Nederlog        

 

8 april 2007

                                                                 

Hume als historicus

 



Ik heb in de afgelopen veertig jaar dat ik nogal systematisch filosofie las en bestudeerde zo ongeveer alles van David Hume gelezen dat onder het hoofdje "filosofie" valt (*), inclusief zijn Essays en wat van z'n brieven, en de lezer kan een deel van mijn Hume betreffende inspanningen op mijn site vinden, waarop Hume's beide "Enquiries" staan, mèt mijn uitgebreide commentaren, maar ik had tot nu toe niets van Hume als geschiedschrijver gelezen, afgezien van wat in z'n "Essays" staat.

Dat is nu anders, want ik heb me de afgelopen week met aanzienlijk plezier door het eerst gepubliceerde deel van zijn "The History of Great Britain" heen gelezen, dat "The reigns of James I and Charles I" betreft, en de jaren van 1603 tot 1649.

Mijn editie daarvan is die uitgegeven in Pelican Classics in 1970, die de eerste uitgave uit 1754 reproduceert, in wat moderner Engels, maar nog steeds met Hume's spelling van eigennamen, die regelmatig enigszins afwijkt van de tegenwoordige Engelse spelling daarvan.

De bezorger is Duncan Forbes, die ook een aardige introductie leverde. Eén relevant verschil tussen Hume en nogal wat later levende historici wordt door Forbes zo omschreven:

[Hume] "did not believe in 'Progress' [als zelfstandige geschiedkundige noodzaak of drijvende kracht - MM]; he did not think that barbarism was a primitive stage in the progress of society, but an ever-recurrrent possibility; he was intensely aware of the precarious nature of civilization; he saw clearly what Keynes described his generation as having failed to see: that

'civilization was a thin and precarious crust, erected by the personality and the will of a very few, and only maintained by rules and conventions, skilfully put across and guilefully preserved.'

For Hume civilization was precisely this; there was nothing inevitable about its progress. Always beneath the surface was a boiling lava of passions, liable to erupt unaccountably at any time in violent outbursts of fanatical 'enthusiasm'." (p. 35-6)

En dit is in feite Hume's hoofdonderwerp, ook omdat hij feitelijk de Engelse burgerloorlog van 1640-1649 en de aanloop daartoe behandelt.

Een voorname reden voor "the precarious nature of civilization" wordt door Forbes zo aangegeven

"(..) political liberty, at any rate, can never be taken for granted. This follows from a fact of psychology that Hume makes use of in his accoiunt of the origin of government: that the mass of men are moved by what touches their immediate interests, and political liberty, in itself, is not an immediate interest of the majority." (p.36)

Dat lijkt me juist, en verdient de toevoeging dat "the mass of men are moved" .. door hun percepties van hun eigen belangen, die zelden worden gestuurd of geïnformeerd door adequate ideeën of onpartijdige interesses, en meestal vooral bestaan in religieuze of politieke vooroordelen en loyaliteiten.

Ik had me voorgenomen wat passages van Hume te citeren, maar zal dat op een later tijdstip doen. Hier merk ik alleen op dat Hume als historicus leesbaarder is dan als filosoof; dat hij goed, helder en overzichtelijk verhaalt; dat z'n Engels bijzonder helder is, zij het wellicht in moderne ogen iets te gedragen of statig; en dat de geschiedenis die hij vertelt verbazend en instructief is, met vele overeenkomsten met latere revoluties, inclusief voorlopers van radikaal anarchisme en socialisme.

Tegenwoordig wordt Hume alleen nog gelezen als filosoof, en dan vooral door specialisten in de filosofie, maar hij werd feitelijk bekend en welstaand door z'n geschiedenis, en dit deel maakt duidelijk waarom: Hij schreef goed, helder, zinnig en leerzaam.


(*) Ik doel op de "A Treatise of Human Nature"; de "Enquiries" over het menselijk begripsvermogen en de moraal; de "Essays - moral, political and literary" en de "Dialogues concerning Natural Religion".

Vooral het laatste, een tamelijk dun boekje, verdient de serieuze aandacht van wie zich zorgen maakt over de nog steeds voortdurende invloed van de religie, en ook de aandacht van iedere rechtgelovige, van ieder geloof, die meent dat z'n geloof met rationele argumenten overeind te houden is.

Maarten Maartensz

 

        home - index - top - mail