Nederlog        

 

26 januari 2006

                                                                 

Vrijheid van meningsuiting

 

 

Laten we eens hebben over het recht op vrije meningsuiting, dat diverse Europese regeringen, zoals de Engelse en de Nederlandse, radikaal willen inperken, kennelijk wr vooral om zichzelf te vrijwaren van kritiek, en niet om "het terrorisme" (met woorden?!) tegen te gaan.

Een juffrouw Vloet in de NRC van 5 maart 2005 (*) citeert Rushdie, in de context van de gebeurtenissen in Engeland, waar wetsartikelen zijn ingevoerd die het aanzetten tot 'haat tegen personen op raciale of religieuze gronden' verbieden - alsof het mogelijk zou zijn iets lief te hebben, zoals een rechtsstaat of een persoon, zonder te haten wie wat liefgehad wordt schaadt, zoals een terrorist, een moordenaar of een verkrachter. (De hele ntie uitingen van 'haat' te verbieden is dom of gestoord - en gebaseerd op haat.) 

Ik citeer Rushdie naar Vloet:

"Het idee dat er een vrije samenleving kan worden gemaakt waarin mensen nooit gekwetst of beledigd zullen worden, is absurd".

Ja, dat is zo - maar je kan "vrije" daar weglaten, omdat in onvrije samenlevingen natuurlijk k mensen gekwetst of beledigd zullen worden. Dat is nu eenmaal menselijk, en het zich gekwetst voelen is een kennelijke natuurlijke menselijke reactie op kritiek op de eigen persoon of eigen ideen. Wie te horen krijgt dat hij dom denkt of zich honds of als een lul gedraagt voelt zich nu eenmaal gekwetst, ook als hij dom denkt en zich honds of als een lul gedraagt. Zo zijn mensen nu eenmaal, afgezien van zr zeldzame heiligen.

Ergo: Waar kritiek op personen en meningen mogelijk moet zijn - en een samenleving waar kritiek op personen of meningen verboden is kn niet vrij zijn - moet het mogelijk zijn kritische dingen te zeggen of schrijven die personen die gekritiseerd worden als kwetsend of beledigend of hatelijk zullen ervaren.

Dan geeft Vloet Rushdie's "opvatting van debatteren":

"Je wordt nooit persoonlijk, maar je hoeft absoluut geen respect te hebben voor de pvattingen van je tegenstander. Je bent nooit onbeleefd tegen de persoon zelf, maar je kunt meedogenloos beledigend zijn over wat die persoon denkt."

Het spijt me, maar dit is onzin: Het maakt Chaplin's parodie van Hitler onmogelijk of onbehoorlijk want persoonlijk; het maakt alle karikaturen van politici onmogelijk; het maakt vrijwel alle satirische TV-programmaas onmogelijk - en het beschermt allerlei grote schoften, oplichters, uitvreters, parasieten en leugenaars tegen kritiek op hun persoonlijk falen, persoonlijkheid, persoonlijke tekortkomingen, of weinig perfecte persoonlijke uiterlijk of levenswandel.

Bovendien is het gebaseerd op een nogal fictioneel of bijzonder vaag en onhanteerbaar onderscheid, namelijk de scheiding tussen de meningen van een persoon en de persoon zelf, alsof er niet bijvoorbeeld een flinke overlap bestaat tussen meningen en persoon, die o.a. bestaat in de meningen van de persoon over z'n eigen persoon.

Daarbij: Het zijn personen die bestraft worden door de wet, vanwege hun handelingen, eventueel inclusief hun verkondigde meningen:  nooit of te nimmer worden gedachten of intenties gevangen gezet of beboet of opgehangen of vrijgesproken, maar altijd personen.

Kortom: Wat mij betreft is men vrij te zeggen wat men wil, binnen hele brede marges, of wat men zegt nu een persoon of een mening van een persoon betreft. Bovendien: Er zijn wel degelijk schoften, psychopaten, leugenaars, bedriegers, oplichters, parasieten en moordenaars onder mensen, en, naar de geschiedenis te oordelen, mr slechte of zwakke dan goede en krachtige persoonlijkheden: "De mens is geneigd tot alle kwaad, en weinig goeds", leert de christelijke theologie, niet zonder goede feitelijke onderbouwing in de wereldgeschiedenis. En een mens behoort dan in ieder geval het recht te hebben dergelijk kwaad te benoemen, zonder eufemisme of mooipraterij bovendien.

Tenslotte, wat volgens Vloet en Rushdie "de kern van de zaak" zou zijn:

"Het moment waarop je zegt dat welk systeem dan ook heilig is, of het nu gaat om een religieus geloof of een seculiere ideologie, het moment waarop je verklaart dat sommige ideen boven elke kritiek, satire, beschimping of minachting verheven zijn, is het moment waarop de vrijheid van denken onmogelijk wordt."

O? Is dt de kern? Het is typisch literair getuigenis-proza op stelten ('purple prose' zeggen de Britten hier: "moment" ... "moment" ... "moment"), waar niet veel tegen is, in beginsel, zolang het logisch klopt, wat het bovenstaande niet doet.

Immers: Al die "momenten" van heilig-verklaring van een religie of ideologie, of zalig-verklaring van een idee of persoon, impliceren niet dat "dus" "de vrijheid van denken onmogelijk wordt", al kan het hl wel zijn dat dergelijke constructies de vrijheid van meningsuiting beperken.

Maar bovendien: Ik ben niet katholiek, maar van mij mg iemand het katholicisme voor heilig houden, zolang ik maar het recht heb dat zelf publiek te ontkennen, zonder verbrand te worden door de inquisitie of rechtbank. En iemand mg van mij best vinden dat een idee boven kritiek verheven is of behoort te zijn, en dat zggen, zolang ik maar het recht heb dat te ontkennen, en eventueel mijn eigen categorie van boven - vrijwel alle rationele - kritiek verheven ideen op te voeren, waarin ik wens te geloven (zoals bijvoorbeeld wiskundige of logische waarheden).

Kortom, als de bste argumenten die geleverd kunnen worden voor het recht op vrije meningsuiting die van Rushdie of Vloet zijn, dan is het slecht gesteld met argumenten voor het recht op vrije meningsuiting, en kennelijk ook met dat recht zelf.

En n reden om de - onder vele Nederlandse auteurs en lezers vrijwel - Heilige Rushdie's meningen over vrije meningsuiting te citeren en behandelen is dat ik ze ondertussen herhaaldelijk opgevoerd heb gezien in de Nederlandse pers als waren ze volkomen adekwaat, juist, zinnig, bewonderenswaardig, en maatgevend.

Dit heeft er weer alles mee te maken dat de Nederlandse intellectueel, journalist of niet, zelden een persoon is die werkelijk zelfstandig denkt, maar vrijwel altijd iemand is die een Autoriteit zoekt, en daar meningen van leent, en dan zegt of suggereert dat de geleende meningen waar, en goed geformuleerd, en moreel en prachtig moeten zijn omdat de Autoriteit immers doorgaat, in Onze Kringen van Autoriteiten zoekende halfdenkers, voor precies dat - een Autoriteit, voor geboren volgelingen.

Terzake vrije meningsuiting, dan, en zonder te lenen bij of mij te verbergen achter geleende Autoriteiten, maar geheel op eigen kracht: In beginsel komt het hier op neer, mijns inziens.

Iedereen mag alles zeggen of schrijven wat hij wil, zonder nige beperking, afgezien van laster. Je mag wl zeggen wat een minister graag zou verbieden, namelijk - bijvoorbeeld - dat hij een verziekte ezelsneuker is, maar voorwaarde is dan wel dat hij inderdaad ezels neukt of zegt te willen neuken. Je moet politici voor psychopaat of fascist of beide kunnen uitmaken, hoe beledigend de persoon in kwestie dat ook mag vinden n noemen, eenvoudig mdat er nu eenmaal psychopaten en fascisten in de politiek zijn, die daar bovendien niet graag openlijk voor uitkomen, zolang ze de macht nog niet hebben - terwijl het toch een publiek belang is te weten dat deze of gene zelfbeweerde "socialist" of "humanist" zich feitelijk gedraagt als terrorist of mafia-beschermer, indien dit waar of waarschijnlijk is. En daarmee dus - en persoonlijk, al zou Rushdie dat "tactisch" dan wel laf willen vermijden te zeggen - een leugenaar, bedrieger, oplichter en schijnheilige is, als het inderdaad waar is. En dat is dan weer van aanzienlijk belang voor de gemeenschap die zo iemand leidt.

Dat is bovendien publiek belang te weten, en te kunnen en mogen zeggen en bediscussiren door voor- en tegenstanders van zo'n mening, en zonder wettelijke sancties, behalve eventueel wanneer de verkondigde meningen puur laster zijn en schadelijk zijn, en alletwee aangetoond kunnen worden. Het is ook volledig in het belang van het voortbestaan van een werkelijke rechtsstaat dat corrupte, incompetente, liegende, hypocriete, parasiterende, stelende, bedriegende politieke personen precies zo genoemd kunnen worden als ze zijn, als ze dat zijn, of daar goede evidentie voor is, want al die persoonlijke eigenschappen van politici - bepaald niet zeldzaam in de geschiedenis - zijn allemaal strijdig met een werkelijke rechtsstaat, en gevaarlijk voor zowel het voortbestaan daarvan als voor de - mogelijk vele miljoenen! - burgers levend in een staat geregeerd door dergelijke bedriegers.

Je behoort alles te mogen zeggen wat je voor waar en belangrijk houdt, en behoort dat straffeloos te kunnen doen, voorzover de wet betreft (want ieder ander behoort je, eventueel beledigend, tegen te mogen spreken), behalve waar je bewijsbaar onwaarheid spreekt n iemand belastert of serieus schaadt, of dingen beweert die wel kwetsend en schadelijk zijn maar niet voldoende waarschijnlijk gemaakt kunnen worden door bewijsbare feiten.

En je behoort ook te kunnen zeggen dat het bewrde Democratische Paradijs waarin je zou wonen, volgens leidende politici, of dat nu Stalin's Rusland of Balkenende's Neerlanderthali is, om tal van redenen niet deugt, verrot, corrupt, en onvrij is, of niet ingericht is volgens jouw eigen favoriete geloof of ideologie, hoe "ondemocratisch" de machthebbers van het moment dat ook mogen vinden en noemen en kwalificeren - want zj behoren dat recht tot tegenspraak k te hebben, maar behoren niet het 'recht' te hebben critici de mond te snoeren of op te sluiten of straffen vanwege hun verkondigde meningen of 'uitgesproken gedachten'.

Dit is in ieder geval mijn visie op mijn en op het recht op vrije meningsuiting, en ik zal er naar handelen, en het waar nodig verdedigen, bovendien in het besef dat wat ik zeg zr veel dichter ligt bij wat zowel de klassieke voorstanders ervan hebben beweerd als wat ooit geschreven was in behoorlijke wetgevingen in Europese landen, vrdat dit recht gemuilkorfd werd door een corrupte of incompetente politieke machtslite die erop uit is zichzelf boven alle kritiek te verheffen, met straf van wettelijke sanctie voor wier meningen hen onwelgevallig zijn, uit beweerde bezorgdheid over 'terrorisme', maar feitelijk in dienst van staatsterrorisme van de nabije toekomst.


(*) Noot van 26 januari 2006: Ik citeer mijzelf van 9 maart 2005.

Maarten Maartensz

 

        home - index - top - mail