Nederlog

4 mei 2009

4 mei: "Ein gut proportionierter Sd-Arir"

 

Kennelijk heb ik me wat te veel ingespannen en in ieder geval heb ik nu pijn in een heup. Maar goed... ik had me voorgenomen wat meer te schrijven dan ik waarschijnlijk zal doen, en merk het maar op, voor het geval ik er morgen niet ben op deze plaats.

Hoe het zij, het is vandaag de vierde mei, en ik heb er zelf niet zoveel mee, en beschreef ook eerder waarom (zie Vlagvertoon).

Maar omdat de radio toch aanstond viel ik in 12 minuten stijf radio-theater met vl klokgelui, een Dam vol mensen, een noodtoestand in Amsterdam die het de gemeentepolitie toestaat iedereen op te pakken (ik citeer de radio:)

"die er vreemd uit ziet",

kennelijk mede in verband met de aanslag te Apeldoorn, maar toch - tja - wat vreemd bij een herdenking van de Tweede Wereldoorlog, gevolgd door het radionieuws dat het zoven gepasseerde nog eens meldde, dat weer toepasselijk gevolgd werd door "Imagine" ("there is no heaven" etc.) van John Lennon.

Daardoor gesticht zet ik mij aan mijn vaderlandse plicht en kan u verhalen dat er vandaag heel wat stukjes in verband met de 4e mei in de vandaagse NRC staan. Ja heus!

Sommige daarvan zijn echter best aardig en ik noem er drie, die alledrie enig verband hebben met veel dat ik hier en in ME in Amsterdam schreef over mensen in het algemeen en gewone mensen in het bijzonder.

1. Truus Menger
2. "Ein gut proportionierter Sd-Arir"
3. Rudolf Hss over
    "Hoe konden de Joden de Duitsers uitroeien?"

1. Truus Menger

Er staat een aardig interview met Truus Menger in de krant. Misschien zegt de naam u niets, maar zij is net als wijlen mijn ouders een politieke terrorist - zie mijn Verzetsstrijders als terroristen uit 2006 - en bovendien n van formaat:

Ook Menger voerde een aantal liquidaties uit. Hoeveel dat er waren wil ze liever niet zeggen. Ze was bovendien betrokken bij het opblazen van een spoorlijn, een actie waarbij ze haar latere man ontmoette. Veel van het werk ondernam ze samen met Hannie Schaft, die na de oorlog door een boek en een film bekend zou worden als het 'meisje met het rode haar'.

Menger zegt dat haar groep niet zomaar landverraders neerschoot. "Dat ze NSB'ers waren, daar ging het ons niet om. De mensen die geliquideerd werd, waren actief bezig met het opsporen van Joden en andere onderduikers. Ze moesten gestopt worden, om erger te voorkomen.

Het geval wil dat ik haar wel eens ontmoet heb, omdat ze een vriendin van mijn ouders was, en dat het portret van Hannie Schaft altijd in de huizen van mijn ouders hing.

Het geval wil ook dat mijn moeder in het verzet zat in Noord-Brabant, als assistent-hoofd onderduiksvoorzieningen en dat ik zelf vermoed dat dit de uiteindelijke reden is waarom Ed van Thijn, die daar in dezelfde tijd ondergedoken zat, en mijn vader ook kende als organisator van verzetstentoonstellingen, mijn klachten over zijn door hem bij mij inpandige vergassende en met moord dreigende harddrugshandelaren (vermomd als "coffeeshop") nooit beantwoordde, op geen enkele wijze, zo min als Schelto Patijn en Job Cohen, buiten n enkele gore sadistische chicane van ieder van hen, en omdat de circa 17.000 Amsterdamse ambtenaren van nu allemaal veel liever hun ambtelijk pensioen halen dan de wet te handhaven, trouwens net als in 1941, behalve dat collaborerende ambtenaren nu veel meer verdienen, veel beter beschermd zijn, veel hoger aanzien genieten, en dat B&W van Amsterdam al minstens eenentwintig jaar met welbewust sadisme tegen mij nalaat de wet te handhaben in hun geval, immers hun trouwe medewerkers.

Maar in juni 1941 werden mijn vader en grootvader gearresteerd in verband met de Februaristaking vier maanden daarvoor, en wel door Amsterdamse agenten van gemeentepolitie, dus van hetzelfde korps dat mij lachend verzekerde, in de gestalte van brigadier (zei hij) Lammert Takens, gekleed in een korte rode broek en een t-shirt waarop "I lost my heart in Amsterdam", in de zomer van 1991, na n vergassing en vier geloofwaardige moorddreigingen, ondertussen ook heel goed wetende wie ik was, en wat hij kon doen en laten in Amsterdam:

"Wij, de gemeentepolitie van Amsterdam doen niets voor u.
 En als u dat niet bevalt dan sodemietert u maar naar het buitenland."

En in 1941 leverden Amsterdamse gemeentelijke agenten mijn vader ook in 1941 persoonlijk af bij het martelcentrum van de SD in de Euterpestraat, die nu Gerrit-Jan van der Veenstraat heet.

Hoe het zij.... ik ken mevrouw Menger als een alleraardigst en zinnig mens, en ik ben blij te zien dat ze nog in leven is, ook met enige goede moed en gezondheid.

2. "Ein gut proportionierter Sd-Arir"

Er staat een heel aardig stukje van Dick Swaab op de achterpagina, die een tijdlang columneerde in de NRC over de menselijke hersens en die dat leuk en leesbaar deed. Ik schreef eerder wat over die columns -zie Swaab vindt het ook (over de ziel) en Wat meer over de menselijke ziel.

Het blijkt dat Swaab's vader tussen 1940 en 1945 het juiste ras niet had volgens de toenmalige Nederlandse machthebbers (in precieze en exacte tegenstelling tot de gemeenteraden van Amsterdam sinds 1980 (*)) en dat daar indertijd een originele oplossing voor was.

Swaab beschrijft het als volgt, met een fraaie eerste zin in mijn citaat, waarbij u verder moet meetellen dat hijzelf vele jaren lang directeur van het Herseninstituut is geweest:

Amsterdam werd, in de tijd dat het Nederlands Centraal Instituut voor Hersenonderzoek in 1909 werd opgericht door de Internationale Brain Commission, beschouwd als behorende tot 'de beschaafde wereld'. Hier werd een van de Centrale Instituten voor Hersenonderzoek gevestigd. De eerste directeur was prof.dr. C.U. Arins Kappers. De beschaving werd echter al snel aan haar eind geholpen toen tijdens de Tweede Wereldoorlog Nederland werd bezet door Nazi.Duitsland en de deportatie van Joden uit Nederland begon. Men probeerde aan deportatie te ontkomen, onder meer door met behulp van antropologisch rapport te 'bewijzen' dat dat men geen Jood was en al snel werd duidelijk dat Kappers zo'n rapport kon leveren. Hij had al in 1933 in een interview gesteld dat hij het onderscheid 'Arir' als ras onverdedigbaar achtte.

Dat moedig en behoorlijk was - en zie zijn eigen naam, ook voor Freudianen e.a. duisterdenkers: Zr ies no koienziedenz! - maar nog veel moediger, en in de in Nederland zr zeldzame traditie - ik spreek als ervaringsdeskundig psychologisch doctorandus, o weglopers van Nederlog vorige maand! - van

"Agis comme tu penses!"

(zie Multatuli's iden 73, 74, 136 en 276), want hij ging samen met nog een anthropoloog dr. Arie de Froe Quatsch-rapporten opmaken voor de bezetters (en hun toendertijd talrijke gewillige uitvoerders):

Ze hebben samen zo'n duizend tot tweeduizend valse antropologische rapporten opgesteld waardoor velen de tijd kregen onder te duiken. Naar schatting driehonderd mensen hebben ze zo van de Holocaust gered.

Dat is toch prachtig en een verhaal dat ik nog niet kende. Het wordt nog mooier wat Swaab vervolgt

Ook mijn vader, Leo Swaab, kreeg zo'n certificaat van Arins Kappers. Decennia later riep mijn vader zo nu en dan nog met een grijns op zijn gezicht dat hij "Ein gut proportionierter Sd-Arir" was, wat zoals ik pas veel later begreep de formele conclusie van het anthropologische fake onderzoek van Kapper was geweest.

Zoals ik hierboven al opmerkte was Swaab tot zeer kort geleden directeur van het Herseninstituut aan de eertijdse directeur waarvan hij zeer waarschijnlijk zijn bestaan dankt.

Er staat ook een indrukwekkende foto bij het artikel, dat op de Achterpagina van de vandaagse NRC staat, waar het onderschrift van citeer

15 mei 1942: Leo Swaab en paranimfen met Davidster, bij zijn promotie in de UvA.

Dat kon namelijk toen nog, zonder gehoor natuurlijk, en de promovendus en zijn paranimfen staan keurig in pandjesjassen ieder met een grote jodenster op hun hart.

Het geheel - foto met verhaal - verdient beter bewaard te blijven dan op een achterpagina, want zowel de n als het ander zijn indrukwekkend.

3. Rudolf Hss over "Hoe konden de Joden de Duitsers uitroeien?"

Naast het stuk van Swaab staat de column van Frits Abrahams die "Vlotte vernietiging" heet, over het boek "Neurenberger gesprekken" van de Amerikaanse psychiater Leon Goldensohn, die in 1946 een groot deel van de daar berechte prominente nazi's interviewde, in zijn functie als gevangenispsychiater.

Hier is een leerzaam citaat:

Goldensohn vraagt hem hoeveel mensen er in zijn tijd in Auschwitz gedood zijn. "Het precieze aantal valt niet te bepalen", zegt Hss, "ik schat zo'n tweeneenhalf miljoen Joden." (..) "Wat vindt u daarvan?" vraagt Goldensohn- 'Hss keek wezenloos en pathetisch. Ik herhaalde mijn vraag en vroeg of hij goedkeurde wat er in Auschwitz gebeurde. "Ik kreeg persoonlijk bevel van Himmler". "Hebt u ooit geprotesteerd?" "Dat kon niet. Ik moest de redenen die Himmler mij gaf accepteren." (**) "U vindt met andere woordendat het gerechtvaardigd was tweeneenhalf miljoen mannen, vrouwen en kinderen te vermoorden?" "Niet gerechtvaardigd; maar Himmler zei tegen mij dat, als op dat moment de Joden niet werden uitgeroeid, het Duitse volk voorgoed zou worden uitgeroeid door de Joden." "Hoe konden de Joden de Duitsers uitroeien?" "Dat weet ik niet, dat zei Himmler. Himmler legde het niet uit." Goldensohn vraagt hem of hij enig schuldgevoel heeft. "Jawel", zegt Hss, "nu denk ik uiteraard dat het niet goed was."

Merk het "nu" en het "uiteraard" op. Overigens komt het mij voor als een mengsel van leugen en waarheid, maar de basis zal wel kloppen: Hss was het soort man dat iets goed achtte dan en slechts dan als de baas het goed achtte, en dus maatschappelijk vooruitkwam dankzij z'n gebrek aan karakter.

Wat verderop:

Goldensohn vraagt hem of hij wel eens last van nachtmerries heeft. "Nooit" zegt Hss. En voelde hij zich nooit eens van zijn stuk gebracht? "Ik begrijp niet wat u bedoelt", zegt Hss, "want ik heb zelf niemand gedood. Ik was slechts de leider van het vernietigingskamp Auschwitz."

Met andere woorden: Hij was - waarschijnlijk net als de Amsterdamse ambtenaren en burgemeesters die mij lieten vergassen en met moord bedreigen - alleen maar een hoogst gewillige Schreibtischmrder, en - alweer waarschijnlijk net als de Amsterdamse ambtenaren en burgemeesters die mij lieten vergassen en met moord bedreigen - hield zichzelf kennelijk voor een keurig ja voorbeeldig oppassend man, van geheel vlkische trotse Normen en Waarden van zijn tijd, die immers altijd vond en altijd deed wat de autoriteiten vonden en hem opdroegen te doen.

De meeste mensen zijn kennelijk zo, en het enige wat ze ontbreekt om hun gang te gaan, met een geheel zuiver, ja trots geweten, is de gelegenheid, zoals een ambtelijke, burgemeesterlijke of wetshandhavende aanstelling, bijvoorbeeld in een zo tolerante stad als modern Amsterdam.

Ach ja. (***)


(*) Wie denk dat dit een compliment is moet "The Holocaust Encyclopedia", Ed. W. Laqueur eens bekijken: Mijn ouders, ikzelf en dus kennelijk ook Dick Swaab en zijn vader bestrijden dat er zoiets als "een Joods ras" zou zijn, of "een Arisch ras", for that matter: 't Is allemaal je reinste kwalijke kul.

De gemeenteraad van Amsterdam daarentegen jubelde, poseerde en acteerde bij de aanstellingen van Polak, Van Thijn en Cohen massaal

"dat Amsterdam een Jood nodig heeft als burgemeester"

- terwijl de heren dat echt zo weinig of zoveel zijn als ik.

De gemeenteraadsleden van Amsterdam waren dus grage toepassers een rassenwaanleer die ze zlf trots beweerden niet te hebben.

Hetzelfde gebeurde in die tijd aan de Universiteit van Amsterdam: Een soort links carrire-terrorisme... want dr ging het die myriaden Nederlandse quasi-revolutionaire rellenschoppers en ellbogenwerkers allemaal eigenlijk om: Een aanstelling als "wetenschappelijk medewerker" voor het leven aan de universiteit, voor zichzelf, mt het bijbehorende grachtengordelpand en een lidmaatschap van De Kring aan de voeten van Neerlands en de wereld's grootste profeet en leider ooit.

En verdomd: honderden of duizenden slaagden daarin, zitten er nog, en hielpen het wetenschappelijk onderwijs wurgen gedurende een generatie van uitvreterij en publieke poseerderij, en mij van de universiteit verwijderen.

Zie bijvoorbeeld hier, voor mannen en vrouwen die het in het moderne Neerland gemkt hebben op deze manier, en nog steeds prominent zijn, ondanks evident gebrek aan ieder talent van enige betekenis afgezien van carriremaken op basis van heel welbewuste, heel brutale ook - dat is namelijk het bittere - leugens, dekaden lang ook: Gijs, Elsbeth, Ella, Paul, Ren, Gabril, Lodewijk .... de lijst is lang, en ik moet wel aannemen dat mijn ouders en grootouders in het verzet zaten om deze voortreffelijke toneelspelers een bestaan en inkomen, macht en status, en een heerlijk gemakkelijk en zeer welbetaald leven te helpen leiden, in de orde van 10 tot 50 keer beter dan dat van mijn ouders of hun kinderen, want z gebeurde in feite, en ik mag wel oppassen, want in het zo gelukkige zo bevrijde land waarin ik leef mag ik dit soort gedachten eigenlijk geheel niet uitspreken of schrijven, en daarom ook ben ik van de UvA getrapt als enige Nederlandse student ooit, na 1945, om maar ruimte, emplooi en bestaansgemak en rust te kunnen maken voor de bovengenoemden en hun zeer vele vrienden en collega's.

En maakt u zich geen illusies dat de dames en heren niet van mijn stukjes weten, want ikzelf doe dit ook niet. Maar ja, het loon van de corruptie blijft smaken, en ikzelf ben onbekend in Neerland.

Dit mag u ng een keertje nalezen, zoals de hele geciteerde passage:

"Dat kon niet. Ik moest de redenen die Himmler mij gaf accepteren."

Precies als in modern Amsterdam - behalve dat ambtenaren in modern Amsterdam geen enkele straf voor wat dan ook riskeren voor wat ook misdaan tegen enig burger, mits die burger geen BN'er is, en geen familie van een ambtenaar, gemeenteraadslid, of B&W, en de ambtenaar zelf eerlijk is geweest in al zijn of haar deals met en voor de mafia-maten.

(**) Misschien begrijpt u nu wat beter waarom Job Cohen mij nooit zal willen vervolgen zolang ik vrij ben hem tegen te spreken - maar eerlijk gezegd vermoed ik dat veel van de lezers die mij verlieten toen ik Job Cohen enigszins satirisch te keek hing, is dat ze eigenlijk, deep down inside, veel meer van Rudolf Hss en Otto Normalverbraucher weghebben dan ze zelf graag denken. (Nederlanders belijden nu toch al zo'n veertig jaar miljoenvoudig dat zij zelf en ieder ander mens met zo iemand "gelijkwaardig" is - of als ze dat niet vinden dan zijn ze toch miljoenvoudig niet in staat of gewillig de eenvoudige waarheid te spreken, namelijk dat dit doorordinaire nivellerende laster over sommige uitstekende mensen is.)

Maar ja, later meer over deze kwestie, en ik hoop dat zlfs de Neerlandse Normalverbrechers mij toestaan op te merken dat ikzelf meen - mt permissie, dank u wel - dat mijn ouders en grootouders niet in het verzet zaten om mij, invalide en wel, te doen vergassen en terroriseren in Amsterdam tussen 1988 en 1992, met volledige toestemming, instemming, gedoogbeleid, en bescherming voor de harddrugshandelaren en drugscorrupte Amsterdamse ambtenaren door de drugscorrupte Amsterdamse burgemeesters en wethouders, die bovendien al dekaden publiek zweren bij de rassenwaanzin van Goebbels, bij directe logische implicatie, en ieder mens publiekelijk nivelleren tot de meerderheid van lafaards, domoren, conformisten en gewillige uitvoerders.

Daarbij zijn het de burgemeesters en wethouders van Amsterdam al dekaden lang kennelijk de allergrootste bestuurs-schoften die er in de Neerlandse politieke partijen te vinden zijn, en zijn het allemaal, stuk voor stuk, gedegenereerde zeer welbewuste drugshandelaars-collaborateurs en gewoonlijk zelf mafia-maten, en trouwens ook nog - ik heb liever met intelligente dan domme schoften van doen, omdat de eersten mij tenminsten kunnen volgen als ze moeite doen - in grote meerderheid een intellectueel en cultureel achterlijk zooitje uitvreters en oplichters.

Maar ja, ik weet het lezer, ik weet het:

Want, myn zoon, aldus is de mensch geschapen, dat hy veel onreins kan slikken, doch geenszins uwe woorden ver onreinheid. (374)

Daarom ook zijn er in Amsterdam tussen 1941 en 1945 ook zoveel Joden opgepakt en weggevoerd ter vergassing, met prominente collaboratie van maar liefst drie grootvaders van moderne Amsterdamse leden van B&W die zelf weer  prominente collaborateurs van de Amsterdamse drugshandel zijn.

Zei ik al dat ik het wist? Maar toch...

(***) Wie dit betwijfelt - aan de UvA ben ik nogal eens voor "fascist" en "terrorist" uitgemaakt; in Amsterdam ben ik vergast met medewerking van B&W - moet toch eens kijken naar (ooit) populaire computerspellen als Quake en Doome, waar een belangrijk deel van de lustbeleving van de normale man verbeeld wordt op een manier die veel geld blijkt op te brengen.

Maarten Maartensz

        home - index - top - mail