Nederlog        


   24 juli 2008

                                                                 

Over "Maarten Maartensz"

 



Ik had u drie stukjes beloofd vandaag en dit is het derde, waarin ik een vraag beantwoord die me ook een paar maal gesteld is in e-mail.

Het gaat over "Maarten Maartensz", die in zekere zin 20 jaar geleden geboren werd, althans onder deze reeks van karakters:

    "M","a","a", .. (etc.) .. ,"n", "s", "z".

Preciezer: Ergens in september of oktober 1988 werd ik door de toenmalige hoofdredacteur van "Spiegeloog", zijnde het universiteitsblad van de faculteit voor psychologie van de UvA, waar hij en ik studeerden, gevraagd of ik voor dat blad maandelijks wilde columneren voor een jaar.

Ik wilde dat wel maar ik was ook nauwelijks vier maanden eerder, en wel vlak voor mijn doctoraal, uit de faculteit voor filosofie van de UvA verwijderd vanwege uw uitgesproken gedachten en publiek gestelde Vragen, dus ik wilde dat alleen doen als ik zowel eerlijk mijn mening kon schrijven als dit onder een alias kon doen.

Dat was goed - en mijn hoofdredacteur was een moedig man, en ook intelligent - en zo gebeurde, en ik had daarom een alias nodig.

Nu heb ik - in werkelijkheid - maar één gegeven voornaam en die is "Maarten", en waarschijnlijk mede omdat ik in de Amsterdamse proletarische Kinkerbuurt opgroeide, die overvol was van de Sjonnies, Tonnies, Ronnies, Bobbies, Robbies (*) met ook nog wat Jannen, Pieten en Klaasen ertussen, maar dan ook gehéél geen enkele Maarten buiten mijzelf, was dit in de eerste twintig jaar van mijn leven een door mij zéér zelden gehoorde naam voor een ànder dan ikzelf.

Toen sloeg dat nogal plotseling om, met een publieke vloot aan Maartens zoals Biesheuvels en 't Harts. En ook bleken er op de universiteit, waar "men" immers toch bijna altijd afkomstig was uit "betere kringen", wat méér Maartens te zijn, omdat het kennelijk voor een beschaafd soort naam doorgaat, en trouwens ook naar een enigszins interessante hoewel vreemde katholieke heilige verwijst. (**)

En omdat ik in 1988 een alias zocht dat zowel als een Hollandse naam klonk als een alias suggereerde, en omdat ik tot uitdrukking wilde brengen dat er meerdere Maartens schuil kunnen gaan achter een label "Maarten" arriveerde ik al snel bij "Maarten Maartens".

Dat voldeed één of twee maanden, tot ik bij toeval vond dat er een oorspronkelijk Hollandse Engelse auteur was die onder dat pseudoniem geschreven had (wat ik niet eerder wist, o.a. bij gebrek aan internet indertijd), zodat ik besloot een "z" aan het eind te plakken.

En dat werd en bleef het, hoewel toen ik op het internet kwam redelijk snel bleek dat er een Maartensz is die in Engeland een bekend cricketer is; dat er zéér veel meer Maarten Maartenszen geweest zijn in de Hollandse geslachtsregisters dan u ooit vermoedde; en zelfs ca. een jaar geleden dat er een heuse baby Maarten Maartensz geboren was.

Ik heb het er maar bij gelaten en hoop het erbij te laten, want uiteindelijk bevalt het me wel, en Google geeft trouwens mijn websites altijd wel braaf als eersten, dus verdrinken tussen de vele gelijk genaamden uit de 17e en 18e eeuw in Nederland doe ik ook niet.

Ook houd ik niet van publiciteit, kennelijk omdat ik veel meer neig tot trots dan tot ijdelheid. Het verschil - zie Chamfort - komt neer op welk criterium je hanteert voor jezelf: zulke als je aan je eigen inzet hebt ontleend, of zulke als je kunt ontlenen aan anderen.

Maar daarover wellicht een volgend keer, bijvoorbeeld omdat het een relevant verschil is tussen mij en politici als Cohen en Van Thijn.

P.S. Hoe wéét ik dat, ik bedoel: mijn geheel niet houden van publiciteit, en mijn niet zo grote ijdelheid - en ik vraag dit als psycholoog, die weet hoe makkelijk alle mensen zichzelf kunnen bedriegen?

Door mijn "carrière" aan de UvA, waar ik "studentenleider" was in het begin van de 80-er jaren, en enige universitaire faam had, en makkelijk véél meer had kunnen hebben, als ik maar gewild had.

Maar ik wilde niet, want ik houd niet van liegen voor publiek, en heb eigenlijk heel weinig op met een publiek dat me niet werkelijk kan volgen.

Dat is ook een deel van de reden waarom ik aan de UvA studerend nooit van mijn revolutionaire marxistische familie-achtergrond sprak, behalve tegen enkele vrienden, en daar ook al geen carrière mee maakte - aan een universiteit waar in die tijd "een zoon van een echte arbeider" al bijna een heilig stierkalf was, geheel geschikt voor een assistentschap sociologie of neerlandistiek - wat héél makkelijk gekund had als ik maar voor 1/10e deel zo fraai en begaafd voor cameraas zou kunnen en willen liegen als de uitnemende mensen die in Amsterdam burgemeester worden.

U ziet: Karakter is noodlot, en wat er van me terechtkwam in Amsterdam ("met ùw talenten, meneer!") is vast en zéker allemaal mijn eigen schuld, volgens Amsterdamse burgemeesters en hun gewillige uitvoerders.


(*) Allemaal vanwege de Amerikaanse en Canadeze bevrijders, en - neem ik aan - de films van die tijd. Hoe het zij, mijn zeer revolutionaire communistische ouders hadden voor de namen van hun kinderen één onwrikbaar beginsel: "Het moet een Hollandse naam zijn" (en vandaar Maarten, Geert en Freek).

(**) Namelijk Sinte Maarten ("de koeien hebben staarten"), met zijn naamdag op 11 november.

Mijzelf leek een rijke die de helft van zijn mantel aan een arme geeft, en daarom voor Heilig doorging als ca. achtjarige - "filosofie voor kinderen" - nogal .... vréémd, maar mijn familie was dan ook niet katholiek en wel communistisch en atheïstisch, en wellicht - wie weet? - hadden de katholieken wat bekròmpener noties van goedwillendheid dan in mijn familie voor behoorlijk doorging, zo leek mij heel wel mogelijk, op achtjarige leeftijd.

Maarten Maartensz


        home - index - top - mail