medisch computerprogramma in '82 te volgen had u die miljoenen kunnen besparen - nog een groot aantal snijdende opmerkingen zou kunnen maken) betreft uw gewilligheid, nu het niet meer om woorden maar daden gaat, en er plotseling geld niet in uw zakken verdwijnt maar voor een goed doel aangewend kan worden:

    A. Bereidheid: Ik ben bereid met u te onderhandelen over mijn eisen, en ben bereid u een groot aantal creatieve voorstellen te doen hoe u daaraan tegemoet zou kunnen komen. Als u over deze zaak niet wenst te onderhandelen ben ik bereid tot het uiterste te gaan, zowel in als buiten rechte om aan deze zaak bekendheid te geven, en duidelijk te maken wat nu de werkelijke kwaliteiten van u en uw universiteit zijn.

    B. Pressie-middelen: U moet bedenken dat ik voor een zaak als deze, waar ik mijn diepe persoonlijke gegriefdheid in dienst stel van een algemeen belang dat u ook het uwe noemt, in het geval dat u mij opnieuw niet terwille bent wat betreft mijn uiterst redelijke verzoek of bijzonder zinnige en moreel verantwoorde voorstel, de grootst mogelijke ruchtbaarheid zal geven (bijv. o.a. door gekleed in mijn vader's KZ-kledij wat stellingen aan uw voordeur te nagelen, onder het adagium "Hier sta ik; ik kan niet anders").

    Een ander alternatief, gezien uw gewilligheid een vaste baan te geven aan een incompetente docente feminisme, die het in haar hoofd haalde voor uw deur te gaan liggen hongeren terwijl ze een baan had, is dat ik dat, uiteraard weer in passende kledij, ook ga doen. Drie maanden na aankomst in het concentratie-kamp Amersfoort woog mijn vader niet, als eerst, 80 kilo maar maar 40 kilo, en hoewel ik niet bereid ben alsnog voor u te kreperen, wil ik wel experimenteren hoe dat voelt, voor uw deur (hetgeen overigens gezien mijn ziekte niet van gevaar ontbloot is). De konsekwenties daarvan zijn natuurlijk geheel en al voor uw rekening (hoewel ik me geen illusies maak over uw goedertierenheid) maar uiteraard zal ik alleen pressie-middelen aanwenden als u slecht onderhandelt. Overigens moet u zich realiseren dat ik geen enkel vertrouwen meer heb in een instelling die mij en mijn ex drie jaar welbewust lang aan tyrannie heeft prijsgegeven en ons vervolgens drie jaar lang welbewust rechterlijk heeft laten vervolgen omdat wij weigerden ons te laten tyranniseren: Uw ex-CvB zijn in mijn ogen de grootste schoften die ik ooit persoonlijk heb meegemaakt. Aangezien ik ook geleerd heb dat redelijkheid in een gevecht met schoften tot je dood kan leiden, zie ik geen reden mij, zoals ik eerder gedaan heb, mij beleefd en vol vertrouwen tot u te wenden: Ik zal alle tot mijn beschikking staande middelen gebruiken om u te bestrijden als u mij nu weer niet ter wille bent. Tussen uw ex-CvB en fascisten zie ik alleen het principiele verschil dat fascisten eerlijk voor hun idealen en gedrag uitkomen, en ik zal uw ex-CvB naar die inschatting behandelen, en het huidige CvB indien nodig ook. .

    C. Procederen: Natuurlijk ben ik ook bereid te procederen tot het eind, indien u niet aan mijn verzoek en voorstel wenst te voldoen, en dat, indien noodzakelijk, vol te houden tot het Europese Hof, omdat ik meen dat door uw ex-CvB's incompetentie, en de daarmee samenhangende verdere bestuurlijke incompetentie in Amsterdam, minimaal 10 van mijn meest wezenlijke rechten, zoals omschreven in de van de Nederlandse wet deel uitmakende Rechten van de Mens en het Verdrag op Burgerlijke en Politieke Rechten, verkracht zijn, en omdat ik meen dat de UvA door volstrekt onvoldoende en bovendien totalitaire waarden dienend onderwijs, de grootste bijdrage heeft geleverd tot het heropleven van het fascisme of alternatieve totalitaire denkbeelden en stromingen in Nederland.

    Ik geef u tenslotte in overweging dat ik net niet vermoord ben door een door uw ex-CvB beschermde waanzinige; dat ik net niet dood gegaan ben door de 2 1/2e slapeloze en bedreigde jaren waaraan uw ex-CvB mij heeft blootgesteld, en dat de enige twee manieren om van mij af te raken (ik wil, zoals ik u gezegd heb, Nederland bij voorkeur zo snel mogelijk verlaten) is mij overwegend terwille te zijn of, alsnog, te laten vermoorden. Aangezien wat ik van u wil ook datgene is wat u zelf zo vaak beleden hebt te willen, stel ik u voor mij en Amnesty terwille te zijn.

    Mocht de toonzetting van dit verzoek u niet aanstaan, dan gelieve u te bedenken dat ik het CvB van 80-85 beschouw als moreel laakbaarder dan fascisten omdat ze dezelfde soort totalitaire meningen en hetzelfde soort gedrag bestendigd hebben, terwijl ze zich beriepen op de hoge menselijke idealen waar o.a. mijn familie zo bitter voor geleden heeft. NB: Ik beweer niet dat het ex-CvB fascisten zijn. Wat ik wel beweer is dit: Aan de UvA is mij duidelijk geworden hoe Hitler zo snel aan de macht is gekomen, nl. o.a. doordat de gehele wettelijke macht, en een aanzienlijk deel van de wetenschappelijke elite, in meerderheid evenmin fascisten als het ex-CvB, maar, net als het ex-CvB, evenmin in het bezit van enige andere idealen dan persoonlijke hebzucht en de jacht op status en privileges, voor geen betere of morelere reden dan eigenbelang, collaboreerden met de fascisten.

    Het is in dit verband relevant om te memoreren dat ik herhaaldelijk politie-hulp gevraagd heb maar dat mij deze niet gegeven is; dat de verantwoordelijke voor de politie PvdA-burgemeester Van Thijn is (partij-vriend van uw ex-CvB); dat Van Thijn zijn burgemeesterschap begon met een beroep op de Februari-staking: Hij zou besturen, zei hij op de TV "in naam van de idealen van de Februari-staking. Komt dat zien!"; en dat ik niet alleen gezien maar ook gevoeld heb wat die woorden in de praktijk betekenden: Op 4 april 1983 werd ik, in mijn eigen huis, 100 meter van het Jonas Daniel Meyer-plein, in het zicht van de Dokwerker (het monument voor de Februari-stakers), in mijn maag geslagen, drie maal in mijn gezicht gespuwd, en mij toegevoegd dat mijn "ballen eraf gesneden zouden worden" als ik doorging mij te verzetten tegen de voortdurende aanslagen op de gezondheid en het leven van mij en mijn ex.

    Toen ik de politie belde weigerde deze eerst te komen, en verscheen later in de gestalte van twee ca. 20-jarige puisterige agenten uit Groningen, die weigerden op te treden. Hun antwoord, op mijn vraag of het dan wettelijk terecht was twee mensen jarenlang te bedreigen, uit de slaap te houden, en aan te vallen was dit: "M'neer, wij kom'n pas als de lijk'n al over de vloer ligg'n. En weet oe, m'neer, d'r gebeurt zoviel in Amsterdam dat niet zou mog'n. Weetoe hoe da komp? Nau, da sal ik oe zegg'n, m'neer: Alle Amsterdammers benn'n klootzakk'n." Na deze gebeurtenis ben ik naar het buitenland gevlucht, en terecht, want na deze "politie-bescherming" stond men 's avonds al weer voor mijn deur "om mij de les te lezen".

    En tenslotte, wat lessen betreffende Amsterdam en de Februari-staking aangaat: Ik ben ook Amsterdammer, net als Van Thijn en de ex-CvB'ers, allen PvdA-ers. Vanwege de Februari-staking mag Amsterdam zich "Heldhaftig, Vastberaden en Barmhartig" noemen. Mag ik afsluitend suggereren dat dit wat deze in eigen ogen zo moreel hoogbegaafde bestuurders veranderd moet worden in "Hebzuchtig, Huichelachtig en Hoerig"? Of als samenvattend oordeel: Moreel, intellectueel en menselijk totaal onbekwaam, en op hun post gekomen door wat mijn vader het latrine-principe noemde: "Het is net stront, en drijft naar boven" en wat, sociologisch meer verantwoord, HET bestuursprincipe van Nederland is: De meeste bestuurders in Nederland zijn gepromoveerd tot ver boven hun niveau van morele en intellectuele, d.w.z. menselijke competentie.

    Ik wens van u een schriftelijk voorstel omtrent het boven voorgestelde, in de eerste plaats wat betreft mijn recht het komend jaar aan uw instelling af te studeren, en in de tweede plaats wat betreft mijn eis tot schadevergoeding, en ik wens dat voorstel te ontvangen voor 10 september 1988. Indien ik het later mocht ontvangen zal ik een kort geding beginnen over het eerste punt, en u ook daarvoor in rechte aanspreken voor mijn kosten. In het geval dat u mij bovendien wat het eerste punt betreft niet terwille bent voor 10 september a.s., hetzij door traineren, hetzij door ambiguiteiten, hetzij door chicanes, zal ik ook een kort geding beginnen. Wat mijn eis tot schadevergoeding betreft verwacht ik van u een aanbod en uitnodiging tot onderhandeling. Uiteraard houd ik mij het recht voor publiciteit naar eigen goeddunken te zoeken.

    Verder wijs ik u op de bijgevoegde brief aan het bestuur van de Faculteit voor Wijsbegeerte, waarin de bovenstaande feiten en meningen op een aantal punten het onderwijs en mijn rechtspositie betreffende vollediger worden uiteengezet. Deze brief aan het faculteitsbestuur (in de persoon van professor C. Verhoeven) en de andere bijlages vormen een onderdeel van deze brief aan u, hetgeen zoveel wil zeggen dat alles wat ik poneer en dat door u niet specifiek ontkend wordt door mij uitgelegd zal worden als uw instemming hebbende.

    Mocht mij op 11 september 1988 nog geen redelijk antwoord van u hebben bereikt (en onder een redelijk antwoord versta ik een antwoord, en geen mededeling dat dit later volgt: U heeft een staf van honderden medewerkers, zodat ik van u niets onredelijks verlang), dan zend ik deze brieven om te beginnen aan de landelijke pers, in de veronderstelling dat u, in dat geval, voor de zoveelste keer niet van plan bent u redelijk te gedragen.

    Tenslotte ben ik mij bewust dat het huidige CvB, m.u.v. dhr. Poppe, een ander is dan het CvB dat zich zo immoreel tegen mijn ex en mij, en i.h.a. jegens de belangen van de studenten, gedragen heeft. Dat is ook de enige reden dat ik (met voorbehoud vanwege dhr. Poppe) teken,

    hoogachtend,


    Naar begin van deze brief

    Naar het antwoord op deze brief van het CvB van de UvA


    Colofon:

    Geschreven en aangetekend verstuurd in augustus 1988.

    Maartens@xs4all.nl