Maarten Maartensz:                          Nedernieuws

Nedernieuws 6 november 2005             

 

Beste Freek,

Dit is de Nedernieuws van 6 november 2005, als ik goed zie de 73ste in de reeks die eind vorige zomer begon. In deze Nedernieuws vind je o.a. een korte doch krachtige verhandeling over het bijstands-proza van de bekende feministiese doctor in de sociologie mevrouw Withuis.


Terreurdreiging: Er was een ietsje meer aan de hand met de terreurdreiging die ik gisteren meldde, dan het eenvoudige redeneerschema hoe-herken-ik-een-moslim-terrorist "Kaftan, baard, rugzak, bingo!"  In feite betrof het twee - ik citeer Abdel-Wahid van Bommel, een heuse imam o.i.d. van Nederlandse afkomst - "evangelisten", maar dan van en met de Koran, die in de trein bezig waren met rituele wassingen i.v.m. hun gebeden, die weer dringend nodig waren in die trein vanwege hun evangelistische streven naar perfectie en het eind van Ramadan. En dat viel op.


Ali: Er stond toch iets in die 20 paginaas Van Gogh herkauwen in de Volkskrant van 2 november dat ik niet wist. Het betreft de tijdelijke verdwijning van Ayaan bijna een jaar geleden, waar "de vrienden van Ayaan" toen ongerust over waren. Zij laat zich over een en ander uit aan het eind van die 20 speciale Volkskrant-paginaas:

"De beelden van het Laakkwartier [daar werden toen leden van de zgn. Hofstand-groep gearresteerd met veel vertoon van geweld en gegooi met granaten - M], die ze vlak voor haar vertrek ziet op het Journaal, hebben een enorme impact. Ze is ontzettend bang. 'Totaal in shock. Ik voel me verslagen, gevoelloos.' Ze denkt: 'Ik moet doen wat zij zeggen. Zij zijn de veiligheidsdeskundigen.'
Hirsi Ali wordt naar Portland in de staat Maine gevlogen, vergezeld door medewerkers van de Dienst Koninklijke en Diplomatieke Beveiliging (DKDB). Ze moet haar telefoon inleveren, mag niemand bellen en geen bezoek ontvangen. Zelfs niet van Amerikanen."

Tsja. Ikzelf zou dat niet geaccepteerd hebben, denk ik, maar ik vermoed dat zij iets gedacht heeft: Als zij me niet beschermen doet niemand het. Sindsdien schijnt ze van hot naar her te zijn gesleept, maar dat geeft een mens natuurlijk ook status.

En mijzelf komt het toch vooral voor alsof zij de gelovigen van het geloof waar ze van afgevallen is nogal verkeerd heeft ingeschat, want wat veel moslims tegen staat waren de Koran-verzen op een grotendeels naakt vrouwenlichaam in Submission, en overigens het gescheld van Van Gogh over geiteneukers.

Over het onderliggende probleem, zeg "Hoever mag je gaan, met vrije meningsuiting", hoorde ik gisteren een nogal absurde discussie op de radio, maar het lijkt mijzelf tamelijk duidelijk, en ik heb het al eens uitgelegd aan de hand van het voorbeeld van de Hells Angels. Als je tegen een groep daarvan zou willen zeggen dat het criminele moederneukers zijn, dan kan je dat doen met een beroep op de vrije meningsuiting. Je loopt dan het risico dat de Angels een advocaat op je af sturen en je een vonnis vanwege belediging krijgt, en loopt ook het risico dat ze zelf langskomen om je fysiek te verbouwen, omdat je hun moeder beledigde o.i.d.

Zowel het één als het ander kan je overdreven vinden, in strijd met je recht op vrije meningsuiting, enzovoort, maar feit blijft dat de meerderheid van de medemens noch intellectueel noch moreel perfect is, en daar gewoonlijk ook weinig lust in of aandrang toe heeft.

Kortom: Van Gogh en Ali hebben het niet zo verstandig aangepakt, in mijn ogen. Aan de andere kant: Ikzelf geloof ook in geen enkele god, en niemand heeft het recht mij voor te schrijven hoe ik me uit over het geloof, afgezien van een rechter, en dan nog hoef ik het niet eens te zijn met het recht of zijn uitspraak. En er zijn nogal wat moslims die kritiek op of twijfel over hun geloof als "beledigend" zeggen te ervaren, of die menen dat zij gevrijwaard zouden moeten worden van kritiek op hun god of geloof.

Hier zijn drie nogal principiële antwoorden op.

Het eerste is dat iedereen, binnen de hele brede marges van het burgerlijk wetboek, vrij is en behoort te zijn te geloven wat hij wil, en daarover van mening te verschillen met anderen.

Het tweede is dat wie daar een principieel tegenstander van is omdat hij zelf meent het enige echte ware waarachtige en goede geloof te hebben gevonden, en zijn god hem voorschrijft of toelaat de tegenstanders van zijn geloof af te slachten, gevaarlijk is voor anderen en opgesloten behoort te worden indien hij meent het recht of de plicht te hebben anderen op te blazen via een eigen zelfmoord, met de vaste geloofsovertuiging dan voor eeuwig hemels verwend te worden door 72 houri's- en dat opsluiten kan trouwens ook op basis van het bestaand burgerlijk wetboek: Zoiets is een evident gestoord voornemen.

Het derde punt is dat niemand en niets gezonde gelovigen van fanatieke overtuiging verplicht in Nederland te blijven - en dat de echt overtuigden van terrorisme in naam van de Islam (= vrede) kennelijk hier blijven, als ze dat doen, omdat ze te bang of te dom of te onhandig zijn om hun fanate geloof te praktiseren buiten Nederland, en zonder uitkering.


Withuis: Mevrouw Jolande Withuis is doctor in de sociologie, ongetwijfeld hoog betaald medewerkster van het NIOD, columniste van Opzij, en mij enigszins uit haar boeken bekend omdat die handelen over enkele zaken die mij persoonlijk aangaan, zoals het hebben van een CPN-achtergrond, en het hebben van een vader (en grootvader) die in een Duits concentratiekamp werden opgesloten vanwege hun verzetsactiviteiten.

De boeken die ik van haar las - Erkenning en Na het kamp - zijn niet onaardig, niet onzinnig, en redelijk geïnformeerd over de themaas die ze behandelt, maar ook geheel niet vrij van feitelijke fouten of vreemde gedachtesprongen, hoewel in ieder geval dat laatste vrij normaal is onder sociologen en overige intellectueel zelden bijzonder begaafde sociale wetenschappers, was het alleen omdat dit toch vooral de wetenschappen der talentlozen zijn. Immers, wie werkelijk wetenschappelijk talent heeft studeert een echte bèta-wetenschap, of iets waar een ander werkelijk talent voor nodig is, als Chinees of medicijnen.

Ik had mij voorgenomen op deze site wat over de boeken die ik las van mevrouw Withuis te schrijven, over wier persoon ik weinig weet, omdat ik haar niet ken, en niet meer dan twee boeken van haar las van overwegend academische aard, of althans van die pretentie.

Maar voordat ik haar boeken heb kunnen behandelen liep zij mij, metaforisch althans, voor de voeten, en als persoon, voorzover dat kan in een persoonlijk artikel in een dagblad, en liet zij mij struikelen over een artikel van haar in de NRC van 27 oktober, onder de wervende titel 'Bijstandsmoeders zijn dom en lui' - trouwens een titel in typisch feministische proza-stijl, dus zonder kwantoren. (Zie: Mary Franken)

Haar aanleiding omschrijft doctor Withuis - die ik "doctor" zal blijven noemen, omdat ze socioloog is -  in de eerste alinea van haar stuk als volgt:

Onthutsend, onthullend én voer voor sociologen - zo mogen we de drie interviews met bijstandsmoeders in deze krant van 20 oktober wel noemen. Onthutsend, om de vanzelfsprekendheid waarmee deze vrouwen vinden dat er voor hen en hun kinderen moet worden gezorgd, is het niet door een man dan door de collectieve medemens. Onthullend vanwege redeneringen waarmee ze hun comfortabele levenshouding legitimeren.

Tsja. Ikzelf las die interviews niet, en heb geen zin te kijken of ik ze kan vinden. Een voorname reden voor dat gebrek aan lust is dat ik zelf wel eens geïnterviewd ben door Nederlandse journalisten, en vrijwel niets van mijn eigen meningen of woorden terug kon vinden, achteraf, in het journalistieke maaksel ontsproten aan de journalistieke duim, terwijl ik wel veel attributies aan mij vond, naast twee fotoos van mij, zodat iedereen die het blad las zogenaamd wist wie ik was en wat ik dacht, volgens die liegende en fantaserende journalistieke duim dan, en is overigens dat ik regelmatig interviews hoor door Nederjounalisten op de radio in "Met het oog op morgen", die heel vaak neer komen op pogingen tot uitlokking.

Zo legde Max van Wezel minister Zalm de term "oorlog" in de mond, vrijwel een jaar geleden, en zo hoorde ik gisteren dat Stefan Sanders keer op keer op keer probeerde een andere journalist te bewegen te zeggen dat de rellen in Frankrijk van dit moment "terreur" of "terrorisme" zouden zijn. De ander wilde daar niet aan, maar hoewel dat onmiddellijk duidelijk was, was dat aan Sanders niet besteed: "Maar was het dan geen terreur?", "Maar dan kunnen we toch van terrorisme spreken?" etcetera ad nauseam - de journalist als maker van meningen, als uitlokker van formuleringen en termen, en als sensatie-maker, en trouwens daarmee ook als onverantwoordelijke liegende en poserende zuiger. 

De onthutsende, onthullende en overige schokkende mededelingen van drie  bijstandsmoeders, althans voor het gemoed van de gearriveerde min of meer academisch bekwaamde lezeresjes van Opzij, laat ik dus maar voor wat ze zijn, vrijwel zeker: Journalistieke reconstructies en attributies, geschreven met het doel  om te scoren en vanwege sensatie, en vrijwel zeker niet of slechts zeergedeeltelijk wat de geïnterviewden zelf gezegd en bedoeld hebben.

Maar iets wil ik wel kwijt over de gearriveerde min of meer academisch bekwaamde lezeresjes van Opzij, omdat ik vele tientallen daarvan carrière heb zien maken aan de UvA, vechtend met scherpe ellebogen, politieke leugens en poses, met de slogans van het moment immer voorop de tong, en allemaal met de vaste wil om voor het leven een aanstelling als "wetenschappelijk medewerker" vrouwen-studies of iets navenants te verwerven, op kosten van de gemeenschap, maar met een ambtelijk topinkomen én toegang tot de grachtengordel en de pers, en met veel medestandsters in Opzij, allen met anti-kapïtalistiese meningen, ooit, die alleen een middel zijn gebleken om zelf carrière mee te maken. Ik zei al: Zie mijn commentaar van 4 jaar geleden op Mary Franken. Dat soort, met een dergelijk breintje.

Géén van deze gearriveerde academisch kwasi-bekwaamde indertijd zwaar revolutionaire dames heeft ooit een werkelijke slag gewerkt in de werkelijke maatschappij: Wat zij zelf voor "werk" houden en betitelen is het schrijven van gewoonlijk gepolitiseerde kul voor wetenschappelijk prutsblaadjes voor hun ambtelijke soi-disant academische carrière; het verkopen van slappe politieke en morele praatjes bij wijze van werkgroep-colleges; en het veel babbelen rond de koffie-automaat van de universiteit, waar ze een inkomen van de hoogste 5% "verdienen", om, zoals dat heet, "een netwerk" op te bouwen.

Hoe het is om dag in dag uit aan een lopende band te staan weten ze niet, behalve hooguit voor een paar uur, ooit als werkstudente, heel misschien. Wat het is om dag in dag uit cassière te zijn weten ze ook niet. Echt gewerkt, zeg: als bouwvakker of boer of staalarbeider of vroedvrouw, hebben ze nooit en wilden ze nooit - ze wilden voorvrouw zijn, carrière maken, aanzien hebben, en veel geld ontvangen zonder veel inspanning. En het historisch toeval wil dat ze dat alles konden krijgen, tussen 1970 en 1995, bijvoorbeeld via de UvA, waar totalitair feministies links sinds 1972 bijna 30 jaar constant aan de macht is geweest, en alle - vette, hoogebetalende, ambtelijke - baantjes vrijwel zeker naar PvdA-leden of leden van wat nu GroenLInks is gingen: Wie anders dacht deugde niet, en werd bij voorkeur voor "fascist" gescholden, en weggewerkt.

Tegenwoordig zijn de indertijd o zo revolutionaire feministiese kwasi-academisch bekwaamde wijfjes van mijn generatie ("van verraders", zegt Komrij; "van collaborateurs", zeg ik) dan maatschappelijk gearriveerd, en hoog betaald, en zeer verwend, en ook bijzonder zelfingenomen, al zal dat voor een aanzienlijk deel Adleriaanse compensatie zijn voor wie weet welk tekort, en ontlasten ze zich bijvoorbeeld als volgt vanuit hun ivoren toren in de Opzij-contreien:

".. tot op de dag van vandaag kun je van die superieur getoonzette gesprekjes lezen met niet-werkende moeders die nuffig verklaren dat mensen "moeten mogen kiezen en dat zij en haar man er samen voor hebben gekozen dat zij thuis blijft om voor de kinderen te zorgen, want dat is voor de kinderen toch maar het beste.""

Mevrouw doctor Withuis - wellicht kinderloos om carrière te kunnen maken als socioloog met NIOD-inkomen, ongetwijfeld heel goed betaald - spuugt gal en verderf via de NRC. Hoe durven deze gender-genotes! Te besodemieterd om voor 7 euro per uur te werken! Brutaal genoeg om zelf te beslissen om géén carrière te willen maken en voor de eigen kinderen te kiezen! Schande, volgens mevrouw doctor Withuis: Hoogmoed is het allemaal, en dat geeft geheel geen pas in Neerland.

"Hoogmoed, om de veronderstelling dat hun de tegenslag van anderen bespaard zal blijven: verlating, ziekte, dood. Hoogmoed ook om hun minachting voor werkende ouders."

Intelligente mensen hoeven geen sociologie of psychologie gestudeerd te hebben om te zien dat dit allemaal projectie is van mevrouw doctor Withuis, die zich immers ontlast over de mening van iemand die feitelijk zei liever thuis te blijven om voor haar eigen kinderen te zorgen, en verder ongeciteerd blijft. Heeft mevrouw doctor Withuis geen kinderen, misschien? Zou dat haar onderliggend motiefje zijn? Ik gis maar eens, als psycholoog. Maar goed - boos is ze, heel, héél boos:

"Voor werken voelen alledrie de geïnterviewden zich te goed. De één wil eerst doorleren voor een "serieuze baan met perspectief", want ze heeft zes kinderen te verzorgen. Maar had u zo'n vak niet moeten leren, mevrouw, voordat u deze stoet ter wereld bracht?"

Tsja. Wat is er tegen willen doorleren? Wat is er tegen een baan met perspectief willen? Wat is er tegen niet willen werken, als zelfs God dat liever niet doet, volgens de Bijbel, en de mensen dat alleen moeten, volgens hetzelfde boek, vanwege de zondeval? Kortom: mevrouw doctor Withuis windt zich kennelijk over iets anders op dan ze neerschrijft, en ik gis - maar weet niet - dat ze zelf kinderloos is, en ook jaloers. In ieder geval is ze giftig:

"Bovendien zou ze met een baan "om half zeven nog moeten koken". Maar dat moeten we allemaal, mevrouw; zo verdienen we uw uitkering."

Die zit, meent ze ongetwijfeld zelf. Nu, ik mag aannemen, als bijstandcliënt, die van de zeer royale som van 100 euro per week moet leven, dat ik dat allemaal dank aan mevrouw doctor Withuis, die dat eigenhandig met koken opbrengt, als ik het goed begrepen heb. Het sociologisch voldragen proza van doctor Withuis is namelijk niet zeer eenduidig.

Hoe het zij: Het zijn de doctores Withuis c.s. die in Opzij en op het NIOD mijn uitkering verdienen! Het zijn ook deze gearriveerde hoogbetaalde feministiese voorvrouwen die menen dat ikzelf maar, invalide en al, bij Albert Heijn moet gaan vakken vullen voor 6 euro 50 per uur op mijn 55ste, met een onverbeterlijk goed doctoraal, waarmee mij het herhaaldelijk niet toegestaan was aan de UvA te werken, omdat ik niet het soort collectieve meningen heb waarmee de Withuisen carrière maakten en academische baantjes verwierven in de 80-er jaren met hun onvoorwaardelijke politieke feministiee trouw aan wat "mijn generatie van verraders" (Komrij) toen beleed, feitelijk voor een carrière, geld, macht en aanzien. En nu verdienen zij mijn uitkering, naar eigen publiek verkondigde mening.

Maar laten we dan ook reëel zijn: De economische vraag naar NIOD-publicaties is immers enorm, in het buitenland, voor wie het gelooft. Het zijn dus alleen bijzonder realistische cynici als ikzelf die menen dat het hele NIOD inclusief doctor Withuis evenzeer onderhouden wordt door werkend Nederland als bijstandsmoeders - en met dit verschil, natuurlijk, dat één enkele NIOD-medewerkster minstens 10 bijstandsinkomens kost, aan de Nederlandse gemeenschap, die in zeer grote meerderheid maar dan ook geheel niet en nooit op enige NIOD-publikatie heeft zitten wachten, en heel goed geheel zonder kan.

Maar terug naar mevrouw doctor Withuis, veelverdienster bij het NIOD, en naar eigen inzicht pilaar van de Nedereconomie, en degene die mijn bijstandsinkomen bij elkaar verdient, want ze is nog lang niet uitgefoeterd:

"De ander, die haar baan opzegde en verkoos manloos drie kinderen te krijgen, wil alleen werken voor een 'topsalaris', en niet in de kinderopvang, want ze heeft "meer in haar mars" en wordt thuis al "bedolven" onder het grut."

Ik gis - met zekerheid van grote waarschijnlijkheid - dat deze mevrouw, die kennelijk óók al het tekort heeft in de ogen van mevrouw doctor Withuis dat zij kinderen heeft ("manloos" en al, als was ze Moeder Maria - maar ja: ik heb zelf geen sociologen-brein), héél graag voor het salaris van mevrouw doctor Withuis zou willen "werken". Maar dat mag ze niet van de hooggeleerde, in tegendeel:

"Geen probleem, mevrouw, in de naschoolse opvang moeten ook administratie en afwas worden gedaan en vloeren gedweild en de ouderenzorg kan ook hulp gebruiken."

Zie je? Langharig werkschuw tuig zijn het allemaal, al die vrouwen die tegenwoordig zo maar kinderen durven hebben, en die als dank voor dat voorrecht niet eens 8 uur per dag vloeren willen dweilen tegen 6 euro per uur. Mevrouw doctor Withuis, eenmaal gearriveerd op het salarispeil van het NIOD, zal wel even bepalen wie zich voor een minimum-inkomen verplicht uit de naad moet gaan werken in het smerigste en zwaarste werk: Alles en iedereen dat vrouw is, in de bijstand zit, kinderen heeft, en dat zich niet in een NIOD- of Opzij-baantje heeft weten te manoeuvreren vanwege 20 jaar Politieke Correctheid naar nederfeministies ontwerp.

Maar we zijn er nog niet, want de hooggeleerde doctor Withuis is echt héél boos, en waarschijnlijk zelf kinderloos - als ik tenminste eens wat psychiatrisch gemotiveerd en geschoold giswerk mag doen over de driftmatige grondslagen van haar tomeloze woede over haar zusters in de bijstand:

"Nummer 3 nam eveneens zelf ontslag en klaagt nu dat werkgevers haar te oud en te duur vinden. Maar dat is precies waarom het altijd wordt afgeraden om 'tijdelijk' met werken te stoppen; dat risico heeft u vrijwillig genomen, mevrouw. Deze ex-secretaresse kan niet werken, omdat ze haar kinderen naar school wil brengen."

Alwéér die schandalige wil om voor de eigen kinderen te willen zorgen, nietwaar? Schande! Mevrouw doctor Withuis heeft natuurlijk nooit zelf ontslag genomen, en is daarom dan ook nu welstaand. Dat "werkgevers" wel eens niet allemaal engelen zouden kunnen zijn heeft ze vast vaak uitgedragen in haar fanate feministen-jaren, maar vergeet ze nu even voor het gemak: Eigen schuld, dikke bult als je te oud bent om werk te krijgen. Had je maar niet oud moeten worden, of geen ontslag moeten vragen. En vooral: Geen kinderen moeten hebben, kennelijk.

Ik ben bij de afsluitende alinea aangeland. Ik citeer het in drieën, als voorbeeld van sociologische logica van de feministiese Opzij-soort:

"Hun werkvijandige houding kan niet alleen deze drie vrouwen worden verweten. In Nederland wordt het mannelijke kostwinnerschap nog steeds niet als een antiquiteit gezien - zeker door mannen niet - en is de samenleving nog altijd niet ingericht op werkende individuen."

Merk op "werkvijandige houding": Dat is objectieve sociologen-taal, voor wie het gelooft. Merk op dat "mannen" weer ongekwantificeerd is, voor het feministies redeneer-gemak. En merk op dat het héél vreemd ingericht is in de Nederlandse samenleving, volgens de sociologische doctor Withuis, omdat de Nederlandse samenleving "nog altijd niet ingericht op werkende individuen." Er zou meer op te merken zijn over dit proza, maar ik heb dan ook geen sociologische hersentjes. Dan

"Een van de vrouwen vraagt zich af waarom moederschap niet wordt beloond met een "passend salaris". Het antwoord is eenvoudig: de samenleving heeft om die kinderen niet gevraagd."

O? Plotseling is wat "de samenleving" zou vinden - selon madame Withuis dan, feministies doctor - maatgevend voor wat moreel en praktisch zou zijn? En zijn het trouwens niet de kinderen van deze drie bijstandsmoeders die over 20 jaar het pensioen en de AOW en de goedkope tramkaart en twee kunstheupen voor mevrouw doctor Withuis moeten gaan verdienen? En sinds wanneer vráágt "de samenleving" iets?

Nu, de reden waarom mevrouw doctor Withuis een vragende samenleving - voor mij iets als 'het lezende onweer' of 'de schrijvende zee', maar ik heb nu eenmaal een logisch werkend brein - van node meent te hebben is haar volgende afsluitende redenering, die van waarachtige sociologische diepte en schoonheid is:

"En dat is maar goed ook, want als moeder zijn werd betaald uit de publieke middelen, mocht de overheid zich ook bemoeien met wie wanneer hoeveel kinderen mag krijgen - en zo'n totalitair systeem is echt veel erger dan werken."

Mevrouw doctor Withuis heeft een totalitaire geest, van het soort waar het vanzelf voor spreekt dat als de staat aan iets bijdraagt, de staat "dus" zich zou mogen aanbemoeien tegen alles wat daarmee samenhangt. Het is een gestoorde, en inderdaad totalitaire mening - maar één die volgens mevrouw doctor Withuis zozeer vanzelf spreekt dat ze 'm vanzelfsprekend projecteert op anderen.

Trouwens... ikzelf zie niet in wat er tegen zou zijn moeders te betalen voor moederen, en ook niet wat er zo afkeurenswaardig is aan een vrouw die liever haar eigen kinderen verzorgt dan aan een lopende band werkt, met het "recht" haar kinderen tegen de helft van haar minimum-salaris op de bedrijfscrèche te laten opstapelen, in bergen gillende kleuters. Maar ja, ik ben dan ook geen feminist, en ook geen doctor sociologie.

Goed - je begrijpt waarom ik sinds ik het bovenstaande van de hand van mevrouw doctor Withuis las gedwongen ben enigszins anders over haar persoon te denken, al doe ik dat natuurlijk ook met diepe psychologische begaanheid, solidariteit, en respect, natuurlijk.

En gelukkig ziet het er ondertussen naar uit dat zij en haar overige collegaas bij het NIOD degenen zijn die mijn bijstandsuitkering betalen, want mevrouw doctor Withuis is van de gearriveerde soort feministiese NIOD-burocraten die dat graag hoogstpersoonlijk mag schrijven in de NRC: "zo verdienen we uw uitkering."

Ik vermoed dat ze vindt dat de 10 euro die ik per dag te besteden heb, aan eten, voedsel, boeken, huisraad etc. welbeschouwd véél te veel voor me is, en dat het van 3 of 5 euro ook moet kunnen.

Had ik immers maar niet ziek moeten worden! Of minder kritisch moeten zijn tegen haar vrienden en vriendinnen in de PvdA! Eigen schuld, dikke bult!


Nederonderwijs: In de NRC van 4 november staat een stuk n.a.v. een pas verschenen boek met de titel "Steeds minder leren - De tragedie van de onderwijshervormingen." Journalist (?) Duursma is een man van het eten van twee wallen, zoals ik straks zal laten zien. Hij omschrijft het boek zo:

"Al te veel nuance valt natuurlijk niet te verwachten van een bundel met als ondertitel "De tragedie van de onderwijshervormingen." Dit boek, uitgegeven ter gelegenheid van het vijfde lustrum van de Vrienden van het Gymnasium, is een noodkreet, een oproep tot debat over de toestand van het onderwijs. Want met dat onderwijs is het bijzonder beroerd gesteld, menen bijna alle 36 auteurs."

Die mening deel ik - en verkondig ik al publiek sinds vóór het ontstaan van de Vrienden van het Gymnasium, en vanwege die mening ben ik twee keer van de UvA verwijderd, en daar vele keren voor 'fascist' uitgemaakt, o.a. door de feministische vriendinnen van mevrouw doctor Withuis, en wie weet zij zelf ook. Journalist (?)  Duursma vervolgt

"Wie al die stukken achter elkaar leest, blijft verslagen achter. Geveld door een overdosis cultuurpessimisme. Zo'n lezer overweegt emigratie, om zijn kind de gruwel van het Nederlandse onderwijs te besparen."

Misschien is Duursma geen journalist, maar spreekt hij namens de PvdA, die terecht veel gekritiseerd wordt door mensen die iets weten van het verval van het Nederlandse onderwijs sinds 1965, maar die in dit stuk nogal beschermd wordt.

Hoe het zij: Dat het Nederlandse onderwijs sinds 1965 bijzonder verarmd is is geheel géén "overdosis cultuurpessimisme". Het is een gewoon elementair feit dat men tegenwoordig in het eerste jaar van de universiteit dingen moet leren - rekenen met breuken, grammaticaal Nederlands - die ikzelf, en ieder ander van mijn leeftijd, bij machte was rond mijn tiende, op een toen heel gewone lagere school, in wat feitelijk toen "een achterstandswijk" was, al heette dat toen niet zo, namelijk de Staatsliedenbuurt van Amsterdam rond 1960.

En wie kinderen heeft met een IQ boven de 125 doet er inderdaad verstandig aan te emigreren, tenzij hij of zij erg rijk is en zelf het onderwijs kan verzorgen: De Nederlandse scholen en universiteiten zijn de afgelopen 40 jaar verworden tot armzalige puinhopen, die bol staan van pretenties, zoals over het Adelmundse "leren leren", zonder enige reëele prestaties.

Wie in Nederland enigermate hoogbegaafd is en géén rijke ouders heeft die hem of haar privé-onderwijs geven zal in Nederland bestolen worden van zijn recht op ontwikkeling en op onderwijs in overeenstemming met zijn talenten. Aangezien dit een mensenrecht is, doet iemand die het serieus met z'n hoogbegaafde kinderen voor heeft er dus heel verstandig aan Nederland z.s.m. te verlaten, en bijvoorbeeld naar Canada of Scandinavië te vertrekken.

"Stuk na stuk klinkt immers hetzelfde refrein: de vernieuwingen sinds de jaren zeventig hebben het onderwijs verpest, van kennisoverdracht is geen sprake meer, de zelfstandige rol van docenten is uitgespeeld. Schaalvergroting heeft geleid tot geldverslindende bureaucratie, bekostiging op basis van diploma's tot fraude en niveaudaling. Algemene ontwikkeling is een schaars goed, dat alleen op de gymnasia nog kan worden aangetroffen."

Ja, dat is allemaal zo - behalve dat het al aan de gang is sinds de 60-er jaren, toen Cals de Mavo en de Havo invoerde, en dat de gymnasia ook geheel niet meer zijn wat ze tot de 50-er jaren waren, omdat de eindtermen van de huidige gymnasia ook veel geringer zijn dan die van vroeger.

"In de woorden van de econoom Arnold Heertje: 'Van laag tot hoog heeft het onderwijs in Nederland een dieptepunt bereikt. We zijn er allemaal getuige van, stonden erbij, velen hebben gewaarschuwd, maar niemand heeft de neergang tegengehouden."

Hm. Het is in ieder geval niet waar dat "velen hebben gewaarschuwd", althans niet toen er nog wat aan kon gebeuren, namelijk in de 70-er en 80-er jaren: Ik deed dat toen, en werd massaal uitgemaakt, aan de UvA, voor "fascist", "élitair" en overig fraais, eenvoudig omdat ik zei een voorstander van goed wetenschappelijk onderwijs te zijn. En weldenkende men meende en zei en riep in die tijd dan heel snel dat wie dat vond - W.F. Hermans, ikzelf, wellicht nog hier en daar een eenling - "élitair" en een "fascist" was.

Het verzet waar Heertje het over heeft is precies even geloofwaardig als 99% van het verzet dat in de Tweede Wereldoorlog door Nederlanders gepleegd heette te zijn: Men collaboreerde, zowel in de Tweede Wereldoorlog, als toen tussen 1970 en 2000 het Nederlandse onderwijs geruïneerd werd uit naam van de "gelijkheid", "gelijkwaardigheid" en overige socialistische nivelleringsidealen. Ik kom er zometeen op terug, maar ga nu verder met tekst van Duursma:

"Oorzaak van de misère is volgens veel auteurs het sociaal-democratische verlangen naar gelijke kansen voor iedereen. (......) Weer waren PvdA'ers verantwoordelijk: Tineke Netelenbos, Karin Adelmund, Jo Ritzen."

Ik sla hierin een flinke hap over, waarin de PvdA'ers Van Kemenade en Wallage genoemd worden, overigens terecht, maar met veel te veel excuses. 

De échte reden ligt wat ingewikkelder dan het beweerde "sociaal-democratische verlangen naar gelijke kansen", en was ook populair bij wat toen Klein Links heette: CPN, PSP en PPR, tegenwoordig GroenLinks, en was deze: Door te poseren alsóf men voor gelijke kansen voor iedereen zou zijn kon men heel makkelijk aanstellingen aan de universiteiten krijgen indertijd, in een hoge ambtelijke schaal, en voor het leven, en kon men heel makkelijk, mits voorzien van scherpe ellebogen en partijvrienden, lid van een college van bestuur van een universiteit e.d. worden - en dàt was wat alle PvdA'ers o zo vreselijk graag wilden, net als velen uit Klein Links.

De meningen die men daarvoor voorgaf te hebben waren even gemeend als de meningen die Stalinistische appartsjiks voorgaven voor hun bevoordeling en carrière: Het waren overwegend leugens, voorzover het geen ideeën van heel domme lieden waren, die er natuurlijk ook bij waren. Maar de meerderheid loog heel welbewust en opzettelijk, en zeker Netelenbos, Ritzen, Van Kemenade, Wallage, Poppe, Cammelbeeck, Gevers, en De Hon logen allemaal, voor hun carrière, inkomen en status, en ten koste van het onderwijs en de ontwikkelingskansen van vele miljoenen Nederlanders. .

"Na weer een boutade over de devaluatie van het eindexamen (waarbij de norm wordt aangepast aan het beoogde percentage geslaagden) of de onzin van het Nieuwe Leren (dat volgens dichter en classicus Piet Gerbrandy steunt op vijf pijlers: Leukte, Onwetendheid, Intrinsieke Motivatie, Democratie en Holisme), roept te bundel steeds meer dezelfde vraag op. Als de onderwijsvernieuwingen echt aantoonbaar slecht zijn, waarom is het verzet dan niet sterker? Waarom staan we toe dat we de volgende generatie tot domheid veroordelen?"

Het antwoord is simpel: Omdat de grote meerderheid niet al te intelligent is; omdat de grote meerderheid niet zelf als volwassene deelneemt aan het onderwijs; en omdat de grote meerderheid  graag collaboreert met wat "we" en "men" publiek voorgeven te vinden, want dat is veilig en goed voor de carrière. En het is nog steeds héél populair in Nederland om zogenaamd uit naam van universele gelijkwaardigheid en zogenaamd vanwege gelijke kansen alles en iedereen te nivelleren, zo mogelijk tot onder het niveau van de doorsnee. Want de doorsnee houdt niet van wie echt slimmer is dan de doorsnee: "Doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg."

"Emeritus hoogleraar Latijn A.J. Kleywegt vraagt zich dat ook af en heeft drie verklaringen. Politici erkennen pas jaren later dat hun vergissingen verkeerd zijn uitgepakt (..) Talloze instanties, commissies en organisaties rondom het onderwijs zijn gebaat bij vernieuwingen, het houdt ze bezig. Ouders zien geen reden tot zorg want hun kind presteert voldoende en docenten klagen alleen onder elkaar."

Dat zal allemaal kloppen, maar de voornaamste reden is de tweede: Er is een gigantische onderwijsbureaucratie waar de hogere functies uitstekend "verdienen" (HBO-directeuren die met een kwart miljoen euro naar huis gaan, jaarlijks, bijvoorbeeld), en waar bureaucratisch gelul, vergaderingen, beleidscommissies, en slappe stukken daarvoor een groot deel van het inkomen en de tijdsbesteding vormen. En de grote meerderheid die bij het Nederlands onderwijs betrokken is die is helemaal niet geïnteresseerd in werkelijk goed onderwijs: Men maakt carrière, men verdient geld, men is ambtenaar. Ik heb aan de hele universiteit van Amsterdam in 30 jaar hoogstens 5 werkelijk intelligente wetenschappelijk bevlogen mensen ontmoet, en dat waren vrijwel allemaal wiskundigen. De rest gaf niet werkelijk om wetenschap, en was zelf inderdaad niet bijzonder of vaak helemaal niet intelligent. Dat hoefde ook niet aan de UvA, zolang je maar de Politiek Correcte meningen van het moment uitdroeg.

Hier is Duursma's slot-alinea die, net als Withuis in het boven gerecenseerde stuk,  met een grove redeneerfout eindigt:

"Mooi aan deze bundel is dat er veel docenten aan het woord komen die wel naar buiten durven te komen met hun klachten. Jammer is dat het flink wat oud-docenten zijn, die elkaar bevestigen in hun afkeer van de vernieuwing. Als de Vrienden van het Gymnasium werkelijk een debat willen aanjagen, hadden ze ook een paar leraren moeten uitnodigen die niet op voorhand geloven dat vroeger alles beter was."

Zo, en die zit, denkt Mark Duursma ongetwijfeld. Maar het is een redeneerfout: Het gewenste debat is ongetwijfeld maatschappelijk, en niet binnen de kaften van dit gerecenseerde boekwerk. Bovendien geldt dezelfde grove misser voor de Holocaust: Ach, waar blijven toch de ontkenners daarvan voor een gezellige "gelijkwaardige", "genuanceerde" discussie?

En waarom zou het niet eenvoudig feitelijk waar kunnen zijn wat de grote meerderheid in deze bundel stelt, namelijk dat er zich feitelijk een ramp heeft afgespeeld in het Nederlandse onderwijs: Over een periode van 40 jaar zijn de eindtermen minder dan de helft van wat ze vroeger waren.

Als het dus zo is dat Nederland "een kennis-economie" is, dan is het Nederland van de nabije toekomst tot honger en gebrek gedoemd, omdat het Nederland van "mijn generatie van verraders" (Komrij) alle voorwaarden om een functionerende en winstgevende kennis-economie in stand te houden uit naam van de gelijkheid genivelleerd heeft tot vrijwel nul.

En tenslotte, over hoe het zo heeft kunnen komen: Omdat ook nu maar heel weinigen de moed van hun meningen hebben, en dat - o wonder boven wonder -"het flink wat oud-docenten zijn". Zó was het vroeger ook: Men verzette zich niet; men praatte en collaboreerde mee; men geloofde en hoopte dat het "mijn tijd wel zal duren"; men wachtte met kritiek tot men zelf veilig binnen was met pensioen, of de tijdsgeest radikaal anders was geworden.

Nu is het Nederlands onderwijs kapot, en als Nederland over een generatie een ontwikkelingsland zal zijn, dan is dat objectief verdiend, gezien het niveau van het onderwijs dat men sinds 1970 gehad en "genoten" heeft in Nederland, en dan zal dat de schuld zijn van bijna iedereen die toen leefde en werkte of studeerde in en rond het onderwijs: Behoudens mijzelf bralde vrijwel iedereen vrijwel overal mee met de nivellering, die dan ook gewoonlijk politiek versleten werd als "demokratisering" - en die veel uitvreters en oplichters van mijn generatie inderdaad aan hele zachte hele vette bestuurs-sinecures voor het leven hebben geholpen. De meeste van het zooitje was inderdaad van de PvdA, en behoort er nog steeds tot de top.

Ze logen en bedrogen voor macht, geld en status. En als ze dat niet deden waren ze hopeloos dom, en gewillige werktuigen van hun liegende en bedriegende leiders. Het is simpel, bitter, en waar, en ook geen slechte samenvatting van "het socialisme" in de feitelijke maatschappelijk praktijk.


En dat was het weer voor deze keer. Heel misschien gaat het met 6 gram carnitine per dag iets beter, maar het houdt nog steeds niet over, en scheelt tot nu toe geheel niet in pijn, wat jammer is.

Het beste,

Maarten.

 

Nedernieuws 6 november 2005