Nederlog        

 

21 september 2008

                                                                 

Over de intelligentie van een Bos

krediet-crisis

 

Ik moet u bekennen dat ik u herhaaldelijk onwaarheid verteld heb de afgelopen week over ons aller Wouter Bos, want ik verkeerde in de veronderstelling - daartoe aangezet door een fout in de pers, maar ja - dat ook dze grote Nederlandse Leider een loot aan de stam van mijn eigen alma mater meretrix (*) is, te weten de UvA.

Niets is minder waar, zoals een oplettende, genformeerde en geleerde lezer mij gisteren meedeelde: Drs.drs. Wouter Bos is - met lof! -  afgestudeerd in de wetenschappen der politicologie n economie aan de Amsterdamse VU (Vrije Universiteit) en niet aan de UvA, zij het wel in de tachtiger jaren en in Amsterdam.

Ik had dat zlf moeten bedenken, wetende dat Wouter een gristelijk-gereformeerde achtergrond heeft, maar heb mezelf dus op het verkeerde been laten zetten, en u wellicht ook, en vandaar dit stukje.

Hoeveel het uitmaakt in de kwaliteit van z'n opleiding kan ik niet zeggen. Ik vrees dat het weinig verschil maakt, omdat de universitaite opleidingen van de zeventiger en tachtiger jaren allemaal aansloten bij het gemiddeld niveau van de studenten, dat toen al laag was, maar wellicht maakte het enigszins uit in de atmosfeer waarin hij als adolescent verkeerde.

En al weet ik wel dat er k aan de VU behoorlijk veel linkse radikalinski's rondliepen (waartegen mijn voornaamste bezwaar niet is dat ze links of radikaal waren, maar dat ze vrijwel allemaal niet werkelijk intelligent en niet werkelijk te goeder trouw waren), ik weet overigens dat ik bijna nooit in de VU ben geweest, en het klimaat en de bestuurders daarvan geheel niet uit eigen ervaring ken.

Maar dit verschaft mij nu een aanleiding om iets te zeggen over de intelligentie van een Wouter Bos, waarover mij regelmatig gezegd is, meestal door Bos zelf of zijn PvdA-propagandisten, dat deze heel groot is ("Geloof me, u kunt me vertrouwen"), zoals bijvoorbeeld - zegt men dan - blijkt uit zijn tw doctoraal-diplomaas.

Wel - ikzelf geloof er weinig of niets van en ik zal u kort proberen aan te geven waarom ik dat denk, en wel met hulp van ... Plato en Aristoteles.

In de eerste plaats dan, het weinige dat ik Bos wl wil nageven: Hij is een handige prater; hij is onbetwijfelbaar stukken intelligenter dan zijn eigen fractievoorzitter Hamer; wellicht is hij gemaakt uit het materiaal waar een succesvol politicus uit gemaakt is - maar hij is geheel gn theoretisch licht (en ben je dat cht, dan hoor je ook niet in de politiek, behoudens zeer zeldzame tijden - zoveel is ook waar, zoals ik nu ga uitleggen).

Vervolgens, Plato en Aristoteles. Misschien treft u het wat vreemd dat ik deze mannen opvoer, die allebei immers al bijna 2500 jaar dood zijn ("Dead White Males" dus: hl onbehoorlijk in modern-feministische ogen) maar ze hebben het voordeel cht buitengewoon intelligent te zijn geweest; dat ze dat, nders dan een Bos, ook aangetoond hebben door wat ze schreven (**); en ze maakten onderscheidingen die, hoewel grof, behoorlijk zinnig zijn.

Zij onderscheidden namelijk drie of vier typen mensen, en baseerden dat onderscheid op intelligentie en motieven:

Op de laagste plaats kwamen de geboren slaven en op de n na laagste plaats de geboren handarbeiders:

Mensen die niet in staat waren behoorlijk rationeel te redeneren; daar ook geen echte belangstelling voor hadden; en zich lieten leiden door overwegingen en idealen van vooral lichamelijk genot, plezier, gemak, vermaak, dat ze overigens geheel geschikt maakte (volgens Plato) om door de hogere stand in hun eigen belang belogen te worden en (volgens de Romeinse hogere stand) om zoet gehouden te worden met panem et circenses (brood en spelen, zeg maar bijstand en TV).

U kunt nu - wellicht - direkt zr verontwaardigd tegenwerpen dat dit een heel litaire opvatting is en ik zeg geen nee - alleen moet u wel bedenken dat, al bnt u een handarbeider met een IQ van 80 (die mij niet lezen dus dat bent u niet, maar stel dat), u toch tot de lite van het dierenrijk behoort, en nog steeds zr veel meer vermag (zoals weten dat het over twee weken een maand later is dan het twee weken geleden was) dat de capaciteiten van de Koning der Dieren - de leeuw - volkomen te boven gaat, om welke reden deze dierenkoning in Romeinse circussen functioneerde, in plaats van omgekeerd, namelijk dat het Romeinse proles aan hun welpen werd gevoerd.

En u moet verder bedenken dat het nu eenmaal feitelijk zo geregeld is dat deze met goede hersens geboren wordt, gene met een fraai gezicht, die met een talent voor tekenen, een ander met een groot vermogen voor muziek maken en componeren, en de meeste mensen geheel zonder grote talenten of gaven die enkelen zo uitzonderlijk maken.

Dat is inderdaad geheel "niet eerlijk", maar het is wel een feit - al werd ook dt op luide toon en zeer vaak ontkend aan mijn alma mater meretrix toen ik daar studeerde, en werd wie het zei - zoals ik, en verder vrijwel niemand  - bij voorkeur en prompt voor "fascist" uitgemaakt, geheel volgens de waan van de dag, en volgens de sprekers (of roepers) vanwege hun eigen grote morele excellenties.

Trouwens... intelligentie was ook iets dat geheel niet rationeel publiek bediscussieerd kon worden, althans aan de UvA tussen 1972 en 1995. Ik heb het er namelijk herhaaldelijk geprobeerd, bijvoorbeeld bij psychologie, waar ik tal van meer of minder bevallige studentes voorhield, die mij om strijd verzekerden "dat intelligentie niet aangeboren is, maar .... een keus", dat ze dit toch k niet, afgezien van hun opmaak, over hun eigen fysieke (on)fraaiheden dachten, maar dit werd dan "beantwoord" met de stelling dat ik "appels met peren" vergeleek, of andere platte rhetorische kul die een mens alleen gelooft als hij tot Plato of Aristoteles' allerlaagste stand behoort.

U vindt mij - shock, horror - litair? Wel... u zou het ook zijn als u mij was, als ik zo vrij mag zijn; het heeft mij maatschappelijk geheel niets opgeleverd dan ellende; en ik wil ook wel eens opmerken dat mijn eigen standpunt mij wat verlichter en menselijker voorkomt (als ik zo vrij mag zijn) dan dat van bovengenoemde psychologische dames (nu vast allemaal therapeut of lector!), want ik neem mensen gewoonlijk niet kwalijk dat ze iets niet goed kunnen, omdat ik pleeg te denken dat ze helaas niet met de daarvoor nodige talenten geboren zijn, en zelf helemaal geen keus hadden in het geboren worden of in de talenten die ze wel of niet meekregen.

En daarbij komt dit, dat ik eerder heb geciteerd, en nu weer citeer omdat het mij zo juist voorkomt:

"Particular talent or genius does not imply general capacity. Those who are most versatile are seldom great in any one department; and the stupidest people can generally do something. The highest pre-eminence in any one study commonly arises from the concentration of the attention and faculties on that one study. He who expects from a great name in politics, in philosophy, in art, equal greatness in other things, is little versed in human nature." (Hazlitt, Characteristics)

Kortom, alle mensen zijn in de meeste opzichten min of meer gemiddeld (of wijken niet bijzonder ver af van het gemiddelde van de gemeten karakteristiek), en zelfs hl begaafde mensen, al hebben ze gewoonlijk een hoge algemene intelligentie, zijn vooral specifiek begaafd: Ook Newton kon niet wat Shakespeare kon; ook Gauss kon niet wat Mozart kon; en ook Leonardo kon niet wat Euler kon. En in alle gevallen omgekeerd - en de grote meerderheid kan niets van wat genoemden konden, op dat niveau, en niet uit eigen keus of door eigen inzet, maar eenvoudig door gebrek aan de aangeboren vermogens daartoe.

Kortom: Een mens is niet goed of slecht vanwege wat men heeft in aanleg (waar men dan ook niet de minste keus in had), maar om wat men doet met wat men heeft.

Het probleem van een behoorlijke maatschappij is om zoveel mogelijk bruikbare individuele talenten een plaats te geven om die talenten eerst behoorlijk te ontwikkelen en dan zinnig te gebruiken - en een maatschappij waar ontkend wordt dat deze of gene nu eenmaal beter is in iets dan een ander kn geen hoogstaande maatschappij zijn, al kan het tegelijkertijd heel wel een zogeheten democratische samenleving zijn. (Tocqueville bespreekt dit probleem, in "Democracy in America", vol. 2)

We zijn ondertussen, in Plato's en Aristoteles classificatie-systeem voor mensen, aangeland bij Wouter Bos en de zijnen: De min of meer praktisch intelligenten; de handeldrijvers; de militaire commandanten; en de politici.

Dit is de klasse van mensen die wel enigszins of tamelijk behoorlijk rationeel kan redeneren (als ze moeite doen) en die gedreven worden door een lust tot rijkdom, eer, of maatschappelijke status.

Ze zijn belangrijk; ze zijn een minderheid vergeleken met de eerste groep; de besten ervan kunnen heel intelligent zijn, in termen van IQ en academische kwalificaties; het is belangrijk voor een behoorlijke maatschappij dat ze de kansen krijgen hun talenten behoorlijk te gebruiken - maar het zijn niet de favoriete pupillen of mensen van Plato of Aristoteles.

Want daarvoor moeten we bij de hoogste en meest zeldzame klasse van mensen zijn (volgens Plato en Aristoteles - en u vindt in de Nederlandse universiteiten helemaal niemand van hun niveau, als ik zo vrij mag zijn, en ondanks kansen en onderwijs voor velen): De theoretische geesten, de beschouwers, de mensen die even vanzelfsprekend denken als ze ademhalen, en dat graag en goed doen, en daarvoor en daardoor ook leven.

Het is aan deze types dat de meeste ideen en kunst te danken is (het laatst kan niet geheel evident zijn, maar men overdenke bijvoorbeeld Bach en Shakespeare (***)); het is aan de middelste types te danken dat (of als) dergelijke ideen toegepast of uitgevoerd kunnen worden; en het is aan de eerste types te danken dat het daarvoor noodzakelijke lichamelijke werk gedaan wordt.

Als u hier meer van wilt weten, dan moet u Plato of Aristoteles lezen, of anders een behoorlijke inleiding over het denken van de oude Grieken. (Twee heel goede niet-dikke boekjes hier zijn: "The Greeks", van A. Kitto en "Plato's Thought" van G.M.A. Gruber.)

Terug naar Wouter Bos en zijn talenten.

Als aangegeven verkeert hij op het middelste niveau (volgens Plato en Aristoteles, niet volgens Wouter, naar ik aanneem) en het wil mij voorkomen dat hij een typische moderne democratische politicus is, wat hij, afgezien misschien van het "typische", wel zal willen toegeven, totdat ik toevoeg dat dit k het type is van wat een jaar of vijftig en meer geleden de succesvolle handelsreiziger was.

Vlotte babbel, oppervlakkige charme, makkelijk liegend, mensen  instrumenteel behandelend als middelen (namelijk om de winst van de firma en de marge van de handelsreiziger te verhogen), en wat slimmer, sluwer - of handiger of gewetenlozer - dan de doorsnee.

Als dit allemaal overwegend een kwestie van aangeboren (gebrek aan) gaven is, "dan is daar" - zo heet dat in modern parlementair Nederlands - "niets mis mee", en ook dergelijke mensen kunnen heel nuttig zijn, en ook alleraardigst voor hun omgeving, familie en vrienden, en pilaren van de samenleving.

Het probleem dat ik met Wouter Bos en zijn soort heb - Gordon Brown, de Engelse PM leaps to mind, zogezegd - is vooral drieledig.

En. Hij weet weinig. Bos heeft geen theoretisch intellect (zomin als Brown, zomin als Pechtold, zomin als Rutte, zomin als Balkenende), feitelijk weinig beschaving (vergeleken met politici uit vroeger tijden, als Gladstone, Disraeli of Burke), en hij is - aan de VU, het is waar, maar toch - slecht opgeleid, en heeft ongetwijfeld weinig moeite gedaan de lacunes in zijn intellectuele bagage te vullen.

Twee. Hij kan het niet echt. Een belangrijk probleem met Bos, en ook met Brown, is dat ze vaak en veel liegen, maar dat niet echt knnen. U bent verbaasd? Lees Machiavelli: Een goed politicus moet goed kunnen liegen, was het alleen omdat zijn tegenstanders van elders dat ook goed kunnen. Het probleem ligt 'm dan ook niet in het liegen op zich - hoe kn je een volk van Hazessen, Jolings, Gordons en Hamers anders leiden dan door de waarheid bij gelegenheid enigszins geweld aan te doen? - maar in (a) het doel van het liegen en (b) de kwaliteit van het liegen.

Er zijn hele pijnlijke opnames en fotoos van een evident voor publiek liegende Brown of Bos, waar dat liegen uit hun hele mimiek, subtekst, intonatie, gebarentaal, gezichtsuitdrukkingen (en vaak herhaald "Geloof me - u kunt me vertrouwen!") blijkt, op een manier die vrijwel iedereen evident is, en waar je helemaal geen psycholoog voor hoeft te zijn.

Ik vermoed dat dit uiteindelijk gedeeltelijk terug gaat op de op zichzelf lofwaardige zelfkennis dat ze eigenlijk niet berekend zijn voor hun taak en gedeeltelijk omdat ze als persoon niet goed in hun vel zitten, kortom te weinig zelfvertrouwen hebben.

Drie. Hij heeft slechte adviseurs (kennelijk het Jacques Monasch-type: ook al geboren handelsreizigers). Bos is ongetwijfeld - ere wie ere toekomt - wat intelligenter dan de meeste Kamerleden (wat ook geheel geen kunst is, maar goed), maar hij zou moeten weten, als praktisch politicus, dat hij van zr veel geen theoretische koek kan bakken, en er dus wijs aan doet goede adviseurs te kiezen die dat wel kunnen.

Feitelijk is dat n van de belangrijke talenten van een succesvol politicus: Het weten te vinden van theoretische adviseurs die de goede theorien of alternatieven weten te vinden.

Bos heeft ze niet. Misschien zijn ze er niet meer in Nederland - maar in ieder geval heeft hij ze niet, wellicht (want zo schat ik 'm ook in) omdat hij denkt, als handige prater, ze niet nodig te hebben: Wouter lult zich er wel uit, "vertrouw me!".

Maar dat is onzin, want goed beleid is niet gebaseerd op handig kunnen  discussiren, maar op goede relevante inzichten in de werkelijkheid waar dat beleid over gaat.

Daarbij is Bos' handigheid in het discussiren vooral advocatenslimheid: Hij discussieert niet met het doel de waarheid nader te komen, maar om z'n tegenstander te verslaan. (****)

Kortom... om de vraag die impliciet is in mijn titel te beantwoorden:

In mijn ogen is Wouter Bos wl sluw en handig, niet werkelijk intelligent of beschaafd, en mist hij het zelfvertrouwen en de handigheid van een werkelijk goed politiek lieger of leider, dat dan ook vaak "charisma" heet, en inhoudt dat je een bepaalde rol, namelijk die van leider en voorganger, kunt spelen alsf die rol je past. (*****).

En mij komt het dus voor alsof een minister van Financien die bij het begin (en mogelijk het eind: ik blijf optimistisch, en hoop het echt) van een economische crisis uitroept dat het kapitalisme tenonder is ... een paar maatjes te klein, zoals trouwens al zijn Nederlandse collega-ministers.

Maar ja - en ik heb hiermee mijn eerdere feitelijke fout verbeterd, en al doende Wouter mijn maat genomen.

krediet-crisis


(*) Afgestudeerde academici, ook zonder gymnasium, mogen zich graag als "alumni" (= verlichten) van hun "alma mater" (= oude moeder) omschrijven, waarmee ze met de laatste term naar "hun" universiteit verwijzen, en met de eerste naar het proces van geestelijke stichting, rijping, bekwaming en zo meer verwijzen. Ikzelf voel me geheel niet gesticht door de UvA, al word ik periodiek gratis met het blad voor alumni ervan bedacht, en vandaar dat ik het woordje "meretrix" in dit verband mag toevoegen, dat goed Latijn voor loondienst omvat, en naar het oudste beroep ter wereld verwijst, dat - Heleen Mees is nu zeer verheugd - door vrouwen werd uitgeoefend, "on top" als de klant dat wilde.

(**) Het weinige wat ik van Bos las is mr dan genoeg om te weten dat hm dit geheel niet gegeven is, al zou hij nog zo z'n best doen.

(***) Het genie van een kunstenaar pleegt veel intuitiever en gevoelsmatiger te zijn dan dat van een denker, maar is daarom niet noodzakelijk minder extreem of schaars. 

(****) Ikzelf heb ook - bij gelegenheid - een hl vlotte babbel, ook zonder al die ellendige parlementaire umms, eehs, stoplappen en cliches. En verschil tussen Bos en mij is dat ik dat heel bewust opgaf rond mijn twintigste, en sindsdien vrijwel alleen discussieer over waarheid en waarschijnlijkheid - en dat dus gewoonlijk niet meer doe, bij gebrek aan intelligentie aan gene zijde, si vous me permettez. (U ziet, als dit gemoedsrust brengt, dat een mens daar niet rijk of bekend mee wordt in het moderne Nederland. En wat erger is voor mijn eigendunk is dat ik dit pas na mijn dertigste doorkreeg...)

(*****) De doordenkende lezer(es) voelt aan of begrijpt dat hier nog een mr past, en ook een van behoorlijk groot menselijk en politiek belang:

Geen enkele leider of voorganger van honderdduizenden of miljoenen pst de rol die hij of zij speelt - al heeft hij de intelligentie van Ceasar en Von Neumann inn (quod non, kunt u gif op innemen). Verstandige leiders wten dat ze een rol spelen, al beheersen ze die in schijnbare perfectie, eenvoudig omdat geen mens het daarvoor noodzakelijke overzicht kn hebben. Onverstandige leiders geloven dat ze hun rol zijn - en dan zit je al snel in de buurt van meer of minder gestoorden, als Stalin, Fidel, Mao of Hitler, die hun eigen bermenschliche propaganda over zichzelf gingen geloven, of altijd al geloofden. That way lies great misery, for others.

 Maarten Maartensz

        home - index - top - mail