\ 

Nederlog

 

24 augustus 2009

 

OVER POLITIEK, IDEOLOGIE EN TAALGEBRUIK - dl II.b.

 

    "My opinion of mankind is founded upon the mournful fact that, so far as I can see, they find within themselves the means of believing in a thousand times as much as there is to believe in, judging by experience."
     (De Morgan)

Ik vervolg mijn uitleg van gisteren en kan niet nalaten u nogmaals op deze prachtige illustratie te tracteren, omdat deze zo goed bij mijn onderwerp past en het oog ook wat wil, en ik trouwens in mijn jeugd op veel van dergelijk socialistisch realistisch propaganda-materiaal vergast ben:

De spreker in deze afbeelding liet volgens opgave van Rummel's "Death by government" ruim 4 miljoen burgers ombrengen, en zijn rood bearmbande bewonderaar aan zijn voeten ruim 42,5 miljoen burgers ("burgers" betekent hier - en zie de laatste link: Dodelijke slachtoffers van staatgeweld die niet vielen als soldaten, als gevolg van oorlog, of als soldaten of politiepersoneel, maar als gevolg van "de klop op de deur" door de geheime dienst of als gevolg van gedwongen volksverhuizingen).

Kortom.... ik vervolg mijn instructieve reeks over Politiek, Ideologie en Taalgebruik, geschreven in 1982, met speciale referentie aan de zegeningen van het communisme ("Het ReŽel Bestaand Socialisme", zoals het partijdagblad De Waarheid graag mocht schrijven in de tijd dat het nog bestond - hoewel er ook reden is aan te nemen dat het, althans personeel gesproken, nog steeds bestaat, maar nu zonder uitgesproken communistische propaganda).

Deze keer gaat het vooral over taalgebruik, en in het bijzonder het taalgebruik van de CPN - waarover bij wijze van inleiding, voor mijn lezers die weinig weten van dat taalgebruik, nog deze opmerking: Zoals u zult zien was dat taalgebruik nogal bijzonder, maar het was geen uitvinding van de CPN of de redacteuren van De Waarheid, al mochten ze het graag gebruiken (ook tegen mij, in 1971, maar daarover wellicht een andere keer) maar voor het overgrote deel standaard communistisch taalgebruik, zoals geÔllustreerd door dit citaat uit Nancy McPhee's "The Book of Insults" (dat geheel niet alleen over communistisch taalgebruik gaat, en het onderwerp alleraardigst behandelt):

Ik citeer de 'Approved terms of abuse for East German Communist speakers when describing Britain 1953' - er is kennelijk over vergaderd en een Polit-Bureau Beslissing voor geweest:
"Paralytic sycophants, effete betrayers of humanity, carrion-eating servile imitators, arch-cowards and collaborators, gang of women-murderers, degenerate rabble, parasitic traditionalists, play-boy soldiers, conceited dandies."

NB dat "Approved terms of abuse": Gegarandeerd dat het Oostduitse politbureau er grondig over vergaderd heeft.

Voor wie een overzicht van de secties tot nu toe wil hebben is hier de link: Secties, en wie eerst of vooral het CPN-taalgebruik wil genieten hier, om te zien waar ik het over heb.


II. OVER IDEOLOGIE

21. Over de alledaagse CPN-ideologie: En dan komen nu tot de laatste en feitelijk belangrijkste component van de communistische ideologie: De propaganda, zoals de meeste partijleden deze bijvoorbeeld dagelijks uit uit het Volksdagblad "De Waarheid" of maandelijks uit "Politiek en Cultuur", het theoretisch orgaan van de CPN, kunnen vernemen.

Vrijwel alle politieke en religieuze propaganda heeft een geringe intellektuele inhoud en een compenserende grote emotionele inhoud: Mensen laten zich motiveren door hun emoties, en propaganda bestaat grotendeels uit emotioneel of misleidend taalgebruik. Cognitief appeleert propaganda gewoonlijk aan de hoogste humanitaire idealen, terwijl het gelijktijdig emotioneel appeleert aan heel wat lagere maar evenzeer menselijke beweegredenen - aan het verlangen naar een eenvoudige wereld waarin Wij goed zijn, gelijk hebben, en het beste voorhebben met de mensheid en Zij slecht zijn, ongelijk hebben en de mensheid willen onderdrukken.

Indien dergelijke ideologische propaganda sociaal geaccepteerd is (zoals hele naties kan gebeuren door nationale propaganda in tijden van oorlog) leidt dit tot grote verbondenheid; indien ze sociaal niet geaccepteerd is (zoals de ideologische propaganda van extremistische partijen of religieuze groepen) dan leidt dit gewoonlijk tot totalitairisme en paranoia: De anderen moeten wel misleid en/of kwaadwillig zijn indien Ons gelijk niet niet wordt ingezien.

22. Ideologie en taalgebruik: Ideologie manifesteert zich vooral als taalgebruik, en propaganda is de meest uitgesproken vorm van ideologie. Algemeen gesproken is taalgebruik bijzonder belangrijk omdat denken grotendeels bestaat in het omschrijven, verklaren en verbinden van begrippen d.m.v. woorden en zinnen: taal is het medium van het denken - wie goed kan redeneren, kan goed formuleren.

De vormen van taalgebruik, de terminologie, de connotaties en betekenissen van de woorden, zelfs de grammatica, zijn evenzovele hindernissen of hulpmiddelen voor helder denken en zuiver voelen: Hindernissen in de mate waarin het woordgebruik nodeloos abstract, wijdlopig of onhandig is, de woordbetekenissen vaag of meerduidig, en de grammatica beperkt; hulpmiddelen in de mate waarin denk- en taal-fouten vermeden kunnen worden en een uitgebreide woordenschat, met helder gedefinieerde begrippen en een soepele grammatica taalgebruikers in staat stellen zonder veel moeite een helder en beeldend proza te gebruiken.

Iedere welbepaalde sociale groep heeft een eigen taalgebruik dat gekenmerkt wordt door een bijzondere voorkeur voor bepaalde woorden, definities, intonaties, uitspraak en manier van zinsbouw. Het is moeilijk het belang van dit taalgebruik, dit voor de groep kenmerkend dialect, te overdrijven:

  • het vervult een belangrijke sociale functie: zij die de taal van de groep spreken manifesteren zich als (ex-)groepsleden;

  • het vervult een belangrijke intellectuele functie: Groepsleden denken in termen, slagzinnen en clichťes die in hun groep gebruikelijk zijn;

  • het vervult een belangrijke emotionele functie: Groepsleden laten zich vooral inspireren en motiveren door het hun bekende taalgebruik.

Extremistische groepen hebben daarom een extremistisch taalgenbruik: Wat zij willen zeggen laat zich vaak niet bevredigend in normale termen uitdrukken; wat zij voelen hangt samen met hun besef anders te zijn; kortom, wat zij zijn, zowel voor zichzelf als voor de rest van de wereld, wordt vooral intellectueel en emotioneel bepaald door hun taalgebruik: De sociale identiteit en het bestaan van een zelfstandige groep hangen nauw samen met het handhaven van een eigen dialect en daardoor uitgedrukte emoties, waarden en ideeŽn.

23. De rol van het CPN-taalgebruik: Geen Nederlandse politieke partij heeft dan ook een zo vreemdsoortig taalgebruik met zoveel wanstaltig jargon, zulke versleten clichťes en zulke botte dooddoeners als de CPN. Omdat de CPN zo'n buitenbeentje in de Nederlandse politiek is, en haar leden bovendien gewoonlijk laag opgeleid zijn, is de feitelijke alledaagse ideologie van de CPN een uit redeneerfouten, jargon, demagogie, en krompraterij gecomponeerde aanslag op de Nederlandse taal en het vermogen je daarin helder uit te drukken. Hetzelfde geldt overigens in enigszins mindere mate voor alle Nederlandse politieke partijen: Partij-proza is onveranderlijk bot, dom en vooringenomen - zoals de politici die het spreken.

Dit eigenaardige taalgebruik, waarvan ik hieronder illustraties zal geven, heeft nog een functie, die door Orwell, die zoveel zo snel en zo scherpzinnig zag en formuleerde, als volgt omschreven werd:

"Het was niet alleen de bedoeling van Nieuwspraak om een uitdrukkingsmiddel aan de hand te doen voor de wereldbeschouwing en de denkgewoontes eigen aan de aanhangers van (de partij), maar ook om alle andere denkwijzen onmogelijk te maken. Het was de bedoeling dat, wanneer Nieuwspraak voorgoed aanvaard was, en de Oudspraak vergeten, een ketterse gedachte - dat is een gedachte die afwijkt van de beginselen van (de partij) - letterlijk ondenkbaar zou zijn, tenminste voorzover gedachten afhankelijk zijn van woorden. De woordenschat ervan was dusdanig samengesteld dat zij nauwkeurig en vaak heel vernunftig uitdrukking kon geven aan elke gedachte die een partijlid redelijkerwijs tot uitdrukking mocht willen brengen, met uitsluiting van alle andere gedachten en ook van de mogelijkheid daartoe te komen langs andere wegen." (p. 250)

Dit is, met twee niet-essentiŽle wijzigingen, geciteerd uit Orwell's "1984".

Natuurlijk hanteert iedere sociale groep een eigen dialect en is krompraterij wijd verbreid, terwijl het ook zo is dat het partij-jargon niet met opzet gecreŽerd is om het nadenken tegen te gaan. Dit is echter nauwelijks een hoopgevende gedachte: Kwaad uit opzet valt redelijk te bestrijden, maar tegen kwaad uit domheid baten redelijke argumenten niet.

Wat betreft de CPN is het wezenlijke punt dit: Dit taalgebruik, deze verkrachting van het Nederlands, IS de eigenlijke communistische ideologie, voor vrijwel alle communisten, zoals "de taal gans het volk" is, en het heeft de vorm van een verzameling merendeels onzinnige drogredenen en clichťes, muurvast verankerd in een taaie brei van overteerbaar, onduidelijk en emotioneel jargon. Met behulp van dze drogredenen en clichťes verklaren de Nederlandse communisten de wereld, en met behulp van het jargon en de slogans worden de leden geÔnspireerd en gemotiveerd, en de groep bij elkaar gehouden.

24. Drie soorten redeneerfouten: Om een preciezer beeld van de alledaagse communistische ideologie te verkrijgen moeten drie onderdelen van de alledaagse communistische propaganda bekeken worden: De meest gebruikelijke drogredenen; de schablonen en het partij-jargon.

Het partij-jargon is het meest kenmerkend en opvallend, maar de drogredenen en schablonen zijn het meest belangrijk, want het jargon bepaalt de emoties, en de drogredenen en schablonen het denken.

Laat ik beginnen met de drogredenen, na voor de volledigheid en een juist perspectief opgemerkt te hebben dat een analyse van de gebruikelijke drogredenen, schablonen en termen voor iedere sociale groep gemaakt kan worden, en dat, naast verwantschaps- en vriendschaps-banden iedere sociale groep vooral wordt samengehouden door een eigen taalgebruik, waarin de belangen en ideologie op een kromme en overwegend irrationele maar emotioneel bevredigende manier uitgedrukt worden.

25. Gebruikelijke drogredenen in de CPN: Drogredenen zijn redeneerpatronen waarbij de konklusie niet logisch volgt uit de aannames, maar die desondanks toch voor velen overtuigend zijn.

Er zijn tientallen bekende drogredenen, grotendeels al bekend sinds de Griekse Oudheid, en iedere goede filosofische encyclopedie geeft er een overzicht van. Iedereen maakt zich er iedere dag opnieuw, en vrijwel altijd onbewust, schuldig aan het gebruik van drogredenen om zichzelf of anderen te overtuigen van een of andere, gewoonlijk emotionerende, konklusie, en de grote religies en politieke bewegingen zijn allemaal gedeeltelijk gefundeerd op een aantal drogredenen.

De in de CPN meest gebruikte drogredenen zijn m.i. de volgende vijf.

1. de zwart/wit drogreden: Het gebruik van scherpe onderscheidingen waar daar geen goede redenen voor zijn, of het klassificeren van tussenliggende gevallen als ťťn van twee extremen.

Deze drogreden wordt in de CPN o.a. gebruikt om de wereld te verdelen in voor- en tegenstanders, volgens het zwart/wit principe dat wie niet voor ons is tegen ons is; om mensen te verdelen in vijanden en vrienden; en maatregelen en politieke plannen in goed en slecht. Dit alles maakt het redeneren een stuk eenvoudiger, maar de greep op de werkelijkheid in dezelfde mate illusioneler. De zwart/wit drogreden is het fundament van veel emotionerend taalgebruik en van zeer veel emotionele konklusies.

2. de zijn/behoren drogreden: Het trekken van morele konklusies uit feitelijke premissen.

Deze drogreden wordt in de CPN als fundament in vrijwel alle politieke discussies en plannenmakerij gebruikt: Voortdurend worden feiten vermomd als waarden of waarden als feiten geponeerd, met als uiteindelijk resultaat dat een objectief, onafhankelijk waarheidsbegrip niet bestaat in de CPN: Waar is wat het socialisme en de partij dient; onwaar wat daartegenin lijkt te gaan. O.a. door het gebruik van de zwart/wit drogreden kan veel tegen de CPN in lijkt te gaan, wat vaak geleid heeft tot argumenten als "Omdat je de partij-leiding in deze zaak niet steunt, waarde kameraad, steun je, objectief gezien, de zaak van het kapitalisme". Deze drogreden hang nauw samen met de volgende

3. de wensen/waarheden of ideologische drogreden: Het trekken van feitelijke konklusies uit morele premissen - X is waar, want X is gewenst; Y is onwaar, want Y is ongewenst.

Dit is een algemeen-menselijke tekortkoming - "ik zie wat wat ik wens te zien en sluit mijn ogen voor de rest" - en in de CPN zeer gebruikelijk: zo overtuigde men zich zonder feitenkennis dat de toestand in de Sovjet-Unie idyllisch was omdat men dat zo wenste, en dat het kapitalisme voortdurend aan diepe crises leed. En zo werden Lenin en Stalin verafgood tot grote genieŽn, omdat het wenselijk is dat de partij geleid wordt door uitstekende mensen, en wordt uiteindelijk een onafhankelijke moraal en losstaand normbegrip waaraan het partij-handelen getest kan worden opgegeven: Het is wenselijk dat de partij gelijk heeft, ergo "die Partei hat immer recht"

De genoemde drie drogredenen stan aan de wortel van zeer veel overtuigingen in en buiten de CPN: Iedere ideologie is hier grotendeels op gefundeerd, en het is makkelijk te begrijpen waarom:

D.m.v. de zwart/wit drogreden wordt het wereldbeeld gesimplificeerd tot een intellectueel eenvoudig waar/onwaar, met voorbijgaan van kwalificaties als waarschijnlijk/onwaarschijnlijk, terwijl keuzes vereenvoudigd worden tot een simpel voor/tegen, zonder besef dat men zich heel redelijk kan gedragen door zich te onthouden of te beraden. En d.m.v. de onderling samenhangende zijn/behoren en ideologische (wensen/waarden) drogreden worden wensen maatgevend voor waarheden, en waarden bepalend voor wat de feiten mogen zijn, en wordt een politiek gevoerd waar wensdenken met voorbijgaan van wat waar, waarschijnlijk of realiseerbaar is, kenmerkend is. Het uiteindelijke resultaat hiervan voor prominente communisten is dat alleen de partij en haar veronderstelde tegenstanders bestaan; dat alleen waar en goed is wat de partij-leiding voor waar en goed houdt; en dat wat de partij-leiding voor waar en goed houdt bepaald wordt door wat haar politiek uitkomt.

Overtuigingen moeten niet alleen gevonden worden; ze moeten ook verdedigd worden. De twee meest gebruikte drogredenen in de CPN daarvoor zijn de volgende.

4. de genetische drogreden: Het identificeren van iets met de oorsprong ervan ("dat is niets anders dan...") of het aanvaarden of verwerpen van een bewering o.g.v. kwaliteiten toegekend aan de bron ("kijk wie het zegt").

In de CPN wordt deze drogreden gebruikt om alle kritiek van buiten de CPN te verwerpen als "burgerlijke wetenschap" of "afkomstig uit de burgerlijke pers", en wordt deze drogreden gebruikt om als waar te accepteren wat uit "socialistische" bron kwam, of door Marx, Engels of Lenin gezegd is. Deze drogreden heeft diverse meer specifieke vormen, waaronder

5. de ad hominem drogreden: Het aanvallen van de meningen van een persoon door zijn persoonlijkheid, karakter, motieven, bedoelingen, achtergrond, uiterlijk etc. aan te vallen.

Dit is een geliefd wapen bij gebrek aan betere argumenten: Als je de bal niet kunt spelen, speel je de man. In en buiten de CPN wordt dit zeer vaak gedaan. Het werkt vrijwel altijd, omdat op iedereen wat aan te merken is; omdat persoonlijke kritiek altijd emotionerend werkt; en omdat daardoor het feit dat het onderwerp veranderd is van de moeilijker te critiseren beweringen naar diens veel makkelijker critiseerbare persoonlijkheid over het hoofd gezien wordt. Gedurende lange tijd werden critici van de partij-lijn binnen de CPN door de leiding zeer snel van "partij-vijandigheid" of erger beschuldigd, en critici van buiten de CPN als "behorend tot de klasse-vijand", gewoonlijk zonder verder op de gebruikte argumenten in te gaan (anders dan via de genetische drogreden te argumenteren dat wat uit de mond van een partij-vijandige of klasse-vijand komt niet kan deugen).

De behandelde vijf drogredenen zijn, denk ik, de meeste gebruikelijke in de CPN (en ook in veel andere extremistische groepen). Wie het partij-proza van de CPN met enige argumentatie-theoretische kennis te lijf gaat zal merken dat niet alleen deze maar andere redeneerfouten met zeer grote frequentie voorkomen.

26. Gebruikelijke schablonen in de CPN: Drogredenen zijn redeneerpatronen die betrekking hebben op hele zinnen; schablonen zijn redeneertechnieken die het gebruik van woorden, frasen en daardoor uitgedrukte begrippen betreft.

Een schabloon is het min of meer systematisch fout gebruiken van bepaalde begrippen of begripssystemen in bepaalde contexten. Een voorbeeld van het gebruik van een schabloon is inherent aan de zwart/wit drogreden, namelijk het onterechte gebruik van de veronderstelling dat een bepaald soort feiten in een bepaalde twee-deling past (en niet in een drie- of n-deling).

In de CPN zijn de volgende vier schablonen gebruikelijk:

1. reificatie: Het toekennen van werkelijk bestaan aan iets wat alleen een abstract begrip is.

Voorbeelden uit de CPN van de de toepassing van dit schabloon zijn als "het monopolie-kapitaal", "de reactie", "de arbeiders-beweging", "brede volksmassa's", "linkse (rechtse, reactionaire, progressieve) krachten" en de vrij bekende voorkeur van communisten om personen, handelingen en gebeurtenissen te verzelfstandigen als "ismes": "revanchisme", "formalisme", "fractionisme", "objectivisme" en natuurlijk "imperialisme", "kapitalisme", "socialisme" en "communisme".

Begrippen kunnen te pas en te onpas gebruikt worden, en abstracties zijn vaak heel bruikbare intellektuele hulpmiddelen. Het beschouwen of behandelen van abstracties als werkelijkheden is echter een denkfout, die bovendien heel verwarrend werkt omdat die door de grammatica in de hand gewerkt wordt: Zo kan bijvoorbeeld het analyseren van bepaalde verhoudingen tussen mensen of groepen zinnig en de omschrijving van die verhouding als "kapitalistisch" treffend en waarachtig zijn, maar de konklusie dat er "dus" iets als "het kapitalisme" is even twijfelachtig als de konklusie uit overeenkomstige premissen dat er "dus" iets is als "het voetbalisme".

Dit mechanisme van het tot zelfstandig ding maken vanwat in feite vaak niet zozeer dingen als processen, gebeurenissen of verhoudingen zijn ligt ook aan de basis van het volgende, aan reÔficatie verwante schabloon:

2. personificatie: Het toekennen van persoonlijke karakteristieken aan levenloze dingen, i.h.b. abstracties.

Vanaf het moment dat men een zelfstandig naamwoord als "het monopolie-kapitaal", "het imperialisme", "het socialisme" gecreŽerd heeft wordt het niet alleen heel voor de hand liggend te geloven dat men met dergelijke termen iets even eenvoudigs en voor de hand liggends als een stoel of een tafel aanduidt, maar bovendien ook heel makkelijk om er persoonlijke karakteristieken aan toe te kennen: Eenmaal in het bezit van de term het monopolie-kapitaal" wordt het heel vanzelfsprekend om zinnen te vervolgen met iets als "het monopolie-kapitaal wil ... of tracht ..." en te vervolgen met "de vastberaden strijdwil van de arbeidersklasse te ondermijnen".

Op deze manier worden door reficatie en personificatie niets beters dan spoken gevormd: In communistisch proza wordt de wereld niet alleen bevolkt door mensen maar ook door met persoonlijke karakteristieken begiftigde creaturen als "de krachten van de reactie", "de wil van het kapitaal", en "de strijd van de arbeidersklasse". Uiteraard kan iedereen zien dat dit metaforen zijn - als men er uitdrukkelijk op gewezen wordt, zoals hier. Maar wat iedereen kan zien, met of zonder moeite, is daarom nog niet waar iedereen rekening mee houdt: In de CPN wordt in deze termen gedacht, en wordt de wereld geanalyseerd alsof deze gepersonificeerde abstracties ook werkelijk bestaan, en alsof deze uit op hol geslagen grammatica en verbeelding samengeflanste spookbeelden de essentie van de maatschappelijke werkelijkheid zijn.

Het zicht op het metaforisch karakter van veel belangrijke communistische termen wordt voor partij-leden bovendien bemoeilijkt door twee verdere CPN-schablonen:

3. emotioneel taalgebruik: Het gebruik van emotioneel geladen begrippen waar dat onnodig of misleidend is.

In de CPN wordt zelden niet-emotionele taal gesproken: Om te beginnen wordt alles gezien in het licht van agressieve terrmen als "strijd" en sentimentele als "solidariteit", terwijl de eerder behandelde drogredenen het bijna onontkoombaar maken dat alle oordelen een verward en verwarrend gelijktijdig feitelijk en waarderend karakter hebben. Zo worden opponenten snel tot "werktuigen van de reactie" of "agenten van het groot-kapitaal", wat weer termen zijn die toepassingen zijn van de eerdere schablonen en van het laatste hier behandelde schabloon:

4. paranoia: Het zonder redelijke gronden aannemen van het bestaan van vijandige samenzweringen, vervolgingen of bedoelingen.

De geschiedenis van de CPN is vol van paranoia: Voortdurend zijn mensen uit de partij geroyeerd verdacht van samenzweringen ("fractionisme"), en voortdurend zag men in de CPN "duistere krachten van de reactie" een "komplot uitbroeden tegen de CPN".

Overigens verdient het opgemerkt te worden dat, gezien de ongrondwettelijke en vaak schandalige discriminatie van CPN-leden tot ver in de zestiger jaren, voor deze paranoia wel een zekere rechtvaardiging was. Maar er was ook veel mateloos overdreven gepraat binnen de CPN over samenzweringen tegen de CPN, dat waarschijnlijk vooral veroorzaakt werd door de ijdele wens zichzelf belangrijk genoeg te achten als doel van dergelijke samenzweringen van "de klassenvijand".

De bovenstaande vier schablonen zijn in vrijwel iedere pagina parij-proza aan te wijzen, en het is interessant om op te merken dat het gebruik van schablonen en drogredenen intensiveert al naar mate de gelegenheid officiŽler is: Partijcongres-stukken lijden er zeer aan, evenals de officiŽle partij-publikaties; en alnaarmate de partij-status van de soreker of schrijver hogedr is: Partij-voorzitters drukken zich vrijwel uitsluitend wanstaltig uit.

27. Gebruikelijk jargon in de CPN: Als derde en laatste onderdeel van het communistisch taalgebruik behandelen we het typische partij-jargon. Dit is het meest opvallend en kenmerkend voor communisten: Alle sociale groepen zijn in overwegende mate gebaseerd op drogredenen, maar wat sociale groepen kenmerkt is hun jargon.

De volgende pastiche is samengesteld uit citaten ontleend aan een aantal jaargangen van "Politiek en Cultuur", het THEORETISCH maandblad van de CPN, en enkele citaten uit "De Waarheid" van 7.III.1975. Geen citaat is ouder dan 1969. en allen kunnen geÔdentificeerd worden.

Het wereldbeeld van de CPN komt hierin, in haar - ik herhaal het nog eens - theoretisch maandblad, als volgt naar voren:

Altijd is er sprake van "diepe crises van het kapitalisme", van "kapitalistische -politiek" gevoerd door "de multi-nationals en de banken", "de grote monopolies", "het militair-industrieel complex" of "de EEG-bonzen dat wil zeggen de Westduitse monopolies die daarin de feitelijke machthebbers zijn". Deze "kapitalistische -politiek" gebaseerd op "de winstzucht van de monopolies" leidt onveranderlijk tot "de nu beraamde nog scherpere aanvallen op het levenspeil", op "een politiek van loon-dictatuur" en tot "de zwaarste aanval op het levenspeil van de Nederlandse werkers sinds jaren".

De regering "die zich ondergeschikt maakt aan de grote monopolies" is meestal "een reactionair bewind" in dienst van "Duitse revanchisten en militaristen" dat "miljarden overhevelt naar de concerns en de bewapening opschroeft", daartoe bewogen door "de reactionaire NAVO-bewapeningspolitiek" of "de as Washington-Bonn".

Gewoonlijk heeft "het grote kapitaal zijn machtsposities en zijn bepalende invloed op het staatsapparaat ingezet" om "de belangen van de grote monopolies" te beschermen tegen "de strijdstemming onder de massa's" en "de kritiek onder brede lagen van de bevolking" op "de aggressiebe politiek van het militair-industriŽle complex".

Vaak staan "brede volksmassa's", "grote groepen werkers" of "de brede massa's van de werkende bevolking" vervuld van "strijdgeest" en "een geest van solidariteit" klaar om "de krachten van het imperialisme" ("de klassevijand") d.m.v.  "acties" en "Ôn daadwerkelijke solidariteit met acties" te bestrijden.

De CPN stelt zich dan ook tot doel "de massabeweging" "te leiden tot democratische machtsvorming en een coalitie van strijd". Altijd weer opnieuw doet zij hierbij een "massale oproep" tot "Eenheid van alle linkse krachten", "progressieve krachten", "progressieve mensen" en "werkers van hand en hoofd".

 Andere politieke partijen zijn "rechtse kleinburgerlijke sociaal-demokraten" of "klasseverraders" (de PvdA); "een rechtse pressie-groep", "een reclame-campagne" of "een buitenlandse ingreep in de Nederlandse politiek" (D'66); "het voornaamste instrument van de reactie in Nederland" of "het huidige reactionaire bewind" (KVP); of anders wel "een door de reactie hogelijk gewaardeerd anti-communistisch instrument om van buitenaf de arbeidersbeweging te kunnen infiltreren"; "een anti-communistische splijtzwam", "een partij zonder beginselen" of "een schizofrene patiŽnt" (de PSP).

De CPN wordt natuurlijk voortdurend bestreden door "furieuze anti-communistische campagnes vol lasterpraat" "in de bekende massa-hysterie in de stijl van Open het Dorp" in "de burgerlijke pers" die natuurlijk geleid wordt door "onze internationale klassetegenstanders, het grootkapitaal, de monopolies en de banken, en daarmee verbonden legertje broodschijvers" die voortdurend met "geschiedvervalsing, insinuaties, lastercampagnes en leugens" "furieuze anti-communistische campagnes" opzetten en daarbij gewoonlijk van "duistere bronnen" gebruik maken en bewogen worden door "duistere krachten".

Nu zijn "de bourgeoisie" en "de burgerlijke pers" met haar "riool-journalistiek" natuurlijk ook "de klassevijand". Maar veel erger vijanden die de CPN bestrijdt zijn "het renegatendom" van "renegaten" die zich "ontpopt hebben als werktuigen van het imperialisme die de communist gespeeld hebben zonder het ooit te zijn" (Wagenaar, Gortzak, Brandsen), of die "trotskistische of rechts-opportunistische elementen", "agenten van de reactie" of "Navo-professors" (Harmsen) bleken te zijn. Hun "leugens, geschiedsvervalsing en insinuaties", "de rijstebrijberg van verwarring en haatdragendheid die deze figuren uit hun schrijfmachines laten stromen", "de miskende genieŽn" (Baruch, Gortzak, Wagenaar, De Kadt) tonen "het immorele, zelfs moordzuchtige karakter van de reactie" natuurlijk volledig aan. En tenslotte zijn daar ook nog "agenten (in dienst van kapitaal-groepen in binnen- en buitenland werkzaam bij Vrij Nederkand" (I. Cornelissen) "met bekende anti-communistische reutemeut", die "schuimbekkend en in alle staten van verdwazing" als een "reptiel door het slijk kruipen om sissend op een vertegenwoordiger van de arbeidersklasse af te kronkelen".

Al deze tegenstand kan de CPN niet weerhouden van "een vastberaden strijd", zowel in de partij "tegen afwijkingen van links en rechts", "tegen scheurmakers" en tegen "partijvijandige elementen", "BVD-agenten" en "provocateurs" die zich "in de partij hebben weten binnen te dringen", als met de partij te voeren tegen "de imperialistische activiteit, de neokoloniale politiek", tegen "revisionisme", "revanchisme", "deviationisme", "isolationisme", "chauvinisme", "fascisme", "rascisme" en voor "samenwerking van alle linkse krachten".

Tot op zekere hoogte is deze pastiche natuurlijk een karikatuur, maar ik geloof dat ze het taalgebruik in de CPN (vanaf ca. 1950 in ieder geval) niet zozeer vervalst als wel uitvergroot en geconcentreerd weergeeft. Wat hierboven staat is een selectie, maar wat de lezer onthouden is bestaat voor het allergrootste deel uit meer van hetzelfde, zij het wat minder geconcentreerd, en uit zeer slecht geschreven, zeer slecht beredeneerde, zeer ongeÔnformeerde uitermate langdradige verhandelingen die het best zo snel mogelijk met de alles vergevende mantel der vergetelheid bedekt kunnen worden.

WORDT VERVOLGD


Weer op 24 augustus 2009: Ik hoop dat u van het bovenstaande genoten hebt, en in ieder geval bent u nu in beginsel in staat mijn weerzin tegen Geniale Gijs en Elsbeth de Integere (de ťťn alweer dekaden wetenschappelijk medewerker en docent aan de Universiteit van Utrecht, de ander professor aan de Amsterdamse VU en redacteur van de NRC en prominent jurylid in alle welbetaalde literaire=-prijzen-commissies die Neerlands proza bekronen tegen een fractie van wat de juryleden voor hun oordelen vangen): ZIJ waren dekaden lang de trotse uitdragers van het bovenstaande zieke ellende-proza en wereldbeeld - en wilden de Neerlanders overtuigen tussen 1992 en 2000 dat zij het alleen maar goed bedoelden, en ook vreselijk integer waren.

Leugenaars!


Secties van OVER POLITIEK, IDEOLOGIE EN TAALGEBRUIK

  1. Een ethische paradox
  2. De rol van ideologieŽn
  3. De CPN

  4. Twee fundamentele vragen

  I. OVER POLITIEKE PARTIJEN

  5. Wat een poltieke partij is
  6. Soorten politieke partijen
  7. Schets van de Nederlandse politieke partijen

  8. Hoe de CPN verschilt
  9. Over communisten
10. Politieke partijen als groepen
11. Over aanhangers van politieke partijen
12. Over macht
13. Wat alle politieke partijen kenmerkt
14. Over interne partij-democratie

 II. OVER IDEOLOGIE                                       

15. Wat ideologieŽn zijn
16. Het gevaar van ideologieŽn

17. Het communisme als ideologie
18. Samenvatting van het wetenschappelijk socialisme
19. Aantrekkingskracht van het wetenschappelijk socialisme
20. Over het marxisme                                   
21. Over de alledaagse CPN-ideologie

22. Ideologie en taalgebruik
23. Ideologie en taalgebruik
24. Drie soorten redeneerfouten
25. Gebruikelijke drogredenen in de CPN
26. Gebruikelijke schablonen in de CPN
27. Gebruikelijk jargon in de CPN                (....kleine rest later)

 Meer Lob der Partei 


P.S. Er komen later een paar noten bij, en ik zal als ik het hele stuk overgenomen heb in Nederlog in 4 afdelingen er 1 stuk van maken, voor het ophaalgemak. Op het moment en voor de rest van vandaag ben ik te moe daarvoor, maar de werkelijk  geÔnteresseerde lezer (zoals de verraders van mijn generatie) zouden dit stuk van mij eens moeten vergelijken met de flodderboekjes "Alles moest anders" (zie een citaat en bespreking van mij in 1996 hier) en "De man die faalde", of de gruwelijke troep van Scheffers.

Dat is ťťn van de dingen die mij zo bijzonder inneemt tegen Nederland: Dat dergelijke miljardsteranges - wel eersteklas hondsbrutale poseurs, aanstellers en leugenaars - vanzelfsprekend professor wordt in dit gedebiliseerde land, zonder het minste relevante talent of enig teken van enige niet-egoÔstische niet-totalitaire moraal.

Iedereen aan een universiteit, van de allerminste intellectuele kwalificatie behoort te weten dat Schreuder, Etty en Scheffers daar niets te zoeken hebben, en zou moeten weten dat deze types voor niets dan hun eigen opgang, status en inkomens werken en gewerkt hebben, want was het anders geweest dan hadden zelfs zij rond 1975 op z'n laatst kunnen en behoren uit te vinden dat ze zich gruwelijk vergisten.

Maar nee: dat interesseerde ze helemaal niet, want wat zij wilden waren geld, status en macht, zo niet tegen iedere prijs dan in ieder geval tegen iedere leugen -en daarom schreven ze als boven, als hier, en als hier, en logen, bedrogen, en misleidden - en dat zonder enige totalitaire, staats of groeps-dwang, zonder enige sanctie bij het opgeven van hun evidente waanleer, en poseerden ook (EN NOG STEEDS!!) alsof ZIJ morele deugdhelden, waarachtige revolutionairen, echte humanisten, en integere wetenschappers zouden zijn.

Het is om van te kotsen, zo laf, achterbaks en smerig en door en door vals, vervalst en verleugend- en dit soort mensen misleidden en belogen bovendien mijn goedwillende, eerlijke, maar niet hoog opgeleide ouders met bloedstollende brutaliteit, alles alleen voor eigen opgang, macht status en rijkdom.

 

Noten
(later)

Maarten Maartensz

        home - index - top - mail