\ 

Nederlog

 

11 november 2009

 

Heidegger aan diggelen

 

      "Let not theories and 'ideas' be the rule of your being. The Führer himself and he alone is the present and future German reality and its law. Learn ever deeper to know: that from now on each and every thing demands decision, and every action, responsibility. Heil Hitler!
   
-- Martin Heidegger

U vond gisteren zomaar een fraaie uiteenzetting over tien goede filosofische teksten uit de vorige eeuw - een soort existentiebewijs - en u vindt vandaag meer filosofie, behalve dat het deze keer (zoals gewoonlijk, kan ik u verklappen, waar het 20ste eeuwse vak-filosofen van naam zonder talent voor wiskunde en/of zonder kennis van echte wetenschap betreft) onzinnige filosofie betreft, maar dan wel op een heel bijzondere schaal.

Dit stukje gaat namelijk over Het Denken van Heidegger - of eigenlijk gaat het daar niet over als wel over zijn opgang, betrekkelijke populariteit, en - naar ik mag hopen - zijn definitieve afgang.

Ik baseer me hierbij vooral op twee Engelstalige verhandelingen over Heidegger, die ik op de interessante en bruikbare site Arts & Letters Daily vond, het eerste ca. een week geleden en het tweede vandaag.

Wat me hierbij motiveert is voor een flink deel gecomponeerd uit leedvermaak en verbazing, en geheel niet op bijzondere kennis van Heidegger's werk. Ik leg zometeen de gronden voor mijn verbazing en leedvermaak uit, en begin met een kleine verklaring waarom ik zo weinig met Heidegger op heb, dat heel weinig te maken heeft met waarom hij nu - mag ik hopen - richting publieke afgang gaat, namelijk zijn collaboratie met en grote sympathie voor de Nazi's, en veel met mijn vroege jeugdige hoogmoed.

Het zit namelijk zo. Op mijn 18e was ik - na wikken en wegen - tot de beslissing gekomen dat ik filosofie en logica wilde studeren (vooral vanwege mijn belangstelling in menselijk redeneren, die met mijn puberteit ontwaakt was), maar ik was van de HBS verwijderd ("Maarten is wel intelligent genoeg, maar hij is te lui", aldus de rector, die kwaad wilde omdat hij publieke discussies met me verloren had), en zat derhalve op een avondgymnasium-beta.

Daar zaten meer intelligente jongelieden met grote intellectuele aspiraties op, en één daarvan was geinteresseerd in filosofie, net als ik, en was de (volgens hem) grote Duitse denker Heidegger zeer toegedaan, waar ik tot dan alleen zeer oppervlakkig van wist uit de weekbladpers - vermoedelijk niet meer dan dat hij een Duitse existentialist was, die niet over alles hetzelfde dacht als Sartre.

Ik wilde dus meer weten van Heidegger en werd verwezen naar zijn "Holzwege", een boekje van de Duitse denker van kort na de oorlog, waarin hij - aldus mijn zegsman - baanbrekende nieuwe gedachten ontvouwde.

Het resultaat was dat ik, na lezing hierin met zeer snel stijgende verbazing en afschuw geheel zelfstandig konkludeerde dat ik nog nooit dergelijk gruwelijk gebazel gelezen had (ondanks toen al bestaande kennis van Mulisch en Schierbeek!) en dat Heidegger hetzij gestoord hetzij een oplichter moest zijn.

Als gezegd kwam ik geheel zelfstandig tot dit oordeel, alleen op basis van Heidegger's tekst in "Holzwege", en zonder verder iets bijzonders van de man te weten, laat staan van zijn aktieve participatie in het nazisme: Ik vond wat hij schreef eenvoudig opgeblazen rateldolle kul en ook gruwelijk - aanstellerig, gemaakt, moedwillig duister - Duits.

Kort daarna raakte ik verslingerd aan logica en analytische filosofie, zodat ik sindsdien weliswaar diverse blikken in Heidegger's "Sein und Zeit" geslagen heb, die mijn eerdere oordeel alleen maar sterk ondersteunden, en leerde dat Heidegger in de analytische filosofie - geheel terecht - de rol van duisterdenker bij uitstek speelt, alweer vanwege zijn zeer duistere ongrammaticale pretentieuze en bombastische taalgebruik, met frases als "Das Nichts nichtet", wat mij dus geheel niet verbaasde, maar alweer geheel niet aanspoorde meer van de man te willen lezen.

In de late 80-er jaren van de vorige eeuw kwam er een fikse Heidegger-discussie tot stand, die vooral met twee dingen van doen had: Enerszijds waren er vooral in Duitsland en Nederland, maar ook daarbuiten, zeer veel academische aangestelde filosofen die Heideggerianen waren, in de zin dat ze hem voor een groot denker hielden, en delen van zijn oeuvre uitspitten en onderwezen, en anderszijds was er vanaf 1987 het boek van Victor Farias, oorspronkelijk een leerling van Heidegger, getiteld "Heidegger and Nazism" (in het Engels) waarin hij, in de woorden van de Engelse Wikipedia

concluded that Heidegger's philosophy is inherently fascist. 

Het vervelende voor de Heideggerianen - veelal nominaal "links", was het alleen omdat dit in die tijd het best was voor het verwerven en behouden van een universitaire aanstelling - was dat Farias zowel Heidegger's teksten als zijn verleden behoorlijk intens bestudeerd had, en moeilijk inhoudelijk te weerleggen was.

Althans... hij werd niet weerlegd, hoewel wel weersproken, en ikzelf besteedde aan een ander alweer heel weinig aandacht, omdat ik toch allang beslist had dat Heidegger een duisterdenker was, al vermaakte het me wel dat hij bovendien een grage en fanate nazi-collaborateur was geweest. (*)

In dit verband: Hier is een stukje uit het leerzame Wiki-artikel "Heidegger and Nazism" (minus één alleen-taalkundige link, maar overigens geheel ongewijzigd):

Führerprinzip

On August 21, 1933 Heidegger established the Führerprinzip at Freiburg: thereafter, the rector was to be appointed by the Nazi Minister of Education instead of being elected by the faculty. Heidegger was nominated as Führer of Freiburg University on October 1, 1933. It is in that function that he issued on November 3 a decree applying the Nazi racial policies to the students. The decree awarded economic aid to students belonging to the SS, the SA and other military groups. "Jewish or Marxist students" or anyone considered "non-Aryan" would be denied financial aid.

De strijd rond Heidegger is nog steeds niet gestreden, vooral omdat er nog steeds veel academisch aangestelde Heideggeriaans angehauchte zogeheten vak-filosofen zijn (**), en er is nu kennelijk een opvolger van Farias, die Faye heet en Frans is.

Hij heeft recentelijk een Frans boek over Heidegger geschreven, waarover ik ruim een week geleden leerde via Arts & Letters Daily, in een artikel van een Carlin Romano getiteld "Heil Heidegger" (***), dat ik alleraardigst vond om te lezen, maar dat vergezeld kwam van een zondvloed van maar liefst 159 e-mails, overwegend gevuld met boze klachten van Heideggerianen, hoewel Romano in die serie van mails heel redelijk verdedigd werd door iemand die zich zdenekv noemt.

Romano's artikel begint zo, en vervolgt in stijl:

How many scholarly stakes in the heart will we need before Martin Heidegger (1889-1976), still regarded by some as Germany's greatest 20th-century philosopher, reaches his final resting place as a prolific, provincial Nazi hack? Overrated in his prime, bizarrely venerated by acolytes even now, the pretentious old Black Forest babbler makes one wonder whether there's a university-press equivalent of wolfsbane, guaranteed to keep philosophical frauds at a distance.

Het is dus niet zo vreselijk vreemd als personen die zich een heel academisch leven lang hebben toegelegd op of geloofd hebben in deze "philosophical fraud" a.k.a. "the pretentious old Black Forest babbler" niet gelukkiger van dit artikel  zijn geworden, maar ik heb het overgrote deel van de 159 e-mails ongelezen gelaten, enerzijds omdat Heidegger mij niet interesseert behalve als voorbeeld van een filosofische oplichter, en anderzijds omdat ik - en zie noot (*) - weer geconfronteerd word met tal van Amerikanen die doen alsof ze zeer veel meer van de Duitse geschiedenis c.q. de geschiedenis van het Nazisme weten dan ik, maar dat geheel niet doen, en idem wat filosofie betreft, en die mijzelf dus echt als oplichters-in-de-ware-geest-van-de-Meester voorkomen, als het geen totaal achterlijke geloofsfanaten zijn, dat ook voorkomt onder Heideggerianen.

Maar ik wil wel wat meer Romano citeren:

Next month Yale University Press will issue an English-language translation of Heidegger: The Introduction of Nazism Into Philosophy, by Emmanuel Faye, an associate professor at the University of Paris at Nanterre. It's the latest, most comprehensive archival assault on the ostensibly magisterial thinker who informed Freiburg students in his infamous 1933 rectoral address of Nazism's "inner truth and greatness," declaring that "the Führer, and he alone, is the present and future of German reality, and its law."
(...)
Aim? To expose the oafish metaphysician's vulgar, often vicious 1930s attempt to become Hitler's chief academic tribune, and his post-World War II contortions to escape proper judgment for his sins.

En een stuk verderop is te zien dat Heidegger ook een soort Wildersiaan was (niet voor niets een vlijtig lezer van Hitler's Mein Kampf):

According to Faye, "we witness, in the courses and seminars that are ostensibly presented as 'philosophical,' a progressive dissolving of the human being, whose individual worth is expressly denied, into a community of people rooted in the land and united by blood."

En weer wat verder op

For Faye, Heidegger's 1930s Nazi activism came from the heart. Painstakingly providing sources, Faye exhibits Heidegger's devotion to "spreading the eros of the people for their Führer," and the "communal destiny of a people united by blood." We learn of Heidegger's desire to be closer to Hitler in Munich, and his eagerness to lead the Gleichschaltung, or "bringing into line," of the German universities with Nazi ideology. According to several witnesses, Heidegger would show up at class in a brown shirt and salute students with a "Heil Hitler!"

Zoals ik zei was de reactie van Heideggerianen niet mals en heb ik besloten die overwegend (na een proeve, die mij geheel niet beviel: boosaardige brallers en evidente poseurs & leugenaars) ongelezen te laten, maar vandaag was er weer een stukje over Heidegger in Arts & Letters Daily opgevoerd, dat ook al aan het boek van Faye is gewijd, dat overigens al 2 jaar in het Frans bestaat, naar ik begrijp, dat voor Amerikanen natuurlijk in meerderheid een vreemde taal is, om welke reden de kwestie eerst nu in de VS begint te spelen, en wel omdat de Engelse vertaling van Faye's boek zeer binnenkort verschijnt.

Deze keer betreft het een stuk uit de New York Times van een Patricia Cohen, met deze tweede alinea, die de teneur van Faye's boek kennelijk goed weergeeft

First published in France in 2005, the book, “Heidegger: The Introduction of Nazism Into Philosophy,” calls on philosophy professors to treat Heidegger’s writings like hate speech. Libraries, too, should stop classifying Heidegger’s collected works (which have been sanitized and abridged by his family) as philosophy and instead include them under the history of Nazism. These measures would function as a warning label, like a skull-and-crossbones on a bottle of poison, to prevent the careless spread of his most odious ideas,  (****) which Mr. Faye lists as the exaltation of the state over the individual, the impossibility of morality, anti-humanism and racial purity.

En een stukje verderop

Although Mr. Faye talks about the close connection between Heidegger and current right-wing extremist politics, left-wing intellectuals have more frequently been inspired by his ideas.

Dit is ongetwijfeld waar (al is "left-wing" een wat vaag begrip, en al waren veel "left-wingers" vooral left-wingers omdat dit aan hun eigen carrieres bijdroeg), maar de erop volgende zin niet:

Existentialism and postmodernism as well as attendant attacks on colonialism, atomic weapons, ecological ruin and universal notions of morality are all based on his critique of the Western cultural tradition and reason.

Dit geeft Heidegger namelijk veel te veel eer en krediet: Al deze bewegingen en opstellingen gaan op veel meer factoren terug dan de duisterdenker Heidegger.

Mevrouw Cohen noteert wel, in samenhang met het boven behandelde stuk van Romano, over Faye's boek:

Few people have read the book, but the article has generated more than 150 online comments from vehement advocates and detractors, more than any other piece The Review has printed this year, said Liz McMillen, the editor. Others joined the fray.

Mevrouw Cohen is duidelijk geen filosoof, en schrijft als een competente journaliste, maar vermeldt terecht over Heidegger dat

His prose is so dense that some scholars have said it could be interpreted to mean anything, while others have dismissed it altogether as gibberish. He is nonetheless widely considered to be one of the century’s greatest and most influential thinkers.

Hieruit is me niet duidelijk hoe zij zelf het verband tussen deze twee zinnen van haar ziet, maar het verband dat ik zie is vooral een van oorzaak en gevolg:

Des te duisterder, pretentieuzer en poly-interpreteerbaarder, des te groter was de kans dat de schrijver ervan, althans in de 20ste eeuw, voor "one of the century’s greatest and most influential thinkers" werd gehouden.

Hoe het zij... of ikzelf het geheel eens ben met Faye of Farias weet ik niet (****), omdat ik hun boeken niet ken, maar ik weet wel dat Heidegger mij vanaf het allereerste moment van blootstelling aan zijn proza trof als een evidente fraudeur of gek; dat dit oordeel van mij niets van doen had met politiek, want ik wist helemaal niets van Heidegger's politieke posities, en alles met zijn taalgebruik en pretenties; en dat het mijzelf zowel vermaakt als rechtvaardig voorkomt om te kunnen lezen wat een schoft en grage Nazi-collaborateur en NSDAP-lid deze duistere aansteller feitelijk geweest moet zijn.

Ik vermoed niet dat Heidegger daarmee van de universiteiten zal verdwijnen op korte termijn, eenvoudig omdat daar nog veel te veel filosofische academici van zeer gering talent met een levenslange investering en financieel belang in de voortdurende bestudering van deze Nazi-filosoof rondzwerven, maar allicht helpt het iets om mensen te helpen weerhouden zich door deze pretentieuze duisterdenker of door zijn vele apologeten te laten bedriegen.


P.S. Een eerder stukje in Nederlog, met eenzelfde teneur, maar over een andersoortig filosofisch denker, is Popper in gruzelementen van vijf weken geleden.

Laat ik het dus een keertje zo formuleren, voor de jeugd die de toekomst heeft en belangstelling voor filosofie heeft:

Als je niet goed bent in wiskunde, dan zal je het niet ver brengen in de filosofie (behalve literair of als aansteller/ oplichter); als je wel goed bent in wiskunde, dan doe je er veel verstandiger aan wiskunde te studeren, of anders een échte wetenschap.

Hoe het zij, in ieder geval had het artikel van Romano de deugd, ruim een week geleden, mij behoorlijk op te vrolijken, en als het u dat niet doet, dan blijft het nog steeds leerzame waar over een zeer pretentieuze duisterdenker, die niet alleen gruwelijk Duits schreef, maar ook moreel en menselijk geheel niet wilde of niet kon deugen.

Noten

(*) Eén van de - vele - dingen waarin ik verschil van mijn baby-boom generatie, die van zichzelf meent veel van "het fascisme" te weten, is dat ik er echt veel van weet (vergelijkenderwijs met mijn generatie, niet met vakhistorici, en vanwege mijn familie-achtergond), dat met zich meebrengt dat ik mij snel pleegde (en pleeg) af te keren van verhandelingen over "het fascisme" in kranten en weekbladen als de NRC, VN, de HP of de Groene, omdat het bijna altijd ronkende onzin bleek te zijn. Ik las indertijd dus nauwelijks in "de bladen" over Farias en Heidegger, vooral omdat Farias m.i. het gelijk aan zijn zijde moest hebben, en ikzelf nooit ook maar iets met Heidegger opgehad had.

Ik bedoel: Ik ga me ook niet verdiepen in weerleggingen van geloof dat de aarde plat is, en voor mij staat Heidegger op dat niveau, net als zijn aanhangers.

En ik kan ook heel goed begrijpen waarom zijn aanhangers aanhangers zijn: Het zijn, zoals de grote meerderheid van de mensen, geboren volgelingen en ze zijn - uiteindelijk, wat ze zichzelf ook wijs proberen te maken - niet werkelijk geinteresseerd in filosofie, waarheid of wetenschap, maar in een bij hun noden en verlangens aansluitend wereldbeeld, en bij dergelijke mensen glijden filosofische duistertaal, opera's van Wagner, en grandioze onzin naar binnen als ouweltjes in een ouderling. (Zie verder: Yahooisme & demokratie en het lemma Wishful thinking in mijn Philosophical Dictionary.)

Wat ik echter wel weer leuk vind - ook ik heb leedvermaak-klieren - is dat tal van indertijd would be linkse denkers die mij vlijtig voor "fascist" en "terrorist" scholden aan de UvA feitelijk aanhangers waren, en vaak nog zijn, van iemand die ik in eerlijke en waarachtige termen weinig anders dan als echte fascist - Nazi - en werkelijke terrorist - van zijn joodse universitaire collega's - kan beschouwen.

Dialektiek der geschiedenis!

(**) Zoals in Neerland de nu Leidse filosoof Oudemans, waarvan ik eindelijk meen begrepen te hebben waarom ikzelf hem als "de gek met de alpinopet" ken van mijn "studie" filosofie aan de UvA, waar hij in die tijd doceerde: Kennelijk was hij de in mijn ogen gestoorde totaal duisterpratende docent onder die mallotige alpino-pet, en had hij die pet op, blijkt ondertussen, omdat zijn Meester-Denker Zijn Denkhoofd daar ook mee bedekte. Goh! Alweer een filosofisch raadsel van 30 jaar standing - "waarom loopt die domme gek altijd met die mallotige pet?" - tot klaarheid gebracht! Eindelijk verlichting in deze! Een waarachtig wijsgerig cargocultenaar die zijn filosofisch fetishisme op zijn domme hoofd draagt!

Zo leer ik bijna iedere dag nog wel wat nieuws over filosofie... en o ja: de term "cargocultenaar" is een verwijzing naar Richard Feynman's zeer fraaie zeer leerzame "Cargo Cult Science" dat zijn prachtige "Surely You're Joking, Mr. Feynman!" afsluit.

Leest allen Feynman in plaats van Heidegger, als u dan zo vreselijk slim zou zijn!

(***) Overigens een titel die al in de eerdere Heidegger-discussie van de de late 80-er jaren gebruikt werd, indertijd door het linkse Franse blad Libération, zoals Romano vrijwel zeker weet.

(****) Hoewel Heidegger mij zeer tegenstaat, zowel als filosoof als als mens, ben ik het hier niet mee eens: Er is aanzienlijk veel meer uitgesproken totalitaire filosofie, inclusief Plato's "Staat" en "Wetten", en de voorgestelde maatregel ruikt mij veel te hevig naar Politiek Correct Taalgebruik.

Het lijkt mij zinniger te beargumenteren dat de man evident menselijk, moreel en intellectueel niet deugde en niet wilde deugen, en een bijzonder slechte, opzettelijk duister schrijvende, onzindenker was, die alleen interessant verschijnt voor lieden van zeer gering verstand op zoek naar verlossing middels talige duisterheid en tot de hemel rijkende valse pretenties.

Het is echter waar dat er daar aanzienlijk veel meer van zijn dan er werkelijke intelligente mensen met talent voor wiskunde, wetenschap of abstract rationeel redeneren zijn, helaas, om welke reden oplichters in de filosofie zo'n goede broodwinning vonden, en dat vooral de afgelopen eeuw, maar feitelijk al in Lucian's tijd, die ik u in dit verband zeer kan aanraden: zie mijn Over Lucian. (Mundus VULT decipi.)

Maarten Maartensz

        home - index - top - mail