Nederlog        

 

31 maart 2007

                                                                 

Mens, dier en filosofie

 



Er zijn weer vier dagen gepasseerd zonder een stukje Nederlog, zie ik.

De reden is een combinatie van ME en Aristoteles: Het kon florissanter gaan (trouwens ook slechter) en voorzover ik energie heb steek ik die voornamelijk in een lang commentaar op de Nicomachische Ethiek van Aristoteles, waarvan tot nu niets is opgeladen naar de site. Waarom dat laatste? Persoonlijke belangstelling, lezer.

En trouwens: De maand April is door iemand gebombardeerd tot "Maand van de Filosofie", in een land waar er overigens zelfs geen dag voor de wetenschap is; het thema deze maand is "Het redelijke beest"; en ik heb mijn weinig favoriete feministe Stine Jensen, die nu ook "filosoof" blijkt (als Deense feministische literatuur-wetenschapster?) op de radio horen belijden dat "alles" wat mensen kunnen dieren ook blijken te kunnen, en in het NRC kunnen lezen dat het verschil tussen mens en dier is dat ... de mens vakantie houdt (Coen Simons, volgens het bijschrift ook alweer "filosoof").

Ocharm! Waar zijn de beschavingen van de apen; de literatuur van olifanten; de wiskunde van konijnen; de muziek van varkens; de spelen van de lintwormen; de morele verhandelingen van mieren; en de theologie van de ezels?

Mensen zijn dieren, maar het zijn talige dieren, symboliserende dieren, fantaserende dieren, die het grootste deel van hun leven in droom, hoop en een streven naar onhaalbare idealen of onpraktiseerbare wensen ...

... De mens is het dier dat in verbeelding leeft - en door en voor verbeelding. Dit is ťťn begripsbepaling, en niet zo'n slechte, omdat vooral de beeldende fantasie van mensen deze uniek maken in de dierenwereld.

Verbeelding: Het vermogen voorstellingen, verbeeldingen, representaties te maken van dingen waarvan men niet zeker weet of zeker niet weet dat ze bestaan. Alternatieve mogelijkheden, verbeteringen, veranderingen, verklaringen, veronderstellingen, theorieŽn, hypotheses etc. beginnen allemaal in de verbeelding, en bestaan door verbeelding.

Door verbeelding: Menselijke wetenschap, technologie, kunst, cultuur en beschaving bestaan allemaal door verbeelding, en mensen voeden en beschermen zich middels producten van verbeelding. Middels verbeelding stellen mensen zich dingen anders, beter, mooier, prettiger of nuttiger voor dan ze zijn, en proberen dan middels hun kennis van de werkelijkheid - die verbeeldingen die overeenkomen met wat werkelijk bestaat - hun kansen, mogelijkheden en omgeving te verbeteren naar eigen ontwerp.

In verbeelding: Mensen leven en handelen, indien volwassen, vooral op basis van rollen, rolverwachtingen, en uitgebreide theorieŽn en waardensystemen over wat men zelf is, was en wenst te zijn. Mensen leven in een uitgebreide 3-dimensionale wereld die, voorzover de uitgaaat boven het directe hier en nu voornamelijk uit verbeelding is gebouwd, zelfs als deze blijkt uit te komen bij gelegenheid.

Voor verbeelding: Het grootste deel van de meeste mensenlevens wordt gedragen door een systeem van aannames en idealen dat gewoonlijk zowel effectief als imaginair is. Religies en politieke idealen zijn verbeeldingen van hoe de werkelijkheid zou kunnen of zou behoren te zijn - als de idealen waar zouden zijn, of werkelijk gepraktiseerd zouden worden.

En al die verbeelding stoelt op de vermogens tot talige, numerieke en symbolische representatie, die evident in de menselijke geest bestaan op een manier zoals ze bij geen enkel ander dier bestaan en die samen met het hebben van handen - aangeboren multi-functionele werktuigen - hebben geleid tot de menselijke beschaving, cultuur, wetenschap en kunst, en de totale overmacht van het menselijk dier over ieder ander dier.

Tenslotte, sprekend van mensen en hun vermogens, ook in het kader van de menselijke beestachtigheid en verklaringen daarvoor, is hier een favoriet citaat van T.H. White, uit het kinderboek-cum-satire "The Book of Merlyn"

"What are we, then, at present?"
"We find that at present the human race is divided politically into one wise man, nine knaves and ninety fools out of every hundred. That is, by an optimistic observer. The nine knaves assemble themselves under the banner of the most knavish among them, and become 'politicians': the wise man stands out, because he knows himself to be hopelessly outnumbered, and devotes himself to poetry, mathematics or philosophy; while the ninety fools plod off behind the banners of the nine villains, according to fancy, into the labyrinths of chicanery, malice and warfare. It is pleasant to have command, observed Sancho Panza, even over a flock of sheep, and that is why politicians raise their banners. It is, moreover, the same thing for the sheep, whatever the banner. If it is democracy, then the nine knaves will become members of parliament; if fascism will become party leaders; if communism, commissars. Nothing will be different, except the name. The fools will still be fools, the knaves still leaders, the result still exploitation. As for the wise man, his lot will be much the same under any ideology. Under democracy he will be encouraged to starve to death in a garret, under fascism he will be put in a concentration camp, under communism he will be liquidated. This is an optimistic but on the whole scientific statement (...)"
(p. 50-1)

Opnieuw: Dieren hebben geen ideologieŽn, geen religieuze constructies van wensdenkerij, fantasie, moralisme, en voorwendsels voor wreedheden, geen wetenschap, geen taal, geen wetenschappelijke kennis, geen niet-triviale technologie, en daarom geen fractie van een fractie van de macht die het menselijke beest over de wereld en wat daarin bestaat heeft.

En al dat - typisch Neerlandse! - genivelleer van mensen tot het niveau van dieren, zowel wat betreft goed als kwaad, als wat betreft het vermogen tot inzicht in de waarheid en verblinding door wensdenkerij, is gewoon onzin. Zelfs als er een parallel is aan te wijzen voor ieder speficiek menselijk vermogen in een dier (wat heel goed mogelijk is: wie weet hebben walvissen of olifanten iets als een taal, bijvoorbeeld) dan nog is het evident een vergelijkenderwijs klein en beperkt vermogen.

Maarten Maartensz

 

        home - index - top - mail