Nederlog        

 

18 januari 2009

 

Cultuurfilters, media en internet


 



Het houdt weer niet erg over met de ME, kennelijk omdat ik afgelopen dinsdag naar de ME-specialist ging, vanwege de fysieke inspanningen daarvoor nodig (ja, zo is dat met ME: ook naar een medisch specialist gaan is vaak verre van eenvoudig, en je betaalt de inspanningen die je moet doen gewoonlijk achteraf terug, en met royale rente, in pijn en moeheid) - maar goed, zo is dat nu eenmaal.

Vandaag krijgt u een wat persoonlijk gekleurde meditatie over cultuurfilters, media en internet, vooral door iets wat me opviel in dit verband, in samenhang met muziek, dat ik hieronder uitleg, en omdat het thema op zichzelf menselijk interessant is: Hoe komen we aan onze kennis en meningen? Wel, door eigen ervaring, opvoeding, school en media - maar daarin zitten (altijd) behoorlijk wat filters, vooroordelen, en beperkingen, overigens voor een deel onvermijdelijk, waarover nu.

1. Cultuurfilters

Niet lang na mijn derde verjaardag zette mijn moeder mij op straat. Dit had niets te maken met enige invloed van Rousseau op mijn moeder, maar met het feit dat het huis klein was, en het zomerde, en ze dacht dat ik oud genoeg moest zijn om het aan te kunnen.

Ze bracht me dus naar beneden, zette me op straat, en zei: "Kijk Maarten, dat is een regenpijp - dat weet je al."

Dat wist ik inderdaad, en vond ik een passend slimme vinding, bovendien met een interessant uiterlijk, want bestaand uit allerlei stukken pijp, vooral uit gietijzer, en uit diverse dekaden en wellicht eeuwen, die door de jaren aanelkaar gekit waren met iets als beton, en met aangroeisels van schimmels, en met diverse flauwe bochten, vanwege de constructie en de slijtage der jaren en dekaden. (*)

Deze regenpijp kwam van de dakgoot en ging langs de voordeur ondergronds, en ik begreep het idee erachter, dat ik me toen al visueel kon voorstellen.

Toen wees ze me op de volgende regenpijp, van het huis naast ons, en vertelde me dat ik tussen die twee pijpen op straat mocht spelen, maar er niet voorbij mocht, en ook niet van de stoep mocht - zodat ik maar begon mijzelf op straat neer te zetten om deze nieuwe wereld eens rustig te bekijken, die me in het begin voorkwam als een hele verbreding van wat me bekend was (dat ik zelfstandig mocht verkennen).

Sindsdien is dat heel wat keren meer gebeurd, en het ging vaak gepaard met dit soort indruk: Alsof je wereld - dat deel van de wereld dat je enigszins kan overzien en waar je directe ervaring van hebt of kennis over hebt - zich stapsgewijs uitbreidt, ongeveer zoals de concentrische kringen in water als je daar een steentje in werpt: Huis, straat voor de deur, straat, buurt, centrum van de stad - je verwerft het stapsgewijs, en als complicaties en uitbouwsels van wat je daarvoor verwierf of meebracht.

En ik kan me deze specifieke gebeurtenis nog goed herinneren, omdat ik een heel goed visueel geheugen heb (ik weet nog hoe de regenpijp eruit zag, op straatniveau) en omdat het kennelijk indruk op me maakte dat ik voor het eerst alln op straat mocht spelen, al was het tussen de twee regenpijpen, en op de stoep, en ook omdat ik daarmee meer van de wereld zag.

Ik ben van 1950 en kan mij ook het grootste deel van de vijftiger jaren redelijk goed heugen, vooral in beelden en atmosfeer. In mijn geval zijn de beelden vooral van de proletarische Kinkerbuurt in Amsterdam, waar ik opgroeide, en is de atmosfeer vooral bekrompen, benepen, bedompt, bestudeerd fatsoendelijk - en dat ligt niet aan mijn ouderlijk milieu maar aan het algemene maatschappelijke klimaat, dat zo was, of althans waarin vrijwel iedereen zich zo voordeed.

Dit bleek onder andere uit de radio, waar bijna nooit iets leuks op was, met uitzondering van Paulus de Boskabouter: De rest was sprekende dominees, zr saaie altijd heel nette muziek, in mijn herinnering meestal iets tussen zeer licht klassiek, koorzang, al dan niet kerkelijk, en The Ramblers o.l.v. Theo Uden Masman (Avro-dansmuziek voor handelsreizigers e.d., kennelijk vooral gespeeld met het doel beschfd, fatsoendelijk en bekrompen-met-een-glimlach te klinken)  en het deftige kwasi-beschaafde omroepersgeluid dat toen uit een radio behoorde te komen en kwam. (**)

Voor een kind was het vooral saai, saai, saai, en dat geldt voor vl in de vijftiger jaren, waar ook in Amsterdam de zondagsrust nog bestond en toesloeg, hoorbaar ook in de vorm van minder verkeer, en zichtbaar in de vorm van zondagse kleren en houterig familie-bezoek - en opnieuw heb ik het meer over de zichtbare men in mijn omgeving dan over mijn familie: zo bijzonder veel menselijk gedrag in de vijftiger jaren was zo evident onderdrukt, onspontaan, en inderdaad houterig, of maakte althans die indruk op een kind. (***)

De reden dat ik me dit opschrijf en me dit enige weken geleden weer in levendig in herinnering werd gebracht is dat er toen twee uur radio was met Vic van de Reijt, die een vlijtig verzamelaar is van 45-toeren pop-plaatjes uit de vijftiger jaren, en daar een heel aardige keus uit draaide, twee uur lang.

Dit werkte op mij zoals het koekje bij Proust's Swann, want toen de Italiaanse wereldhit werd gedraaid met de regels (zoals ik me die herinner):

Volare, o ho, ho, ho!
Cantare, o jo, jo, jo!

herinnerde ik me weer het moment dat ik dat het eerst hoorde: In de zomer van 1958, volgens mij, in de straat waar ik woonde, uit een open raam, met op de visuele achtergrond een lichtgroene klimop, aan het huis met het open raam.

Dit was ndere muziek dan er op de radio was, want deze muziek klonk cht vrolijk, en precies dat was nu juist zoals de gebruikelijke muziek op de radio niet klonk, want die placht gemaakt of waardig-klassiek te klinken, en saai te zijn.

Hier ben ik dan ook aangeland bij het thema cultuurfilters, want n van de andere dingen die Vic van de Reijt's platenkeus uit de vijftiger jaren duidelijk maakte is dat er toen, in de Verenigde Staten, behoorlijk wat heel aardige, vrolijke, leuke muziek was, regelmatig ook (kon ik nu horen) met spitse teksten - alleen die muziek kwam niet en nooit op de Nederlandse radio, kennelijk wegens gebrek aan passende fatsoendelijkheid ervan. (****)

En dt is wat ik met "cultuurfilters" bedoel: Er was weliswaar geen censuur in Nederland, maar alles wat uit de radio kwam was daarvr een soort Neerlands cultuurfilter gepasseerd, dat werkte als een koffiefilter, en dat alles dat tot heupwiegen, vrolijkheid, of dansen noodde (afgezien van walsen natuurlijk, en dan alleen in de daarvoor bestemde programma's met "klassieke" muziek, op zaterdagmiddag) wegfilterde als onbehoorlijk, onpasselijk, onbeschaafd, of niet netjes. (*****)

Dergelijke cultuurfilters bestaan kennelijk nog steeds, alleen zijn ze voorzien van nogal andere criteria dan indertijd, al blijft n hoofdnorm - evident - dat eigenlijk helemaal niets te ingewikkeld mag zijn voor de meest eenvoudige luisteraars, en dat wat het begripsvermogen van de onderkant van het gemiddelde overstijgt eigenlijk geen uitzending verdient, omdat het dan niet genoeg kijkers of luisteraars trekt. (Het Amerikaans hier is fraai, en bestaat uit een aansporing voor computer-programmeurs, die "KISS!" luidt, een acroniem dat vertaalt als "Keep It Simple, Stupid!". Dit is heel goed advies voor programmeurs, maar heel ellendig voor wie beschaafde of interessante media wil.)

2. Media

Ik zie dit ook niet veranderen, want het gebeurt kennelijk voor een groot deel onderbewust of halfbewust, en heeft alles te maken met de vooroordelen of belangen van de makers van de media, die zelden bijzonder beschaafd of genformeerd zijn, en die gewoonlijk kennelijk beogen de gemiddelde consument te behagen en vermaken op of - bij voorkeur, vanwege de heilige kijk- en luister-cijfers - nder het niveau dat deze gemiddelde medemens aankan.

En elementair voorbeeld hiervan is Radio Noordholland, gericht aan de Noordhollanders, met jaarlijks miljoenen subsidie van de Provincie Noordholland, waarop trouwens ook het aardige programma met Vic van de Reijt dat ik hierboven beschreef (******), en dat week in week uit in Noordholland veelgeliefde radiokrakers als het programma "Noordhollandse muziek" heeft, waarin de luisteraar urenlang doodgegooid wordt met muziek en musici uit Noordholland, alsof dat een kwaliteitsgarantie is: The Cats (palingpop uit Volendam), The Shoes (would be pop uit ca. 1967) en overig gruwelijks, allemaal week in week uit gedraaid omdat het de voortreffelijke deugd heeft Noordhollands te zijn, en omdat de (gemiddelde) Noordhollander dat - uiteraard! - wil, daar trots op is, daarvan geniet, dat graag mag horen en daarom ook vraagt, ongetwijfeld.

Wel, dt is dus zo'n soort cultuurfilter als op de Nederlandse radio in de vijftiger jaren: Het moet cht, passend, braaf, gemiddeld, fatsoenlijk, behoorlijk Noordhollands dan wel Neerlands zijn om het filter te mogen en kunnen passeren, en een dergelijk filter is kennelijk, nog steeds, en vrijwel voortdurend, werkzaam, al zijn de vooroordelen waarmee het filtert nogal veranderd. (Maar plat is het altijd, nog steeds, want anders zetten de luisteraars in grote meerderheid de radio uit.)

3. Internet

Dit is dan weer een reden waarom het internet mij verblijdt: Dit maakt althans een cultuuraanbod mgelijk, vierentwintig uur per dag bovendien, waar een groot deel van de vanzelfsprekende media-cultuurfilters uitgeschakeld is, of niet meer werkt als vroeger, namelijk als oogklep, omdat wat aangeboden wordt niet meer vanzelfsprekend meer eerst het filter van de vooroordelen en belangen van n enkele welbepaalde groep makers, verstrekkers of doorgevers dient te passeren.

Natuurlijk is het gemiddelde van zoiets laag - maar nders dan met de radio vroeger ben je niet veroordeeld tot n of twee zenders, beide bestierd middels vooroordelen uit dezelfde - kleine, beperkte, bevoorooordeelde - cultuur of klasse, want je hebt evenveel "zenders" als er mensen of organisaties zijn die iets aanbieden via het internet.

Dit betekent ook dat het vl makkelijker is dan vroeger om snel veel kennis over een onderwerp te verwerven, en dus ook vl makkelijker dan vroeger, althans voor werkelijk intelligente mensen, om zichzelf werkelijk te beschaven en cultiveren, en interessante zaken, ideen, boeken etc. te vinden.

Wat voor menselijk verschil dat zal maken is moeilijk te zeggen, maar zolang een internet bestaat zoals nu, dus o.a. niet cultureel gefilterd door toezichthouders die bepalen wat goed en gezond voor de doorsnee is, en wat past bij Onze Kul-tuur, is dat in beginsel een groot voordeel voor de ontwikkeling van een hoge menselijke beschaving, eenvoudig omdat het zeer veel makkelijker is geworden daar toegang toe en overzicht van te krijgen.


P.S. Maar net als vroeger, toen intelligente mensen vooral op de bibliotheek waren aangewezen om hun perspectieven te verbreden en hun kennis te vergroten, moet een mens daar nog steeds enige individuele moeite voor doen, en bewust naar zoeken (en niet te snel opgeven), en er ook de nodige voorkennis bij hebben om iets te kunnen waarderen of herkennen.

Overigens is het verschil groot, zowel in rijkheid van aanbod als in zoekgemak.

(*) Achteraf gezien, en natuurlijk voorzover ik me herinner, was ik als driejarige vooral genteresseerd in mechanische dingen, of beter gezegd: in hun principes, want ik speelde nauwelijks met autootjes, maar wilde wel weten hoe ze werkten, en was onder de indruk van zaken als regenpijpen, dubbele deuren, draaideuren, roltrappen e.d., die mij als 3-jarige als wonderen van menselijk vernunft voorkwamen.

(**) Dit was een zeer verworven accent, en u kunt het nog steeds horen in middenvorm in kopien van Polygoon-journaals uit de vijftiger jaren; in topvorm in opnames van de actrice Fien de la Mar, die een vrijwel onimiteerbaar kakaccent van deze vorm had; en in afgezwakte vorm in het geluid van Ramses Shaffy en oudere toneelspelers.

(***) Andere illustratie: Ik moch als kind graag rennen en hardlopen - maar dacht dat volwassenen dit wellicht verleerden omdat ze het nooit deden (er was geen voetbal op TV, want geen TV). Een behoorlijke volwassene liep niet hard, want dat was niet normaal, en wat niet normaal was, was niet passend.

Hoe het zij - en zie Woutertje Pieterse - dit was allemaal vreselijk genoeg, maar ongetwijfeld lng zo vreselijk niet als het klimaat in Nederland in de 19e eeuw, dat vaak verstikkend van fatsoendelijkheid moet zijn geweest.

(****) Ik vermoed dat dit minstens drie redenen had: Men wist er eenvoudig niet van in Nederland; voorzover bekend was het vooral "neger-muziek", en dat was in ieder geval minder netjes (want hoorbaar spontaner, levendiger en vrolijker); en redelijk wat dat aardig en spits was in het Amerikaans werd voor Neerlandse consumptie gereed gemaakt door Het Cocktail-Trio e.d., dus ontdaan van het meeste dat aardig en alles dat spits was, al was het eindprodukt dan nog steeds leuker dan het Metropole-orkest met zang van Greetje Kauffeld.

(*****) Zoals de term "niet netjes" bedoelt aan te geven: Dit hing gewoonlijk samen met zo ongeveer iedere denkbare aanduiding van sex, dat officieel en cultuurgefilterd niet bestond in Nederland.

(******) In Februari komen - als ik me goed herinner - 6 cds uit met zijn selectie van muziek uit de vijftiger jaren.

Maarten Maartensz

        home - index - top - mail