Nederlog        

 

14 maart 2007

                                                                 

Over William Hazlitt

 



Er zijn wellicht mensen die menen dat Multatuli voor mij de beste van alle schrijvers is, maar deze mensen vergissen zich, en hebben wellicht niet begrepen dat dit alleen waar is voorzover het Nederlandse schrijvers geldt.

Omdat ik me hier op het nogal glibberige pad heb begeven van het vergelijken van schrijvers en hun statuur - omnia comparatio claudicat! - is het verstandig eerst wat op te merken over mijn eigen smaak en kennis, die allebei (godlof!) nogal afwijken van wat onder Nederlanders gebruikelijk is.

Eerst mijn smaak. Ik heb niet veel belangstelling voor fictie, omdat ik veel meer geïnteresseerd ben in waarheid dan fantasie - maar het is wellicht goed mijn gronden voor deze mening óók weer te geven, en wel met behulp van een fraai citaat van Jane Austen:

"And what are you reading, Miss ---?
Oh! it is only a novel... or, in short, only some work in which the most thorough knowledge of human nature, the happiest delineation of its varieties, the liveliest effusions of wit and humour are conveyed to the world in the best chosen language."

Als er velen zouden zijn die dit konden doen zoals Shakespeare of Sophocles mensen waarachtig, natuurlijk en geloofwaardig konden beschrijven in hun individuele omstandigheden, met hun emoties en ideeën... ja, dan zou er veel meer voor fictie te zeggen zijn als een manier om althans de menselijke werkelijkheid te leren kennen of weer te geven dan nu, maar zoals het feitelijk is zijn er maar héél weinigen die dit werkelijk kunnen - namelijk zonder te poseren, zonder te vervalsen, zonder te simplificeren, met buitengewoon taalvermogen, en met een groot inzicht in de werkelijke motieven van menselijk doen en laten.

Ze zijn er wel - Chekhov, bijvoorbeeld - maar ze zijn véél zeldzamer dan oppervlakkige geesten menen, en de meer geijkte voorbeelden, zoals Charles Dickens, wiens taalvermogen ongetwijfeld groot was, lijden vaak aan oppervlakkigheid, sentimentalisme, of de evidente opzet een publiek te behagen, inclusief de vooroordelen van dat publiek.

Ik houd het meest van argumentatieve literatuur - essayistiek, satire, reisbeschrijving, kortom literair proza (zo genoemd om het te onderscheiden van échte wetenschap, die zelden voldoet of tracht te voldoen aan criteria van mooischrijverij) dat niet primair bedoeld is om een gefantaseerd verhaal te vertellen, maar dat meer direkt gekoppeld is aan de werkelijkheid, en ofwel niet direct beoogt fictie en vermaak te geven, ofwel alleen fictie presenteert, als in satire, omdat de echte en volledige waarheid te bitter, te kritisch, te pijnlijk, of te saai is om te lezen, als literatuur.

Bovendien geef ik binnen dat genre - laten we zeggen: van schrijvers van de of een waarheid, en niet van min of meer behaaglijke fantasie - weinig om de overgrote meerderheid die namens iets anders dan zichzelf spreken, dus om de schoolmeesterstypes - Addison in Engeland, Ritter en Fens in Nederland - wier specialisme bestaat in het bezingen en aanprijzen van wat "Ons Soort Mensen" (in Nederland: "Uit De Hogere Burgerklasse", om het eens wat 19e-eeuws maar daarmee nog niet misleidend uit te drukken) "Behoort Te Lezen En Waarderen".

Nee, ik wil de opvattingen lezen van wie werkelijk voor zichzelf dacht en las, en dat kon en durfde op te schrijven met weinig concessies aan de doorsnee of het geldend klimaat van opinies, en dat deed met groot taalvermogen en een eersteklas intellect.

Zulke mensen zijn zéér zeldzaam, en vandaar, waar het Nederlandstalige literatuur betreft, mijn voorkeur voor Multatuli, want groot taalvermogen onder Nederlandse schrijvers is vrijwel een oxymoron, en een eersteklas intellect ook - en het "vrijwel" zou weggelaten kunnen worden als daar niet Multatuli was - terwijl schrijvers die voor zichzelf denken en lezen, en niet voor een carrière, opgang, status of inkomen, in een héél klein taalgebied als het Nederlandse vrijwel onmogelijk zijn omdat ze, als uitdragers van hun echte meningen, met onpopulaire kritiek op heersende waandenkbeelden en gezadelde machthebbers, niet van hun eigen schrijverij kunnen leven, bij gebrek aan belangstelling voor onconventionele ideeën in onconventioneel proza, in een Nederlandse maatschappij die even plat genivelleerd is als een polder, en die zo constant gedreven wordt door het ideaal niet af te wijken van de meerderheid (Doe Gewoon!! Wees Normaal!!) als de Nederlandse.

Dan mijn literaire kennis. Ik weet niet echt veel van de Nederlandse literatuur, vooral omdat het overgrote deel ervan dat ik probeerde te lezen mij onmiddellijk tegenstond, en ik niet masochistisch genoeg ben om literatuur uit te lezen die mij vanaf de eerste pagina tegenstaat, zoals het meeste Nederlands dat ik las.

Ik neem aan dat ik ongeveer zo goed geïnformeerd ben over de moderne Nederlandse literatuur van ca. 1950-2000 als de meeste andere Nederlanders die in die tijd geboren werden, schoolgingen, studeerden en regelmatig lazen, wellicht alleen met dit verschil dat ik er minder van las, eenvoudig omdat de meeste Nederlandse schrijvers mij al tegenstonden bij eerste lezing, en ik als tiener al wist dat Engelse literatuur een stuk beter en interessanter is dan Nederlandse, voor iemand met een smaak als de mijne.

Vandaar dat ik aanmerkelijk meer Engelse literatuur gelezen heb dan Nederlandse, uiteindelijk vanwege de betere stijl en de interessantere schrijvers, en omdat mijn Engels nauwelijks slechter is dan mijn Nederlands.

En het is zo gegroeid, zonder dat ik daar een bewuste keus voor heb gemaakt, dat ik het meest weet van de Engelse literatuur van ca. 1700 tot ca. 1830, en dus - om de standaard etiketten te plakken - van de Engelse verlichting en romantiek.

Maar daar heb ik vrij veel van en over gelezen, en het zou me verbazen als er nog een Nederlander is, die geen universitair specialist is in die periode, die er meer van weet dan ik - terwijl mijn kennis op dit terrein toch echt ontstaan is door liefde en smaak, en geheel niet om er carrière mee te maken. Terzake!

William Hazlitt, die leefde van 1778 tot 1830, hoort in die periode, en was de grootste essayist van die tijd, en van het Engelse taalgebied, met wellicht als enige concurrent Bacon, die het nadeel heeft z'n essays evident te hebben geschreven om zelf te kunnen schitteren, en daarom ook artificieel oogt. (Het is alles heel fraai gezegd, maar werd wel evident gezegd om het fraaie ervan. En teveel schittering vermoeit de ogen en de geest.)

De enige essayist waar ik weet van heb die vergeleken kan worden met Hazlitt en mogelijk beter is, was Montaigne (en er is een werkelijk uitstekende Engelse vertaling van Montaigne's Essays uit 1608 van Shakespeare's tijdgenoot John Florio in de Everyman's Library).

Ik lees en herlees Hazlitt nu zo'n vijfentwintig jaar, en heb alles van hem gelezen dat antiquarisch te verkrijgen is of was, hetgeen behoorlijk veel is omdat de Everyman's Library z'n voornaamste collecties essays - "Table Talk", "The Round Table", "The Plain Speaker", "The Spirit of the Age" en z'n diverse collecties Lectures - keurig netjes uitgegeven heeft, ooit.

Er lijkt op het ogenblik een kleine Hazlitt-revival aan de gang in Engeland, zodat het wellicht mogelijk is een deel van z'n essays in recente edities te krijgen, maar zeker weten doe ik dat niet.

Ik vermoed dat het beperkt blijft tot een kleine revival, vooral omdat Hazlitt teveel een hoogbegaafde Einzelgänger was om meer dan een kleine begaafde minderheid werkelijk te kunnen bevallen, en ook omdat hij in veel opzichten politiek en persoonlijk te radikaal en individueel was om in Engeland echt populair te zijn buiten kringen van radikalen.

Maar ik kan deze zéér uitzonderlijke man in dit korte stukje onmogelijk recht doen, en merk hier afsluitend alleen nog twee dingen op, ter verduidelijking en als hulp.

Eén. William Hazlitt laat zien wat Multatuli had kunnen zijn als Multatuli Engels geweest was, en wat meer zelfbeheersing had gehad, en een betere opleiding - want Hazlitt was net als Multatuli een politieke radikaal, en iemand met grote moed en individualiteit, maar ook iemand met aanzienlijk meer kennis dan Multatuli, want Hazlitt was een groot kenner van zowel de Engelse literatuur als de filosofie, en ook van de schilderkunst, terwijl Multatuli veel meer een dilettant was, ook op de terreinen waar hij zich serieus mee bezig hield.

Twee. Vrijwel alles wat ik bezit van en over Hazlitt kocht ik antiquarisch, en is in Nederland moeilijk te vinden. Toch zijn er recente uitgaves van zijn werk, en ik noem er drie die de moeite waard zijn:

  • De Hogarth Press gaf een jaar of 15 geleden Hazlitt's "Liber Amoris" uit, een verslag van een uitzinnige verliefdheid van hem, dat doet denken aan Stendhal (die Hazlitt kende en bewonderde), maar dan op het randje van de waanzin.

  • Er is een goede selectie van de Ronald Blythe - "William Hazlitt - Selected Writings" - in Penguin Classics, met een bruikbare inleiding van Blythe, en met de additionele deugd dat het (in de editie die ik kocht, tenminste) 't fraaiste portret van Hazlitt heeft dat ik ken, dan van de hand van z'n tijdgenoot en bewonderaar William Bewick is.

  • De beste en meest uitgebreide selectie van Hazlitt is die van Geoffrey Keynes: "Selected Essays Of William Hazlitt", eerste druk 1930. Dit zijn ruim 800 paginaas. De tekst daarvan is geheel of vrijwel geheel te vinden op het internet: http://blupete.com/Literature/Essays/Hazlitt/
    en is bijzonder aan te raden. Het is een goede html-uitgave.

Afsluitende opmerking: Om Hazlitt werkelijk te waarderen heeft u minstens een goed verstand nodig, en daarnaast een werkelijk goede kennis van het Engels. Maar bent u met beide gezegend, dan zou ik niet weten wie een betere essayist is dan Hazlitt in het Engels, of daarbuiten, met Montaigne als mogelijke enige uitzondering.

Ik wens u veel leesplezier!


P.S. Ik heb een kleine Hazlitt-sectie op mijn site, maar zal die binnenkort uitbreiden, waarschijnlijk met de Keynes-selectie.

Maarten Maartensz

 

        home - index - top - mail