\ 

Nederlog

 

12 augustus 2009

 

OVER POLITIEK, IDEOLOGIE EN TAALGEBRUIK - dl I

 

Vandaag wat anders dan gisteren, al raakt het er wel op tal van manieren aan - zoals de titel ook aangeeft - maar weer wel, zoals gebruikelijk, heel herkenbaar mijzelf, hoewel van 27 jaar geleden.

Het volgende stuk is namelijk geschreven in 1982 (en vond ik pas terug in mijn papieren), kennelijk naar aanleiding van de toenmalige uitgebreide behandeling van de CPN (Communistische Partij van Nederland) in de media, want de CPN was toen bezig zich radikaal te hervormen, en wel van een toen nog steeds overwegend op stalinistische leest geschoeide partij in 'een moderne demokratiese aksie-partij' overwegend op postmoderne en neo-feministische leest geschoeid, en vooral door feministes van Wthuise snit (en toekomst), en jong toppartijkader als Geniale Gijs en Elsbeth De Integere.

Kortom, voor mij interessant, als oudste zoon van vooraanstaande Amsterdamse communisten, die op z'n 20ste uit de CPN was gestapt.

Hoe het zij, ik werd kennelijk geÔnspireerd tot wat systematisch analytisch doch helder en leesbaar proza en schreef het volgende essay, waarvan vandaag het eerste van (denkelijk) drie leerzame delen.

Het is niet nodig veel (of zelfs maar iets) van de CPN te weten, want mijn feitelijk onderwerp is als mijn titel, en de CPN vormt alleen een gedeeltelijke aanleiding en illustratie, het laatste o.a. door (later) fraaie citaten van het CPN-taalgebruik.

En ik heb aan het essay niets aan veranderd, behalve dat ik links toegevoegd heb, vooral naar termen in mijn Philosophical Dictionary. (Althans... dat is de bedoeling, want op het moment ben ik niet zo fris, al zal dat het resultaat van noodzakelijke lichamelijke inspanningen (*)).


OVER POLITIEK, IDEOLOGIE EN TAALGEBRUIK
                                                                                             
Secties

1. Een ethische paradox: Er bestaat een beangstigend verband tussen enerszijds interesse en emotie, en anderszijds onwaarheid en onzin: Hoe sterker mensen iets voelen, hoe meer onware en onzinnige beweringen ze er gewoonlijk over accepteren.

Mensen handelen gedreven door hun emoties en geleid door hun ideeŽn, en omdat mensen wat betreft levensbeschouwelijke vragen gewoonlijk handelen op basis van onwaar geloof, onrealiseerbare wensen, en verwarde gevoelens is de menselijke geschiedenis wat zij is: Een voortdurende opsomming van nodeloze oorlogen; zinloze onderdrukking; wreed en dom geweld; en veel onnodige misere en ellende voor de meerderheid van de mensen, met als voortdurend bedreigde lichtpuntjes de groei en uitingen van kunst en wetenschap - altijd het geesteskind van een kleine, vaak bedreigde en vervolgde minderheid van begaafde individuen.

De grote culturele en menselijke thema's

  • Wat is goed, rechtvaardig, een goede maatschappij?
  • Wat is waarheid, echtheid, werkelijkheid?
  • Hoe behoort men te leven?

hebben de hele menselijke geschiedenis door aanleiding gevormd tot de grootst mogelijke en meest kwalijke onzin, die vrijwel onveranderlijk gebaseerd was op groot, eerlijk en diepgevoeld idealisme.

Specifieke en wijdverbreide antwoorden op deze vragen - christelijke, communistische, islamitische etc. - zijn zowel de inspiratie van het dagelijks handelen, denken en voelen van, letterlijk miljarden, mensen, en het geestelijk fundament van hele culturen en vele samenlevingen, als de emotionele en intellektuele basis van de meeste en de grootste maatschappelijke en menselijke misere. En niets heeft meer aanleiding gegeven tot intolerantie, onderdrukking, vervolging en oorlog dan goedbedoeld maar onwaar of onpraktiseerbaar idealisme.

2. De rol van ideologieŽn: Het is daarom wenselijk enig inzicht te verkrijgen in hoe de - onware maar gewoonlijk zeer idealistische - ideologieŽn waarmee de meeste mensen zichzelf en anderen oriŽnteren, begrijpen en onderdrukken functioneren: Waarom mensen er zich toe aangetrokken voelen en erdoor geÔnspireerd worden; hoe een ideologie functioneert; en wat de rol van een religieuze of politieke organisatie is.

Enkele van dergelijke vragen zal ik hier behandelen en illusteren aan de hand van de CPN. Ik zou ook een andere politieke of religieuze groepering hebben kunnen kiezen, maar ik ben daarover minder goed geÔnformeerd: Ik ben opgegroeid als kind van prominente communistische ouders: Mijn vader was ťťn van de mede-organisatoren van de Februari-staking (als gevolg waarvan hij ruim 3 1/2 jaar in Duitse concentratie-kampen heeft gezeten) en jarenlang een leidend partij-functionaris en -bestuurder; en mijn moeder was en is partijlid. Ikzelf heb filosofie en psychologie gestudeerd, en ben op mijn twintigste, in 1970, uit de partij gestapt o.g.v. diepgaande meningsverschillen met de toenmalige partijleiding (i.h.b. Verheij).

3. De CPN: Veel van wat over de CPN geschreven wordt (en werd) is onzinnig, partijdig, onvoldoende geÔnformeerd of bijzonder oppervlakkig. Dit geldt zowel voor de voor- als tegenstanders van de CPN. Partijleden geven meestal een partieel en bevooroordeeld beeld; naar onpartijdigheid strevende politieke commentatoren hebben gewoonlijk weinig kennis van hoe de CPN intern functioneert en wat kommunisten drijft; ex-partijleden zijn niet op de hoogte van de relevante klassieke sociologie (i.h.b. Mosca, Michels en Weber) die hun ervaringen begrijpelijk zou kunnen maken; en vrijwel niemand is behoorlijk thuis in zowel marxistische als niet-marxistische filosofie, of combineert een behoorlijke sociologische kennis met uitgebreide ervaringen in de CPN.

Dit alles is niet op mij van toepassing. Maar hoewel wat volgt minder oppervlakkig en obgeÔnformeerd is dan wat ik gewoonlijk onder ogen krijg over de CPN is het ook geen diepgravende of uitputtende verhandeling - het zijn een aantal samenhangende maar onvolledige theoretische observaties over de CPN. Een deel van de redenen mij hiertoe te willen beperken zijn dat mijn belangstelling elders ligt (in wetenschapsfilosofie, logika en grondslagen van de wiskunde) en dat ik reeds jaren ziek ben (sarcoÔdose) - en deze opmerkingen dateren in feite uit de zomer van 1982. Maar genoeg over mijzelf.

4. Twee fundamentele vragen: In ieder geval worden, kennelijk door een gebrek aan pertinente kennis, een aantal wezenlijke vragen op politiek gebied gewoonlijk niet gesteld, of niet goed gesteld, laat staan goed beantwoord. Dat is jammer, want de vragen zijn relevant, en de antwoorden, denk ik, interessanter dan de vele smakelijke maar weinig verhelderende sfeerstukjes over de CPN die de landelijke pers de laatste tijd sieren. Twee van die vragen zijn (en zinnige vragen willen nog wel eens banaal klinken):

  • Wat is een politieke partij?
  • Wat is de rol van ideologieŽn?

De antwoorden op deze vragen zijn minder eenvoudig of vanzelfsprekend dan de meeste mensen kennelijk geneigd zijn te denken. De vragen zijn algemeen gehouden omdat ze in algemene vorm het meest zinnig zijn en omdat de CPN in veel opzichten een politieke partij als alle andere is, alleen wat extremer. De antwoorden zijn af en toe enigszins abstrakt, maar dat betekent niet dat ze onbegrijpelijk zijn, of geen duidelijke praktische betekenis of inhoud hebben. En mijn centrale punt heb ik reeds geformuleerd: Onwaar idealisme is de oorzaak van veel maatschappelijke en menselijke misere, en de communistische ideologie biedt hiervan een bijzonder goede, leerzame en pijnlijke illustratie.

I. OVER POLITIEKE PARTIJEN

5. Wat een poltieke partij is: Iedere politieke partij is een vrijwillig aangegaan verband van mensen die via propaganda en handelingen macht proberen te verkrijgen voor hun leiders, met het doel hen en hun aanhang betere kansen te bieden om hun wensen te realiseren.

Deze karakteristiek is afkomstig van Max Weber (Wirtschaft und Gesellschaft, I, p. 167). Weber onderscheidt diverse types politieke partijen, maar zijn onderscheidingen zijn niet erg systematisch en de volgende overwegingen lijken mij veel bruikbaarder ter klassificatie van partij-typen:

  • Iedere politieke partij stelt zich bepaalde doelen (in abstracto: Het behouden of veranderen van (delen van) een maatschappij of vornen van maatschappelijk functioneren.
  • De doelen zijn altijd ethisch van aard, maar primair in het belang van een bepaalde groep: Men wenst rechtvaardige(r) verdeling van ...... (inkomens, macht, status, kansen etc.), voor een bepaalde groep, nl. in de eerste plaats partijleden en aanhangers.
  • Iedere politieke partij streeft haar doelen na met diverse middelen, variŽrend van hoogst moreel tot hoogst immoreel, terwijl overigens de middelen die men geŽigend acht variŽren met de sitiatie, de partij en de partij-ideologie

6. Soorten politieke partijen: Politieke partijen kunnen geklassificeerd worden in typen aan de hand van hun opvattingen over doelen en middelen: Ten aanzien van de doelen en middelen van een politieke partij kunnen we de volgende vijf vragen stellen:

  • A. Hervormingsgezind vs. revolutionair: Zijn de doelen van de partij alleen te bereike na radikale maatschappelijke omwentelingen, of is het mogelijk de maatschappij gradueel te hervormen in de richting van de door de partij gewenste doelen?
  • B. Gelijke(re) kansen vs. ongelijke(re) kansen: Leidt realisatie van de partijdoelen tot meer gelijke kansen, of juist niet?
  • C. Met onafhankeleijke vs. zonder onafhankelijke ethiek: Zijn alle middelen geoorloofd voor de realisatie van de doelen, of bestaat er naast of boven de partij  een van de partijbelangen onafhankelijke ethiek die bepaalde handelingen, ook al zijn ze doelmatig, verbiedt als immoreel? (Denk aan het hele scala dat loopt van (witte) leugens en propaganda via geweld en politieke moord naar politieke terreur.)
  • D. Met objectief vs. zonder objectief waarheidsbegrip: Heeft de partij (het partijbestuur) altijd gelijk, of bestaat er naast of boven de partij een van de partijbelangen onafgankelijk waarheidsbegrip waarmee men de partijstellingen kan kritiseren?
  • E. Met beperkte vs. onbeperkte doelen: Is volgens de partij-ideologie alles politiek, of ondergeschikt aan de politiek, of zijn de partijdoelen onder- of neven-geschikt aan andere (maatschappelijke, culturele) waarden?

7. Schets van de Nederlandse politieke partijen: Dit zijn geen vragen die met wat betreft de meeste politieke partijen met een eenvoudig "ja" of "nee" kan beantwoorden - gewoonlijk is het een kwestie van meer of minder: Politieke partijen verschillen gradueel en niet absoluut. Bovendien moet men niet alleen de partijideologie maar ook haar feitelijk handelen aanschouwen - wat mensen doen is vaak niet wat mensen zeggen dat mensen behoren te doen. Maar in algemene termen gesproken denk ik dat de meeste Nederlandse politieke partijen hervormingsgezind zijn; een tamelijk onafhankelijke ethiek, en een enigszins objectief waarheidsbegrip hebben. Ool propaganderen ze bijna allemaal voor gelijkere kansen voor iedereen te zjn, terwijl dit in de praktijk zelden het geval blijkt te zijn.

8. Hoe de CPN verschilt: De CPN verschilt aanzienlijk van de meeste Nederlandse partijen op bovenstaande criteria: Ze is revolutionair, zonder daarbij een onafhankelijke ethiek te hanteren, en zonder dat er een objectief waarheidsbegrip is dat los staat van de partij-ideologie.

"Die Partei hat immer Recht"

- partij-poŽet Berthold Brecht motiveert dat zo:

"Der Einzelne hat zwei Augen
 Die Partei hat tausend Augen
 (...)
 Der Einzelne  kann vernichtet werden
 Aber die Partei kann nicht vernichtet werden."

(Uit het gedicht "Lob der Partei".) En volgens de communistische ideologie is er geen objectieve waarheid los van partijdigheid: Alle waarheid is partijdig en "draagt klassekarakter", en bovendien ligt de waarheid vast, indien ze eenmaal is afgekondigd door het partijbestuur. Afwijkingen van de partijlijn worden dan ook gewoonlijk als "(klein)burgerlijke, partijvijandige deviaties" beschouwd, hetgeen weer samenhangt met de onbeperkte doelen van de communistische partij: Alles is politiek en ondergeschikt aan de politiek, en alles wordt beoordeeld in termen die in de eerste plaats politiek zijn: Er is "burgerlijke" en "proletarische" kunst; "kleinburgerlijke" en "communistische" moraal; en "kapitalistische" en "socialistische" wetenschap. En tenslotte streeft een communistische partij echt gelijke kansen voor alle mensen na, hoewel dat, indien de partij eenmaal de macht in handen heeft, gelijke onderdrukking van bijna iedereen door het partij-apparaat en de communistische ťlite blijkt te betekenen.

9. Over communisten: Meningen maken mensen. Het resultaat van de bovenstaande meningen wordt door James Burnham, zelf ex-communist, als volgt omschreven (en geciteerd door George Orwell, Collected Essays IV, p. 236):

"The true communist... is a "dedicated man". He has no life apart from his organizatiomn and his rigidly systematic set of ideas. Everything that he does, everything that he has, family, job, money, belief, friends, talents, life, everything is subordinated to his Communism. He is not a Communist just on election day or at Party headquarters. He is a Communist always. He eats, reads, makes love, thinks, goes to parties, changes residence, laughs, insults always as a Communist. For him, the world is divided into just two classes of human beings: the Communists, and all the rest."

Hetzelfde geldt natuurlijk voor andere totalitaire overtuigingen - waarbij "totalitaire overtuiging" niet primair bedoeld is als waardeoordeel, en gedefinieerd wordt in termen van de laatste drie criteria in sectie 6: Een totalitaire overtuiging is een overtuiging waar geen waarheid in tegenspraak mee kan bestaan; waar geen onafhankelijke ethiek kan bestaan; en waarvan de doelen alomvattend en de leer allesverklarend is.

In deze zin zijn de meeste extremistische en/of ongebruikelijke politieke en religieuze overtuigingen totalitair, evenals zich ook tegenwoordig minder extreem manifesterende geloven als het katholieke of protestante. En voor het Communisme geldt hetzelfde als voor het Christendom:

"He who begins by loving Christianity better than Truth will proceed by loving his own sect or church better than Christianity." (Coleridge)

Met als resultaat:

"Christans have burnt each other, quite persuaded
 That all the Apostles would have done as they did." (Byron)

10. Politieke partijen als groepen: Politieke partijen zijn georganiseerde sociale groepen. Georganiseerde sociale groepen bestaan uit verzamelingen groepsleden met een gemeenschappelijke ideologie, onderling verbonden door een sociale structuur. In het geval van politieke partijen bestaat de sociale structuur uit een verzameling hiŽrarchisch gebonden rollen: Er is een formele leiding, een middenkader van bestuurders en uitvoerders, en er is de grote massa van de gewone partijleden op wier contributies de groep draait. En de ideologie (of wereldbeschouwing) van een sociale groep zijn de ideeŽn en idealen die de groep samenhoudt, naast persoonlijke kontakten en sympathie: De ideologie van een groep formuleert haar doelen en idealen en verklaart hoe de wereld in elkaar zit. De ideologie van een sociale groep, i.h.b. van een politieke partij of religieuze vereniging, is vaak afgeleid van of gebaseerd op een of andere filosofische of religieuze theorie, en vaak zijn er fundamentele teksten of heilige boeken, en een geschreven codex of synopsis van de leer die de groepsleden als leidraad dient. In een politieke partij is de codex het partijprogramma (de officiŽle ideologie van de partij), dat gewoonlijk grotendeels door de partijleiding bepaald wordt, terwijl de ideologie als sociaal bindmiddel functioneert door de leden eenzelfde ideologie in een gedeeltelijk groeps-eigen taalgebruik en vooral een eigen terminologie, waarmee haar ideologie wordt uitgedrukt.

11. Over aanhangers van politieke partijen: De redenen waarom mensen sympathiseren met politieke partijen zijn talloos maar schijnen uiteen te vallen in vijf soorten: (i) omdat men erin is geboren, of er familie in heeft; (ii) omdat men er vrienden in heeft of wil socialiseren met aanhangers van die partij; (iii) omdat men gelooft door met deze partij te sympathiseren men de eigen belangen behartigt; (iv) omdat men idealistisch is, en een bepaalde maatschappij wil veranderen of behouden; of (v) omdat men een carriere(tje) in de politiek wil maken.

Voor de meeste aanhangers van een partij zal het aanhangen wel veroorzaakt zijn door een mengsel  van motieven, maar ik vermoed dat de eerste twee, sociale, redenen voor de meeste partijleden om lid te blijven zijn, en de laatste drie egoÔstische en altruÔstische redenen de voornaamste gronden van hun lid worden zijn.

Hoe het zij, iedere politieke partij biedt een veelzijdige en interessante vorm van tijdsverdrijf, zelfbeleving of levensvervulling: Er zijn allerlei manieren waarop men zich belangrijk kan maken of voelen; men hoort ergens bij; men heeft, samen met anderen, een visie op de wereld; men heeft een doel en idealen; en er zijn in een partij gewoonlijk allerlei vormen van sociaal gedrag, vermaak en belangenbehartiging mogelijk naast carriere-mogelijkheden en het bedrijven van politiek.

12. Over macht: Een politieke partij bestaat echter minder voor haar leden dan voor haar leiders: Het uiteindelijke doel van iedere politieke partij is macht en invloed, en wel voor haar leiders. Macht is het vermogen het doen of denken van anderen tegen hun wil te veranderen; macht die niet uitgeoefend wordt tegen iemands wil is invloed. De manier waarop verschillende politieke partijen deze macht willen verkrijgen verschilt, evenals het soort macht (economisch, politiek, religieus) waarin de partij-leiding in de eerste plaats geÔnteresseerd is, maar uiteindelijk wil iedere partij-leiding regeren. In de praktijk blijkt dit doel, zeker voor kleinere partijen, en wat betreft het uitvoeren van een partij-programma (de officiŽle partij-ideologie) meestal onbereikbaar. Het feitelijk doel van de partij wordt dan haar eigen (voort-)bestaan: Het partijleven draait rondom de acties, festivals, demonstraties, verkiezingsbijeenkomsten etc. die voor en door de partij georganiseerd worden.

En er zijn in iedere politieke partij altijd twee soorten partij-aktiviteiten, zoals er twee soorten leden zijn: Enerszijds is er het midden- en hogere kader van de partij - degenen die iets persoonlijks te winnen of verliezen hebben in de partij - waartussen zich een uitgebreide interne machtsstrijd afspeelt om ere-baantjes, carrieres, machtsposities in besturen, en financieel aantrekkelijke functies; anderszijds is daar de grote massa van gewone partijleden waarvoor de partij in de eerste plaats een belangenbehartigins-verenigig is waar men het nuttige (eigen belangenbehartiging) met het aangename (drinken, kletsen, flirten, kortom: zichzelf beleven en uiten) kan verenigen.

13. Wat alle politieke partijen kenmerkt: De essentiŽle feiten voor goed begrip van een politieke partij zijn ondertussen de volgende

  • alle partij-organisaties zijn hiŽrarchisch;
  • alle partijen worden geleid door kleine cliques, die het meeste belang hebben bij de partij;
  • alle politieke partijen, hoewel in naam democratisch, zijn in feite oligarchisch
  • in alle politieke partijen speelt men vrijwel voortdurend interne machtsstrijd tussen diverse fracties en belangengroepen;
  • in elke partij bepaalt de partijleiding de koers en de partijvisie;
  • in elke politieke partij laat de partijleiding zich gewoonlijk periodiek (her-)verkiezen door haar leiders.

Dit geldt voor alle partijen, en het geldt in extreme mate voor extremistische partijen als de CPN, waarin een aanzienlijk deel van van de tijd en energie gestoken wordt in interne partijstrijd: In de 25 jaar van 1957 tot 1982 zijn minstens vier radikale wijzigingen als gevolg van verregaande interne machtsstijd aan te wijzen: De royementen van Wagenaar, Gortzak, Brandsen etc. in '58; de koerswijziging in de '60-er jaren weg van de Sovjet-Unie en het royement van Baruch e.a.; de mislukte staatsgreep van ere-voorzitter Paul de Groot eind zeventiger jaren; en de recente machtsovername door 'anti-sexistische. anti-stalinistische' vernieuwers.

14. Over interne partij-democratie:  Maar interne en externe machtsstrijd is de dagelijkse bezigheid van alle politieke partijen. en allerminst kenmerkend voor de CPN. De CPN verschilt in dit opzicht van andere politieke partijen door haar felle en eigenaardige taalgebruik, en in de mate waarin personen zwartgemaakt worden, en dat is allemaal niet fraai - maar de corrupte walm die uit andere partijen opstijgt, zoals rondom Udink, Boersma, Aantjes, Schwietert etc. is evenmin verheffend. (NB: Dit is in 1982 geschreven. De sindsdien geopende beerput van incompetentie, corruptie, nepotisme, zakkenvullerij, machtsmisbruik, immoreel gedrag en schijnheilige uitvreterij in de Nederlandse politiek is vooral verbazend omdat het bijna niemand meer lijkt te interesseren: De bevolking heeft in meerderheid gekonkludeerd dat haar politieke voorgangers zakkenvullers zijn, en gelooft nauwelijks meer in politieke idealen en politieke integriteit; de politieke voorgangers gaan, onder moreel gehuichel over "het verval der moraal in de samenleving" gewoon door met hun zakken te vullen, en overigens blijft alles bij het oude: De enige intellectueel en moreel competente politicus in Nederland is W. Drees, en hij is 101, en een reliek uit fatsoenlijkere, hoewel niet betere tijden.[Noot])

Het argument dat de CPN "niet democratisch is". dat jarenlang door de PvdA gehanteerd werd om samenwerking met de CPN af te wijzen is dan ook politieke demagogie. Er zijn tal van goede redenen om niet met de CPN samen te werken, maar gebrek aan interne democratie behoort daar niet toe, want iedere politieke partij is alleen in schijn democratisch. Een goede reden om niet met de CPN samen te willen werken is dat ze een totalitaire maatschappij-ordening nastreeft (ook als dat niet in de bedoeling van de partij-leden ligt: "Het reŽel bestaande socialisme" is ook gevestigd door goedwillende idealisten); een andere reden om niet samen te willen werken betreft de ideologie van de CPN, want daarin verschilt de communistische partij wezenlijk van alle andere. Daartoe wenden we ons nu dan ook.


Weer in 2009: Dat komt dus een volgend keer (namelijk: deel II OVER IDEOLOGIE) - en u zou een en ander kunnen (gaan) vergelijken, desgewenst, bij voldoende interesse en sterke maag, met de tekst van "Alles moest anders - Het onvervuld verlangen van een linkse generatie" (Met Etty De Integere!) en "De man die faalde" (Geniale Gijs himself!) van 1992 of later, waarin de linkse leden, vooral eertijds prominente ex-CPN'ers van mijn generatie van collaborateurs zich tien jaar later publiek trachtten schoon te wassen, vanwege de verdere carriťre in zachte posities aan de tot dan verketterde kapitalistiese media of burgerlijke, reactionaire universiteiten, vanwege de opheffing van de CPN. Waarin zij slaagden.

 Meer Lob der Partei 


Secties van OVER POLITIEK, IDEOLOGIE EN TAALGEBRUIK

  1. Een ethische paradox
  2. De rol van ideologieŽn
  3. De CPN

  4. Twee fundamentele vragen

I. OVER POLITIEKE PARTIJEN

  5. Wat een poltieke partij is
  6. Soorten politieke partijen
  7. Schets van de Nederlandse politieke partijen

  8. Hoe de CPN verschilt
  9. Over communisten
10. Politieke partijen als groepen
11. Over aanhangers van politieke partijen
12. Over macht
13. Wat alle politieke partijen kenmerkt
14. Over interne partij-democratie

II. OVER IDEOLOGIE                                        (....rest later)


P.S. Voor regelmatige bezoekers van de site, omdat het me opviel: Aangezien ik met ADSL veel makkelijker zaken oplaadt, is de sectie Recent Changes minder volledig dan in vroeger dagen zonder ADSL. (Ik heb geen energie dat allemaal precies bij te houden, maar verbeterde dus weleens foutjes die mijn oog troffen.)

(*) Inspanning namelijk (vooral) om een nieuwe pinpas te krijgen nadat de zeer vaak falende of geheel niet werkende pinpasautomaat van de Postbank/ING mijn pinpas verzwolgen had.

Wel... ook bij de ING werkt heel weinig zoals geadverteerd of zoals het zou behoren en is alle informatie (telefoonnummers e.d.) fout of onzin (website) of van een krankzinnige achterlijke knulligheid (www.mijning), maar - ere wie ere toekomt - het personeel dat ik sprak (zes of zeven mensen) was aardig, beleefd, en behulpzaam, en kon er ook niets aan doen, want het betrof allemaal evident fouten en incompetentie van het midden- en hoger bestuursvolk van de ING, de bonussen-bovenmensen zal ik maar zeggen. (De KPN nummerservices geven bijvoorbeeld 2 foute nummers door, en rekenen daarvoor 70 eurocent per minuut, volgebabbeld door zwoelzachte kul of onwaarheid dames met een IQ van 0. Het schijnt fout te zijn gegaan, op z'n laatst, sinds de ING de Postbank overnam, of toen het bonusjagen z'n intree daar deed).

Ondertussen nam het rond de 5 uur inspanningen (je blijkt geen cash op te kunnen nemen bij enig kantoor van de ING-bank, naar het schijnt, zonder geldige pas, zodat ik tegen 12 euro 50 voor mij geld moest laten overmaken naar een postkantoor, en daar heen om het te innen), maar - nogmaals - het personeel dat ik sprak was in de orde van 1000 keer zinniger, beleefder en hulpvaardiger dan dat van de Gemeente Amsterdam (die weten onaanraakbaar, onvindbaar, onstrafbaar, onaansprakelijk, en onverantwoordelijk te zijn, en uiteindelijk van alles vrijgesteld zijn tot hun pensioen, inclusief enige verplichting de Nederlandse wet te handhaven of beleefd en behoorlijk Nederlands te spreken, en tot in de eeuwigheid boven de wet staan sinds het Pikmeer-arrest van de Nederlandse Hoge Raad, gezegend zij de naam).

Hoe het zij... het was leerzaam dat het bij de ING kennelijk net zo'n organisationele troep + puinhoop is, op de midden, hogere en hoogste niveaus, als bij de Gemeente Amsterdam, uiteindelijk om dezelfde reden (in de vorige alinea aangegeven en onderstreept), maar dat hun lager personeel, dus zij die het feitelijk werk en de echte bankzaken doen, met de klant, zeer veel zinniger en behulpzamer is dan de Neerlandse en in het bijzonder de Amsterdamse bureaucratie.

[Noot] De parenthetische opmerking dateert van maart 1988, toen ik het oorspronkelijk getiepte papieren origineel omzette naar mijn toenmalige computer - dat ik nu weer deed, anno 2009, omdat ondertussen de opslagmedia totaal veranderd zijn.

Maarten Maartensz

        home - index - top - mail