Nederlog        

 

   11 maart 2009

 

Nederliteratuur

 

Ik moet mij - noodgedwongen door mijn Nederlanderschap, de liefde tot mijn moedertaal, de vele zegeningen van de Nederliteratuur, én de waarachtige  genialiteit van zovele Neerlands Schrijvers en Denkers - zetten aan de behandeling van een onderwerp dat mijn lezers en mijzelf ten diepste raakt en aangaat: Ons aller Nederliteratuur.

1. Boekenbal
2. Nedergenie aller Nedergenieën
3. De Nederliteratuur

1. Boekenbal

Gisteren jubelde ik in het voorbijgaan dat ik zo blij was dat er zo bijzonder veel buitengewoon goed schrijvende bijzonder intelligente Nederlandse journalisten, formaat Heijne, denkers, formaat Mulish, en schrijvers, formaat Grunberg, onze Nederlandse dag- en weekbladen voor de intellectuele élite van ons gelijkwaardig  polderparadijsje vol mogen schrijven met hun zo schitterend beredeneerd en goddelijk geformuleerd gedachtengoed... maar ik had toen nog helemaal niet door dat het gisteren ook Boekenbal was, dom als ik ben, en weinig van Nederliteratuur wetend als ik doe.

Gelukkig was er gisteren ook de dagelijkse aflevering van "Met het oog op morgen", dat daarvan verhaalde in de uitzending via hun presentator Stefan Sanders, die er bij aanwezig mocht zijn als Eén Van De Hunnen en die om te beginnen duidelijk maakte dat alléén de Nederlandse élite op een dergelijk feest toegelaten wordt, met zulke eregasten, zulke helden van de geest, als Tim Krabbé, Jan Siebelink en Harry Mulish, allen - evident! - enkele maten te groot om zich voor Sanders' microfoon te begeven, hoewel deze toch een waarachtige keur van het (bijna) allergrootste Neerlandse literaire talent om zich heen had weten te verzamelen voor de luisteraars naar 't Oog.

Trouwens... om aan te geven hoe giga-groot dat talent is (Kluun! Mulish! Meysingh!) dat zich daar op Het Echte Boekenbal mocht verzamelen: Er waren dezelfde avond maar liefst nóg drie zogeheten "boekenbals", en wel voor de vele afgewezenen en de niet-uitgenodigden voor Het Echte Boekenbal.

Maar daar was de integere journalist Sanders niet, om een reden die ik hieronder zal onthullen, en natuurlijk ook omdat op dergelijke slappe imitaties de waarachtige grote schrijvende en denkende élite van Nederland en van de Nederliteratuur, waaronder uiteraard Sanders himself, vanzelfsprekend geheel ontbreekt.

Die zijn namelijk allemaal op Het Echte Boekenbal:

Zo was daar Marion Bloem, die er al voor de 33ste keer was, en die al wel 100 van de andere feestgangers gekust had, zoals zij Sanders en mij en de rest van Neerland mocht vertellen, en dat was dan ook een menselijk-al-te-menselijk detail van de omgangsvormen van Onze Neerlandse Élite dat volmaakt duidelijk gemaakt werd in de uitzending: Je mag alleen op het Boekenbal als je tot de élite van de Nederlandse élite behoort ... maar dan behoort je er ook zo écht bij dat absoluut iedereen absoluut iedereen kust, en kust, en weer kust, als wederszijdse erkenning van elkaars evidente excellenties en als huldiging van de eigen voortreffelijkheid en medemenselijkheid.

Stefan Sanders bijvoorbeeld, Schrijvend Presentator, had zelf al wel minstens 60 feestgangers gekust, "waarvan maar 2 zonder lipstick", zodat hij de hele mond vol lipstick had en maar kon voelen en proeven dat hij er zelf helemaal bij hoorde.

En men - want de radiorapportage vanaf de Amsterdamse Olympus vervolgt, en ik volg het mee voor u - kust elkaar alwéér, met volle overgave en lipstick, want dáár is dan een zo een groot en zo geniaal schrijfster als Nelleke Noordervliet, al minstens een generatie in alle literaire commissies die betalen in Neerland, en al even lang trots meeëtend en levend van alle subsidies voor Nederliteratuur die er zijn, en daarvan ook integer woonachtig op het Singel te Amsterdam, tussen haar eigen soort grachtengordel-élite, maar toch, naar eigen integere mening, en na minstens 22 Boekenbals, "een buitenstander", en dat - uiteraard! - vanwege haar vanzelfsprekende enorme persoonlijke integriteit.

Daar kust men elkaar alwéér want daar is - waarin een klein land groot kan zijn! - De Grote Schrijfster Doeschka Meysingh, die zelf óók al minstens 60 mensen gekust heeft (al kúnnen zwakhartigen daar in blijven, want juffrouw Meysingh heeft een uiterlijk dat velen - waaronder ik - veel liever niet 's nachts in een Amsterdams steegje willen tegenkomen (*)) en die dit jaar, gezien haar waarachtig giga-talent, al wel Drie Literaire Nederprijzen won, dat collectief minstens 60.000 euro schoof, en die dan ook zelf al op minstens 15 Boekenbals geweest is.

En dáár is - men kust elkaar alweer, in opperste dankbaarheid en waarachtige extase De Wijsgeer Van De Uva te kunnen zien en horen, tevens de meest integere academicus die Neerland ooit gekend heeft - de grote denker, schrijver, filosoof, Foucaultkenner, en eminent logisch denkende professor dr. Paul Scheffer, tevens GroteSteden-kenner par excellence, en daarbij de allerintegerste academicus die de UvA ooit gekend heeft.

De integere zelf kust zijn vrouw nog eens (een zeldzame genieting voor hem en haar, naar ik begreep uit zijn bijbehorende uitleg) en doet Stefan en de wereld onmiddellijk weten dat, in alle eerlijkheid en gelijkwaardigheid:

"Iedereen die er toe doet, die is hier op het Boekenbal"

zodat u maar, met de nadruk die dit verdient, kunt wéten of u "er toe doet", zelfs maar een klein beetje, in dit leven, in dit land, in deze cultuur,  en natuurlijk ook hoe buitengewoon inferieur al dat over het paard getilde volk op die drie andere "boekenbals"-voor-mislukkelingen-die-er-niet-toe-doen wel niet zijn.

Ondertussen loopt het op Het Échte Boekenbal tegen 12 uur 's nachts en ook ten einde, net als "Met 't oog op morgen", en presentator Stefan Sanders laat de wereld weten, in een ongetwijfeld geheel waarachtig terzijde dat

"Iedereen is nu stomdronken of bezig met een lijntje coke" ....

... want het was immers Boekenbal in Amsterdam, en ik neem aan dat de laatste mededeling strikt en volledig waar was, en vermoed overigens - al zei hij dát er niet bij - dat Sanders het volledige College van B&W één van hun vele dagelijks doses wit denkpoeder zag nuttigen, wat ze dan ook bijzonder hard nodig hebben.

2. Nedergenie aller Nedergenieën

Er was echter - zo bleek me - aanzienlijk meer te genieten in de NRC van gisteren in het kader van Onze Nederliteratuur, en wel van de waarachtige grootste Nederlandse Literator aller Tijden, de volstrekt onvolprezen universeel geniale Harry Mulish, in de vorm van een eerste fotografisch gereproduceerde pagina van een brief van deze grootste Nederlandse Denker aller Tijden - ik bedoel de universeel geniale Harry Mulish - van 10 juni 1953 aan de criticus Jan Greshoff, kennelijk omdat deze wereld had laten weten dat - Mulish was 25 en had net z'n eerste roman gepubliceerd -

"Er schuilt in Mulisch iets van een wonderkind."

Zeg maar: Mozart, Gauss, Von Neumann of Jezus, maar deze namen voeg ik er alleen bij ter partiële duiding van Het Nederlands Fenomeen, dat al sinds 1953 de wereld zoveel onvoorstelbaar geniaals gaf, en die toen al wist uit te leggen waardoor Hem dat mogelijk was - en u moet nu eerst drie keer diep in- en uitademen, want ik zet mij aan de quotatie van het Nedergenie aller Nedergenieën zelf, en dat vergt een zekere mentale voorbereiding:

Op een Rondvraag antwoordde u [Greshoff - MM] eens: "Ik weet niet, waarom ik schrijf. Ik heb voor ieder stuk een andere reden. Ik schrijf uit puur plezier, uit ijdelheid, uit aandrang, uit mededeelzaamheid, uit hebzucht, uit vriendschap en uit een aangeboren aanleiding om te pesten. Ik schrijf alleen niet, omdat ik mij Profeet of Leider waan." Behalve enkele wijzigingen in de tweede zin, het plezier en de vriendschap betreffende, zou de laatste zin, door mij geschreven, luiden: "Maar vooral schrijf ik, omdat ik mij profeet en leider voel."

Snapt u? Een zo voldragen genie méént dat ook, volledig, totaal, geheel:

Dat ik de hoofdletters weglaat, misschien is dat een voldoende aanwijzing voor het feit dat ik niet halfzacht ben.

Natuurlijk niet: Mozart, Gauss, Von Neumann of Jezus gingen Mulish voor op het pad der genialiteit en de wonderkinderlijkheid, maar met één klein relevant verschilletje, dat zelfs de genoemden niet gegeven was, doch alleen de Nedergeniaalste van alle Nedergenieën:

Toen ik 10 jaar was, stond het voor mij vast dat dat ik een groot man - niet zou wòrden, maar reeds sinds tien jaren wàs.

Geef toe, lezer, dat Jezus als God geboren werd, maar zélfs Hij niet als groot màn. Ook de vermogens van Mozart, Gauss en Von Neumann, om van Newton niet te spreken, ging dat vèr te boven! Dat is alleen een Mulish mogelijk!

Het genie aller genieën, de waarachtige Stalin van de Nederliteratuur, Fidel's allerfijnste verwenner ook, vervolgt:

Ik zocht dit [Grootmannelijkheid - MM] toen op het gebied der aviatiek waar te maken, later ontwierp ik een zelfkloppende hamer, weer later verrichte ik onderzoekingen inzake het geelworden van groene bladeren in de herfst, misschien de dood indachtig, maar tenslotte begon ik dan toch te schrijven (..)

.. en zó schonk Harry Neerland en de mensheid uiteindelijk Zichzelf, en schonk de wereld sinds 10 juni 1953 al het geniaals en schoons dat hij sindsdien presteerde, al kon hij de HBS zelf helaas niet aan, zomin als enige universitaire studie - iets dat Aristoteles trouwens ook al niet nodig had om bekend te worden, al zal zijn naam natuurlijk noodzakelijk wat bleekjes afsteken, in Ons Trots Nederland, naast die van Onze Grote Mulish.

3. De Nederliteratuur

Misschien dat u nu, na het bovenstaande, wat beter begrijpt waarom een mens als ik altijd zo vreselijk veel van de Nederliteratuur gehouden heeft? Sinds mijn allervroegste jeugd ook, bijna als was ik een Mulish, als deze gedachte niet lasterlijk zou zijn?

Ik bedoel: Wat stellen buitenlandse krabbelaars, stamelaars en aanstellerige duisterdenkers als Defoe, Swift, Pope, Berkeley, Newton, Hume, Mandeville, Fielding, Johnson, Boswell, Gibbon én Adam Smith voor - vrijwel allemaal tussen 1700 en 1750 - vergeleken met een voldragen "profeet en leider" als Mulish?! Of een waarachtige Noordervliet?! Of een giga-gigant als Siebelink?! Ja, vergeleken met een voldragen schrijf- en denk-genie als Meysingh, maar liefst?!

Wie wil nu zo'n zooitje Engels ongeregeld lezen, in de genotvolle wetenschap te mogen leven in een land en te mogen en kunnen lezen en denken in een taal als Een Mulish?!

Of - als dit dan echt teveel gevraagd zou zijn om u voor te kunnen stellen - dan maar eens objectief en eerlijk vergeleken met Onze Eigen Nederliteratuur uit diezelfde tijd, met zulke waarachtig onsterfelijke puur Nederlandse regelen gewijd aan de Nederlandse Mulish van de 18e eeuw, geciteerd in alle Nederlandse poëtische bloemlezingen, en het schitterendst dat, natuurlijk tot Mulish, in het Neerlands geschreven is:

"Hier ligt Poot.
 Hij is dood."

Wie wil, na deze onsterfelijkste aller pre-Mulischeaanse geniale geestesproducten - Lakoniek en toch rijmend! Menselijk en geheel dichterlijk! Laudatio en objectieve  wetenschap in één! - nog ooit één enkele letter buitenslands lezen, tenminste als hij of zij dat al zou kunnen, na  Neerlands onderwijs genoten te hebben?

Gelukkig vertelt het Handelsblad dat u en ik vandaag en morgen de twee resterende pagina's van de brief van het toen vijfentwintigjarige Nedergenie zullen kunnen lezen, zodat ik er wellicht op terugkom, mede gezien het onsterfelijks dat ik er al uit mocht citeren, is het niet tot uw vreugde dan wel tot de mijne, omdat ik het zelf zeer leerzaam vind te zien hoe Neerland met z'n eigen genieën omgaat en hoe onvoorstelbaar groot Een Schrijver En Denker als De Ontdekker Van De Hemel is.


P.S. Ik snap dus werkelijk niet - ongelogen niet, lezer! - sinds ik op mijn 14e iets van Shakespeare las, dat - altijd met uitzondering van Multatuli, die ik op die leeftijd ook voor het eerst las, en waar ik bijna aan overleed - enig Nederlander die behoorlijk buitenlands kan lezen (en die niet geheel debiel is, ook na schoolgegaan te zijn) serieus geïnteresseerd kan zijn in De Nederlandse Literatuur (**), maar ik wil best aannemen dat dit aan mijn geestelijke vermogens ligt of aan mijn beheersing van zulke vreemde talen als Engels.

En ik behandelde dit onderwerp dan ook al eerder, eind 2006 in Over literatuur, en in 2007 in 30 favoriete schrijvers, al vrees ik dat ik me er nog wel eens aan zal moeten zetten.

Het blijft me namelijk écht verbazen, omdat het mij van mijn vroege jeugd duidelijk was dat - altijd met uitzondering van Multatuli - de Nederlandse literatuur érg weinig voorstelt, helaas, al is dat vast één van de sleutels om Nederland en de Neerlandse élite werkelijk te begrijpen:

"Iedereen die er toe doet, die is hier op het Boekenbal" (Scheffer)
  ....
"Maar vooral schrijf ik, omdat ik mij profeet en leider voel." (Mulish)
  ....
"Toen ik 10 jaar was, stond het voor mij vast dat dat ik een groot 
  man - niet zou wòrden, maar reeds sinds tien jaren wàs." (Mulish)
  ....
"Iedereen is nu stomdronken of bezig met een lijntje coke" (Sanders)

Maar goed... zoals ik echter opmerkte ligt dit alles ongetwijfeld aan mij en mijn verstand, zodat u zelf desgewenst gewoon kunt blijven doorgenieten van al het schitterends dat een Harry Mulish, een Doeschka Meysing, of een Paul Scheffer u en Neerland brachten en leerden, dankzij hun uiterst rijke geestesgaven, die zij ook wisten te uiten in zulke onovertroffen geniale prozaïsche vormen, ook vanwege hun eigen schier bovenmenselijke integere moraal!

(*) Om welke reden, vermoed ik, haar portret de voorkant van de NRC niet meer dagelijks siert in de vele advertenties voor haar boek "De Liefde" - toch al bijna evenveel van verkocht als ik in de maand januari van dit jaar aan hits had: Kunt u nagaan wat een veelbeprijsd meesterwerk het moet zijn - en vervangen is door een beeltenis van Licht en Liefde, vermoed ik, die in ieder geval dragelijker is voor althans mijn oog.

(**) Om mogelijke misverstanden te vermijden:

Er zijn best aardige dingen aan te wijzen in de Nederlandse literatuur, naast Multatuli - Toonder, Stip, Schoolmeester, Piet Paaltjens... onder anderen - maar overigens,  is de Nederlandse literatuur, trouwens ook in het niet-chauvinistische oog van de gehele wereld minus Nederland, even klein, onbekend en onbemind als de Nederlandse schilderkunst groot, bekend en bemind is. (Als het dus aan mij ligt, dan bevind ik me eens, voor de verandering, tussen de grote meerderheid, buiten Nederland weliswaar.)

Maarten Maartensz

        home - index - top - mail